|
Paul Verlaine - Vrij Werk |
|
Vriendinnen 3/6 |
|
Per Amica Silentia |
|
Een
mousseline gordijn vangt statig en gedegen Van de nachtlamppit het vale schijnen Dat haar golvend opaline doet bewegen Volgens mysterieuze fijne schaduwlijnen. En het baldakijn van Adeline’s grote bed Werd met je lacherige stem omgeven, Je stem, aanhalerig, in zilverglans gebed, Wordt met een ander, heftiger, verweven. “Minnen, laat ons minnen !” zongen zij tezamen Adeline en Claire, een offer van het wonderlijk Verlangen van verheven zielen, in hun stem gelijk. Bemin, o ja bemin! Wie eenzaam is zal het beamen, Want in deze dagen waar het goede keert, Is het Stygmatus, met zijn roem, die jullie eert. |
|
01-05-2008
© Acefale |