De Putsch van Steve, Etienne Joris
Cafébaas geeft baronnen het nakijken 2006
 
 

Mail       Intro      Inhoud    Home

"Don't fuck with the past, you might get pregnant". (Silvia Gruner)

Stevaert over zijn voorgangers Meyers en Roppe: "Een baron als burgemeester aanvaarden de mensen nog, maar de zoon van een baron, dat nemen ze niet meer".

Roppe over Stevaert: "Stevaert doet niet aan communicatie, maar aan zuivere propaganda".

Meyers over Stevaert: "Niet langer universiteitsprofessoren worden minister, maar specialisten die de feeling hebben om de mensen te verkopen wat ze willen".

Inhoud - Boven

Verantwoording

De Vlam in de pan
    De les van de Borgia's
    Chaos tijdens het interregnum
    "Hasselt aan de mensen"
    Baas van burgers en flikken
    Recruteren uit De Voorzorg
    De kas écht leeg?
    Vergiftigde geschenken

Dauphin erf ancien régime
    Baron Meyers
    Flamboyante Van Lishout
    Vrijzinnige Dufour houdt de kerk in het midden
    De onechte zonen van Willy
    Claes overspeelt zijn hand
    "Het Cultureel" doet de revues herleven

Roppe in de ring
   
Een nieuw geluid
    De oppositie in stelling
    Knopen doorhakken
        1. De Markt uit het centrum
        2. Japanse (in)vulling van Flanders Nippon Centerr
        3. Schepenwissels met de René's
        4. Miel van het milieu
    Intussen, ver van het stadhuis
        1. Financiële tijdbom in OCMW-ziekenhuis
        2. Gekibbel rond "het Cultureel"
        3. Dwerggroei voor Grenslandhallen
        4. Stadsgewest Hasselt-Genk
        5. Festiviteiten met staartje
     Realisaties
        1. Musea krijgen eigen huis
        2. Wijkwerking
        3. Efficiëntere stadsdiensten
        4. In en uit de pipe-line
        5. Verkeer uit Hasselt
        6. Parkeerellende
        7. Champagne knalt zonder raadsleden
        8. Kindergemeenteraad
        9. Toerisme
      10. Cultuur
    Clubs in geldnood
        1. Sporting Hasselt
        2. Golf   
    Afgrond in zicht
        1. Fier op de schulden
        2. Itami en de Japanse tuin
        3. Trema kristalliseert de onvrede
        4, Achter het lèmfabriek
        5. Begrafenis eerste klas 
        6. Oppositie in alle vormen     
    Aanloop naar de verkiezingen
        1. Reacties op aanvullend mobiliteitsplan
        2. Strategieën en verschuivingen
        3. "De koppen rollen"

De  nieuwe borstels aan het vegen
   
Toon uw stembriefje"
    Bodem in lege kas
    Malcontent personeel
    Voorbeeldfunctie met sandwiches
    Something's rotten
        1. Schandaalsfeer
        2. Flanders Nippon Centerr
        3. Sporting und kein Ende
        4. London & York
        5. Vlaams Blok voert groeningenieur op
        6. De Kinepolis-soap
        7. Investerings(on)vriendelijk Hasselt?
        8. Grenslandhallen beter zonder directeur
        9. Verboden te fuiven
      10. CCH onder vuur
      11. De Golf (Flanders Nippon Golf& Business Club)
      12. Tegenaanval

   
Op de rijdende trein
        1. Virga Jesse opgedoekt?
        2. Wachten op het zwembad
        3. Musea, toeristische troef
        4. Hasselt Jeneverstad?
        5. Virga Jesse Feesten
        6. Stationsbuurt-Vlaams Huis
        7. Tommelen: groen schaamlapje voor Runkst
    Projecten op mensenmaat
        1. Cultuur
        2. Omdat kinderen belangrijk zijn
        3. Niet iedereen welkom
        4. Strijd tegen kansarmoede
        5. Proper, groen, toegankelijk
        6. Babelse verwarring over PWA
        7. Criminaliteit en veiligheid

Stevaert op kruissnelheid
   
Gezonde financiën
        1. Naar de geldmarkt
        2. Slachthuis: liever kwijt dan rijk
    Flanders-Nippon Center en TT-wijk: ten oorlog
    Parking zat
            De Beerden parking
    Drastisch gesleutel aan mobiliteit
         1. Graag traag   
         2. Openbaar vervoer
         3. Zon en bus gratis
    De crème fraïche van de taart
         1. Groene Boulevard
         2. Jos Ghysen en de Groene Boulevard
         3. Demerstraat bleef achter
    Wil de ware OCMW-voorzitter opstaan?
    Zwarte bladzijden tot in revues
         1. Rouwen om An en Eefje
         2. De Koerden
         3. De revues van Verheyden
    "Genk mut kapot"
Liever grote projecten door anderen

Hasselt te klein voor Stevaert
   
Aanvaringen met de Stevaert-tanker
    Favoriet van nonnen en pastoors
    Het vertrek

Het post-Stevaert tijdperk
  
 Alomtegenwoordig
    Wankelende pijlers houden stand
    Comfortabel tussen twee stoelen
         1. SP.a-kartel in, Karina out
         2. De climax
         3. De ring van Stevaert

Afspiegelingscollege en open debat-cultuur
  
Tegenwind blijft strak
   Kritiek van outsiders
   Tweede adem
   Barst in de coalitie
   Wie had dat nu gedacht?
  
De moraal van dit verhaal


Achterflap

Verantwoording - Inhoud

Dat Steve Stevaert op 1 juni 2005 zijn job van SP.A-voorzitter en officieel Hasselts burgemeester inruilde voor die van Limburgs gouverneur, deed zowel nationaal als lokaal een bom barsten. Voor de enen was het een gelukkige wending in zijn carrière, voor de anderen vaandelvlucht. Maar uitzonderingen niet te na gesproken kwam het voor iedereen als een verrassing. Zoals Stevaert wel vaker garant stond voor stunts en coups de théatre, die van hem een moeilijk voorspelbare figuur maakten.

Dit boek zet de schijnwerpers op het fenomeen Stevaert met als uitgangspunt dat dit beter te begrijpen is vanuit het begin van zijn politieke carrière en de ruim tien jaren dat hij het beleid in Hasselt bepaalde. Maar dat wordt in zijn perspectief geplaatst door ruime aandacht te geven aan wat voorafging, "de periode van de baronnen" om met Stevaert te spreken. Was er met de nieuwkomer een totale breuk met het verleden of veeleer continuïteit? Ging het om een frontale botsing van twee onverzoenbare maatschappijbeelden of enkel om een verschil in stijl? Katholiek tegenover vrijzinnig, of net niet? Hoe rood kleurde Hasselt?

Meteen bood deze aanpak mij de gelegenheid om de Hasseltse opgang van slaperige provinciehoofdplaats tot dynamisch regionaal centrum te schetsen. Het verdrijven van de CVP uit de stedelijke machtscenakels door de putsch van Stevaert in 1994 vormt hierin een scharniermoment. Vooral de besturen die zes jaar voor en zes jaar na die datum de dienst uitmaakten, komen onder de schijnwerpers. Dat valt grosso modo samen met het burgemeesterschap van eerst Roppe en dan Stevaert. Deze begrenzing is bij Stevaert niet zo gemakkelijk aan te brengen omdat hij voor het einde van zijn bestuursperiode opstapt om minister te worden. Bovendien drukt hij ook na 2000 nog nadrukkelijk zijn stempel op het beleid, om te beginnen als de architect van het afspiegelingscollege dat volgt. Vandaar mijn optie om de hoogtepunten uit die jaren -tot zijn gouverneurschap- in een laatste hoofdstuk, als een uitsmijter, weer te geven. Het riskante van de ganse onderneming en a fortiori van de uitsmijter lijkt me -sterk uitvergroot maar toch toepasbaar- geïllustreerd door het antwoord dat de Chinese leider Deng gaf toen Kissinger hem vroeg wat hij van de Franse Revolutie vond: "Die is niet lang genoeg voorbij om me daarover uit te spreken".

Om deze Hasseltse omwenteling te verhalen, maakte ik vooral gebruik van mijn eigen documentatie en ervaringen als verslaggever voor kranten, tijdschriften en radio, aangevuld met interviews en gesprekken met de betrokkenen, ten tijde van het gebeuren en later. Dat feiten- en infomateriaal is sterk verbrokkeld, net als het stedelijke gebeuren waarvan het de weerslag vormt. Vandaar mijn keuze voor een thematische behandeling binnen de twee belangrijkste bestuursperiodes. Dat mag natuurlijk geen keurslijf vormen en in een aantal gevallen wordt een onderwerp omwille van de eenheid en samenhang over de thematische of chronologische grenzen heen behandeld.

De lezer kan dit boek verwijten subjectief en niet wetenschappelijk te zijn. Als tegenargument kan dienen dat vele filosofen en wetenschapslui geschiedenis sowieso niet als een wetenschap beschouwen. Good old Henry Ford meende zelfs: "History is more or less bunk". Maar liever houd ik het erbij dat dit inderdaad een persoonlijk relaas is van een interessante Hasseltse episode, geschreven met de intentie de vaak gesluierde waarheid zo dicht mogelijk te benaderen.

Alleen maar dorpspolitiek? Misschien. Maar deze sceptici zou ik aanraden onder vele andere interessante werken The Supply Side Revolution van Paul Craig Roberts te lezen, over de periode rond het aantreden van president Reagan. Een onvergelijkbaar gigantischer schaal, maar hetzelfde soort gekrakeel en machtsspelletjes. "Hasselt is Washington niet", zei me iemand, meer dan terecht, maar bijvoorbeeld machiavellisten vind je in het onooglijkste dorp. De hoofdpersonages in het Hasseltse verhaal -en heus niet Stevaert alleen- speelden bovendien vaak niet alleen een grote rol in de nationale of Vlaamse politiek, maar werkten er ook mee aan het uitzetten van de krijtlijnen voor een spel met zich wijzigende regels.

Bij het lezen van verslagen en artikels over andere steden en gemeenten valt me vaak op hoe gelijklopend hun problematiek is. Hier kan de Hasseltse situatie illustratief werken. Uit sommige Hasseltse ervaringen, bijvoorbeeld met zijn afspiegelingscollege, vallen wijze lessen te trekken. Wie graag een aantal vaak door de media gecreëerde of opgeblazen mythes doorprikt ziet, zal niet op zijn honger blijven.

Mij zou het enorm plezieren als dit boek het debat, dat in Hasselt althans op het zo belangrijke laagste bestuursniveau op een dito pitje staat, enigszins kan aanvuren.

Mijn erkentelijkheid gaat naar Regina Gymza en Francis Maendervelt, die me belangeloos hielpen bij deze tekst. De inhoud en de onvolkomenheden blijven volledig mijn verantwoordelijkheid. Ook mijn dank aan Francis Vannerum, die zijn artistieke visie op het onderwerp magistraal weergeeft in het coverontwerp.

DE VLAM IN DE PAN - Inhoud

De les van de Borgia's - Inhoud

De zondagavond na de gemeenteraadsverkiezingen van 9 oktober 1994 zit de CVP-delegatie in partijlokaal het Hooghuis nagelbijtend op de VLD, haar partner in het toenmalige bestuur, te wachten. Het (voor)akkoord voor de heruitgave van dit bestuur is met die partij getekend, de schepenzetels zijn grotendeels verdeeld. Maar de twijfel neemt met de minuut toe. Plots verschijnt op TV Limburg de nieuwe Hasseltse burgemeester: Steve Stevaert. Les jeux sont faits, de zaak is beklonken. De carrière van Louis Roppe is om zeep, die van Steve Stevaert komt in een nieuwe stroomversnelling terecht.

SP, VLD en VU geven met een krappe meerderheid van 21 zetels op 39 het door de CVP zo gevreesde, want tegen die partij gerichte, Monsterverbond gestalte. Diezelfde avond trekt Stevaert met de SP als grootste partij de al opgewarmde Groenen, met hun twee zetels, makkelijk over de streep van toetreding tot de coalitie. Net de CVP-er Georges Beerden van de Boerenbondlobby tracht de Groenen nog langs de andere kant over de streep te trekken (Stevaert: "Met dank aan de Boerenbond") maar die wijzen dat consequent af, ook al omdat de CVP even consequent weigert terug te komen op haar beslissing het grootschalige winkelproject Trema in Hasselt binnen te halen. De SP, die destijds de eerste contacten met Trema legde, verklaart zich wel direct bereid een andere bestemming te zoeken voor het afzichtelijke fabrieksterrein aan de Kanaalkom.

Deze electorale klap brengt de CVP van achttien op vijftien zetels, de laatste zetel met slechts zes stemmen op de VLD veroverd. Maar dat zijn er evenveel als de SP, die ook achteruit boert. Ondanks de benoeming van Willy Claes tot NAVO-secretaris-generaal terwijl hij nog op de SP-lijst staat. Het Claes-effect werkt nog minder dan in het verleden, Stevaert is ook electoraal de coming man maar een aardverschuiving kan hij niet veroorzaken. Nog niet. In de media circuleert enkele dagen de kwakkel, dat een zetel, die nog hangende is, aan de CVP zou toekomen, maar dat is mathematisch gesproken nonsens.

Kop van Jut voor de CVP is de VLD-er Onkelinx. Zelf doodnerveus, stelt die Roppe de avond voor de verkiezingen op het Blauwe Bal nog gerust op een manier die herinnert aan de Borgia's. "Waarom zijt ge zo zenuwachtig, Louis? Alles is toch in orde!" Voor hem is dat ook zo, want de VLD dekte zich blijkbaar op twee fronten in. Een gehandtekend akkoord van zestien pagina's met de CVP, dat een zich bijna masochistisch wentelende Beerden naderhand op recepties toont aan al wie het zien wil, én een overeenkomst met de SP. "We werden het slachtoffer van onze loyaliteit", stelt Roppe vast. Naïviteit, menen anderen. Stevaert verklaart inderdaad stomverbaasd te zijn geweest dat de CVP geen contact met hem zocht. Stevaert: "Voor mij was alles te onderhandelen. De CVP mocht eventueel zelfs de burgemeesterssjerp hebben, want ik had ook nationale ambities". Er werd gefluisterd over een geheim akkoord, waarbij Stevaert toch die nationale ambities zou waarmaken en de gegeerde sjerp na een jaar aan de toeschietelijke VLD-er Onkelinx zou toespelen.

Deze geeft zelf stoïcijns als uitleg voor de coalitiewissel dat een meerderheid CVP-VLD met 20 zetels op 39 te krap was. Maar daartegen voert Roppe aan dat de SP en de VLD samen net evenveel zetels hadden. Roppe: "Ik wilde eerst ons akkoord met de VLD honoreren, daarna kon een onderhandeling met andere partijen volgen. Voor mijn part mocht dat zelfs een tripartite geworden zijn met de SP. Maar ja, dan was de VLD maar een kleine fractie geweest." En had Roppe zichzelf niet als burgemeester kunnen opvolgen want de SP kwam uit deze verkiezingen als de grootste Hasseltse partij.

De SP blijkt bereid een hoge prijs te betalen om uit het isolement van de oppositie weg te geraken. Velen in die partij dachten defaitistisch dat het hen nooit zou lukken. Door een brave oppositie te voeren slaagden ze er af en toe in een werkvrouw of arbeider van de eigen signatuur "op de stad" binnen te loodsen. Dat zijn ironisch genoeg degenen die nu de schepenambten mogen verdelen. Heel anders dan het span Stevaert-Bujok voor wie "the sky the limit is". Bujok maakt er geen geheim van dat voor hem binnen de tien jaar "de macht in Vlaanderen" het objectief is. Stevaert moet het voorlopig wel voorzichtig aanpakken. Hoewel zijn partij drie keer het aantal zetels van de VLD haalt, verklaart hij zich akkoord met elk drie schepenambten. Zijn partijgenoten die hem verwijten schepenambten op te offeren, krijgen als antwoord: "Wij hebben misschien véél mandaten weggegeven, de CVP allemaal". Die vrijgevigheid heeft ook te maken met de "packagedeal" dat bepaalt dat er een akkoord over Hasselt moet zijn, zo niet komen de Monstercoalities in alle andere Limburgse gemeenten en op provinciaal vlak op de helling te staan.

Volgens Bujok voert Stevaert die "laatste dag" de regie van het gebeuren volledig zelf. Bujok zit in een achterzaal van het SP-partijlokaal de Germinal te vergaderen als Stevaert binnenkomt en tot ieders verrassing verklaart dat alles rond en hijzelf burgemeester is. Stevaert: "Ik wilde de coalitie diezelfde avond rondfietsen. Voor een formeel akkoord zag ik de Groenen de volgende dag in de Majestic. We spraken het uur slecht af maar het lukte".

Chaos tijdens het interregnum - Inhoud

In Hasselt staat tijdens het interregnum -tussen de verkiezingsnederlaag van het oude bestuur en het aantreden van het nieuwe- alles op losse schroeven, zowel wat betreft het beleid als over wie dat gaat uitvoeren. Over twee zaken laat Stevaert alvast geen misverstand bestaan: het voor hem megalomaan winkelproject Trema komt niet aan de Kanaalkom en hij blijft burgemeester voor de volle zes jaar. Wel ziet hij daarmee een parlementaire rol te verenigen. En minister of staatssecretaris? Als eerste oneliner in zijn nieuwe job debiteert Steve: "Hoogmoed komt voor de val!" In afwachting van zijn burgemeesterschap, dat pas op 1 januari 1995 ingaat, zet hij de lijnen uit voor een herverkaveling van de bevoegdheden van de schepenen, met pakketten die bij elkaar horen. Dat drie schepenen bijvoorbeeld een vinger in de pap hebben op de Gezinsboerderij in Kiewit kan niet meer. Toch blijven tot op vandaag, als erfenis uit het verleden, cultuur en bibliotheken onder verschillende schepenen ressorteren. Door lobbying kwam het gebouw van de stedelijke hoofdbibliotheek in Kuringen en de Cuppens-clan zwaaide er de plak. Maar bij deze "nieuwe aanpak" rijst opnieuw de vraag of boeken geen cultuur zijn.

Ook over de persoon van de schepenen blijft verwarring bestaan. Voor de VU-er Jan Yperman bestaat een onverenigbaarheid met zijn functie als hoogleraar. Hij kan voor een parttime-job van vijf jaar aan het Limburgs Universitair Centrum kiezen, maar een schepenambt omspant zes jaar. Qua bevoegdheden wil deze prof scheikunde zich ook "niet zomaar iets laten opsolferen". Bij de VLD zijn Romain Onkelinx en Roland Demal certitudes. De joviale Demal, die na achttien jaar schepenambt recht heeft op zijn volledig pensioen (en dat bedraagt 90 percent van de kleine honderdduizend frank die een Hasseltse schepen maandelijks opstrijkt), zal naderhand grootmoedig terugtreden.

Advocaat Demal ontsnapt overigens nauwelijks aan een rechtszaak. Louis Roppe -nog steeds eerste burger- lijkt niet onder de indruk van diens spijtbetuigingen op de schepencolleges. "Heel wat collega's van de Hasseltse balie adviseren me klacht in te dienen tegen Roland Demal wegens contractbreuk. Onder het voorakkoord staan de handtekeningen van VLD-voorzitter Vaelen, Onkelinx en Demal. "Waar gaan we naartoe als de handtekening van een advocaat onder een contract niets meer voorstelt?" vraagt een verbitterde Roppe zich af.

Ook de gematigde, zalvende Meyers, die zegt zich als goede democraat bij de verkiezingsnederlaag neer te leggen, verklaart zich op de laatste gemeenteraad die hij als raadslid meemaakt, ontgoocheld. "Dat mensen ondanks alle informatie toch anders stemmen is democratisch, maar het stemt me droevig. Misschien werden de zaken verkeerd verkocht. Maar wat me het zwaarst valt is dat sommigen hun gegeven woord braken. Vroeger spuwden de boeren in hun handen, gaven elkaar de hand en de zaak was beklonken. Dat nu geen rekening werd gehouden met een getekend contract tussen twee partijen heeft me geweldig geschokt".

Hij ziet dat kaderen in de algemene verloedering van de politiek, die een "weerkaatsing van de gewone dingen" is. "Toen ik nog in de Kamer zat werd af en toe een opheffing van de parlementaire onschendbaarheid gevraagd wegens een zaak van dronkenschap of overspel. Nu hoort ge dagelijks van valsheid in geschrifte en geknoei met gemeenschapsgelden. Politici leven in en met de gemeenschap, maar van hen verwachten we beter".

Bij de Hasseltse socialisten voelt zich zowat elk gekozen raadslid geroepen om schepen te worden. Zoals één van hen het uitdrukt: "Onze partij heeft vijftien gemeenteraadsleden en veertien kandidaten voor drie schepenambten". Inderdaad, alleen Stevaert is geen kandidaat. De SP-leden mogen tijdens een stemming hun voorkeur uitdrukken in de Germinal. Maar buiten kijf staat de aanstelling van Herman Reynders tot schepen van financiën en dat er minstens één vrouw moet bij zijn, in casu Brigitte Smets. Voor het derde schepenambt wordt het een hels gevecht. SP-leden dienen zich aan met meer dan één lidkaart en de drukte maakt een strikte controle onmogelijk. Opvallend veel mensen uit Kermt dagen op en het verwondert niemand dat Dirk Stockmans uit die deelgemeente het haalt. Een gedoodverfde nieuwe schepen als oudgediende Michel Froidmont, telg uit een socialistisch nest, is bitter ontgoocheld nu naast de prijzen te vallen. Hij en de zijnen zijn zo zeker van zijn verkiezing dat zelfs zijn eigen broer -nochtans partijlid- niet komt opdagen.

"De kas is leeg" is er tijdens de verkiezingsstrijd bij de mensen ingehamerd en dat thema warmt Stevaert die eerste tijd met de regelmaat van een klok op. "Bij het doornemen van de Hasseltse begrotingscijfers is het alsof ik 'Het verdriet van Hasselt' lees", drukt hij het uit voor de goegemeente. Bujok oppert zelfs de idee een "Roppe-belasting" te heffen om diens naam blijvend aan de gemaakte financiële put te koppelen, maar dat gaat uiteindelijk niet door. Op vijftig meter van Stevaerts woning, onthult Bujok me een aantal jaren later, tijdens een toevallige ontmoeting, de enige electorale tactiek die in zijn ogen lonend is tegenover de tegenstander. "Ge moet niet zeggen: Roppe heeft goede en slechte dingen gedaan. De mensen worden alleen overtuigd als ge zegt: hij heeft niks goed gedaan, punt. En daarbij: het is een advocaat en geen enkele advocaat deugt. Dat begrijpen ze. Wie van Stevaert wil winnen zal het ook zo moeten doen."

De nieuwe burgemeester speelt het diplomatischer en geeft bij de aanvang zelfs toe dat de grote investeringen van de vorige ploeg mede te wijten waren aan het gebrek daaraan tijdens het Meyers-tijdperk. Maar nu is het afgelopen. Stevaert: "Er is geen plaats meer voor prestigeprojecten, alleen nog voor investeringen in mensen. Het cultureel centrum en de Grenslandhallen kosten handenvol geld en de rioleringen blijven een prioriteit. We proberen het te doen zonder belastingverhoging".

Als schepen van financiën mag Herman Reynders de lege stadskas beheren, zo wordt beslist. Iets om je tanden op stuk te bijten of een leuke uitdaging voor een handelsingenieur? Deze Runkstenaar en begaafde basketter was als veertiende op de SP-lijst met 1010 stemmen gekozen. Als apparatsjik, onvoorwaardelijk trouw aan het partijapparaat en aan Stevaert, lijkt hij de ideale man "om elke uitgave boven de vijfduizend frank persoonlijk te controleren", zoals zijn baas hem dat voorhoudt.

Die financiën blijven de komende jaren voortdurend voor gehakketak zorgen. Ook in het interregnum tot het aantreden van de nieuwe coalitie spelen ze die rol. "Ik vrees dat het volgende stadsbestuur wil schermen met de lege stadskas om in een aantal gevallen financieel niet meer te moeten tussenkomen", stelt burgemeester Roppe op een persconferentie voor de eerste gemeenteraadszitting na zijn zwanenzang. Wat het aftredende bestuur bijkomend dwarszit, is dat het naast honderd miljoen fr., voorzien voor investeringen, pakt. Dat geld zou er komen door stukken stadspatrimonium aan de Koningin Astridlaan -door Bujok vanuit de oppositie aan Trema gepresenteerd- en aan de Kanaalkom te verkopen. Maar tot dan -einde oktober 1994- komt geen geschikte koper opdagen. Met de komst van het Vlaams Administratief Centrum aan het station "zal dat binnenkort wel het geval zijn", maakt Roppe zich sterk. Trema valt natuurlijk wel in het kanaalwater, die gronden blijven "voorlopig" onverkocht.

De misgelopen honderd miljoen fr. wordt nu gefinancierd door kasmiddelen. "Dat wij nog voor 40 miljoen liquiditeiten hebben, bewijst dat de stad financieel gezond is", aldus Roppe die toegeeft: "Het financieringsritme van de voorgaande jaren kon niet volgehouden worden. Maar de lege kas is slogantaai."

Op de gemeenteraadszitting van 25 oktober jaagt de nog zwaar aangeslagen Roppe-ploeg het 100 miljoen-dossier er met de karwats door. Een tussenkomst van Blokken, van de CVP overgelopen naar de SP, wordt afgeblokt, SP-fractieleider Bujok laat verstek gaan en Herman Reynders beperkt zich tot een sfinxachtige blik, zonder tussen te komen. Naderhand geeft hij toe van die begrotingsmaterie weinig kaas te hebben gegeten (welk gemeenteraadslid heeft dat wel?) vooraleer hij zelf schepen van financiën werd. Zijn partijgenoot Froidmont komt wel tussen over een "werkje" van 228.000 fr. in de Tuiltse gemeenteschool: "Weer een cadeau aan een aannemer!" Schepen van financiën Jooken komt met goed nieuws: het OCMW heeft een overschot van 20 miljoen fr., het Virga Jesse Ziekenhuis een verlies van "slechts" 49 miljoen fr.

De Hasseltse toetreding tot de Intercommunale Watermaatschappij, waarop Onkelinx tegen Jooken in had aangedrongen, levert niet de voorgespiegelde vijftien miljoen fr. winst op jaarbasis op, maar slechts drie miljoen.

Een maand later noemt Jooken meer belastingen in Hasselt onvermijdelijk. Hij geeft zijn opvolger Reynders gelijk met diens bewering dat de maximum draaglijke schuld al lang bereikt was.

Anderzijds beweren de CVP-schepenen dat het niet doorgaan van de geplande projecten en dus ook niet van de verkoop van stadsgronden waarop die zouden gebouwd worden, nieuwe schulden onvermijdelijk maakt. De CVP is niet bereid een begroting met onpopulaire maatregelen op te stellen om "wat fout liep door de schuld van de oppositie" vooralsnog recht te trekken. Van Interelectra komt een recorddividend van 300 miljoen fr.

Helemaal onbeheersbaar wordt het tijdens de geheime stemmingen over ontslagen, benoemingen en bevorderingen van stadspersoneel. De gemeenteraad krijgt een lijst van twee of meer personen voorgelegd, gerangschikt volgens examens of evaluaties. Voor een politionele bevordering krijgt de tweede op de lijst, zuiver om politieke redenen, de partijen van de toekomstige meerderheid achter zich. Hetzelfde voor een brandweerman, maar hier luidt de verantwoording dat de uitverkorene in Hasselt woont.

Op de valreep zou er dan toch nog een begroting voor 1995 komen. Schepen Jooken stelt ze voor tijdens een persconferentie, voorafgaand aan de laatste gemeenteraad van het interregnum. De belastingen blijven ongewijzigd, maar de investeringen worden gehalveerd. Er komen minder rioleringen en stadswagens. Vanwaar die ommezwaai? Jooken, een "honourable man", kreeg het bericht van de Directie van Financiën dat de opbrengst van de personenbelasting met 59 miljoen fr. werd onderschat. Samen met een bijkomend dividend van 27 miljoen fr. vanwege Interelectra compenseerde dat ongeveer het gevreesde tekort van 90 miljoen fr.

Maar op de gemeenteraad stemt de VLD tegen. Volgens de CVP beloofde haar partner van dat ogenblik nochtans de begroting wel goed te keuren als die in evenwicht werd ingediend en er geen nieuwe belastingen kwamen. Maar na maanden stilzwijgen verbreekt Onkelinx de stilte. "Ik werd niet in het overleg van het schepencollege over de begroting betrokken", beweert hij in het bijzijn van zijn belagers. Van de vier VLD'ers stemmen er drie tegen, terwijl Demal -nog steeds schepen-zich onthoudt.

Na een schorsing vraagt CVP-fractieleider Beerden zich positief te willen opstellen zodat het stadspersoneel verder kan betaald worden. Vandaar het voorstel om voorlopige twaalfden goed te keuren wat op unanieme bijval kan rekenen. Op de uitspraak van SP-fractieleider Bujok "dat zijn partij het fetisjisme rond het niet verhogen van de gemeentelijke belastingen wil doorbreken" komt vanwege de VLD geen reactie.

"Hasselt aan de mensen" - Inhoud

De burgemeester in spe pakt alvast uit met enkele grote beleidslijnen, waarin hij zich duidelijk afzet tegen het verleden en de Hasselaren zelf op de voorgrond plaatst. "Niet aan promotoren zoals Trema, niet aan de bankiers, niet aan de burgers, maar aan de mensen wil ik Hasselt teruggeven", zo klinkt de boodschap. Ook een derde ring (waarvan volgens de CVP al lang geen sprake meer was), het busbanenplan en de Japan-optie zijn uit den boze.

"Dat groeien om te groeien moet gedaan zijn", herhaalt hij als kersvers burgemeester. "Ik heb me trouwens altijd afgevraagd wie daar beter van wordt". En verder: "Hasselt heeft een culturele roeping en zijn sociale weefsel moet versterkt worden."

Veel aandacht gaat naar de inspraak van de Hasselaren. Voor elke gemeenteraad kunnen die hun suggesties kwijt op het stadhuis, "want wij weten het niet altijd beter". Door de nieuwe telecommunicatie van Interelectra -waarvan Stevaert tot zijn ministerschap voorzitter blijft- in te schakelen is het bijvoorbeeld mogelijk via de kabel de mensen te bevragen. De vernieuwing van De Nieuwe Hasselaar stoelt op een gelijkaardige opvatting, met antwoordkaarten waarop de lezers hun raad kwijt kunnen. Public relations en communicatie houdt Stevaert uitdrukkelijk onder zijn eigen vleugels, met als sterke man achter de schermen zijn kabinetschef Ronald Hoebers. De gesprekken die Steve nog als cafébaas met deze criminoloog voerde, maakten zo'n indruk op hem dat hij als gedeputeerde al verkoos Hoebers tot zijn rechterhand en kabinetschef te promoveren. Dat blijft zo nu hij gouverneur is.

Het autoverkeer in de binnenstad zal het bestuur verder beperken. Perforaties van de kleine ring, met verbindingen naar de projecten van promotoren, zijn uitgesloten. De "schone opbouw" van Hasselt moet behouden blijven en de kleine ring moet weer kunnen fungeren als "een echte boulevard met bomen en kiosken". De buitenkant moet dienen als parkingruimte, aan de binnenkant komt éénrichtingsverkeer. "Het gaat er niet om te kijken wat nog volgebouwd kan worden, maar om open ruimten aan te duiden waar nooit mag gebouwd worden".

Een aantal (kruis)punten op de Grote Ring slibben dicht, met als voorspelbare consequentie de vraag om een derde ring. "Over mijn lijk", zegt de net nog geen veertig jaren tellende burgemeester.

Die uitspraak geldt eveneens voor Trema "dat blijft duwen en lobbyen". "Wie vroeger tegen de TT-wijk was, was tegen de vooruitgang. Hetzelfde geldt nu voor Trema. Bij de ene steenpuist op het gezicht van Claudia Schiffer komt al direct een andere. En het succes van een dergelijk megaproject is maar tijdelijk. Als er morgen een nieuw Wijnegem komt, kan het oude het wel vergeten. Trema kan zich misschien op de TT-wijk concentreren". De eventuele uitbreiding van Sarma moet eveneens herbekeken worden binnen een globaal distributieplan dat samen met de Hasseltse middenstand opgesteld wordt.

De Trema-directie geeft zich inderdaad nog niet gewonnen. "Soms duurt het tien jaar voor we zo'n project er echt door krijgen", is vanuit die hoek te horen. Zelfs de hete adem van Feniks, dat de noodzakelijke gewestplanwijziging in die eerste maanden van 1995 erdoor kreeg, kan Trema noch Sarma (dat met 4.000 vierkante meter wil uitbreiden in deelgemeente Kuringen) afschrikken. Omdat het Roppe-bestuur dat niet meer bij de lopende zaken vindt horen zit het nieuwe ermee.

Net als voor de financiën manifesteren zich hier twee "scholen" met een totaal andere visie. De school van ex-burgemeester Roppe ziet de kleine ring als een "carcan" dat de verdere ontwikkeling van het Hasseltse stadscentrum met een diameter van amper 800 meter belemmert. Het "doorknippen" van die ring kan gebeuren met een hypermarkt aan de Kanaalkom die organisch met het centrum verbonden is. Dat project zou meteen andere plannen doorkruisen, zoals de Sarma-uitbreiding die de bezoekers ver van het centrum zou houden. Ook de wildgroei op de invalswegen zou er door gecounterd worden. Bovendien is de verwachting dat door het stijgende aanbod van handelspanden de torenhoge huurprijzen in het centrum naar beneden komen.

De tweede school, met de nieuwe burgemeester, vindt het een onvergeeflijke fout om de kleine ring door te knippen en zo de historisch gegroeide stedelijke opbouw blijvend te verminken. Een hypermarkt aan de Kanaalkom zou een geïsoleerd complex blijven, zonder aansluiting met het centrum maar met veel bijkomende verkeershinder. Tachtig winkels van Trema erbij betekent volgens die school ook een ramp bij de huidige leegstand van handelspanden in het centrum. Het Nipponcentrum bezit daarbij een ontradende symboolfunctie.

Roppe mag dan al stellen dat Trema "geen tegenzet voor Feniks" is, met elke nieuwe stap in het Genkse project stijgt de zenuwachtigheid in Hasselt. Van de verheven bipool-idee blijft weinig over. Ook nadat de Trema-plannen een eersteklas-begrafenis kregen blijft Hasselt anti-Feniks. Dat blijkt in september 1995 als het stadsbestuur een ongunstig advies uitbrengt bij de Limburgse gouverneur over de gewestplanwijziging die nodig is om Feniks in Genk te kunnen vestigen. Als gedeputeerde van ruimtelijke ordening was Stevaert het als megalomaan bestempelde project al niet gunstig gezind. Als Hasselts burgemeester beweert hij zich niet met de interne keuken van Genk te willen bemoeien. Daartoe behoren bijvoorbeeld de toegangswegen tot Feniks. Maar wat dat gemeentelijke niveau overstijgt is ook een zorg voor het aangrenzende Hasselt. Zo stroken volgens hem bepaalde ingrepen niet met de ontwikkelde ideeën voor de ruimtelijke ontwikkeling van de bi-pool Hasselt-Genk en wat de Euregionale MAHL-steden (Maastricht, Aken, Genk, Hasselt, Heerlen, Luik) vooropzetten. De toevloed van Europese gelden is trouwens afhankelijk van de toetsing met de overeenkomsten op MAHL-niveau. Met Structuurplan Vlaanderen ziet Stevaert een flagrante tegenspraak.

Ook het geplande busbanenplan sneuvelt ongenadig. Stevaert: "De Lijn gaat het financieel almaar moeilijker krijgen en zal dat trachten te verhalen op de lokale besturen. We zitten hier trouwens niet in Parijs. Dat bezoekers hun auto aan de Grenslandhallen zetten en dan de bus naar het centrum nemen, daar geloof ik niet in".

Het nieuwe bestuur gaat een sober beleid voeren, "zodat het geld niet aan intresten voor bankiers wordt verspild". "Nu is het Hasselt aan de banken. Per minuut gaat 1300 fr. naar die banken. Die hoge schuldratio kan niet langer. De mensen van het Gemeentekrediet zullen wel uitleggen dat schuld gezond is, maar gewone mensen zoals mijn ouders weten wel beter. Om niet in het sneeuwbalgegeven terecht te komen moeten we de investeringen terugschroeven".

In nieuwe belastingen ziet hij geen heil, want dan speelt het "Laffer-effect". Hier toegepast: te hoge tarieven leiden tot minder inkomsten omdat gegoede burgers hun domicilie in een andere gemeente vestigen. De door het vorige bestuur geplande verhoging van de belasting op tewerkgesteld personeel vindt Stevaert al helemaal uit den boze. "Dat zegt iets over de mentaliteit die er was. Je moet al helemaal van God verlaten zijn om dat voor te stellen. Voor mijn part kunnen de bankautomaten beter belast worden".

De uitgaven kunnen naar onder "zonder een asociaal beleid te voeren". Zo wil Stevaert een ideeënbus waarin personeelsleden hun suggesties voor besparingen droppen. De premie die dat opbrengt, kan naar een goed doel gaan.

Verder zal de nieuwe ploeg elk dossier "zonder taboe" bekijken. Dat geldt ook voor "de Japanoptie". "Die hele poeha is aan mij niet besteed. De vraag is of de Japanse tuin de Japanners hier geliefder heeft gemaakt. Ik betwijfel ook of het Nipponcentrum en de Golf zo'n gelukkige keuzes waren. Ik heb niks tegen golf maar het mag ons geen frank kosten". Als gratis alternatief ziet Stevaert het openstellen voor het grote publiek van de tuinen van de Paters Minderbroeders en de Gouverneur, beide midden in het stadscentrum gelegen oases.

Hasselt wil meer uit de Europese pot. "Meer Europese middelen kunnen de lasten van de stad verlichten", zegt Stevaert op de Nieuwjaarsreceptie 1995 van het stedelijk personeel. Hij waardeert zijn Genkse collega die voor allerlei projecten de Europese fondsen weet aan te spreken. Hasselt slaagde daar niet in, behalve voor de Japanse tuin waarmee het zich volgens hem "in diskrediet" bracht. "Hasselt heeft nochtans een Europese roeping", klinkt het pathetisch. Tegenover de provincie, waarmee de hoofdstad in een spanningsveld leeft en "dat is normaal", pleit hij bij die gelegenheid voor "een nederige houding", zodat ook van die kant financiële middelen loskomen.

Dat het Cultureel Centrum "een gezin in Runkst vier tot vijfduizend frank per jaar kost" maakt dat ook die uitgaven herbekeken moeten worden. Temeer omdat het om "cultuurconsumptie" gaat. "Moet Béjart per se naar hier komen?" is een vraag die de problematiek symboliseert. De nadruk moet meer op cultuurproducten liggen en dat kan bescheiden dingen inhouden, als toneel voor probleemkinderen of debuterende popgroepen.

En waarom geen kruisbestuiving? "Hasselt is misschien het bekendst voor Pukkelpop en dat kost niks. Daar zijn toch bijvoorbeeld activiteiten in het Modemuseum aan te linken. Initiatieven als Chambres d' Amis in Gent of inspelen op het embryo van galerijen dat de stad al heeft, daar geloof ik in. Hasselt heeft zeker een cultuurroeping en cultuur kan een uithangbord zijn."

De uitgaven voor cultuur springen meer in het oog dan die voor sport "omdat ze lokaliseerbaarder zijn". Maar ook sport ontspringt bij een doorlichting de dans niet. "In welke mate moet de stad blijven instaan voor de sportinfrastructuur?" vraagt Stevaert zich af. "Als een vereniging een grasmachine krijgt, kan ze toch ook zelf het gras afrijden. We moeten trouwens voor alle werken die uitgegeven worden bekijken of dat loont. Bij die beslissing mag ideologie geen rol spelen". Al lachend voegt hij eraan toe dat "Staafke", de man die al jaren de recepties op het stadhuis verzorgt, in elk geval "niet privatiseerbaar" is, want dat zou handenvol geld kosten.

Baas van burgers en flikken - Inhoud

Bij het raden naar de ministerpost die Stevaert zal opnemen bij zijn eerste intrede in een regering, proberen we destijds "minister van binnenlandse zaken". Reactie van Stevaert: "Allez kom, ziet ge mij al als de baas van de flikken?" Hetzelfde geldt natuurlijk voor het ambt van burgervader, die meteen hoofd van de politie is.

Maar ook voor het opnemen van het burgemeesterambt door Stevaert bestond op voorhand geen echt scenario. Want wat als Willy Claes van Washington geen groen licht had gekregen als NAVO-secretaris-generaal? Of als Ernest Bujok geen stap had moeten terugzetten wegens een rechtszaak die hem gedurende jaren als een zwaard van Damocles boven het hoofd bleef hangen?

Maar de neus van Cleopatra was nu één keer net zo lang als ze was en hoewel Stevaert blijft beweren dat een schepenambt (liefst van middenstand) hem genoeg was, kreeg hij de door anderen meer gegeerde sjerp. Financieel moest hij zelfs inleveren tegenover zijn vroegere vergoeding als gedeputeerde, ook al mocht hij voorzitter van de intercommunale Interelectra blijven. Steve burgemeester tegen heug en meug? Zijn medestander van het eerste uur Bujok beoordeelt het zo: "Steve doet zogezegd alles tegen zijn zin. Zo was het ook altijd: ik ga stoppen met café, en intussen opende hij de ene na de andere. Hij was dan ook geen cafébaas maar kok. Partijvoorzitter was aan hem al evenmin besteed en ik twijfel eraan of hij tot zijn vijfenzestigste gouverneur blijft. Dat heeft te maken met zijn gebrek aan zelfvertrouwen, zijn minderwaardigheidscomplex, waardoor hij zich ook afzet tegen intellectuelen."

De echte burgemeesters zijn voor Bujok "op één hand te tellen". "Net zomin als Tobback in Leuven was Stevaert een burgemeester die door de straten liep en tegen wie iedereen zomaar kon zagen en zeuren. Met Willockx in St-Niklaas kan dat wel. Dat wil niet zeggen dat die twee anderen niet prima waren voor hun stad, integendeel. Steve is er niet de man naar om voortdurend onder de mensen te komen. Maar ook omdat Steve nooit de discussie aangaat, hebben de mensen wel die "hij begrijpt wat ik bedoel!"-perceptie."

Het verschil met Roppe, onder wie Bujok zes jaar oppositie voerde, ziet hij als volgt: "Als iemand naar Steve toekomt en hem zegt dat er op een bepaalde locatie een bushokje nodig is antwoordt hij: "dat is een goed idee" en als het kan komt het er. Roppe redeneert: als er geen staat zal er ook wel geen moeten staan. Een kwestie van karakter. Steve doet dat meesterlijk, het is echte magie".

Omdat Stevaert geen politicus meer is, heeft hij volgens Bujok door zijn gouverneurschap helemaal de handen vrij. "Nu kan hij antwoorden: ik zal het aan de deputatie doorgeven. Omdat zijn advies over Hasselt de doorslag blijft geven is hij nu misschien de echte burgemeester".

Recruteren uit De Voorzorg - Inhoud

De acht schepenen die het nieuwe beleid moeten uitvoeren geraken verder mondjesmaat bekend. Roland Demal laat het als VLD-schepen afweten, omdat hij naar eigen zeggen "onvoldoende vertrouwen in de nieuwe coalitie" heeft. Daardoor kunnen -in plaats van één- twee VLD

nieuwkomers een schepenambt opnemen: Karina Quintiens voor juridische zaken, grondbeleid en burgerlijke stand; Carlo Gysens voor cultuur (met het Cultureel Centrum), feestelijkheden en jeugd.

Die jonge, onervaren ploeg hoeft volgens Stevaert geen nadeel te zijn. Stevaert: "Op één schepen na zijn het allemaal nieuwelingen, die geen politiek verleden hebben en dus nog openstaan voor vernieuwing. We hebben nu ook geen zeven burgemeesters. Vroeger had je de burgemeester van Sint-Lambrechts-Herk, van Kuringen, die van Stevoort, van de Tuinwijk, enzovoort". De kwaliteiten binnen dit team durft hij rustig vergelijken met die van het vorige. "Is Brigitte Smets als sportschepen slechter dan Roland Demal?" blijft hij later herhalen.

Ook vraagtekens zijn er over het lot van "de CVP-administratie" en sommigen verwachten dat vooral op de top daarvan de titel van poppenspeler-farceur Armand Schreurs' verkiezingsshow "De koppen rollen" van toepassing zal zijn. Maar doordat van het negenkoppige schepencollege, de burgemeester inbegrepen, enkel Onkelinx ervaring heeft met de uitvoering van de stedelijke politiek, zijn de meeste overigen precies sterk aangewezen op de coöperatie en goodwill van hun administratie. Vooral hoofdingenieur Jean Vandeputte, gesitueerd in het CVP-kamp maar waarvan Roppe bij elke beslissing of stap de "geheime agenda vreesde", blijft als hoofd van de Technische Diensten de eerste viool spelen ("de eigenlijke burgemeester", heet het bij de ambtenaren), al verliest hij tijdelijk zijn VISA-kaart van de stad. De nieuwbakken cultuurschepen Gysens maakt er geen geheim van dat van zijn bevoegdheden cultuur hem het minst interesseert zodat diensthoofd Jean-Pierre Swerts dat voor hem bekende terrein verder kan exploiteren en de jaarlijkse eis van Gysens aan de directeur van het Cultureel Centrum zich ertoe beperkt vooral strikt binnen de getrokken budgettaire krijtlijnen te blijven.

Stevaert had bij de bestuurswissel gesteld: wie goed is blijft, wie niet presteert gaat eruit, "ook al is hij bij De Voorzorg". Maar blijkbaar wordt bij De Voorzorg uitstekend gepresteerd want hij rekruteert al zijn schepenen en later de OCMW-voorzitter uit die organisatie. Bepaalde meningsverschillen met diensthoofden kunnen volgens hem vruchtbaar zijn, maar uiteindelijk beslissen de politici. Op het lagere echelon kunnen problemen rijzen als de Vlaamse regering zou raken aan de 440.000 fr. per gesubsidieerde contractuele. Stevaert ving "signalen" op in die zin. Maar van afdankingen om partijpolitieke redenen is geen sprake.

De naaste medewerkers van de vroegere burgemeester en een enkeling kunnen liefst wel vertrekken. "In het 23-jarig bestaan van het Cultureel Centrum was er nooit politiek getouwtrek en voor ons is het belangrijk dat dat zo blijft", houdt CCH-directeur Jean-Pierre Grootaers begin november 1994 bij de opening van de Minnebo-expo zijn wensen voor werkelijkheid. Want het blijkt makkelijker premier Jean-Luc Dehaene voor zo'n evenement te strikken dan Steve Stevaert. Grootaers zal naderhand ten stadhuizen ontboden worden en neemt later ontslag. Maar voor het overige blijft de gevreesde bijltjesdag uit en komt er bij de hooggeplaatste vastbenoemden geen herhaling van wat provinciaal gebeurde.

De kas écht leeg? - Inhoud

"Ongenuanceerde slogantaai", stelt burgemeester Roppe over de lege kas. Dat ziet Herman Reynders bij zijn start als financieschepen begin 1995 anders: "Het is een financiële catastrofe en de kas is echt leeg". Wat Stevaert bijzonder dwarszit is niet alleen "de uitverkoop van het waterbedrijf". Maar volgens hem kan Hasselt voor noodzakelijke werken -al zijn dat maar stoepen-niet het geld op tafel leggen dat de voorwaarde vormt om daar tegenover overheidssubsidies te ontvangen. "In Antwerpen kwam de Vlaamse overheid over de brug, maar Hasselt kon zich dat niet permitteren", aldus Stevaert terugblikkend.

Het overschot van negen miljoen fr. dat moet blijken uit de begroting voor 1995, nog opgesteld door het Roppe-bestuur, noemt Reynders "niet realistisch". Een tekort van honderd miljoen, constateert hij, en nieuwe belastingen zijn dan ook onvermijdelijk. De enige taksen die zouden stijgen waren die op personeel en drijfkracht: van 350 naar 500 fr. per personeelslid of KW, en dat met een hoge werkloosheid. Voor 1995 voorzag de nepbegroting zelfs geen nieuwe leningen, terwijl datzelfde schepencollege de vorige zes jaar ruim drie miljard aan nieuwe leningen opnam (diezelfde maand voor 87 miljoen fr.).

SP-fractieleider Bujok maakt vergelijkingen tussen het begin en einde van het Roppe-tijdperk. Eind 1988 bedroeg de schuld 2,8 miljard, met een leninglast van 420 miljoen fr. Nu is die schuld aangegroeid tot 4,2 miljard, met een leninglast van zo'n 700 miljoen. Dat terwijl de reserves slonken van 388 tot 70 miljoen.

Vergiftigde geschenken - Inhoud

In de uren net na de verkiezingen is de VLD-er Onkelinx voor de CVP de grote boosdoener, maar al op het partijbestuur van die partij the morning after kantelt dat en krijgt Roppe almaar meer de schuld in zijn schoenen geschoven. Mindere goden in de partij die het in betere tijden bij de minste kritiek ongenadig op hun kop kregen van de tenoren verwijten hun nu "arrogantie van de macht".

Toch blijft Roppe in deze eerste periode strijdbaar tegenover de nieuwkomers. "Niet dit stadsbestuur maar het volgende verkoopt Hasselt aan de projectontwikkelaars", haalt hij uit. Dat leidt hij af uit de affaire van het Oude Gasthuis aan de Thonissenlaan. Eerst komt er onder zijn bestuur maar één koper opdagen, die er door het stadsbestuur toe gebracht wordt op de officieel geschatte prijs van 50 miljoen nog vijf miljoen toe te leggen. Daarna wordt het gebouw door die koper voor 80 miljoen fr. verder verkocht aan de socialistische P&V-verzekeringen.

Ook het NCMV krijgt vegen uit de pan. Tegen Trema, dat achthonderd banen zou scheppen, reageerde die middenstandsorganisatie heftig, tegen de uitbreiding van Sarma totaal niet. "Maar Kuringen ligt dan ook ver van Hasselt". Het verspreiden van douchekoppen door Interelectra vindt Roppe geen taak voor een intercommunale voor elektriciteitsdistributie, met als voorzitter Stevaert, maar voor de middenstand. Hij suggereert dat de huis-aan-huisbedeling van een kleurrijke folder eigenlijk dient om de socialistische verkiezingspropaganda te betalen.

Roppe krijgt nog een afscheidsgeschenk dat hij maar matig weet te appreciëren. Samen met zijn eveneens "gebuisde" collega's van Diepenbeek en Zonhoven krijgt hij een souper aangeboden voor de inspanningen, die ze deden bij het tot stand komen van de politionele samenwerkingszone HaZoDi. Ook een tinnen schotel voor elk van hen kon er nog af. Maar bij het omdraaien van het kleinood blijkt er Hasselt Tin op te staan, het bedrijf van de verguisde Onkelinx. De dag na de verkiezingen had CVP-schepen Cuppens al de tinnen sleutelhanger, die hij bij de aansluiting van Hasselt bij de Intercommunale Watermaatschappij met Onkelinx als voorzitter had gekregen, in de vuilnisemmer gekeild. De fabrikant was dezelfde.

Het zal Onkelinx een zorg zijn. Voor wat de CVP "zijn verloochening van het gegeven woord" noemt wacht hem een mooie beloning. Eerst mag hij zijn loopbaan als schepen met zes jaar erbij volmaken tot achttien, zodat hij volledig pensioen krijgt. Als ereschepen blijft hij lucratieve postjes bekleden in de watermaatschappij IWM, bij PLI Gas en Ethias.

DAUPHIN ERFT ANCIEN REGIME - Inhoud

Baron Meyers - Inhoud

Met Paul Meyers kent Hasselt één van zijn lang aanblijvende burgemeesters. Na 25 jaar burgervader te zijn geweest, bereikt hij in 1988 de leeftijdsgrens van 67 jaar, waardoor hij volgens de partijstatuten moet opstappen. Bij dat afscheid schetst hij zijn belangrijkste bijdragen, triomfen en mislukkingen.

Al voor zijn aantreden aan het hoofd van de stad, ziet Meyers als grote probleem het openbreken van de stad buiten de kleine ring. De Casterwijk, de latere Golf, Kiewit over het kanaal, dat ervoer de echte Hasselaar als "de buiten". Ondanks tegenkantingen, vooral vanuit Brussel, drukken Meyers en co er de grote ring -de tweede voor Hasselt- door. Meyers: "Die was noodzakelijk en we moesten er nog geen zeven huizen voor onteigenen".

Naderhand ijvert zijn invloedrijkste schepen Staf Storms -een man van ACV-strekking die om zijn voluntarisme IJzeren Staaf werd genoemd- begin tachtiger jaren nog voor een derde ring, maar die piste wordt snel verlaten. Stevaert verwijst er later nog herhaaldelijk naar om te illustreren hoe het niet moet. Ook Roppe noemt het "een onzinnig idee, dat mij onterecht in de schoenen geschoven werd omdat die ring als dusdanig ingekleurd bleef op het gewestplan".

Philips in 1954 naar Hasselt krijgen was een huzarenstukje, met per telegram samengeroepen gemeenteraden om het contract rond te krijgen. Dat behelsde een wijziging van het Bijzonder Plan van Aanleg met het oog op onteigeningen en om het Koninklijk Besluit zo vlug mogelijk rond te krijgen moest Meyers "persoonlijk gaan aanbellen op het koninklijk paleis", volgens zijn eigen versie.

Zijn grote dada werd echter het Cultureel Centrum, dat hem in 1971 bij een dwingende keuze zelfs deed afzien van een nationaal mandaat ten voordele van een lokaal om de slaagkansen te vergroten. Nochtans was de bittere pil die hij en zijn partij bij de gemeenteraadsverkiezingen van een jaar tevoren te slikken kregen volgens hem mede daaraan te wijten. Tegen de verwachtingen in verloor de CVP haar volstrekte meerderheid in de gemeenteraad. Nochtans slaagde Meyers erin het hot item van wat de Hasselaren intussen het "cultuurpaleis" noemden buiten de verkiezingsstrijd te houden door de steun van Willy Claes te verwerven.

"Het ging om een investering van miljoenen en dat had politiek kunnen uitgebuit worden. Maar we kwamen overeen er geen politieke munt uit te slaan en het Cultureel Centrum buiten de politiek te houden. Het beleid ervan werd gedepolitiseerd en de beheerraad was pluralistisch". Het kon bij de verkiezingen van 1970 niet baten. Meyers: "Het was de vooravond van de opening van het Cultureel Centrum en dat had wellicht invloed. De mensen begrepen het nut niet. Nochtans was de bouw ervan de enige mogelijkheid om theater en opera naar onze mensen toe te brengen".

Wat Meyers op zijn beurt niet begrijpt is dat de geschiedenis zich kan en zal herhalen met de bouw van het Flanders Nippon Centerr in de binnenstad. "Eigenlijk kan dat niet mislukken", meent hij in 1988, "want een groot idee wordt mogelijk gemaakt, terwijl de financiële verantwoordelijkheid elders ligt. Als verantwoordelijke moet je trouwens durven ingaan tegen wat de mensen denken. De roeping van de binnenstad is duidelijk die van een shopping center en dat wordt nu vergroot".

De fusie van de omringende gemeenten met Hasselt gebeurt zonder veel problemen en blijkt in 1976 electoraal lonend. Zijn verklaring? "We bereidden de bestuurders van de deelgemeenten meer dan een jaar op voorhand psychologisch voor. Ook de ambtenaren voelden zich direct op gelijke voet behandeld. Persoonlijk verzette ik me tegen het begrip Groot-Hasselt, het werd Nieuw Hasselt. Aanvankelijk was ik trouwens meer in de deelgemeenten te zien dan in de binnenstad".

Een recenter stokpaardje zijn de contacten met Japan, dat hij evenals de States na zijn actieve loopbaan aandeed. "Als ik zie hoe de Japanners evolueerden sinds mijn vorig bezoek, drie jaar geleden, sta ik versteld. Ze spreken en handelen anders, gooien de deuren open op de wereld. Dan besef je dat geen tijd mag verloren worden met iets als de Voeren problematiek".

De sleutel van zijn succes bij het besturen is zijn luisterbereidheid. "Je moet luisteren naar alle gemeenteraadsleden, ook uit de oppositie. Alleen kan je niets realiseren, wel met een goede ploeg schepenen. Op de 25 jaar van mijn burgemeesterschap werd er twee keer gestemd in het schepencollege."

De consensus die Meyers nastreeft, is moeilijk te behouden tijdens zijn opvolging, waarvoor velen zich geroepen voelden. "De partij heeft Roppe voorgesteld als kopman. Vele gemeenten lijden onder onenigheid in het bestuur. Scheurlijsten zouden een drama zijn voor Hasselt."

Als hij zeven jaar later, in 1995, als gemeenteraadslid afscheid neemt heeft Meyers ook oog voor de downs tijdens zijn burgemeesterschap. Zo zegt hij "spijt" te hebben van de bouw van de TT-wijk. "De mensen kochten die gronden en huizen aan een dure prijs omdat de stad toch zou moeten onteigenen. Van zijn kant vroeg de middenstand, terecht, een parking binnen de kleine ring. Die gronden kopen en er iets op realiseren kon alleen iemand die nuttige oppervlakte in de torens tot stand bracht. Tot twee keer toe hebben we de plannen herzien. Naderhand is gebleken dat we de parking ook buiten de ring hadden kunnen bouwen."

De buurt van de vroegere volkswijk De Beek, die daarvoor moest verdwijnen, kende met de komst van het Flanders Nippon Centerr opnieuw weinig geluk.

Meyers staat bekend om zijn zuinigheid. Politieke mede- en tegenstanders loven zijn grondbeleid. Met de glimlach vertelt hij het Domein Kiewit (78 hectaren) met een villa en twee hoeven destijds voor 4,2 miljoen fr. te hebben gekocht. Waarvoor hij dan ook nog kritiek kreeg op de gemeenteraad. Zelfs eind 2005 krijgt Meyers nog een pluimpje van burgemeester Reynders omdat hij het pensioenfonds in beheer gaf bij OMOB, intussen Ethias. De versie van Roppe klinkt wel anders. "Het stadsbestuur zette geld op een rekening, zeg maar een soort spaarboekje, om de pensioenen te betalen en het was de ontvanger die dat beheerde. OMOB stelde voor dat als pensioenfonds actief te beheren en als schepen van financiën was ik daar voor, maar burgemeester Meyers wou er niet van weten. Pas voor het argument dat zijn opvolger wel eens "binnen het half jaar" al dat geld -zo'n 700 miljoen fr.- kon spenderen aan projecten, zoals een schepen er in die periode een aantal opstartte, zwichtte hij. Met dat gemeentelijke pensioenfonds waren we de eerste in België".

Net als zijn partij en het schepencollege, verkoos Meyers als zijn opvolger de advocaat en gouverneurszoon Louis Roppe boven de regent Van Lishout. Meyers was zo dolgelukkig met diens overwinning in 1988 dat hij voor het eerst in zijn leven even zijn Caritasgelofte als geheelonthouder vergat en ad fundum een pint bier ledigde. Over erfenissen is er doorgaans discussie en bij die van Meyers was dat niet anders. Dat hij het personeelsbestand en de daaraan verbonden kosten in de hand wist te houden werkt tot vandaag gunstig door op de financiën. Anderzijds ervoer het volgende bestuur in gang geschoten projecten als het Flanders Nippon Center eerder als een last dan als een lust.

Flamboyante Van Lishout - Inhoud

Meyers had zelf Van Lishout in de gemeentepolitiek geloodst als een quid pro quo. Dankzij Meyers kon Van Lishout in 1965 met zijn Vormingscentrum starten in de oude gemeenteschool aan de kleine ring en als wisselgeld claimde Meyers de directeur met zijn goede contacten in middenstandskringen voor de CVP-lijst. In 1970 werd Van Lishout gemeenteraadslid en in plaats van er zes jaar later mee te stoppen, zoals zijn aanvankelijke intentie was, kreeg hij de belangrijkste schepenpost: die voor middenstand, cultuur en ruimtelijke ordening. In 1982 kwam daar nog toerisme bij.

Om dat toerisme te stimuleren zette hij de grote lijnen uit voor een museumbeleid. Bij zijn aantreden telde Hasselt geen enkel museum, door de flamboyante Van Lishout verwierf Hasselt een stads-, jenever- en modemuseum. Als zijn beeldengalerij door de economischer ingestelde Meyers wordt afgeremd en er geen centen zijn voor grote beelden in de stad of Meyers die niet wil spenderen maakt Van Lishout daarvan "dat die tijd toch voorbij is". Kleinere beeldjes zoals het banketbakkertje, de piot van het Elfde en het marktboerinneke zijn er nu eerder op hun plaats.

De renovatie van de noordoosthoek van de stadskern is pionierswerk voor Vlaanderen en minister Akkermans maakt er zoveel geld voor vrij dat de stad niet kan volgen om haar financiële tegenprestatie te leveren. Het is dezelfde driestheid waarmee Van Lishout -bouwvergunning en centen of niet- zijn Vormingscentrum voor Zelfstandigen om de tien jaar met een vleugel uitbreidt.

Om Hasselt op internationaal niveau te tillen volstaan de jumelages met Detmold en Sittard niet en zo komen Itami en Mountain View erbij. Japanners en hun bedrijven naar hier halen is één van zijn dromen en zo ontstaan de door de enen geprezen, door de anderen verguisde plannen voor de Golf en het Flanders Nippon Centerr. Als schepen houdt hij zich verder bezig met de Grenslandhallen, de winkelwandelstraten, de kmo-terreinen en het structuur- en gewestplan.

Maar met de eigen CVP botert het niet. Als hij al naar een bestuursvergadering gaat, dan steekt hij zijn misprijzen ervoor niet onder stoelen en banken. Het is de tijd dat Staf Storms als superschepen, een exponent van de Tramstraat (zetel van ACW Limburg), gemeenteraadsleden bij hun tussenkomsten de huid vol scheldt wegens hun gebrek aan dossierkennis. Van Lishout pakt het beschaafder en met overtuigingskracht aan. Dat de eerste kraters in de stadskas komen, heeft zeker mede te maken met zijn ambities voor Hasselt. Als Roppe, van 1984 tot 1988 schepen van financiën, tegen de heersende gewoonte in alle dossiers voor het schepencollege op voorhand doorneemt, levert hem dat de titel "Groot-Inquisiteur" op van zijn oud-collegaleraar en collega-schepen Van Lishout.

Velen zien die als de opvolger van Meyers maar vanaf 1986 krijgt Van Lishout te verstaan dat hij de geambieerde burgemeesterssjerp best kan vergeten. Zelf legt hij ons dat in april 1990 uit met een parabel waarin hij de partij vergelijkt met een rederij die zijn schepen (als meervoud van schip) in de gaten houdt. "De Hasselt vaart wel, maar de kapitein gaat met pensioen en de eerste stuurman is een moeilijke. Welnu, ze nemen de tweede stuurman, een jongere. Dat is hun goed recht, hé. De oudere stuurman stapt op, want het risico is groot dat hij zich als een kapitein gaat gedragen".

Of hij niet verbitterd was? "Dan ken je Wim Van Lishout slecht. Er was wel verwondering dat de rederij het zo bekijkt. Niet gefrustreerd, maar verrijkt kwam ik eruit".

Vrijzinnige Dufour houdt de kerk in het midden - Inhoud

Wie altijd op een pluimpje van Van Lishout kan rekenen, is de socialist Hugo Dufour. Deze mei '68-er, uit een Eisdens mijnwerkersgezin met een socialistische vader die hem van kindsbeen meeneemt naar de 1 mei-optochten, maakt bij de socialisten de Paleisrevolutie mee, waar met Karel Van Miert, Marcel Colla, Luk Vanden Bossche, Norbert De Batselier en Piet Van Eeckhout een nieuwe generatie aantreedt. Hij wordt redactielid van Nieuw Links en in 1975 voorzitter van de Jong Socialisten.

In 1977 komt Dufour in de Hasseltse gemeenteraad en dat valt ongeveer samen met het definitief opdoeken van het Oude Hasselt. Mees heeft het als burgemeester voor het zeggen in Kermt, Beerden en Renaers in Stevoort (dat normaal naar Alken moest gegaan zijn) en Cuppens in Kuringen. Zij of hun nageslacht krijgen zitting in het nieuwe schepencollege, dat na de blauwe inbreng in het vorige bestuur dankzij de fusie weer onder een homogeen CVP-bestuur komt. Daarvoor moest Mees wel zijn blauwe jas draaien en Reenaers uit de VU stappen, met als beloning een schepenambt. Anders kon de CVP-winst van Cuppens in Kuringen wel eens geneutraliseerd worden door de liberale vooruitgang van Mees in Kermt en de VU-score van Reenaers in Stevoort.

"Het waren kleinburgerlijke randgemeenten die nog manieren moesten leren", luidt het strenge verdict van de ruimdenkende Dufour. Die maakt kennis met de jonge CVP-er Georges Monard, van wie hij de verdraagzaamheid en het begrip voor anderen waardeert. Tegen de betonboeren, het ACV en partijgenoten als Kelchtermans in verzet Monard zich tegen de A24. Voor de CVP is Monard de grote stemmentrekker, Dufour bouwt zijn positie op alle echelons van het beleid uit. Hij zit in de gemeentelijke, kantonale en provinciale besturen, in de beheerraden van het Cultureel Centrum en bibliotheken. Dufour holt van de ene vergadering naar de andere en komt onder geweldige stoom te staan.

Dat hij "de tsjeef Jaspaert" steunt voor het directeurschap van het Cultureel Centrum, nemen de socialistische kameraden en de vrijzinnige vrienden hem niet in dank af. Tot zijn komst naar Hasselt fungeert Jaspaert als woordvoerder van het bisdom Antwerpen en voorzitter van de Nationale Jeugdraad. Maar Dufour oordeelt dat hij de beste kandidaat is en van de christelijke, niet van de CVP-zuil. En Willy Claes zegt: "Ik geloof u." Met de steun van Monard weerspiegelt de beheerraad niet de politieke verdeling in de gemeenteraad, maar zijn er één derde gemeenteraadsleden, één derde culturele jeugdraadsleden en één derde gebruikers.

In 1979 neemt Monard ontslag als gemeenteraadslid. Hij laat Hasselt achter zich en wordt topambtenaar bij het ministerie van onderwijs in Brussel. "Een enorm verlies voor de Hasseltse gemeenschap", vindt Dufour.

Na een aanvaring met Willy Claes tracht Dufour een schokeffect teweeg te brengen door in de gemeenteraad apart te gaan zitten, maar dat draait verkeerd uit en hij geraakt geïsoleerd. Dufour: "Inhoudelijk kon ik vervelend doen, maar dat was niet om mandaten te bemachtigen. Indien ik ambities had laten blijken was een compromis mogelijk geweest. Als fractieleider van de grootste oppositiepartij koos ik altijd voor de Hasseltse bevolking. Ik voerde geen harde oppositie om zo alleen malcontenten achter me te krijgen. Wel jammer dat we in de oppositie bleven zitten, terwijl we meer dossierkennis hadden dan de schepenen, waarvan de meesten niet wakker lagen van een visie. En wij moesten het gratis doen."

Toch meent Dufour in dat CVP-tijdperk resultaten te hebben bereikt. "Vroeger was Hasselt een eng, sterk verzuild provinciestadje. We hebben dat ontzuild, onder andere door het Cultureel Centrum. We steunden de jumelage met Itami en de aanleg van een golfterrein. De Twee Torenwijk was een stommiteit maar de gemeenteraad heeft dat unaniem goedgekeurd. Ook dat Vlaams-Japans Ontmoetingscentrum was een te brutale ingreep in het stadsbeeld".

Dat hij propageert dat het gevoerde beleid goed is, mede door de waakzaamheid van de gemeenteraad, gaat velen in zijn partij te ver. Als enige in de gemeenteraad die een begroting kan lezen, ziet hij wel met lede ogen hoe door de bouw van het Cultureel Centrum en de Grenslandhallen en het aanleggen van riolering de schuld oploopt tot zo'n twee miljard fr., waarop jaarlijks nog tien procent intrest komt.

De onechte zonen van Willy - Inhoud

Willy Claes heeft nog lang niet de gezegende ouderdom van King Lear bereikt als zijn troonpretendenten elkaar in het haar vliegen. Daarbij treden vooral Hugo Dufour en Ernest Bujok in het strijdperk en raadt wie er uiteindelijk -wellicht ongepland- de kroonjuwelen binnenhaalt?

Een geschikt vertrekpunt om dit te schetsen vormt de oprichting van het Rood Huis in 1975 op initiatief van figuren uit progressieve hoek als Ernest Bujok, Hugo Dufour, Herman Laitem en Paul Zeeuws. Het SCEP, het RAL, het JAC, de KP en de Jong Socialisten kunnen er ideeën uitwisselen. Willy Claes vindt het een rotidee, ook al omdat groene jongen Luk Cox van De Nieuwgierige Hasselaar er een deugddoende biotoop vindt, en dat zal Dufour geweten hebben. De langharige Bujok kreeg eerder al de deur gewezen bij de SP wegens zijn antiautoritaire opvattingen. Het was volgens verhalen de tijd dat ondeugende kinderen bij de socialistische mutualiteiten in Koksijde op hun knieën moesten zitten, met in beide handen bakstenen. Ook hier vliegt "jeugdleider" Bujok eruit, waarna hij met een aantal gelijkgestemden een zitstaking organiseert bij de woning van de familie Claes. Zijn SCEP (Sociaal Centrum voor Pedagogie) richt de eerste antiautoritaire opvoedingscrèche op in het Kasteeltje aan de Luikersteenweg.

Het Rood Huis vindt zijn café-infrastructuur op de hoek van de Dokter Willems- en de Aldestraat, maar reeds het verzamelen van de nodige handtekeningen onder het contract doet problemen rijzen. Eens toch zover komt het erop aan een uitbater te zoeken en daarbij valt de naam Steve, die na het opdoeken van de door hem uitgebate, groezelige hippiekroeg Skalden "zonder werk zit". Hij wordt ingeschreven bij de zelfstandigen van De Voorzorg. Interessante mensen, die vroeger de marginale Skalden er toch wat over vonden, komen nu naar hier. Maoïsten en trotzkisten zitten elkaar, meestal verbaal, te jennen, maar verder werd er met de woorden van Bujok "veel gezopen en gediscussieerd en vrouwen in de doos gedaan". Steve is de cafébaas die zich volledig afzijdig houdt, maar met een lichte voorkeur voor de maoïsten omdat die hun afspraken nakomen. "Ik kan me niet herinneren ooit met hem gepraat te hebben", zegt Bujok. Tegenover het Rood Huis heeft Marleen, de vriendin van Steve, de Poespas, een winkeltje met alternatieve stoffen en producten.

Dat mooie liedje duurt zo'n anderhalfjaar, tot Steve ontslag neemt wegens zijn andere plannen. Hij neemt De Witte Non over, waar hij eerder bouletten leverde, met als leverancierster voor de soep Betty Elias, het lief en de latere vrouw van Noël Slangen. Nu start Stevaert met de herinrichting van De Witte Non, samen met Den Eegel en de cafés van de stations van Hasselt en Diest. "Het begin van zijn cafés", noemt Dufour het.

Pas later komt Bujok echt in contact met Stevaert en hij ontvouwt hem zijn plannen voor een vakantiecentrum. Stevaert stelt voor om te gaan praten met Alfredo de Gregorio, die als architect de plannen ontwikkelt en opvolgt voor Het Magazijn, de eerste blitse zaak in Hasselt, de Gregorio staat al bekend als de "groene planoloog" en is betrokken bij De Nieuwsgierige Hasselaar. Een andere architect van Italiaanse origine Vittorio Simoni werkt bij hem. Kind aan huis is er Dré Steemans, alias Felice. Zo groeit een kliek van kameraden.

Het is Dufour die Bujok weer binnen de partij zal loodsen. Als tekenaar, maar al gauw schopt Ernest het tot secretaris. "The Importance of Being Ernest", zou Oscar Wilde het noemen. Het is zijn bedoeling om jonge mensen te lokken en de ouderen buitenspel te zetten. Bujok polst Stevaert, maar als zelfstandige wil die niet dat zijn SP-voorkeur bekend raakt. Claes heeft zijn handen vol in Brussel en in Limburg, waar het conflict met Louis Vanvelthoven blijft aanmodderen. Binnen zijn partij geraakt hij zelf in de oppositie als hij het tegen de eigen vakbondsmensen opneemt. De discussies met Bujok zijn hard maar uiteindelijk zwicht Claes: "Als ge denkt dat ge het beter kunt, doe het dan zelf."

Als de CVP-meerderheid bij de verkiezingen van 1982 voor de tweede keer sneuvelt, zoekt Stevaert Dufour op met de mededeling dat de gemeentepolitiek hem interesseert. Met Bujok erbij, zo herinnert Dufour zich, stelt Stevaert: "Met Claes en zijn machtspolitiek wil ik niet teveel te maken hebben. Hij staat voor een oubollig socialisme en zo werkt dat niet meer". Het trio en Carlos Pollenus, politiek secretaris van de Jong Socialisten nationaal, zullen brainstormen over de toekomst van de partij. Tijdens een eerste gesprek laat Stevaert aan de verbouwereerde Dufour verstaan het marxisme-leninisme toch maar "rare ideeën" te vinden en als uitverkoren persmedium Joepie te verkiezen boven het socialistische lijfblad. Bujok voelt Stevaert aan als "de meest progressieve in onze rangen, breeddenkend en tolerant". Voor Steve ligt Ernest "lichtjaren voor op alle anderen". Zelf voelt Stevaert zich de man van de synthese, met een hartsgrondige hekel aan discussies over het geslacht der engelen. Daarmee bedoelt hij dat Dufour zich profileert als de man van Nieuw Links, hetgeen voor Stevaert eigenlijk Oud Links betekent. Als pragmaticus stoort het hem al als het twee-termige "sociaal-democraten" het veel kernachtiger "socialist" moet vervangen. Stevaert: "In plaats van een partij voor alle mensen waren wij een onderwijspartij en dan nog van het rijksonderwijs. Niet Claes maar de linkervleugel van de partij was oubollig. Claes was een utilitaire socialist voor wie het vooruit moest gaan". Toch beseft Steve dat het ondoenbaar is met Claes en Dufour uit dat verdomhoekje van belgicisten, De Voorzorg en het rijksonderwijs te geraken en dat de SP met hen electoraal "tegen een glazen plafond" aanzit.

Voor Bujok mogen ze de partij zelfs afschaffen. "Sluit die winkel, herdenk dat en begin opnieuw", luidt zijn advies. "Ik wist niet wat de partij zei. Wat ik zei, dat zei de partij." Door de opdeling in wijkcomités hoort Stevaert bij het Centrum, Bujok bij de Tuinwijk. Zo kon het niet verder.

Op een zondagvoormiddag in 1983 komt het vervolgens ten huize Claes tot een bijeenkomst van Bujok, Butenaers, Claes, Dufour en Stevaert. Elkeen moet zijn ambities voor de nabije toekomst duidelijk maken. Dufour krijgt te verstaan dat voor het parlement Baldewijns, Dufaux en Knuts moeten voorgaan. Stevaert mikt op de job van gedeputeerde, maar ook hier vindt Claes dat zijn kabinetssecretaris Dufaux voorrang heeft. Bujok zal zich vooral met de Hasseltse politiek bezig houden in afwachting van een nationale opening. "Ze deden duidelijk aan carrièreplanning en dat is niets voor mij", oordeelt Dufour.

Vanaf dan voelt hij zich "gecouilloneerd" en krijgt hij de indruk "niets goeds meer te kunnen doen". Over zijn twee persoonlijke vrienden Steve en Bujok die hij "als jonge snaken" zelf bij de SP introduceerde, zegt hij: "Ze waren ontzettend ambitieus en zetten met de medewerking van het Provinciaal Secretariaat allerlei manipulaties op het getouw." Bij de eerste nationale verkiezingen die volgen haalt hij, als eerste plaatsvervanger, 5.000 stemmen en wordt hij raadslid voor de Provincie.

Er was nochtans een poging tot putsch met Bujok als tegenkandidaat voor Dufour en Stevaert voor Froidmont. Met de steun van de Jong Socialisten kwamen er dertig tot veertig "nieuwe partijleden" opdagen, waarvan de zegels in het partijboekje nog doornat waren. Maar er volgt een tegenreactie van anderen en uiteindelijk pakken de twee putschisten ernaast.

Het is wachten tot de provincieraadsverkiezingen van 1985 vooraleer Stevaert opkomt en een niet onaardige score haalt: 808 stemmen. Om te omzeilen dat Steve officieel nog altijd officieel Robert heet bedenkt Noël Slangen voor die campagne de slogan: Zeg Steve, stem Stevaert. Als hij niet tuk blijkt op een rode affiche ontwerpt Slangen er een blauwe. "Want het concept van Slangen wil geen leider, maar een lokale cafébaas verkopen. Echte strategie stak daar nul komma nul achter", verzekert Bujok. Maar de 600 gezeefdrukte affiches zijn wel spraakmakend en de vier kleuren leveren prompt het verwijt "salonsocialist" op. Later moet Steve tegen zijn zin poseren op de fiets.

Ondanks diens creatieve campagnes voor de partij zet Claes Slangen aan de deur. Slangen gedraagt zich vrank en vrij tegenover de socialistische voorman, ook als anderen erbij zijn, en Claes pikt dat niet. Propaganda ziet Claes gecultiveerder, muzikaler. Als zijn partij nummer zeven krijgt droomt Willy van de slogan : "De SP is het orgelpunt".

De populaire apotheker Michel Froidmont zou na die verkiezingen van 1985 voor de SP in de provincieraad komen. Froidmont vond dan ook dat hij vóór Stevaert op de lijst moest staan, maar dat zag Claes zo niet en terwijl die zich voorheen in bedekte termen uitsprak bekent hij nu kleur.

Michel loopt kwaad weg en rateert zo ook één van de twee andere zetels die de SP provinciaal behaalt.

Hoewel Stevaert met zijn ecologische interesse voor het socialisme een vreemde eend is in de SP-bijt, kan hij op cruciale momenten rekenen op de steun van Claes. Met Tobback en Van Miert rijst zijn ster ook in Brussel. Dat hij met zijn groene ideeën als ultra-links en met zijn pleidooien voor "ieder zijn eigen huis" en de afschaffing van de wet Lejeune als ultra-rechts gebrandmerkt wordt nemen ze erbij. Dat is wel anders voor de Studiedienst van de SP, waarvoor met het doorbreken van Stevaert het einde van het socialisme nabij is. Claes ziet in Steve geen obstakel voor zijn ambitie om Hasselts burgemeester te worden. Stevaert: "Zijn gedacht over mij was: hij spreekt me tegen, maar er is mee te werken. Claes had door dat ik hem nooit een dolk in de rug zou steken."

Vanaf 1985 verschijnt het socialistiche „informatieblad voor nieuw Hasselt" Wesp waarin vooral Bujok zijn harde oppositietaai kwijt kan. Met hem als hoofdredacteur fulmineert Wesp, op ruim 24.000 exemplaren gedrukt, in één van zijn eerste nummers tegen de gratis reis voor Meyers, Jaspaert en stadsbeiaardier Vanstreels naar Itami en dat terwijl die trip 89.000 fr. „of zeven keer het maandloon van een werkloze" kost. De toon is meteen gezet.

In 1986 geeft Dufour aan toenmalig journalist Vrijsen een interview waarin hij "de vuile was uithangt". Hij neemt ontslag uit de SP-fractie en zetelt voortaan apart in de gemeenteraad. In de "afbraakoppositie" die zijn partij voorbereidt ("zes jaar inspelen op de malcontentheid van de mensen") kan hij zich niet terugvinden en Dufour besluit bij de verkiezingen van 1988 niet meer op te komen, ondanks de wortel van gecoöpteerd senator die Claes hem voorhoudt. Over Stevaert en Claes luidt zijn mening: "Steve lag altijd dwars en deed zijn ding zonder met iemand rekening te houden. Maar hij scoorde en door zijn overwinning kon hij de anti-CVP-coalitie opzetten. Winnen is winnen, inhoudelijk is het wat anders. Hij is als een koekoek die zijn ei in andermans nest legt. Hij gebruikt dezelfde methodes als Claes." Als jarenlang ondervoorzitter van SP-Hasselt schetst Willy van Puyenbroek het verschil tussen Claes en Stevaert als leading man zo: „Op vergaderingen met Claes zat iedereen te bibberen. Bij Stevaert durfde al eens iemand iets opwerpen, maar Steve deed toch altijd zijn goesting".

In 1988 legt Stevaert de eed af als gemeenteraadslid om dan direct ontslag te nemen en de plaats te ruimen voor zijn opvolger. Na het overlijden van Knuts uit Herk-de-Stad haalt hij het als gedeputeerde met als bevoegdheden milieu, ruimtelijke ordening en jeugdzaken. Voor het eerst gebeurt die verkiezing in de provincieraad met unanimiteit van stemmen.

Als voorzitter van Interelectra (zonder de beheersvergoeding van 400.000 fr.) veroorzaakt Stevaert ophef door te verklaren dat deze zuivere intercommunale minder stroom moet verkopen om het milieu te sparen. Hier begint het gratis-verhaal ook bescheiden. Omdat stroomvoorziening een basisbehoefte is pleit de voorzitter ervoor aan elke abonnee een belangrijk minimum aan stroom gratis te leveren, „Interelectra is er niet alleen voor de winst, maar ook en vooral voor de mensen", klinkt het in 1992 al.

Claes overspeelt zijn hand - Inhoud

Vanaf 1960 kreeg Meyers in de gemeenteraad een politieke tegenstander van formaat: Willy Claes. "Twee handen op één buik", luidde het in Hasselt. Een mythe? Meyers in 1995: "Nee, u moet dat geloven. Wij hebben nooit een betwisting of een vete gehad in de gemeenteraad. In belangrijke beslissingen heb ik hem raad gevraagd en hij mij ook. In verkiezingspamfletten vielen we elkaar nooit aan. Ik denk dat wij enkele karaktertrekken delen. Zo is Willy Claes volgens mij geen brutale man. Want brutaliteit, daar kan ik niet tegen."

Lyrisch doet Meyers over hun gedeelde interesse voor muziek. "Hij is een groot musicus en ik houd geweldig veel van muziek. We geven elkaar af en toe een cd". In februari 2004 worden Willy Claes en Paul Meyers ereburgers van de stad Hasselt.

Maar ondanks die hoffelijke houding was het toch Meyers die samen met Beerden elke opening naar de socialisten, de tweede partij in Hasselt, blokkeerde onder het motto (zo geformuleerd door een CVP-insider): "Ze zijn onbetrouwbaar, het personeelsbeleid is om zeep en ge weet niet wat ge in huis haalt". Voor de oude garde kan wat Desaegher-Spinoy voor Mechelen experimenteerden, niet in Hasselt.

Om de heruitgave van de CVP-PW-coalitie te beletten speelt Willy Claes in 1988 zware poker maar hij overspeelt zijn hand. BRT Limburg vraagt de lijstaanvoerders Louis Roppe en Willy Claes in de vooravond van verkiezingszondag 9 oktober naar de Rodenbachstraat te komen, maar daar is het twee uur tevergeefs wachten op de SP-kopman. Die heeft andere katten te geselen. De PW krijgt zulke aanlokkelijke voorstellen -drie schepenen en het burgemeesterschap voor de volgende twee jaren- dat ze haast niet kan weigeren. Omdat SP en PW samen over slechts 19 van de 39 mandaten beschikken moet daar nog de Volksunie bij.

Voor het afwijzen van deze voorstellen noemt Roland Demal -ei zo na burgervader- twee redenen. Met de CVP was er steeds een goede samenwerking en met drie (eventueel vier) partijen een meerderheid vormen ziet de PW niet zitten. Advocaat Demal: "Ik ben zelf specialist in echtscheidingen en weet welke ellende daarvan kan komen. Claes beseft dat trouwens ook."

Na die paniek is de vreugde in CVP-rangen naderhand des te groter. Ondanks het verlies van een zetel geldt het resultaat, gezien de verjonging, als een overwinning. Zelfs de aftredende burgemeester Meyers lijkt een verjongingskuur te hebben ondergaan.

Verder heel wat sombere gezichten. Niet alleen de ex-PW-er Carmans, wiens Nieuw Hasselt ondanks de barnumredame eenvoudig niet meetelt, maar ook Jean-Paul Claes, met een verlies voor de VU met twee zetels, en Luk Cox, overtuigd van een tweede zetel voor de Groenen.

Dat precies de helft van de CVP-gekozenen van ACW-strekking zijn speelt, samen met de geografische spreiding, een doorslaggevende rol bij het verdelen van de schepenambten.

"Het Cultureel" doet de revues herleven - Inhoud

"Zoals u weet is er in gans de provincie geen enkele schouwburgzaal, zodat alle toneelopvoeringen moeten plaats hebben in cinemazalen", schrijft burgemeester Meyers in 1965 aan cultuurminister Van Elslande. KNS en KVS weigeren nog in Hasselt of Limburg op te treden. Omdat een nieuwe infrastructuur niet enkel aan de noden van de Hasseltse bevolking zou tegemoet komen, maar aan die van gans Limburg, vraagt Meyers de nationale overheid een tussenkomst van 60 procent in plaats van de toegezegde 35 procent.

"Dit cultureel centrum bouwen we voor u", herhaalde Meyers bij zijn talloze rondleidingen tot in den treure aan het adres van de leiding en de liefhebbers van de toneelgezelschappen. Voor die gezelschappen zou de financiële last van het spelen in die schouwburgen ondraaglijk uitvallen en voor sommige betekent dit het begin van het einde. Maar bij het prille begin neemt Podiumvoorman Bert Champagne de uitspraak zo letterlijk dat hij in zijn laarzen de werken gaat inspecteren.

Niet deze Hasselaar, vriend en studiegenoot van Willy Claes, maar de West-Vlaming Piet Jaspaert wordt de nieuwe directeur. Ondanks het uitgesproken CVP-profiel van KSA-er Jaspaert, dan nog werkzaam op het bisdom, weet Meyers hem aan Claes aan te praten. Jaspaert slaagt er niet in het centrum een eigen naam te geven zodat dit voor de Hasselaren "het Cultureel" blijft. Hij maakt er een pluralistische instelling van, waar alles -en liefst zoveel mogelijk- kan. Van de eensgezindheid rond het CCH getuigt dat veertien jaar lang alle begrotingen en rekeningen eenparig goedgekeurd worden door de gemeenteraad.

Om het centrum een eigen Hasseltse identiteit te geven, diept de creatieve Jaspaert figuren als de kunstschilders Djef Anten en Guffens, aan wie enkel nog een straat of laan herinneren, uit het verre verleden op. Al wie naam heeft in het culturele leven wordt achter het CCH-vaandel geschaard. Zo belandt Jaspaert ook bij de vader van de Hasseltse revue Jules Kloek, aan wie postuum heel wat opzoekingswerk en een expositie ten deel vallen en waarvan Het Hasselts Toneel zelfs enkele revuettes herneemt. Dat terwijl de rouwenden op Klocks begrafenis slechts met dertien waren. Als liberaal en uitbater van de cinema Eden, waar menige Hasseltse adolescent zijn eerste blote vrouwenborst op het scherm te zien kreeg, moet Kloek nooit op sympathie vanuit katholieke

hoek rekenen, maar het ongelooflijke succes van zijn revues tussen de wereldoorlogen maakt hem tot inspirator om het genre weer op te nemen.

Jaspaert neemt de Drievuldigheid van de Vlaamse kleinkunst Jos Ghysen-Louis Verbeek-IMiel Cools onder de arm om de populaire revue tot nieuwe hoogtepunten te voeren. In het veel beluisterde BRT 2-programma Te bed of niet te bed prijst Ghysen het eigen product succesvol aan door vooral de knappe revueliedjes bij herhaling te spelen. De vrije radio's blijven niet achter.

Onder regisseur Willy Van Heesvelde - Piet welbekend van het tot zijn wanhoop ter ziele gegane Groot Limburgs Toneel - groeit de eersteling Kèrremes énne loch in september 1978 (herneming in 1979) uit tot hét evenement waarover Hasselt niet uitgepraat raakt. Voor de twintig voorstellingen komen zo'n 16.000 toeschouwers opdagen. Twee jaar later volgt Rappleer dzj'oech nog. Dat de revuegekte toesloeg illustreert de ticketverkoop, waarvoor de eerste gegadigden vanaf vijf uur 's morgens staan aan te schuiven aan de CCH-kassa die pas vier uur later opengaat.

Met het jubileumjaar Hasselt 750 voor de boeg is het moeilijk stoppen en met "'n Stad bè'n chapeau-buse" schiet in september 1982 nummer drie uit de startblokken. Maar ondanks de schitterende decors en de glamourkostuums uit Londen houden Jaspaert en de zijnen het nadien voor bekeken. Het Hasselts Operettengezelschap neemt over.

Het is al langer duidelijk dat Jaspaert in Hasselt voor zichzelf een rol ziet weggelegd die het CCH overstijgt. Hij ambieert de nog in het leven te roepen functie van hoofd Cultuur of Communicatie, maar omdat dat een verandering van de kaders impliceert en geld kost stuit het op een "njet" van Meyers. Stevaert betreurt dit tot op vandaag maar Jaspaert zelf trekt zijn conclusies. Op 30 september 1986 wisselt hij het CCH in voor de Kredietbank en bij die opvolging voltrekt zich in extremis nog een soort revuette. Bob Degroof -een volbloed radioman maar door Meyers de lucht in geprezen als dé "manager" waaraan het "centrum" (uitgesproken "manèger" en "centrom") dringend nood heeft- blijft tien dagen en ziet het dan toch niet zitten. Als titel komt hier zeker niet "All's well that ends well" in aanmerking; eerder "Prijs de dag niet, vooraleer de avond gevallen is". Maar dat belet niet dat precies de West-Vlaming Jaspaert zoals weinigen voor of na hem bijdroeg aan het Hasselt- of Hasselaar-gevoel.

ROPPE IN DE RING - Inhoud

Een nieuw geluid - Inhoud

De jonge advocaat Roppe, die studeerde aan universiteiten in Ierland (het land waarvan hij een ware freak blijft), Namen en Leuven, bekijkt vanaf zijn eerste optreden de functie en waardigheid van burgemeester wel wat anders dan zijn nobele voorganger. Als eerste telg en naamgenoot van de populaire en alom geapprecieerde Limburgse gouverneur Louis Roppe noemt hij zichzelf nooit "de zoon van" en geraakt hij later verbolgen als zijn Spirit-zus Annemie zichzelf wél als Roppe-dochter profileert. Over dienstbetoon is hij niet erg enthousiast en het is voor hem wel even opkijken als ruziënde buren de burgemeester almaar meer vragen tussen te komen.

Deze mei '68-er en sympathisant van de groene beweging wil het vooral plezant en ludiek houden. Ter illustratie. Bij de vernissage met schilderijen van Mark Eyskens in de ABB-Cera-gebouwen aan de Koningin Astridlaan prijst hij de uitstekende kwaliteit van panelen, verf en borstels. "De organisatoren durfden wellicht geen echte kunstkenner vragen en hielden het dan maar bij de ja-zeggende leek", grapt Roppe over Eyskens, de inrichters en zichzelf. De ironie en afkeer voor het zwaar-op-de-handse, op zijn slechtste momenten afgewisseld met een woedeuitbarsting, blijven zijn optreden kleuren. Tot afschuw van de goegemeente. Die was gewend aan de stijl van Meyers, die er bij zo'n vernissage niet voor terugschrok ellenlange beschouwingen te geven over het werk van Fra Angelico in de Florentijnse musea.

Bij Roppe volgt buiten talloze cabareteske optredens bij ontvangsten op het stadhuis later bijvoorbeeld nog een samenzang met Jo Lemaire en hij dirigeert vijf harmonieën die de Mars van het Elfde Linieregiment spelen.

Hij vijlt eerder de scherpe kanten van de overtrokken reacties van anderen af. Zo bijvoorbeeld als in oktober 1991 de aflevering 'Hasselt als jeneverstad' in de TV-reeks Vlaanderen Vakantieland bij de Hasseltse jeneverproducenten in het verkeerde keelgat schiet. Vooral omdat Armand Schreurs nog een schep bovenop het gelal van de zwijmelende presentatrice doet door zijn poppen te laten debiteren: "Hasselt is een stad van zatlappen, bestuurd door zatlappen". De fameus ontstemde stoker Jo Smeets wijst op wat hij en zijn collega's telkens weer herhalen: geniet maar met mate. Smeets: "Ik heb nog nooit een documentaire over bordeauxwijn gezien waarin het ging om overdreven drankgebruik". Het oordeel van burgemeester Roppe: "Sommige uitlatingen waren flauw en weinig kies, maar het middengedeelte heel positief". En hij rondt af: "Drink nog maar een stevige borrel".

Eind oktober 1991 ziet de katholieke burgemeester er geen graten in de tentoonstelling 200 jaar vrijzinnigheid te openen in Hasselt. Tegen zijn gewoonte in leest de improvisatie hoog in zijn vaandel voerende Roppe wel een tekst af, gelardeerd met citaten en poëtische bespiegelingen, maar met weinig concreets. Voorzitter Dufour van het Humanistisch Verbond Hasselt speelt hem nochtans de bal toe door te stellen dat de samenwerking in het ontzuilde Cultureel Centrum op een aantal gebieden spaak dreigt te lopen. Maar dit keer houdt Roppe de lippen stijf op elkaar.

Dat hij welbespraakt en communicatief vaardig is heeft tot gevolg dat Roppe op dat terrein liefst alles zelf doet. Zelfs een kabinetschef hoeft na het opstappen van Luc Vandeputte en Frank Vols niet meer. Een enorm contrast met Stevaert, die zich als burgemeester direct door een professioneel en creatief kabinet onder de leiding van Ronald Hoebers laat bijstaan. Naast zijn secretariaat is er voor Roppe vanaf 1992 wel info-ambtenaar Albertine Sauwens, die de taak krijgt huis-aan-huisblad De Nieuwe Hasselaar op te starten. Maar van haar bestaan krijgt zelfs de pers erg laattijdig lucht.

De assertiviteit -volgens anderen arrogantie- van Roppe spreekt uit het volgende. Als een minister een stad bezoekt is het de gewoonte dat de burgemeester de excellentie afhaalt aan zijn wagen en het stadhuis binnenleidt. Behalve in Antwerpen waar de minister zelf eerst naar 't Schoon Verdiep moet. En in het Hasselt van Roppe, waar de berg ook naar Mohammed moet komen.

De oppositie in stelling - Inhoud

Al snel na het aantreden van de nieuwe ploeg komt er tegenwind, onder andere bij de voorstelling van de Beleidsnota 1989-1994. Voor de SP-oppositie is die nota vaag, met veel clichés en oude beloftes. Over politie, brandweer, deelgemeenten en werklozen staat er niets in. Dat het bestuur de oppositie weert uit publicaties en intercommunales en alle politieke en filosofische strekkingen uit het bestuur van de culturele raad is voor de SP een teken aan de wand. "In deze stad kan je kiezen: neutraal, katholiek of CVP-er", aldus SP-fractieleider Venderickx.

Volgens Jean-Paul Claes (Volksunie) wendt het bestuur grote slogans en intellectuele woordkramerij aan om het gebrek aan inhoud van de nota te verbergen. Zoals Venderickx stelt hij dat het infoblad De Nieuwe Hasselaar niet enkel als reclameblad voor de meerderheid mag fungeren. Hij herhaalt zijn vroegere voorstellen zoals een 30 km-zone rond schoolkernen, de aanstelling van een ombudsman en de zerobasis budgettering (elk begrotingsonderdeel op inhoudelijke noodzaak toetsen). Items, die anderen later maar al te gretig overnemen. Nieuwe gronden voor kmo-vestigingen vindt de VU-er positief, maar Claes waarschuwt voor de verkeerstechnische gevolgen voor de omwonenden.

Luk Cox (Agaiev) vindt weinig terug van de CVP-verkiezingsbeloftes aangaande open informatie. Weer moet De Nieuwe Hasselaar het ontgelden en Agaiev stelt voor er een Levende Hasselaar van te maken, waarin de eventueel scherpe stem van de burger doorklinkt. Er kan voor zijn partij geen sprake van zijn de gewestplannen te wijzigen om nog meer kmo's te kunnen realiseren. "Hasselt

moet niet alles hebben en mag dat rustig delen met Genk en St-Truiden", meent Cox. Ook dat zal later elders te horen zijn.

Op de gemeenteraad van 26 september 1989 kijken de Japanners verbaasd toe op een staaltje democratie op zijn Hasselts. Bujok (SP) stelt voor een stuurgroep met bekwame mensen op te richten om geld van de hogere overheid voor het kansarmenbeleid een bestemming te geven en politisering tegen te gaan. De SP-er werkte Georges Beerden (CVP) al op zijn zenuwen met zijn uitweidingen over de vele recepties, die de gemeenteraadsleden afschuimen. Woedend verwijt burgemeester Roppe aan Bujok met zijn voorstellen "volksverlakkerij" en "afbreuk aan de gemeentewet". De eigen diensten leveren goed werk en kunnen dit ook wel aan. Verslagenheid op de SP-banken en een krijtwitte Bujok protesteert dat positieve voorstellen blijkbaar niet meer welkom zijn.

Knopen doorhakken - Inhoud

Aan Louis Roppe is moeilijk te verwijten dat hij als burgemeester de problemen voor zich uit schoof. Met zijn klassieke opleiding spiegelt hij zich wellicht teveel aan Alexander de Grote die de Gordiaanse knoop ontwarde door hem zonder verder omhaal eenvoudig door te hakken. Zoals al uit het eerste item hieronder blijkt zal de aanpak van zijn opvolger "subtieler" zijn.

1. De Markt uit het centrum - Inhoud

Met zwarte vlaggen protesteren de marktkramers voor en tijdens de gemeenteraadszitting van 13 juni 1989 tegen de verhuizing van de markt uit het centrum naar het Dusartplein. Ze krijgen ongevraagd het gezelschap van de vrouwen van het Vluchthuis, die pamfletten uitdelen, omdat ze niet weten waarheen als ze hun oude en brandonveilige pand moeten verlaten.

De marktkramers willen in eerste instantie de markt in het centrum "herschikken". Als de verhuizing toch moet doorgaan, eisen ze spijkerharde garanties voor de toekomst.

Van een aantal kanten rezen bezwaren tegen de toenmalige standplaats van de markt. Zo vinden de handelaars dat zij torenhoge huurprijzen moeten betalen, terwijl de marktkramers vrij goedkoop voor hun deur staan en de zaak smerig achterlaten. Nochtans zou de meerderheid van die handelaars volgens later onderzoek toch weer niet tegen zijn. Volgens de brandweer stellen zich ernstige veiligheidsbezwaren.

De marktkramers ontkennen die problemen niet en willen in de schoot van de marktcommissie bijdragen tot een oplossing ervan. Maar die commissie functioneert niet naar behoren, wat de Beroepsvereniging van Limburgse Marktkramers wijt aan het autoritaire optreden van schepen Onkelinx en de obstructie van de vertegenwoordiger van de Hasseltse handelaars. Ze beweren dat ze de beslissingen van Onkelinx telkens uit de krant moeten vernemen.

Het schepencollege komt, volgens die vereniging, systematisch terug op aangegane verbintenissen, onder meer de belofte de markt op de Havermarkt te installeren. Daar zijn de er gevestigde banken en gerecht tegen. De Kunstlaan kan dan weer niet voor die bewoners. Aan de Vereniging van Hasseltse Handelaars verwijten de marktkramers het typische marktpubliek, dat toch niet in hun boetieken koopt, te willen weren.

Op vrijdag 4 augustus 1989 staat de markt voor het laatst in het centrum. Van de Virga Jesse Feesten maakt het bestuur gebruik om ze naar het Dusartplein te versassen.

Met de publieke belangstelling gaat het bergaf maar met veel moed ijveren de marktkramers om van de Vettedinsdagmarkt op 27 februari 1990 een promotie-evenement te maken. Hevige windstoten en een onweer beslissen er anders over. "Het lijkt wel of de Hasseltse markt beduiveld is", zegt Gilbert Croes, één van hen.

Een enquête van het Studie- en documentatiecentrum Willy Claes bij 250 bezoekers van de markt duidt op de ontevredenheid van de bezoekers. 79 procent van de ondervraagden wil de markt terug in de stad en meer dan de helft komt nu minder naar de markt, terwijl wie niet meer komt uiteraard niet ondervraagd werd. 70 procent van de marktbezoekers en marktkramers zijn het ook eens dat de sfeer op de markt verslechterd is: de gezelligheid is weg, de markt is moeilijk bereikbaar en ligt te ver van de andere winkels.

Als burgemeester zal Stevaert een elegante oplossing bedenken om zijn belofte de markt weer in het centrum te brengen na te komen. Hij verlegt eenvoudig de kronkel van de Groene Boulevard aan het Dusartplein.

2. Japanse (in)vulling van Flanders Nippon Centerr - Inhoud

Het stadsbestuur verzekert begin januari 1990 dat de plannen voor het Japans-Vlaams Centrum onverminderd zullen uitgevoerd worden. Japanse investeerders zouden het project zo nodig zelf realiseren. Participatie ligt wel moeilijker, blijkbaar is het alles of niets. Omdat er voldoende aanbod van "binnenlands" kapitaal is (met internationale verstrengelingen) gaat de voorkeur daar naar uit. Het bedrijfsleven zal superieure diensten aantreffen. Zo komt er een databank met economische gegevens over Japan, verzameld met de hulp van buitenlandse universiteiten. De beschikbare accountants en advocaten werken specifiek naar Japan toe. Trading firma's, winkels en banken willen ruimte afhuren, zodat dertig procent ervan al een bestemming kreeg. De verwachting is dat Japanse bedrijven met vestigingsplannen in de regio een kantoor zullen huren om de exploitatie en marketing alvast te starten.

Wat het exterieur betreft moet de dakconstructie het zicht van de omwonenden op het complex aangenamer maken. De technische diensten zullen de uitvoering, die in april 1990 aanvangt, nauwlettend volgen.

Op 19 november 1991 moet de gemeenteraad zich uitspreken over de overdracht van de overeenkomst met de oorspronkelijke promotor (Investimo) naar een nieuwe kandidaat (de Brusselse nv Immo). Een meerderheid van de raad keurt deze overdracht goed, zeer tegen de zin van Jean-Paul Claes (VU) en Luk Cox (Agalev). Claes vreest dat sterk van het oorspronkelijke project wordt afgeweken en het "een banaal immobiliënproject" wordt. Een vrees die volgens het stadsbestuur ongegrond is omdat de nieuwe firma alle verplichtingen overneemt. "De Japanse invulling van het project is gegarandeerd", aldus burgemeester Roppe.

Het symbolisch plaatsen van de eerste steen gebeurt pas op 22 oktober 1992, als de ruwbouw bijna klaar is. In het pand zijn vijftig winkel- en dienstenruimtes te huur. De officiële opening is voor 21 augustus 1993. Van de Japanse triptiek -de Golf, de Japanse tuin en het Flanders Nippon Center- krijgt deze laatste de meeste tegenwind. De oppositie meent dat het project louter commercieel is en met Japan niets te maken heeft. Duurde het daardoor drie jaar vooraleer projectontwikkelaar Immo het idee kon uitwerken? Gedelegeerd bestuurder Herman Schillebeeckx spreekt van gemiddeld vijfjaar om zo'n grootschalig project van idee naar uitvoering te brengen.

Onder de benaming International Market Place, in Osaka uitgedacht, gaat het om een gesofisticeerd Business Center voor wereldburgers. Het speelt in op ontspanning, gezondheid en fitness, opvoeding, mode, stedelijke uitstraling, eetcultuur, cultureel leven en trends. Als thema's valt de keuze op: drugstore, sound en image center, quality label, life style, little Ginza, new offices, market place. Het FNC vormt een natuurlijke lus die de Galerij De Ware Vrienden verbindt met de Kleine Maastrichterstraat. De centrale agora met animatie (in overleg met Alken-Maes) blijft behouden en als het onderzoek positief uitvalt, komt er een video-wall als trefpunt van interactie. Het mosdak is een technische primeur voor de regio. De parking krijgt uitbreiding tot een capaciteit van 500 wagens.

Burgemeester Roppe geeft toe dat de TT-hoogbouw, opgelegd vanuit Brussel, een fout was. Die wordt nu hersteld. In plaats van het koude, tochtige plein komen er weer smalle, gezellige straatjes. Uit de nieuwe as halen de er gevestigde handelaars zeker voordeel. Het "gegrommel", dat volgens Roppe bij ieder initiatief opstijgt, zal wel pas verdwijnen na de realisatie.

In elk geval niet bij Bujok. Die spreekt in Wesp van „die overdekte sporthal". Bujok: „Een Pizzahut komt er en dat is voorlopig alles. Daar hebben we Japan voor moeten ontdekken. Het centrum zou dag en nacht open zijn want het werd on-line verbonden met Japan. Er zou een overdekte versmarkt komen en een groot scherm met CDI-toepassingen. Uiteindelijk is het een doordeweeks winkelcentrum geworden, zoiets als Shopping 1 in Genk". Merci Louis, zet het blad later op zijn cover.

Alhoewel hij het in 1988 nog fervent verdedigde, moet zelfs Meyers in 1995 toegeven over de realisatie erg ontgoocheld te zijn. "Het plan, zoals het gewijzigd werd, beantwoordt niet meer aan het oorspronkelijke Japanse karakter. Het leeft niet en het verwondert me dan ook niet, dat de winkels niet verhuurd geraken. Waarom werd er geen drugstore ingericht waar allerlei kan gekocht worden? De rotonde kan als rendez-vous plaats voor jongeren dienen."

3. Schepenwissels met de René's - Inhoud

Met het nieuwe bestuur een jaar in functie, duiken problemen op met dubbelmandaten en schepenwissels. Het gaat over drie schepenmandaten. Eddy Schuermans neemt één de eerste drie jaar voor zijn rekening om dan Annemie Bex-Vangronsveld als opvolgster te krijgen. Voor de twee andere zouden René Minten en René Blokken ieder één jaar de honneurs waarnemen om dan "op hun erewoord" de plaats te ruimen voor de nieuwkomers Miei Flossy en Ivan Vanrijkel. Daardoor kunnen ze hun "pensioen" redden. Maar de schepenen in functie maken weinig aanstalten om op te stappen zodat de geruchtenmolen op gang komt. Vast staat dat Blokken het niet meer zo op zijn partij, de CVP, begrepen heeft. Omgekeerd noemt Roppe Blokken "de essentie van de antipolitiek". Maar volgens Blokken nam zijn partij en niet hijzelf de optie dat hij zou aftreden. "Als de aan mij gedane beloften ingelost worden, treed ik af", zo zegt hij, met een allusie op een job voor zijn dochter. En: "Overigens ben ik nog geen 65, maar 63 jaar oud en kerngezond". Ook Minten ziet er geen graten in te moeten opstappen "als de afspraken langs twee kanten worden nagekomen". Daarmee doelt hij op zijn vraag naar een zitje in het bestuurscomité van Interelectra, waar de stad Hasselt als belangrijkste aandeelhouder op dat ogenblik zelfs niet vertegenwoordigd is. Achter de schermen doet de partij volgens hem ernstige inspanningen om dat te regelen. Reactie van Vanrijkel: "We hebben Blokken en Minten altijd ervaren als correcte collega's."

Dat verandert met het dwarsliggen van "de René's", zoals ze in de wandeling genoemd worden. Ze nemen, na behoorlijk wat druk, wel ontslag als schepenen maar manifesteren al te duidelijk de dieper liggende rancunes. Als ze al op de raadszittingen verschijnen, lijkt de liefde voor de oppositie groter dan die voor de partijgenoten. Bij de laatste schepenwissel is het moment van de wraak aangebroken. Solidair weigeren ze tot tweemaal toe de voordracht van Annemie Vangronsveld als opvolgster van Eddy Schuermans te ondertekenen. Klap op de vuurpijl: bij de geheime stemming blijken er niet twee, maar drie dissidenten bij de meerderheid te zitten. Commentaar van Blokken: "Wie een kuil graaft voor een ander..."

Die eerste weigering volstaat voor het CVP-bestuur van afdeling Hasselt om 53 tegen acht het duo te schorsen uit de gemeenteraadsfractie en de procedure tot schrapping als partijlid in te zetten. Roppe: "Moraliteit en opportuniteit werden afgewogen en wij kozen voor het eerste".

Voorspelbaar dat de René's het daarbij niet laten. Ze organiseren een persconferentie waarop het heet dat ze "officieel niet op de hoogte" werden gebracht van hun schorsing. De CVP-tenoren worden beschuldigd van woordbreuk en het duo wil in de gemeenteraad zetelen als onafhankelijken met christelijke inspiratie. Ze beoordelen elk voorstel afzonderlijk op zijn verdiensten.

Dat ze uit de partij werden gezet weten beiden officieel niet en volgens hen is dat ook een primeur voor de CVP van Hasselt en Limburg. Minten verneemt het nieuws van zijn zoon, die het toevallig op de radio hoort. Mét Blokken, die eerder al een hartinfarct kreeg bij de schepenwissel begin 1990, legt hij de schuld bij de CVP-fractie. Daar heerst al jaren een malaise en om die te verdoezelen, moeten zij als zondebokken dienen. Oprechtheid en vertrouwen zijn er zoek en tevergeefs vragen zij om een goed gesprek of warm contact. Toen ze "gedaagd" werden door het CVP-bestuur moesten ze na tweeënhalf uur wachten onverrichter zake terug naar huis.

Postjes staan in het conflict centraal, Minten voor zijn aanstelling bij Interelectra, te deponeren bij een notaris; Blokken voor die van zijn dochter, "een oud zeer". Maar niet alleen bij hen. De meeste ondertekenaars van de vroeger aangegane contracten met hen bekleden volgens de René's nu prestigieuze, vetbetaalde postjes en zeggen niet garant te kunnen staan voor de beslissingen van hun opvolgers.

Volgens Minten is er ook sprake van een afrekening. Omdat hij ondervoorzitter Erwin Vandewalle van CVP-Limburg niet steunde om Hasselts OCMW-voorzitter te worden, stak die op zijn beurt een stokje voor Mintens mandaat bij Interelectra. Het is maar één uit een reeks verhalen over onsmakelijke benoemingen en afrekeningen, waarover René en René (uiteraard dan pas) een boekje opendoen. Zelf pleiten ze onschuldig. Ze hadden niets tegen de benoeming van Annemie Vangronsveld tot schepen, maar weigerden de voordracht te ondertekenen "om een signaal te geven". Nu willen ze rechtvaardigheid en zijn ze bereid tot een sereen gesprek. Maar geen gang naar Canossa.

Door het vertrek van de René's slinkt de meerderheid in de raad wel van 22 tegen 17 tot 20 tegen 19, met nog minstens één onzekerheid in de rangen. Maar met goede dossiers blijft volgens de burgemeester een dito beleid mogelijk. Hij staaft dat door te verwijzen naar de begroting 1992 die unaniem werd goedgekeurd. De Hasseltse CVP spreekt de intentie uit in het vervolg duobanen te vermijden.

René Blokken is zeker een politicus van de oude stempel, voor wie ritselen en regelen een tweede natuur vormt. Maar hij ligt uitstekend bij de kiezers van Godsheide, die hij bij het overlopen naar de SP meeneemt. Dat verlies van enkele duizenden stemmen zal Roppe zuur opbreken. Bij één zetel meer voor de CVP en één minder voor de SP was de voortzetting van de oude coalitie veel waarschijnlijker geweest. De reactie van Stevaert: "Gerechtigheid is geschied, want het waren bijna allemaal socialisten die voor Blokken stemden toen hij op de CVP-lijst stond". René Blokken in Wesp over zijn vroegere partijgenoten, nadat hij was overgelopen naar de SP: „Ik kon niet meer tegen het gefoefel".

4. Miel van het milieu - Inhoud

Wegens geluidshinder die Plasti-Bel veroorzaakt voor de buurt, kondigt Miei Flossy op een hoorzitting eind november 1990 strijdvaardig aan dat het recyclagebedrijf aan de Kiewitstraat 's anderendaags dicht moet. Maar vooral een tussenkomst van de kredietverlenende instelling, die stelt dat dit het faillissement zou betekenen en het verlies van vijftig arbeidsplaatsen, brengt het stadsbestuur tot andere gedachten. Gedeputeerde Stevaert had op de hoorzitting al voorspeld dat de soep niet zo heet zou gegeten worden als ze werd uitgeschept.

Maar niet alles draait op milieugebied de soep in. Het bestuur ondervindt in mei 1992 dat zijn droom van de groene wig vanuit het stadscentrum tot de "boerenbuiten" in Diepenbeek almaar aan realiteit wint. Het Kapermolenpark, de Japanse tuin in aanleg, de nog aan te leggen groenbeplanting rond de Grenslandhallen en het golfterrein in Godsheide -120 ha of de oppervlakte van 200 voetbalvelden- vormen het leeuwenaandeel. Het stadsbestuur lonkt ook naar de privé-tuinen bij de ambtswoning van de gouverneur en het minderbroederklooster. Op minder dan dertig jaar verviervoudigt het parkareaal van de stad Hasselt. Met een oppervlakte van 250 ha beslaat ze 4,1 procent van het Hasselts grondgebied. Schepen Flossy roept buurtgroeperingen en milieuverenigingen op hun steentje bij te dragen tot het goede beheer.

Naar het voorbeeld van de Sportcomites beoogt het stadsbestuur in de wijken Bloemencomites op te richten. Die moeten het werkvolume van de Plantsoendienst verminderen. Met op jaarbasis 100 miljoen fr. voor onderhoud en 133 miljoen voor investeringen, bereikt het budget volgens schepen Flossy eind mei 1992 een plafond. Vanuit de hoogstam-idee plantte de stad de laatste drie jaar 68 hoogstambomen binnen de kleine ring.

In juni 1992 sluit het stadsbestuur met de milieugroepen een contract om het beschermde gedeelte van het Tommelen-gebied in Runkst te beheren. Eerder was dit kmo-zone maar na protest van milieugroepen volgt de erkenning van de waarde van deze zeldzame biotoop en een snelle wijziging van het BPA door toedoen van minister Kelchtermans. Als het beheerplan opgesteld is, kan volgens schepen Jooken binnen een jaar het eigenlijke beheer starten. De beheersformule noemt hij in elk geval origineel.

Het stadsbestuur maakt zich in augustus 1992 boos omdat EKOL maandelijks nog maar 37,5 ton van de 50 ton selectief opgehaald plastic wil opnemen. De stad verbindt er zich van zijn kant niet toe meer plastic stootbanden, bloembakken en banken af te nemen omdat er geen behoefte aan is. Zonder akkoord loopt het contract op 1 januari 1993 af en is het gedaan met het gescheiden

ophalen van plastic. Milieuschepen Flossy over EKOL: "Eerst lopen ze uw deur plat en als puntje bij paaltje komt zetten ze u op 't varken."

Op de gemeenteraad van eind maart 1993 vindt Bujok dat het protocol met EKOL niet ver genoeg gaat. Bujok pleit voor het consequente gebruik van gerecycleerd materiaal bij al de stedelijke werken en projecten. Anders zal EKOL het Hasseltse afvalplastic niet langer opnemen en is de moeite om de bevolking tot afvalsortering te brengen tevergeefs geweest.

Voor wie geen auto heeft is Het Dorlik, ten zuiden van de Diepenbekersteenweg net buiten de grote ring en met heel wat kmo's, de Camara-pleinen en de hondenclub, niet bereikbaar. Dat klaagt de SP-er Michel Froidmont als fervent fietser in januari 1993 aan. Schepen Vanrijkel verzekert hem dat alles in orde komt, onder andere door een bijkomende tunnel, maar dat vraagt een aanbesteding en de tussenkomst van Bruggen en Wegen. Burgemeester Roppe suggereert in afwachting de helikopter te nemen.

Bij monde van schepen Cuppens zegt het stadsbestuur te verwachten dat de Limburgse parlementsleden uit alle partijen lobbyen voor het behoud van het Instituut voor Natuurbehoud op het domein Kiewit. Minister De Batselier kondigde de verhuizing naar Brussel aan en directeur Kuijcken, niet happig op zijn verplaatsingen vanuit Gent, zou dubbel spel gespeeld hebben. De interpellatie van de SP-er Venderickx in de gemeenteraad vindt Cuppens "lachwekkend" omdat diens partijgenoot de beslissing nam.

Ook dat er toch een Military doorgaat nemen de Groenen op de gemeenteraad van mei 1993 het stadsbestuur kwalijk. Schepen Flossy had de verplaatsing naar Lummen in het vooruitzicht gesteld.

Intussen, ver van het stadhuis - Inhoud

Dat de bevoegdheden van een burgemeester heel wat ruimte voor interpretatie laten, blijkt in Hasselt uit de eigen koers die het OCMW, het Cultureel Centrum en de Grenslandhallen varen. De eigen beheerraden werken dat nog in de hand. Uiteraard is de persoonlijkheid van de persoon aan de top bij deze en andere organisaties doorslaggevend. Zo krijgt burgemeester Roppe bij zijn eerste bezoek aan de brandweer van commandant Van Rompaey te verstaan dat hij het hier beter bij kan laten. De Grenslandhallen krijgen als voorzitter Romain Onkelinx (VLD), een man die zelf beurzen organiseert, en ook op dat territorium zijn pottenkijkers niet welkom, zelfs al is het de chef-kok. Wel houdt het stadsbestuur één uiterst belangrijke hefboom in handen: de centen die uit de stadskas moeten vloeien.

1. Financiële tijdbom in OCMW-ziekenhuis - Inhoud

Het Virga Jesse Ziekenhuis (VJZ) begrijpt al in de tachtiger jaren als eenzame maagd niet succesvol door het leven te kunnen. Om te flirten vindt het kandidaten te over, maar voor een duurzame verbintenis is geen valabele kandidaat te strikken.

Bij de viering van dertig jaar VJZ eind september 1991 komt in alle toespraken dat samengaan met een partner -normaal het Hasseltse Caritasziekenhuis Salvator- weer ter sprake. Volgens OCMW-voorzitter Moesen vormen de hartelijke relaties met het Salvator een goede uitgangspositie om eerst te spreken over een groepering en nadien over een reële fusie. Maar voorzitter Dupont van de Medische Raad benadrukt eerder het kwaliteitsaspect dan de financieel-politieke opportuniteiten en vraagt begeleiding van die operatie door een objectieve universitaire instelling. Minister van Volksgezondheid Weckx, die de eerste steen legt van de L-vleugel voor bestraling, meent dat Limburg als een voorbeeld voor de andere provincies kan dienen.

De VJZ-historiek startte in 1948 met de definitieve bouwbeslissing maar de eerste spadensteek is pas voor vier jaar later en het duurt negen jaar vooraleer de eerste fase van het ziekenhuis (242 bedden) volledig af is. In 1965 volgt fase twee (393 bedden). De begroting voor 1991 bedraagt ruim 1,8 miljard fr.

In 1992 overschrijdt die begroting de twee miljard en de personeelskosten bedragen 57 procent van de uitgaven. In februari 1992 gaan het VJZ en het Salvator een "verstandshuwelijk" aan. Beide behouden hun autonomie maar kunnen door multi-locatie-management (beheer van activiteiten op verschillende plaatsen) fungeren als een geheel van 900 bedden. De samenwerkingsovereenkomst is niet evident tussen een OCMW- en een privé-ziekenhuis. Van de Vlaamse overheid verwacht het koppel meer subsidies.

Dat samenwerking maar al te vaak meer een kwestie van woorden dan van daden is, blijkt uit de plannen van Hasselt en Genk om elk hun hartchirurgisch centrum uit te bouwen. De bijkomende bestralingsapparatuur voor een oncologisch centrum is met 45 miljoen fr. zo duur, dat het Sint-Jansziekenhuis zich wel akkoord verklaart met de twee Hasseltse ziekenhuizen om die in het VJZ te vestigen. Van de 1700 kankerpatiënten, die Limburg er elk jaar bijkreeg, werden er al 1100 in het VJZ bestraald, 200 buiten de provincie. Enkel het VJZ draagt de verliezen van de radiotherapeutische afdeling.

In juni 1992 maakt het OCMW-Hasselt een ambitieus investeringsprogramma voor een bedrag van 650 miljoen fr. voor het VJZ bekend. De kankerafdeling met zijn bestralingsapparatuur krijgt een aparte vleugel van de nieuwbouw toegewezen. Van de stad Hasselt worden miljoenen verwacht. Op de Nieuwjaarsreceptie van 1993 geeft OCMW-voorzitter Toon Moesen toe dat de financiële toestand van het VJZ ronduit slecht is. De te lage verpleegdagprijs kost tientallen miljoenen per jaar. Het OCMW blijft de tweede grootste werkgever van de stad, na Philips. De personeelskosten maken bijna 55 procent van de totale uitgaven van drie miljard fr. uit.

Bij de bespreking van de stedelijke begroting 1993 -eind januari 1993- is er heel wat onvrede over de overdrachten aan het OCMW en de kerkfabrieken, samen goed voor 292 miljoen fr. Na enkele jaren stabilisatie stijgt het OCMW-tekort met 23 miljoen tot boven het 200 miljoen. OCMW-voorzitter Moesen krijgt de volle lading van de SP-oppositie, die hem verwijt een cijferaar te zijn zonder termijnvisie. De SP-nota is bijzonder positief voor de VJZ-directeur Bert De Bakker, de voormalige voorzitter van CVP Limburg, die bij zijn aanstelling nochtans "door de CVP geparachuteerd" heette te zijn. De toekomstige tekorten die hij voorspelt zijn volgens de SP het gevolg van de niet-uitvoering van zijn saneringsplan en dat is de verantwoordelijkheid van de ganse OCMW-raad. Ook CVP-fractieleider Beerden waarschuwt voor de financiële tijdbom die het VJZ vormt.

Als gevolg van de stedelijke bestuurswissel die ook in het OCMW een andere meerderheid aan het beleid brengt, neemt de 63-jarige Toon Moesen eind maart 1995, na twaalf jaar, tegen zijn zin maar "sportief" afscheid als OCMW-voorzitter. Bij zijn komst droeg de OCMW-secretaris als administratief hoofd nog de verantwoordelijkheid voor de sociale diensten, het VJZ en het rusthuis Zonnestraal. Die twee laatste kregen intussen een eigen directeur. Over het VJZ zei Moesen: "Toen ik hier aankwam had het ziekenhuis zelfs geen scanner. De eerste hebben we zelf moeten betalen. Nu hebben we op alle gebieden de modernste apparatuur." Met de oppositie was er een goede samenwerking zonder echte confrontaties. (Ook de SP-leden van de OCMW-raad zeggen de volgende zes jaar beter te kunnen opschieten met de CVP- dan met de VLD-collega's met wie de SP nochtans de meerderheid vormt). Zelfs de jongste drie maanden, sinds Nieuwjaar 1995, waren er "weinig scherpe commentaren", maar de voorzitter vindt het toch geen goede zaak dat het OCMW-bestuur nog drie maanden in functie blijft (tot 1 april) terwijl gemeenteraad en stadsbestuur al sinds de jaarwisseling vernieuwd zijn.

Voor de uitgaven vergelijkt hij met Genk. Hasselt geeft dat jaar aan het OCMW zo'n 190 miljoen fr. uit, ongeveer hetzelfde bedrag als voor huisvuil. Voor Genk is dat 350 miljoen fr. Met de RVT-bedden erbij evolueert Hasselt het jaar daarop naar 250 miljoen fr. Ondanks zijn uitgesproken sociale functie wil het OCMW af van zijn imago "hulpverstrekker aan sukkelaars" omdat het beleid van werkverschaffing model kan staan voor Vlaanderen. Het eigen bedrijf in Heusden-Zolder fabriceert professioneel meubels en feestartikelen met 75 mensen, waarvan 54 in vast dienstverband. Wat de serviceflats aangaat waarschuwt de OCMW-top voor overlappingen door de sociale dienst van de stad. Het dagcentrum vraagt om verdere uitbreiding. De kosten voor OCMW-maaltijden dreigen, ondanks de centrale keuken in het VJZ, uit de hand te lopen en 's vrijdags geleverde diepgevroren maaltijden voor het ganse weekeinde bieden mogelijk een oplossing.

2. Gekibbel rond "het Cultureel" - Inhoud

Bij de vliegende start van het Cultureel Centrum met Piet Jaspaert was al duidelijk dat dit huis handenvol geld zou kosten. Echt acuut wordt dit probleem pas als slijtage de infrastructuur ondermijnt en dat kondigt zich met het intense gebruik al spoedig aan. De extreemste stemmen die zich verheffen pleiten bij wijze van boutade zelfs voor een afbraak van het centrum omdat het een architecturaal gedrocht zou zijn. Met mondjesmaat investeren is voor hen dweilen met de kraan open, maar politiek gezien is dat de enige oplossing.

In 1988 gaat de horeca-uitbating in het CCH over van Traiteur Brantz naar de BVBA Bibitor, met als zaakgelastigde Wim Gommers. De nieuwe concessiehouder is bereid tot investeringen. Zo kan voor de infrastructuur een driefasenplan uitgewerkt worden: uitbreiding van de horeca, die een nieuw concept krijgt; bouw van noodtrappen en nieuwbouw. Voor die nieuwbouw is er op het einde van het jaar de mondelinge toezegging van subsidiëring door de Vlaamse Gemeenschap.

Tijdens de algemene vergadering van april 1989 neemt de nieuwe cultuurschepen Vandeput het voorzitterschap van de CCH-beheerraad over van zijn voorganger, schepen Van Lishout. Vanuit het stadsbestuur stelt hij het jaar daarop dat het CCH voortaan binnen een financiële enveloppe moet blijven. Voor de meer dan 5.000 activiteiten per jaar en zijn 45 personeelsleden telt de stad in 1989 nog 29,3 miljoen fr. neer, maar zoals de vorige jaren blijkt deze financiële injectie onvoldoende. Personeelslasten, de GeKo-statuten voor nieuwe diensten en de uitkoopsommen voor voorstellingen zitten in de lift en de hogere overheid schuift de lasten door naar de gemeentelijke. Bij het OCMW en in de sportbranche stellen zich volgens Vandeput dezelfde problemen, maar bij een aparte vzw als het CCH is dit sneller zichtbaar. De stedelijke steun stijgt tot 39 miljoen fr. voor 1990, maar het CCH moet zich aan deze financiële limiet houden.

Om de slijtage van het bijna twintig jaar oude gebouw op te vangen maakt de technische dienst een stand van zaken op en de opknapbeurt zal in fasen gebeuren. Voor 1990 wordt daartoe tien miljoen fr. uitgetrokken en de volgende jaren zal telkens vijf miljoen fr. nodig zijn.

Maar er stellen zich nog andere problemen. Zo verstoort een optreden van Clouseau zodanig het blijspel dat Het Hasselts Toneel opvoert in de kleine schouwburg dat de actrices na hun opvoering spontaan tranen met tuiten wenen in de kleedkamers.

Tegen eind 1990 verwacht directeur Grootaers dat het ministerie van cultuur het licht op groen zet voor de uitbreiding. Minister Dewael gaf reeds eerder zijn principiële toestemming en de nodige subsidies staan in het vooruitzicht voor de begroting van 1991. Ook op stedelijk vlak neemt het dossier vlot de hindernissen. De twintigste Jeugdboekenweek, die doorgaat van 1 tot 17 maart 1991, opent in het CCH. Vierhonderd kinderen wachten een half uur op cultuurminister Dewael,

voor ze hun ballonnen de lucht in kunnen laten. Maar op die centen is het ad infinitum wachten, want ze gaan naar de bouw van De Velinx in Tongeren.

Nieuwe initiatieven op programmatorisch gebied kennen ups en downs. Met de financiële steun van De Stichting CCH, samengesteld uit sponsorende bedrijven, kunnen scholieren voor een prikje naar drie prestigieuze Shakespeare-voorstellingen. Vanuit de Hasseltse scholen komt zelfs geen reactie.

Bij de voorstelling van zijn programmatie 1991-1992 richt CCH-directeur Grootaers een oproep tot samenwerking aan de andere Limburgse culturele centra, die "te dicht bij elkaar liggen en een te gelijkaardig programma hebben". Het nieuwe decreet beloont dat.

De andere centra zijn sceptisch. Zo directeur Geladé van CC Heusden-Zolder: "Voor ons moet er geen samenwerking om de samenwerking komen. Als het betekent dat de sterkste partijen de aantrekkelijkste onderdelen opeisen en de rest voor de andere laten, hoeft het voor mij. Grotere specialisatie betekent vooral inhoudelijke verdieping en dat vergt meer investeringen".

De nieuwe gedeputeerde cultuur Brepoels zou "oren hebben" naar een provinciale subsidie voor CCH, aldus directeur Grootaers. In een interview van begin maart 1992 zegt Brepoels dat het haar dwars zit gelezen te hebben dat Hasselt zich in de pers beklaagde over het gebrek aan provinciale middelen, terwijl zij nog geen vraag kreeg voor "een normaal gesprek". Dat het niet boterde tussen de stedelijke en de provinciale overheid, zo verschillend van kleur, was al langer geen geheim.

In het Meyers-tijdperk zaten belangrijke politieke figuren van alle strekkingen in de raad van beheer van de vzw en die bereidden de beslissingen "en petit comité" voor met directeur Jaspaert. Dat lukt met de jonge SP-wolf Bujok niet meer. Die maakt in SP-blad Wesp brandhout van directeur Grootaers, zijn programmatie en personeelsbeleid. De problemen modderen in het centrum al jaren aan zonder dat de directeur ingrijpt. Inhoudelijk heeft hij het over "de gebrekkige programmatie voor jongeren en vooral het volledig gebrek aan pop- en rockmuziek". Geef hem dan maar de Vooruit met Heimet waarvoor 1500 jongeren kwamen opdagen. "Een te muffe avondprogrammatie tegenover een revolutionaire jongerenprogrammatie", oordeelt Bujok. Bujok: "In cultuur moet je regelmatig vernieuwen, hier wordt alles herkauwd. De directeur beseft dat maar in plaats van dat in de hand te nemen legt hij er zich bij neer". Grootaers noemt hij "een pr-man voor zichzelf maar geen manager". Personeelsleden verstoppen zelfs de post voor elkaar. SP-beheerraadslid Brigitte Grosemans: "We hadden gehoopt dat de nieuwe directeur ons zou helpen bij het oplossen van enkele moeilijke problemen. Maar dat blijkt een misrekening te zijn". Mensen in de raad van bestuur, die over dat alles vragen stellen, krijgen volgens Bujok het verzoek ontslag te nemen.

Schepen Vandeput repliceert dat het CCH door de publicatie in Wesp het slachtoffer dreigt te worden van partijpolitiek gekibbel. Om te verwoorden dat het niet aan het politieke beleid is om in de programmatie in te grijpen, gebruikt hij als slagzin: "Ik wil geen keizer-koster zijn". De

beheerraad moet zich beperken tot supervisie en de grote lijnen, zoals die nog herdacht werden bij het twintigjarige bestaan van het CCH.

De samenstelling van de Jeugdraad, die afgevaardigden heeft in de CCH-beheerraad en adviezen kan geven, verandert voortdurend zodat het vaak moeilijk te weten is tot wie zich te richten. Dat Grosemans uitspraken doet over de personeelssituatie vindt Vandeput eigenaardig omdat ze nog maar een maand in de beheerraad zit. Zo rijst het vermoeden "dat anderen haar woorden in de mond leggen".

Grootaers laat midden november 1993 de expo "Mystiek en erotiek" van het kunstenaarsduo Brigitte Verstraete-Etienne Vrancken uit de foyer van de kleine schouwburg verwijderen en naar een "besloten ruimte" overbrengen. Het duo schakelt een advocaat in, volgens hen op aanraden van Jan Hoet. Volgens Grootaers stoorde het dagelijks bestuur zich niet aan het bloot, maar aan het "verschrikkelijk lage artistieke niveau".

Het herinnert aan het veto van zijn voorganger Jaspaert tegen een affiche met een illustratie in vagina-vorm voor "Obscene Verhalen" van Jan Decleir. Die moest van de CCH-muren, maar de voorstelling ging wel door.

3. Dwerggroei voor Grenslandhallen - Inhoud

Het concept van de Grenslandhallen (GLH) voorzag in vijf hallen, maar slechts twee zien het daglicht. Omzeggens zonder personeel is voor de hallen enkel een receptieve functie weggelegd. Directeur Lemlijn kan alleen maar toekijken of de beursorganisatoren hun werk min of meer fatsoenlijk doen en regelmatig aan de klaagmuur gaan staan voor geld om de uitbreiding van de GLH te bekomen.

Half september 1990 verzekert burgemeester Roppe bij de opening van de horecabeurs, die voor een deel in tenten moet doorgaan, dat de plannen voor een "zeer grote, prestigieuze" bijkomende hal voor de Grenslandhallen klaar zijn. Met de toegezegde 85 miljoen fr. van het Europese Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) kan het nu snel gaan. Wel zal Hasselt de vinger op de knip van de beurs blijven houden "om niet in Luikse toestanden te verzeilen".

In september 1992 krijgen de GLH er met de Esplanadezaal een ruimte van 1800 m2 bij, in plaats van de gedroomde hal zes van 7000 m2, waarop directeur Lemlijn en de GLH-beheerraad gerekend hadden. In een eerste fase kwamen er de foyer, de hexagoon (met een vrij middengedeelte) en hal vier bij (want in Hasselt beginnen ze niet met één), samen goed voor 8500 m2. Vier jaar later zorgde hal vijf voor een uitbreiding met 3600 m2. Geconfronteerd met verminderde toelagen uit het investeringsfonds ziet het stadsbestuur meer heil in riolering dan in een uitbreiding voor een bedrag van 250 miljoen fr. De piramidevormige Esplanade-zaal kost slechts 70 miljoen fr. waarvan

het EFRO de helft draagt. CCH-directeur Grootaers belooft de nieuwe mogelijkheden voor sfeervolle spektakels te helpen exploiteren. Tot op vandaag blijven de GLH en het CCH echter als onbekende eilanden voor elkaar.

Die uitbreiding van de infrastructuur was een goede zaak voor directeur Lemlijn. Zijn loon ziet Bujok in '93 zelfs oplopen tot vijf miljoen fr. Tien jaar eerder was overeengekomen dat de directeur 20 procent commissie kreeg op alle huurinkomsten na aftrek van de kosten. Maar niemand had deze konsekwentie voorzien.

4. Stadsgewest Hasselt-Genk - Inhoud

Burgemeester Roppe ziet samenwerking van de GLH met de Limburghal als één van de terreinen waarop het stadsgewest Hasselt-Genk zich kan manifesteren. "Zo'n stadsgewest past in de Euregio-uitbouw en is belangrijk voor heel Limburg", meent hij in een gesprek van september 1992. "Ik heb dat drie jaar geleden al aan Gheyselinck verteld."

Zijn verhaal begint bij het structuurplan van zijn stad. In 1991 ontvangt het Genks schepencollege een uitnodiging om kennis te nemen van wat in Hasselt leeft op gebied van ruimtelijke ordening en culturele en toeristische ontwikkelingen. Bij een tegenbezoek bespreekt het Hasselts schepencollege wat samen kan gedaan worden. De derde stap is een overeenkomst voor een totaalstructuurplan.

Zo kan Hasselt, met zijn klemtoon op tertiaire en kmo-activiteiten, geen grote bedrijven meer aantrekken. Genk heeft belangrijke industriële troeven en natuurgebieden. De expositiehallen -op amper vijftien kilometer van elkaar gebouwd- kunnen een belangrijke testcase vormen. Roppe ziet ze samengebracht in een nieuwe vzw, met personeel en public relations onder één beheer. "Een beurs tegelijk in Hasselt en Genk, met ieder een eigen aspect, moet toch haalbaar zijn." Toeristisch heeft Genk met Kattevenia, het Planetarium en Bokrijk heel wat te bieden; Hasselt dan weer met de Japanse tuin en zijn musea. In plaats van ieder voor zich promotie te voeren kunnen ze samen pakketten vormen, zoals hij Gheyselinck al suggereerde. Het Cultureel Centrum van Hasselt speelt nu al een rol in de hele provincie en dat moet Genk allemaal niet overdoen. Een schouwburg in ERC-verband voor 3000 of meer toeschouwers is om die reden niet positief.

Volgens Roppe zijn de geesten rijp voor dergelijke samenwerking, ook al blijkt dat niet op alle echelons. De OCMW-ziekenhuizen van beide gemeenten beconcurreren elkaar nog duchtig, onder andere met hun hartchirurgische centra. Het gaat om "historische misgroeiingen". In een ruimer kader ziet hij een taakverdeling binnen de Euregio met een verschillende opdracht voor de MAHL-steden (Maastricht, Aken, Hasselt, Heerlen, Luik). Zo heeft het stadsgewest Hasselt-Genk geen behoefte aan een MECC, dat tot een jaarlijkse bijpassing van 180 miljoen fr. noodzaakt. Evenmin aan een Opéra de Wallonië.

Roppe: "Zo'n stadsgewest behoeft geen ingewikkelde juridische structuren, want ons bestel met zijn intercommunales en vzw's is soepel genoeg. De samenwerking schaadt de rest van de provincie niet, integendeel".

5. Festiviteiten met staartje - Inhoud

In 1989 maakt Hasselt zich weer op voor zijn Virga Jesse Feesten. De Hasseltse scholen Technisch Instituut Heilig Hart en KTA 1 bouwen de 25 praalwagens voor de Virga Jesse Ommegang, naar een ontwerp van architect Gilbert Govaerts. In de Ommegang van 13, 20 en 27 augustus stappen drieduizend deelnemers op in veertien groepen, die bijbelse en mariale taferelen uitbeelden. Met honderden bloementorens in de straten en op de pleinen doet Hasselt zijn naam van Europese bloemenstad eer aan. Het logo, afgebeeld op meer dan vijfhonderd kleurenvlaggen, brengt het Virga Jesse monogram in een gestileerd bloemmotief. Voor de uitbeelding van de aloude thema's en straatversieringen zorgen traditioneel de "rotten", de Hasseltse wijken. Voor de negentien tentoonstellingen zijn vooral de banken bedrijvig, met onder andere de prestigieuze expo Wijwatervaten, samengesteld door dokter Swartenbroekx voor ABB-Cera.

Hasselt verwacht voor de viering een miljoen bezoekers wat de vorige, met de festiviteiten voor 750 jaar Hasselt erbij, nog overtreft en de organisatie kan de totale kostprijs beperken tot 7,5 miljoen fr.

Sinds 1954 voeren de Hasselaren in het kader van de Virga Jesse Feesten telkens een Maria-spel op. Aanvankelijk in openlucht, maar nadat het enkele keren volledig uitregende, thans in hun cultureel centrum. Voor de uitvoering van 1989 herwerken regisseur Guy Joosten en zijn assistent Walter Goverde de oorspronkelijke tekst van Jos Schonkeren. Door die "aanpassing" loopt het aantal medewerkers terug tot een dertigtal. Alle Hasseltse toneelgroepen werken eendrachtig mee, volgens sommigen al "het eerste mirakel" van deze Virga Jesse Feesten.

De naweeën zijn minder plezant. De Blauwe Maandag Compagnie daagt het comité van het Virga Jesse Spel, met onder zijn leden twee advocaten, voor de rechter wegens niet betaling van een schuld van 50.000 fr. Met Hasselaar Guy Joosten, mede-directeur van dat gezelschap, kwam het comité overeen dat die voor een bedrag van een half miljoen fr. garant stond voor de regie en een nieuwe tekst. Het raamcontract werd getekend en later zou de invulling van specifieke zaken volgen op basis van vertrouwen.

Het comité vond dat Joosten naderhand met allerlei onverantwoorde eisen kwam aandraven. Zelf was hij weinig op de repetities te zien en zijn co-regisseur kostte aanzienlijk meer dan de vooropgezette 50.000 fr. Aangekochte laarzen werden niet gebruikt. Als het comité niet zwichtte, dreigde Joosten er het bijltje bij neer te gooien. Omdat het budget al met honderdduizenden overschreden werd, weigerde het comité van een nieuwe factuur van 130.000 fr. meer dan 80.000 fr. te betalen.

Volgens Joosten bood hij het comité een welomlijnd professioneel contract aan en getuigt het ganse gedoe van een kruideniersmentaliteit. Wat de laarzen betreft, tijdens elk creatieproces worden zaken afgevoerd en dat kost inderdaad geld. De schuld moet niet met hem maar met de Blauwe Maandag Compagnie geregeld worden. "Het treurigste is dat de uitvoering van het Virga Jesse Spel een eenmalige gebeurtenis blijft, die zich nu op geen enkel niveau meer profileert. Alles samen een trieste vaudeville".

Realisaties - Inhoud

1. Musea krijgen eigen huis - Inhoud

Het pand Stellingwerff-Waerdenhof is in november 1989 volledig gerestaureerd en zal vanaf 4 maart 1990 het Stadsmuseum huisvesten. De opening werd een maand uitgesteld door de verhuis van talrijke stukken, onder meer de pas verworven: "Schijter". De restauratie en de inrichting kosten 119 miljoen fr., waarvan 58 miljoen betoelaagd zijn. Tijdens de openingsdagen stromen de bezoekers binnen.

Door die verhuis komen in het Oud-Gasthuis twee volledige verdiepingen vrij, waarover het Modemuseum kan beschikken. Een oefenklavier en een gerestaureerd stadhuisuurwerk, maken het interieur van het Beiaardmuseum aantrekkelijker. Na een eerste volledig werkjaar stelt de gerestaureerde stokerij Stellingwerff/Theunissen waarin het Nationaal Jenevermuseum is ondergebracht in februari 1989 de stoommachine (de enige die functioneert in Limburg), de graanmolen en de beslagkuip in werking. De afwerking van de vitale stookonderdelen volgt. De bezoekers kunnen zelfgemaakte moutwijn (ruwe jenever) drinken en aankopen. Het Jenevermuseum groeit uit tot het drukst bezochte museum in Limburg. De meeste Hasselaren bleken er nog niet van op de hoogte dat al deze musea voor hen in het weekeinde gratis toegankelijk waren.

2. Wijkwerking - Inhoud

In november 1990 start het stadsbestuur met de uitvoering van een plan om de kansarmoede in de sociale woonwijken Ter Hilst en Banneux de volgende tweeënhalf jaar structureel terug te dringen. Dat houdt de aanwerving in van twee vrouwelijke "buurtopbouwwerkers" (anderhalve betrekking). De Vlaamse gemeenschap subsidieert 95 procent van de personeels- en werkingskosten. In Ter Hilst zijn er integratieproblemen voor migranten die er 46 procent van de bevolking uitmaken.

Winkels of voorzieningen van openbaar nut (post, bank) zijn er niet te vinden en de wijk ligt door een gebrekkig openbaar vervoer geïsoleerd van het centrum.

Tijdens een debat over de bestrijding van kansarmoede in de gemeenteraad van mei 1991 stelt ereburgemeester Meyers dat de criminaliteit op Ter Hilst niet zo groot is als in sommige Hasseltse straten. Die uitspraak is een reactie op de stelling van de oppositie dat Ter Hilst een voorbeeld is van hoe het niet moet. Eén van de problemen is hoe migrantenkinderen naar school krijgen en de stadsdiensten zien geen heil in een aparte school. "Waarom geen pendelbus?" vraagt SP-fractieleider Bujok bij zijn klacht over het gebrek aan openbaar vervoer. Voor hem is dit geval tekenend voor het ontbreken van een globale aanpak, die het hele project kenmerkt. "Teveel projecten en te weinig ideeën", is zijn oordeel. Schepen Vanrijkel wijst op de toegevoegde waarde van de veertien projecten, waaronder glasrecyclage en basiseducatie.

3. Efficiëntere stadsdiensten - Inhoud

De computertrein komt in Hasselt op gang vanaf 1982, met de aanschaf van 18 terminals en softwarepakketten voor de dienst bevolking en de dienst boekhouding. Vlak voor de verkiezingen van 1988 volgt een computer-informatiezuil op de hoek van de Grote Markt en de Koning Albertstraat, met informatie over de stedelijke diensten en evenementen, maar die is al snel stuk. Datzelfde jaar zorgt het bestuur voor een koppeling van de dienst bevolking met het rijksregister en de uitbreiding van de software naar identiteitskaarten, reispassen en militie. Schepen Schuermans richt een werkgroep informatica op, met interne specialisten uit de verschillende stadsdiensten. De dienst informatica bestaat uit drie specialisten wier planning wildgroei moet voorkomen. Tijdens de drie fasen (van begin 1991 tot eind 1994) staat een budget van 15 miljoen fr. ter beschikking. Voor de burger moet dit tot een snellere afhandeling van de dossiers leiden. De Centrale Werkplaatsen op De Roode Berg huisvesten almaar meer technische stadsdiensten en hun centralisatie is gericht op meer efficiëntie. "Een synoniem voor afdankingen", vreest SP-fractieleider Bujok.

Hasselt, Zonhoven en Diepenbeek nemen in mei 1991 het Limburgse voortouw voor grotere politionele samenwerking. Minister van binnenlandse zaken Tobback steunt dit modelproject. Los daarvan besluiten de drie burgemeesters snelheidsmaniakken steviger aan te pakken.

Burgemeester Roppe beseft dat de decision-making vaak op een nog haast middeleeuwse manier gebeurt. Bij burgemeester Bollen, de voorganger van Meyers, verzamelde de secretaris de dossiers die hij vervolgens met de paffende en borrels drinkende schepenen afhandelde. Meyers nam die taak van de secretaris over en zorgde ervoor dat de dossiers in kastjes ondergebracht waren, zodat elke schepen zijn stukken kon inkijken. Voor Roppe moest het schepencollege "collegiaal" beslissen zodat iedereen alle dossiers op voorhand kon inkijken.

Onder Meyers had alleen superschepen Storms een bureau op het stadhuis en na sterk aandringen bekwam ook financieschepen Roppe er één. Sinds het burgemeesterschap van Roppe beschikt elke schepen over een bureau met een secretaris of secretaresse.

Ook de administratie is aan een grondige herschikking toe en op een opendeurdag in oktober 1992 toont het bestuur het resultaat. Na een doorlichting door KU Leuven-specialisten gaat het 50-tal diensten op in zeven afdelingen of departementen. De hoofden zetelen in een directieraad waarvan de stadssecretaris het voorzitterschap opneemt en met als prioriteit een sterk middenkader. Het spanningsveld promotie-ervaring blijft omstreden. Niemand van het duizendtal ambtenaren (zonder het OCMW) verliest zijn job. Nieuwbouw is er niet bij wegens te duur en omdat de Stad Hasselt al overging tot de aankoop van het kantorencomplex aan de Thonissenlaan en Dokter Willemsstraat van het Provinciebestuur.

Op de Nieuwjaarsreceptie voor 1994 zegt burgemeester Roppe dat de stad dankzij de doorlichting beschikt over een modern statuut, aangepast aan de noden van de eigen diensten. Hij prijst het streven van de gemeenteraad naar een perfect democratisch model.

Eind januari 1994 maakt burgemeester Roppe bekend dat Hasselt in het kader van een "veiligheidscontract" de volgende vijf jaar van het ministerie van binnenlandse zaken jaarlijks een extra subsidie van 20 tot 25 miljoen fr. ontvangt. Die wordt gebruikt voor de versnelde aanwerving en opleiding van elf politieagenten - normaal een lange lijdensweg - die uit een bovenlokale reserve komen. Verder maakt het de aanschaf van een 20-tal handcomputers (zo'n 100.000 fr. het stuk) voor verbalisatie mogelijk. Om aan de preventievoorwaarden van het contract te voldoen volgt een uitbreiding tot vier personen van de drugdienst, die informatie doorspeelt aan de scholen, en een strengere aanpak van het spijbelen door meer controles in bepaalde kroegen. Ook projecten om auto- en gauwdiefstal tegen te gaan en premies voor alarminstallaties staan op de agenda.

Commissaris Walter Dekens beklaagt zich in die periode over een onderbezetting van 20 procent voor het Hasselts politiekorps. Maar er volgen aanwervingen en tegen 1995 staat in het kader van het Veiligheidscontract een theoretisch kader van 126 "man" in het vooruitzicht.

Over dat contract zegt SP-fractieleider Bujok op de gemeenteraad van april 1994: "Meer politie mag niet betekenen dat er meer processen komen, maar dat de criminaliteit gepaster wordt aangepakt." Burgemeester Roppe beaamt dat. Concreet voor Bujok: snellere verbalisatie houdt in dat de eigenaar van een gestolen fiets die ook sneller terugkrijgt. Bujok: "Het gaat niet op van de stad een versterkte burcht te maken want daardoor groeit het subjectieve onveiligheidsgevoel nog."

4. In en uit de pipe-line - Inhoud

In het Infocentrum van de stad Hasselt (benedenverdieping van het stadhuis) toont een expo in augustus 1989 de negentien infrastructuur- en bouwwerken die in uitvoering zijn of gepland. Acht ervan situeren zich op de Kleine Ring. Het gaat om meer dan 500 appartementen in aanbouw, kantoren, hotels, een parkeergarage en het nieuwe stadsmuseum.

Begin januari 1990 krijgt Bouwbedrijf Vandereyt de opdracht om het komende jaar een studie te maken over het Dusartplein. Het regent overigens plannen van bouwpromotoren voor de nog beschikbare ruimten, zoals de Kanaalkom en de Molenpoort.

Opvallendste punt op de gemeenteraad van 20 februari 1990 is de aanleg van een skateboardbaan in het park Kapermolen. Een petitie, met ruim drieduizend handtekeningen van 14- tot 18-jarigen, verzocht daar dringend om. De gratis ter beschikking staande installatie, met een kostprijs van meer dan een miljoen fr., moet voor de zomervakantie klaar zijn.

Raadslid Ernest Bujok (SP) ziet er een gemakkelijkheidoplossing in en had liever voorzieningen in de wijken zelf gezien. Bujok: "Ik kan me moeilijk voorstellen dat jongeren vanuit de deelgemeenten het skateboard onder de arm nemen om in het park wat rondjes te doen". Luk Cox (Agalev) vraagt op de man af of het de bedoeling is de skaters uit het stadscentrum te weren.

Burgemeester Roppe ontkent: "Maar als het skaten in de stad tot een onmogelijke toestand uitgroeit, dringen zich uiteraard wel maatregelen op". Waaraan schepen Schuermans toevoegt dat het om een tussenoplossing gaat en er in de wijken nog bescheidener voorzieningen kunnen volgen. Gedeputeerde Stevaert ziet er een modelproject voor de provincie in.

Bij het begin van de vakantie 1991 maakt het bestuur in aanwezigheid van pers en oppositie een round-up van de projecten in uitvoering. Het blijken er 18 te zijn.

Half juni 1992 wordt de vernieuwde Paalsteenstraat na werken voor een bedrag van 24 miljoen fr. ingehuldigd. Beplanting en bloembakken bakenen de parkeerruimtes af. De buurtbewoners hadden ruim hun zeg over de gebruikte materialen.

De ruwbouw van de Alverberg Sporthal geraakt klaar in oktober 1992. In oktober 1991 werd ermee begonnen, het einde van de werkzaamheden is gepland voor juni 1993. Sporters kunnen er de competitie 1993-1994 in spelen. Anders vormend dan sportief maar door zijn bruisende activiteiten belangrijk voor Hasselt is het Vormingscentrum waarvan de derde bouw op 4 oktober 1993 officieel opengaat.

In december 1992 maakt het stadsbestuur de plannen voor stevige ingrepen in de zones rond de Kanaalkom en het station bekend. Die moeten het wonen, werken en zich ontspannen in het noordwestelijke gedeelte van de stadskern aangenamer maken. Het voorontwerp van de Technische Diensten wordt in detailplannen gegoten en de nodige onteigeningen zullen gebeuren.

Architectenbureau Delhaise & Partners gaat uit van de gewijzigde functie van de Kanaalkom, van laad-, los- en aanlegplaats voor schepen en vestigingsplaats voor industrieën naar aanlegplaats voor binnenschepen en voor de watersport. Langs de kom komt een weg om de grote en kleine ring te verbinden. Bij de aanleg van nieuwe wegen in het binnengebied zal speciale aandacht gaan naar voetgangers en fietsers. Het stedelijke landschap binnen de Kleine Ring zet zich voort tot aan de Grote Ring door een samengaan van appartementen, kantoren, commerciële en groene ruimtes. Dat leefbaarder maken uit zich in een voetgangersbrug, fonteinen, expositieboten, plezier- en sportvaartuigen.

In de zone Koningin Astridlaan-station komen een aantal stedelijke eigendommen vrij door de hergroepering van de werkplaatsen op de Roode Berg. Voetgangers, fietsers en autoverkeer worden volledig gescheiden in de stationsomgeving om het openbaar vervoer voorrang te geven en in die buurt zijn er kantoorgebouwen, commerciële ruimtes en een gebouwencomplex gepland, met middenin een schotelvormig park.

In minstens twee Hasseltse wijken veroorzaakt de vernieuwde riolering eind 1992 waterellende: de Lazarijstraat en de Oude Luikerbaan. De bewoners klagen er over onderlopende kelders. De instanties hebben hun uitleg. Vroeger drong het grondwater door de gaten en spleten in de riolering binnen en werd zo afgevoerd. Nu zoekt het zijn weg naar de kelders. De bewoners constateren alleen dat hun kelders die tot vijftig jaar lang watervrij waren het nu niet meer zijn. Vrachtwagens reden tijdens de werken af en aan zodat de huizen op hun grondvesten daverden. Bewoners van de Oude Luikerbaan wijzen erop dat het verkeer in hun buurt met de vernieuwde situatie heel wat gevaarlijker werd, vooral voor jonge fietsers. De instanties met hun neus op die situatie drukken haalde niets uit.

Op de gemeenteraad van eind september 1993 wijst burgemeester Roppe op de anderhalf miljard fr. aan wegen en riolering die zijn bestuur aanbracht. Daartoe behoren onder andere de omgeving van de kathedraal, de Fruitmarkt, de Aldestraat, de Vismarkt, de Molenpoort en de nieuwe stoepen van de Demerstraat. Iedereen tevreden? Om het met de woorden van een CVP-kopstuk te zeggen: "Roppe richt de omgeving van de kathedraal in en het regent klachten dat vrouwen met hun hakken vastraken tussen de kasseien. Stevaert woelt later de hele kleine ring om en niemand reclameert".

In september 1994 klaagt de buurt over de ellende bij de heraanleg van de Runkstersteenweg. Die duurt al sinds Nieuwjaar. "Een ezelsdracht", zo ervaren het de bewoners.

De officiële opening van seniorentrefcentrum De Boelvaar gaat half april 1994 door, nadat er al honderden activiteiten plaatsvonden. Een eerste aanzet kwam er in 1982 met cursussen in het CCH en twee jaar later opende De Boelvaar zijn deuren.

In de rand van al die werken vraagt Jean-Paul Claes (VU) zich af of geen betere afstemming op elkaar mogelijk is van de inspanningen van de stad en de gas- en elektriciteitsdiensten, zodat de bewoners geen twee keer lastig gevallen worden. Burgemeester Roppe antwoordt dezelfde vraag in 1983 aan de toenmalige verantwoordelijke schepen te hebben gesteld. Het probleem blijft onoplosbaar, ondanks de contacten met PLI-Gas en Interelectra.

5. Verkeer uit Hasselt - Inhoud

Bij de aanvang van zijn ambt, wijst burgemeester Roppe erop dat het autoverkeer naar Hasselt "de laatste twee jaren met 30 procent toenam" wat hij "hallucinant" noemt. Vandaar bijvoorbeeld dat de invalsweg langs de Kanaalkom doorgetrokken wordt tot op de grote ring en er een ondergronds parkeerterrein Molenpoort met 450 parkeerplaatsen komt. Hasselt telt daardoor 600 parkeerplaatsen meer dan in 1986. Kuringen centrum ziet het bestuur als verkeersarm en het vraagt er "zone 30" voor aan.

Bij een werkbezoek aan Hasselt in juni 1989 neemt minister van openbare werken Sauwens met het stadsbestuur een aantal belangrijke verkeersdossiers door. Om de Limburgse hoofdplaats in de toekomst beter bereikbaar te maken komen er verkeerslussen en meer openbaar vervoer. Via de verkeerslussen in enkele richting kunnen de auto's elke plaats aandoen om te lossen en te laden en dan hun weg te vervolgen. De Grenslandhallen en het Sporting-plein krijgen grote opvangparkings, vanwaar om de tien minuten pendelbussen naar het centrum vertrekken. Dit pilootproject ondergaat een eerste test tijdens de Virga Jesse feesten van augustus. Een voorontwerp voorziet de binnenzijde van de kleine ring vooral voor openbaar vervoer.

Ook burgemeester Roppe wil de stad verkeersarmer en parkeervrij maken, zodat ruimte vrijkomt voor attractieve pleintjes. De functie van de kleine ring moet veranderen om het centrum verder te laten uitdijen. Volgens hem is er met al de nieuwe parkeermogelijkheden geen probleem van parkeren, maar enkel van zelfdiscipline. Het Hasseltse en Genkse bestuur bespreken samen de problemen van het sluikvervoer rond de Tuikabelbrug van Godsheide.

Minister Sauwens ziet de grote verkeersassen, die toegang geven tot Hasselt, kaderen in een breed verkeers- en vervoerplan voor Limburg. De verkeersstromen moeten uit de woonkernen weg en de onveilige vierstrokenweg door Rapertingen komt op drie om het verkeer te vertragen. Aan het Philips-viaduct wordt de weg anderhalve meter verhoogd zodat fietsers en voetgangers via een onderdoorgang de Normaalschool kunnen bereiken. Voor de herinrichting van de autobushaltes en kruispunten trekt de minister veertig miljoen fr. uit, voor de pendel in een eerste fase veertien

miljoen. Ook de NMVB en de NMBS leveren inspanningen. Na de heropening van het station van Kiewit volgt nu een opgevoerde frequentie van de busdiensten.

Het verkeersarm maken van de stadskern gebeurt stapsgewijze, met vanaf 1 juli 1990 een gewijzigde verkeerscirculatie. Autovrij worden de Hoogstraat, een gedeelte van de Demerstraat en twee stukjes van de Fruitmarkt. Een omgekeerde rijrichting krijgt de Persoons-, Meldert- en gedeeltelijk de Maastrichterstraat. Eén richting is er voor de Badderij- en Dr. Willemsstraat. Na deze ingreep volgt de verdere afbouw van de verkeersdrukte in fases, verspreid over vijf jaar, wat een herinrichting van straten en pleinen zal toelaten.

De vertragende, autoarmere "zone 30-reglementering" wordt afgedwongen door asverschuivingen, bloembakken, anti-parkeer-paaltjes en het doortrekken van voetpaden over de rijweg.

De afbouw van het aantal parkeerplaatsen in het centrum houdt gelijke tred met de vordering van de werken aan de geplande parkeergarages (onder de Molenpoort naar 450 plaatsen), het Park & Ride systeem en het busbanenplan. Drie parkeerzones werken een vlottere parkeerrotatie in de hand. Het aantal parkeerplaatsen voor mindervaliden gaat van 19 naar 35. Fietsers krijgen meer stallingen en mogen in alle straten in beide richtingen rijden.

Enkele dagen voor de invoering van het gewijzigde verkeerscirculatieplan, meldt burgemeester Roppe dat ook het opstarten ervan in fasen zal gebeuren. Volgens het bestuur niet wegens de contestatie, maar omwille van de technische haalbaarheid. Duidelijk is wel dat het felle protest van een aantal handelaars, vooral de ad hoe-groep "no parking, no business" met Engels, Philippe Fryns en Luc Rensen, de zaken op de spits gedreven heeft, meer nog dan een persconferentie van de SP. Roppe noemt het ook een onmogelijke zaak om uit te maken welke vereniging van handelaars eigenlijk representatief is. Van een opgeven van de plannen is in elk geval geen sprake, wel van een evaluatie na Hasselt kermis.

De stad beschikt volgens Roppe over voldoende parkeerplaatsen, zodat Limburgia en de Welvaartsstraat zelfs leeg staan. Het bestuur wil de langparkeerders uit de stad zodat er ruimte komt voor short-shopping, zonder idiote toestanden als het dubbelparkeren. Ook aan de chaos bij het laden en lossen moet een einde komen. Voor de bewoners van de stadskern waren er tevoren ook parkeerproblemen. Het bestuur trok naar Kortrijk om daar de oplossing voor het kortparkeren te bekijken, maar ook dat systeem voldeed niet.

Een tweetal weken voor het nieuwe circulatieplan in werking treedt, geeft SP Hasselt haar visie op de herstructurering van de Limburgse hoofdstad onder de titel "Hasselt, een beeld van een stad". De grote ingezette kanonnen Willy Claes en Steve Stevaert verwijten het huidige bestuur precies een gebrek aan visie. Eerst zet raadslid Bujok de krachtlijnen uiteen. De binnenkant van de kleine ring moet autovrij gemaakt en als parkeerruimte ingericht worden. De verbreding van de stoepen maakt de lanen attractiever. De markten en pleinen krijgen een nieuwe functie en het water komt opnieuw bovengronds. De Kanaalkom wordt, zoals het gewestplan voorschrijft, recreatieruimte en de herinrichting van de stationsomgeving verbetert mede de verbinding van Runkst met het centrum. Van het Dusartplein tot het golfcentrum komt één grote groene long tot stand. Een expo in de lokalen aan de Capucienenstraat, met medewerking van het Studiecentrum Willy Claes, verduidelijkt hoe het wel moet.

Doelend op de aanpak van het stadsbestuur gewaagt gedeputeerde Stevaert van "de arrogantie van het beleid". Stevaert: "Vanuit een oplossing voor het parkeerprobleem ontwikkelt het stadsbestuur een visie op de ruimtelijke ordening. Zo komt er geen geldige totaaloplossing". Willy Claes vreest dat de komst van het ERC "onomkeerbare structurele bewegingen in de provincie op gang brengt, die het zwaartepunt naar Genk en omgeving verplaatsen". Het optreden van dit stadsbestuur illustreert voor hem het adagium van Achilles Van Acker: eerst handelen, dan denken. Claes: "Er werden al beslissingen genomen die het stadsbeeld in gevaar brengen en de dingen voor de volgende dertig tot veertig jaar naar de vaantjes helpen".

Lachend poseert burgemeester Roppe eind juli 1990 op zijn fiets om te illustreren hoe de verkeerscirculatie in Hasselt in een handomdraai kan opgelost worden. Maar de realiteit is grimmiger zoals het protest van de bewoners van de Guido Gezellestraat, die een zwartomrand bordje met Te Koop uithangen, aantoont. Op 24 augustus 1990 is er een gewijzigde rijrichting voor de verkeerslus Maastrichterstraat, StOozefstraat, Capucienenstraat en Guido Gezellestraat en die buurt is er niet mee opgezet. Vier dagen later volgt een omkering. Bij de bewoners van de Guido Gezellestraat, al een week eerder door de burgemeester op de hoogte gebracht, heerst een hoerastemming. Ook de bewoners van de Maastrichterstraat zijn, op enkele na, tevreden, hoewel het grote verkeer nu langs daar binnenkomt. Eén groot bord blijft, dat van Agalev met daarop: Hasselt binnen de kleine ring helemaal verkeersvrij. De nieuwe situatie lokt ontevredenheid uit van wie de Capucienenstraat en de daar gelegen TT-parking gebruikt. Het verkeer dat naar de Guffenslaan wil moet de enige korte verbindingsweg gebruiken, wat opstoppingen veroorzaakt. Vanaf vier uur in de namiddag is het verlaten van de parking bijna onmogelijk. Met ronkende motoren staan de automobilisten, onder wie de vele ambtenaren van de torens, tevergeefs aan te schuiven op de hellende weg naar buiten.

Het stadsbestuur laat de weggebruikers even wennen aan de nieuwe situatie en vraagt de politie bij niet te ernstige overtredingen de andere kant op te kijken. Maar vanaf 15 oktober 1990 zijn die wittebroodsweken voorbij en vliegen de overtreder en foutparkeerder onverbiddelijk de boek op. Eén jaar later - begin oktober 1991 - evalueert het bestuur het doorgevoerde verkeerscirculatieplan en de conclusie luidt dat verdere maatregelen nodig zijn om het verkeer binnen de stadskern te ontmoedigen en op die manier de leefbaarheid te bewaren. Want de verhoopte mentaliteitswijzing kwam er niet. Zo telt het centrum met zijn diameter van 800 meter dagelijks nog een tienduizend parkeerbewegingen. Dat bewijst ook een enquête bij handelaars, passanten en bewoners.

Handelaars met een gedaalde omzet geven de schuld aan de herinrichting van de stadskern; die met een gestegen omzet prijzen hun eigen inbreng. De politie constateert dat de helft van de parkeerders in de stadskern in overtreding is. Op de voorbehouden parkeerplaatsen voor mindervaliden - opgevoerd van 19 tot 45 - wordt voor 86 procent ongeoorloofd gestationeerd. De parkeergarages blijven onderbezet. Zelfs als die bezet zijn heeft Hasselt in 2000 nood aan 1500 bijkomende parkeerplaatsen. Aan de gemeenteraad vraagt het bestuur het licht op groen te zetten voor de verbreding van de voetpaden en het verwijderen van paaltjes en bloembakken. Molenpoort- en kathedraalplein krijgen een luchtige inrichting.

6. Parkeerellende - Inhoud

In mei 1993 geeft het stadsbestuur toe dat het foutparkeren volledig uit de hand loopt. Trottoirs en kruispunten worden "geliefkoosde parkeerplaatsen". Parkeervrije pleinen staan volgestouwd met auto's en vrachtwagens. Gewone weggebruikers nemen zonder verpinken de laad- en losplaatsen voor vrachtwagens en parkeerplaatsen voor gehandicapten in. Een kaart van gehandicapte hoort toe aan wie er geen recht op heeft.

Parkeerders, die door de politie erop gewezen worden dat ze in overtreding zijn, weigeren soms pertinent hun voertuig te verplaatsen. Anderen wachten tot een voertuig weggetakeld is om er zelf het hunne te zetten. Vooral 's avonds en 's nachts heerst in het stadscentrum de regelrechte chaos. Auto's staan op stoepen en fietspaden en voor garagepoorten en inritten. Materiële schade aan stoepranden, bloembakken en amsterdammertjes is het gevolg. De hulpdiensten geraken niet door het centrum.

Verbaliseren, wegtakelen en gerichte acties, met een duidelijk zichtbare politie, moeten dat in de toekomst tegengaan, vooral in de "prioritaire zones". Dat geldt ook voor wijken en buurten buiten de stadskern.

Speciale parkeerplaatsen voor Hasselaren in het centrum - 6000 inwoners voor duizend plaatsen -komen er niet. Een gepast systeem uitdokteren vindt de burgemeester moeilijk en de oplossingen van Gent en Leuven voldoen niet. Sommige bewoners negeren de parkeerautomaten en pv's blijven achterwege.

Het bewonersparkeren in het Hasseltse stadscentrum is een oud zeer, waarvoor het bestuur op de gemeenteraad van maart 1994 een oplossing voorstelt, die naar burgemeester Roppe beseft, verre van ideaal is. Er zijn gewoon te weinig parkeerplaatsen. In drie zones kunnen de bewoners voor 200 fr. per maand of 2.000 fr. per jaar hun wagen tussen vier uur in de namiddag en tien uur 's morgens stationeren. 1400 gezinnen komen in aanmerking en naar schatting de helft zal er gebruik van maken.

Het stadsbestuur maakt half april 1994 bekend dat er een bewaakte fietsgarage komt, maar de plannen om die in de ondergrondse autogarages onder te brengen zijn niet haalbaar. Met 80 kilometer fietspaden vindt burgemeester Roppe Hasselt ruim bedeeld, maar er blijven hiaten.

7. Champagne knalt zonder raadsleden - Inhoud

Op de plaats waar het spookkasteel van Villers middenin een tot brousse verworden park stond -een ideale locatie voor de opvoeringen van het Virga Jesse toneel de Dolende Man - komt een luxueus appartementencomplex maar twijfels heersen bij de bespreking van het bereikte akkoord op de gemeenteraad van februari 1990. De stad tracht de gronden al een tiental jaren te verwerven maar vindt in de eigenaar Villers een gewiekste onderhandelaar. Ook de talrijke promotoren vangen bot. Tot "het genie van de Demer", zoals SP-er Bujok hem naar analogie met "het genie van de Karpaten" tot algemene hilariteit noemt, komt opdagen met zijn vennootschap Lamfert (eigenlijk de NV Lamfert Park Villers, gegangmaakt door het echtpaar Vermesen-Perilleux). Na jaren halsstarrigheid en pogingen van Roppe om het dossier te "benaarstigen" - een term die Bujok hem vraagt uit te leggen - gaat Villers door de knieën. Dat gebeurt volgens ingewijden omdat hij participeert in Lamfert en het ook voor de successierechten erg gunstig uitvalt. De oude heer Villers zegt het gedeelte dat naar de stad gaat om er een openbaar park van te maken zelfs voor de helft van de geschatte waarde aan de stad toe. De promotor telt voor het aangrenzende eigendom Boes, dat aan de stad toebehoort, een miljoen fr. meer dan de raming neer. De werken, naar plannen van de Hasseltse architect Jos Lavigne, vatten nog hetzelfde jaar aan. De appartementen van 15 miljoen fr. en meer, gelegen op een boogscheut van de kleine ring en binnen een groene oase, zijn enkel door de fine fleur te bekostigen.

Om dit project te realiseren is een wijziging van het BPA nodig. Dat werd weliswaar door de stedelijke bouwcommissie goedgekeurd, maar de champagne wordt al ontkurkt en de flessen leeggedronken nog voor de uiteindelijke bekrachtiging door de gemeenteraad.

8. Kindergemeenteraad - Inhoud

Het is schepen van jeugd Schuermans die de Hasseltse kindergemeenteraad lanceert. Vanaf 1990 kiezen het vijfde en zesde leerjaar van de Hasseltse basisscholen de 38 leden van die raad. Die verkiezen op hun beurt acht schepenen. De kandidaten mogen een week lang campagne voeren, maar gadgets uitdelen is verboden. De installatie gaat door op woensdag 2 mei 1990. In mei 1991 kiezen kinderen van de Hasseltse basisscholen voor de tweede keer hun gemeenteraad. Het stemrecht beperkt zich tot de kinderen die op Hasselts grondgebied wonen.

In december 1991 filmt een VTM-camerateam de kindergemeenteraad voor de uitzending in Schuif-af op de achttiende van die maand.

Bij de verkiezing van schepenen voor de nieuwe kindergemeenteraad in juni 1992 dingen tien kinderen naar het ambt van milieuschepen. Voor onderwijs, financiën en spel zijn er geen kandidaten. In 1993 zal Hasselt een Turkse kinderschepen van welzijn krijgen.

De kindergemeenteraad houdt zich op de zitting van mei 1993 vooral bezig met verkeersveiligheid. Dat herhaalt zich eind maart 1994 als kinderen zich erover beklagen dat de auto's veel te hard rijden.

Goed bedoelde maatregelen hebben soms een averechts effect, zoals het aanbrengen van elementen in de bochten waardoor ook fietsers minder ruimte krijgen. Schepen Jooken zal de problemen aan de Verkeerscommissie voorleggen. Op die kindergemeenteraad geeft de schepen ook toe dat de fietspaden op de kleine ring te smal zijn maar het Busbanenplan zal die verbreden tot twee meter, met zelfs dubbele fietspaden tot drie meter. Op de bewering van de papa van een kind dat teveel geld naar de Japanse tuin gaat repliceert de schepen: "Die bracht al vijf miljoen frank op. Zelfs als het bezoekersaantal daalt, is de 25 miljoen frank die de stad erin stak binnen tien jaar terugbetaald".

Niet alleen volwassen politici kunnen er moeilijk mee ophouden, ook de leden van de kindergemeenteraad vinden hun mandaat van twee jaar te kort. Zo blijkt reeds tijdens de laatste zitting van de eerste gekozen raad in april 1991. Dat ze nu de werking en mogelijkheden van hun positie pas goed onder de knie hebben klinkt vertrouwd in de oren. En de gekozen kinderen willen ook eigen centen voor hun projecten. Jeugdschepen Schuermans wijst erop dat het mandaat voor de leden van de grote gemeenteraad eveneens in de tijd beperkt is waarop één van de kinderen repliceert: "Maar die kunnen herkozen worden". Op de laatste zitting vraagt een raadslid zelfs of er geen medaille af kan. Om de jeugd bij de recyclage van afvalstoffen te betrekken maakt schepen Flossy de inrichting van kleine recyclageparkjes in de Hasseltse scholen bekend.

9. Toerisme - Inhoud

De citymarketing - een term die burgemeester Roppe regelmatig in de mond neemt - leidt tot een professioneler toeristische werking. Zo groeit de respons vanuit Wallonië na deelname aan het vakantiesalon Vert in Luik. Het stimuleert de Hasseltse toeristische dienst tot deelname aan beurzen in Maastricht, Utrecht, Antwerpen, Doornik, Luik, Brussel, Essen en Keulen. Er zijn ook gecombineerde dagtripprogramma's van de vijf MAHL-steden. Het NCRV-programma Kerkepad stelt de Hasseltse kerken en musea voor, wat 5000 Nederlandse bezoekers zal lokken.

Speelkaarten met afbeeldingen van de belangrijkste toeristische pleisters worden verspreid. Zo bieden de spelers van handbalclub Initia Hasselt ze in juni 1989 van deur tot deur aan. Als het stadsbestuur in 1992 naar Itami reist neemt het tweehonderd pakketten mee en dat naar eigen zeggen niet om de tijd te doden.

Op zondag 21 oktober 1990 wandelen de liefhebbers de Jeneverroute in, een initiatief ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van het Jenevermuseum. 45 lokaliteiten binnen de kleine ring zijn in kaart gebracht. Van de meer dan 150 plaatsen waar vroeger gestookt werd, blijven nog maar enkele grotere gehelen over, met als mooiste illustratie het. Nationaal Jenevermuseum zelf. Maar verder zijn er bijvoorbeeld ook de restanten van de eerste stokerij Fryns in de Meldertstraat en de nog werkende stokerij Smeets in de Brandewijnsketel aan de Raamstraat. Ook hoort er een bezoek bij aan het bedrijf van de familie Wissels aan de Normandiestraat in Runkst, waar vanaf de maand erna het ambachtelijk stoken weer hervat. Na de lancering van het Sint-Lambertusdrèpke begint het museum vanaf oktober 1990 zelf jenever te stoken.

De gemeenteraad keurt het lastenboek goed voor een toeristisch bewegwijzeringplan in de binnenstad. Deze bewegwijzering krijgt de voetganger op twintig plaatsen te zien. Borden leiden de automobilisten naar zeven grote parkings.

Naast de folder Hasselt bruisende stad verschijnt bij Artis-Historia het thematisch opgevatte boek "Hasselt" van de auteurs Jef Arras en Gerard Verbeek en fotograaf Bob Joosten.

Midden april 1993 volgt de voorstelling van vijftien nieuwe bewegwijzerde wandelroutes, die door 125 km natuurgebied leiden. Het Borrelmènneke met de contouren van het stadhuis als achtergrond komt op een poster die het toeristisch imago van Hasselt moet versterken.

Het voor 27 miljoen fr. gerestaureerde kasteeldomein Prinsenhof in Kuringen, met parkaanleg, gaat op 4 september 1993 weer open. Wandelwegen, die op termijn aansluiting moeten krijgen met de Herkenrode-abdij, ontsluiten het gebied.

Na een reeks aankondigingen is het begin maart 1994 zover: Hasselt krijgt een toeristisch treintje, het "Jenevertrammetje". Eerst rijdt het enkel op aanvraag van groepen, maar tijdens de zomermaanden kan ook de enkeling opstappen. De plannen om dat met golfwagentjes te doen dienen nog enkele hindernissen te nemen, maar die blijken te groot. Door de lage instapdrempel vormt het treintje geen probleem voor gehandicapten.

Op 31 maart 1989 opent viersterrenhotel Holliday Inn aan het Molenpoortplein zijn deuren. Enkele maanden eerder deed het honderd meter verder gelegen tweesterrenhotel Arcade dat al, zodat Hasselt over twaalf hotels beschikt. "We moedigen dat niet speciaal aan, maar er mogen en kunnen nog gerust hotels bijkomen", meent schepen Vandeput.

10. Cultuur - Inhoud

Een indicatie voor het floreren van de Hasseltse galerijen kan de derde plaats zijn, die galerij Dessers aan de Ridderstraat in 1990 bekleedt op de Belgische ranglijst. Het jongere Kunstgang aan de Zuivelmarkt onderhoudt eveneens nauwe banden met kunstenaars die aan de galerij verbonden zijn. Wars van het commerciële gaat II Ventuno aan de Kuringersteenweg zijn gang met artiesten die niet bereid zijn compromissen te sluiten.

Bij de opening van het nieuwe museumjaar 1990 telt Hasselt drie aparte musea, met elk een eigen behuizing, een mannelijke voorzitter en een vrouwelijke coördinator. Tien jaar tevoren was er enkel dat van het Heilig Paterke. Burgemeester Roppe laat verstaan dat ook in de toekomst het nodige geld ter beschikking zal zijn. Maar nu moet de overheid even op de rem staan. "Heel wat projecten zijn startklaar en zullen in fasen uitgevoerd worden", aldus Roppe.

De kindergemeenteraad richt op initiatief van zijn cultuurschepen Valerie Del Re een Hasseltse culturele dag voor scholieren van het vijfde en zesde leerjaar in. Ruim 1300 leerlingen van 25 verschillende scholen schrijven in voor een groots stadsspel op woensdag 27 maart 1991. De Jeugddienst en het Hoger Pedagogisch Instituut van het Gemeenschapsonderwijs zorgen voor de praktische uitwerking. Van de jarige burgemeester krijgen de eveneens jarigen onder de kinderen een theaterbon.

De grote toneelgezelschappen blijven kampen met problemen inzake financiën en publiekswerving. "Los van alle emotionaliteit zou het het beste zijn dat de Hasseltse gezelschappen zo snel mogelijk fusioneren". Dat zegt Guido Bex in naam van Het Hasselts Toneel bij de voorstelling van het nieuwe programma in september 1991.

Op tien jaar tijd krijgen de Hasseltse musea 330.000 bezoekers over de vloer, zo blijkt in het weekeinde van 23 februari 1992.

Vijf studenten van de Academie fotograferen samen met hun leraar Eddy Willems 186 Hasseltse cafés, soms niet zonder slag of stoot. Een fotoboek is het resultaat en in september 1992 komt er een expo in het Jenevermuseum.

In maart 1993 raakt bekend dat het EFRO een subsidie van ruim 17 miljoen fr. toekent aan het Modemuseum. Die restauratie kost 65 miljoen fr. Het museum blijft het ganse jaar gesloten. In juli 1993 blijkt dat het Strategisch Plan Limburg op zijn beurt 19 miljoen fr. hiervoor weigert zodat de restauratie op de helling komt te staan. Vandeput wijst op de gecreëerde tewerkstelling en hoopt met een aangevuld dossier te overtuigen.

In een interview van maart 1993 weerlegt de cultuurschepen de aantijging "dat er in Hasselt te weinig gebeurt voor cultuur". Met 1200 sociaal-culturele verenigingen is het niet doenbaar alles op

de voet te volgen, maar het mogelijke wordt gratis gedaan voor infrastructuur en logistieke ondersteuning (vlaggen, masten, nadarafsluitingen, geluidsinstallaties). De dienst Cultuur groeide tot 44 personeelsleden, maar het subsidiariteitsbeginsel blijft gelden: zoveel mogelijk "vrijwillige initiatieven". De Culturele Raad gaat niet projectmatig tewerk voor de subsidieverdeling, maar hanteert een puntenstelsel.

In het decennium voor 1993 gebeurden in Hasselt voor 790 miljoen fr. cultureel-historische investeringen, nog flink betoelaagd door hogere overheden. Voor de Grenslandhallen kwam er een overkapping van de Esplanade, voor het cultureel centrum werd een investeringsprogramma van 70 miljoen fr. opgesteld. Ontmoetingscentra kwamen er bij in de Katarinawijk, Kiewit-Heide, Wimmertingen, Tuilt-Kuringen en dat van Kiewit-centrum start dat jaar op.

"In Nederlands-Limburg zijn er samenwerkingsverbanden, waarbij ook Hasselt betrokken is", meldt het stadsbestuur fier. "Maar in de eigen provincie kan dat niet, want Tongeren bouwt achttien kilometer verder De Velinx".

De Hasseltse middenstand schenkt een monumentaal beeld van Raf Verjans aan de stad, te plaatsen op de Fruitmarkt. De inhuldiging gebeurt op 25 september 1993. Gedeputeerde Frieda Brepoels beslist in september 1993 van het Hasselts Begijnhof een Kunstencentrum te maken.

Op dinsdag 5 oktober 1993 bezoekt het nieuwe vorstenpaar Hasselt. De Langeman komt buiten en de koning en zijn koningin krijgen een aquarelpentekening van Pierre Cox als geschenk.

Bij de Jeneverfeesten van oktober later die maand moet Den Ossekop, het grootste gelegenheidscafé van Hasselt, van de Zuivelmarkt naar de Havermarkt verhuizen. Omdat enkele middenstanders reclameren wordt de horecasector weer gepakt, zo fulmineren de uitbatende cafébazen. In november krijgt Hasselt zijn tweede artistieke watertoren dankzij schilderwerken van de Academieleraars Freddy Schoefs en Jos Jacobs.

Voor Beeldendag in Hasselt in juni 1994 komt er een brochure met de afbeeldingen van 42 beelden. Op de Hasseltse foor van september, waar donderdag traditioneel een zwakke dag is, komt er voor het eerst een Familiedag met sterk verminderde prijzen. Die zorgt voor 600 extra gasten.

Clubs in geldnood - Inhoud

1. Sporting Hasselt - Inhoud

Op de gemeenteraad van 28 juni 1989 leest schepen Schuermans de strikte voorwaarden voor waaronder aan Sporting een lening van 15 miljoen fr. wordt toegestaan. Bujok (SP) en Cox (Agalev) beschuldigen het stadsbestuur van leugens. In plaats van de keiharde gegevens over rendabiliteit, waar in de bevoegde commissie om gevraagd werd, wil het bestuur de centen zonder enige waarborg geven, aldus Bujok. Met Cox beweert hij over informatie te beschikken waaruit blijkt dat er geen sprake van is dat de vroegere beheerders een deel van hun vorderingen op de club laten vallen. Claes (VU) kan zich verzoenen met een lening onder strikte voorwaarden. "Geen lening zonder akkoord met de oude schuldeisers", stelt burgemeester Roppe in zijn antwoord.

De VU stemt mee met de meerderheid, Agalev stemt tegen en de SP onthoudt zich. Die 15 miljoen fr. dienen om de bevoorrechte schuldeisers RSZ en BTW te betalen. Dat gaat om minstens vier miljoen fr., maar getracht wordt via onderhandelingen een gunstiger regeling af te dwingen. Vervolgens zijn er de schulden bij de oude beheerders, vooral Robert Kumpen en Roger de Condé. Dit gaat niet eenvoudig om een geldbedrag; zaken zoals het in eigendom (gehad) hebben van spelers maken het uiterst complex. Toch komt het met hen tot een akkoord, waarbij zij althans een deel van het geleende geld zouden recupereren, uiterlijk op 30 juni 1989. Robert Kumpen spreekt over "een klein deel", het aangestelde accountancy bureau over "omzeggens het volledige bedrag". Volgens schepen van financiën Schuermans is de lening, waarvan de terugbetaling pas binnen twee jaar start, bedoeld om Sporting ruimte te geven. Het geld is niet bedoeld om de oude beheerders terug te betalen, maar Schuermans ziet niet in hoe dat in de praktijk te verhinderen is.

Enkele belangrijke sportclubs zien de eerder met het stadsbestuur gesloten overeenkomsten niet meer zitten en vragen aan de gemeenteraad van juni 1993 soepelere voorwaarden. De promoverende voetbalclub Kermt heeft last met de drainage van zijn terreinen en vindt de huur te hoog. Sporting Hasselt krijgt de miljoenenlening, waarvoor een heel spelersarsenaal borg stond, na één aflossing moeilijk afbetaald en vraagt drie jaar uitstel.

Van de SP wordt verwacht dat ze de dossiers van het populaire voetbal met welwillendheid benadert. Zo zegt één van haar gemeenteraadsleden: "We kunnen die schulden van de Sporting beter kwijtschelden want die worden toch nooit terugbetaald."

Burgemeester Roppe: "Zelfs sommige leden van de oppositie vinden dat we hen dat geld moeten geven. Dat is echter nooit het beleid van de stad geweest. Zo houden we ook een stok achter de deur."

Florissanter gaat het met openluchtzwembad Kapermolen, intussen aan zijn achtste seizoen toe, dat eind augustus 1994 de miljoenste bezoeker ontvangt.

2. Golf - Inhoud

Half 1993 vraagt de Golf uitstel van betaling voor een aangegane lening. Volgens Wesp stapelde de club een verlies op van 4.763.678 fr. en bedraagt de achterstallige schuld bij de stad 9.433.119 fr. „Voor een club die uitsluitend beheerd wordt door zakenlui is dat geen fraai resultaat", sneert het SP-blad. Het bestuur wil ook af van de huur en het onderhoud van de "holes" voor het grote publiek. De manifestatie van die democratische gezindheid valt wat duur uit. Wel mogen niet alleen meer bedrijven maar ook "gewone mensen" voortaan lid worden. Op hetzelfde moment bouwt de club met EFRO-steun haar infrastructuur verder uit met twee vergaderzalen en een polyvalente ruimte.

Als voorzitter van de beheerraad zegt Yannick Boes dat er geen financiële problemen zijn maar de club heeft behoefte aan "zuurstof" omdat de bedrijvenmarkt, waarop in eerste instantie gemikt werd, oververzadigd is. De uitbating gebeurt "break-even" wat hij op zo korte tijd een prestatie vindt. Hij zegt het normaal te vinden dat de huurlast verdwijnt, omdat de vzw die het complex beheert geen eigenaar is en de gedane investeringen het patrimonium van de stad verrijken. Boes: "Ik neem aan dat de verantwoordelijken weten dat dit alles in het kader van de reconversie gebeurde. Het was de bedoeling bedrijven aan te trekken, die werkgelegenheid met zich brengen."

De vzw voor de Golf noemt burgemeester Roppe op de gemeenteraad "een geniale, schitterende constructie". Wat vroeger waterzieke gronden waren is omgevormd tot een deel van de Hasseltse "groene long", met een toegankelijk park dat het publiek almaar meer ontdekt. "Het Hasseltse patrimonium wordt verrijkt zonder dat we daarvoor de kosten moeten dragen."

De Golf moet dan ook een businessclub blijven, omdat het aantrekken van bedrijfs- en zakenmensen op termijn het industriële weefsel van de regio versterkt. De omvorming tot een vennootschap met de leden als aandeelhouders, zoals in andere gemeenten, wordt in Hasselt niet overwogen. De lening bij het Gemeentekrediet mag met uitstel terugbetaald worden. Voor de negen "public holes" hoeft voortaan geen huur meer betaald te worden zodat de huursom op tweederde terugvalt.

Burgemeester Roppe vreest dat de oppositie het dossier "ongenuanceerd" gaat aanpakken. "Stellen dat die 'dikke nekken' maar meer lidgeld moeten betalen is goedkoop. Dan blijven de bedrijfsmensen weg en dat is zeker niet onze bedoeling."

Op de gemeenteraad vraagt SP-fractieleider Bujok eigenaardig genoeg het ontslag van VLD-schepen van sport Demal als stedelijk afgevaardigde in de vzw omdat die de raad "behoorlijk laat' inlicht over de problemen. Wat vragen doet rijzen over het Monsterverbond.

Afgrond in zicht - Inhoud

1. Fier op de schulden - Inhoud

In oktober 1990 raakt bekend dat Hasselt 36,5 miljoen fr. meer uit het Gemeentefonds ontvangt, zodat die toelagen in 1991 410 miljoen fr. bedragen. In 1989 was dat al 403,5 miljoen, in 1990 slechts 378 miljoen. Voor burgemeester Roppe is dat maar een druppel op een hete plaat, want zonder één aanwerving te doen, stegen de personeelskosten de voorbije twee jaar met 132 miljoen.

Op de gemeenteraad van 19 november 1991 voorspelt schepen Jooken dat het slachthuis in de toekomst "selfsupporting" wordt. Veel interesse was er niet voor die uitspraak, want na een hevige woordenwisseling tussen burgemeester Roppe en Claes (VU), die na de raad in alle heftigheid heropflakkerde, gingen ook de andere fractieleiders stoom afblazen in de wandeling. Maar Jooken bleef paraat en meldde dat de ontvangsten van het slachthuis stegen van 36 tot 43,5 miljoen, de uitgaven van 30 tot 37 miljoen. Omdat de aflossing van de grote investeringen die de laatste jaren gedaan werden 7 miljoen bedragen is er toch nog een licht verlies. De financiële lasten zijn echter op hun hoogst. Als de omzet de volgende jaren op hetzelfde niveau blijft wordt het break-even-punt in de nabije toekomst bereikt.

Eddy Schuermans, verkozen tot CVP-Kamerlid, stelt voor de laatste keer een begroting voor en hij gaat er prat op dat die voor 1992 een "goede" is. De rekening 1990 en de begrotingen voor 1991 en 1992 vertonen nochtans tekorten van ruim 44, 46 en 99 miljoen fr. en de reserves dreigen uitgeput te raken. De grote bedreiging vormt volgens burgemeester Roppe de hogere overheid, die verschuldigde bedragen (deel van de personenbelasting en onroerende voorheffing) te laat doorstort en dat voor alle steden en gemeentes. Hij geeft toe dat de schuldenlast hoog ligt maar die schulden worden aangegaan voor investeringen zoals rioleringen, straten en gebouwen, niet voor lopende uitgaven zoals personeelsuitgaven. Die lopende uitgaven doen bijvoorbeeld de Belgische staat de das om. Met 16.000 fr. per inwoner bedraagt de investeringsinspanning in Hasselt gemiddeld zo'n vier keer die van de andere Vlaamse centrumsteden en dat vindt het stadsbestuur bijzonder positief. De leninglast voor 1992 komt daardoor op ruim 632 miljoen fr.

Soelaas kan zelffinanciering brengen, bijvoorbeeld kmo-zones die te gelde gemaakt worden. Er wordt ook onderhandeld met Interelectra om de eigendom van kabines en netten aan de elektriciteitsmaatschappij over te dragen. Tot 1994 zijn geen belastingverhogingen gepland. Ook aanvullende "kleine" belastingen op bijvoorbeeld riolering en huisvuil blijven uit.

SP-fractieleider Bujok herhaalt zijn waarschuwing van het jaar voordien over de uitverkoop van het patrimonium. De raadsleden moeten een lijst krijgen met de eigendommen en hun waarde. Het bestuur krijgt het verwijt de financiële reserves van het vorige bestuur opgesoupeerd te hebben. Tot 2000 is er geen ruimte meer voor nieuwe initiatieven als men de begroting in evenwicht wil houden. Een sombere Bujok ziet geen andere oplossing dan de verhoging van de belastingen. VU-fractieleider Claes gewaagt van "de tactiek van de verschroeide aarde". Een aanporring van het provinciebestuur is nodig om het CCH met zijn provinciale uitstraling te betoelagen. De oppositie keurt de begroting toch goed. Het waren zelfs alleen Vautmans (PW) en Beerden (CVP) die waarschuwden voor de constructies met Interelectra.

Volgens burgemeester Roppe op de Nieuwjaarsreceptie 1992 steeg het aantal personeelsleden van 782 in 1988 tot 820 in 1991. Elke Hasselaar betaalt jaarlijks 13.000 fr. voor personeel. In Mechelen, ook een centrumstad, bedraagt dat het dubbele. Om overlappingen te elimineren komt er een ingrijpende reorganisatie van de stadsdiensten. De politie verhuist naar het vroegere Provinciegebouw aan de Thonissenlaan, andere administratieve diensten naar dat aan de Dr. Willemsstraat. Bijna driehonderd personeelsleden krijgen in de loop van 1992 hun stek in de Centrale Werkplaatsen, een complex van 291 miljoen fr.

Door de overdracht van het waterbedrijf naar een intercommunale en de reserves die zo in de stadskas belanden, blijft de begroting 1993 ongeveer in evenwicht. Zonder die éénmalige meevaller zou het tekort ongeveer 146 miljoen fr. geweest zijn. In 1992 was er ook al zo'n meevaller met de overdracht van de stedelijke elektrische installatie aan Interelectra. Nu is er een tekort van 11 miljoen fr. wat op een totaal van bijna 2,5 miljard ook volgens de oppositie best meevalt. In tegenstelling tot het vorig jaar, keurt de SP dit keer de begroting niet goed. Volgens fractieleider Bujok vindt er geen grondige discussie plaats over de herkomst van de inkomsten en de bestemming van de uitgaven, wat voor hem wezenlijk is. VU-fractieleider Claes steunt de begroting wel, maar gewaagt van "een flikkerend knipperlicht". Vanuit de meerderheid zegt VLD-fractieleider Vautmans er moeite mee te hebben dat Intercompost van de belastingbetaler geld toegestoken krijgt voor het aanmaken van kompost, die uiteindelijk op het Remo-stort in Houthalen terecht komt.

Van het OCMW, meer bepaald het VJZ, dreigt het tekort uit de hand te lopen.

Waar gaat de 37.330 fr., die het stadsbestuur in 1993 per Hasselaar uitgeeft naartoe? 41,7 procent is voor personeelskosten, in de andere centrumsteden is dat meer dan de helft. Van de doorlichting wordt geen vermindering verwacht. Op het hoge aandeel van de schulduitgaven binnen de totale uitgaven (31,6 procent) wordt zelfs prat gegaan ("ons bestuur scoort samen met dat van Brugge het hoogst") omdat dat te wijten is aan "een sterk investeringsbeleid", waarbij de infrastructuur wordt uitgebouwd.

Bujok spreekt er zijn verwondering over uit dat de kosten voor de kerkfabrieken toenemen terwijl het kerkbezoek afneemt. Antwoord van schepen Jooken: "Daardoor wordt er minder in de schaal geworpen". De CVP wijst erop dat het kerkelijk patrimonium allen aanbelangt en een deel van het geld doorgesluisd wordt naar sociaal nuttige ontmoetingscentra.

Bij de voorstelling van de begroting van 1994 geeft schepen van financiën Jooken toe dat de schuldenlast van Hasselt relatief hoog ligt in vergelijking met de elf andere Vlaamse centrumsteden. Hasselt heeft nochtans de laagste personeelskosten maar de investeringen blijven hoog. Op zes jaar tijd werd voor zeven miljard geïnvesteerd. Roppe: "Die hoge schuld per inwoner is geen probleem zolang die schulden zonder problemen kunnen terugbetaald worden".

De werkingskosten liggen boven het gemiddelde door de uitbesteding van een aantal taken. Voor 1994 bedragen -afgerond- de geschatte gewone uitgaven 2.550 miljoen fr., de inkomsten 2.324 miljoen. Het negatief resultaat van 226 miljoen vindt Jooken geen probleem, omdat er de vorige dienstjaren een overschot was en sommige investeringen wel ingeschreven maar niet uitgevoerd worden. Van de buitengewone reserve, afkomstig van de verkoop van de watermaatschappij, dient 50 miljoen om het tekort te dekken. De andere 50 miljoen gaat, gespreid over de twee volgende jaren, naar het VJZ, dat met zware financiële problemen kampt. Jooken ontkent de uitverkoop van het stedelijk patrimonium. Precies door het verstandig grondbeleid van de vorige legislaturen bleef de stad financieel gezond. Nu staat bijvoorbeeld tegenover de verkoop van de stadsgarage aan de Koningin Astridiaan de aankoop van het vroegere provinciegebouw en de bouw van de centrale werkplaatsen.

Op de gemeenteraad van begin december 1993 vraagt de VU-er Jean-Paul Claes zich af of het na de door het bestuur eerder aangekondigde knipperlichten op begrotingsgebied geen tijd is voor rode slagbomen. SP-fractieleider Bujok vergelijkt de stad met een gezinsbedrijf waar de kleinkinderen eindelijk aan de kassa kunnen nu grootvader op vakantie is. Het gevolg zijn stunts in de stadskas en op het terrein, zoals het Nippon-complex in de TT-wijk en het "overbodige" complex Kanaalkom. De overgang van het vorige bestuur naar het huidige was "niet evenwichtig of op mensenmaat".

Bujok klaagde de hele heisa met commissies rond de 21 miljoen fr. voor een kansarmoedebeleid aan, terwijl er voor de duistere post volksontwikkeling en kunst 493 miljoen fr. werd uitgetrokken. De "metersbrede stoepen" in de stad kunnen zijn vrees niet wegnemen dat de Hasselaren zich op een eiland gaan wanen en "koel en egocentrisch" worden.

Op bezoek in Hasselt noemt de voorzitter van de Vlaamse Gemeenschapscommissie van Brussel Michiel Vandenbussche het Hasseltse document over kansarmoedebestrijding "interessant voor bestudering". Dat Hasselt daarvoor 35 miljoen fr. Ontvangt, vindt hij een goede zaak. Maar dat de Vlamingen in Brussel, "waar de problemen tien keer zo erg zijn", het met slechts vijf miljoen meer moet stellen kan voor hem niet.

De gemeenteraad van 21 december 1993 keurt 10 miljoen fr. goed voor de uitbreiding van trefcentrum De Magneet in Ter Hilst. De leasing van het golfterrein door de vzw zet het Gemeentekrediet om in een door de stad gewaarborgde lening van 32 miljoen fr. Het stadsbestuur oordeelt dat het golfterrein, dat zich op stedelijk domein bevindt, al een borgstelling inhoudt. Vanuit de oppositie komt -bij afwezigheid van de fractieleiders Bujok (SP) en Cox (Agalev)- geen reactie.

Eind juni 1994 verzekert burgemeester Roppe dat de stedelijke financiën kerngezond zijn. De rekening van 1993 vertoont zelfs een overschot van 130 miljoen fr. Dat die rekening met dat ruime surplus zo snel klaar is vindt de oppositie verdacht. Geruchten doen de ronde over bijkomende leningen die niet rond geraken. De oppositie maakt daar gebruik van om te wijzen op de talrijke openbare werken die de stad momenteel in een grote werf herschapen. Ze zouden opgezet zijn om te scoren bij de nakende gemeenteraadsverkiezingen.

Roppe repliceert dat de jaren tevoren nog aanzienlijkere investeringen gebeurden, vooral voor riolering. Dat daarvoor geleend moet worden is geen probleem, zo lang die leningen probleemloos kunnen terugbetaald worden. En dat kan vermits er zelfs een ruim overschot is op de gewone begroting, waarop de intresten van leningen terecht komen. De 900 miljoen investeringen van 1994 zijn volgens hem trouwens goed voor een duizendtal jobs. Dat de rekening van 1993 vlugger klaar is vergemakkelijkt de opmaak van de begroting voor 1994.

Volgens schepen van financiën Jooken ligt de belastingdruk per inwoner in Hasselt laag in vergelijking met andere centrumsteden. Taksen op stoepen, huisvuil en rioleringen zijn er niet, wat hij "uniek in Vlaanderen" noemt.

Op de gemeenteraad van enkele dagen later, vraagt hij de gemeenteraadsleden zelfs "chapeau" te doen voor de rekening van 1993 en die gaan daar niet zonder ironie op in. De buitengewone dienst (investeringen) vertoont weliswaar een "negatieve uitkomst" van 42 miljoen fr., maar die is te wijten aan het niet of laattijdig realiseren van bepaalde ontvangsten, zoals de verkoop van onroerende goederen en niet opgenomen leningen. De schepen geeft ook toe dat de stad het investeringsritme van de laatste jaren niet kan blijven volhouden. Sinds 1989 kwam dat neer op 4,7 miljard fr.

De Hasseltse voetbalploegen Hades en Runkst krijgen elk een half miljoen fr. voor de bouw van kleedkamers.

In tegenstelling tot Roppe stond diens voorganger Meyers bekend om zijn zuinigheid. Wat denkt Meyers over het na hem gevoerde financiële beleid? Hij wijst er in januari 1995 op dat er goed werk werd verricht en de stad behoorlijk verfraaid werd, maar geeft ondanks zijn loyaliteit toe dat hij het financieel "anders" zou gedaan hebben.

Eddy Schuermans, schepen van financiën onder Roppe tot 1991, blijft achter het gevoerde beleid staan. "Een zeer belangrijk geschenk aan onze opvolgers was het pensioenfonds, waardoor de stad ook nu nog veel minder op de lonen moet afdragen, en het goed gevulde rollend fonds voor gronden. We hadden lage personeelskosten en de werkingskosten waren onder controle, zodat Hasselt de laagste belastingen van de centrumsteden had. Vergeet ook niet dat alle Hasseltse ontmoetingscentra gebouwd of vernieuwd werden voor 1994. We investeerden inderdaad enorm maar hadden nooit enig probleem om die schuldenlast te betalen. De volgende besturen zetten dat goede beleid verder, geholpen door een drastische rentedaling".

2. Itami en de Japanse tuin - Inhoud

Voor zijn 50-jarig bestaan en vijf jaar jumeiage met Hasselt krijgt Itami in oktober 1990 43 klokken ter waarde van 4.150.000 fr. cadeau, die ingenieur Swyngedouw ter plekke gaat installeren. De toren moet nog opgebouwd worden maar dat gebeurt in één dag. De klokken vormen de eerste handbespeelbare beiaard in Japan.

Op 7 november 1990 vertrekt een 62-koppige Hasseltse delegatie, met aan het hoofd burgemeester Roppe, voor tien dagen naar Itami om er economische en culturele contacten te leggen. Stadsbeiaardier Vanstreels speelt de beiaard in. Tijdens het bezoek roept de SP-er Bujok de pers bijeen om aan te klagen dat de burgemeester en zijn gevolg niet zozeer naar de verre zusterstad trokken om economische en culturele contacten te leggen, maar om op stadskosten recepties af te schuimen. De burgemeester, de stadssecretaris en twee vertegenwoordigers gingen volledig op stadskosten mee, de schepenen en gemeenteraadsleden betaalden de helft.

Bij zijn terugkeer reageert burgemeester Roppe door de pers een waslijst van op touw gezette culturele evenementen te bezorgen. Een vertegenwoordiger van één van de bezochte Japanse bedrijven bezocht al een Hasselts industrieterrein. Bujok krijgt het verwijt aan "kleine politiek" te doen in een materie die tevoren de partijgrenzen overschreed en dat vindt Roppe "in-triestig", ook al omdat "bewust wordt ingespeeld op een natuurlijk bestaande xenofobie bij de bevolking". Of Bujok cavalier seul speelt is Roppe niet bekend, maar hij zei het wel eigenaardig te vinden dat ook de Limburgse bestendige deputatie, mét socialisten, nog onlangs een delegatie naar Japan stuurde en vice-premier Willy Claes, daar met zijn gevolg op bezoek, een ommetje maakte langs Itami. De burgemeester wil de kosten van andere delegaties wel eens naast de Hasseltse leggen

Volgens oppositielid Jean-Paul Claes (VU) die aan de persmeeting deelneemt, is de SP-fractie het bij de voorbereiding van deze reis volledig eens met het programma en de intenties ervan. SP-fractieleider Vendrickx drong zelfs aan op een grotere inbreng van de stad in de reiskosten om meer gemeenteraadsleden in staat te stellen om de trip mee te maken.

Op metershoge masten in het stadspark worden in november 1990 drie bronzen Vredesvogels, gecreëerd door de Hasseltse kunstenaar Robert Vandereycken en met een kostprijs van twee miljoen fr., aangebracht. In het Japanse Itami en haar Chinese zusterstad staat precies hetzelfde kunstwerk.

Met eenparigheid van stemmen beslist de gemeenteraad van dinsdag 28 mei 1991 fase één van de Japanse tuin te laten uitvoeren. Toch opvallend voor wie het gehakketak en de quasi afgelasting uit het recente verleden indachtig is. Deze eerste stap behelst de aanleg van terreinglooiingen en leidingen (10 miljoen fr.) en de werfvoorbereiding van de rotspartijen (6,6 miljoen fr.) Naar schatting kost het ganse project 40 miljoen fr., buiten de twee ceremoniehuizen die in de begroting van Itami staan ingeschreven. Sponsorende Japanse bedrijven zegden 15 miljoen fr. toe en Hasselt hoopt dat het eigen bedrijfsleven in ruil voor het gebruik van de ceremoniehuizen volgt. De stad blijft uitbater, maar een vereniging "Vrienden van de Japanse tuin" kan het daglicht zien.

De partijen van de oppositie, die via een werkgroep bij de voorbereiding van het project betrokken werden, staan er unaniem achter, "ook al kost het de stad geld". SP-fractieleider Bujok vindt wel dat dit stukje cultureel erfgoed "niet boompje voor boompje aan de middenstand mag uitverkocht worden".

Op de raad van 19 november 1991 komt de Japanse tuin weer ter sprake. Met de aanleg is een bedrag gemoeid van circa 60 miljoen fr., waarvoor toelagen aangevraagd zijn bij het EFRO. Het gaat om geld dat aanvankelijk bestemd was voor de verdere uitbouw van de Grenslandhallen. Raadslid Bujok (SP) merkt op dat het oorspronkelijk de bedoeling was de tuin te financieren via privé-sponsoring. "De inspanningen om privé-sponsors aan te trekken moeten intensief voortgezet worden", vindt Bujok. Burgemeester Roppe meldt dat langs dat kanaal al 16 miljoen fr. werd toegezegd. Volgende week heeft, in samenwerking met de Japanse ambassade, een samenkomst plaats om het Japanse bedrijfsleven, warm te maken voor de Hasseltse Nippontuin.

Eind mei 1992 komen voor de Japanse tuin zes containers hout en ruwbouwmaterialen uit Japan aan. Het hout is bestemd voor het ceremonie- en theehuis, die Itami ruim veertig miljoen kosten. Het houten bouwskelet van het ceremoniehuis is half juni 1992 afgewerkt en vier uit Japan overgekomen arbeiders zorgen voor de Jyoto Shiki, te vergelijken met het steken van onze mei. Burgemeester Roppe giet als plaatsvervanger van zijn Itamese collega met de nodige buigingen de steunpalen aan met sake.

Tegelijk ontvangt het stadsbestuur de heuglijke mededeling dat het EFRO, na een eerdere weigering, toch bereid is met 38 miljoen fr. - de helft van wat na de inbreng van Itami nog nodig was voor de aanleg - over de brug te komen voor het project. Eerder kon ook de tuin van Alden Biesen op gelijkaardige steun rekenen.

Op vrijdag 20 november 1992 om 14 uur opent de Japanse tuin officieel. Niet voor lang want op zondag 29 november gaat hij weer dicht. Het normale seizoen loopt van april tot oktober en voor die periode in 1993 lopen bij de Hasseltse hotels al duizenden boekingen binnen. De opening gaat gepaard met omkaderingsactiviteiten in het CCH. Bij de opening is het aanschuiven voor de talrijke aanwezigen, onder wie bijzonder veel Japanners, met de vrouwen in traditionele klederdracht. De Itamese burgemeester Yano noemt het doorknippen van het lint het mooiste moment in zijn leven.

Hij overhandigde burgemeester Roppe een stapel yens ter waarde van een half miljoen fr. Roppe spreekt van een uniek moment in de 760-jarige geschiedenis van zijn stad. Zijn collega Yano en gewezen Belgisch ambassadeur in Japan Vliegen krijgen de titel van Hasselts ereburger. Tijdens de tien dagen dat de tuin open is worden 1500 bezoekers per uur geteld. Met als titel "Een Japanse tuin te Hasselt" komt een naslagwerk ter beschikking met de historiek van Japanse tuinen in het algemeen en van dit project in het bijzonder.

Pech voor de verdedigers van dit project dat ongeveer in dezelfde periode een nieuwe stadskrant van de Groenen verschijnt: De Bloote Hasselaar. Volgens de "onthullingen" in het eerste, gratis nummer valt de Japanse tuin niet zo goedkoop uit als de verantwoordelijken laten uitschijnen. Volgens de Rekendienst zou de Stad zelf al 36 miljoen fr. geïnvesteerd hebben, terwijl aan sponsorgeld "och arme toch" (sic) 13 miljoen werd binnengehaald. Voor de verblijfskosten van Japanners in Hasselt werd het jaar tevoren drie miljoen uitgetrokken.

Van begin april tot eind juni 1994 telde de Japanse tuin 30.000 bezoekers zonder dat publiciteit werd gevoerd. Voor gans 1993 waren er dat voor het ganse seizoen 75.000 wat neerkomt op 7 miljoen fr. inkomsten. "En dat terwijl het ganse project de stad maar zoveel kostte als twee stoepen", aldus burgemeester Roppe.

3. Trema kristalliseert de onvrede - Inhoud

Als Trema het Roppe-team niet definitief de das heeft omgedaan, dan heeft het toch een stevige bijdrage geleverd tot de keldering ervan. De onvrede had vele bronnen maar kristalliseerde zich in Trema.

Op de gemeenteraad van eind maart 1993 treden burgemeester Roppe en VLD-fractieleider Vautmans erover in discussie of voor het Kanaalkom-project eerst het bpa dan wel het gewestplan Met Trema zou volgens cijfers van september 1993 een investering van vijf tot zeven miljard fr. gemoeid zijn. Minister Kelchtermans belooft de wijziging van het gewestplan Hasselt-Genk op 22 september aan de Vlaamse regering voor te stellen. Daardoor kan de renovatie van de Kanaalkom in een stroomversnelling komen.

Begin oktober 1993 komt er een hoorzitting met de zelfstandigen. Burgemeester Roppe stipt aan dat het Trema-project de wildgroei van zaken op de Hasseltse invalswegen tegenhoudt. Het schoolvoorbeeld is de Genkersteenweg en ei zo na kwam er een nieuw mastodont-grootwarenhuis in de buurt van de Sarma.

Om het "carcan" dat het kleine Hasseltse centrum dreigt te verstikken tegen te gaan, vindt Roppe dat de kleine ring op enkele plaatsen dient doorgeknipt te worden. Het geïntegreerd project aan de Kanaalkom omvat een commercieel gedeelte, woningen, kantoren en recreatie. Verder zijn er een grote ondergrondse parkeergarage en aan het uiteinde een hoog gebouw van tien- tot twaalf verdiepingen. Roppe: "Als we de zaken op hun beloop laten gaan de mensen aanschuiven in Waterschei of Wijnegem".

Architect Delhaise ziet de ontwikkeling vanaf het station via de Koningin Astridlaan naar de Kanaalkom. Een promenade verbindt het project met het stadscentrum. Hij wijst op het belang van het water als recreatief element. Langs de gebouwen die zich "les pieds dans l'eau" bevinden kunnen enkel voetgangers en fietsers passeren.

Trema noemt zich geen promotor maar een belegger van "de centjes" van pensioenfondsen. Het verwijst naar zijn realisaties in Parijs, Marseille, Torino, Madrid en Valencia. Eerst was het geïnteresseerd in Feniks, maar het verkoos Hasselt boven Genk. Het houdt een deel van de winkelpanden in eigen beheer en verhuurt de overige. Voor het gedeelte buiten het commerciële toont Trema weinig belangstelling, wat bezorgde vragen ontlokt over de parallelle ontwikkeling van alle onderdelen. Sommigen vrezen een heruitgave van de geïsoleerde TT-wijk. Met het gewestplan gewijzigd en het BPA aangepast, diende Trema al een bouwaanvraag in en stelde het een projectbegeleider aan. De realisatie van het Hasseltse Trema-project kan binnen de vijf jaar. NCMV-Limburg neemt nog geen standpunt in.

Begin februari 1994 stellen de Hasseltse Zelfstandige Ondernemers (HZO) op het stadhuis hun nieuwe tweemaandelijkse infoblad Curiositeit voor, als publicatie gewenst door 83 procent van de middenstanders van de stadskern en verspreid onder hen (die van de deelgemeenten moeten zonder doen). Voorbeelden van items zijn de aanpak van de kern, de organisatie van het verkeer en de realisatie van de infrastructuur. Naar Feniks, "een tweede klein Hasselt op een tiental kilometer van onze stad", wordt vernietigend uitgehaald. De redactie met HZO-voorzitter Luc Renier wijst ook het Kanaalkomproject "met klem" af, tenzij het in één fase gerealiseerd wordt en het commerciële gedeelte "perfect volledig" aansluit op de stadskern. Treurnis is er over "een derde super(hyper?!)markt" en dat de stad, ondanks het distributieonderzoek van Trema waaruit blijkt dat daarvoor geen echte markt is, toelaat "dat ook Colruyt zich vestigt aan de hoek Runkstersteenweg-Grote Ring".

De aanwezige burgemeester Roppe vindt zich perfect terug in het Feniks-standpunt, maar de enige manier om dat te counteren is voor hem de uitbreiding van de te kleine Hasseltse stadskern naar de Kanaalkom. Het stadsbestuur neemt akte van de standpunten van de diverse belangengroeperingen, maar zal uiteindelijk beslissen in functie van het algemeen belang.

Colruyt kan alvast aankondigen zich met een investering van 120 miljoen fr. te zullen vestigen aan de kruising van de Runkstersteenweg met de grote ring. Het wordt een klassieke Colruyt-winkel zoals in Beringen, Houthalen en Genk, met het volledige assortiment voeding. Volgens directeur Basteleurs van de Prospectiedienst heeft Colruyt geen schrik van het Feniks- of Kanaalkomproject, omdat het ook hier zijn sterke troeven van kleine voorraden, snelle aanlevering en lagere prijzen kan uitspelen. Het was dan ook niet de bedoeling hen voor te zijn. Eerdere pogingen van Colruyt om zich in Limburg te vestigen stuitten op een boycot door de ministers van die provincie, maar dat is gedaan. Een geschikte ruimte in de Hasseltse stadskern was niet te vinden.

Het college van burgemeester en schepenen gaat unaniem akkoord met de vestiging en de bouwvergunning wordt probleemloos afgeleverd. Maar Basteleurs is er zich van bewust niet welkom te zijn bij de Hasseltse middenstand. Dat wijt hij aan de vestiging buiten het centrum, waardoor Colruyt het economisch weefsel niet komt verstevigen. Toch verwacht Colruyt geen problemen voor de sociaal-economische machtiging omdat in dit comité buiten de middenstand ook de verbruikers en de vakbonden vertegenwoordigd zijn. En er is werk voor 20 tot 25 mensen.

Op een toelichting bij de gemeenteraad van februari 1994 stelt burgemeester Roppe dat Colruyt "niet tegen te houden was". Net zo min als het stadsbestuur kan beletten dat op de grond van de Sarma in Kuringen een complex in de aard van de Wijnegem-shopping zou ontstaan. Hij wil de Hasseltse middenstand duidelijk maken dat ze zal moeten kiezen tussen wat voor haar de cholera en de pest zijn. Ofwel Trema, met een versterking van het stedelijk weefsel waaraan die middenstand geen boodschap heeft maar wel met zijn ontradend effect naar andere megalomane winkelprojecten. Ofwel een verdere wildgroei van winkels, discounts en supermarkten aan de rand van de stad, zonder verhaal van het stadsbestuur.

Om Trema of een ander project aan de Kanaalkom mogelijk te maken vraagt het bestuur de gemeenteraad om, na de doorgevoerde wijziging van het gewestplan, een "tweede spoor" te volgen: de wijziging van het BPA Kanaalkom. Het gaat om een "voorlopige" vaststelling zodat voor een concrete invulling onderhandelingen met kandidaat-ontwikkelaars kunnen starten. Voor een definitief bpa zijn 36 stappen nodig maar met de nodige druk kan dat in zes maanden - dus nog voor de gemeenteraadsverkiezingen - rond geraken.

Ook als de onderhandelingen met Trema afspringen blijft dat voor de burgemeester een noodzaak. Het gebied ten westen van de Kanaalkom (aan de Gelatinefabriek) werd voorbestemd als zone voor kleine en middelgrote ondernemingen en dat moet een multifunctionele zone worden. Zo kunnen er oostelijk van de kom kantoren en woningen (appartementen) komen, westelijk een commercieel gedeelte.

"Een miskleun", noemt SP-fractieleider Bujok het project, gesneden op maat van de Franse groep Trema. Zo is geen organische groei mogelijk, maar komt er enkel aandacht voor het commerciële gedeelte, dat het verst van de stadskern verwijderd is. De verbinding met die kern, door het NCMV en de Hasseltse middenstand essentieel genoemd, dreigt stiefmoederlijk behandeld te worden. Zeker als Trema tegen zijn wil verplicht wordt die te ontwikkelen. Bujok had ook kritiek op de onteigeningsprocedure en de inschakeling van de GOM daarvoor.

Schepen Jooken spreekt dan weer van "een schoolvoorbeeld van urbanisatie" omdat een aantal dwingende regels ingebouwd zijn. Zo moet het woon- en kantoorgedeelte tegelijk met het commerciële gedeelte aangepakt worden. Blijkbaar een les uit het Nippon-centrum waar dat niet gebeurde. Ook de meerderheidspartijen CVP en VLD dringen aan op een strenge controle op de procedure.

Het buurtcomité van de Heilig Hartwijk vindt in de daaropvolgende maand alvast dat "een shoppingcenter vergelijkbaar met Wijnegem (60.000 m2) onze rust op het spel zet en een enorme overlast veroorzaakt." Een nieuwe weg aan de Armand Hertzstraat zal alle verkeer van en naar Kuringen aantrekken, temeer omdat de Kuringersteenweg verkeersarm gemaakt wordt. De wijk vreest overspoeld te worden door auto's, die liever daar gratis parkeren dan in de dure parkeergarages. De 1800 parkings onder de shopping zullen niet volstaan. Als die weg er komt moet dat ondergronds zijn. In de wijk met zijn drie scholen moet er absoluut verkeerverbod komen.

Op pamfletten (zonder verantwoordelijke uitgever) worden de inwoners opgeroepen bezwaarschriften in te dienen tegen het BPA Kanaalkom, dat tot 24 maart 1994 ter inzage ligt. Alle fouten die de politici in het verleden al maakten tegenover de buurt staan opgesomd, om te beginnen de Dockside met pas een fonkelnieuwe lichtinstallatie en een parkeerterrein voor vrachtwagens aan Limburgia. Dat de rotondes aan de Lazarijstraat en de Armand Hertzstraat afgebroken moeten worden noemen de opstellers van het pamflet een verspilling van belastinggeld. De bewoners kunnen beter direct contact opnemen met de politici vooraleer er "gebouwen van dertig meter hoog komen van waarop in de hoven van de mensen kan gekeken worden".

Burgemeester Roppe noemt dit "opgeklopte stemmingmakerij". Volgens hem is er geen sprake van het opbreken van de genoemde rotondes. De aan te leggen wegen die een "overlast" zouden zijn hebben geen aansluiting met de wijk. "Dockside en Limburgia worden mogelijk geherlokaliseerd maar zeker is dat niet. Het gewijzigde BPA laat de onteigening wel toe", aldus Roppe, die meende dat de opstellers van het pamflet de buurt niet vertegenwoordigen.

In juni 1994 verwerft Trema het voorkeurrecht voor de aankoop van de gronden op de locatie van het commercieel centrum aan de Kanaalkom. Dat is geldig voor twee jaar. Trema sloot al "verkoopcompromissen" met eigenaars van gronden en panden, waar het complex moet komen. Wie geen akkoord bereikt kan zich verwachten aan een onteigening door de GOM, die doorverkoopt aan de stad. De Dockside en Limburgia zijn gedoemd om op "middellange" termijn te verdwijnen maar het stadsbestuur heeft tien jaar om effectief te onteigenen.

Trema is enkel geïnteresseerd in het commerciële gedeelte, maar verbindt er zich wel toe het overige "in te vullen". Volgens schepen Jooken valt geen waterdichte procedure uit te dokteren, maar met boeteclausules kan de Franse groep wel onder druk gezet worden.

De aanpassing van het BPA Kanaalkom komt tegemoet aan de wensen van de Heilig Hartwijk. Auto's voor Trema worden er weggehouden. Volgens burgemeester Roppe is het project "geen tegenzet tegen Feniks", maar wil het wel ontradend werken tegen vestigingen in Kuringen, aan de Genkersteenweg of de Universiteitslaan. Bij de stemming op de gemeenteraad van juni 1994 onthoudt CVP-raadslid Vanmuysen zich als voorzitter van het politiek comité van het NCMV.

Zelfs na de verkiezingsnederlaag van Roppe verklaart diens voorganger Meyers zich in januari 1995 nog voorstander van Trema. Volgens hem heeft Hasselt niet teveel commerciële ruimte, maar is die met maandelijkse bedragen van 300 tot 400.000 fr. voor een pand veel te duur. Door de komst van Trema aan de Kanaalkom zouden de prijzen voor winkelruimte door de wetten van vraag en aanbod sowieso dalen. Er moest dan wel een verbinding komen van de Kanaalkom met de binnenstad onder de kleine ring door. Als voorbeeld van hoe dat kan haalt hij Wenen en, in het zog daarvan, Straatsburg aan. "Bijkomende winkels zijn toch niet alleen concurrentie. Voor één schoenenwinkel in een straat komen de mensen niet, maar voor drie wel. De Walputstraat met zijn restaurants kennen ze tot in Nijmegen. Ook de Kapelstraat. Als ge daar geen kleed vindt zijt ge een moeilijke vrouw".

4, Achter het lèmfabriek - Inhoud

Er was een tijd dat de Gelatinefabriek met zijn 75 meter hoge fabriekschouw Hasselt overheerste. Ook figuurlijk, want met zijn ruim 300 werknemers was het de grootste werkgever van de stad. Intussen brokkelde de schouw af, de gebouwen scleroseerden tot ruïnes, het complex werd een

industrieel kerkhof. Met het afschieten van het Trema-project met zijn 80 prestigieuze winkels, blijft alles bij het oude.

In het huidige economische jargon zou de Hasseltse "Lijmpot" een "spin-off" activiteit van de jeneverindustrie heten. Dat zit zo. Een zekere Gottlieb Hertz werd bij zijn bezoek aan Hasselt onwel van de kwalijke geuren die van het slachthuis kwamen. Toen hij hoorde dat die afkomstig waren van de benen en vellen van de geslachte ossen die gehouden werden om de draft van de gestookte jenever op te vreten, ontsnapte hem een "eureka!" Een lijmfabriek zou al het slachtafval van de Hasseltse ossen verwerken tot lijm en gelatine.

Op 1 maart 1894 richtte hij samen met zijn zoon Armand (naar wie later een Hasseltse straat werd genoemd) en enkele industriëlen uit Lotharingen een vennootschap op om, samen met Vilvoorde, chemicaliën te produceren. Het bedrijf vestigde zich aan de Demer, vlakbij het slachthuis en het nieuw gegraven kanaal van Hasselt naar Mol. Die ligging was niet alleen interessant voor het afvoeren van de eindproducten, maar ook voor de aanvoer van "grondstoffen", want de vellen en beenderen van het plaatselijke slachthuis waren onvoldoende.

Uit de oude volkswijk De Beek werden heel wat arbeiders gerekruteerd om de weinig appetijtelijke werkjes te verrichten. Zo heeft Jef Mangelschots het in zijn boek "De Beek" over koekoppen "met de hoorns er nog aan" en paardenpoten "waar de hoefijzers met de bijl moesten afgeslagen worden", maar ook over kamelenbeenderen.

Om de beenderen mals te krijgen werden ze in kalkkuilen gestoken. De wormen erin konden het gevreesde miltvuur veroorzaken. Het afgescheiden fosfaat ging per schip naar Duitsland om er smakelijk kindervoedsel, "fosfatine", van te maken. De bewerkte beenderen werden gekookt tot een stevige bouillon, die gedroogd werd tot verschillende soorten gelatine.

Het was vuil en gevaarlijk werk, waarbij veel ongevallen gebeurden. Maar buiten de fabriekspoorten, achter de Lijmpot, tussen de grote hopen bakstenen die Kumpen daar gestapeld had, ging het rendez-vous van menig verliefd koppeltje door. Jules Kloek schreef er zijn evergreen "Achter het Lèmfabrik" over, waarvan elke Hasselaar die eretitel waardig ten minste de eerste strofe kan meezingen.

Voor de definitieve teloorgang van de Lijmpot in 1954 wordt een terminologie gebruikt die hedendaags klinkt: buitenlandse concurrentie, te hoge loonlasten, een bouwvallige fabriek.

Die laatste werd met stukken en brokken verkocht. Vroeg of laat wacht de speculanten een fikse beloning, maar voorlopig vestigden er zich een aantal kleinere bedrijven. Op de terreinen in de buurt voelen de ratten zich als op een graanzolder en rattenverdelgers hebben er hun werk aan.

5. Begrafenis eerste klas - Inhoud

Op 23 september 1994 stapt de Hasseltse middenstand op in de eigen begrafenis, wat toch niet iedereen gegeven is. Het Kanaalkomproject Trema is volgens hen "dodelijk". De begrafeniswagen met daarachter een 80-tal personen stapt op vanaf de verloederde Gelatinefabriek, die met Trema onder de slopershamer zou sneuvelen. Tijdens de optocht naar het Molenpoortplein speelt de begeleidende band afwisselend echte begrafenismuziek, dixieland en "Achter het lèmfabriek", het lijflied van de Hasselaren dat voor de gelegenheid een nieuwe versie kreeg.

Voor voorzitter Eddy Ghijsebrechts van het NCMV-Hasseltse Zelfstandige Ondernemers, die de "doodsrede" uitspreekt, moet er een herwaardering van dat complex komen, maar het project zoals het nu voorligt, maakt van Hasselt een "spookstad". Voorzitter van de Hasseltse Handelaars Eric Hox: "Het stadsbestuur zegt telkens met ons mee te denken, maar iets concreets komt er nooit". De sfeer is niet grimmig, ondanks de bordjes "Trema, over mijn lijk" waarmee kinderen wat griezelig rondlopen. Maar de receptie met jenever en de vrolijke noten van de band maken het best aangenaam.

Gelijktijdig voert Trema, onder andere met de sponsoring van de ponykampioenschappen op Kiewit, een charmeoffensief. Het voorspelt dat Hasselt veertig procent meer bezoekers zal krijgen. Net waar de naburige Heilig Hart- en Willemswijken, die een affichecampagne aan ramen en deuren voeren en hun huizen "te koop" aanbieden, zo bevreesd voor zijn. Burgemeester Roppe stelt eerder dat die wijken meer dan nu zelfs "afgebufferd" worden. De Hasseltse burgemeester herhaalt nog eens dat Trema voor hem niet hoeft, maar dan is een ander project in een straal van tien kilometer rond Hasselt - een hypermarkt op het Sarma-terrein of Feniks in Genk - niet tegen te houden. Dat zal de bezoekers pas echt uit Hasselt weghouden.

Daartegen voeren Ghijsebrechts en zijn vereniging, die pretenderen ook de deelgemeenten te vertegenwoordigen, aan: "Buiten het Nippon Center is er in de Hasseltse binnenstad nog heel veel leegstand. Trema is overbodig." Dat bewijst een zelfgemaakte studie, waarvoor HZO met ondervoorzitter Paeschen op kop in de Hasseltse binnenstad van huis tot huis trekt. Die wat geïmproviseerde inventaris levert 91 leegstaande panden op (8,9 procent binnen de kleine ring, 5,1 procent erbuiten) en verduidelijkte verder dat er betreffende textiel en schoenen een overaanbod bestaat. 21 procent van de panden heeft met mode te maken, vrije beroepen en banken nemen 19,5 procent in en horecazaken 12 procent.

Het Nippon Center staat leeg en als er nog eens tachtig Tremawinkels bijkomen is het hek volledig van de dam. Op het Roppe-argument dat enkel Trema een derde hypermarkt kan tegenhouden luidt de repliek van Ghijsebrechts: "Als het bijzonder plan van aanleg rond zo'n hypermarkt geen ruimte voor andere winkels laat komt die er niet". Hij vraagt zich overigens af waarom het eraan komende bioscoopcomplex niet op het verloederde Gelatineterrein kan komen. De middenstanders willen in elk geval niet dat de Kuringersteenweg in Kuringen en de Diestersteenweg in Kermt tot

"een nieuwe Genkersteenweg" verworden. Niet alleen de leegstand van de winkels in de binnenstad, maar ook de ruimte erboven vormen volgens de Hasseltse middenstand trouwens een probleem. Hun organisatie geeft ook toe dat de leegstand in Hasselt, vergeleken met gelijkaardige Vlaamse steden, nog meevalt. Maar met de Tremapanden erbij dreigt de middenstand uit het Hasselts stadscentrum weg te trekken. Nu al nemen volgens Paeschen de grote, vooral Nederlandse ketens de grote stedelijke assen in, met de eigen zelfstandige ondernemers in de zijstraten.

Niet alleen Hasseltse zelfstandigen zijn tegen. In het opgerichte actiecomité ageren ook mensen van de Koolmijnlaan in Heusden-Zolder, de Stalenstraat in Waterschei-Genk en de Pauwengraaf in Maasmechelen. CVP-schepenen als Vandeput en vooral Vanrijkel, die woont en zijn stemmen haalt in de Heilig Hartwijk, voelen zo kort voor de verkiezingen nattigheid. Burgemeester Roppe lijkt bereid een bocht te nemen, maar zet vervolgens toch door.

6. Oppositie in alle vormen - Inhoud

Eind juli 1991 gaat de geplande aanstelling van Bert De Bakker tot directeur van het Virga Jesse Ziekenhuis niet door. De SP- en VU-leden verlaten de vergadering van de OCMW-beheerraad. De boycot kwam er omdat De Bakker als provinciaal voorzitter van CVP-Limburg zou voorgetrokken zijn tegenover andere kandidaten. Op de vergadering van 13 augustus lukt het wel. Schepen Schuermans geeft toe dat De Bakker in de schriftelijke proef op de meet verslagen werd, maar mondeling zou hij lengten voorgelegen hebben. Volgens de oppositie waren de examinatoren van dezelfde partij als de kandidaat.

In Limburgse SP-gelederen is er tevredenheid over de verkiezingen van 1991, omdat die partij in Limburg relatief minder achteruitging dan in de rest van Vlaanderen en de "coming men" goed scoorden voor de voorkeurstemmen. De geruchten over zowel een SP-CVP als over een SP-PW-VU akkoord werden tegengesproken. Er was geen voorakkoord voor de toekomstige Deputatie, ondanks het bericht in de plaatselijke pers en de door de CVP verspreide affiche. Voor het begin van de onderhandelingen over de provinciale coalitie was het wachten op de terugkomst van Willy Claes uit Brussel. Ernest Bujok vergeleek zijn resultaten als opvolger voor de Kamer met die van Roppe en dat viel in zijn voordeel uit. Ook Stevaert was in zijn nopjes met zijn 2.750 voorkeurstemmen voor de Provincie. Buiten Willy Claes (dit keer voor de Provincie 7.688 voorkeurstemmen) haalde nog nooit iemand zulk een hoge score voorkeurstemmen. En dat terwijl Steve net achter het SP-zwaargewicht stond.

Aan het zwarte kruispunt, dat de Runkstersteenweg met de Boerenkrijgsingel vormt, vallen op drie weken twee doden. Boze buurtbewoners overhandigen een petitie met 250 handtekeningen aan burgemeester Roppe, maar de grote ring is als rijksweg de verantwoordelijkheid van Bruggen en Wegen. Volgens die dienst vormen alle kruispunten op de grote ring door de toenemende

verkeersdrukte een almaar groter probleem. Om het autoverkeer vlot te houden is de oversteektijd van fietsers en voetgangers beperkt en automobilisten negeren in toenemende mate de rode lichten. Tunnels en overbruggingen zijn erg duur, maar aan het zwarte kruispunt Kiezelstraat-Universiteitslaan in Godsheide komt toch een tunnel. Zo werd beloofd.

"Het is niet meer mogelijk om in Hasselt een constructieve oppositie te vormen", meent Luk Cox (Agalev) bij de herstructurering van zijn partij in mei 1992. De nieuwe voorzitter is Toon Hermans, secretaris Dirk Grauwels. De Groene Brievenbus en de Groene Nieuwsbrief moeten helpen. Het huidige beleid legt de nadruk op grootse, buitenschalige activiteiten en handelscomplexen met hun belastende infrastructuur krijgen her en der een vestiging. Volgens Hermans zijn de contracten vaak al afgerond voor er een vergunning is en voor de plaatselijke bevolking geïnformeerd werd. Linda Bollen, lid van de Stedelijke Adviescommissie voor Ruimtelijke Ordening, stelt vast dat bij BPA's en vergunningen "de nieuwe reglementeringen voortreffelijk omzeild werden". Ze noemt de BPA's voor Villers, Ekkelgarden (Rapertingen), de TT-wijk, Tuilt en Hilsenweide.

In januari 1993 krijgt Paul Convents twee maanden effectieve gevangenisstraf voor smaad aan het stadsbestuur. Op borden op zijn stuk grond had hij dat bestuur onder andere "een maffiabende" genoemd. Al jaren duurt dat conflict, vooral met zijn buurman, gewezen schepen Blokken. Tot vijf keer werd hem een bouwvergunning geweigerd voor een woonhuis met koffieshop in Godsheide, ondanks voortdurende aanpassingen. Pogingen om de zaken bij te leggen op het stadhuis liepen steevast uit op ruzies, waarna Convents door de politie aan de deur werd gezet. Alle machten spanden tegen hem samen, tot de rechter en zijn advocaat toe.

De organisatie Geneeskunde voor de Derde Wereld wil eind januari 1993 een protestmotie over het lot van de gedeporteerde Palestijnen overhandigen aan Willy Claes aan zijn woning in Kiewit. Maar burgemeester Roppe vindt dat dat maar aan zijn ambtswoning in Brussel moet gebeuren. Als de politie dreigt de betoging manu militari uiteen te drijven wordt die vervangen door een ludieke actie op de Grote Markt.

Agalev Hasselt waarschuwt in maart 1993 voor de verloedering van de gezinsboerderij. Vooral de Military, die er de vorige jaren een spoor van vernieling achterliet, en een hondenclub, met een kantine in een landbouwzone, worden met de vinger gewezen. Antwoord van schepen Flossy, die op de persconferentie zei begrip te hebben voor de kritiek maar in het schepencollege het onderspit moest delven: "De Military gaat naar Lummen en hopelijk blijft hij daar". Flossy wist niet wie de toelating gaf voor de vestiging van de hondenclub maar de zaak komt voor de rechter en na het opmaken van het pv moet de stad wel ingrijpen. Voor de restauratie van het kasteeltje wil de stad alleen vijftig miljoen fr. of meer uitgeven als dat van de hogere overheid gerecupereerd kan worden.

Als de Military met de Europese kampioenschappen Pony's in juli 1993 toch ingericht wordt op Domein Kiewit neemt zelfs voorzitter Toon Hermans van de Groenen hier na een "constructief gesprek" met de organisatoren vrede mee. De belofte dat naderhand vier mensen worden ingezet voor de opruiming en het aan banden leggen van het gemotoriseerd vervoer speelt mee. De Hasseltse middenstand beklaagt zich over de belasting op de terrassen. Volgens schepen Vandeput houden ze er geen rekening mee dat fenomenen als de Japanse tuin en het Jenevermuseum veel volk lokken dat achteraf gaat shoppen.

In mei 1993 blijft de SP weg uit de stedelijke adviesraad voor milieu zonder hiervoor een reden op te geven. Zelfs de Groene partij duidde pas in laatste instantie een vertegenwoordiger aan. Op de gemeenteraad van september 1993 stemt de SP tegen de oprichting van een middenstandsraad. Volgens fractieleider Bujok palaberen die raden teveel en komt er niets concreets uit.

Midden december 1993 geraakt bekend dat het tot een breuk komt tussen Jean-Paul Claes en de Hasseltse Volksunie. Hardnekkige geruchten willen dat hij overstapt naar de CVP.

Bij de Nieuwjaarsreceptie voor 1994 noemt de burgemeester zijn schepen Cuppens, door een krant uitdrukkelijk in verband gebracht met het KS-schandaal, "het slachtoffer van een minder dan middelmatige berichtgeving".

Op de gemeenteraad van eind februari 1994 klaagt Luc Cox (Agalev) de inschrijvingsstop voor asielzoekers aan. Over de verkeersdoden op de Luikersteenweg en de actie die buurtbewoners (die de zitting bijwoonden) hielden, kreeg SP-fractieleider Bujok het aan de stok met CVP-er Schuermans, die Bujok verweet de schuldvraag te stellen terwijl het gerecht nog uitspraak moet doen. Ondanks de twee doden die er vielen kleurde de Hasseltse politie die zone niet zwart in. Dat gebeurde pas als er meer dan drie gekwetsten in één jaar vielen. Volgens Bujok (SP) oefende een bewoner van de Luikersteenweg druk uit op het stadsbestuur om geen stuk van zijn voorhof te moeten afstaan. Anders was er een afronding van de scherpe hoek met de Toekomststraat geweest. Nu stierf volgens Bujok "één jongetje teveel".

Burgemeester Roppe ontkent iets van de zaak af te weten. Van verkeersminister Kelchtermans verwacht het bestuur dat hij de historiek en intenties volledig uit de doeken doet.

Michel Froidmont (SP) heeft vragen bij de vuilhopen en krotten in de stad zoals die op de hoek Maastrichterstraat-Kleine Ring en het gebouw Deplee aan de Kempische Steenweg. De opbrengst van illegale reclameborden op die verkrotte panden volstaat om de krotbelasting te betalen. Bij het vastpinnen van de verantwoordelijkheden schuift het stadsbestuur de joker door naar de hogere overheden en het gerecht.

Als voorbeeld van zo'n krot noemde de burgemeester het Achturengebouw van het ABW aan de Koningin Astridlaan. Bujok verliet protesterend de raadzaal zodat hij niet hoorde dat de burgemeester de afdekking van dat krot naar de straat toe precies prees.

Op de gemeenteraad van april 1994 pakt de SP uit met een lijst van 900 studentenkamers en kamers in logementhuizen die zonder wettelijke vergunning verhuurd worden. Burgemeester Roppe vraagt de lijst maar krijgt te horen dat hij die beter aan zijn eigen administratie kan vragen. Ook wat de brandveiligheid betreft heeft hij vragen. Froidmont: "In Hasselt is er een overreglementering tegenover Leuven of Diepenbeek, maar er gebeurt geen opvolging. Tussen het OCMW en de stadsdiensten is er totaal geen samenwerking".

Regelmatig is in Wesp te lezen dat er werken met de vleet doorgaan in Hasselt-centrum, maar dat ten koste van de randgemeenten. Onder andere SP-raadslid Brigitte Grosemans haalt uit en volgens de naar de SP overgelopen Blokken liggen sommige dossiers voor openbare werken in de randgemeenten al tien jaar op hun uitvoering te wachten. In Runkst verzamelen drie SP-ers een waslijst met de ongenoegens van de bewoners over hun leef- en woonomstandigheden, met de bedenking dat hier enkel een globale aanpak helpt. In New Yorkse termen: Runkst moet het Queens worden in plaats van The Bronx.

Aanloop naar de verkiezingen - Inhoud

1. Reacties op aanvullend mobiliteitsplan - Inhoud

Op 20 september 1994 besnuffelen vier Hasseltse politici tijdens een debat in het CCH de mobiliteit in Hasselt en het busbanenplan. Voor dat laatste ging het bestuur niet over één nacht ijs want tot in Zürich en Glasgow bestudeerde het gelijkaardige plannen. Pech voor Hasselt maar de beloofde nieuwe bussen van De Lijn gingen naar Brugge, volgens de CVP om de socialistische burgemeester Van Acker te plezieren. Het busbanenplan is een logisch uitvloeisel van het verkeerscirculatieplan, dat midden 1990 in werking trad. Met De Lijn wordt een vrije busbaan aangelegd voor de streeklijnen. Die begint aan het kruispunt van de Grote Ring met de Kuringersteenweg, dat volledig heraangelegd wordt. De busbaan loopt tussen het spoor en de stelplaats van De Lijn door naar het station, waar een volledig nieuw busstation gebouwd wordt. Van daar gaat het naar de Kleine Ring, met een busstation op het Leopoldplein en het her in te richten Dusartplein. Het laatste deel van de vrije busbaan loopt over de Koning Boudewijnlaan tot aan de Grenslandshallen.

Volgens de studie "Hasselt levendig stadscentrum" wordt het stadscentrum voor doorgaand verkeer vanaf de Grote Ring alleen nog maar bereikbaar via twee "penetratielussen": in het noorden langs de Kanaalkom en de Boudewijnlaan, in het zuiden langs de Sint-Truider- en de Luikersteenweg. Op de Kleine Ring verloopt het autoverkeer in enkele richting tegen uurwijzerzin. Tussen de vrije busbaan en het centrum worden een parkeerroute en een afgescheiden fiets- en voetpad voorzien. Op de Grote Ring wordt het rechtsafslaand verkeer aangemoedigd en een groene golf ingericht. De Hasseltse gemeenteraad keurde dit project op 22 maart 1994 al goed.

De uitvoering van dit plan zou drie tot vier jaar in beslag nemen. Dan komt een onderzoek naar een Parkeer- en Rij-systeem, met regelmatige bussen van de Sarmaparking in Kuringen en de Grenslandhallen naar het stadscentrum. Administrateur-Generaal Swillen van het Departement Leefmilieu en Infrastructuur van de Vlaamse Gemeenschap houdt hierover een uiteenzetting, voorafgaand aan het debat tussen Frieda Brepoels (VU), Ernest Bujok (SP), Valere Jooken (CVP), Mare Sampermans (VLD) en Peter Meukens (BTTB).

Het voorstel van De Lijn om twee busjes met telkens 13 plaatsen op de Grote Ring te laten circuleren noemt Meukens "lachwekkend". Voor de verantwoordelijken van De Lijn is Hasselt "een uit de kluiten gewassen dorp", waar je al blij mag zijn een tiental mensen tegelijk in zo'n "belbus" te krijgen. Als bewoner van de Kleine Ring vindt Bujok de door Swillen ontvouwde plannen "overdreven groot", hoewel er problemen zijn op de piekmomenten. "Zijn we niet aan het werken voor mensen die niet van Hasselt zijn?" vraagt hij zich af. En: "Ik geloof dat al die verkeersplannen niet voor mensen maar voor gebouwen gemaakt worden". Bujok betreurt het niet uitbouwen van beide zijden van het station, met Runkst erbij, nu het rangeerstation toch weggaat. De Spoorwegen spreken die laatste bewering met klem tegen.

Frieda Brepoels wil de Kleine Ring - "vroeger een echte boulevard met veel groen" - terug aan de zwakke weggebruiker geven. Ze waarschuwt voor weer een gigantische uitbreiding van de Heilig Hartwijk, dit keer vanuit de stationsbuurt.

2. Strategieën en verschuivingen - Inhoud

Op een persconferentie van 21 januari 1994 maakt gemeenteraadslid Jean-Paul Claes zijn overstap van de VU naar de CVP officieel bekend. Bij de Hasseltse gemeenteraadsverkiezingen staat hij vijfde op de CVP-lijst, met het vooruitzicht op een schepenambt. De nieuwe CVP-partijgenoten, waaronder senator Georges Beerden, bieden het kersverse partijlid prompt een partijlidkaart aan. Wellicht om zijn emoties de baas te kunnen leest de enige VU-er in de Hasseltse gemeenteraad zijn tekst bijna letterlijk voor. Zijn Vlaams profiel en federalistische principes blijft hij trouw, maar in de VU voelt hij zich niet meer thuis.

Tegen alle partijreglementen in zet Frieda Brepoels hem naar eigen zeggen uit die partij. De gedeputeerde verwijt hem vooral gebrek aan initiatieven. Claes zelf vindt dat hij een "constructieve oppositie" voerde, waarbij hij zich meestal in de CVP-voorstellen herkende. Hij ontkent de aantijging van Brepoels als zou hij zich bij verschillende partijen hebben aangeboden. Citaat van Brepoels: "We staan toch niet op de markt". Repliek van Claes: "Dergelijke mensen dreigen er wel een markt met kijvende wijven van te maken".

Heel formeel is Claes bij de bevestiging van het provinciale "monsterverbond". Tegen de eerdere ontkenning van Frieda Brepoels in stelt hij heel uitdrukkelijk dat de provinciale echelons van SP, VLD en VU een akkoord sloten om na de gemeenteraadsverkiezingen in vijf Limburgse gemeenten -Hasselt, Lommel, Maasmechelen, Sint-Truiden en Tongeren - samen te gaan. Minister Sauwens tikte Claes al op de vingers omdat hij "tegen een toekomstige collega van de VLD" inging.

Eind januari 1994 raakt ook bekend dat schepen Romain Onkelinx de VLD-lijst trekt. Eerder maakte het VLD-blad De Blauwe Hasselaar bekend dat dokter Vicky Nolens dat zou doen maar blijkbaar ging het om een "uitschuiver". Diens werk in een OCMW-ziekenhuis zou dat beletten.

Tijdens een Europa-debat op de LUC-campus in mei met Erika Thijs (CVP), Steve Stevaert (SP) en Jaak Gabriëls (VLD) verwijt Stevaert Europa te weinig te doen op milieugebied, maar de drie zijn het eens dat het milieubeleid Tessenderlo Chemie niet mag wegjagen.

Agalev-Hasselt beperkt de verkiezingsuitgaven tot 130.000 fr. en zal ontgoocheld zijn als er geen twee verkozenen zijn en het de zeven procent niet haalt, zo maakt die partij eind augustus bekend. De groenen betreuren dat Hasselt niet deelneemt aan de autoarme zondag van 16 oktober 1994.

De strategie van de SP noemt fractieleider Bujok midden september 1994 afhankelijk van het al dan niet naar de NAVO vertrekken van Willy Claes. "De lijsten moeten dezer dagen officieel ingediend worden en dat gebeurt met Claes op kop", zegt Bujok, dan nog als één van de dauphins van Claes beschouwd. "Met Claes hopen we van vijftien op zeventien of achttien zetels in de gemeenteraad te komen zodat we de grootste partij worden en het burgemeesterschap kunnen opeisen. Dan moet er met kleinere partijen gepraat worden. Als onze kopman vertrekt zien we daarvan af". Dan wil Bujok met de CVP, met eventueel de VLD erbij, samengaan.

Hij rekent voor dat met het vertrek van de twee Renes uit de CVP de meerderheid van die partij met de VLD slinkt tot twintig van de negendertig gemeenteraadsleden. (De uit de VU naar de CVP overgelopen Jean-Paul Claes niet meegerekend). Met zelfs één zetel verlies moeten die twee partijen dan een beroep doen op een derde.

In dat stadium toont burgemeester Roppe zich geruster in de afloop. Roppe: "De laatste zes, twaalf, achttien jaar en ga zo maar door, stond Willy Claes telkens aan de kop, hetzij nationaal, provinciaal of stedelijk. Alles werd telkens op hem gezet en het is maar de vraag of in die partij aan een goede opvolging werd gedacht".

Hij vindt dat zijn CVP-VLD coalitie goed werk levert. "Maar onderhandelingen met de SP zijn niet uit te sluiten, met of zonder Claes. Er moet wel een vertrouwensbasis zijn en we moeten bekijken met wie scheep kan gegaan worden. Dat is het belangrijkste". Roppe ontkent dat sommigen uit zijn partij liever de politiek zouden verlaten dan met de SP op te trekken. "Het kan wel zijn dat er een voorbehoud bestaat tegen bepaalde persoonlijkheden uit die partij". Dat slaat op Bujok, want die zegt zelf te weten dat sommige CVP-kopstukken weigeren in zee te gaan met de SP als die partij hem als schepen vooruitschuift.

Overigens zijn Roppe en compagnie behoorlijk zeker van hun verdere deelname aan de macht in Hasselt want de schepenambten zijn al op voorhand verdeeld.

3. "De koppen rollen " - Inhoud

Op de laatste zitting van de gemeenteraad voor de verkiezingen kan burgemeester Roppe Willy Claes - het nooit aanwezige raadslid - feliciteren met zijn promotie tot topman van wat deze zelf steevast de NATO noemt. Op de schrale agenda staat het bewonersparkeren in de binnenstad, een probleem dat later naar buiten uitdijt en zich van de ene naar de andere partiële oplossing voortsleept. Armand Schreurs is er om met foto's van boer Vandeput zijn acht uitverkochte verkiezingsshows ("Mijn eigen familie kan niet meer binnen") in het CCH voor te bereiden. Bij een onheuse opmerking van SP-raadslid Michel Froidmont over de boeren verlaat hij druk gesticulerend de raadszaal, zo de aanwezigen al een voorproefje gevend van wat hun te wachten staat. Vrijkaarten voor de show kunnen de politici wel vergeten, want zo meent Armand: "Zij zijn de winnaars die ons zes jaar besturen".

Schreurs is niet aan zijn proefstuk wat betreft verkiezingsshows. Twaalf jaar eerder zorgden die voor heel wat deining omdat hij voor de grap dreigde met een CMK-lijst op te komen. De CMK was in Hasselt een begrip wegens een inmiddels opgedoekte cinemazaal die net werd afgebroken, maar de letters stonden meteen voor Claes-Meyers-Kombine. Willy Claes ging destijds tekeer tegen deze nep- en protestlijst waarvan hij vreesde dat ze op de wip kon zitten tussen de twee groten, de CVP en de SP. Zoals gepland trok Armand zich drie weken op voorhand terug.

Ook dit keer dienen zich enkele heerlijke kluiven aan. Vooreerst is er Claes tegenover Roppe. Willy Claes, "secretaris-generaal van de NATO en voorzitter van de SP Banneuxwijk Kiewit" met de woorden van Armand. Want er is ook Jean-Paul die tot ontzetting en onvervalste woede van Frieda Brepoels de VU inruilde voor de CVP. "Beter één Claes in de hand dan tien in het buitenland", vindt Armand een prima slogan. Als eminente schietschijf dient zich verder René Blokken aan, die op zijn verkiezingsmeeting in de Banneuxwijk een mannelijke stripper liet aanrukken. Buiten de gekende Schreurs-poppen zijn er speciaal voor deze gelegenheid die van Willy Claes aan de piano en Louis Roppe met zijn krullenkop. De Claes-figuur begeleidt Axelle Red, dochter van schepen Demal. Vandaar op de melodie van één van haar liedjes de tekst: "Pappa douët ni fleu, Iech bèn rouwet én djie zèt bleu, Mè iech bleief toch nen Demal, was da neu vir kal". De Dana Winner-pop zingt: "Achter de kazerne" over het vertrek van Willy, terwijl diens antagonist Louis overal te laat komt en bij wijze van voortijdige triomf kwistig met confetti in het rond strooit.

DE NIEUWE BORSTELS AAN HET VEGEN - Inhoud

"Toon uw stembriefje" - Inhoud

Een wat bleke Steve Stevaert leidt op dinsdag 3 januari 1995 zijn eerste gemeenteraad. Omdat de raad de schepenen zal verkiezen komen heel wat supporters opdagen, waaronder uitzonderlijk Marleen, de levensgezellin van Steve die de publiciteit doorgaans schuwt. Na enkele formaliteiten deelt de nagelnieuwe burgemeester mee dat Frieda Brepoels (VU) als raadslid de plaats ruimt voor Jan Yperman, Willy Claes (SP) voor Roger Bamps, Clara Smitt (CVP) voor Jean-Paul Claes en Paul Meyers (CVP) voor Johan Huygen. Net als de anderen legt de eerste Vlaams Blokker in de Hasseltse raad Marcel Akkermans braaf de eed af.

In een hoek van de raadzaal staat een stemhokje waar de raadsleden één voor één voor elke aan te stellen schepen apart hun stem moeten uitbrengen. Telkens is er de kandidaat van de SP-VLD-Agalev-VU coalitie met als tegenkandidaat een CVP-er. Als de meerderheid in blok voor haar kandidaat stemt moet dat 23 stemmen van de 39 opleveren. Maar vooral bij de SP zijn er een aantal gezakte would be-schepenen die zich opmaken om hun frustraties te ventileren.

Al bij de verkiezing van Romain Onkelinx tot eerste schepen, met als tegenkandidaat de vroegere burgemeester Roppe, manifesteren de dissidenten bij de meerderheid zich, terwijl de oppositie blok vormt. Bij de duels Quintiens-Jooken, Reynders-Cuppens, Hermans-Jooken is het telkens de eerste die het voor de meerderheid haalt, maar de kliek die voor geen van beiden stemt groeit bij Reynders zelfs aan tot vier. Bij Yperman (VU) versus Vanrijkel (CVP) haalt de eerste zelfs niet de twintig vereiste stemmen. Meteen heeft de nieuwe gemeenteraad zijn eerste zware incident.

Er komt een "break" om uit te zoeken hoe het nu verder moet. Sommige raadsleden zien er alleen uit te komen door een nieuwe gemeenteraad samen te roepen maar spoedig is er overeenstemming om de stemming over te doen. Volgens een aanwezige jurist zou, indien Yperman het weer niet haalt, de oudste van de twee - in casu de CVP-er Ivan Vanrijkel - schepen worden. Dat koekoeksjong krijgt het nieuwe college dan zes jaar in zijn nest gesplitst.

Zo'n vaart loopt het echter niet. De fracties hebben zich intussen teruggetrokken voor beraad en vooral bij de SP krijgen enkelen van fractieleider Bujok zwaar de mantel uitgeveegd. Ieder van de SP-raadsleden krijgt het bevel zijn stembriefje aan zijn buur te laten zien vooraleer het binnen te brengen. Mét resultaat want Yperman krijgt met 22 stemmen de tot dan toe beste score achter zijn naam. En zoals een optimist zegt: het kan nu alleen nog maar beter met dit team.

Bodem in lege kas - Inhoud

Een eerste onpopulaire maatregel die het nieuwe bestuur neemt in zijn begroting voor 1995 is de verhoging van de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing, die van 1175 naar 1575 gaan. Dat brengt op jaarbasis 180 miljoen fr. op. De investeringen gaan er flink op achteruit. Die maatregelen heten onvermijdelijk door de hoge schuld, die het vorige stadsbestuur opbouwde.

Zelfs buitenstaanders valt het op hoe Hasselt onder Roppe van uitzicht veranderde, maar dat had zijn prijs. In diens laatste jaar 1994 werd voor 900 miljoen fr. aan nieuwe leningen opgenomen, wat de totale schuld op 4,2 miljard fr. bracht. Het structurele tekort op de gewone begroting (het dagelijks bestuur) raamt schepen van financiën Reynders op zo'n 150 miljoen fr. Intussen werden de reserves en de watermaatschappij "opgesoupeerd".

"Ik kon de schuld nog rustig met één miljard laten aangroeien, maar dan zaten we tegen 2000 met Luikse toestanden", verdedigt zich Stevaert bij de voorstelling van de begroting. "Dus heb ik niet geaarzeld om in een electoraal jaar zwaar in te grijpen".

Dat gebeurt niet met de eerder geplande "Roppe-belasting" die zou bestaan hebben uit vier procent meer aanvullende personenbelasting gedurende een beperkt aantal jaren. Maar ze wordt vervangen door de in eerste instantie minder opvallende hogere opcentiemen die de bezitters van woningen directer raakt. De verhoging is wel tijdelijk zodat tegen 2000 - het jaar van de gemeentelijke verkiezingen - weer de oorspronkelijke 1175 bereikt worden. Kleinere belastingen -op trottoirs en het vissen - gaan voor de bijl, de geplande taks op huisvuil komt er niet, de verhoogde op tewerkgesteld personeel en machines - ingeschreven op de vorige afgekeurde begroting - evenmin.

De VLD-achterban en de Hasseltse handelaars zijn niet te spreken over deze belastingverhoging. "Als we volgend jaar niet nauwer bij de opmaak van de begroting betrokken worden spelen we niet meer mee", laat VLD-fractieleider Paul de Beliefroid weten. Met zijn 1575 opcentiemen wordt de middenmooter Hasselt een absolute koploper, vergeleken met de 1250 van Tongeren, de 1050 van Genk of de 650 van Houthalen-Helchteren. Nog concreter: iemand met een kadastraal inkomen van 50.000 fr. moet 5.700 fr. meer ophoesten. Niet alleen achter de schermen maar ook "en plein public" wijst Stevaert erop dat binnen dit bestuur zijn SP groter is dan VLD, Agalev en VU samen. Zoals Stalin stelde op de Conferentie van Jalta nadat Roosevelt en Churchill hem wezen op mogelijke weerstand van de paus: "Hoeveel legioenen heeft die man?"

De Hasseltse handelaars wonen vaak buiten Hasselt, maar hun handelspand ligt natuurlijk wel in die stad. Twee weken eerder had voorzitter Hox een ontmoeting met de Hasseltse burgemeester en daarop was van die verhoging geen sprake. Een handelaar uit de Aldestraat die net een verhoging van zijn huur te verwerken kreeg van 56.000 naar 100.000 fr. per maand wijst op de doorrekening van de belasting op het onroerend goed. Hox verwoordt nog een ander indigestiegevoel bij de handelaars: "Aan dat tempo blijven doormalen over de financiële situatie heeft geen zin."

Minder commentaar komt er op de drastische terugschroeving van de investeringen. Bij het vorige bestuur bedroegen die de vorige zes jaar gemiddeld 925 miljoen fr. per jaar, voor 1995 is dat bedrag gereduceerd tot 505 miljoen fr. Het effect zal zich op langere termijn doen voelen. Net zo voor de vervroegde terugbetaling van leningen met een hoge intrestvoet. Op de werkingskosten (gewone begroting) komt er een besparing van 37 miljoen fr. Zo moet de schuld op drie jaar met 600 miljoen fr. verminderen. Stevaert: „Dat is een enorme inspanning, wellicht de grootste in heel Vlaanderen".

Een half jaar later, op de gemeenteraad van eind juni 1995, stelt schepen Reynders de rekening (dat zijn de eigenlijke inkomsten en uitgaven) van 1994 voor. Hij geeft een batig saldo toe, wat de CVP victorie doet kraaien. CVP-raadslid Eddy Schuermans spreekt van een "positieve algemene uitslag", zowel voor de gewone als voor de buitengewone dienst. De door het nieuwe bestuur doorgevoerde stijging van de grondbelasting voelen de eigenaars door belasting brieven met verhogingen tot drie-, vier- of vijfduizend fr. "Totaal onnodig, ook al omdat die inkomsten sowieso waren gestegen", vindt ex-burgemeester Roppe die er een maneuver inziet om het vroegere bestuur te discrediteren.

Door begrotingswijzigingen op diezelfde gemeenteraad stijgen de voorziene werkingskosten met 55 miljoen fr. "Wat eerst overal werd afgeknabbeld komt er nu opnieuw bij", aldus CVP-raadslid Vanmuysen. En verwijzend naar de uitvoerig op TV Limburg getoonde eigen sandwiches die elke nieuwe schepen om beurt zal meebrengen naar het college van 's donderdags, om duidelijk het contrast te maken met de beweerde schranspartijen van de voorgangers: "Dit is heel wat anders dan het met veel vertoon aangekondigde sandwichenbeleid".

Roppe: "Op een gewiekste manier wordt er intellectueel oneerlijk gespeeld. Met al die verhalen over de zieke stedelijke financiën zijn we op zeker ogenblik zelf gaan twijfelen. Maar de rekening 1994 toont dat we het bij het rechte eind hadden".

Reeds half september van dat eerste bestuursjaar lijkt er al een bodem in de lege kas te zitten. Het eerste punt van een financieel contract ("een absolute primeur") dat het stadsbestuur met de burgers sluit, belooft dat de belastingen in 2000 lager zullen liggen dan tien jaar tevoren. Voor 1996 gaan de opcentiemen met 200 naar beneden. "Waar vroeger twee miljoen per dag geleend werd betalen we nu dagelijks een miljoen terug", aldus Stevaert. "De leek denkt misschien dat het weinig uitmaakt of er van de 100 frank die we binnenkrijgen 32 of 30 naar de banken gaan. Maar die zou opkijken van wat er met die twee frank kan gebeuren op sport- of cultuurgebied". De SP-burgemeester maakt de vergelijking met het door de CVP bestuurde Genk, waar slechts 19 fr. van de 100 fr. inkomsten naar de aflossing van leningen gaat. Taksen op huisvuil blijven in Hasselt uit den boze, tenzij die een gewestelijke of provinciale aangelegenheid worden.

Hoe kon het zo snel beter gaan? Vooral door het terugschroeven van de investeringen, ook al gepland door de vorige ploeg. Maar elke uitgave neemt het bestuur volgens Stevaert onder de loupe. Een banaal voorbeeld: het kuisen van scholen privatiseert dit zich pragmatisch noemend bestuur, het schoonmaken van de straten onttrekt het aan privé. In beide gevallen zou dat een besparing betekenen. Diezelfde middag komt een voetbalploeg aankloppen voor 20 miljoen fr. Tevergeefs "omdat het tot nu toch ook zonder ging".

In punt negen (van de tien) van het plan staat dat van één frank er twee gemaakt worden. Citaat: "Cijfers van het Gemeentekrediet tonen dat waar andere steden gemiddeld 18 procent als toelage ontvingen, Hasselt amper 9 procent binnenhaalde". Een betere verstandhouding met het provinciale, gewestelijke, nationale en Europese niveau moet hierin verandering brengen. Elk Hasselts gezin zou tijdens het weekend zo'n Financiële Hasselaar met het contract, braafjes ondertekend door burgemeester en schepenen, in de bus krijgen.

Dat verrast de CVP-oppositie die zelf wilde uitpakken met een publicatie, waarop een parafrase op de Stevaert-affiche: "Wij houden van Hasselt, maar niet van haar grondbelasting". Eens de oppositie lucht krijgt van de démarche van het bestuur bezorgt ze de affiche vervroegd in elke bus.

"Is dit een grap of om te huilen?" is op de gemeenteraad van eind september de retorische vraag aan burgemeester Stevaert. Voorzitter Mare Vandeput van CVP-Hasselt drukt zo de verbazing van zijn partij uit over dit belastingbeleid van de meerderheid. Hij verduidelijkt: "Het bleef klachten regenen over die onverantwoorde verhoging van de grondbelasting, die vooral de Hasselaar met een klein huisje en onrechtstreeks de huurders trof. Misschien kwam Stevaert ook onder de indruk van de belastingen die hijzelf op zijn verschillende onroerende bezittingen moest betalen".

De CVP-voorzitter noemt dit ronduit "slecht bestuur". Vandeput: "De opcentiemen met 400 verhogen en drie maanden later weer halveren, dat is niet ernstig. Samen met die klucht van de sandwiches werd ons elke week een besparingsmaatregel beloofd. Daar hebben we sindsdien niets meer van gehoord. Een stad moet je niet besturen als een bolletjeswinkel. Investeerders en bedrijfsmensen zeggen me te aarzelen wegens dat wankele bestuur".

Dat Hasselt minder ontving van de hogere overheden schrijft zijn partijgenoot Eddy Schuermans toe aan de aard en de grootte van de investeringen. "We zijn geen mijngemeente en krijgen niets van Rechar, maar voor al onze grote projecten deden we een beroep op de hogere overheden". CVP-fractieleider Georges Beerden vindt dat de VLD, "met als strijdros de vermindering van de belastingen", kleur moet bekennen als zijn partij voorstelt de opcentiemen terug op 1175 te brengen.

Het talrijk aanwezige publiek krijgt te horen dat de eigenaar van de kapel van Stokrooi een stuk grond aan de stad Hasselt schenkt voor één frank. Reactie van de CVP-oppositie: niet te verwonderen met zo'n hoge grondbelasting. Ook de CVP-jongeren willen van een perceel af. De CVP-er Schuermans wijst op de protestbrieven en petities die de Hasselaren massaal ondertekenen. Schuermans doet een oproep tot de vroegere VLD-partner om van Hasselt opnieuw de stad te maken "met de laagste belastingdruk van de centrumsteden".

Voor de tegenzet neemt de meerderheid als bron het Gemeentekrediet. Ondanks gunstige hypothesen als uitgangspunt voorspelt die een financieel debacle als het bestuur het geweer niet van schouder verandert. Dat de CVP nu uitpakt met "een gezonde kastoestand", als geïsoleerd element, noemt financieschepen Reynders "boekhoudkundige onzin". Maar daarmee lokt hij dadelijk het verwijt uit dat het toch zijn partij was die tijdens de verkiezingen met "de lege kas" uitpakte. Hoewel dat niet toegelaten is applaudisseert het publiek (de supporters?) voor Schuermans.

VLD-fractieleider Paul de Bellefroid zegt dat de pogingen om de coalitie te ondergraven die alleen maar sterker maken. Voor Agalev pleit Linda Bollen, die ruiterlijk toegeeft al die cijfers niet doorgenomen te hebben, tussen al die verwijten en harde woorden door voor een "mentaliteitswijziging".

Maar bij het opmaken van de begroting 1996 benadrukken burgemeester Stevaert en zijn ploeg eind 1995 dat precies een kruideniersmentaliteit, waarbij elke frank een paar keer omgedraaid wordt, broodnodig is in Hasselt. De geërfde schuld van 4,2 miljard moet op drie jaar afgebouwd worden tot 3,5 miljard. Daarvoor staat in de begroting voor het komend jaar 1996 een inspanning van 223 miljoen ingeschreven. Een strikte budgetcontrole moet ook de werkingskosten naar omlaag halen.

De schuld vermindert het nieuwe bestuur in 1995 al met 345 miljoen. De ontvangsten stijgen spectaculair van (altijd afgerond) 2,3 miljard (1994) naar 2,7 miljard (1995). De schuld daalt verder door te snoeien in de investeringen, waardoor weinig nieuwe leningen moeten opgenomen worden en de rentedruk ook niet toeneemt. Met de woorden van de CVP-oppositie: als je niets doet geef je natuurlijk ook niets uit.

"Niet waar", repliceert schepen Reynders, en om dat te staven verwijst hij naar de werkingskosten. Dat is wat het dagelijkse reilen en zeilen van de stedelijke diensten (zonder de weddes van het personeel) kost. Dat die kosten dat jaar nog licht stijgen, wijt Reynders aan de inflatie en het effect van vroegere investeringen, maar vanaf 1996 gaan die zelfs omlaag.

Concreet meent hij dat te halen door grote posten als voorraadbeheer en energieverbruik aan te pakken, maar ook op bijvoorbeeld drukwerken, fotokopies en verzendingen valt volgens hem substantieel te besparen. Het wagenpark wordt vernieuwd, wat op termijn een besparing betekent, en ingekrompen. Voor de uitvoering van die ganse operatie krijgt elke dienst een budgetbeheerder voor de controle. "Wel wat gek dat iets dergelijks in zo'n stad anno 1996 nog moet gebeuren", merkt burgemeester Stevaert op.

Met een voorzien bedrag van 375 miljoen (170 miljoen van leningen, 86 miljoen van toelagen en subsidies en de rest van de verkoop van stedelijke bezittingen) blijven de investeringen eerder op een laagje pitje. "Er zal in Hasselt meer dan ooit geïnvesteerd worden, maar niet door ons", zegt de Hasseltse burgemeester. Volgens de CVP grijpt het stadsbestuur door de lage investeringen echter naast subsidies van de hogere overheid.

Een kleine meevaller - een meerontvangst voor de stad van ruim 6 miljoen fr. - is de overschakeling van St-Lambrechts-Herk van Iega naar Interelectra, waarvan Stevaert voorzitter is. Door een anomalie was het de enige deelgemeente die ook na de fusie van 1976 niet aansloot bij Interelectra, waardoor de Herkse burger 0,17 fr. per kWh meer betaalde dan de andere Hasseltse inwoners. (Volgens de SP-oppositie een gemiddelde meerkost van 971 fr. per Herkse abonnee in 1991). Dat zou gebeuren om Interelectra geen monopolie toe te kennen. Wesp signaleert cyniosch „sentmentele" redenen bij toenmalig CVP-schepen Jooken.

Zelfs de aanleg van een "klein spaarpotje" (reserves) kan. Want "waakzaamheid blijft geboden" met kosten voor GFT-ophaling, Intercompost, afvalverwerking en het OCMW die voorspelbaar zullen stijgen. Ook in dat spaarpotje ziet de CVP het bewijs dat de toestand van de financiën zeker niet dramatisch was. Inderdaad eerder zaken voor kruideniers dan voor dichters. Wat bij het debat op de gemeenteraad van 20 december 1995 vooral opvalt, is dat de discussie enkel over centen gaat. Het beleid dat daarmee moet gevoerd worden komt maar in de marge aan bod, als een hinderlijke bijzaak.

Malcontent personeel - Inhoud

Het aftredende bestuur hield in de begroting rekening met een forse loonsverhoging voor het stadspersoneel. Die begroting werd verworpen, maar de nieuwe ploeg kan moeilijk terugkomen op de aangegane verbintenis, ook al omdat minister Kelchtermans ze voorwaardelijk op Vlaams niveau voorzag. Het nieuwe bestuur neemt de OCMW-begroting, die deze loonsverhogingen niet incalculeert, wel integraal over. Maar wat voor het stadspersoneel geldt, is automatisch ook van toepassing voor het OCMW-personeel. Het Virga Jesse Ziekenhuis hoort thuis onder het OCMW maar vormt anderzijds ook een aparte entiteit zodat het ziekenhuispersoneel niet noodzakelijk onder die regeling valt. En de verantwoordelijken van dat ziekenhuis zeggen dat er geen geld voor is. De directie raadt de vakbonden aan om met het stadsbestuur te gaan praten. Directie en vakbonden zijn gedoemd om voor 1 oktober 1995 tot een overeenkomst over de lonen te komen, anders lopen ze 30 miljoen fr. overheidsgeld, verbonden aan zo'n akkoord, mis. Dat bedrag kan helpen om voorlopig de loonsverhogingen te dekken, maar in de toekomst lopen die kosten op tot 100 miljoen fr. Met als vraag: wie zal dat betalen?

De vakbonden zien het geld voor de verhogingen voor het OCMW-personeel samen in een pot, die over het ganse personeel "uitgesmeerd" wordt, maar dat lijkt de directie niet uitvoerbaar.

Enkele dagen voor die deadline van 1 oktober geraken directie en vakbonden van het Virga Jesse Ziekenhuis akkoord over een gedeelte van de weddenverhoging. Dertig miljoen fr. van de federale overheid als toeslag op de ligdagprijs is onder het personeel te verdelen. Maar de omzendbrief waarop dit akkoord zich baseert - de "CAO-Kelchtermans" - voorzag merkelijk substantiëler verhogingen. Het vorige stadsbestuur zegde die toe, maar die toezegging sloeg niet op het personeel van VJZ. De 30 tot 40 miljoen fr. extra zouden van het stadsbestuur moeten komen maar dat zit zelf financieel in de rats. De vakbonden dreigen met een actie einde van de week daarop.

Op vrijdag 10 november volgt inderdaad een betoging in de Hasseltse straten. Het vakbondsfront van ACOD en CCOD verwijt de directie "manifeste onwil" want de gevraagde herziening van de weddeschalen kan volgens hen zonder een frank uit te geven. Van de dertig bijkomende miljoenen kan naar hun mening een derde komen van de dokters, die het in Hasselt erg "luxueus" hebben.

Doordat het vroegere beheer in gebreke bleef, strijkt het VJZ van de federale overheid ook miljoenen te weinig op. "Als de problemen met de informatica en de facturatie in het ziekenhuis er niet geweest waren, hadden we al genoeg om de opslag van één jaar te betalen", aldus het vakbondsfront. Reorganisaties en het wegwerken van anomalieën kunnen voor de overige twintig miljoen zorgen. Zo valt op vaak overbodige vergoedingen voor gevaarlijk en ongezond werk bijna vijf miljoen te besparen.

Volgens één van de woordvoerders ging "een schepen die ook in het vorige stadsbestuur zat" ( de enige was Onkelinx) na hoeveel personeelsleden van het VJZ Hasselaar zijn of er hun domicilie hebben. Dat gebeurde om het mogelijke stemmenverlies bij heftige botsingen in te schatten. De actievoerders: "Het ziekenhuis zou zonder de mensen van buiten de stad niets te betekenen hebben".

Bij de aankomst van een 700-tal betogers op het stadhuis noemt burgemeester Stevaert vanaf de pui het onderscheid met het overige OCMW-personeel "onaanvaardbaar". De solidariteit tussen OCMW- en VJZ-personeel moet spelen. Tijdens een onderhoud met de vertegenwoordigers van ACOD en CCOD zegt hij dat hun scenario (30 miljoen fr. van dokters en reorganisatie) zeker bespreekbaar is. Blijkbaar klikt het opperbest tussen Stevaert en ACOD-gesprekspartner Busselen, tevens SP-schepen in Lummen. Als Vlaams raadslid wil Stevaert zijn invloed ook aanwenden op federaal vlak om een gunstiger financiering te bekomen.

Toch dreigen de vakbonden op 11 december 1995 weer met harde acties. De OCMW-directie, waaronder het VJZ ressorteert, wil de verhoging onder pari toestaan, namelijk voor 95,5 procent. De vakbonden eisen 98 percent. Busselen citeert uit een "zwartboek" de riante vergoedingen voor de top, oplopend tot meer dan twintig miljoen, terwijl de gewone werknemer jaarlijks een miljoen wedde opstrijkt. Nog tijdens de persconferentie komt er een verlossend telefoontje van VJZ-voorzitter Descamps. Op 21 december ontkurken directie en vakbonden van OCMW-Hasselt de champagne voor het "Kerstakkoord", dat 97 percent van de verhoging in 1996 en 98 percent in 1997 voorziet.

Voorbeeldfunctie met sandwiches - Inhoud

"Hoewel het afbouwen van de schulden in Hasselt belangrijk blijft, wordt het accent volgend jaar minder op de financiën gelegd". Dat belooft burgemeester Stevaert op de Nieuwjaarsreceptie voor 1996 van het personeel. Maar met ook hier slechts gedeeltelijke (onder pari) loonsverhogingen kan dat een vrome wens blijven.

Het nieuwe jaar kondigt zich nochtans veelbelovend aan. Het schepencollege moet het op de donderdagse vergaderingen met de zelf meegebrachte sandwiches stellen, maar voor de duizend personeelsleden is er koud en warm buffet plus drank naar hartelust. Ook de volgende jaren blijkt dat budgettair geen probleem.

Bij het OCMW is "de kogel door de kerk" en het stadspersoneel wacht "dezelfde verloning en beloning als bij het OCMW". Duidelijk vertaald betekent het dat het personeel maar een gedeelte krijgt van de door het vorige bestuur toegezegde loonsverhoging. Vooral het CCOD is daar niet over te spreken en als die organisatie dwarsligt, komt de hele regeling op de helling, ook die voor het OCMW en het VJZ. Nu is het gemeentepersoneel al niet te spreken over de premies en vergoedingen die afgeschaft worden.

Half februari 1996 hekelt de CVP de "woordbreuk" van het stadsbestuur tegenover het personeel van de Stad, het OCMW en het VJZ. Ze wijst erop dat de beslissing om dat sectoraal akkoord in te voeren "unaniem genomen werd op de gemeenteraad van 25 oktober 1994", dus niet voor de verkiezingen. De gemeenteraad van 27 februari krijgt als publiek de politie-, brandweer- en OCMW-mensen die eerder in een betoging optrokken naar het stadhuis. Schepen Stockmans maakt bekend dat het stadsbestuur niet verder wil gaan dan wat eerder werd overeengekomen met het OCMW.

Something's rotten - Inhoud

1. Schandaalsfeer - Inhoud

Wie dacht dat de CVP tijdens de eerste maanden oppositie de onervaren nieuwe ploeg vooral tijdens de gemeenteraden publiek voor schut zou zetten komt bedrogen uit. Het is alsof Stevaert zelf een "éénmansoppositie" voert met de "verrotte dossiers" die de CVP voor de voeten geworpen krijgt.

Niet dat de nieuwe schepenen fluitend naar de gemeenteraad trekken. "Zie ze daar zitten loeren als een bende leeuwen", zegt een krijtwitte schepen bij de aanvang van een gemeenteraad, met een blik op de oppositiebanken.

Maar zeker Stevaert laat zich niet intimideren. De nagel waarop hij het meest klopt is "de lege stadskas" en op zeker moment dreigt hij er zelfs mee "de rekeningen van het Scholteshof" - naar het meest prestigieuze Hasseltse restaurant in deelgemeente Stevoort - publiek te maken, wat boegeroep uitlokt bij de vroegere bestuurders die vrezen deze in hun schoenen geschoven te krijgen. Symbolisch is ook het terugdraaien van de beslissing van het vorige bestuur voor de bouw van een bonsaï-museum met cafetaria in de Japanse tuin. Het overwegend socialistische bestuur laat dat aan het privé-initiatief over. Daarbij vermeldt het uitdrukkelijk dat deze minderuitgave van 15 miljoen fr. dient voor de publieksvriendelijke herinrichting van de balie van het Administratief Centrum op het Groenplein. Als enige verweer kan de CVP alleen maar aandringen "het karakter van het Kapermolenpark niet te wijzigen".

Vooraleer in te gaan op enkele verrotte of heikele dossiers vallen gerechtelijke zaken tegen twee gemeenteraadsleden te vermelden die fataal worden voor de politieke carrière van de betrokkenen. Het parket in Hasselt start op 7 juni 1995 een gerechtelijk onderzoek naar "onwettige belangenneming" door de 50-jarige Jaak Cuppens, gewezen eerste schepen van Hasselt. Tijdens de uitoefening van dit ambt werkte hij eveneens bij de Hasseltse bouwonderneming Raoul Vandereyt. Het gerecht gaat na of Cuppens zijn openbaar mandaat misbruikte om private contracten binnen te rijven. Bij het verlies van zijn mandaat na de vorige verkiezingen zette Vandereyt hem prompt aan de deur. Cuppens blijft in de gemeenteraad.

Hij was eerder al door het gerecht ondervraagd in het kader van het lopend onderzoek naar gesjoemel bij KS en omdat hij bepaalde personen aan de galg praatte, zien sommigen dit onderzoek als een weerwraak.

Much ado about nothing? Het duurt tot januari 2001 vooraleer de correctionele rechtbank van Hasselt voormalig eerste schepen Jaak Cuppens veroordeelt wegens beïnvloeding bij de administratieve afhandeling van twee bouwprojecten en het opstellen van een valse factuur. Hij krijgt een geldboete van 16.000 fr., waarvan de helft met uitstel. Zijn werkgever, aannemer Raoul Vandereyt, wordt vrijgesproken.

"Ik zie geen reden waarom hij ontslag zou moeten nemen als gemeenteraadslid", becommentarieert voorzitter Vandeput van CVP-Hasselt. "Alle documenten van de bouwwerven van Vandereyt werden door het Hoog Comité voor Toezicht en de gerechtelijke politie uitgevlooid maar niets onwettelijks werd gevonden. Het gaat enkel om de sturing en versnelling van een dossier".

Even later, midden juni 1995, stapt SP-fractieleider Ernest Bujok uit de gemeenteraad. Hij had dat voordien al aangekondigd. Bujok was eerder in een gerechtelijk onderzoek betrokken. Bij gebrek aan bewijzen kwam er een vrijspraak, maar het parket ging daartegen in beroep. Gesuggereerd wordt dat zijn ontslag eerder te maken heeft met zijn nieuwe job als directeur van TV-Limburg.

Doof het ontslag uit de gemeenteraad van Bujok en dat van Frank Vandenhoudt, die naar het OCMW gaat, komen bij de SP plaatsen vrij voor Suzanne Vandervoort en Alexandra Smets. Met zeven vrouwen op vijftien raadsleden maakt dat de SP tot vrouw-vriendelijkste raadsfractie van Vlaanderen.

2. Flanders Nippon Centerr - Inhoud

Voor de problemen met het Flanders Nippon Centerr schuift Stevaert de schuld in de CVP-schoenen. SP-fractieleider Bujok vraagt zelfs een onderzoekscommisie met vertegenwoordigers uit alle partijen op te richten. De gemeenteraad zou destijds onvoldoende op de hoogte geweest zijn, onder andere van de nieuwe werkmaatschappij NV Investimmo die het project overnam. Als de CVP-er Vanmuysen herinnert aan eenparig goedgekeurde besluiten waarin de NV Investimmo voorkomt verschuilt Stevaert zich erachter dat hij toen niet in de gemeenteraad zat. Dat geldt niet voor Bujok, die oppositieleider was. En voormalig CVP-coalitiepartner VLD kijkt alsof zijn neus bloedt.

In mei 1995 krijgen de uitbaters van het Flanders-Nippon Center aan de Maastrichterstraat fikse boetes opgelegd. Verdere uitbreiding mogen ze vergeten. Destijds had de projectmaatschappij NV IMMO grote plannen voor het Flanders-Nippon Center, maar die maakte ze niet waar. Zo zou er een ondergrondse parking komen voor 65 wagens. Wegens het in gebreke blijven moet IMMO daarvoor 30.000 fr. per maand betalen. Parkilim, dat al andere parkeergarages in Hasselt uitbaat, neemt de bouw en exploitatie nu op zich. Door die overeenkomst ontsnapt IMMO aan de boete.

Maar er blijft wel een jaarlijkse boete van 400.000 fr. te betalen, omdat IMMO op twee belendende percelen de voorziene bouw niet uitvoerde. Daar komt nu een pleintje met groen. Van deze gelegenheid maakt het bestuur gebruik om die omgeving van de Maastrichterstraat herin te richten. Aan het gebouw de Corswarem doet de stad voor 1,5 miljoen fr. kosten die de huurder, een spin-off van Philips, geleidelijk moet terugbetalen. Met het vertrek van de Trioscoop hoopt het stadsbestuur een warenhuis op die lokatie te krijgen.

Op de gemeenteraad van 23 mei 1995 noemt burgemeester Stevaert het dossier Flanders Nippon Centerr het ingewikkeldste uit zijn carrière, zes jaar deputatie incluis. Tijdens het project wisselde de "werkmaatschappij" en bij de nieuwe valt financieel niet veel te rapen. Vanwege de CVP zegt Johan Vanmuysen dat destijds bijna de hele gemeenteraad pro was. Maar de SP-fractieleider Bujok repliceert van één en ander geen weet te hebben en stelt voor om de zaak "tot op het bot uit te zoeken".

Bij de bpa's die het bestuur in oktober 1995 aan de gemeenteraad voorlegt om de herziening op te starten is dat van de TT-wijk. Wat kan daar gebeuren? "Ook voor de verlaging van die torens is een bpa-herziening nodig", luidt quasi lachend het antwoord. Het stadsbestuur lijkt zich eerder voor te bereiden op de komst van een warenhuis, gepaard met een grondige verandering van het uitzicht. Ook voor het groene pleintje, dat in de plaats van de geplande bouwuitbreiding komt, is die herziening nodig. In het vijftal huisjes dat overblijft van De Beek kan het Huis van Preventie onderdak krijgen. Politiediensten zullen er demonstreren hoe bezitters van een huis, een auto of een fiets zich beter kunnen beveiligen tegen diefstal. Stevaert: "Met het krotreglement erbij doen we twee keer aan preventie. We bewaren de restanten van de vroegere Beek en we geven voorlichting op gebied van veiligheid".

3. Sporting und kein Ende - Inhoud

Een gelijkaardig scenario voor de lening van 15 miljoen fr., destijds aan Sporting Hasselt toegekend. Met de intresten erbij loopt die intussen op tot 22.750.000 fr. Twee schuldeisers, zelf bestuursleden die de put hielpen delven, werden ermee betaald en trokken naar KRC Genk. Sporting kreeg als nieuwe schuldeiser de Hasseltse gemeenschap.

"Die lening toestaan betekende met wiskundige zekerheid het faillissement van Sporting", stelt Stevaert. "Het was een blanco-check die direct aan enkele privé-personen werd doorgegeven". Als in een electorale strijd op zijn heetst, speelt burgemeester Stevaert tijdens de gemeenteraad van 23 mei 1995 de CVP het "verrotte" dossier van Sporting Hasselt toe. Volgens Stevaert kan de gemeenteraad kiezen: de stadsontvanger zijn werk laten doen en directe terugbetaling van de schuld door Sporting eisen, hetgeen gelijk staat met faillissement; spreiding ervan, wat op termijn op hetzelfde neerkomt; of kwijtschelding maar dan staan alle 300 clubs die Hasselt rijk is -140 competitie- en 160 recreatieclubs- morgen bij Stevaert op de stoep met hun eisen. "En alle clubs worden op dezelfde manier behandeld!"

CVP-fractieleider Beerden eist een voorstel van het stadsbestuur om over te discussiëren en te stemmen. Maar Stevaert werpt tegen daartoe niet verplicht te zijn. Hij kan de zaken ook hun gang laten gaan zodat de stadsontvanger de centen bij Sporting gaat halen.

4. London & York - Inhoud

Tot een rechtsgeding komt het over de onderhandse verkoop door het vorige bestuur van een zes are groot perceel grond, gelegen aan gene zijde van de Hendrik van Veldekesingel, aan het Gouden Kruispunt met zijn handelszaken in Runkst. Koper was de immobiliënmaatschappij London & York, aan 750 fr. per vierkante meter, in totaal 450.000 fr. London & York verkocht prompt door, maar dan wel aan 4.000 fr. per m2, hetgeen neerkomt op bijna 2.400.000 fr. Met Colruyt in de buurt is het geen probleem om het terrein aan de man te brengen.

Maar bij aan- en verkopen van stadseigendommen treedt de burgemeester als notaris op en die weigert in dit geval de akte te verlijden. Burgemeester Stevaert spreekt van "onbehoorlijk bestuur" door zijn voorgangers. De koper gaat tot gerechtelijke stappen over, waarop de stad "een gerechtelijke tegenvordering tot nietigverklaring" indient.

Volgens de Hasseltse burgemeester kocht London & York het perceel met het argument dat het grenst aan een terrein, dat het ook in eigendom heeft. Op het ogenblik van het sluiten van de verkoopovereenkomst is dat volgens Stevaert niet meer het geval. De burgemeester: "Het is altijd hetzelfde liedje. Als de stad iets koopt is het goud, als ze het verkoopt oud ijzer". Aan de gemeenteraad, die samenkomt op 19 november 1996, vraagt het stadsbestuur toelating om de rechtszaak over de gronden aan Colruyt te mogen verderzetten.

5. Vlaams Blok voert groeningenieur op - Inhoud

Voor de eerste keer roert het Vlaams Blok zich met een interpellatie over "groeningenieur" Ivar Hermans. Ondanks een hele rist diploma's ontsloeg het vorige bestuur hem al na enkele maanden wegens onvoldoende. Dat ontslag werd hem bekendgemaakt vooraleer de gemeenteraad daarover een beslissing had getroffen en dat kan wettelijk niet. Na heelwat juridische rompslomp blijft de groeningenieur ontslagen en ook het nieuwe bestuur neemt hem niet terug in dienst.

Maar de man laat het daarbij niet en beweert tijdens zijn dienst de hand te hebben gelegd op bezwarende dossiers in verband met de Japanse tuin. Firma's die de tuin sponsorden zouden naderhand onwettelijk bevoordeligd zijn bij contracten voor uit te voeren werkzaamheden. Ivar Hermans gaat bij diverse instanties aankloppen om zijn gelijk te halen en komt tenslotte bij het Blok terecht.

6. De Kinepolis-soap - Inhoud

Half 1994 zet het schepencollege het licht op groen voor de vestiging van een nieuw bioscoopcomplex van de Groep Claeys tussen het Vormingscentrum (VCH) en de Grenslandhallen. De beheerraden van de beide instellingen, gefnuikt in hun expansieplannen, verzetten zich. Iemand van zijn eigen partij schiet vanuit Stedenbouw het voorstel van burgemeester Roppe tot Public-Private Partnership af.

Het nieuwe complex aan de grote ring zou er ter vervanging van de Trioscoop in het centrum komen. Mevrouw Claeys zet haar zinnen op de nieuwe locatie. Dat en geen ander, anders gaat de bouw in Hasselt niet door en Feniks zal maar al te graag de rode loper in Genk uitrollen. Vandaar dat het Hasseltse schepencollege het bijzonder plan van aanleg wil wijzigen. Dat het bpa daardoor in tegenspraak komt met het gewestplan, dat voorziet in een zone van algemeen nut, neemt het op de koop toe. Schepen Romain Onkelinx gaat de schizofrene toer op: als GLH-voorzitter is hij tégen maar tegelijk draagt hij medeverantwoordelijkheid voor de beslissing van het schepencollege. Het VCH plande al een bijbouw om onderdak te bieden aan zijn Studie- en trainingscentrum voor kleine bewegingsmotoren. Volgens directeur Van Lishout past dat perfect binnen de Limburgse reconversie. De Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij Limburg zegde zijn principiële steun toe.

De VCH-directeur vreest ook een gevaarlijke verkeerschaos als het bioscoopcomplex er komt. Nu al is er te weinig parkeerplaats voor zijn cursisten. Hij krijgt steun van Louis Ghysebrechts, de architect die de Grenslandhallen ontwierp. Middenstandskringen vrezen met het vertrek van de Trioscoop een verdere leegloop van het stadscentrum.

Het schepencollege levert geen bouwvergunning af maar stelt eind augustus alternatieven voor. Kinepolis binnen het Trema-project integreren ziet afgevaardigd beheerder Roos Claeys niet zitten. Zij voelt meer voor een vestiging tussen Hasselt en Genk, ter hoogte van de Tuikabel-brug in Godsheide. Te ver van het centrum, vindt het stadsbestuur.

Midden december blijkt het toekomstige Kinepolis terecht te kunnen aan de Universiteitslaan. De vestiging bevindt zich naast Cegeka, een joint venture van KS, de GIMV en CSC (Computer Sciences Corporation) die wegens het gewestplan niet aan de Herkenrode-singel terecht kon. Met zijn overname van 45 KS-werknemers is het de eerste echte reconversiemaatschappij in Limburg, met een 80-tal medewerkers die aan "facilities management" doen. Om de top-secret info te beveiligen liet het zelfs een slotgracht aanleggen en zijn de muren "bazooka-free", stevig als een atoombunker. De oprichting en vestiging kostte 200 miljoen fr. en er zijn plannen voor een uitbreiding van 700 miljoen fr. die duidelijk te hoog mikken.

Het terrein van 6 hectaren waarop dat zou gebeuren behoort voor de helft toe aan KS, later NV Mijnen, maar die bouwt niet binnen de voorziene termijn en is nu bereid te verkopen. De andere helft is van de Stad Hasselt, die eerst nog een pijnlijke onteigening moet doen. Aan de gemeenteraad wordt in elk geval een "machtiging tot verkoop" gevraagd. Die zal KS bijna 9 miljoen fr. opleveren, maar het deed wel voor 1,7 miljoen fr. kosten. De Groep Claeys verkiest in het huidige stadium een mistgordijn te laten hangen rond de verkoop.

Op een hoorzitting begin mei 1995, die het stadsbestuur met de toekomstige buren van Kinepolis houdt, is de onoverbrugbare kloof tussen beide partijen snel duidelijlk. Als doekje voor het bloeden belooft het stadsbestuur te proberen een concertzaal in het complex te beletten. Een magere troost voor de bewoners van Godsheide die Kinepolis zonder meer niet lusten. "Waarom moet het schone Godsheide verknoeid worden door een Kinepolis in onze achtertuin?" vraagt een buurtbewoner zich af. Ze verwachten van hun "groene" burgemeester dat hij het project vooralsnog afblaast, tenminste op die locatie.

Stevaert, in een moeilijk parket, verschuilt zich achter de beslissing van het voorgaande bestuur. Zij ("niét wij") verkochten de gronden naast Cegeka op de Universiteitslaan aan KS en gaven KS in laatste instantie nog de toestemming om verder te verkopen aan de Groep Claeys. Daartegen werpen de buurtbewoners op dat het afleveren van de bouwvergunning toch een zaak is van het huidige stadsbestuur. Ja, geeft Stevaert toe, maar zelfs als we die weigeren kunnen we Kinepolis wellicht niet tegenhouden. Het kan eerst in beroep gaan bij de Provincie en dan bij de Vlaamse Gemeenschap. Die bekijken de zaken door een andere bril, met weinig oog voor het strikt plaatselijke.

Het is duidelijk dat dit bioskoopcomplex in Hasselt voor Stevaert en zijn schepenen een must is. Als Kinepolis op 1 oktober 1995 zijn deuren wil openen, kan nog moeilijk een ander terrein gezocht en gekocht worden. Zelfs de belofte van een herziening van het bpa zodat er geen concertzaal kan komen wil de burgemeester op de hoorzitting niet doen. Wel zou de verkeersstroom in de mate van het mogelijke uit de buurt weggehouden worden. Het argument dat de films niet gelijktijdig eindigen maakt weinig indruk.

Burgemeester Stevaert lijkt er met zijn gedachten niet bij. Kan het zijn dat de soms wegdromende burgemeester dan in gedachten weer gedeputeerde is? Of al minister?

Op 28 september 1995 gaat de bouw van Kinepolis officieel van start en de karwei zal geklaard worden op tweeënhalve maand."Sneller dan de tijd die wij nodig hebben om een stoep te leggen", geeft burgemeester Stevaert toe. Daarbij valt wel een dodelijk arbeidsongeval te betreuren. Eigenlijk was de bouwactiviteit ook al volop aan de gang. Omdat een eerste steen te déja vu is voor zo'n prestige-project mogen, naar het voorbeeld van Hollywood Avenue, minister Pinxten, gouverneur Vandermeuien en burgemeester Stevaert met initiatiefneemster Roos Ciaeys hun hand in een bak cement drukken. Die afdrukken komen later in de toegangshal. Dicht bij het LUC en het WetenschapSPark ziet Stevaert voor het complex met zijn multifunctioneel karakter een grote rol weggelegd op gebied van nieuwe media en technologieën. Dit project kan niet meer stuk.

En toch. "Op woensdag 20 december gaat Kinepolis niet open", moet een ontgoochelde Bart Ciaeys enkele dagen voor die vooropgestelde datum het publiek via de media mededelen. Een aantal buren van de Bosstraat, als actievoerders verenigd in GEK (Godsheide en Kinepolis) SPanden tot drie keer toe een kortgeding in bij de Raad van State. De bouwvergunning wordt tijdelijk geschorst, in afwachting van een definitieve uitspraak. "De schorsing kwam er om acht auto's", minimaliseert Ciaeys. "Vanaf duizend vervoersbewegingen dient een milieu-effectenrapport opgemaakt te worden". Volgens het aangestelde studiebureau waren er slechts 800 te verwachten, maar de Raad van State hield het op 1008. Bart Ciaeys nam daar "met onbegrip en verslagenheid" kennis van, maar de Kinepolis Groep legt zich neer bij de wet en de beslissing van de Raad van State. Stevaert vraagt zich af "of we de functie van de Raad van State niet moeten herbekijken".

Ciaeys geeft een uitgebreide opsomming van wat we allemaal mislopen: een belangrijke benefietmanifestatie voor de sociale werken van de Verenigde Serviceclubs staat op de helling; de werkgelegenheid komt in het gedrang; de bioscoopbezoeker blijft op zijn honger.

De openingsdatum is uitgesteld, tot wanneer blijft de vraag. Kinepolis zou geen contact hebben met de actievoerders van GEK. Die hullen zich in een somber stilzwijgen en verwijzen voor commentaar naar hun advocaten, die ook al niet bereikbaar zijn. GEK-sympathisanten uiten wel bedenkingen bij de houding van Kinepolis. Om de privacy van de bewoners niet te schaden werd overeengekomen ondoorzichtig glas te plaatsen in de achterliggende ramen, wat niet gebeurde. De gevels zouden in groene graniet zijn maar het werd zwarte beton. Er kwam ook geen drainage om de wateroverlast door de dichtgegooide gracht op te vangen. Omdat de parking volledig op recreatiegebied ligt moest volgens hen indertijd al een milieuvergunning aangevraagd zijn. Intussen zagen de belaagde buren dat er toch duchtig verdergewerkt werd. De stad greep niet in maar ook van die kant is nu te horen dat respect geboden is voor de beslissing van de Raad van State en dat het uitgesloten is dat de opening zonder meer doorgaat. Als de stad niet ingrijpt kunnen de actievoerders de schorsing altijd afdwingen via de rechtbank van eerste aanleg. Aan een opening van een deel van de zalen zegt Kinepolis niet te denken.

Op 20 december stelt de Group Ciaeys haar splinternieuwe bioskoopcomplex voor aan pers en genodigden waarna de deuren weer op slot gaan. De 3425 zitplaatsen in de veertien filmzalen van Kinepolis blijven leeg. De vernietiging van de bouwvergunning door de Raad van State reduceert wat een nieuwe apotheose moest worden tot een afgang met begrafenis-allures. Goliath kruipt in het vel van de underdog en klaagt het actiecomité GEK aan als een nietsontziende David.

In de gigantische toegangshal staan groepjes keuvelende persmensen en sympathisanten van de familie Claeys. Ze worden een filmtheater binnengeloodst waar op een overweldigend scherm enkele filmfragmenten getoond worden, met de vermelding "Binnenkort in de bioscoop" en "Vanaf 20 december". Een dosis masochisme en ironie kunnen er blijkbaar nog af.

Daarna spreekt afgevaardigd beheerder Roos Claeys harde taal. "Ik betreur dat de opening niet doorgaat", zegt ze, "maar ik ben woedend om de blaam aan het Limburgse bioscooppubliek dat alleen uit druggebruikers, gluurders en maniakken zou bestaan. Geëist werd dat er een aarden wal van vijf meter hoog en een ijzeren afsluiting kwamen en alle vensters moesten dichtgeverfd worden. Foei! Dat terwijl er in 25 jaar Trioscoop nooit problemen waren".

Algemeen directeur Florent Gijbels geeft vrij nuchter de lijdensweg weer die Kinepolis Limburg in Hasselt doorliep. Het is een opsomming van ingediende en vervolgens afgeketste bouwdossiers, over uit te voeren verkeersstudies en gerust te stellen buurtbewoners. En eindelijk komt in juni 1995 de lang verhoopte bouw- en exploitatievergunning. Alle diensten geven gunstig advies: de Stad, de Provincie, het Vlaams Gewest, Stedenbouw en Aminal. Twee spoedprocedures voor de Raad van State, aanhangig gemaakt door het buurtactiecomité GEK, worden verworpen. Maar als een donderslag bij heldere hemel volgt het kortgeding van 14 december 1995, waarin Kinepolis het onderspit delft.

Florent Gijbels: "Als privé-onderneming hebben we alle stappen en procedures minutieus gevolgd. De overheidsdiensten adviseerden telkens positief. Hoe kan men dan beweren dat de Groep Claeys boven de wet meende te staan?" De overgrote meerderheid van de buurt ("twaalf huizen in de Bosstraat die een zekere last ondervinden") maakt volgens de Groep Claeys geen problemen meer, maar op een uitzondering houden "personen die drie tot vijf kilometer verderop wonen" alles aan de gang. Zij zouden ook uitgaan van het jaarlijks bezoekersaantal van Kinepolis Brussel en Metropolis Antwerpen samen, terwijl de Groep Claeys er in Hasselt in het beste geval 900.000 verwacht. Dan overschrijdt het aantal wagens de duizend -cruciaal voor het Milieu-effectenrapport- niet.

Wanneer het bioscoopcomplex aan de Universiteitslaan nu wel opengaat blijft de vraag, maar volgens de eigenaars "staat zelfs de popcorn al klaar". De bioscoopliefhebbers die niet op de hoogte zijn worden doorverwezen naar Trioscoop Hasselt en Trios Genk, die voorlopig open blijven en de programmatie overnemen. Als acht maanden moet gewacht worden op het definitieve arrest van de Raad van State is hier duidelijk een fiasco in de maak. Voor de Groep Claeys, die een investering deed van 550 miljoen fr. en vijftig mensen aan het werk zou stellen, betekent dat een inkomstenderving van bijna een half miljoen fr. per dag.

Omdat de Stad de werken aan Kinepolis niet liet stopzetten, stapt een betrokkene uit de Bosstraat naar de Rechtbank van Eerste Aanleg in Hasselt om een dwangsom te doen opleggen. Die verwerpt dat "om formele redenen". Maar het Hof van Beroep in Antwerpen legt op zijn beurt wel een dwangsom van een half miljoen fr. per uur op als een deurwaarder constateert dat er op donderdag 21 december na 21 uur nog verder gewerkt wordt.

Buitenlandse investeerders zijn, zo verzekeren de GC-woordvoerders, bij het horen van deze belevenissen niet meer erg happig om de provincie van het bronsgroen eikenhout op te zoeken. Op zaterdag 6 januari 1996 om half twee opent Kinepolis dan toch zijn deuren. Met een bang hart, want het buurtcomité GEK had de Raad van State verzocht de nieuwe, pas afgeleverde bouwvergunning te schorsen. De 450 bioscoopbezoekers, die voor de voorstelling van drie uur een ticket namen, merken weinig van de zenuwachtige sfeer. De eerste die binnenkomt, David Hamal uit Hoeselt, krijgt te horen dat hij samen met zijn twee vrienden een jaar gratis binnen mag. Een twijfelachtig geschenk, zo zal blijken.

De familie Claeys wordt er met de minuut geruster op. "Als het voor ons negatief uitvalt weten we het snel", maakt Roos Claeys zich sterk. Maar het is pas als ze om acht uur 's avonds ontSPannen met het thuisfront belt dat de ongeluksmare binnenloopt.

"Kinepolis moet direct dicht", luidt de boodschap van het arrest dat door een politieofficier betekend wordt. Hasselt krijgt direct een miljoen fr. dwangsom opgelegd bij de niet-uitvoering van het arrest. PR-man Nolens probeert dat diets te maken aan een 700-tal bezoekers dat op de avondvoorstelling van half elf afkwam. Die reageren veeleer ongelovig dan verontwaardigd en ondertekenen naderhand een petitie. "Spontaan", beweert zoon Bart, "om tegen de gang van zaken te protesteren".

Dat ongeloof van de gewone bioscoopganger is niet te verwonderen. Hoe hem of haar uitleggen dat een bouwvergunning geschorst wordt voor een filmtempel die, op de afwerking na, klaar en trouwens al in gebruik genomen is? Eind 1995 wordt een bouwvergunning geschorst voor het filmcomplex met zijn veertien zalen omdat geen milieu-effectenrapport werd opgemaakt. Een week voor de opening volgt dan de aflevering van een bouwvergunning voor tien filmzalen, om zo onder die duizend auto's te duiken. Maar die truuk lukt niet.

Wat de afgevaardigd beheerder verbaast zijn de "wisselende motiveringen" die de Raad van State gebruikt in zijn arresten over Kinepolis. Roos Claeys: "Van het milieu-effectenrapport en de verkeersoverlast is geen sprake meer. Nu wordt vooral gehamerd op de aarden wal achter Kinepolis die niet met groen bedekt is zoals voorzien werd. Maar hoe kunnen we die beplanten als we niet verder mogen werken?" Waar het schoentje wringt is echter dat de nieuwe bouwvergunning, die de Stad Hasselt aflevert, volgens het gevelde arrest in strijd is met het Gewestplan. De VCH-directeur wierp eerder al op dat de verkeersstroom ondraaglijk was en dat het om een zone van openbaar nut ging. Precies wat GEK ook aanhaalt en waarin het door de RvS gevolgd wordt. De afgevaardigd beheerder vindt echter dat dat laatste begrip creatief gehanteerd moet worden. "Een containerpark en een TGV-station zouden kunnen maar een bioscoop niet. Buurman Cegeka is trouwens ook een bedrijf en heeft zich niet met een aarden wal moeten afschermen". Al dat procederen kostte al een hoop geld en ze vindt het dan ook verdacht dat de tegenpartij ("toch niet zo'n rijke mensen") dat kan betalen. Toch waagt ze zich voorlopig niet aan de tesis "afrekeningen".

De GC putte hoop uit het voorlopige karakter van het arrest, geveld door één magistraat. In de week die volgt zou de voltallige kamer van de RvS het geschil opnieuw behandelen. Vooraleer het zover is bereikt Kinepolis op 11 januari 1996 een akkoord met GEK. De omwonenden krijgen inspraak in de begroening van de omgeving van het complex en er komt een schadevergoeding van acht miljoen, te verdelen over veertig gezinnen van de Bosstraat.

Het hardste element van GEK wil ook voor dit voorstel niet zwichten, maar de zeven andere gezinnen uit de Bosstraat vinden dat het welletjes is.

Daarmee is voor de GC de kous niet af, want de Raad van State moet nog een arrest vellen waarbij de vorige arresten rond de schorsing van de bouwvergunningen worden ingetrokken. En de RvS zorgt voor Hitchcock-suspens die, alhoewel de zaak als eerste geagendeerd staat, donderdag 11 januari tot vijf uur 's namiddags duurt. "Bange uren want je begint aan alles te twijfelen", wil Bart Claeys naderhand kwijt. Ook zijn moeder Roos is zichtbaar opgelucht: "Buitenstaanders dreigden al met betogingen en geweld tegen het buurtcomité, maar ik heb hen dat ten zeerste afgeraden".

Zaterdag 6 januari waren er zeven zalen opengegaan, op vrijdag 12 januari zijn er dat negen. Voor de Groenen -de partij van de projecten op mensenmaat- is dit even slikken, want er wordt "ja" gezegd tegen de grootschaligheid. Liever in Hasselt dan bij Feniks, is de teneur. Aan de vraag van de buurt dat Kinepolis er niet zou komen konden de Groenen niet voldoen. "Ze meenden het landelijk te kunnen houden, maar die plaats kon geen open ruimte blijven", oordeelt de groene schepen Hermans.

De Jongsocialisten insinueren dat het protest "tegen één van de eerste grote verwezenlijkingen in Hasselt sinds Steve Stevaert er burgemeester is" politiek geïnspireerd was. "Was het misschien een verdoken poging van de oppositie om het Hasseltse stadsbestuur in een kwaad daglicht te stellen?" Stevaert probeert er het beste van te maken door te verwijzen naar de werkgelegenheid en de "milieuconvenant" over de verkeersafwikkeling met de buurt. "Op verkeersgebied heeft de buurt het nu beter dan voor de komst van Kinepolis, want vroeger was er al sluikverkeer en dat wordt nu verminderd. Wij waren in heel die zaak tussen mevrouw Claeys en het buurtcomité geen partner. Maar het was wel een drama geweest voor Hasselt als Kinepolis daar niet gekomen was".

In de revue "Hasselt es te kleen" herinnert Armand Schreurs in oktober 1996 aan de ganse heisa. Hij schrijft daarvoor het liedje "Achter 't Previnseheüs" op de tonen van de Hasseltse evergreen "Achter het lèmfabrik", dat zelf zijn melodie ontleende aan "Sous les Ponts de Paris".

7. Investerings(on)vriendelijk Hasselt? - Inhoud

"Vorig jaar kregen we Kinepolis niet open, dit jaar krijgen we Amizoo niet dicht". Met die one-liner opende burgemeester Stevaert zijn toespraak voor Nieuwjaar 1997. Al snel voegde zich daar het probleem Colruyt bij.

Amizoo, de dierenwinkel aan de Kuringersteenweg, voerde volgens de aanklacht van de stad verbouwingen uit zonder vergunning. Daarenboven zou de bestemming gewijzigd zijn van loods in kleinhandel, wat Amizoo zelf tegensprak. "Amizoo beschikt over geen enkele vergunning", aldus burgemeester Stevaert.

Volgens de stad Hasselt is ook Colruyt aan de Van Veldekesingel niet in orde, maar het "kleine Feniks" ging op 12 februari 1997 wel open. Het kreeg tot drie keer toe een bouwvergunning maar slaagde er niet in die correct te koppelen aan zijn sociaal-economische vergunning. De Colruyt-vestiging paste vooral niet in het lokaal gevoerde beleid inzake ruimtelijke ordening. "Geen tweede Genkersteenweg", was het adagium van zowel het vorige als het huidige stadsbestuur. Geen verloedering met willekeurig neergepote handelszaken langs de grote ring, maar "nette" bedrijven uit de dienstensector. Anders slibt ook die tweede ring dicht en is er een derde nodig, die Stevaert met zijn groene imago kan missen als kiespijn. Colruyt kan aan verdere gerechtelijke stappen van de stad Hasselt ontsnappen door de rotonde aan de Veldstraat aan te leggen waarlangs de verdere verkeersafwikkeling kan gebeuren. Burgemeester Stevaert wil er nauwlettend op blijven toezien dat Colruyt de nodige vergunningen voor zijn activiteiten heeft. Als Colruyt later acht miljoen fr. betaalt voor de rotonde waarmee het eigenlijk niets te maken heeft, eindigt de gerechtelijke procedure.

In die visie past ook de goedkeuring door de Hasseltse gemeenteraad eind 1996 van een voorlopige bpa-wijziging voor het terrein dat grenst aan Kinepolis. Daardoor kunnen daar vestigingen komen die zich bezighouden met "de commercialisatie van de nieuwe media". Maar het is duidelijk dat het terrein geëffend wordt voor TV-Limburg, dat deel zal uitmaken van een media-cluster aan de Universiteitslaan met het LUC, Interelectra, CeGeKa en Kinepolis. Voor die ganse omgeving komt er glasvezel voor de communicatie.

8. Grenslandhallen beter zonder directeur - Inhoud

Tussen de beheerraad van de vzw Grenslandhallen en directeur Lemlijn botert het al lang niet meer en zijn ontslag in november 1993 hing in de lucht. Heikel punt is dat Lemlijn zich niet akkoord kan verklaren met zijn nieuwe wedderegeling. Met Van Lishout als verantwoordelijk schepen voorzag zijn contract bij zijn aantreden tien jaar eerder in winstdeling en andere accafieten. Lemlijn ziet in het snel "wereldkundig" maken van het ontslag een manier om alle betrokkenen voor een voldongen feit te zetten. Bujok is zo vriendelijk de media direct in te lichten.

Eind november 1995 relativeert burgemeester Stevaert de bewering van de GLH-top als zouden ze winst maken. Zijn bestuur betaalde dan ook net een lening van 120 miljoen fr. aan een intrest van 10,9 percent terug. Hij rekent voor dat de hallen 382 miljoen kostten: 137 miljoen voor hal 4; 151 miljoen voor hal 5; 78 miljoen voor de overkoepeling en 16 miljoen schadevergoeding aan de architect voor hal 6 die er nooit kwam. Als de GLH over winst spreken worden die kosten niet verrekend. En iedereen mag beurzen organiseren behalve de GLH zelf.

Een maand later volgen nog opmerkelijke uitspraken over de hallen. Om te beginnen die van voorzitter Onkelinx van de GLH-beheerraad: "Er zijn genoeg kandidaten om de Grenslandhallen te privatiseren en ik heb geen probleem met het opdoeken van de bestaande vzw. Maar dan komen de eigen mensen niet meer aan bod". Als het van hem afhangt komt er ook geen nieuwe directeur "omdat dat geen voltijdse opdracht is in een beurzencomplex dat zelf geen beurzen mag inrichten". Ook Stevaert vindt die functie overbodig. "De omzet daalde niet sinds het ontslag van de vorige directeur", merkt hij op. "Soms is het beter zonder directeur".

Die taken knappen nu enkele beheerraadsleden op, waartegen het verwijt komt dat die zelf beurzen opzetten. Onkelinx' tegenargument is dat bijvoorbeeld de vakantiebeurs -waar hijzelf een vinger in de pap heeft- aan de GLH dreigden te ontsnappen als hij niet had opgetreden. Een typisch Hasseltse manier om zijn eilandQe) te beschermen -vroeger al toegepast voor het CCH- is zijn uitspraak :"De Grenslandhallen moeten buiten de politiek staan".

Kandidaten uit de privé-sector staan te trappelen om de exploitatie over te nemen maar leveranciers, standenhouders of bloemisten zouden "bij een uitbater uit Brussel" geen kans krijgen, aldus de voorzitter. Bij een overname door privé ziet hij de winst meer dan verdubbelen. Niet zo spectaculair want de"winst op de exploitatie" bedraagt dat jaar volgens de raming slechts zo'n vijf miljoen fr., de afbetaling van de infrastructuur voor zo'n 350 miljoen fr. niet meegerekend. "Niemand in de beheerraad wil het anders", maakt de voorzitter zich sterk, maar die is dan ook voor de helft samengesteld uit politieke mandatarissen en voor de andere helft uit vertegenwoordigers van middenstandsorganisaties, tevens organisatoren van beurzen.

De uitbreiding met een evenementenhal hangt in de lucht, maar dat zal met privé-kapitaal moeten gebeuren. Fuiven zijn niet gewenst, want "ze ondermijnen de infrastructuur".

Na twee jaar, begin juni 1996, krijgen de Grenslandhallen toch een nieuwe manager. De 26-jarige Herman Daniels, in NCMV-hoek te situeren, krijgt als belangrijkste taak de "upgrading" van de hallen. Als voormalig hoofd van de vzw KMO Events van het NCMV-Limburg kan hij al vrij snel de verkoop van de Limburgse Jaarbeurs, die daar de laatste drie jaar deel van uitmaakte, bedingen. Dat de Hasseltse hallen in eerste instantie werden gebouwd om deze eerste Limburgse beurs onder te brengen maakt er een belangrijk symbool van. Maar die beurs zit al jaren in een sukkelstraatje en de herziening van de formule in 1991 brengt geen zoden aan de dijk. Ei zo na viel ze samen met het hele pakket van KMO Events van NCMV-Limburg in de handen van het Geelse REKAD, maar de GLH snijdt ze de pas af. Voor één miljoen fr. draagt het NCMV de hard- en software en het databestand over.

Meteen is duidelijk dat de vzw Grenslandhallen zelf beurzen gaat organiseren. "Maar onze eigen organisaties krijgen geen prioriteit, want wij willen in de eerste plaats een ondersteunend beleid voeren naar de organisatoren", belooft GLH-directeur Daniels. Vroeger spraken sommige beheerraadsleden van oneerlijke concurrentie voor andere beursorganisatoren, maar dat was al te dikwijls een dekmantel om zelf winstgevende beurzen in te richten. Op die "belangenvermenging" kwam kritiek maar de personen in kwestie beschikten over voldoende politieke invloed om te kunnen doorgaan.

Bij de opening van de Limburgse Jaarbeurs op 8 november 1996 zegt burgemeester Stevaert ruimte te zien voor een derde hal bij de Grenslandhallen. Die moet er wel met privé-geld komen. Hij dringt in aanwezigheid van de gedeputeerden Brepoels en Dufaux aan op samenwerking met de Genkse Limburghal. "Nu het MECC in Maastricht te groot is voor sommige zaken zouden onze twee hallen in deze regio weieens een goede oplossing kunnen zijn".

9. Verboden te fuiven - Inhoud

Negen Limburgse horecazaken SPannen eind januari 1998 een rechtszaak in tegen de GLH omdat die vzw niet in orde zou zijn met haar milieuvergunning. Het gaat om André Vanoirbeek, het Karrewiel, Criba, dancing Flip, de King (met maatschappelijke zetel in Leuven), het Hoenderhof, de Montysio, Real Disco en De Ark. Volgens de GLH-directeur Daniels zit -verdoken- de familie Vanderstraeten, van onder andere de Dockside, achter deze rechtszaak. In eerste instantie verliezen ze die, maar het Hof van Beroep geeft hen gelijk.

De GLH hebben de vereiste vergunning wel degelijk, maar volgens het arrest moeten ook de organisatoren van fuiven erover beschikken. Zo is er Mater Paramedica, de studentenclub van het Provinciaal Hoger Instituut voor Verpleegkunde (PHIV), dat enkele dagen later Nurse Night wilde inrichten en daarvoor al een miljoen frank aan promotie uitgaf. Die zou weieens verhaald kunnen worden op de GLH. Bovendien krijgt burgemeester Stevaert voort elke overtreding -dus voor elke ingerichte fuif- een half miljoen frank boete.

Volgens Jean Vrijsen, voorzitter van CVP-Hasselt en rechterhand van milieuminister Kelchtermans, maakte de rechter er een potje van en is het onzin om voor elke fuif of trouwpartij een vergunning te eisen waardoor de organisator in orde is voor de lozing van afvalwater of met de stookolie. Niet enkel megafuiven, maar elk ontmoetingscentrum en elke parochiezaal in Vlaanderen zouden hieronder vallen. Ook meester Lamon die de zaak voor de stad Hasselt pleitte vindt één en ander vreemd.

Directeur Daniels tekent derdenverzet aan, maar hierover is zijn voorzitter Onkelinx niet te spreken. Volgens Daniels raadpleegde hij echter het management-comité waarvan Onkelinx deel uitmaakt. Het ziet er even naar uit dat de affaire de kop van de GLH-directeur zal kosten. Onkelinx vindt dat de beheerraad moest beslissen over het derdenverzet en schuift elke financiële en juridische verantwoordelijkheid in de schoenen van Daniels. Maar de GLH-beheerraad blijft pal achter de directeur staan.

Op 2 februari 1998 houdt een 200-tal betogers van Mater Paramedica een optocht naar de Dockside om eigenaar Vanderstraeten ertoe te bewegen geen stokken in de wielen te stelen. "Geen slecht idee", vindt burgemeester Stevaert, maar de betogers bekomen geen enkele toegeving. Praesis Johan Hermans: "De eigenaar is enkel uit op de verdediging van zijn eigen commerciële belangen. Wij moeten volgens hem ook maar RSZ en belastingen betalen zoals hij. Dat verenigingen dan zelfs geen mosselfeest meer kunnen geven kan hem niet schelen. Toen ik hem vroeg of iedereen die in de Dockside een fuif inricht dan buiten hem ook over een tweede vergunning beschikt, krabbelde hij terug".

Het Hof van Beroep bevestigt met zijn arrest van 4 februari de eerdere beslissing zodat Nurse Night niet kan doorgaan. De stad Hasselt gaat in cassatie.

Volgens burgemeester Stevaert sloeg "de politieke verblinding" in dit dossier toe. Stevaert: "De burgemeester moet het vonnis uitvoeren, of hij daar gelukkig mee is of niet. Als ik dat niet deed, dan zou de CVP de eerste zijn om mij daarover aan te vallen". Of de betrokken discotheekuitbaters verstandig handelden betwijfelt hij. "De uitspraak kan zich tegen de horeca keren". Ook van jeugdschepen Gysens, die organisatoren voortaan beter wil informeren, krijgt politiek Brussel in de persoon van milieuminister Kelchtermans en zijn woordvoerder Vrijsen, de zwarte piet toegespeeld. "Hoog tijd dat er zich iets beweegt op politiek niveau waar dergelijke wetten kunnen en moeten aangepast worden", meent hij. En niet begrijpend: "De woordvoerder van de minister spoort aan om de wet te omzeilen via een achterpoortje".

Nurse Night kan de schade beperken. De leveranciers reageren begripsvol, vooral als ze horen dat later toch een editie volgt. Een studentencantus vervangt voorlopig de megafuif, maar die is nog geen tien minuten bezig of de eerste deurwaarder is ter plaatse en een tweede wordt verwacht. Het Io Vivat en het Bronsgroen Eikenhout vervangen zonder veel overtuiging de duizenden dansende studenten uit gans Vlaanderen die hier verwacht werden. Zingen mocht, dansen of muziek spelen niet. ("Zou dat ook gelden voor de blote vrouwen op de Erotica-beurs?" vraagt een verontruste waarnemer zich af) Onder de aanwezigen opvallend veel politieagenten, deurwaarders, advocaten en mediamensen. Het Cultureel Centrum van Hasselt laat weten Nurse Night met zijn massale toeloop niet te willen/ durven herbergen.

Op donderdag 5 maart 1998 mag Nurse Night Bis dan toch doorgaan in de GLH. Voor LUC-studentenclub Mercurius blijft dat onduidelijk. Want de negen discotheekhouders procederen verder, dit keer tegen de overlast van de geluidsinstallatie waarvoor er geen correcte vergunning zou zijn. "We voelen ons door hen gegijzeld", wil Johan Hermans kwijt. "Hun advocaat heeft trouwens letterlijk gezegd dat dat de bedoeling is".

De greep lost niet, zo blijkt begin september 1998. In de GLH gingen intussen buiten Nurse Night nog de Van Hoyland-fuif en de Holiday Party door. Telkens lieten de negen Limburgse discotheekhouders vaststellingen doen door een deurwaarder. Ze steunen zich vooral op de wijzigingen aan de geluidsinstallatie. Hun volgende stap is de Hasseltse burgemeester in gebreke stellen, wat neerkomt op een claim van anderhalf miljoen op diens privé-eigendommen. Die onzekerheid doet 13 van de 24 leden van de GLH-beheerraad besluiten zeker voor het academiejaar dat eraan komt te stoppen met de fuiven. Een opschorting die geldt tot er uitsluitsel is door een procedure ten gronde.

De fuiven verzieken de politieke sfeer grondig. Bij monde van Eddy Schuermans vindt CVP-Hasselt dat die gewoon moeten doorgaan. "De zaak wordt politiek gespeeld en ik laat het hier niet mee", zegt CVP-raadslid en lid van de GLH-beheerraad Johan Vanmuysen vastberaden. Volgens hem was er na twee uur praten met woord en wederwoord een akkoord dat de fuiven zouden doorgaan. Als jurist bespeurt meester Vanmuysen geen vuiltje aan de lucht. De discotheekhouders krijgen ook hier het verwijt Hasselt en de GLH te "chanteren" en Vanmuysen en zijn partijgenoten gebruiken dezelfde argumenten voor de beheerraad. Vanmuysen: "Iedereen leek akkoord. Toen bij de latere stemming dertien tegen stemden tegenover elf voor viel ik bijna van mijn stoel. Ze moeten dat op voorhand afgesproken hebben". Een signaal voor CVP-Hasselt dat het met de open-debat-cultuur afgelopen is. Wel geeft Vanmuysen toe dat er over de uitspraken van een rechtbank "nooit wiskundige zekerheid" is.

Pas in april 2003 komt vast te staan dat de organisatie van fuiven in de GLH niet langer juridische problemen stelt en is er een getekende overeenkomst met Horeca Limburg.

10. CCH onder vuur - Inhoud

Een one-liner die kan tellen richt Stevaert tot het eigen cultureel centrum: "Als ik gedeputeerde van cultuur was zou ik de Velinx subsidiëren want daar gebeuren tenminste nieuwe dingen". Toch krijgt het CCH op jaarbasis de komende zes jaar telkens 60 miljoen fr. uit de stadskas, twee miljoen méér dan het vroeg. Maar een overschrijding van die enveloppe is in geen geval toegestaan. Schepen Ghysens zal het CCH in de toekomst inderdaad niet op zijn programmatie of innovatie maar zuiver op het financieel in balans zijn afrekenen. Voor Stevaert staat het CCH "niet meer boven de politieke discussies", zoals voormalig directeur JaSPaert dat gewrongen kreeg, "maar maakt het er het onderwerp van uit". Die instelling mag "niet langer een eiland zijn, maar moet deel uitmaken van het culturele leven van de stad". Verdere samenwerking met de stedelijke culturele dienst en het provinciale Centrum voor Kunsten worden door hem toegejuicht. Van CCH-directeur Grootaers verwacht Stevaert dat hij meedenkt over het culturele leven in Hasselt.

"Het cultureel centrum ziet er vuil en beduimeld uit", constateert burgemeester Stevaert eind november. Nochtans kloeg cultuurschepen Vandeput onder het vorig bestuur over de voortdurende kosten, zoals -buiten de gewone betoelaging- een jaarlijkse investering tot 5 miljoen fr. om onder andere het tapijt te vernieuwen, de schouwburgzetels te overtrekken en nieuwe gordijnen te hangen.

Na de schimpscheuten van burgemeester Stevaert zegt een Tongenaar op bezoek in het CCH verwonderd: "Het valt hier nog mee. Ik dacht dat het doorregende".

Directeur Grootaers kloeg eerder al "dat er in zeventien jaar niets aan het gebouw gebeurd was". Een ingenieur van de stad raamde de kosten voor het op punt stellen toen op 200 miljoen fr., waarvan het vorig bestuur 80 miljoen fr. investeerde.

Grootaers vertrekt half februari 1996 en zijn opvolger moet voor Stevaert een "manager" zijn die dat soort zaken "planmatig" aanpakt. Dat klinkt bekend in de oren. Bij het opstappen van de eerste directeur Jaspaert verkondigde toenmalig burgemeester Meyers wijd en zijd "dat er nu een manager moest komen". Dat werd radioman Bob Degroof, die na amper een week dienst bedankte en de eer overliet aan Jean-Pierre Grootaers.

Hem wachtte in februari een "afscheid in mineur". Enkel het personeel, de beheerraad en enkele vrienden waren op zijn laatste werkdag -15 februari- aanwezig. Na een uurtje moesten de meesten al vertrekken voor opdrachten. Bij het vertrek van de vorige directeur Piet JaSPaert was het cultureel centrum te klein en het feest duurde tot diep in de nacht. Maar Grootaers was dan ook minder flamboyant en leidde het centrum niet van achter de micro of onder de schijnwerpers. In 1995 slaagde hij erin binnen de budgettaire krijtlijnen te blijven, een primeur voor het CCH. Als beperkt eerherstel ontvangt Grootaers begin mei 1996 de Borrelmènnekes-prijs van de CVP-Jongeren.

Half mei 1996 vindt het bestuur in de persoon van René Geladé een opvolger. Door een artikel in Het Laatste Nieuws proberen enkele personeelsleden van CC Heusden-Zolder, waar Geladé eerder directeur was, de aanstelling door de gemeenteraad nog tegen te houden met futiliteiten uit de boekhouding, maar die poging mislukt.

Als oude JaSPaert-getrouwe verlaat programmator Annie Filet, werker van het eerste uur, op 1 september 1996 het CCH. Directeur Geladé maant zijn stafmedewerkers aan minder geïsoleerd te werken en de onderdelen van de programmatie meer op elkaar af te stemmen. In de programmatie komt de klemtoon liggen op toneel, hedendaagse dans en klassieke muziek. Die profilering noemt Geladé de enige manier om succesvol te overleven. Maar wat ook de verdienste het provinciale Centrum voor Kunsten worden door hem toegejuicht. Van CCH-directeur Grootaers verwacht Stevaert dat hij meedenkt over het culturele leven in Hasselt.

"Het cultureel centrum ziet er vuil en beduimeld uit", constateert burgemeester Stevaert eind november. Nochtans kloeg cultuurschepen Vandeput onder het vorig bestuur over de voortdurende kosten, zoals -buiten de gewone betoelaging- een jaarlijkse investering tot 5 miljoen fr. om onder andere het tapijt te vernieuwen, de schouwburgzetels te overtrekken en nieuwe gordijnen te hangen.

Na de schimpscheuten van burgemeester Stevaert zegt een Tongenaar op bezoek in het CCH verwonderd: "Het valt hier nog mee. Ik dacht dat het doorregende".

Directeur Grootaers kloeg eerder al "dat er in zeventien jaar niets aan het gebouw gebeurd was". Een ingenieur van de stad raamde de kosten voor het op punt stellen toen op 200 miljoen fr., waarvan het vorig bestuur 80 miljoen fr. investeerde.

Grootaers vertrekt half februari 1996 en zijn opvolger moet voor Stevaert een "manager" zijn die dat soort zaken "planmatig" aanpakt. Dat klinkt bekend in de oren. Bij het opstappen van de eerste directeur Jaspaert verkondigde toenmalig burgemeester Meyers wijd en zijd "dat er nu een manager moest komen". Dat werd radioman Bob Degroof, die na amper een week dienst bedankte en de eer overliet aan Jean-Pierre Grootaers.

Hem wachtte in februari een "afscheid in mineur". Enkel het personeel, de beheerraad en enkele vrienden waren op zijn laatste werkdag -15 februari- aanwezig. Na een uurtje moesten de meesten al vertrekken voor opdrachten. Bij het vertrek van de vorige directeur Piet JaSPaert was het cultureel centrum te klein en het feest duurde tot diep in de nacht. Maar Grootaers was dan ook minder flamboyant en leidde het centrum niet van achter de micro of onder de schijnwerpers. In 1995 slaagde hij erin binnen de budgettaire krijtlijnen te blijven, een primeur voor het CCH. Als beperkt eerherstel ontvangt Grootaers begin mei 1996 de Borrelmènnekes-prijs van de CVP-Jongeren.

Half mei 1996 vindt het bestuur in de persoon van René Geladé een opvolger. Door een artikel in Het Laatste Nieuws proberen enkele personeelsleden van CC Heusden-Zolder, waar Geladé eerder directeur was, de aanstelling door de gemeenteraad nog tegen te houden met futiliteiten uit de boekhouding, maar die poging mislukt.

Als oude JaSPaert-getrouwe verlaat programmator Annie Filet, werker van het eerste uur, op 1 september 1996 het CCH. Directeur Geladé maant zijn stafmedewerkers aan minder geïsoleerd te werken en de onderdelen van de programmatie meer op elkaar af te stemmen. In de programmatie komt de klemtoon liggen op toneel, hedendaagse dans en klassieke muziek. Die profilering noemt Geladé de enige manier om succesvol te overleven. Maar wat ook de verdienste

moge zijn, dit is zeker niet het Vooruit-model dat Stevaert en Bujok voor ogen stond en tevergeefs zal Stevaert zijn ongenoegen hierover uiten.

Cultuurschepen en CCH-voorzitter Gysens heeft totaal geen affiniteit met het inhoudelijke maar tracht wel te scoren met zijn last minute tickets, bestemd voor jongeren onder de 25. Als de schouwburg niet uitverkocht is kan de wachtende voor 250 fr. een ticket bemachtigen. Of de programmatie zich ook richt op jongeren is bijkomstig.

Bij de opening van het cultureel centrum kwamen 15.000 geïnteresseerden opdagen, maar aan alle Hasseltse toneelverenigingen, harmonies, fanfares en koren was dan ook om een actieve inbreng gevraagd. Meestal voor het laatst. Podium en Het Hasselts Toneel konden later de peperdure rekeningen voor de huur van de schouwburg niet meer betalen en het bloeiende liefhebberstoneel verschraalde. Bij de viering van het 25-jarig bestaan tijdens het weekeinde van 26-27 september 1997 kwam nog maar een fractie van de enthousiastelingen van het eerste uur opdagen. Van de brede massa Hasselaren die JaSPaert wilde aanspreken blijven enkel de "happy few" over.

11. De Golf (Flanders Nippon Golf& Business Club) - Inhoud

Een ideale schietschijf voor Wesp, het blad waarin de SP tijdens de zes jaar Roppe oppositie voert, is de geldverslindende en vooral elitaire Golf. Volgens gegevens van de nieuwe stadskrant De Bloote Hasselaar, die voor het eerst verschijnt in november 1992, kostten de onteigeningen voor de Golf destijds aan de Stad 50 miljoen fr. en de uitgaven voor de accommodatie meer dan 96 miljoen. Doordat invloedrijke personen als hoofdingenieur Vandeputte achter het project blijven staan en SP-politici in de beheerraad opgenomen worden, ebt de kritiek na het aantreden van het Stevaert-team vrij snel weg.

Directeur Jos Buntinx van de Hasseltse Golf Club kondigt -na vijf jaar aan het roer te hebben gestaan- einde 1995 aan op te stappen. De SP-oppositie deed zijn club regelmatig af als "elitair" en "ondemocratisch" en ging dwarsliggen als plannen voor de verdere uitbreiding voorlagen. "De oppositie heeft de Golf misbruikt", stelt Buntinx bij zijn afscheid. Dat terwijl er volgens hem veel "gewone mensen" komen golven. Met zijn dertien personeelsleden meent hij goed werk te hebben gepresteerd. Zijn laatste project wordt een videoconferentie- en decision-centrum, waarvan de bouw anderhalve maand later start. Dat kost 35 miljoen fr.

Eind maart 1996 gaat de opening door van het Business Institute waarvan de realisatie al in 1991, drie jaar na de oprichting van de golfclub, een aanvang nam maar dat zich nu vervolledigt met het centrum dat voorzitter Yannick Boes van de vzw-beheerraad een primeur voor Vlaanderen noemt. "Na een jaar moeten we zelfbedruipend zijn", meent hij. Als cliënteel rekent het instituut op bedrijven uit de ganse Euregio. De gelden voor deze tweede fase zijn afkomstig van de Vlaamse

Gemeenschap, het EFRO (via de GOM), de Limburgse Participatie Maatschappij (de vroegere LIM) en de toenmalige SIM.

12. Tegenaanval - Inhoud

Afbraakpolitiek voor het cultureel centrum, blamage aan het Modemuseum. Dat zijn enkele verwijten die de CVP-oppositie op de gemeenteraad van 28 november 1995 toestuurt aan het adres van burgemeester Stevaert De CVP lanceert onder de naam RIO 2000 ook een vijfjarenplan voor de Hasseltse rioleringen. In de periode 1990-199 besteedde het vorig bestuur voor één miljard fr. aan rioleringen en de CVP wil dat beleid in de toekomst "fair voortgezet" zien. Stevaert repliceert met een verwijzing naar Genk, dat de afgelopen jaren heelwat meer riolering aanlegde. Maar net als voor de miljoenen van de hogere overheid heeft dat volgens de CVP-er Schuermans -Stevaerts "collega" in de Vlaamse Raad- te maken met de verschillende (historische) achtergrond. Hasselt heeft een oude stadskern en de landelijke wijken die er bijkwamen werden pas de laatste decennia ontwikkeld. Schuermans: "Het was beter geweest om de dure leasing voor de Grenslandhallen niet terug te betalen maar te herschikken. Dat geld kon dan gebruikt worden voor riolering".

Ook over de vervroegde afbetaling van 120 miljoen fr. leningen is er onenigheid. Volgens schepen van financiën Reynders kan dat door de uitgevoerde besparingen, zijn voorganger schrijft het toe aan de meevallende rekening 199 waarvoor de vorige ploeg nog zorgde. Zelfs over de afbouw van de verdeelpunten voor boeken in Stokrooie en Spalbeek vliegen de antagonisten elkaar in de haren.

Voormalig cultuurschepen Vandeput verwijst naar een artikel in Het Belang van Limburg waarin staat dat de benoeming van de voorzitter van de provincieraad tot directeur van het cultureel centrum in Hasselt al een uitgemaakte zaak is. Zijn opvolger Gysens doet het af als "een kwakkel". "Immoreel naar de persoon in kwestie", voegt Stevaert eraan toe want het hypothekeert de kansen van die man op andere functies.

Na een jaar maakt voorzitter Vandeput van CVP-Hasselt de balans op van één jaar nieuw bestuur. "Dat voerde alleen de projecten uit die wij eerder voorbereidden", meent hij. "Voor het overige werden allerlei futiliteiten via de media de wereld ingestuurd". Met dat gebrek aan initiatieven is het volgens hem niet verwonderlijk dat de rekening voor 1995 er goed uitziet.

De "hetze" rond het cultureel centrum neemt hij Stevaert niet in dank af. "De burgemeester zegt dat het er vuil bijligt, maar tijdens de zes jaar dat ik schepen was werd er afgerond voor honderd miljoen geïnvesteerd in nieuw vloertapijt, gordijnen, een klank- en lichtorgel en het cafetaria. Met de zestig miljoen die jaarlijks door de stad wordt bijgegeven voor de exploitatie kunnen alleen de zware personeelskosten betaald worden en vergeleken met de veertig miljoen voor De Velinx valt dat nog mee".

Ook de musea ziet hij steeds "in een negatieve sfeer" benaderd. "Maar het Jenevermuseum is zelfbedruipend en het Modemuseum wordt dat omdat beide producten verkopen. Het Stadsmuseum niet. Maar moet dat dan samen met de Japanse tuin en het cultureel centrum afgebroken worden? Is de bevolking daar zo tegen? Ik hoor ook dat manifestaties als de Paardenkijkdag en de Sint-Antoniusviering moeten afgeschaft worden. Waarvoor is dat nodig?" Bij de futiliteiten noemt Vandeput "het broodjes eten op TV-Limburg". "Elke maand zou er een besparingsmaatregel komen. Niets meer van gehoord. De uitbreiding van de Sarma zou kaderen in een globaal distributieplan, opgesteld na de bespreking met de middenstand, maar niemand is gecontacteerd. Runkst zou nauwer met de stad verbonden worden, maar momenteel wordt de brug hersteld en specialisten zeggen dat een alternatief meer dan een miljard zou kosten".

Volgens Vandeput steekt Stevaert onverdiend pluimen op zijn hoed. "Ik voerde talloze gesprekken over de Walputsteeg en de verbinding van de Dr Willemsstraat naar de Thonissenlaan was gepland. De vestiging van het Vlaams Huis aan het station was vroeger al afgesproken. Toen we voor Kinepolis een vestiging langs de Grenslandhallen voorstelden reclameerde de middenstand dat we volk uit de stad weghaalden. Nu Kinepolis nog verder weg komt hoor ik niets meer".

De CVP wil ook zo spoedig mogelijk een directeur in de Grenslandhallen "zodat de belangenvermenging stopt" en een administratief statuut voor het personeel "dat na onze vroegere stappen in een vacuüm terecht kwam". Hij vraagt zich af waar "het groene accent" blijft. "Met 200.000 frank voor de aankoop van natuurgebieden, waarmee enkele poelen hersteld worden, zal men niet ver geraken".

Op de rijdende trein - Inhoud

1. Virga Jesse opgedoekt? - Inhoud

"Ik voel me alsof ik op een rijdende trein ben gesprongen", herhaalt cultuurschepen Gysens enkele keren als hij merkt hoe de vorige besturen op zijn terrein reeds tal van grote lijnen uittekenden. Het is ook duidelijk dat hij voorrang geeft aan zijn andere bevoegdheden: jeugd en feestelijkheden. Voor City Team, dat zinvol vakantiewerk voor een propere leefomgeving uitvoert, lopen de jongeren in juni 1996 storm. De betaling van 480 fr. per blok van drie uur is daar niet vreemd aan.

"Ongehoord", een driedaagse jongerenhappening in het centrum van de stad, neemt een aarzelende start.

Gysens' voorganger Vandeput beweert nog op de gemeenteraad van 25 maart 1997 dat zijn opvolger voor de materie cultuur letterlijke passages uit zijn voormalige programma's en beleidsnota's overneemt. In de "nieuwe" Culturele Beleidsnota wordt zelfs toegegeven "dat dit alles gerealiseerd werd in het voorbije decennium". Het gratis bezoek aan musea voor Hasselaren bestaat volgens Vandeput ook al een decennium.

Schepen Gysens repliceert dat het inderdaad moeilijk is om de Virga Jesse feesten op te doeken of het Jenevermuseum te sluiten omdat een nieuwe ploeg aan het bewind komt. Ook het Stedelijk Feestcomité vertoont een grote continuïteit met gedurende een 60-tal jaren slechts zes voorzitters: Jules Vanleysen, Bert Barthels, Freddy Lemoine, Jos Claes, Stanny Barthels en Gilbert Govaerts. Het bouwt zijn evenementen verder uit en voegt er nieuwe aan toe zodat het een palmares kan tonen met Hasselts Vuurwerk (bij Hasselt Kermis), Hasselt Bruisende Stad met uitreiking van de Hasselt Awards en de bekendmaking van Prins Carnaval en de Jeugdprins, de Intrede van Sinterklaas, Streetparade en Happening in de Hasseltse binnenstad, Halfvasten, Meiavondviering en de Vlaams-Europese Feestdag. De Hasselt Proms duren al twee dagen.

Anderzijds krijgt het Stevaert-bestuur het verwijt onvoldoende respect te hebben voor realisaties uit het verleden. Het aantal bezoekers van het Jenevermuseum loopt volgens Vandeput al twee jaar terug. ("De Hasseltse scholen gaan te weinig naar de eigen musea", geeft cultuurschepen Gysens toe).

Op de viering van twintig jaar jumelage met Detmold eind oktober 1996 ziet Vandeput weinigen uit het stadsbestuur opdagen, wat hem doet vermoeden dat het stadsbestuur er komaf mee wil maken. "Wordt Hasselt weer een dorp?" vraagt hij zich af. Zelf moest hij passen voor een -overigens ondermaatse- uitvoering van de Toverfluit door Landestheater Detmold omdat hij, zoals de overige raadsleden, het "feestprogramma" pas vier dagen voor aanvang in de bus kreeg. De ex-schepen van cultuur kon constateren dat op de burgemeester na, "die een verplicht nummertje kwam opvoeren", niemand van het bestuur opdaagde. Op het volksfeest in de Grenslandhallen waren hooguit een 50-tal Hasselaren. "Ik vraag mij af in welke mate de verenigingen bij de voorbereiding betrokken werden", gaat hij verder. "Dit stadsbestuur lijkt me totaal niet geïnteresseerd. Maar ja, hiermee zullen niet direct stemmen te winnen zijn. Na de beschadiging van het imago van de stad met de lege kas-affaire is er nu de afbraak van de jumelages".

2. Wachten op het zwembad - Inhoud

Als nagelnieuwe sportschepen onder Stevaert kan Brigitte Smets nog weinig toevoegen aan de bestaande, nog niet afbetaalde infrastructuur. Al vanaf de zeventiger jaren komt het Hasseltse sportgebeuren in een stroomversnelling, doordat toenmalig schepen Demal naast zich de dynamische sportdirecteur Mathieu Lambrechts kreeg.

Toch had Hasselt al vanaf '59 de eerste Limburgse sportraad met als objectief zoveel mogelijk Hasselaren recreatief te laten sporten. Drie jaar later kwamen 880 kandidaten opdagen voor de opleiding tot sportpromotor. Op 1 april '63 had het Hasseltse overdekte zwembad -het eerste in Limburg- normaal moeten opengaan. Maar omdat niemand het zou geloven, gebeurde dat de dag voordien. Aan de Voorstraat kwam een openluchtcomplex met een atletiekbaan en een voetbalveld, met uitstel voor de bouw van een sporthal.

In juni '64 fusioneren Excelsior en Hawai tot Sporting Hasselt en daarvoor is veel overtuigingskracht nodig van twee schepenen, tevens oud-spelers van de betrokken clubs: Louis Maris (Excelsior) en Staf Storms (Hawai). De met de beste intenties bezielde Maris moet het jaren later beleven hoe één van zijn vroegere copains, die de fusie niet verteerd krijgt, zelfs op zijn sterfbed het hoofd van hem afwendt. Door het floppen van de fusieploeg telt Hasselt nog steeds een groot aantal non-believers.

Onder hen Tin Lahon. Na zijn dood schenkt zijn weduwe Maaike het door Anne-Marie Geerts gerestaureerde supportersvaandel van Excelsior aan voorzitter Raymond Valkenborgh van de Sportraad, via wie het een ereplaats krijgt in Alverberg. Tin speelde van zijn tiende tot zijn 39e bij Excelsior en zijn vader was de vaandeldrager. Bij de fusie van Excelsior en Hawai ontpopt hij zich als een fervent tegenstander. "Van twee arme mensen maakt ge geen rijke", wist hij als rabiaat communist. Hij zet geen voet op Sporting tenzij om er als trainer tégen te spelen. Nog liever trainer bij de weer opgerichte Hawai. Niet dat hij enkel goede herinneringen had aan groen-wit. "Excelsior was liberaal en op mijn achttiende vloog ik, als zoon van werkende mensen, uit de ploeg om er een fils a papa in te krijgen". Burgemeester Reynders noemt Excelsior bij de overhandiging " de moederclub van alle sport in Hasselt".

Dat voor 70 de jaarlijkse subsidie voor sportverenigingen van 10.000 naar 90.000 fr. werd opgetrokken, spreekt boekdelen over de bedragen waar het in die tijd over ging. De groei die op sportief vlak volgt, behandelt meestal periodes van vijf jaar, met voor 71-1975 de bouw van Sporthal Runkst (74) en de omvorming van het sportcomité tot drie raden -competitie, recreatie, jeugd (1975). In 1975 krijgt Hasselt de titel sportgemeente van Vlaanderen en drie jaar later is het opnieuw zover.

Tijdens de volgende periode groeit het aantal sportclubs tot 396. Er komen sporthallen in Kiewit, het Heilig Hart en Kuringen; renovatie is er voor die van Kermt en Spalbeek; huur van de hallen van de scholen Mariaburcht en Virga Jesse. De eerste sportkampen gaan door.

In 1981-1985 voegen zich daarbij het openluchtcentrum Kiewit, de nieuwe hallen van Kuringen, St-Lambrechts-Herk en basisschool Kuringen en de nieuwe voetbalterreinen van het Heilig Hart en Kiewit. Met recreatiegebied Kapermolen komt ook het openlucht zwembad Kapermolen (1985). Sportontmoetingen met de zustersteden staan regelmatig op het programma.

1986-1990 betekent een grote sportpromotieperiode. Nieuw is sportcentrum Stevoort en sporthal Kindsheid Jesu wordt gehuurd. De Dwars door Hasselt-jogging, later overgenomen door Concentra, vangt aan. Het pronkstuk van 1991-1995 vormt de sportinfrastructuur van Alverberg, geopend met een spektakel van 2500 kinderen en atleten.

De SP is niet onder de indruk van deze bouwwoede. "Waarom moest vroeger elke schepen een eigen sporthal in zijn achtertuin hebben staan?" vraagt Stevaert zich in 1995 terugblikkend af. „Gaat het om de sport of om de stemmen? Wij hebben dit jaar de belastingen moeten verhogen om al die gemaakte schulden af te betalen".

Wat blijft er dan in 1995-1999 nog voor sportschepen Smets over, buiten de opening van de expo Van Plage Crapule tot Kapermolen, ter gelegenheid van veertig jaar overdekt zwembad? Het valt op dat de plannen voor een bijkomend of uitgebreid overdekt zwembad nog onvoldoende body hebben om in 2003 bij dat evenement met watershow aangekondigd te worden. Met de verdienstelijke Sportdienst slaagt Smets er wel in accenten op sportgebied te leggen bij groepen als jongeren, de kansarmen, de buurten, de senioren en de gehandicapten en om voor hen specifieke sportacties uit te werken. Verder zijn er verwezenlijkingen als het Action Park in Kiewit en de Palio voor fietsers in een wijkencompetitie.

De cijfers van 1999 blijven indrukwekkend: 449 sportclubs met 28.879 leden en 994 trainers, die samen kunnen beschikken over 15 sportcentra.

Bij veertig jaar Sportraad noemt sportschepen Brigitte Smets het sportbeleid in volle expansie. In Sint-Lambrechts-Herk en Kiewit komen een basket- en voetbalveld, in Kuringen en Tuilt telkens een petanquebaan. Maar omdat het bestuur geen hallen kan blijven bouwen gaat het vaak om renovaties of het in orde brengen van het overdekt zwembad met de milieuwetgeving. Het Kapermolencomplex met zijn openluchtzwembaden, dat tijdens het seizoen van 1996 zijn tienjarig bestaan viert, krijgt een peuterbad van 4 tot 6 miljoen fr. en een beter georganiseerde parking bij, plus voorzieningen voor beach volley en beach voetbal. Bij sporthal Alverberg worden sportterreinen gevoegd, bij de infrastructuur in Kiewit een visvijver en de lang verwachte Finse piste. Eind september 1996 loopt (nu ja) sportschepen Smets die 650 meter omtrek in. Twee jaar later volgt de omdoping tot Eco-piste met zonnepanelen voor de verlichting.

Voor het Action Park op domein Kiewit vormen +12-jarigen de doelgroep, waarbij steevast de toevoeging volgt dat "het zeker niet enkel om probleemjongeren gaat". Toch komt de helft van de investering, vier miljoen fr., van het Sociaal Impulsfonds, 700.000 fr. van het Impulsfonds.

Met de hulp van legerspecialisten zijn werken bezig voor een uitbreiding tot 32 activiteiten vanaf begin april 1998. Het project kost 4 miljoen fr. en 1,3 miljoen fr. komt van het Veiligheidscontract. Voor deze combinatie van sporten met avontuur liet de Sportdienst eerst zijn oog vallen op een leegstaand pand nabij het stadscentrum, maar uiteindelijk valt de keuze op Kiewit met zijn variatie van open vlakten, verharde speeloppervlakten, bosjes en plassen.

Met vooral het overvolle overdekte zwembad snakt zwemmend Hasselt naar uitbreiding van die infrastructuur. "Ik blijf me daarvoor inspannen en hoop dat de plannen in 2003 klaar zijn", zegt sportschepen Smets. Dat was duidelijk te optimistisch, maar kostelijke plannen (tot 13.000 euro) zijn er intussen wel. Voltooiing in 2008?

3. Musea, toeristische troef - Inhoud

"De baronieën die de musea geworden zijn zullen met ons aan het beleid verdwijnen", voorspelde de SP-er Ivo Konings. Tijdens de beginperiode had het er de schijn van dat één en ander, ook al omwille van financiële redenen, inderdaad ging veranderen. Intussen lijkt vooral de houding van het stadsbestuur veranderd en is dat zelfs apetrots op "onze" Japanse tuin.

"De stedelijke overheid kan niet met financiële middelen over de brug blijven komen", geeft burgemeester Stevaert als boodschap mee bij de opening begin september 1995 van het vernieuwde Modemuseum. Voorzitter Van Lishout trekt alle registers open om eraan te herinneren dat Hasselt in de periode 1400-1600 een bloeiende lakennijverheid had. Hasselt leverde het materiaal voor de "chique" kledij, Sint-Truiden dat voor de voering. Met de heropbloei sinds de jaren vijftig manifesteert Hasselt zich als een modestad, waar een modemuseum thuis hoort.

Het vorige stadsbestuur zette het project op de sporen, maar de huidige burgemeester bekijkt de toekomst ervan als een zwartgallige Cassandra. Bij de opening zei hij wel ja aan het Modemuseum en de cultuur maar het mag de stad niet teveel kosten. Zo is er geld om in samenwerking met uitgeverij Clavis een tweejaarlijkse Internationale Prijs voor Illustratoren van Kinderboeken op te zetten, waaraan het niet onaardige bedrag van 300.000 fr. voor de winnaar verbonden is. Niet alleen een stimulans voor de illustratoren, maar ook een wenk voor de academies die nog altijd meer brood zien in het opleiden van publiciteitsillustratoren.

Maar de dure Japanse tuin en het Stadsmuseum met "maar" 18.000 bezoekers heten doornen in het oog en het Modemuseum mag daar geen heruitgave van worden. Dan liever het "rendabele" museum van het Heilig Paterke dat de vrijzinnige burgemeester bij elke gelegenheid de hemel in prijst. Voor het toekomstige bonsai-museum aan de Japanse tuin wil de stad geen duit afdragen, maar het vrijt het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling wel op om dat wel te doen. "Hasselt draagt van elke honderd frank 32 frank af aan de banken", kritiseert de Hasseltse burgemeester, die de Kredietbank -aanwezig in de persoon van pr-man Piet JaSPaert- anderzijds heelwat lof toezwaait voor zijn inbreng in het Modemuseum.

Ook het werk van de door hem geprezen architect Vittorio Simoni maakt het onderwerp van discussies uit. Sommigen vinden de geperforeerde "tweede huid" in de vroegere tuin tussen de twee vleugels van het Modemuseum getuigen van visie, anderen hebben moeite met het verbergen van de gevels, "'s Avonds geeft dat een prachtig effect, maar dan is het museum doorgaans gesloten", luidt hun mening.

Met pijn in het hart komt de vorige bewindsploeg opdagen. "Ik heb de ganse Fellini-tentoonstelling nog zelf geregeld en dan wil je die opening toch niet missen", vertolkt Mare Vandeput hun gevoelens.

Het Modemuseum kan voor moraalridders ook een steen des aanstoots vormen. Tijdens de opening van de lingerie-expo op 5 september 1997 moeten de opgehangen erotische foto's eruit. Voorzitter Van Lishout vindt dat ze van slechte smaak getuigen. De Gentse kunstfotografen Herman Van Hoey en Eugène Vangroenewegen, de makers die samen Verne vormen, zijn woedend. Jan Hoet selecteert dat jaar gelijkaardige foto's voor het Kunstsalon in de Gentse St-Pietersabdij. "De inrichters hebben de foto's trouwens vooraf gezien", aldus Vangroenewegen.

Hasselts gemeenteraadslid en kunstenaar Ivo Konings eist het ontslag van Van Lishout als voorzitter. Ook cultuurschepen Gysens distantieert zich van de démarche van de voorzitter. Burgemeester Stevaert verblijft in Japan. De foto's verhuizen naar Cultuur- en Dienstencentrum voor Jongeren (jaja!) België, dat ze exposeert.

Op de gemeenteraad van 16 september 1997 trekt Konings de parallel met het Salon des Réfugiés waar de academici de doeken van de impressionisten verboden wegens teveel bloot en met het verbod van "entartete Kunst" door Hitler. Deze maatschappij-kritische foto's van de vrouw wilden geen ideaalbeeld tonen maar een realiteit die niet rol bevestigend is. Cultuurschepen Gysens noemt de beslissing van Van Lishout "een blunder van formaat". CVP-raadslid Vandeput verdedigt de vzw-formule van de musea en constateert dat de beheerraad geen motie van wantrouwen tegen zijn voorzitter formuleerde. Burgemeester Stevaert betuigt zijn geloof in de "goede structuren", maar de verwijdering van de foto's noemt hij "onelegant, wat ook de inspiratie is". Zijn conclusie: "Wij willen een pluralistisch, verdraagzaam beleid".

Het Hasselts stadsmuseum pakt in september 1997 uit met Hasseltse portretten. Zoals de uitgeweken Hasselaar Frans Rombouts die in 1679 burgemeester van New York werd. Maar een monument als schoolmeester-dichter Trudo Hoewaer komt er niet in voor, constateert diens schoonzoon op de voorstelling.

Geprikkeld door het relatieve financiële succes van het Jenevermuseum, dat met zijn zelfgestookte jenever en populaire borrelbar tenminste niet verlieslatend is, vinden Stevaert en de zijnen dat het Stadsmuseum dan maar speculaas moet bakken. Historisch is Hasselt niet enkel een jenever-, maar ook een speculaasstad zoals de verkrotte Deplée-fabriek aan de Kempische poort dan nog getuigt.

Op zondag 8 september 1996 van 10 tot 18 uur is het zover met het serveren van de lekkernij, die ruim 125 jaar tevoren door bakker Deplée gebrevetteerd werd. Het is de eerste en de laatste keer. Het Oude Kerkhof aan de Kempische Steenweg, waar de "fine fleur" van de Hasseltse bourgeoisie begraven ligt, wacht conservatie, geen restauratie. Want ondanks de beloofde financiële inbreng van de Koning Boudewijn Stichting ontbreken daarvoor de middelen. Half september 1997 geraken plannen bekend om het Oud Kerkhof, erkend als museum, een grote opknapbeurt te geven. Alleen het herstel van de ommuring kost zes miljoen fr. Het loont de moeite, want het is niet enkel een schrijn met culturele juwelen, maar ook een park met een indrukwekkende natuur.

De musea deden het wat bezoekersaantal betreft in 1997 een stuk slechter dan de jaren voordien. Het Virga Jesse-effect dat in 1996 speelde? Niet voor het Jenevermuseum waarvoor het aantal in 1996 al met 5,9 procent daalde tegenover 1995, met in 1997 nog eens een vermindering met 5.667 bezoekers tot 54.135. Met Hasselts Zilver, verzameld door dokter Swartenbroekx, kende Stedelijk Museum Stellingwerff in 1996 wel een topjaar en de terugval was dan ook nog afgetekender. De ironie van het lot maakt van de Japanse tuin, het symbool van de CVP-verspillingen en in Hasselt ook bij de musea gerekend, de koploper. Maar ook hier is er met ruim 54.000 tuinwandelaars een terugval tegenover de 60.000 van twee jaar eerder.

Als kleintjes verloren het Beiaardmuseum en De Waag, ondanks beloften van nieuwe impulsen door het beleid, nog verder terrein. Infrastructuur Onder de Toren wil het stadsbestuur herwaarderen om er expo's en kooroptredens in door te laten gaan.

Half maart 1998 heropent het Jenevermuseum na een investering van elf miljoen fr. Meteen doet de computer zijn intrede met zeven pc's in de exporuimte. Drie universitairen bepalen vanaf dat jaar mede het beleid van de musea.

Het Hollywood Filmmuseum van Frans Billen gaat na enkele try-outs definitief open. In Frans Billenstijl gebeurt dat met een Night of the Stars ten voordele van het Rode Kruis en Make A Wish. In oktober 2002 heropent Colette Coenegrachts, coördinatrice van het Modemuseum, de Parfum-O-Theek (Hefveldstraat 27) met zo'n drieduizend parfumflesjes.

4. Hasselt Jeneverstad? - Inhoud

Hasseltse stokersgeslachten als de families Jacobs, Vinckenbosch, Nys, Villers, Teuwens en Fryns zwaaiden in de bloeiperiode van de jenever 1830-'80 de plak in Hasselt en beconcurreerden elkaar met riante woonhuizen die het stadsbeeld bepaalden. Hoe vergankelijk roem en rijkdom zijn symboliseert zich in hun graven, die vaak op het Oude Kerkhof terug te vinden zijn. Maar ook van hun bloeiende bedrijfstak is in Hasselt nog maar een schijntje terug te vinden. Enkele gerestaureerde panden zoals die van Stellingwerff-Theunissen (Jenevermuseum) en Stellingwerff-Waerdenhof (Stadsmuseum) ontsnapten aan de afbraakmanie van bouwheren, die enkel op snel geldgewin uit zijn. Er is zelfs sprake van de inrichting van een overdekt zwembad in de oude stokerij Fryns aan de Martelarenlaan, maar dat gaat niet door.

De grootste overgebleven stoker Smeets verdwijnt in 2002 zodat binnen de grote ring alleen Wissels als ambachtelijke stoker overblijft. Zelfs de bijnaam De Ossekoppen die de Hasselaren naast die van Vinstermieken kregen toegedicht, geraakt in de vergetelheid. Alleen de grootste en plezantste tent van de Jeneverfeesten, als Den Ossekop opengehouden door de Hasseltse cafébazen, herinnert er nog aan.

Ondanks die neergang blijven de tradities, zoals belichaamd in de Confrerie van de Hasseltse Jenever. Die viert zijn twintigjarig bestaan onder het nieuwe motto: "Onze Confrerie dient om met stijl een product te promoten, niet om zich te bedrinken". Was dat voorheen dan anders? Of had de stijlbreuk te maken met de aanvaarding van de titel Ere-Commandeur door koning Albert II?

Levendige en guitige publiciteit voor „het witteke" brengt muziekgroep De Stoopkes. Vooral de verhuis en het daardoor verdwijnen van Luc Cuppens betekent een zware aderlating, maar Jos Tuts volhardt, waarbij de inbreng van Johny Joris welkom is. Zo blijven De Stoopkes de jenever en „den drankzucht in al zijne facetten" bezingen.

Jeneverbedrijf Fryns wordt opnieuw lid van de Confrerie. Vijftien jaar tevoren nam Fryns ontslag wegens de bepaling in de statuten van Hasseltse graanjenever. Fryns nam het ook niet dat hij enkel een distiilateur genoemd werd (op zijn lichtreclame aan de Martelarenlaan stond destijds ook Fryns Distillateurs), terwijl de concurrentie (Smeets, Motmans en Wissels) zich stoker mocht noemen. Een stoker maakt zelf zijn moutwijn en door toedoen van Bruggeman deed Fryns dat ook weer.

Dat Hasselt Jeneverstad het blijft doen, demonstreren de jaarlijkse jeneverfeesten in oktober. Zo belet de Witte Mars van 20 oktober 1996 niet dat het aantal bezoekers voor deze feesten op peil blijft. Guy Welleman uit Aalst wint al voor de derde keer na elkaar de kelnerwedstrijd, krijgt zijn gewicht in jenever en is (helaas voor de organisatoren) niet van plan ermee te stoppen.

Bij de aanleg najaar 1996 van een jeneverbessentuin bij Smeets aan de Grote Ring, in het kader van het Europese Leonardo-project en met VIZO en de VDAB als partners, voorspelt kruidenspecialist Jaak Lambrechts als een nieuwe Nostradamus: "De eerste en de tweede lente is er zeker bloei en dan komen de bessen. In het jaar 2000 zal de Firma Smeets haar eerste jeneverbessen oogsten". Burgemeester Stevaert ziet de grotendeels verdwenen jeneverbessenstruik in onze bossen de plaats innemen van de schadelijke Amerikaanse vogelkers.

Na de koning en burgemeester Stevaert stelt de Confrerie van de Hasseltse Jenever eind maart 1998 de Vlaamse minister-president Van den Brande aan tot Commandeur Honoris Causa van de Hasseltse Jenever. Dat gebeurt met drie welgemikte zwaardtikken op zijn schouders.

De Zonhovense drankenproducent Konings/ Trudo neemt per 1 januari 2002 de laatste grote Hasseltse jeneverstoker Smeets over. Een slag voor de Hasseltse jenever, waarmee de merknaam Smeets zo nauw verbonden is. Na zijn handel in sterke dranken sinds 1921 begon Gerard Smeets, die de stiel bij Fryns leerde, al in 1947 met zijn graanstokerij in de Raamstraat. In De Brandewijnketel, intussen beschermd pand, produceert Smeets moutwijn. In 1968 bouwt Louis Smeets een moderne fabriek aan de Sasstraat en zijn leuze luidt: "Zoveel beter en van bij ons". Maar in de loop van 2002 verhuist de productie van Smeets naar Zonhoven. "Een aantrekkelijk pakket van premium jenever brands", meent commercieel directeur Jo Quicken van Konings, die maar al te goed beseft dat Smeets in Hasselt goed is voor tien procent van de Belgische jenevermarkt.

"Louis Smeets zal zich in zijn graf omdraaien en Jef Konings tegen zijn zerk opspringen van plezier. Want die twee konden elkaar niet luchten". Zo klinkt het in de minder diplomatieke taal van Roland Wissels, de laatste Hasseltse stoker die overblijft maar zijn stokerij aan de Normandiestraat in Runkst intussen wel uit handen gaf. Wissels waarschuwde eerder al voor de gevaren voor het Hasselts witteke: "Als de milieuwetgeving strikt wordt uitgevoerd moeten de stokerijen binnen de grote ring verhuizen". Hij pleit voor een kwaliteitslabel. "Om zo'n streekproduct te redden had de overheid al lang geleden moeten optreden, zoals in Japan. Met wat gebeurd is ben ik ook wel blij want de jenever van het ganse kanton is volgens de Europese regelgeving Hasselts. Ik stelde ooit voor om Konings in de Confrerie van de Hasseltse Jenever op te nemen en ben er dan zelf buitengewinkeld".

5. Virga Jesse Feesten - Inhoud

Van 10 tot 25 augustus 1996 gaan de eerste Virga Jesse Feesten onder de goddeloze socialisten en liberalen door. Wat zal dat geven? In kringen van de organisatie is meer dan eens te horen: het vorige bestuur was meestal behulpzaam, maar van dit bestuur kregen we alles wat we vroegen. Bij de voorbereiding zijn weer positieve en negatieve geluiden te horen. De ware geest van het gebeuren blijkt uit de hulp van een zevental drugverslaafden aan de straatversiering van het rot de Gerlachestraat. Het rot van de Demerstraat is bij monde van voorzitter Paul Claes zwaar ontgoocheld dat de buitenlandse ketens niets willen te maken hebben met het Virga Jessegebeuren, terwijl ze wel de commerciële vruchten plukken van de massale volkstoeloop. Op een bord staan ten titel van inlichting de namen van de milde schenkers.

Een domper op de komende feestvreugde is de dood van Dimitri Vandereyken, de 26-jarige Hasseltse piloot die omkomt bij de crash van een Belgisch C-130 Hercules transportvliegtuig op het vliegveld van Eindhoven.

Een Ommegang is er op 11, 18 en 25 augustus. Dat die feesten zevenjaarlijks zijn, is overigens te danken aan de Hollanders. Die hadden Hasselt in 1675 bezet en waren na zeven jaar weer opgerot, wat met een luisterrijke stoet werd gevierd en de traditie in het leven riep. Een erkenning als "monument" door de Koning Boudewijn Stichting zou geld in het laatje brengen. De feesten dienen zich aan als religie, cultuur en folklore.

Op de eerste zondag (11 augustus) trotseert deze Ommegang, "pelgrimage van vertrouwen" geheten en waarin het ganse stadsbestuur opstapt, de kletterende regen. Groep dertien komt net voorbij de tribunes op het Dusartplein, toevallig declamerend "Wat staat gij naar de hemel te staren?", als de hemelsluizen opengaan. Burgemeester Stevaert voert zo zijn eigen "eierpolitiek" tegenover de Arme Claren (Clarissen) die voor goed weer bidden: "Ze krijgen ze pas achteraf". Naar raming bedraagt het aantal aanwezigen 35.000 en om aan het streefdoel van Stevaert, een miljoen bezoekers, te geraken zijn nog enkele mirakels nodig.

Zoals de jaarlijkse soepbedeling. Erwtensoep van de Hasseltse Langeman Don Christoph waarvoor het telkens trekken en duwen is (dit keer logisch want het ging om slechts vijftig liter); bonensoep van Jan in de Isabellestraat vult dat aan.

Voor de tweede Ommegang, met volop zon, was er meer belangstelling en liepen de schattingen uiteen van 70.000 (politie) tot honderdduizend (organisatoren) bezoekers; voor de derde een 50.000. Voor de eerste Ommegang moest de harmonie uit Beverst ingeschakeld worden bij gebrek aan een Hasseltse, voor de twee volgende is het Hasseltse Alexis Pierloz present. In het Virga Jesse Spel van augustus 1996 -met ruim 200 medewerkers- werken alle Hasseltse toneelgezelschappen weer samen. "De samenwerking is zo goed dat die naderhand zeker verdergezet wordt", voorspelt voorzitter Mare Vandeput van de vzw Virga Jesse Spel. De bezorgdheid om de infrastructuur is bij de amateurgezelschappen groot. Jeugdtoneel Harlekijn zoekt al lang onderdak en Het Hasselts Toneel komt, met de opzeg van het Zaadhuis door de bouw van het Vlaams Huis, op termijn ook op straat te staan. Voor dat Spel in het CCH werd als regisseur de in As geboren Genkenaar Swartenbroekx ingehaald, die daarmee even weinig moeite heeft als met een scenario voor FC De Kampioenen. Net voor de opvoering geraken een aantal jonge acteurs in paniek. Reden is de VTM-berichtgeving over An en Eefje waaruit ze opmaken dat de twee meisjes, die zoals zij tot de Hasseltse jeugdtoneelgroep Harlekijn behoorden, vermoord zijn. Even later volgt een ontkenning.

Het stedelijk en OCMW-personeel krijgt een extra vakantiedag voor de feesten. De OCMW-raad wilde die niet toekennen, maar burgemeester Stevaert beslist er anders over.

6. Stationsbuurt-Vlaams Huis - Inhoud

Het dossier stationsbuurt loopt door en vraagt nieuwe stappen. Zo is er in oktober 1995 de aankondiging van een herziening van het bpa-stationsbuurt omdat daar het Vlaams Huis komt, een investering van 600 miljoen fr. (bedrag toen door de Vlaamse regering ingeschreven in de begroting). Naast kantoren is er ruimte voor bewoning. Iedere bouwheer voorziet, volgens schepen Reynders, in parking voor personeel en bezoekers, maar daarin' gelooft de CVP-oppositie niet. Johan Vanmuysen (CVP) wijst op de slordige voorschriften voor het bpa en heeft het er ook moeilijk mee dat drie prachtige gevels aan de Koningin Astridlaan dreigen te sneuvelen, gegroepeerde studentenhuisvesting verboden is en de gemeenteraad voortaan in deze materie buitenspel staat.

De burgemeester wil de oppositie tegemoet komen, maar zonder dat expliciet in een gedetailleerd bpa te vermelden, uit schrik de Vlaamse regering af te schrikken. Vroeger werd al overwogen om naar de Genkse mijngebouwen te trekken, aldus Stevaert, maar dat noemt CVP-fractieleider Beerden "Spielerei". Stevaert wijst erop dat het bij de verantwoordelijke CVP-minister Demeester vreemd zou overkomen als haar eigen partij in de Hasseltse gemeenteraad dwarsligt. De raad neemt de bpa-herziening eensgezind aan, Vlaams Blok inbegrepen.

Bedrijfjes of organisaties die zich in de buurt vestigden zijn niet gelukkig, maar Stevaert vindt dat ze eigenlijk in "wachtgebouwen" zitten en zo van het één (probleem) naar het ander gaan. Een sociaal bedrijvencentrum is hiervoor op termijn de oplossing.

Het Vlaams Administratief Centrum is meer dan welkom in de stationsbuurt. De gemeenteraad van dinsdag 26 november 1996 moet zijn goedkeuring geven aan de verkoop van een eigendom van ruim 18 are aan de Vlaamse Gemeenschap voor een bedrag van 18 miljoen fr. De bouw vereist de onteigening bij hoogdringendheid van enkele eigenaars. Die brengen de zaak voor de rechtbank om te bepalen op welk bedrag ze recht hebben.

7. Tommelen: groen schaamlapje voor Runkst - Inhoud

De SP legt om de zoveel jaren forse verklaringen af over de aansluiting van Runkst bij het Hasseltse centrum. Die wijk raakte almaar meer geïsoleerd. Het verdwijnen van de irritante "passerelle" in 1960 (waaraan de Passerellekeskermis jaarlijks nog herinnert) en de aanleg van enkele tunnels verhelpen dat niet echt. De NMBS stelt grootse plannen in het vooruitzicht en tot die uitvoering vormen de genomen maatregelen eerder een groen schaamlapje. Zo de in oktober 1995 aangekondigde ingrepen "om het dichtslibben van Runkst tegen te gaan". In het binnengebied van St-Truidersteenweg-Vooruitzichtstraat-Boomkensstraat komt er groene ruimte en een speelpleintje.

Door de eind november 1996 aangekondigde herziening van het bpa voor Tommelen, krijgt Runkst de garantie van het behoud van een stuk groen. Compensatie voor de daardoor wegvallende kmo-zone volgt later.

Projecten op mensenmaat - Inhoud

De financiële put die Stevaert erft en de Small is beautiful-filosofie die hij predikt laten hem, zeker ibij de aanvang van zijn burgemeesterschap, niet toe grootse plannen te ontwikkelen. Hij neemt zijn toevlucht tot kleinere projecten, die zijn publiek mede door de media-aandacht erg weet te smaken. Tot die populaire items behoren aandacht voor het kind, de wijken, cultuur, groen, veiligheid en preventie, gepaard gaande met het afsluiten van convenanten en het scheppen van kleinschalige behuizing. Om het overwicht van de andere partijen in het schepencollege (vijf voor hen tegenover drie voor de SP) te neutraliseren lanceert hij de Steve-doctrine: voor burgemeester en schepenen bestaan geen verticale bevoegdheden, enkel horizontale. Elk van hen kan initiatieven nemen op ieder terrein en die worden op hun merites beoordeeld. In de praktijk kan het efficiënte en professioneel werkende kabinet van de burgemeester zo de materie die op dat moment „in" is tot zich trekken. Het weerwerk is miniem, al blijven instellingen als de Grenslandhallen verboden terrein.

1. Cultuur - Inhoud

Dat de Koude Oorlog tussen Hasselt en de Provincie met het nieuwe bestuur omgeslagen is in een Warme Liefde valt af te leiden uit de vleiende woorden van de gedeputeerde van Cultuur Sleypen.

Die ziet voor Hasselt zelfs een "grootstedelijke functie" weggelegd en als speerpunt kan de groene long in het centrum, het Begijnhof-Centrum voor Kunsten (met de Provinciale Bibliotheek) omgeturnd tot nog maar eens een Hasseltse Vooruit, dienen. In de passage naar het Begijnhof komt er een kunstcafé en de deelnemers aan een architectuurwedstrijd ontwikkelden al concepten. "Niet in Genk of Tongeren, maar alleen in Hasselt is dat alles mogelijk", laat de Maaslandse SP-er zich ontvallen.

Met een schat aan verenigingen voor 67.000 inwoners is het voor schepen Gysens ondoenbaar om meteen door de bomen het bos te ontdekken. Om kennis te maken en om hun noden te leren kennen gaan de schepen en zijn staf 22 keer bij hen buurten. Parallel daarmee worden evenementen opgezet voor een kwart eeuw Culturele Raad, de eerste erkende in Vlaanderen. Een 2000-tal verenigingen zijn aangesloten. Ruim 500 situeren zich in de sportsector, er zijn een 60-tal jeugdverenigingen en een 30-tal seniorenclubs. Heel wat sociaal-culturele verenigingen (tot rock- en popgroepen toe) sluiten zich niet aan en vaak weet de Culturele Dienst zelfs niet van hun bestaan. Gysens: "Ik ben geen schepen van subsidies, maar wil horen welke de echte problemen zijn".Voor Hasselt als "beeldige" stad verwacht hij beelden op en langs de Groene Boulevard.

Rimpelrock krijgt een voorganger. Met ruim vijfhonderd komen de oude Teeny-getrouwen eind april 1998 samen in Dennenhof in Bokrijk om de zestiger jaren te doen herleven. Van '58 tot 72 was de Teeny in Hasselt voor jongeren the place to be.

Met Ivo Konings als gangmaker is oktober vanaf 1998 in Hasselt de poëzie- en literatuurmaand. Tientallen literaire activiteiten, happenings en tentoonstellingen staan op stapel. Poëzie vind je op de vuilniswagens, aan de wasdraad of in een sjiekepot. Eregenodigde is Remco Campert, die zijn Lamento voorleest, terwijl vuilniswagens met elk een strofe erop voorbijtrekken. Een zeldzaam poëtisch ontroerende scène, die in de media helaas geen weerklank vindt. Speciaal is ook dat eigen jongeren in het kader hiervan een podium geboden krijgen. Na van één- naar tweejarig evenement te zijn herleid volgde een drastische afslanking.

2. Omdat kinderen belangrijk zijn - Inhoud

Bij de aanvang van het nieuwe bestuur stelt Veronique Sterckendries op de vergadering van de SP-gemeenteraadsfractie voor in Hasselt „iets te doen om kinderen op te vangen". Maar ze vindt geen gehoor omdat andere items meer prioriteit verdienen. Enige tijd later start het bestuur zelf projecten in die zin op en bij elke gelegenheid wordt voortaan de kindvriendelijkheid van Hasselt in alle toonaarden geprezen. Ook het idee van een Hasseltse jeugdbrandweer, door Willy van Puyenbroek in Mechelen opgepikt, vindt geen genade. Tot het SP-raadslid een uitnodiging in zijn brievenbus vindt voor de inhuldiging ervan.

Luc Poelmans van de stripwinkel Wonderland lanceert het concept van de striproute, die diverse beleidsmensen zich trachten toe te eigenen. Negen kale muren in Hasselt krijgen vanaf augustus 1996 een striptekening. Suske en Wiske winkelen in het centrum. De Rode Ridder geniet zichtbaar van Hasseltse lekkernijen. Kiekeboe heeft het voor het Hasselts "witteke", Samson voor de lokale speculaas. De "lonesome poor cowboy" houdt de Thonissenlaan in de gaten. De op houten panelen geschilderde striphelden, die de zijgevels bedekken, vormen geen losstaande figuren maar zijn "ingeburgerd" in het dagelijkse leven van Hasselt. Telkens belichten ze een aspect waarmee de stad zich wil profileren. Negen eigenaars staan hun muur voor evenveel jaren af, licht gepousseerd door Karina Quintiens. Later komt er als tiende de Bakelandt-figuur van Hec Leemans aan de Kanaalkom bij, tegen de gevel van verzekeringsmaatschappij De Familie. Meteen is de striproute geboren. De kostprijs bedraagt 1,6 miljoen fr., waarvan EFRO 40 procent betaalt.

Het Huis van het Kind komt eind 1996 in het Flanders Nippon Centerr en verwacht dagelijks zo'n 60 kinderen. Begin 1998 verhuist het naar De Pasteye, een oud Hasselts pand aan de Maastrichterstraat. Het is een "crèche" met kinderopvang, verzorgd door De Hummelkes bij wie zelfs de koninklijke familie recruteert. Op langere termijn zal die organisatie PWA-ers opleiden voor kinderopvoeding. Weer "een hefboom voor de lokale economie" voor Stevaert, die de schoenenverkoper bij de aankoop van een paar schoenen een bon ziet voegen, goed voor drie uur kinderopvang. Dat kost anders 100 fr.

Eerdere initiatieven waren het Geboortebos, het City-team en de Illustratorenprijs. Alleen de Vereniging ter Bevordering van Borstvoeding, die pleit voor intieme hoekjes voor haar doelgroep in de stad, blijft op haar honger. Bij de eerste verjaardag van het Huis van het Kind maakt schepen Quintiens wel bekend dat moeders daar in een rustig verzorgingshoekje de borst kunnen ontbloten.

Door per se zelf voor zijn buitenschoolse opvang te willen zorgen, ziet het Roppe-bestuur nog in mei 199 een subsidie van een half miljoen fr. de mist ingaan. Met het aantreden van de nieuwe coalitie ziet gedeputeerde Brepoels voor die opvang in Hasselt een tewerkstelling voor 34 personen. Na één jaar werking pretendeert schepen Toon Hermans dat de Hasseltse Buitenschoolse Opvang de grootste van Vlaanderen is. Kinderen van 31 scholen, waarvan zeven van buiten Hasselt maar met Hasseltse kinderen, doen mee.

3. Niet iedereen welkom - Inhoud

De CVP-fractie in de Hasseltse gemeenteraad kant zich scherp tegen de komst van een lunapark in het Fianders Nippon Center en steunt daarmee het protest van buurtbewoners en schooldirecties. In een mededeling spreekt de CVP haar ontgoocheling uit over "de houding van de SP-VLD-VU meerderheid van het provinciebestuur die voor de inplanting van het lunapark is". En ze vervolgt: "Komt daarbij dat de gedeputeerde zowel bevoegd voor onderwijs als voor vergunningen, Frieda Brepoels, in Hasselt woont". Antwoord van Brepoels: "Verkeerd gegokt". Morele overwegingen spelen geen rol bij het afleveren van een milieuvergunning. Het advies van de provinciale milieuvergunningscommissie was unaniem gunstig. De gedeputeerde vraagt zich af waarom de CVP-Hasselt destijds bij het afleveren van de bouwvergunning voor het Fianders Nippon Center geen gebruik maakte van "de mogelijkheid die ze had om in de bouwvergunning te bepalen welke uitbatingen er konden ingeplant worden en welke niet".

Burgemeester Stevaert: "Zelfs een bordeel kan ik niet verbieden. Zo krijgen we op onze stedelijke grond die in erfpacht werd gegeven een flippercentrum dat we niet willen". De Stad gaat in beroep tegen dat centrum bij de Raad van State. Stevaert: "Ik geef me niet gewonnen. Een lunapark in Hasselt kan, maar niet daar. Net als Colruyt".

Zijn opvolger weigert in mei 2001 nog de drie aanvragen voor een speeiautomatenhal van klasse B in het centrum. Daardoor is onder andere het voortbestaan van Lerus met zijn lunapark in het Nippon Center bedreigd. "We zijn een scholierenstad en willen dat zo'n hallen uit de omgeving van de scholen wegblijven", zegt burgemeester Reynders. Lerus zal in beroep gaan en winnen.

Het einde van het verhaal is dat het stadsbestuur in 2004 een convenant sluit met Lerus. Het kansspelen-centrum mag in het Nippon Center blijven, mits het naleven van een gedragscode. Met lawaai en hinder door gestationeerde bromfietsen valt het volgens burgemeester Reynders mee en als het bestuur verder in het verweer gaat, riskeert het een fikse gerechtelijke boete.

Aanvankelijk overschatte het bestuur de gemeentelijke bevoegdheden en bij individuele gemeenteraadsleden dreigt dat gevaar nog meer. Vanaf 1 juni 1997 is het uit Genk verhuisde abortuscentrum operatief in een pand nabij het Hasseltse stadhuis. Vlaams Blokker Annemans stelt daarover een vraag in de gemeenteraad. Burgemeester Stevaert repliceert dat de zaak wettelijk in orde is en het niet om een gemeentelijke materie gaat. Stevaert: "Ik heb de abortuswet niet goedgekeurd. Ik ben tegen abortus, maar wel voor de legalisering ervan, omdat je het enkel zo kan bestrijden".

De Hasseltse gemeenteraad beslist unaniem dat de Stad Hasselt zich borg stelt voor een lening van 22 miljoen fr. door het VOCHT (Vrijzinnig Ontmoetingscentrum Hasselt) bij de Kredietbank. De CVP stemt voor, maar niet van harte. Het argument van VOCHT-voorzitter Dufour dat de kerkfabrieken ondanks de leegloop 17 miljoen fr. extra kregen, wijst die partij af. "De vrijzinnigheid is tot nader orde noch een godsdienst noch een kerk".

Het vrijzinnige huis komt in de Rodenbachstraat 18 en opent op zondag 28 juni officieel zijn deuren. Het biedt ruimte aan het Centrum voor Morele Dienstverlening met vier -later zes-personeelsleden, een zaal voor 120 personen en andere lokalen voor de Hasseltse Vrijzinnigen. Coördinator Hugo Dufour moest wachten op de paarse coalitie "omdat de CVP er blijkbaar niet rijp voor was".

4. Strijd tegen kansarmoede - Inhoud

Probleemwijken blijven in Hasselt vooral Ter Hilst en de Kempische Poort. Om de Kempische Poort uit de neerwaartse spiraal van verloedering te halen maakt het stadsbestuur in augustus 1997 bekend 24 miljoen fr. te zullen vrijmaken. Kamers voor alleenstaanden zijn eerder een duiventil, waar om de haverklap nieuw aangekomenen intrekken. Marginalen werken de criminaliteit in de hand. De dancings Ritz en Dockside zijn niet gewenst. "Waarom weet ik niet, maar de eigenaars van die discotheken kregen indertijd een vergunning", zegt de schepen van welzijn Hermans.

De krotbelasting kan binnen twee tot drie jaar oplopen tot een veelvoud van 100.000 fr. Om Hasselt krotvrij te maken komt er een "rollend fonds" van twintig miljoen fr. De snel en flexibel opgekochte krotten gaan naar de Hasseltse Huisvestingsmaatschappij die er sociale woningen van maakt. Speculeren op krotten aan de Kempische Steenweg, in Runkst of in de binnenstad zal niet meer lonen. Omdat De Hasseltse Post zijn vroegere hoofdgebouw aan de Havermarkt -overigens een beschermd momument- laat verkrotten, eist het stadsbestuur een krotbelasting. Die verdubbelt elk jaar en de burgemeester betwijfelt of die ooit betaald wordt. Een lagere overheid, die een belasting eist van een hogere, "dat wordt juridische touwtrekkerij". Stevaert hoopt wel op een loketfunctie in het gebouw na een actie van de Volksunie Jongeren. Hij ziet kansen in de deling van het waardevolle pand -na restauratie door De Post- met privé.

Moeilijker is het afzonderlijke kamers te ontraden. "Appartementen geraak ik niet kwijt, kamers wel", laat aannemer Schoefs het stadsbestuur weten. Toch komt er ook nieuwbouw. Tweeënhalf jaar na de officiële aanvraag, erkent minister van welzijn Luc Martens het Hasselts Integratiecentrum (gevestigd in de Manteliusstraat). Dat is goed voor 1,5 miljoen fr. subsidie. De erkenning volgt na een gunstige evaluatie voor initiatieven als de ombudsman, wijkwerking, schoolopbouw, taallessen, een sensibiliserende stripwedstrijd en de oprichting van de integratieraad. Aan de integratie werken een coördinator, een buurtwerker, een schoolopbouwwerkster en een part-time interculturele bemiddelaarster, waarbij zich nog een parttimer voegt. De drie procent vreemdelingen in Hasselt zitten geconcentreerd in een aantal wijken.

Half december 1997 poetsen de bewoners van de Maastrichterstraat (tegen de kleine ring) en de Guido Gezellestraat met de hulp van de brandweer hun straten op. Met de werken aan de Groene Boulevard raakte die buurt vervuild en bezoedeld zodat bezoekers ze mijden.

Schepen van welzijn Hermans is niet gelukkig met het terugschroeven van de middelen voor de bestrijding van de kansarmoede door de Vlaamse overheid. Schoolopbouwwerk voor kinderen met leerachterstand en initiatieven voor sociale tewerkstelling sneuvelen. Het OCMW neemt de cliëntgerichte hulpverlening en het Algemeen Tewerkstellingskader over. Het spijbel project vindt zijn plaats binnen het Veiligheidscontract. Voor de speelpleinrenovatie neemt de stad 300.000 fr. voor zijn rekening. Kinder- en jongerenproject Ter Hilst krijgt een vervolg, maar de jongeren moeten helpen bij bouwwerkjes. Ook aan woonwagenjongeren wordt nog gedacht. Schepen Hermans geeft kansen aan wijkplatforms, met het engagement van de bewoners, het lokale beleid, het opbouwwerk en de hulpverlening.

Voor de zwakke weggebruiker krijgt de kindergemeenteraad te horen dat het stadsbestuur niet alleen kleurrijke kledij, reflecterende strips en valhelmen aanmoedigt, maar bovenop 800 ledlichtjes op batterijen voor fietsen uitdeelt.

Het stadsbestuur stimuleert vrouwelijke straatnamen. De eerste is de Marie Curiestraat, een korte insteekstraat aan de Willekensmolenstraat. Een lichte wanklank is dat Marie Curie als vrouw de familienaam van haar echtgenoot aannam. Anders heette het de Marie Slodowska-straat. Het probleem van het Hasseltse Vluchthuis geraakt niet opgelost. Het moet 35 percent van de vrouwen die om opname vragen weigeren. Na vijftien jaar werking zoekt het tevergeefs naar ruimere behuizing.

5. Proper, groen, toegankelijk - Inhoud

Meer groen in Groot-Hasselt komt er onder andere door het Geboortenbos nabij het Prinsenhof in Kuringen. Voor elke jongen wordt een eik geplant, voor elk meisje een linde of berk. Schepen Karina Quintiens belooft "dat de kinderen binnenkort opnieuw bloemen kunnen plukken in de stadsparken". Door het verminderen van het aantal maaibeurten en het aanpassen van hakbeurten krijgen bloeiende kruiden weer een kans.

Pièce de résistance op de gemeenteraadszitting van eind mei 1996 is het lang verwachte Gemeentelijk Natuurontwikkelingsplan (GNOP), waarvoor de komende vijf jaar 45 miljoen fr. uitgetrokken wordt. Bij de inventarisatie komt Paul Vos tot de constatatie dat er op gebied van fauna de laatste tien tot twintig jaar een ernstige achteruitgang in het aantal soorten en individuen is. Twee gebieden komen in aanmerking voor grootschalige natuurontwikkeling: natuurgebied Kolberg-Galgeberg in het noorden en het Herkenrodebos in Kermt en Stevoort.

Het GNOP koos voor een driestapsstrategie. Het eerste niveau geldt voor het ganse grondgebied. Alhoewel het GNOP zich in eerste instantie richt tot de open ruimte kan de natuur tot in de stadskern gebracht worden. Vooral de Demer als natuurverbindingsgebied en groene elementen als stadsparken, speelpleinen en straten met laanbomen, spelen hier een rol.

"Er zitten meer vogels in het Begijnhof dan in vijftig hectaren maïsvelden", meent burgemeester Stevaert.

Het tweede niveau bekommert zich om geïsoleerde gebieden met een hoge natuurwaarde, zoals Tommelen met zijn poelen.

Tenslotte, en niet in het minst, zijn er gebieden met een topprioriteit wegens het internationale belang zoals Kolberg als deel van het vijvergebied midden Limburg.

De kindergemeenteraad krijgt honderd vlagjes om in de hondendrollen in het stadSPark te prikken. Zoeken hoefde niet want het goedje ligt er bij wijze van spreken voor het rapen. Die "prikactie" staat symbool voor evenveel hondentoiletten die het bestuur wil plaatsen. Een eerste kwam er direct aan de rand van het StadSPark. In het centrum werden hondenpoepzakjes uitgedeeld. Dit keer gratis, maar voortaan kosten ze 7,5 fr. per stuk.

In oktober 1997 beslist het stadsbestuur vijftig hondentoiletten te plaatsen, verspreid over het ganse grondgebied. Aan de gemeenteraad de vraag om hiervoor 800.000 fr. uit te trekken. "Samen met Brugge staat Hasselt bekend als de properste stad van dit land", beweert burgemeester Stevaert.

Onder impuls van SP-raadslid Ivo Konings krijgt het Toegankelijkheidsbureau van bij zijn oprichting de volle steun. In oktober 1995 opent het een Info-centrum in het gemeentehuis van deelgemeente Kermt. Bij de opening pleit Stevaert ervoor dat de vzw Toegankelijkheidsbureau een verplicht advies voegt bij de bouwvergunningen. Op de gemeenteraad van 26 juni 1996 valt de beslissing om 600.000 fr. uit te trekken om het stadhuis toegankelijk te maken voor rolstoelgebruikers.

"Hoe kan het stadsbestuur", steekt het de hand in eigen boezem, "de toegankelijkheid van privé-gebouwen eisen en doen controleren als ze zelf niet in orde is?" Schepen van welzijn Hermans stelt ook een protocol met tien beleidsopties op, die de stad toegankelijker moeten maken. Als eerste stap komen er blindentegels in de Maastrichterstraat. Bij werken wordt systematisch het Toegankelijkheidsbureau ingeschakeld. De parkeerplaatsen voor gehandicapten krijgen een blauwe kleur en er komt meer selectiviteit bij de toekenning van parkeerkaarten.

Op 4 oktober 1996 trekken gehandicapten en politici, waaronder gedeputeerde Vrijs en burgemeester Stevaert, samen met de rolstoel door Hasselt. Na een gevaarlijke situatie met een tegenligger in een scherpe bocht van de Meldertstraat komt de groep aan in Café Café, de enige kroeg waar een gehandicapte volgens Konings behoorlijk naar het toilet kan. "Anders ben ik verplicht om in de bloemenbakken te plassen", ondervond hij. Burgemeester Stevaert prijst zich gelukkig bij het manipuleren van de rolstoel geen hondenpoep aan zijn handen te hebben gekregen.

Om de stad proper te houden beslist de gemeenteraad van 19 november 1996 dat het plaatsen van strooibriefjes onder ruitenwissers van auto's voortaan strafbaar is in Hasselt. Bestuurders gooien die vaak op de openbare weg of wachten tot ze door de regen verdwijnen, wat gevaarlijk is. "De maatregel geldt net zo goed voor de politieke partijen en bij verkiezingen wordt extra nauwlettend toegekeken", belooft burgemeester Stevaert. Alleen bekeuringen vallen niet onder het verbod.

Milieuschepen Reynders vertelt de kindergemeenteraad van november 1996 dat de Hasselaren binnenkort een sticker "geen reclamedrukwerk" op hun brievenbus kunnen bevestigen. Er komt vanaf mei 1997 eveneens een aparte ophaling en compostering van het groenten-, fruit- en tuinafval waarvoor de 27.000 Hasseltse gezinnen vijf maanden later over containers beschikken.

Als het van het Hasseltse stadsbestuur afhangt (gelanceerd februari 1997) gaan de kinderen weer met een "bedong" (Hèssels voor drinkbus) naar school om de milieulast van de drankblikken tegen te gaan. In de stedelijke administratie maken dorstigen al gebruik van waterfonteintjes. Hasselt treedt met andere Europese gemeenten tot het Klimaatverbond toe om de belasting van de atmosfeer door gemotoriseerd verkeer en energieverbruik te doen afnemen. Het eveneens ondertekende Handvest van Aalborg zet aan tot duurzame ontwikkeling. "Een primeur voor Limburg", claimt milieuschepen Reynders bescheiden. "Voor Vlaanderen", corrigeert de burgemeester assertiever.

Met belgerinkel naar de winkel doet zijn intrede als fietscampagne. Dat past in Hasselt duurzame stad. Met de Bond Beter Leefmilieu werd eerder een convenant gesloten en nu komt daar het Klimaatsverbond bij. "De economie van de toekomst is de ecologie", debiteert Stevaert die BBL-voorzitter Gust Feyen bijtreedt in zijn vraag naar een Vlaams steunpunt voor Lokale Agenda 21, al daterend van 1992 in Rio de Janeiro. Begin april 1998 krijgen de stedelijke diensten een eerste electrisch aangedreven wagen. Brugge heeft er al één, voor Limburg is het een primeur. De aankoopprijs bedraagt 1.250.000 fr., maar Interelectra, waarvan Stevaert voorzitter is, legt 150.000 fr. bij.

Het stadsbestuur start half april 1998 een campagne om bij honden goedkoop een chip voor identificatie in te planten. De zowat 250 honden, die jaarlijks van straat gehaald worden, kosten tien frank meer per inwoner. Half september 1998 zijn al meer dan duizend honden -een derde van het hondenbestand- gechipt als prins Laurent, een persoonlijke vriend van Stevaert, aan enkele ervan, vergezeld van hun baasje, hulde komt brengen. De gelukkige bezitters ontvangen uit handen van de prins een gehandtekende oorkonde.

Eind april 1998 geraken plannen bekend om op het dak van de Centrale Werkplaatsen op de Roode Berg een enorm reservoir aan te brengen. Met dat water besproeit de groendienst in de toekomst de bloemen en planten, die dagelijks 28 tot 38 kubieke meter water nodig hebben. De investering van twee miljoen fr. is op twaalf jaar terugverdiend.

Het stadsbestuur leert zijn personeel vanaf september 1998 meer groenten eten door groentenabonnementen ter beschikking te stellen, waarmee ze wekelijks hun pakket kunnen afhalen. Dat gebeurt op initiatief van landbouwschepen Hermans, die zijn project later wil uitbreiden tot andere groepen en zelfs alle Hasselaren. De pakketten in een herbruikbare bio-tas, samengesteld door producent De Wroeter uit Kortessem, kosten 300 tot 550 fr.

In het schooljaar 1998-1999 werken 31 Hasseltse scholen actief mee aan het project Minder afval op school. Op het stadhuis tekenen ze een milieuovereenkomst met het stadsbestuur. De stedelijke financiële steun is afhankelijk van de zwaarte van hun milieupakket: small, medium of large.

In 2000 krijgt Hasselt de eretitel Properste Stad van België. Alhoewel het tevoren geweten was geraakt dat pas bekend na de gemeenteraadsverkiezingen. Maar Stevaert gebruikt het bewust niet in zijn campagne omdat Antwerpen de kwalificatie 'smerig' krijgt en dit publiek maken in de kaarten van het Vlaams Blok zou spelen. Ook in Hasselt liggen de gewestwegen en de kanaaloevers er -ondanks de aanschaf van een vierde veegwagen van 155.000 euro, het City en het Green Team- onverzorgd en vuil bij. "We weten het maar dat is niet onze bevoegdheid", repliceert schepen Stockmans. Ook voor de kerkhoven geldt volgens hem dat de stad enkel bevoegd is voor de paden, terwijl "de mensen" er zelf voor moeten zorgen dat de graven proper blijven.

Half september 1995 starten de proefnemingen om te beslissen of er vier windmolens komen aan de sluis van Godsheide en aan de Kanaalkom. Want met een windsnelheid van 3 tot 3,9 meter per seconde in het Limburgse, tegenover 6 tot 7 meter aan zee, is dat niet evident. Groene schepen Toon Hermans ziet liever een initiatief van het gewest of de provincie, maar bij gebrek aan signalen van die kant, neemt het stadsbestuur zelf het heft in handen. Alvast op Interelectra rekent het bestuur als partner en afnemer. De geproduceerde stroom zal duurder uitvallen, maar met een "groene frank" bovenop valt er uit de kosten te komen.

In april 1996 komt er de idee van propere alternatieve energie voor 2.000 Hasseltse gezinnen bij. Twee windturbines, de waterkracht van de Sluis in Godsheide en vijf molens op de Demer (Dorpsmolen Kuringen, Herkenrode-, Elsart- en Dorpermolen in Stevoort en de Van Veldekemolen in SPalbeek) moeten volstaan. De Hasselaren zouden hierin aandelen kunnen kopen. De gerestaureerde molens zijn meteen een toeristische trekpleister. Bij de installatie van de 52-meter hoge windmolen aan de sluis van Godsheide-Hasselt rijzen er problemen. De wieken kunnen niet aangebracht worden door een teveel aan wind.

In augustus 1996 kan schepen van jeugd Gysens het amfitheater in de Banneuxwijk inhuldigen, waar podiumacts, skating en openluchtspelen mogelijk zijn.

6. Babelse verwarring over PWA - Inhoud

De visie van schepen Hermans en zijn partij op het Plaatselijk Werkgelegenheidsagentschap (PWA) botst met die van minister Miet Smet en Hasselt wil eerst zelfs niet in dat stelsel. Volgens de Agalev-schepen biedt het te weinig zekerheid aan de tewerkgestelde. Maar in november 1995 zwicht hij toch voor "de chantage" van de minister. Met die chantage bedoelt hij de mogelijkheid voor langdurig werklozen om bij een PWA-inschrijving langer in het stelsel van de werkloosheid te blijven. "Onaanvaardbaar" blijft hij samen met de vakbonden de mogelijke uitsluiting vinden van werklozen die een job via de PWA weigeren. Van harte steunt schepen Hermans de PWA niet, ook omdat er toch al gespecialiseerde diensten voor poetsvrouwen en tuiniers zijn. Meer heil ziet hij in de inschakeling van achttien werknemers in de buitenschoolse opvang, zes in het Kringloopcentrum, honderd werknemers met beperkte scholing voor Bigg's en nog een aantal voor speelpleinrenovatie en een mobiele klusjesdienst.

In september 1996 blijkt dat niet 500 (zoals de RVA volgens schepen Hermans voorhield) maar 1200 langdurig werklozen in Hasselt in aanmerking komen om PWA-er te worden. Dat het stadsbestuur schoorvoetend over de streep wordt getrokken, heeft te maken met de verschillende opvattingen over het PWA. Samen met het ministerie van arbeid ziet de RVA het als een

verplichting voor de betrokkenen, Hermans en zijn collega's beklemtonen het vrijwillige karakter. Een PWA-statuut kan voor hen enkel als dat op termijn tot een "reguliere" job leidt. Vandaar dat de betrokkenen twee brieven ontvangen: één van de RVA die ze bedreigt met 4 tot 26 weken schorsing uit het werkloosheidsstelsel bij weigering van het PWA-statuut; een andere van de stad waarin staat dat ze daartoe niet verplicht zijn. Een babelse verwarring.

Maar nu Hasselt langs een aantal voordelen dreigt te pakken kan het PWA plots wel. De groene schepen ziet ook voor gesco's (gesubsidieerde contractuelen), die al lang een gewone job uitvoeren, een gewoon personeelsstatuut weggelegd. Hasselt telt 300 gesco's, die de hogere overheid grotendeels betaalt via subsidies. Die vallen weg bij regularisatie maar dan kunnen weer anderen hun plaats innemen.

Op dinsdag 19 november 1996 verschijnen 21 stadswachten, waarvan 17 vrouwen, in het Hasseltse straatbeeld. (Drievierde van het 90-tal kandidaten dat zich aanbood was van vrouwelijke kunne). Ze krijgen informatie-, bewakings- en signalisatieopdrachten. Daartoe behoren bijvoorbeeld het verstrekken van info over toeristische attracties, het bewaken van fietsstallingen, het graveren van fietsen en het signaleren van milieuproblemen. De stadswachten in paars uniform passen in het veiligheidscontract, hebben een PWA-statuut en werken samen met de preventiedienst. Die dienst ontwerpt voor hen meldingskaarten (voor bv. nachtlawaai of ontijdig buitengezette vuilniszakken). Vanaf februari 1998 zijn de stadswachten met 39 om ook in de wijken op te treden. De bewaking van auto's en fietsen krijgt een belangrijker accent.

7. Criminaliteit en veiligheid - Inhoud

Als drukst bezochte stedelijke dienst moet de afdeling burgerlijke stand en bevolking, met dagelijks zo'n tweehonderd klanten, vanaf oktober 1996 het visitekaartje zijn inzake klantvriendelijkheid. De klant komt in een landschapskantoor terecht waar de snelbalie het document bezorgt of doorverwijst. Iedere bediende kan de verschillende documenten afleveren. Daarop volgt een omvorming van het administratief centrum Dr Willems en het politiecommisariaat. Bij de gratis werklijn kunnen kapotte stoepen, slechte signalisatie, enz. gemeld worden. Door de infobus in de deelgemeenten hoeven de bewoners niet meer naar het centrum te komen.

Het Hasselts bestuur gaat ook op zoek naar een geschikte locatie binnen de kleine ring om het Huis Van Preventie onder te brengen, los van de politie en met een lage drempel. De burger kan er tips krijgen om woning en huis te beveiligen of zichzelf tegen gauwdieven. De wijk- en hulpagenten zouden er samenkomen en hun taken worden geheroriënteerd naar contacten met scholen, bejaarden, wijken. Op de agenda staat ook slachtofferhulp. Zelfs een belleman schakelt de Preventiedienst in om te waarschuwen voor autodiefstallen. Met één autodiefstal per dag staat Hasselt dan ook bij de top tien in België. Architecte Leen Coenegrachts onderzoekt wat te doen aan blinde muren, zoals die in de TT-wijk, want die trekken de criminaliteit blijkbaar aan. Stevaert gelooft dat ook een "latrelatie" tussen rijkswacht en politie kan helpen. "Hasselt heeft naast een financieel ook een veiligheidsprobleem", geeft hij toe. Als concrete problemen noemt Stevaert autodiefstallen en de dancings.

Vandaar een Veiligheidscontract met Binnenlandse Aangelegenheden, dat met de inhoudelijke verruiming vanaf maart 1996 Samenlevingscontract heet (niet te verwarren met het Samenleefcontract voor samenwonenden), goed voor een toelage van 39 miljoen fr. jaarlijks. Daarin zijn ook zaken opgenomen als sport, spel, theater en muziek voor migranten. Instanties als de Sportdienst en Dienstencentrum België stutten deze "multidisciplinaire aanpak" waarbij de klemtoon verschuift van repressie naar preventie. "Het aantal inbraken daalt maar het onveiligheidsgevoel neemt toe", constateert de burgemeester. Voor inbraakbeveiliging is er een subsidie tot 5.000 fr.

Ondanks het veiligheidscontract (met binnenlandse zaken) en het veiligheidscharter (in het kader van de interpolitionele HaZoDi-zone) kan CVP-raadslid Schuermans eind februari 1997 cijfers voorleggen waaruit blijkt dat in Hasselt per dag minstens één auto wordt gestolen. "Toch is Hasselt geen criminele stad", repliceert burgemeester Stevaert. De cijfers houden geen rekening met de typologie van de stad met een relatief laag bevolkingsaantal, maar een belangrijke centrumfunctie, vijfde grootste handelscentrum van het land en een enorme dagelijkse toeloop van scholieren.

STEVAERT OP KRUISSNELHEID - Inhoud

Gezonde financiën - Inhoud

"Als ik een prijs verdien is het niet voor de gratis bussen of de Groene Boulevard, maar voor het financiële beleid". Het is een uitspraak die burgemeester Stevaert met de regelmaat van een klok herhaalt. Eigenlijk krijgt de Hasseltse belastingbetaler kleine variaties op steeds hetzelfde thema te horen. Stevaert en de zijnen wijzen erop dat er een drastische verlaging van de schulden kwam en er toch voldoende investeringen zijn, maar dan grotendeels door de hogere overheden. Volgens de CVP-oppositie daalden die investeringen merkbaar en blijven de werkingskosten voor het dagelijkse reilen en zeilen minstens op hetzelfde peil. Het kan niet verwonderen dat de werkingskosten het meest besproken onderdeel van de financiën zijn. De investeringen terugdraaien kan op langere termijn schadelijk zijn maar is op korte termijn minder te voelen. Besparingen op de werkingskosten voelen individuen en verenigingen directer en tastbaarder aan. De redenering van de oppositie is dan: ofwel bespaart het bestuur op die werkingskosten en maakt het zich onpopulair, ofwel doet het dat niet en heeft het enkel de gemakkelijke weg gekozen van besnoeiingen op de investeringen of belastingverhogingen. Hoe proberen bestuur en oppositie de Hasselaren te overtuigen van hun gelijk?

De voorstelling van de rekening voor '95, die met bijna een jaar vertraging in augustus '96 plaatsheeft, lijkt voor het bestuur het moment om zelfverzekerd uit te pakken met de financiële successen. Op anderhalf jaar werd een half miljard aan leningen terugbetaald en voor het einde van het jaar gaat nog 100 miljoen fr. van de schuld af. Beter dan verwacht want het bestuur hoopte die doelstelling in drie jaar te bereiken. Het tekort van 114 miljoen fr. in '94 buigt het om tot een overschot van 213 miljoen in '95. De verhoging van de opcentiemen brengt 180 miljoen fr. op. Een "occasionele meevaller" is de snellere doorstorting van de personenbelasting door de federale overheid, goed voor een inhaalbeweging van 48 miljoen fr. Idem voor de warme zomer waardoor het Kapermolen zwembaden-complex drie miljoen extra in het laatje brengt. Van de intercommunales komt 35 miljoen fr.

Anderzijds blijven de werkingskosten stationair, onder andere dankzij budgetbeheerders en hun maandelijkse rapportering, en gaat 20 miljoen fr. naar het reservefonds. Geïnvesteerd werd voor ongeveer een miljard waarvan 706 miljoen aan projecten die het vorige bestuur vastlegde. "Geen reden voor euforie, wel voor verdere waakzaamheid en soberheid", luidt de boodschap van financieschepen Reynders. Temeer omdat uitdagingen voor de deur staan zoals de integrale toepassing van het nieuwe personeelsstatuut, de gft-ophaling en een verhoging van de tussenkomst voor het OCMW (RVT-bedden).

1. Naar de geldmarkt - Inhoud

Burgemeester Stevaert kondigt ook aan via de ASLK thesauriebewijzen van de Stad Hasselt met een termijn van zes maanden op de geldmarkt te gaan verkopen. Het gaat niet om nieuwe schulden maar om een "renteswap". Daarbij profiteert de lener ervan dat de rente op korte termijn twee procent minder bedraagt dan die op lange termijn. Stevaert rekent op een opbrengst van zo'n vijf miljoen fr. Maar daarvoor moet de kredietlijn van één miljard wel volledig worden opgenomen. Kandidaten moeten op minstens tien miljoen fr. inschrijven, maar volgens de ASLK-woordvoerder zijn daarvoor voldoende kandidaten.

De oppositie gelooft er niet in. CVP-er Schuermans: "Dat kan enkele miljoenen opbrengen. Maar wat als binnen enkele maanden de rentestructuur drastisch verandert? Als dan de leningen van korte op lange termijn moeten omgezet worden kost dat heelwat meer dan het nu opbrengt. Het is zuivere en riskante speculatie". Dat de ASLK-topman een vooraanstaande positie bekleedde in een voormalig kabinet-Claes noemt de oppositie ook "geen toeval". Eerder liet de Hasseltse burgemeester het Gemeentekrediet al vallen als gepriviligieerde partner bij het verschaffen van leningen.

87 keer kan de CVP rond de Hasseltse boulevard met briefjes van duizend frank, gevormd met belastinggeld dat het huidig stadsbestuur onnodig inde. Dat is de boodschap die de CVP-jongeren brengen tijdens een ludieke actie met enkele tientallen meters van die (namaak)briefjes. Volgens de CVP betaalt de gemiddelde Hasselaar, kleuters en hoogbejaarden inbegrepen, 6000 fr. méér gemeentelijke belasting in het jaar dat het Stevaert-team aantrad dan tijdens het laatste jaar Roppe (van 15.000 naar 21.000 fr.). Voor wie een eigen woning bezit ligt dat nog een stuk hoger terwijl de rijke eigenaar van verschillende woningen de "grondbelasting" op zijn huurders verhaalt. Die grondbelasting stijgt globaal met bijna 190 miljoen fr., terwijl de investeringen afgerond van 900 tot 300 miljoen terugvallen. De investeringstoelagen van de hogere overheid dalen met ruim 38 miljoen.

Eind '96 maakt het stadsbestuur bekend dat de opcentiemen in '97 met 50 eenheden dalen (tegenover 200 het jaar tevoren) tot 1325, hetgeen volgens de burgemeester bij de laagste van de centrumsteden is. Voor het einde van deze legislatuur in 2000 zullen de opcentiemen lager zijn dan bij de aanvang, namelijk 1150. De totale schuld daalt van 4,2 tot 3,55 miljard en dat vindt het bestuur "aanvaardbaar". Met de plastische bewoordingen van Stevaert: "Vroeger ging van elke honderd frank 32 frank naar de banken, nu nog 25". Geen daling van zeven, maar van zo'n 25 procent. Maar blijkbaar vindt het bestuur het nu welletjes.

In het reservefonds wordt in '97 weer 20 miljoen fr. ingebracht. Het bedrag dat de brandweer aanrekent voor het weghalen van wespennesten daalt van 2000 fr. naar 750 fr. "De mensen kunnen er toch ook niet aan doen dat ze met een wespennest zitten", aldus de burgemeester. Die denkt als gewezen cafébaas ook aan de vroegere collega's. De belasting op horeca-zaken die sterke dranken slijten daalt van 20 tot 15 procent op de geschatte huurwaarde van het handelspand. Maar de Administratie van Douanen en Accijnzen herziet wel die huurwaarde in opwaartse richting, zodat het voor de stadskas uitdraait op een nuloperatie.

De gezusters Lenaerts schenken het historisch pand De Pasteye aan de Maastrichterstraat -waarde geschat op zo'n 15 miljoen fr.- aan de stad Hasselt. "Een genereuze schenking", aldus schepen Karina Quintiens.

De volgende ronde in de financiële boksmatch heeft de begroting voor '97 als inzet."Daarmee misleidt het Hasseltse stadsbestuur de bevolking", meent de CVP-er Schuermans volgens wie, in vergelijking met het vorig bestuur, al een half miljard meer werd opgesoupeerd. "Iedere Hasselaar die zijn rekening maakt zal vaststellen dat ie vele duizenden armer is". Dat de VLD dat als coalitiepartner toelaat noemt Schuermans "wraakroepend". De buitenwijken en deelgemeenten komen niet aan hun trekken, het rioleringsplan van het vorige bestuur werd stopgezet. Het geld gaat naar de Groene Boulevard "waarvan het prijskaartje overigens nog niet bekend is". Het plan Schuermans voor het saneren van woningen, het bewoonbaar maken van winkelpanden en het verfraaien van gevels wordt volgens de vader ervan "niet eens besproken".

Omdat er voor de aanvang van het eigenlijke debat geen bespreking is van haar blunderboek over deze begroting, met elf "technische" mankementen, stapt de CVP-oppositie in de gemeenteraad van 16 december '96 op. Vlaams Blokker Akkermans sluit zich daarbij aan. De meerderheid legt die houding uit als een gebrek aan inhoudelijke argumenten.

Als eind mei '97 de rekening van het vorige jaar bekend geraakt, slaan de stoppen door. De schuld daalde met 600 miljoen, de reserves stegen tot 40 miljoen. En de onvermijdelijke herhaling: In '94 ging op 100 fr. inkomsten 32 fr. naar de banken, in '96 nog 25 fr. "Als dat 20 frank is krijgen we in Hasselt de laagste belastingvoet van Vlaanderen", maakt Stevaert zich sterk. Maar een tijdstip voor de verdere verlaging van de opcentiemen noemt hij nog niet.

De oppositie heeft voor dit gunstige financiële plaatje een eenvoudige -volgens de meerderheid simplistische- uitleg. De meerinkomsten bedroegen de laatste twee jaar ruim 600 miljoen fr. en de rentevoeten gingen steil naar beneden. Dan zit je als stadsbestuur op rozen. Schepen Reynders wijst op de beenharde onderhandelingen met de banken over de herschikking van de schulden. De enkele tientallen miljoenen die de gratis bussen zullen kosten plaatst burgemeester Stevaert in het ruimere kader van het Gemeentelijk Natuurontwikkelingsplan, dat in totaal over zo'n vijf miljard gaat.

Eind '97 maakt het stadsbestuur bekend dat er in '98 50 gemeentelijke opcentiemen op de onroerende belastingen afgaan en in '99 nog eens 125. Dat brengt die opcentiemen in gemeentelijk verkiezingsjaar 2000 op 1150, dat is 25 minder dan bij het vorige bestuur.

De schuld is einde '97 teruggelopen met 850 miljoen en het objectief van een "aanvaardbare" 3,2 miljard ligt in het verschiet. "Zodat van elke honderd frank geen 32, maar slechts 22 als schuldaflossing naar de banken moet gedragen worden", herhaalt burgemeester Stevaert, die claimt dat Hasselt -ook rekening houdend met zeven procent heffing op de personenbelasting en geen andere taksen- vanaf '99 de centrumstad met de laagste belastingen is.

Het stadsbestuur gaat er bovendien prat op dertig procent van de investeringen te kunnen recupereren van de hogere overheden. Van de investeringen zelf gaat zestig procent naar rioleringen en wegen. De opheffing van de Hasseltse waterregie brengt ruim twintig miljoen fr. op en is zo een meevaller voor de begroting '98. Het vorige stadsbestuur verkocht het Hasseltse waterbedrijf voor 176 miljoen fr. Die hielpen volgens Reynders het structurele tekort op de gerwone begroting van '93 en '94 verbergen.

De CVP stemt tegen de begroting '98. Die partij vindt dat de opcentiemen sneller naar omlaag moeten. Volgens Schuermans gingen de werkingskosten sinds '94 met bijna 30 procent omhoog. Bij het personeel zit 40 procent in nepstatuten. Nieuwe rioleringsdossiers zijn er niet, maar wel geld voor voertuigen -28 miljoen fr. in '98- en bomen op de boulevard. Schepen van financiën Reynders repliceert dat het begrip werkingskosten van inhoud veranderde. Dat het bestuur de belofte minimaal acht miljoen fr. per jaar te besteden aan gemeentelijke natuurontwikkeling volgens de CVP-er Flossy niet inlost, betwist Reynders met becijferde documenten. Maar technisch mag dit niet in de begroting.

Toch ook een vleugje poëzie met Agalev-raadslid Linda Bollen. Voor haar is het huidige bestuur een schip in het groen dat vertrouwenwekkend opstoomt naar het derde milennium.

Bij de voorstelling half juni '98 van de rekening '97 herinnert burgemeester Stevaert aan de adelbrief die hem toekomt. De schuld die eind '94 4,2 miljard bedroeg werd de vorige drie jaar met 850 miljoen fr. afgebouwd en volgens schepen Reynders zal dat eind '98 één miljard bedragen. De remedie blijft dezelfde. Alhoewel de eigen stedelijke investeringen toenemen, blijven die volgens Reynders gevoelig onder die van het Roppe-tijdperk liggen. Moeilijk te begrijpen op een ogenblik dat de ganse stad overhoop ligt door werken. "Maar", verduidelijkt Reynders, "vroeger werd negentig procent daarvan met leningen gefinancierd, nu nog slechts één derde". Mede door de inbreng van de hogere overheid waarvoor het volgende voorbeeld: de Rapertingenstraat alleen kostte de stad destijds evenveel als tot nu de Groene Boulevard, te weten zo'n 40 miljoen fr.

Dat biedt ruimte voor kleinschalige projecten en stimulansen. Wie voor een zonneboiler of -panelen kiest krijgt stedelijke subsidie plus eventueel een premie van Interelectra. Met het toenemen van de aanvragen voor Mantelzorg van 105 tot 169 moest het bedrag op de begroting opgetrokken worden tot één miljoen fr.

Op de gemeenteraad van 23 juni '98 beweert de CVP-er Schuermans dat Hasselt een slechte reputatie kreeg op belastinggebied. Stevaert kondigt aan dat enkele objectieve studies binnenkort uitsluitsel zullen brengen over de centenkwestie.

Met de opcentiemen op de onroerende voorheffing gebeurt wat de CVP steeds vreesde. Voor '99, het jaar voor de verkiezingen, worden die verlaagd tot 1150. Die 25 opcentiemen minder dan bij Roppe zijn peanuts maar missen hun psychologisch effect niet. "Het gaat goed met Hasselt", zegt Reynders, intussen waarnemend burgemeester. Het aantal inwoners, de bouwwerken en de tewerkstelling zitten in de lift, wat de stad een flinke stuiver oplevert.

2. Slachthuis: liever kwijt dan rijk - Inhoud

Niet alleen Hasselt maar ook Sint-Truiden en Genk zitten met zwaar deficitaire slachthuizen. Hun politici suggereren die te willen overlaten aan het Provinciebestuur, dat op zoek is naar "kerntaken". Maar dat bestuur hapt niet toe.

Met zichtbaar genoegen draagt het Hasselts bestuur in oktober '97 het slachthuis over aan de firma Thijs. "Liever kwijt dan rijk", redeneert burgemeester Stevaert die erop wijst dat drie van de zeven Vlaamse stedelijke slachthuizen in Limburg liggen, terwijl dit geen taak meer is voor de overheid. De constructies rond dat slachthuis werden met het jaar onoverzichtelijker. Vleesbedrijf Thijs was de florerende partner, de stad hield er enkel financiële builen aan over. Toen Jos Thijs zelf kwam aankloppen was een akkoord snel rond. Zijn bedrijf houdt in Hasselt vooral versnijdings- en inpakactiviteiten open. De kosten lopen voor de stad het eerste jaar nog op om dan jaarlijks af te nemen. Als alles hetzelfde bleef zouden die de komende 25 jaar 270 miljoen fr. bedragen, nu slechts 58 miljoen. De tien personeelsleden blijven in stedelijke dienst, tenzij ze voor de aanwerving door Thijs kiezen.

Flanders-Nippon Center en TT-wijk: ten oorlog - Inhoud

Begin juli '96 valt de beslissing de hoogste toren van de TT-wijk vanaf de achtste verdieping wegens brandonveiligheid te sluiten. Elf gecontroleerde verdiepingen zijn niet in orde. Het Hasselts stadsbestuur maande de eigenaars al een aantal keren schriftelijk aan tot maatregelen. Maar dat blijkt vooral in de hoogste toren, de T 18, niet eenvoudig. Het ultimatum dat burgemeester Stevaert stelde liep op 30 juni '96 af en de nodige ingrepen werden niet verricht. De diensten krijgen tijd tot 30 september om te verhuizen maar dan is het definitief afgelopen.

De burgemeester besluit de negen bovenste verdiepingen van de TT-torens op 2 oktober '96 te laten verzegelen want het probleem sleept al vijf jaar aan. Vanaf zijn aantreden verhoogde Stevaert de druk op de ketel. Dat hielp bij de eigenaars van Toren 14, maar op een uitzondering na niet bij die van Toren 18. Brandweercommandant Van Rompaey zegt talloze documenten te kunnen voorleggen die dit bewijzen. De appartementen worden binnen de 48 uur gesloten en ontruimd. De huurders zijn veelal openbare diensten die de week tevoren al verhuisden.

Over de precieze eigenaars heerst onduidelijkheid. Het gaat om 25 Nederlanders die hun belangen laten verdedigen door Anthin Beheer in Turnhout. Die eigenaars beweren niet tijdig gewaarschuwd te zijn en een zware schadevergoeding te zullen eisen. Maar volgens het stadsbestuur waren "diegenen die verantwoordelijk waren voor het doorgeven van de informatie" -het verhuurkantoor-"wel tijdig op de hoogte". Na vijf jaar dreigementen dachten ze dat het nu wellicht ook niet zo'n vaart zou lopen.

De eigenaars eisen niettemin in een kort geding bij de Raad van State de opschorting en vernietiging van het besluit van de burgemeester. De RvS spreekt zich niet uit over de grond van de zaak maar onderzoekt of de Stad Hasselt de betrokkenen volgens de correcte procedure op de hoogte stelde.

Na nog een dag uitstel gaan op 3 oktober inderdaad de tien bovenste verdiepingen van Toren 18 dicht. Zo komt het gebruikte gedeelte onder de 25 meter en is de speciale branddetectie niet meer verplicht.

De metalen constructie aftoppen zou geen onoverkomelijk probleem vormen. Het stadsbestuur hoopt op een projectontwikkelaar die de torens in een nieuw kleedje steekt.

Uit een enquête van Jeugdhuis Braam, voorgesteld in november '96, blijkt dat "slechts" 48 procent van de Hasselaren vindt dat de TT-torens moeten afgebroken worden. Een ruime meerderheid van 66 procent beoordeelt het Flanders-Nippon Center als "een slechte zaak voor Hasselt".

"Zonder de TT-wijk met zijn Flanders Nippon Centerr was er in het Hasseltse centrum geen leegstand", stelt burgemeester Stevaert in november '97. Onderzoek wijst uit dat de leegstand in het winkelcentrum zich voor 38 procent in de galerijen voordoet. Stevaert: "Het is duidelijk dat sommige galerijen er niet hadden moeten komen en er zullen er ook geen bijkomen".

Door zijn strategisch commercieel plan hoopt Hasselt op middelen uit het Mercuriusfonds, die onder andere kunnen aangewend worden voor premies en subsidies om de leegstand boven winkels tegen te gaan. "Maar het gratis busvervoer is eigenlijk de schoonste cadeau aan de middenstand", meent Stevaert. Dat terwijl diezelfde middenstand druk in de weer is met lobbying, onder andere via de media, om de centrumbus ondanks zijn zeer grote bezettingsgraad uit de kern weg te krijgen.

Eind november '97 lekt -te vroeg- uit dat de wensdroom van Stevaert wellicht in vervulling gaat: de TT-wijk komt gedeeltelijk onder de slopershamer. "Veel te voorbarig", reageert Albert Vanleysen van architectenbureau Delta dat aan een voorontwerp werkt. Bij de grootste toren gaat de top eraf maar het plan is het verloren volume te compenseren door de verschillende plateaus.

De Nederlandse eigenaars verkopen na wat tegenstribbelen het gebouw aan de landgenoten van Multi Development en de Houthalense Groep Lenaerts. Plannen zijn er ook voor het Flanders Nippon Centerr, want anders blijft het vernieuwde complex geïsoleerd. Maar de onderhandelingen met de eigenaars zijn nog niet rond. Als prijs circuleert een bedrag van 100 tot 120 miljoen fr., maar door het voortijdig uitlekken zou dat opgelopen zijn.

De oude Trioscoop-vleugel zou een metamorfose ondergaan tot entertainment city, met sportevenementen op groot scherm, standen met trendy exotisch eten en grootse manifestaties. Maar in augustus '98 liggen de werken stil. Niet omdat zaakvoerder Haesen van initiatiefnemer NV Sports Town het niet meer kan vinden met zijn partners Claeys van Kinepolis en Alken-Kronenbourg, zoals de geruchten willen, maar omdat de subsidies op zich laten wachten.

Parking zat - Inhoud

Hasselt beschikt zowel boven- als ondergronds over ruime parkeermogelijkheden. Maar omdat de opeenvolgende besturen het stationeren van auto's in het centrum en zijn directe omgeving bemoeilijkten overheerst de tegengestelde indruk. Om die te wijzigen zoekt ook het Stevaert-bestuur voortdurend naar nieuwe (gratis) parking en stimuleert het de aanleg van de nieuwe ondergrondse Dusart-parking. Meteen wetten meerderheid en oppositie de messen om hierover met elkaar in de clinch te gaan.

Als het Stevaert-bestuur in mei '95 aankondigt 1100 bijkomende parkeerplaatsen te plannen in en nabij het stadscentrum is dat niet naar de zin van de BTTB (Bond van Trein-, Tram- en Busgebruikers), die meent dat de vooropgestelde verbetering van het openbaar vervoer daardoor in het gedrang komt. Schepen Reynders vindt dat beide "los van elkaar" moeten bekeken worden.

Dat bezoekers van Hasselt de bus aan de Grenslandhallen nemen om naar het centrum te komen is je wensen voor werkelijkheid nemen. Dat stelde het bestuur al eerder. Voor meer parking zal vooral een te bouwen ondergrondse parking voor 500 auto's aan de Leopoldplein instaan. Maar die plannen zijn nog maar in een "pre-embryonale fase".

Peter Meukens (BTTB) meent dat het verkeerscirculatieplan van '91 voor de Hasseltse binnenstad een geslaagde onderneming was. Dat bracht een vermindering van parkeerplaatsen met zich en het wachten is op een alternatief hiervoor. Meukens ziet dat in de doorvoering van het busbanenplan en de geplande verdubbeling van ingezette bussen en personeel door De Lijn. Dit komt nu volgens hem in het gedrang door het verhoogde aanbod van parkeerplaatsen.

Als schepen van verkeer spreekt Reynders van "een overtrokken reactie" en pleit hij ervoor de problemen los van elkaar te zien. Zijn voorbeeld is Aken, met een schitterend openbaar vervoer en tien- tot twaalfduizend parkeerplaatsen. Bovendien vraagt de schepen zich af "of De Lijn inderdaad kan zorgen dat er om de twee minuten een bus komt". Reynders: "De Lijn heeft grote plannen, maar wie gaat dat betalen? Dat is ook hun probleem in Brugge. Daar moeten duidelijke afspraken over komen". Hij merkt op dat het drie tot vier jaar duurt eer al die plannen voor het openbaar vervoer uitgevoerd en effectief zijn. "Intussen kunnen de parkings hun nut bewijzen en later kan die ruimte nog een andere bestemming krijgen".

Begin december '95 is er de belofte van twee bijkomende parkings. Een bovengrondse aan de Koningin Astridlaan (de vroegere garage Fierens) is dag en nacht goed voor 200 parkeerplaatsen. De pas gebouwde ondergrondse parking aan de TT-wijk is met zijn 68 parkeerplaatsen een uitbreiding van de bestaande, maar nu met een bijkomende toegang aan de Capucienenstraat.

Zo beschikt Hasselt nu volgens schepen Reynders over 1.410 ondergrondse en 2.310 bovengrondse parkeerplaatsen. Aan de parkeermeters en -automaten in het centrum zijn er 744 plaatsen, aan die buiten dat centrum 270. Met daarbij de 40 gratis plaatsen voor mindervaliden en de 42 laad- en losplaatsen gerekend brengt dat het totaal op 4.816. Die riante mogelijkheden ontlasten volgens de schepen ook de wijken. Vanaf de Grote Ring komt een bewegwijzering voor de parkings.

"Wij hebben voldoende parkeerplaatsen, als we de langparkeerders uit het centrum weren", beseft Reynders in juni '96 bij de voorstelling van een folder over de parkeermogelijkheden. Bezoekende automobilisten komen met bijna 5.000 parkeerplaatsen beter dan elders aan hun trekken. Het belet niet dat de Hasseltse politie gemiddeld 35 auto's per maand laat wegslepen. De opgelegde "tolerantere" houding tegenover foutparkeren kent een averechts effect. Twee jaren voordien bedroeg het aantal maandelijkse takelingen slechts acht. De vereniging Langzaam Verkeer doktert een fietsenbeleidplan uit en er komen fietsenstallingen in het stadscentrum die bewaakt worden door PWA-ers.

Eind '96 maakt Middenstand Hasselt bekend voortaan gratis tickets voor overdekte parkings te zullen verdelen onder hun klanten wat hun een Speculaas van de Maand oplevert. Daarmee willen ze af van het negatief imago van de stad op parkeergebied. In Hasselt is parking zat, zo luidt het, maar de tijd van iedereen in het centrum, aan de kanaalkom of op het Dusartplein is voorbij.

Half september '96 beweert CVP-raadslid Schuermans dat het Hasselts schepencollege halsstarrig weigert het bewonersparkeren in de binnenstad in te voeren. Hij wijst erop dat de gemeenteraad op 22 maart '94 -met zijn partij in het beleid- een verkeersreglement in die zin goedkeurde. Maar het politiereglement liet de uitvoering niet toe.

Het huidige bestuur deed dat in december '95 over maar wil het reglement niet uitvoeren, zo stelt de CVP-er Schuermans op de gemeenteraad van 15 oktober. "Weinig democratisch", vindt hij. Burgemeester Stevaert repliceert dat de oplossing in ondergronds parkeren ligt, maar door toedoen van het vorige bestuur is de stad wel eigenaar maar geen uitbater van de ondergrondse parkings. Misschien biedt het Dusartplein op termijn een oplossing.

In november '97 sluit schepen Quintiens een huurovereenkomst voor 27 jaar af met ARGO over de parking tussen de scholen KTA1 en KTA3. Die heeft een capaciteit van 360 voertuigen. Tijdens schooldagen gebruikt het personeel 163 parkingplaatsen, in het weekeinde geen. De vrijstaande zijn voor andere automobilisten.

Tijdens de gemeenteraad van 21 oktober '97 stapt de CVP op na een dispuut over de aan te leggen parkeergarage onder het Dusartplein. Wettelijk moet de gunning daarvan openbaar gebeuren. Zo geschiedde, maar omdat er volgens het stadsbestuur geen regelmatige inschrijving kwam, wilde het bestuur overgaan tot onderhandse onderhandelingen. Volgens CVP-oppositielid en advocaat Johan Vanmuysen was het dossier dat hij kon raadplegen niet alleen flinterdun, maar werd ook de wettelijk voorgeschreven procedure niet gevolgd. Steeds dezelfde drie firma's schreven op een onaanvaardbare wijze in voor de gunning. De gelukkige winnaar zou al lang gekend zijn. "Het gaat om een vennootschap in oprichting, anders was het al geregeld", aldus Vanmuysen.

Schepen Onkelinx antwoordt rustig dat andere firma's net zo goed mogen meedingen naar het contract. Maar het moet wel de bedoeling zijn ondergronds te werken en niet om bovenop het Dusartplein gebouwen neer te poten. Burgemeester Stevaert vraagt de stemming en bij het tegenstemmen van de CVP concludeert hij provocerend: "Dus stemt de CVP tegen de ondergrondse parking". CVP-fractieleider Beerden eist woedend dat hij die woorden terugtrekt, omdat de tegenstemmen niet tegen de inhoud maar tegen de procedure gericht zijn. Stevaert weigert, waarop de CVP de zitting verlaat.

Op een persconferentie 's anderendaags stellen de CVP-raadsleden Mare Vandeput, Georges Beerden en Johan Vanmuysen het zo: "Harde bewijzen hebben we niet, maar er gebeuren eigenaardige dingen bij de toewijzing van onderhandse contracten". Ze klagen het gebrek aan openheid aan van burgemeester Stevaert "die zich graag manifesteert als een boegbeeld van radicale democratie". Ook in dit dossier meent de oppositie in de Verenigde Commissies, waarin alle partijen samen de gemeenteraad voorbereiden, niet degelijk ingelicht te zijn. Het dossier bedraagt twee pagina's en haspelt twee opeenvolgende wetten over openbare aanbestedingen door elkaar. Voor de ondergrondse parking waren er drie kandidaten die niet aan de voorwaarden voldeden, omdat ze ook bovengronds wilden bouwen. Vervolgens sloot het stadsbestuur met één van die drie een overeenkomst. Het was die provocatie op de gemeenteraad, die de ganse CVP-fractie deed opstappen. Beerden: "We hadden op voorhand geen enkele afspraak gemaakt, maar iedereen stond spontaan op".

Volgens de CVP is dit een heruitgave van wat met de Groene Boulevard gebeurde. Geen dossier. Raadsleden die hun informatie uit de krant moeten halen. Werken die beetje per beetje met de karwats door de gemeenteraad gejaagd worden, met de dreiging dat de verwachte centen van Baldewijns of EFRO er niet komen. De CVP, die in het vorige bestuur als grootste partij zelf plannen ontwikkelde voor de kleine ring, onthoudt zich bij de stemmingen over de Groene Boulevard en krijgt dan van Stevaert het stigma tégen te zijn. Een methode die blijkt te werken "want zelfs onze eigen partijgenoten vragen ons wat wij tegen de Groene Boulevard hebben", aldus Vandeput.

De Beerden-parking - Inhoud

CVP-Hasselt wijst er begin maart '98 op voor de oplossing van het parkingprobleem heil te zien in een ondergrondse parking met 521 plaatsen onder het Leopoldplein. Ook de middenstand is er volgens haar enthousiast over. De beschikbare parkings aan de Koningin Astridlaan (200 plaatsen) en de Kanaalkom (500 plaatsen) ziet de CVP met de komst van projecten op termijn verdwijnen. De geplande parking onder het Dusartplein mag voor CVP-raadslid Vandeput niet aangelegd worden. "Die parking moet bovengronds en gratis blijven. Wel kan het plein heringericht worden om er grote manifestaties en evenementen te laten doorgaan".

Als fractieleider Georges Beerden op de gemeenteraad van 19 maart met het concreet plan van een projectontwikkelaar zwaait, blijkt daar zelfs een verbinding met Runkst, onder de spoorweg door, bij te horen. Burgemeester Stevaert zegt op het concrete voorstel van de ontwikkelaar te wachten, maar hij vreest voor een clausule waarin staat dat de stad voor eventuele verliezen moet opdraaien en in zo'n scenario wenst hij zelfs geen figurantenrol te spelen. Stevaert: "Bij de bouw van Hasseltse parkings draaide de stad al voor de lasten op, terwijl de lusten voor privé waren. Dat kan niet meer". Hij vreest ook voor sabotage van de Groene Boulevard. De achterliggende gedachte is dat de CVP die werken probeert te rekken, zodat Stevaert er bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2000 nog mee opgezadeld zit, wat de kiezers en zeker de middenstand hem niet in dank zouden afnemen. "We gaan die werken niet stilleggen voor een parking die er nooit komt", stelt Stevaert boud. Een bovengrondse parking op het Dusartplein ziet hij ook niet meer zitten. Dat voor de markt, de kermis of andere activiteiten telkens auto's moeten verplaatst worden, vindt hij maar niks. Vandaar de keuze voor onderhandelingen met drie kandidaten voor een ondergrondse Dusart-parking met 800 tot 900 plaatsen. "Aangelegd én uitgebaat door privé", aldus de burgemeester die wel niet vies is van een regie-formule, waardoor de btw op het parkinggeld zou kunnen ontweken worden.

Het bovengrondse Dusartplein ziet hij in drie delen. Het dichtst bij de stad, binnen de boog die de nieuw aangelegde ring er vormt, komt de markt; tot de oude kazernemuur een evenementenplein; daar achter een gedeelte voor gratis buurtparkeren.

Op de gemeenteraad van 24 maart verwoordt Ivan Vanrijkel het wantrouwen van de CVP, die vermoedt dat aan de ondergrondse Dusart-parking een lucratiever bovengronds project van dezelfde promotor gekoppeld wordt.

Agalev-Hasselt is gekant tegen de Beerden-parking -zo genoemd door Stevaert- omdat die slechts een beperkt aantal parkeerplaatsen oplevert, geen fatsoenlijke in- of uitrit mogelijk is en meer auto's naar de stadskern gelokt worden, met bijkomende problemen op de St-Truider- en Luikersteenweg.

Bij het verstrijken van de voorziene periode van openbare aanbesteding voor de Beerden-parking blijkt dat geen enkele investeerder kwam opdagen. De CVP voert aan dat er interesse was want zeventien bundels met de voorwaarden van de openbare aanbesteding werden aangevraagd. Maar daarin stond dat de concessiehouder in geval van verlies niet bij de stad moest komen aankloppen en dat schrikte af. Bovendien waren er in de directe omgeving drie parkings en moest er een toegang en uitrit ten zuiden van de spoorlijn komen, wat peperdure tunneltoestanden inhield. Als één van de bomen sneuvelde kostte dat twee miljoen fr.

Drastisch gesleutel aan mobiliteit - Inhoud

1. Graag traag - Inhoud

Vanaf maart '97 komen er een honderdtal borden met "Hasselt graag traag". Het Hasseltse verkeersreglement wordt aangepast zodat het -in een globaal plan in plaats van fragmentarisch-verplicht tot vertraagd rijden over het ganse grondgebied. Dat kan door het aantal woonerven met een maximum snelheid van 20 km per uur te doen toenemen, bebouwde kommen uit te breiden en op 27 wegen de maximumsnelheid naar beneden te halen.

Volgens de Vlaamse Milieu- en Mobiliteitsbewegingen (KOMIMO) voelt de zwakke weggebruiker zich almaar beter thuis in Hasselt. In mei '98 levert dat de stad het KOMIMO-erewimpel op. "Er ontstaat nu een echt netwerk voor voetgangers en de stad wordt in feite aan de mensen teruggegeven", meent voorzitter Jef Foubert.

In juni '98 besluit Test-Aankoop Magazine uit een enquête bij geregelde fietsers: "Hasselt is zonder twijfel de fietshoofdstad van België, gevolgd door Brugge, Gent en Antwerpen". CNN maakt opnames over de Hasseltse mobiliteit.

Stevaert geeft toe dat nog enkele schakels ontbreken in het Hasseltse fietspadennet en het onderhoud door het Vlaamse gewest kan beter. Dat de helft van de mensen die aangifte doen van diefstal van hun fiets afgescheept worden door de politie, vindt hij erg.

2. Openbaar vervoer - Inhoud

Het Hasselts stadsbestuur en de Vlaamse Vervoermaatschappij sluiten half november '96 een mobiliteitsconvenant af. Daardoor zal de frequentie van De Lijn-bussen van en naar Hasselt sterk toenemen. Burgemeester Stevaert spreekt van een verviervoudiging. Volgens hem heeft Hasselt dan een dichter net van openbaar vervoer dan kampioen Brugge. Door die goede service verwachten de partners van de convenant dat het gebruik meer dan evenredig toeneemt, zodat de gebruikers dertig procent van de vervoerkosten dekken. De rest is voor rekening van De Lijn.

Op het resultaat is het wel minstens twee jaar wachten. Eerst moeten de werken voor de Groene Boulevard beëindigd zijn. "Daarna wordt Hasselt een modelstad voor openbaar vervoer", voorspelt Stevaert.

Bij de ondertekening half december '96 van de Mobiliteitsconvenant vallen vooral drie bijakten op, waarvan de uitvoering 325 miljoen fr. kost. Hasselt verbindt er zich toe binnen het jaar een mobiliteitsplan op te stellen dat de auto in belangrijke mate bant ten voordele van het openbaar vervoer, de fietser en de voetganger. De Vlaamse Gemeenschap en het EFRO stellen belangrijke financiële middelen ter beschikking. Voor de Groene Boulevard komt 200 miljoen fr. beschikbaar want volgens hoofdingenieur Swillen is de kleine ring "de gevaarlijkste weg van Limburg". Voor de herinrichting van de invalswegen gaat 50 miljoen naar de St-Truidersteenweg, 55 miljoen naar de Luikersteenweg.

De Lijn komt met 70 miljoen fr. over de brug. Hasselt krijgt zijn eerste microbusjes met een lage drempel al in voorjaar '97. Stadsbussen met een lengte van acht in plaats van twaalf meter vullen het vervoer met de streekbussen aan en drie bushaltes krijgen meer comfort. De Lijn ziet het openbaar vervoer in en naar Hasselt met de helft toenemen, maar Stevaert verwacht op termijn een verviervoudiging. De burgemeester ziet ook de NMBS als mogelijke partner. Want het grote probleem is niet om vanuit Limburg naar Hasselt te komen, maar om vanuit Hasselt in Brussel te geraken.

3. Zon en bus gratis - Inhoud

Vanaf 1 juli '97 kan iedereen in Hasselt (inclusief het Limburgs Universitair Centrum) gratis met de stadsbus rijden. Binnen de stadsgrenzen betalen de Hasselaren (op vertoon van hun identiteitskaart) ook niet voor de streekbus. De exploitatie van het stadsnet kost De Lijn 115 miljoen fr. per jaar, maar Hasselt hoeft daarvan slechts 20 miljoen bij te passen. Het experiment duurt twee jaar. Naar de buitenwereld oogt dat als Stevaerts spectaculairste stunt, hijzelf noemt het bescheiden "de kers op de crème fraiche van de taart". Het gratis karakter kwam er ook onvoorbereid, tijdens de rit naar huis na de brainstorming van het stadsbestuur met de mensen van De Lijn. Burgemeester Stevaert, schepen Reynders en zijn rechterhand en kabinetschef Hoebers zitten samen in de auto met chauffeur en plots: "Eureka!"

Het stadsbestuur stond al te kijken van het succes van het gratis pendelbusje, ingevoerd voor de gigantische werken aan de kleine ring. Burgemeester Stevaert wil het openbaar vervoer in zijn stad op termijn verviervoudigen. Het bedrag van 20 miljoen fr. relativeert Stevaert. "Niemand vraagt zich af hoeveel de derde ring rond Hasselt zou kosten. Met het toenemend autoverkeer zou daar van diverse kanten op aangedrongen worden en op het gewestplan staat die al aangegeven. Voor ons is daar geen sprake van en dit project helpt dat standpunt verdedigen".

De burgemeester ontkent dat zijn stad in Vlaanderen bevoordeeld wordt. "Wij werden jarenlang misdeeld in vergelijking met steden als Kortrijk en Leuven, om van Brugge nog maar te zwijgen. Met deze inhaaloperatie wordt de lat eindelijk gelijk gelegd". Hij hoopt ook op een beloning door de hogere overheden "vermits onze topministers zich op de Conferentie van Rio plechtig verbonden tot vermindering van de CO2-uitstoot". Ook van intercommunales als Interelectra, met Stevaert als voorzitter, verwacht hij dat ze in hun zakken tasten "want zo kunnen ze zich duurdere projecten met hetzelfde milieu-effect besparen". Zelfs van verzekeringsmaatschappijen verwacht hij wegens de baten een "geste".

Maar vooral de maatschappelijke discussie is belangrijk: "Als je weet dat het kostendekkingspercentage voor het openbaar vervoer in dit land twintig procent bedraagt, waar hebben we het dan over?"

Vanwege de CVP-oppositie reageert fractieleider Beerden met het adagium "Zelfs de zon gaat niet gratis op", dat hem en zijn partij blijft achtervolgen. Als voorzitter van die partij geeft Jean Vrijsen later zijn partijgenoten in de gemeenteraad de gouden raad over de gratis bussen te zwijgen "want dat kost ons telkens honderden stemmen".

Hetzelfde in hun stad doorvoeren zien de meeste beleidsmensen niet zitten. "Onhaalbaar, uitgesloten, en zelfs niet wenselijk", menen ze. "Ik wil wel gratis openbaar vervoer in Brussel, maar dat zou honderden miljoenen kosten", reageert bevoegd minister Hasquin. In Gent zijn gelijkaardige geluiden te horen. "Met een verdubbeling kunnen we die mensen onmogelijk een plaats geven", weet schepen Sas van Rouveroij. Enkel in Antwerpen looft Mieke Vogels het Hasseltse initiatief als "een uitdaging voor andere steden", maar ze wijst op het verschil tussen beide steden. "Gratis hoeft voor mij niet, mobiliteit heeft een prijs", oordeelt ze. CVP-burgemeesters uit kleinere gemeenten, die deze popularieteitsstunt met gratis busvervoer willen overdoen, krijgen van De Lijn nul op het rekwest.

Bij een werfbezoek half september van personen uit de politieke en zakenwereld, op uitnodiging van Keramo Wienerberger, noemt ingenieur Michielsen de Groene Boulevard een typevoorbeeld van gescheiden riolering. Wat het concept van het project aangaat wijst Gijs Moors van Wegen en Verkeer Limburg erop dat het beleid negen jaar geleden al van dezelfde uitgangspunten vertrok.

Maar het starre van het toenmalige Busbanen-plan werd intussen verlaten voor een vlottere doorstroming van het openbaar vervoer. Voor schepen Reynders, die het woord voerde voor de in Japan verblijvende burgemeester, is de groene ring rond Hasselt de derde ring. Voor Moors wordt die vanzelf gevormd door de passerende autostrades.

De Lijn telt in november '97 ruim 224.000 busgebruikers. Dat is acht keer zoveel als een jaar eerder in diezelfde maand. De Vlaamse busmaatschappij wijst er bij die gelegenheid al op dat dit effect niet enkel te wijten is aan het gratis maken van de bussen, maar ook aan de verbeterde dienstverlening. Er komen 27 nieuwe bussen en 37 chauffeurs bij en die leggen op Hasselts grondgebied een route af die 2,2 keer zo lang is als vroeger.

De ondervraging van 4.525 reizigers door de Hogeschool voor Verkeerskunde in Diepenbeek geeft verrassende resultaten, die ze begin '98 bekend maakt. Zo neemt slechts één op drie reizigers de bus omdat die gratis is. Rekening houdend met de één op acht die vroeger ook al de bus nam blijft ruim de helft over die dat blijkbaar doet wegens het toegenomen aantal haltes en het betere bereik door meer en betere bussen.

Een cadeau van De Lijn voor de Hasselaren dat anderen ontzegd werd? Niet helemaal. Meer dan de helft van de reizigers (52,5 procent) die in Hasselt op de bus zitten komt van buiten Hasselt, vooral uit de aangrenzende gemeenten. Binnen Hasselt scoort Kuringen het hoogst (16,2 procent), maar dat is de volkrijkste deelgemeente. Het dichtbevolkte Runkst is tweede (9,9 procent). De chauffeurs van De Lijn merken dat vooral scholieren op de bussen stappen en op de marktdagen veel vrouwen. Uit het onderzoek blijkt inderdaad dat bijna een derde van de reizigers (31,2 procent) de bus neemt met bestemming de school. Evenveel mannen als vrouwen gaan ermee naar hun werk, terwijl jobs toch in meerderheid worden ingevuld door mannen. Om te gaan winkelen en naar de markt te gaan zijn de vrouwen talrijker terug te vinden op de bussen. Werd, zoals de Breese burgemeester Gabriëls vreest, massaal overgestapt van fiets op bus? Volgens dit onderzoek geldt dit slecht voor 12 procent van de nieuwe busreizigers. Negen procent ging vroeger te voet, 16 procent nam de auto. En de rest bleef thuis?

Als aanvulling op de gratis bussen komen er volgens het plan-Vanmuysen witte fietsen, zo geraakt eind april '98 bekend. Met een muntstuk als waarborg kan iedereen er gratis gebruik van maken. Vanmuysen denkt bij de start aan enkele honderden witte fietsen uit de voorraad door de politie "gevonden" fietsen. Ze staan op een tiental locaties binnen de grote ring, vastgeklikt met het winkel-kassa-systeem. Een mengeling van woede en ontgoocheling bij de CVP-er, die zijn licht opstak in Amsterdam en Kopenhagen, als op de gemeenteraad van dinsdag 28 april '98 burgemeester Stevaert het vaderschap van dit plan opeist. Hij zou zijn eigen, minder ambitieuze fietsenplan al maanden voorbereiden. Wie een fiets, uit onderdelen van gestolen fietsen ineengezet in een sociale werkplaats en gestationeerd in één van de fietsenstallingen, wil gebruiken toont zijn identiteitskaart en betaalt een borg. Stevaert: "Ik had er op 1 juli, de eerste verjaardag van de gratis bussen, mee willen uitpakken, maar omdat het in de pers verscheen is dat niet meer mogelijk".

De crème fraïche van de taart - Inhoud

1. Groene Boulevard - Inhoud

Als het gratis busvervoer de kers is, dan is de Groene Boulevard de crème fraïche en het openbaar vervoer de taart. De vondst kon voor Stevaert, die zich wil profileren als groene jongen met gezond verstand, niet opportuner. Voor die Groene Boulevard gebeurt in '96 studiewerk, maar de uitvoering start in '97. Voor Stevaert past dat project in een ruimere visie op ruimtelijke ordening en leefmilieu. Dusart- en Leopoldplein dienen als parkings maar na de realisatie van ondergrondse parkeergebouwen door privé-investeerders wordt tot een heraanleg overgegaan.

Op 25 juni '96 is minister van verkeer Baldewijns op werkbezoek in Hasselt om de laatste hand te leggen aan de Mobiliteitsovereenkomst met de stad. Volgens burgemeester Stevaert levert dat Hasselt honderden miljoenen op van de hogere overheden. Centraal staat de Groene Boulevard. Volgens Stevaert plande het vorige bestuur om die kleine ring weg te vlakken; zijn ploeg wil die herwaarderen. Niet nieuw is, dat er een enkele rijrichting voor het autoverkeer komt in tegenwijzerzin. Ter hoogte van bushaltes en kruispunten krijgen de bussen prioriteit.

Op die kleine ring komt om de vijf minuten gratis de boulevardpendel en de centrumpendel brengt de zwakkere weggebruikers elke tien minuten tot op de Grote Markt. Dat was de bedoeling maar vooral het jonge volkje maakt gretig gebruik van die centrumpendel. Ook rolstoelgebruikers kunnen die busjes comfortabel nemen, als ze tenminste niet eivol zitten. Bij de plannen hoort een verdere ontwikkeling van de invalswegen tussen de kleine en de grote ring. De grote ring mag geen toevluchtshaven voor hamburgertenten worden en moet het verkeer met een begrijpelijke signalisatie opvangen.

Buiten het Vlaamse Gewest zijn de partners voor deze convenant de Vlaamse Vervoersmaatschappij en De Lijn. De stad rekent verder op steun van het Europese EFRO en TERMI, dat met 40 miljoen fr. over de brug komt. Hasselt staat zelf in voor de sensibilisering van zijn bewoners en bezoekers.

Na de vakantie van '96 begint de sensibilisering voor de werken, die in maart '97 beginnen en twee jaar duren. Zo'n Groene Boulevard heet een must te zijn want op dat ogenblik is de grote ring rond Hasselt tien keer veiliger voor het verkeer dan de kleine. "Dat alleen zou een reden zijn om met de Groene Boulevard te beginnen, maar die kadert natuurlijk in een globale stedenbouwkundige visie", aldus Stevaert. De herinrichting van de kleine ring moet ervoor zorgen alle verkeer dat er niet thuishoort te weren. Een promenade zal de aantrekkelijkheid en de leefbaarheid van het centrum vergroten.

Voor alle vervoersvormen is er plaats: auto's die Hasselt willen bereiken maar niet doorkruisen, bussen, fietsers en voetgangers. Dat woon- en bestemmingsverkeer rijdt aan de binnenkant van de kleine ring. Op een centrale strook komt een dubbele bomenrij. Aan de buitenzijde kan het andere verkeer over twee rijstroken beschikken, met voorrang voor de bussen. De "groene golf" krijgt verkeerslichten die de bussen kunnen beïnvloeden. Het "groene busje" houdt elke vijf minuten halt aan de parkeerhaltes langs de ring. Aan de buitenkant bevinden zich voet- en fietspaden.

Het Dusartplein krijgt een ondergrondse parking voor minimum 2.000 wagens. Daarover zijn gesprekken aan de gang met privé-investeerders. Door het omleggen van de rijweg en het als een gordel van smaragd omcirkelen met een bomenrij lijkt het plein sterker aan te sluiten bij het stadscentrum. Dat zal ruimte bieden aan grotere evenementen zoals de kermis, de markt, optredens en festiviteiten. Door het accentueren van de stadspoorten vormen die herkenningspunten op de Groene Boulevard. Speciale aandacht gaat naar de culturele invulling en de promenade met Noorse esdoorns. Meteen laat het bestuur de riolering vernieuwen en moderniseren.

CVP-raadslid Vanmuysen kondigt op de gemeenteraad van dinsdag 17 september '96 aan dat zijn partij zich bij stemmingen in de gemeenteraad over de Groene Boulevard zal onthouden. "Wij krijgen als oppositie onvoldoende informatie om onze controlerende taak uit te oefenen", argumenteert hij. "Buiten de persmap moesten we het op de tentoonstelling hierover zelf uitzoeken". En op de vraag waarom zijn fractie afwezig bleef op een commissievergadering over die materie: "Toch niet om me nog een tweede keer te laten vertellen wat ik tevoren al in de media kon vernemen".

Vanmuysen maakt er zich ook druk over dat de Italiaanse architect Rossi werd aangewezen om het concept van drie locaties op de Groene Boulevard te ontwerpen en dat tegen een ongewoon snelle betaling. Een half miljoen bij de ondertekening van het contract en nog eens zoveel bij de aflevering van de plannen.

Stevaert repliceert Rossi in de arm te hebben genomen voor een globaal concept. Belgische architecten kunnen dat naderhand verder invullen. En over zijn gebrek aan democratie: "Nergens worden de rechten van de oppositie zo maximaal gerespecteerd als hier in Hasselt".

Eind september '96 geraakt bekend dat van de rioleringsprojecten die het schepencollege indiende voor subsidiëring door de Vlaamse overheid 223 miljoen fr. werd goedgekeurd. Naar de riolering van de Groene Boulevard gaat 97,7 miljoen fr. Eddy Schuermans meent pluimen op zijn hoed te mogen steken omdat hij tevoren wees op de te vervullen formaliteiten bij minister Kelchtermans.

Bij de voorbereiding van de werken aan de Groene Boulevard eind januari '97 worden de 42 platanen op de Guffenslaan verplant. Vooraleer de Hasselaren weer op hun boulevard kunnen wandelen moet nog een hele (lijdens)weg afgelegd worden.

Dat grondige veranderingen aan de kleine ring (de R70, een rijksweg!) nodig waren was ook het vorige bestuur duidelijk. Het huidige bestuur verwijst nostalgisch naar de vroegere concerten op de kiosk van het Leopoldplein en het zondagse flaneren van de Hasselaar op "zijne" boulevard. Dat mag niet alleen meer gebeuren in de revues van Jules Kloek maar ook in de realiteit. Reëel is ook de onhoudbare verkeerssituatie, met een auto- en busverkeer dat dagelijks in een Gordiaanse knoop zit.

De promenade komt er, met een dubbele rij esdoorns en hemel-, tulpen- en lindebomen ter hoogte van de (verdwenen) stadspoorten. In totaal vervangen 131 bomen de 42 platanen, die herplant worden in de tuin van serviceflats, op het Vrijwilligersplein en in de deelgemeenten. De promenade wordt geflankeerd door een zone voor bewoners- en bestemmingsverkeer aan de binnenzijde en één voor openbaar vervoer en verkeersafwikkeling aan de buitenzijde. Fietsen mag in beide richtingen, maar het overige verkeer rijdt tegen de wijzers van de klok in.

De herinrichting gebeurt in drie fasen. Eerst wordt het gedeelte tussen de Maastrichterpoort en het kruispunt ring met Toekomststraat-Sint Jozefstraat aangepakt. Bij de start in maart '97 komt daar al meteen éénrichtingsverkeer en dat geldt spoedig voor de ganse kleine ring. De eerste fase eindigt in september '97 en kost ongeveer 100 miljoen fr., waarvan Hasselt één vierde draagt.

De tweede fase omvat het 1050 meter lange gedeelte tussen Luikerpoort en Kanaalkom (uitvoering tussen november '97 en november '98). Die laatste datum is meteen ook het einde van de derde fase met werken tussen de Kanaalkom en het Dusartplein, die aanvangt in maart '98.

De CVP-oppositie heeft kennelijk moeite met de benaming "Groene" Boulevard. Die groene tint is volgens raadslid Ivan Vanrijkel bedoeld om de pil te vergulden. "De kleine ring was vooral bestemd voor het auto- en busvervoer en dat blijft zo, of men dat nu graag wil of niet". Maar ook de fasering krijgt kritiek. Vooraleer de kleine ring aan te pakken moeten voor zijn partij de invalswegen in orde zijn en de grote ring uitgerust met conflictvrije, op elkaar afgestemde lichten. De ontwerpers zouden zelf niet in het reine zijn met talloze problemen die de herinrichting stelt, beweert Vanrijkel aan de hand van een studie van het verantwoordelijke ingenieursbureau LIBOST. Over de rijrichting van belangrijke aders als de Demerstraat of het ronde punt aan het samenkomen van Luiker- en St-Truidersteenweg is er in dat document, daterend van enkele maanden eerder, geen uitsluitsel.

Vanrijkel: "De werken aan de kleine ring zorgen sowieso voor chaos en overlast voor de middenstand. Die chaos dreigt echter door deze aanpak zo enorm te worden dat Hasselt er een onherstelbaar slecht imago aan overhoudt. De aantrekkingskracht van de stad komt in het gedrang".

Dat de werken zo snel mogelijk moeten aangevat worden om niet langs subsidies van de hogere overheid te pakken, klopt volgens zijn collega Schuermans niet. Zo is er in Hasselt nog meer dan genoeg riolering aan te leggen waar toelagen van minister van leefmilieu Kelchtermans naartoe kunnen. Diens collega Baldewijns kan dan weer de geldkraan opendraaien voor de werken aan de grote ring en de invalswegen. Later kan het Vlaamse geld dan naar de herinrichting van de kleine ring gaan, waarvan de CVP-ers fervente voorstanders zijn mits die op het geëigende moment komt. Dat de werken aan de kleine ring de Hasselaren niks kosten vindt Schuermans een goedkoop fabeltje, dat dan nog door De Nieuwe Hasselaar, het informatieblad van de stad, verspreid wordt. "Voor de eerste fase keurde de gemeenteraad al 55 miljoen frank goed en hoeveel gerecupereerd kan worden van de hogere overheid valt af te wachten. Voor de parking aan de Japanse tuin zou er ook EFRO-steun komen waarvan we niets gezien hebben".

Totnogtoe onthield de CVP zich bij stemmingen over dit project in de gemeenteraad wegens onvoldoende informatie. Voortaan stemt die fractie consequent tegen.

Op de gemeenteraad van 25 februari '97 trekt de CVP al deze registers open, in het besef dat Stevaert en zijn ploeg op deze Groene Boulevard zullen afgerekend worden. De SP-fractie herinnert eraan dat de huidige oppositie voor enkele jaren zelf plannen smeedde voor de herinrichting van de kleine ring.

Bij de aanvang van de werken kondigen grote panelen de weggebruiker bij het binnenkomen van Hasselt aan welke weg die best kan volgen. De omleidingssignalisatie wordt aangebracht en de binnenstad afgesloten. Om de vijf minuten komt er een groen busje dat eerst de kleine ring aandoet en vanaf juli het traject van het station naar de Grote Markt via de Diesterpoort verzorgt.

Bij die werken voegen zich vanaf half maart die aan de St-Truidersteenweg wat de verkeerssituatie rond Hasselt nog problematischer maakt. Die duren 120 dagen en verlopen parallel met fase één van de kleine ring. Die viel tot dan best mee.

Om de Hasselaren op de hoogte te houden van het vorderen van de werken krijgen ze een tweemaandelijks Boulevardjournaal toegestuurd. Tevoren kregen de inwoners van de Guffenslaan en de belendende straten, die het meeste overlast ondervonden, al een infoblad in de bus. Het netwerk van leidingen aan de Maastrichterpoort blijkt ingewikkelder dan verwacht zodat de werken enkele dagen vertraging oplopen. Daar deed zich ook een grondverzakking voor. In mei '97 raakt bekend dat gemiddeld 1100 personen dagelijks gebruik maken van het groene pendelbusje en op marktdagen zelfs ruim 2000.

Over de kostprijs van de Boulevard-bomen circuleren verschillende bedragen en op de gemeenteraadszitting van 25 november '97 wil de CVP-er Vandeput nu wel eens weten hoe dat precies zit. Is het in totaal zestig of tachtig miljoen fr? Volgens Vandeput talmde het stadsbestuur te lang door eerst esdooms van zeven meter en vervolgens van negen meter hoog en 40 tot 50 cm. omtrek te willen. Omdat het antwoord van het Vlaams Gerwest op deze wijziging op zich liet wachten ging het stadsbestuur alvast tot de aankoop over en zo kon het de 4 miljoen fr. aan tussenkomst van de hogere overheid vergeten.

In het kostenplaatje van schepen Stockmans gaat het over 105 bomen, die geleverd en geplant 5,5 miljoen fr. kosten. Voor de volgende 269 wordt dat 7 miljoen fr. Maar in die berekening zijn de bomen op de invalswegen en aan de poorten niet begrepen.

Op de gemeenteraadszitting van half december '97 zegt de CVP-er Vanrijkel dat de "georchestreerde hoera-stemming" bij de handelaars inmiddels plaats maakte voor bezorgdheid.

Het gedeelte aan de Guffenslaan vindt hij mooi ogen en de verkeersmoeilijkheden werden beperkt door het gratis busvervoer, maar het duurde te lang en hij vreest wildparkeren aan de Maastrichterpoort. Dat het kruispunt van het Leopoldplein, waar geen rond punt komt, 1550 voertuigen per uur moet verwerken, terwijl de boulevard in de bocht ervoor versmalt van twee rijstroken naar één, vindt hij gegarandeerd moeilijkheden zoeken. Burgemeester Stevaert verwacht nog meer last -"daarvoor moet ge geen glazen bol hebben"- maar eigenlijk gaat het om een aangelegenheid van het Vlaamse gewest en maakt het bestuur van de kans gebruik om de versleten netten van waterleiding en riolering te vernieuwen. Stevaert: "We zijn geen betalende en bepalende overheid zoals komend jaar bij de vernieuwing van de Demer- en Hoogstraat. Bij de werken aan de Groene Boulevard werden ultra-korte termijnen toegepast. Die nog verkorten betekende in de onwettigheid terecht komen".

Na de vernieuwing van het Dusartplein tussen augustus '98 en juli '99, met de bouw van een ondergrondse parking, komt daar het Monument der Gesneuvelden. Dat van de Boerenkrijg en de kiosk nemen weer hun oude plaats in op de Groene Boulevard, zo belooft althans cultuurschepen Gysens. Het Boerenkrijg-monument komt weer op de kop van de Koning Albertstraat, waar nu een fontein staat. Als het weg is van zijn centrale plaats op het Leopoldplein is daar meteen weer plaats voor de oude gerestaureerde kiosk, die naar het Kapermolenpark verhuisde. Maar zo'n vaart zal het niet nemen. De oude kiosk blijft waar ze is en op het Leopoldplein komt een nieuwe versie. Eind april '98 sneuvelt het monument der gesneuvelden om te herrijzen op het Dusartplein. Op zijn vroegere lokatie -het kruispunt op de Schiervellaan met de Bampslaan en de Havermarkt- komt een belangrijke voetgangersoversteek, een dito bustoegang tot het station én het busstation Diesterpoort.

Midden februari '98 maakt burgemeester Stevaert bekend dat hij de Groene Boulevard artistiek bevlagd wenst te zien. Daarvoor zal het stadsbestuur de nodige vlaggemasten aankopen. Zijn inspiratie haalde hij deels uit het Virga-Jesse gebeuren in eigen stad, deels in Barcelona. Volgens hem worden zo ook een aantal nadelen van aangeplakte affiches omzeild en het zal niet duurder uitvallen. De vlaggen kondigen culturele en andere manifestaties aan, artiesten kunnen er hun creativiteit op botvieren. Buiten het inpakpapier van slagers en bakkers is de vlag een geschikt medium waarop dichters hun inspiratie kwijt raken tijdens het oktoberse poëzie-evenement.

Enkele werken werden uitgesteld om de halfvastenstoet langs de Boudewijnlaan te laten trekken. Eerder had voorzitter Jos Claes van het Feestcomité voorgesteld om de stoet op die laan op te stellen en het publiek er langsdoor te laten trekken.

De laatste dag van februari '98 wordt het door Gerard Moonen gemaakte standbeeld van de Hasselaar Adrien de Gerlache op de Groene Boulevard -tussen het college en het atheneum-ingehuldigd. Biograaf Jozef Verlonden noemt hem "de grootste Belgische ontdekkingsreiziger ooit". Hij overwinterde als één van de eersten op Antarctica en ontdekte een 200 kilometer lange zeestraat. In december '98 valt de beslissing op die vernieuwde kleine ring ook een beeld van dokter Willems door Luc Steegen en een evocatie van de Demer door Piet Stockmans te plaatsen.

Op 26 maart '98 komt er eenrichtingsverkeer op de Groene Boulevard en dat valt best mee, ook wegens de uitvoerige inlichting van de weggebruikers via de media. Alleen de Kuringersteenweg richting Hasselt was door de chaos een ramp. Wie via het station en de Bampslaan op de kleine ring wilde geraken stuitte op het omgekeerde eenrichtingsverkeer op de Bampslaan. "'t Is maar door in een verkeersfile vast te zitten dat mensen beginnen na te denken", ondervindt coördinator Mare Verachtert. "De chauffeurs die op de Koningin Astridlaan in de file zitten moeten zich toch eens afvragen of ze inderdaad op de kleine ring moeten zijn. De drie grote invalswegen zijn de Slachthuiskaai, de Koning Boudewijnlaan en de St-Truidersteenweg en daar waren geen files". Het stadsbestuur vraagt aan de gemeenteraad van half september '98 om fase 3B, het gedeelte van het Dusartplein, te mogen aanvatten. Zo krijgt Hasselt volgens zijn burgemeester "het grootste gat van Limburg".

Later volgt nog de aankondiging van het stadsbestuur dat er op de Groene Boulevard een aantal kiosken komen. De uitbaters zouden bloemen, snoep, fruit en speelgoed verkopen.

2. Jos Ghysen en de Groene Boulevard - Inhoud

Nostalgie en heimwee naar vervlogen tijden zijn zeker niet vreemd aan het concept van de Groene Boulevard. Maar dat die romantiek terugkeert gelooft Hasselaar Jos Ghysen bij de jaarwende '97-'98 niet. "Wat voorbij is, is voorbij en dat haal je met nog geen 600 miljoen fr. terug", meent hij. Over het boulevardbusje: "Je zit met de auto altijd achter dat kleine busje en geraakt er niet achteruit. Als die bussen geen apart circuit krijgen dan wordt het een soep". Wat de gratis bussen betreft: "Ik zou wel's de cijfers willen zien van het publiek dat ermee rondtsjoefelt. En of de overheid dat financieel kan blijven trekken".

Overigens vindt hij de Groene Boulevard wel een puik idee, al kost dat geld. "Het moet natuurlijk meer zijn dan een slogan. Zestig miljoen frank alleen voor de bomen? Ja, groen wordt onbetaalbaar. Maar als die zestig jaar meegaan is dat natuurlijk nog maar één miljoen per jaar".

Dat er beelden zoals dat van Zuidpoolvaarder de Gerlache op de boulevard komen, daarvan heeft hij geen weet. En of het zijne daar tussen hoort? "Nee, dat hoeft niet want ik heb niets dat equivaleert met overwinteren op de Zuidpool. Zo'n standbeeld kan trouwens heel gevaarlijk zijn. Kijk maar naar dat van Armand Preud'homme dat ze in de lucht geblazen hebben. En dat van Alfons Jeurissen op de hoek van de Toekomststraat is verdwenen. Weet gij waar dat naartoe is? Soms doet het ook raar aan, zoals dat van Roppe in de Toekomststraat. Die is enorm gegroeid sinds hij dood is. Ik denk dikwijls dat het zijn oudere broer is".

Vroeger moest hij twee keer per dag langs de boulevard, van het ouderlijk huis op de Maastrichtersteenweg naar het college op de Guffenslaan. "Ik herinner me de kastanje- en de lindebomen. Je kon midden op straat spelen want er waren bijna geen auto's. Met auto's is geen romantiek mogelijk, tenzij we allemaal met old-timers rijden. Ik ben al blij met wat groen".

3. Demerstraat bleef achter - Inhoud

De handelaars van de Demerstraat kiezen zelf hoe hun straat heringericht wordt. In het voorjaar van '97 starten de werken. Erevoorzitter Paul Claes, voorzitter Ady Franssen en ondervoorzitter Kris Antonissen van het Handels- en Feestcomiteit Demerstraat trokken naar burgemeester Stevaert met de vraag om zelf een bureau te mogen aanduiden. Ze klagen dat het vorige stadsbestuur het centrum tiptop in orde zette maar daarbij hun straat, gelegen op de belangrijkste winkelas, "vergat". Daardoor ziet vooral het gedeelte dat aansluit op de Kempische Steenweg er verwaarloosd uit.

Stevaert verheugt er zich over, een deel werk en verantwoordelijkheid te kunnen afschuiven. Maar de meerderheid van de handelaars en de bewoners moet akkoord gaan.

Het ontwerp van Buro Landschapsplanning Stedebouw en Techniek uit Maaseik werd na een hoorzitting nog gewijzigd. De ganse straatbekleding bestaat uit klinkers van verschillende kleur, maar de bloembakken aan de terrassen en de reclamepanelen boven de straat verdwijnen. Een aantal bomen en banken én de kosten van het studiebureau komen voor rekening van het comité. De detailplannen en werken zelf, met indien nodig een nieuwe riolering, bekostigt de stad.

Het bestuur schrok wel even van het voorstel van de handelaars en de bewoners om de parkeerplaatsen volledig te doen verdwijnen. Eerder lagen de handelaars precies daarvoor dwars. Nu zien ze in dat collega's en een handvol klanten de plaatsen ganse dagen innemen. Liever laad-en losplaatsen die op termijn ook verdwijnen.

Om het verdwijnen van parkeerplaatsen in het winkelcentrum te compenseren overweegt het bestuur het invoeren van winkelwagens en de aanmoediging van fietsend winkelen.

De bewering van het stadsbestuur dat de bewoners van de Demerstraat een "concensus" bereikten over een plan voor hun straat wordt door de CVP-er Vanrijkel tegengesproken. Dat de handelaars zelf meebetalen aan banken en lichtarmaturen ontkennen zijn bronnen. Burgemeester Stevaert vindt het positief dat de handelaars zelf voorstellen het aantal parkeerplaatsen te verminderen. Als ze hun financiële bijdrage weigeren moeten de zaken "herbekeken" worden.

Half januari '98 maakt burgemeester Stevaert bekend de Demerstraat aan de aannemer te willen verhuren tijdens de werken die in het voorjaar starten. Volgens hem heeft dit twee voordelen. De aannemer kan verschillende werken tegelijk uitvoeren en zijn eigqn zaken beter plannen. Als de aannemer de straat moet huren heeft hij er bovendien alle belang bij om de werken zo snel mogelijk af te ronden.

Aannemer Caubergs betaalt minstens 600.000 fr. voor de huur van de Demerstraat-Hoogstraat. Voor elk gedeelte van het wegvak dat opgebroken wordt of waarvoor de nieuwe wegverharding nog niet uitgevoerd is, bedraagt de te betalen dagelijkse vergoeding 20 frank per vierkante meter. Een vertegenwoordiger van de Technische Dienst controleert dit elke werkdag om 17 uur. "Het is ongunstig en we werden het slachtoffer van onze goodwill", meent bedrijfsleider Caubergs van de nv Limasco uit Heusden-Zolder". Wat hem vooral stoort is zijn afhankelijkheid van de nutsmaatschappijen, die de leidingen voor water, gas en electriciteit aanleggen. Stevaert triomfeert: "Op de heraanleg van winkelstraten als deze breek je als stadsbestuur anders de tanden. Normaal waren er hier zwarte vlaggen, nu is er koffie en speculaas op de wekelijkse vergaderingen". Toch is het volgens hem niet de bedoeling dat de stad hier geld "uitklopt". "Maar het kan toch niet dat een aannemer die voorstaat op zijn werkschema in een dergelijke winkelstraat vertraagt en elders gaat werken".

Eerder deed CVP-er Vanmuysen al voorstellen om de overlast bij openbare werken te beperken. Hij stelde aan de gemeenteraad van 28 mei '96 een gedragscode in dat verband voor.

Stadsbestuur, opdrachtgevers en aannemers moeten er zich in de toekomst aan houden. Hij herinnert daarbij aan de ellende die de omwonenden nabij Bigg's, aan de Koningin Astridlaan en aan het kruispunt van de Kuringersteenweg aan de Grote Ring ondervonden.

Wil de ware OCMW-voorzitter opstaan? - Inhoud

Begin december '95 is er sprake van de afschaffing van de warme maaltijden. 450 mensen eten regelmatig een OCMW-maaltijd aan 100 tot 250 frank en het OCMW begroot de kosten van die dienst op 16,5 miljoen fr. in '96. Vandaar dat de bedeling door een privé-firma zal gebeuren. Het vorige OCMW-bestuur overwoog de weekend-maaltijden op vrijdag diepgevroren aan huis te brengen, het huidige wilde dat zelfs voor een hele week doen. In april '96 valt de beslissing vacuümmaaltijden voor het ganse weekend te bezorgen, die door de bejaarden en gehandicapten zelf moeten opgewarmd worden in een microgolf (zo'n 350 gebruikers). Zo wil het OCMW het verlies voor die post terugbrengen tot jaarlijks 7,5 miljoen fr. Daardoor is die dienst ook niet verplicht de 14 vastbenoemde ziekenhuishelpers, die voor de bedeling zorgen, elders in te schakelen. De CVP verwerpt dit "omdat de bejaarden het contact met de ziekenhelpster zullen missen", "'s Zondags zitten de senioren voor prak van twee dagen oud", verwoordt OCMW-raadslid Johan Huygen het zonder franjes.

Volgens die partij werd de meerderheid ook herhaaldelijk teruggefloten door de Provincie "omwille van twijfelachtige aanstellingen en verregaande administratieve slordigheden". Vandaar kon een nieuwe directeur verpleging in het VJZ niet statutair benoemd worden.

Voor 1996 staat in de OCMW-begroting een stadstoelage van 229 miljoen fr. ingeschreven. Ongeveer de helft daarvan gaat naar bejaardenzorg. In totaal bedraagt die begroting 810 miljoen: 47 procent voor personeels- en 16 procent voor werkingskosten; 30 procent dient voor directe steunverlening (bestaansminimum, vluchtelingen, bejaarden, steun).

Het Hasseltse OCMW stelt in '94 in de sociale werkplaats HOPC in Heusden-Zolder (met zijn goedkopere terreinen) 74 personen tewerk. Het gaat vaak om de trekkers van een bestaansminimum, die door hun tewerkstelling van de sociale zekerheid konden genieten. Ze hebben ten hoogste een A3-niveau en een aantal zijn gehandicapt. De twee afdelingen -viltbewerking en zitmeubelen- tellen samen een oppervlakte van 2500 m2. Met de algemene malaise in de meubelsector raakt HOPC in '96 in de problemen en begin november is de sociale werkplaats officieel in vereffening.

Bij de officiële opening van de stedelijke serviceflats De Gouden Regen midden oktober '96 staat al vast dat die binnen twee jaar overgedragen worden aan het OCMW. Zo vermijdt het bestuur dat ook de dienst Welzijn er zich mee moet bezig houden. De kostprijs voor de dertig flats bedroeg tachtig miljoen fr., waarvan de hogere overheid zestig miljoen draagt.

Elke Hasselaar draagt in '97 3.533 fr. bij aan zijn OCMW. Dat is zo'n 2.000 fr. minder dan de Genkenaar aan het zijne. OCMW-voorzitter Descamps schrijft dat toe aan besparingen in het rusthuis Zonnestraal -dat eind van het jaar bij zijn 210 bedden 60 RVT-bedden krijgt- en bij de bedeling van warme maaltijden.

In '97 werden via OCMW-Hasselt 77 personen tewerkgesteld in het reguliere arbeidscircuit. Bovendien kwam er een erkenning bij als bureau voor kosteloze arbeidsbemiddeling.

Willem Descamps is de eerste drie jaren OCMW-voorzitter, vanaf 1 april '98 neemt Frank Vandenhoudt over. Dat was de overeenkomst binnen SP-Hasselt. Maar bij het naderen van die datum maakt de voorzitter geen aanstalten om te vertrekken. Integendeel, in zijn agenda staat dat hij de Socialistische Vrouwen half april in het VJZ zal rondleiden. "Als de druk van bovenaf niet te groot wordt blijft hij", verzekeren insiders.

Als compromis komt begin april '98 een duo-baan uit de bus. Descamps maakt plaats voor Vandenhoudt, maar blijft wel voorzitter van het Virga Jesse Ziekenhuis. Commentaar van Stevaert: "Er werd een afspraak gemaakt tussen twee socialisten en socialisten houden hun woord". Vooral als ze daartoe gedwongen worden, want het VJZ maakt zowel qua budget als qua personeelsaantal het leeuwendeel van het OCMW uit. Officieel noemen de twee voorzitters deze vondst "een verrijking, geen verarming" en ze poseren zelfs samen voor de fotografen. Vandenhoudt, die in elk geval een miljoen per jaar opstrijkt plus zicht op een riant pensioen, zegt sportief dat het niet opgaat de door zijn voorganger opgebouwde dossierkennis verloren te laten gaan. Maar ja, dan hadden ze bij de coalitiewissel ook de CVP-er Toon Moesen niet mogen laten gaan. Vragen die blijven: zal de wedde tussen de twee verdeeld worden? En de pensioensanciënniteit? Er blijft duidelijk nog ruimte voor creatieve oplossingen. Die worden ook gevonden. De VJZ-voorzitter ontvangt geen wedde, maar CVP-Hasselt brengt uit dat de advocaat Descamps een maandelijkse onkostenvergoeding van 25.000 fr. en een dienstwagen krijgt. "Onaanvaardbaar", vindt de CVP, die van een vaudeville spreekt. Thierry Germys, één van de vijf CVP-ers in de OCMW-raad, wijst op de 19.000 fr. maandelijks waarmee een bestaansminimumtrekker het moet stellen. Na drie jaar houdt de constructie ook op te bestaan, tenzij dit het ei van Columbus blijkt voor een job waarvoor te veel gegadigden zijn.

Na een bijeenkomst van de OCMW-raad luidt het in een communiqué: "De meerderheidspartijen hebben unaniem als optie genomen te streven naar een verzelfstandiging van het VJZ". Het ironische was dat eigenlijk alleen de SP tevoren tegen die verzelfstandiging was. VLD-raadslid Frank Bekkers verklaarde zich steeds pro om een beter management en minder politieke inmenging te krijgen.

Op de gemeenteraad van 26 mei '98 stelt de CVP-er Schuermans: "Eerst moet er een nieuwe toekomstvisie op het OCMW zijn, pas later de personele invulling". Maar volgens Stevaert kan de OCMW-voorzitter een raadslid als Descamps aanstellen tot voorzitter van een beheerscomité, in casu dat van het VJZ. Stadsbestuur en gemeenteraad moeten zich daar niet mee bemoeien en de burgemeester wil daarover zelfs geen tussenkomsten meer toestaan.

Het VJZ stevent volgens Eddy Schuermans in '98 af op een tekort van 120 miljoen fr. "Zonder goede afspraken en samenwerkingsverbanden kunnen de Hasseltse ziekenhuizen zich geen topapparatuur meer aanschaffen en geen topdiensten meer leveren", meent hij. "Als er in het zuidoosten van de provincie een hergroepering van ziekenhuizen komt en bij ons niet zitten we in slechte papieren". Op de gemeenteraad van september '98 waarschuwt schepen Reynders dat de heibel over de tekorten het VJZ een slechte reputatie bezorgt bij de publieke opinie. Burgemeester Stevaert zegt begrip te kunnen opbrengen voor het Sint-Franciscusziekenhuis uit Heusden-Zolder dat zijn eigenheid wil bewaren en pleit voor de verzelfstandiging van het VJZ, dat beter zijn pluralistisch karakter kan behouden dan een stuk authenticiteit te verliezen in fusieoperaties.

Als ergens de kas letterlijk leeg is dan wel bij het VJZ begin '96. Bij de vernieuwing van de facturatiedienst in het VJZ liep het in '95 zodanig mis dat bij het factureren achterstanden van vijf tot zes maanden werden opgelopen waar dat normaal maximum veertig dagen is. Met te ontvangen miljoenen in de "pipe-line" liepen de financiële verplichtingen gewoon door. Om dat te overbruggen moest een kwart miljard fr. kaskrediet opgenomen worden. Dat door te lenen bij de ASLK in plaats van bij het Gemeentekrediet 13 miljoen fr. zou gespaard zijn was een magere troost. De beheerders overwogen Trasys, dat instond voor de vernieuwing, gerechtelijk aan te pakken, maar omdat deze dochter van Tractebel bereid was kortingen toe te staan en opties niet door te tellen kwam het tot een akkoord.

Het Virga Jesse Ziekenhuis investeert in '97 voor een recordbedrag van 560 miljoen fr. Op de bezoekersparking komt een systeembouw op pijlers. Tijdens de tien jaar dat die dienst doet kunnen de kamers voor patiënten vernieuwd worden.

De pastoor die zomaar bij een patiënt in het ziekenhuis komt binnenwaaien. Voortaan mag dat niet meer in het VJZ dat de wet op de privacy vanaf half maart '97 strikt toepast.

Alhoewel ze eerder op vrijersvoeten waren, raakt in november '97 bekend dat het St-Franciscusziekenhuis, een privé-ziekenhuis met 229 bedden, niet met het Virga Jesse Ziekenhuis fusioneert. Het VJZ had duidelijk moeite met de strikte interpretatie die de gesprekspartner uit Heusden-Zolder gaf aan "de christelijke waarden die gehandhaafd moesten worden" en die in sommige kringen uitgelegd werden als het bekennen van politieke kleur. Voor de andere coalitie die in het Hasseltse stadsbestuur -en dus ook in de OCMW-raad- tot stand kwam, was dat onaanvaardbaar.

Een samenwerking met het Tongerse Vesaliusziekenhuis komt nu makkelijker te liggen. Beide ziekenhuizen (Virga Jesse 567 bedden, Vesalius 379 bedden) tekenen midden februari '98 een overeenkomst om hun samenwerking nog uit te breiden. Dure toestellen en personeelseffectieven kunnen efficiënter benut worden.

In augustus 2000 zet het Salvatorziekenhuis, dat eerder samensmolt met het Sint-Ursula-Ziekenhuis in Herk-de-Stad, een belangrijke stap naar een fusie met het Sint-Franciscusziekenhuis in Heusden-Zolder. Dat samengaan van de Caritas-ziekenhuizen zet kwaad bloed bij de beheerders van het Virga Jesse Ziekenhuis. "Ooit moeten de Hasseltse ziekenhuizen toch fusioneren", meent VJZ-voorzitter Descamps. "Maar deze beslissing hypothekeert de Hasseltse gezondheidszorg".

Zwarte bladzijden tot in revues - Inhoud

1. Rouwen om An en Eefje - Inhoud

"De gemeenteraadszittingen zijn tegenwoordig op minder dan een uur afgelopen", zegt voorzitter Vandeput van CVP-Hasselt in augustus '96. "De enige punten, die op de agenda staan, is wat wij vroeger al op sporen zetten".

De geplande gemeenteraad van dinsdag 3 september '96 was al na vijf minuten afgelopen, maar dan om heel andere redenen. De gruwelijke waarheid omtrent het ware lot van An en Eefje geraakt bekend. "Het is onvoorstelbaar dat we hier over centen gaan praten na hetgeen we vandaag vernomen hebben", zegt burgemeester Stevaert, in éénklank met de fractieleiders die hij net tevoren bij zich riep. Sommige aanwezigen volgden de zaak al ruim een jaar en ieder verwerkt dat op zijn eigen wijze. Een rode politica arriveert in tranen op het stadhuis, anderen -niet minder aangegrepen- waarschuwen toch voor massahysterie. Kunstenaar Ivo Konings besluit een gedicht te schrijven om aan de getroffen families te sturen. De burgemeester geeft de opdracht de witte vlaggen van de hoop halfstok te hangen. Bij een foto van An en Eefje kan de bevolking de volgende dagen het rouwregister ondertekenen.

2. De Koerden - Inhoud

Vanaf 21 december '97 gaan vijftien Koerden in de Chirolokalen aan de Runkstersteenweg in hongerstaking. Ze hopen daarmee gehoor te vinden bij het stadsbestuur en de minister van binnenlandse zaken Van de Lanotte. Eerst zijn ze met twaalf, maar een drietal uit het zuiden van Limburg sluit zich daarbij aan. Stevaert, bisschop Schruers en SP-volksvertegenwoordiger Jef Sleeckx beloven langs te komen. Hugo Van Rompaey (CVP) gaat de actievoerders enkele dagen vervoegen. De actie duurt minstens tot Kerstmis. De actievoerders hopen dat burgemeester Stevaert niet optreedt, ondanks het uitwijzingsbevel dat één Koerdisch gezin al bereikte.

"De dag dat deze mensen uit het land worden gewezen neem ik ontslag uit de CVP", zegt Van Rompaey, die zich al jaren met de Koerdische zaak bezighoudt en een emotionele oproep aan Dehaene richt. Samen met Sleeckx dreigt hij niet langer de Vlaamse regering te steunen zodat die haar meerderheid in het parlement verliest. Normaal roepen de media in zo'n geval moord en brand, maar in deze eindejaarsperiode blijft het hierover opvallend rustig. Politici als Stevaert en Vandeurzen, die maar al te graag in de schijnwerpers staan, komen zo onopvallend mogelijk langs. Een plaatselijke sympathisant houdt een notaboekje met de giften bij en toont discreet de naam Stevaert met daarachter 10.000 fr. Hij heeft liever dat zijn kiespubliek er geen weet van heeft.

Als op 9 januari een fakkeltocht het succes van de hongerstaking demonstreert, beseffen de deelnemers een veldslag te hebben gewonnen, niet de oorlog. Op het Hasselts stadhuis neemt burgemeester Stevaert een schrijven van de Koerden en hun sympathisanten aan, waarin ze aandringen op een herziening van de asielwetgeving. Aan Sleeckx, de laatste dagen vaak in Hasselt, vraagt Stevaert ongerust: "Jef, gij komt toch niet in Hasselt wonen, hé?"

De Chiro-jeugd die drie weken haar vijf lokalen afstond, krijgt vanwege de Koerden een tractatie aangeboden met taart en witte wijn.

3. De revues van Verheyden - Inhoud

Tussen Pierre Verheyden en Piet Jaspaert zijn aardig wat parallellen te trekken en niet alleen qua voornaam. Beiden zijn inwijkelingen met een uitgesproken katholiek etiket maar Verheyden profileert zich ook partijpolitiek nadrukkelijk en leidt zelfs de desastreuze verkiezingscampagne die Roppe zijn kop kost. Ze maken ook alle twee carrière in de bankwereld, Pierre bij de Generale Bank, Piet bij de KB, later KBC. En de Hasseltse dialectrevues die Jaspaert nieuw leven inblaast, krijgen bij Verheyden een vervolg, zij het zonder de grote namen. Toch blijven ze merkwaardig voor Pierre uit Lanaken en Piet uit Zulte, die geen van beiden Hèssels kennen, maar het belang van dat dialect voor het Hasselaar-gevoel gepast aanvoelen.

Verheyden blaast eerder het terminale Hasselts Operettengezelschap, dat al lang geen operettes meer opvoert maar dialecttoneel brengt, nieuw leven in. Met gelijkgestemden broedt hij op het idee om een waardig vervolg te breien aan de populaire Hasseltse revues. Met "Hasselt op ne Pjeedestal" zet hij in '88 de nieuwe reeks in. Het gevierde kleinkunsttrio van weleer Ghysen-Verbeeck-Cools voelt zich niet meer geroepen, de enthousiasmerende Van Heesvelde is overleden.

Het KHOG zoekt buiten de eigen kopstukken het ontbrekende talent in andere Hasseltse liefhebbersgezelschappen. Luc Driesen en Guido Joris componeren dertien nieuwe melodieën, de teksten komen van Frieda Van Loo, Boudewijn Knevels en Jean Beulen, voor de overweldigende decors staan Francis Vannerum en zijn ploeg steeds weer borg. Als zangeres treedt Chantal Van Lee op, die het als Dana Winner nog helemaal moet maken. Onder de toeschouwers Hasselaar Jean Gillissen, speciaal uit Zuid-Afrika overgevlogen. Regisseur Cyril Vandereycken, die 160 medewerkers in goede banen moet leiden, laat bij de finale zelfs vuurwerk aanrukken. Verheyden belooft om de vier jaar met een nieuwe revue uit te pakken. Een formidabele prestatie zonder de CCH-machine achter zich. Hij moet zich zelfs reppen om zijn speeldata vast te leggen en door te geven want die doorkruisen de eigen CCH-programmatie wat hem niet in dank wordt afgenomen. Maar de doorzettende bankier redt het en in schrikkeljaar '92 volgt "Van Anneke Djat tot Eurostad" naar een verhaal van Jean Beulen.

Vanaf dan neemt Armand Schreurs, die in vorige revues met zijn poppen optrad, als tekstschrijver over en dat gebeurt niet probleemloos. Zo voert Armand in "Hasselt és te kleen" niet alleen kolonel Dusart op, in strijd met de "boeren" uit zijn omgeving, maar ook typisch Hasseltse figuren als melkboer Soi en fotograaf Bartok, still alive and kicking. Omdat Bartok hardhorig is en Armand dat uitspeelt spreekt Verheyden, die herrie vreest, eerst de man zelf aan om zijn fiat te bekomen.

Omdat die weinig happig is, wordt vervolgens met meer succes zijn zoon gepolst. De liedjes "Boemme op Genk" (op de tonen van "Allemaal Beestjes") en "Dolle Pola" (op die van "Dolce Paola") geraken zonder kleerscheuren door de censuur.

Maar in 2000 is het opnieuw goed raak bij "Hasselt, doa mut dje zèn". In het andere Hasselt, dat zuidpoolvaarder de Gerlache op zijn weg terug sticht, staat de auto centraal en een door tweedehands Mercedes-verkoper Frans Billen geïnspireerde figuur speelt er de patron. Ook hier grijpt Pietje Precies in om de scherpste kanten af te vijlen.

Op aandringen van Willy Claes duurt het maar twee jaar vooraleer de volgende revue er aankomt. Het gaat onder de titel "Moe ès ten tèèd" om een herbewerking van "the real stuff", de drie vroegere revues van Ghysen-Verbeek-Cools die ook weer meewerken. De succesliedjes blijven, maar door de medewerking bij de uitvoering van het kathedraalkoor onder leiding van Ludo Claesen verhoogt het professionalisme.

De nieuwe tekst van Jos Ghysen zorgt voor opschudding. In aanwezigheid van het stadsbestuur -met dienstdoend burgemeester Reynders maar zonder zijn titelvoerende collega Stevaert die op reis toog- sneert Ghysen, wiens appartement eerder zonder zijn toestemming werd leeggehaald, dat "in elk huis in Hasselt wel's ingebroken is". Niet bepaald een pluimpje voor het met Veiligheidscontracten zwaaiende bestuur. Maar in een sketch met drie Hèsselossen na de pauze krijgt de conversatie een racistische geur en kleur. Eén van hen kon drie nachten niet slapen van de stank van een tapijt dat haar man in Turkije kocht. De thee die ze er dronk bezorgde haar een dagenlange diarree. "Mogen we nog lachen?" reageert Ghysen na de voorstelling. Maar de humor in het verhaal over de vrouw die de trap van het appartementsgebouw niet meer opdurft omdat er Albanezen wonen is toch moeilijk aan te tonen. Willy Claes praat op voorhand in café Vogelsanck uren in op Ghysen om sommige passages te schrappen, maar die weigert halsstarrig. Ook regisseur Jan Verbiest gaat niet akkoord, maar niemand durft het project hierop te laten springen.

Tijdens de première-voorstelling verlaat Freya, de dochter van schepen Ivo Konings, ostentatief de schouwburg, gevolgd door haar vader. Schepen Brigitte Smets volgt. Burgemeester Reynders blijft zitten, maar geeft Verheyden na de voorstelling een uitbrander van formaat.

De morgen erna liggen de kaarten heel anders. Pierre Verheyden beweert dat burgemeester Reynders hem zelf belde en zijn excuses aanbood. Verheyden komt ook zijn belofte niet na om de tekstbrochure die hij de avond tevoren aan de pers beloofde, effectief te bezorgen. Schepen Smets ziet intussen in met haar opstappen electoraal zeker niet te zullen scoren en ze houdt zich low profile.

Als klap op de vuurpijl volgt het bericht dat de vrouw van Ghysen twee dagen na de première in het Hasselts centrum van haar handtas beroofd en neergeslagen werd, met pijnlijke fysieke gevolgen. Eerst is daaromtrent bij het bestuur scepticisme, maar het blijkt maar al te waar. In de media gaan de verwijten over en weer, met Konings die Ghysen "een levende reclame voor het Blok" noemt, terwijl Ghysen zijn antagonist dan weer als "een café-muileman" bestempelt. Het valt op dat de discussie in de media de volgende dagen vooral gevoerd wordt door mensen die de première-voorstelling niet bijwoonden. Een aantal onwelriekende zinnen waren uit de volgende voorstellingen geschrapt.

Ghysen krijgt van Bruno Wijndaele in De Laatste Show een forum zonder dat hem één kritische vraag wordt gesteld. Van Stevaert ook naderhand geen reactie. Of toch. Bij het traditioneel degusteren van de jenever door de burgemeester(s) bij de Jeneverfeesten wil hij aan het publiek met een kwinkslag nog even kwijt over zijn vriend en rolstoelpatiënt Konings: "Ze zeggen dat het Heilig Paterke geen mirakels meer doet, maar Ivo Konings is tijdens de revue toch buitengegaan".

"Genk mut kapot" - Inhoud

Tegenover het ludieke "Genk mut kapot" van Armand Schreurs in zijn poppenkast, met als apotheose zijn revueliedje "Boemmee op Genk", stellen de beide burgervaders het verheven idee van de bipool Hasselt-Genk. Stevaert haalt er zijn voor allerlei doeleinden bruikbare "1 + 1 = 3" bij, hetgeen Gabriels onderschrijft. Voor beiden moet Diepenbeek met zijn universiteit daartoe behoren. Technum kreeg de opdracht om een "prospectieve analyse" te maken. Die zal onder andere het bestuurlijke aspect, de ruimtelijke ordening en de betekenis voor de ganse regio moeten behandelen van wat professor Allaert in een studie voor het VKW eerder "het stadsgewest" noemde.

Sommige clichés moeten uit de weg geruimd worden. Zo bijvoorbeeld "Hasselt handel, Genk industrie" want dat klopt niet. In de top 500 van bedrijven staan er 73 Hasseltse tegenover 57 Genkse. Genk heeft dan weer meer handelsoppervlakte, zij het verspreid over meer sub-centra. Op vlak van riolering staat Genk er, met de steun van de hogere (vooral Europese) overheid, heelwat rianter voor dan Hasselt. In '95 kan 98 procent van de Genkse woningen aansluiten op de riolering tegenover 70 procent van de Hasseltse.

In een interview van april '96 zegt Stevaert dat Hasselt met slechts 67.000 inwoners te klein is om zijn hoofdstedelijke rol "zelfs binnen Limburg" met ook maar 750.000 inwoners te spelen. "Het voordeel is dat Hasselt zichzelf als handelscentrum overtreft". Maar Hasselt-Genk moet zich binnen de Euregio positioneren tegenover Aken, Luik en Maastricht. Het gaat niet om fusie maar om samenwerking op alle vlakken.

Dat vraagt een mentaliteitswijziging tegenover het "Genk mut kapot" van Schreurs. Stevaert: "Armand spreekt toch de waarheid namens de bevolking: Genk is maar Genk. Dat terwijl Genk veel troeven en charme heeft. Als jonge burgemeester heb ik het direct opgenomen voor iets dat in de volksmond niet zo populair lag". De Hasseltse schepenen stellen zich volgens hem positief op tegenover de bipool-gedachte. "Vroeger waren sommige schepenen eerder burgemeester van Kuringen of St-Lambrechts-Herk en die waren niet geïnteresseerd in samenwerking met Genk". Repliek van Gabriels: "Dat was niet mijn ervaring".

In Genk stemt maar één partij voor de Technum-studie. Gabriels: "De andere vijf zitten in de oppositie. Dat is het nadeel van alle voordelen". Waarop Stevaert: "Zoudt ge die liever in uw schepencollege hebben?"

De pogingen tot samenwerking Hasselt-Genk hadden zeker in het verleden geen succes. Zo was er vijf jaar voor het Interview de poging om een groot ziekenhuis van wetenschappelijk-medisch topniveau op te richten. Het Hasseltse Virga Jesse en Salvator en het Genkse Sint-Jan en André Dumont zouden de partners zijn. Maastricht zou opkijken. Voor Hasselt waren specialisaties in cardio, nierdialyse en oncologie weggelegd, voor Genk neurochirurgie en neurologie. Gabriels: "Er was een concensus bij de bestuurders tot enkele geneesheren zeiden: toch gaan we in Hasselt neurochirurgen aanwerven. Leuven had de macht om dat tegen te houden en rector Dillemans was op de vergadering aanwezig. Maar hij duwde er niet aan en wist wel waarom. Het ging om de gevoeligheden van een zeer beperkt aantal mensen. Alles was rond maar je geraakt er niet". Zo kwam er op twee plaatsen neurochirurgie en nierdialyse en Hasselt ging met Tongeren samenwerken.

Het naast elkaar bestaan van de Hasseltse Grenslandhallen en de Genkse Limburghal noemt Gabriels "een domme situatie". Zijn Hasseltse collega herinnert zich dat ze daar "gingen winnen tegen de Limburghal". Fenix en de vestiging van het Vlaams Huis waren splijtzwammen. Gabriels: "Wij waren akkoord dat het Vlaams Huis in Hasselt kwam, maar Sauwens zag dat anders". In hun revues zijn Hasselt en Genk in elk geval niet zo lief voor elkaar. Voor de bommen op Genk dreigden de Genkenaren in hun revue al met raketten voor de Hasselaren.

"Eén van de vele positieve punten van het Structuurplan voor Vlaanderen is dat het belang van de bipool wordt benadrukt", verklaart burgemeester Stevaert in februari 1997. Dat vindt Agalev-Limburg er precies negatief aan.

Voor die bipool, met delen van Zonhoven en Diepenbeek, willen Hasselt en Genk geen nieuwe structuren in het leven roepen. Ze willen eerder pragmatisch tewerk gaan, met in eerste instantie een tiental items zoals afvalophaling, de Hasseltweg-Genkersteenweg en toerisme. Hasselt ziet Genk als de industriële poot, Hasselt als een dienstverlenend en residentieel centrum. Stevaert, concreet in zijn wishful thinking: "Als zich hier bijvoorbeeld een belangrijke producent van

autobanden aanmeldt, neem ik zeker contact op met mijn Genkse collega. Wij kunnen daarvoor in Hasselt geen speciaal stuk industriegrond vrijmaken. Een grote verzekeringsmaatschappij hoort dan weer thuis in Hasselt".

De Hasseltse burgemeester zegt uit naam van het ganse schepencollege te spreken, dus ook uit die van de „groene" schepen Hermans. Die vindt dat de vele middelen die naar Midden-Limburg werden „gezogen" de bipool-gedachte parten speelt en dat kent vooral in het zuiden een ongunstig onthaal. Hermans: „Ik kan die reflex begrijpen, maar dat geld ging naar Genk en niet naar Hasselt. Wij waren ook halvelings jaloers op Genk".

Dat de provinciale Limburghal te koop staat voor de gemeente Genk, daarvan ligt de Hasseltse gemeenteraad van eind april '97 niet wakker. Stevaert: „De Hasselaar betaalt twee keer: stedelijk voor de Grenslandhallen en provinciaal voor de Limburghal. Als Genk de Limburghal koopt en er een cultureel centrum van maakt, moeten we nog één keer betalen en kunnen de Grenslandhallen zich verder ontwikkelen".

Half januari '98 vraagt Stevaert voor zijn stad die het vorige jaar de kaap van de 68.000 inwoners rondde wel meer uit het Gemeentefonds. De reden: „Met Genk wil Hasselt niet alleen in de plannen als een echte bipool behandeld worden, maar ook voor de centen. Samen hebben we meer inwoners dan Brugge. Wij krijgen slechts één miljard en Brugge anderhalf miljard fr."

Als gastspreker bij Industriegroep Hasselt eind maart '98 breidt burgemeester Stevaert de bipool gemakshalve uit met „de vleugeltjes" Zonhoven en kenniscentrum Diepenbeek. ,>Ik ben zelf bereid een stap terug te doen in het belang van dat stadsgewest", beweert hij vrijblijvend.

Half april '98 maakt het Genkse stadsbestuur bekend samen met de Nederlandse planontwikkelaar Multi Development Corporation zes miljard te zullen investeren om Genk tegen 2008 „een nieuw hart" te geven. Met zijn 6.000 vierkante meter extra winkelruimte en een betere bereikbaarheid een fameuze concurrent voor handelscentrum Hasselt, maar van enig overleg binnen de bipool is uiteraard geen sprake.

Wel geraakt nauwelijks een week later de oprichting bekend van een vzw Congresbureau Hasselt-Genk, geïnspireerd door het groeiende belang van het congres-toerisme voor Midden-Limburg. Zijn taak: de bestaande infrastructuur inventariseren, de hiaten opsporen en de bipool als congrescentrum positioneren. Het provinciebestuur en de gewestelijke ontwikkelingsmaatschappij dragen, mits er samenwerking komt, hun steentje bij.

LIEVER GROTE PROJECTEN DOOR ANDEREN - Inhoud

Grootschalige initiatieven verwacht het bestuur van de hogere overheid en het aanvaardt die in dank. „Merci, Theo, voor het miljard" staat er op de Speculaas van de Maand, die CVP-minister Kelchtermans overhandigd krijgt voor de investeringen in Hasselt van de volgende drie jaar. Zo kunnen bijvoorbeeld het kruispunt van de Luiker- en de Kuringersteenweg (met een fietstunnel en de aanzet voor een busbaan) met de Grote Ring en de herinrichting van de St-Truidersteenweg bekostigd worden.

Maar het kabinet Kelchtermans, met Hasselaar Jean Vrijsen in de hoofdrol, zit ook achter de aankoop in 1998 van de Herkenrode-site, met zijn bekende cisterciënzerinnen-abdij op 114 ha grondgebied door de Vlaamse Gemeenschap. Meteen komt een einde aan tweehonderd jaar privé-bezit van de familie Claes. Niet toevallig ziet Stevaert de CVP-er Van Lishout als de geschikte man om vaart in dit verhaal te krijgen. Die ziet de kans schoon om hierin zijn kruidenproject, opgestart aan het Vormingscentrum, te integreren. Hij schat de totale renovatiekosten voor de site op ruim elf miljoen euro. Pas in maart 2001 zal de restauratie van de Tiendschuur voltooid zijn. De financiële middelen weet Pierre Verheyden, met de inschakeling van onder andere gouverneur Houben-Bertrand, van het Limburgse bedrijfsleven los te peuteren.

Op een bijeenkomst van de Herkenrode-vrijwilligers in augustus 2002 stelt Van Lishout dat de ganse restauratie moet klaar zijn in 2006, mede dankzij de inbreng van 17,4 miljoen euro door de Limburgse Reconversiemaatschappij. Brouwerij Ter Dolen uit Houthalen-

Helchteren start alvast met het brouwen van Herkenrodebier. Tijdens een werkbezoek in januari 2003 zegt Vlaams minister Landuyt een half miljoen euro toe aan het bezoekerscentrum van abdij Herkenrode. Meer dan een jaar later maakt de Vlaamse regering 13,92 miljoen euro vrij voor het projectvoorstel van Herkenrode. De site moet tegen 2010 volledig gerenoveerd zijn, heet het dan.

Ook in de aanloop naar het Vlaams Huis van diezelfde overheid rijzen heelwat perikelen. Over de toewijzing ervan aan de Antwerpse architect Bob Van Reeth maakt het Hasseltse architectenbureau Delta een procedure aanhangig bij de Raad van State. Als voorzitter van de jury moet minister Wivina Demeester het ontwerp van Van Reeth zeker herkend hebben want ze liet eerder privé-plannen door hem ontwerpen.

Direct na het bouwverlof van '98 wordt gestart met de afbraak van de vijftien panden in de stationsbuurt waar het Vlaams Huis zal verrijzen. Eerst komt er een parkeerplaats voor meer dan 250 auto's. Na de afbraak duurt het door de Europese aanbestedingsprocedure nog een half jaar eer de echte bouwwerken beginnen. Het Hasseltse architectenbureau Vanmuysen-Meesen, dat samenwerkt met Bob Van Reeth, zorgt voor de follow-up.

Nog uit te voeren door de hogere overheid is het rioleringsplan 2000-2004 dat het stadsbestuur ter goedkeuring voorlegt aan de gemeenteraad van 8 september '98. Dat betekent volgens burgemeester Stevaert dat Hasselt „bij het einde van de rit" voor bijna 90 procent berioleerd is waar zijn bestuur begon met 66 procent.

Tevoren keurde die raad al vijf bpa's voor Hasselt-centrum goed, waaronder het herziene bpa van de TT-wijk. Die moeten passen in de langetermijnvisie van het Structuurplan Hasselt. Als woordvoerder van de CVP-oppositie waarschuwt Johan Vanmuysen voor de rigiditeit van het bpa dat hij „een verstikkend keurslijf' noemt. Eigenaars zouden hun pand in het centrum weieens in waarde kunnen zien dalen omdat ze er niet de gewenste bestemming aan mogen geven. Vanmuysen: „Het is door zijn spontane groei dat Hasselt een aantrekkelijk handelscentrum werd. Door alles te goed te plannen kunnen de investeerders wegblijven".

Burgemeester Stevaert ziet in het bpa niet enkel een mogelijkheid om goede ideeën te realiseren, maar ook om slechte te boycotten. Het pleintje in de TT-wijk dat men wilde volbouwen is zo te redden. De omvorming van het Flanders Nippon Centerr tot één grote flipperkast kan de voet dwars gezet worden.

Ook de projectontwikkelaars zien Hasselt als een uitverkoren plek voor hun lucratieve en grootschalige plannen. In 1995 koopt de Houthalense Groep Lenaerts het snoepwinkeltje van de Trioscoop in de TT-wijk aan. Ghislain Lenaerts rondt in november 2001 de aankoop van het TT-complex af door een akkoord met de 140 voormalige eigenaars. Lenaerts: „Ik hoop dat alle vergunningen eind van dit jaar rond zijn zodat we volgend jaar kunnen starten met de verbouwingswerken. Als het meevalt zit die klus er in maart 2003 op". De vernieuwing van de TT-torens door Groep Lenaerts kost 50 miljoen euro. Op 26 maart 2003 is er de eerste-steen-legging voor een vernieuwd complex met 20.000 m2 winkelruimte en een viersterren SAS-hotel met 134 luxe-kamers.

„Een lijdensweg van vijfjaar". Zo omschrijft GL de eerste fase in de TT-wijk. Nadat de banken de lat van de gevraagde garanties al hoog legden, bleken ook de grote handelszaken niet zo scheutig. Maar nu kan Ghislain Lenaerts toch uitpakken met JBC, C&A, H&M, Schoenen Torfs, Media Markt, Deichman Schoenen, Casa en Bart Smit. Voor een bijkomend cachet moeten Passage Fitness, Hair Revolution en koffiesalon El Plaza zorgen. Op 15 oktober 2003 gaan de 12 eerste winkels open. Media Markt is de eerste groep waarmee GL contacten had en de zesde handelszaak in de vernieuwde TT-wijk die haar deuren opent. Het huurt een pand van 3000 vierkante meter af. Een cd aan één euro en een dvd aan minder dan twee euro, de middenstand siddert en zelfs de tot dezelfde Duitse Metrogroep behorende Makro kan hier moeilijk tegenop. De directie stelt een honderdtal jobs (zeventig directe, dertig indirecte) en 20.000 merkartikels in het vooruitzicht.

Gehandicapten tuimelen van het hellend vlak dat het shopping-gedeelte met de Sint-Jozefsstraat verbindt met platentektoniek en pas na inschakeling van het Toegankelijkheidsbureau komt er beterschap.

De eerste Metro-vestiging in België, met een professioneel assortiment van foodproducten, komt aan de Gouverneur Verwighensingel. De opening is voorzien op 4 juni 2003. Het gaat bij de moeder van alle Makro's om een investering van 6,2 miljoen euro en werk voor zo'n 50 personen. Niet iedereen is even welkom, maar het stadsbestuur staat vaak machteloos. De 151 appartementen (in 19 bouwblokken) die aannemer Verbeemen wil bouwen op een braakliggend stuk grond tussen de Willekensmolenstraat, de Casterhovenstraat, de Muggenstraat en de Voorstraat schieten de buurtbewoners, die de maquettes en plannen in volle zomer '97 te zien krijgen, in het verkeerde keelgat. Ze zijn vooral beducht voor de "stijl Verbeemen". Het jaar tevoren kregen ze van burgemeester Stevaert en schepen Reynders te horen dat die het grootse project ook niet zo goed zagen zitten, maar het terrein was nu eenmaal bestemd als bouwzone. Het stadsbestuur moet nog een vergunning afleveren.

Een nieuwe woonzone in Ekkelgarden -tussen de Luikersteenweg en de nieuwe weg Ekkelgarden-biedt ruimte voor zestig woningen. Het stadsbestuur verkoopt die voor 30 miljoen fr. (500 fr./m2) aan de nv Kolmont, die zelf ontsluitingswegen, nutsvoorzieningen en groen aanlegt. De aparte kavels worden vervolgens te koop aangeboden. Schepen van grondbeleid Quintiens: „Het gaat er vooral om eigen jongeren de kans te geven bouwgrond te verwerven en om jonge gezinnen van elders aan te trekken. Alleen zo kunnen we de vergrijzing compenseren en een evenwichtige bevolkingsstructuur verzekeren".

Inbreidingen zijn volop aan de orde, ondanks de mening van het stadsbestuur dat bijvoorbeeld het Jules Kloek-plein in Runkst er nooit had mogen komen. Aan de Permekelaan, een pijpekop aan de Lazarijstraat tegenover de Willemswijk, komt een inbreiding met vijftien huizen, zo wordt in juni '98 bekend. Sommige eigenaars moesten veertig jaar wachten op de goedkeuring van hun woonproject. De eerder geplande appartementsblokken stuitten destijds op furieuze reacties van de buurt waarvan de slogan „Geen hoogbouw" nog op de muren van de verloederde Gelatinesfabriek te zien zijn.

Ook de plannen voor de spoorwegbrug over de kanaalkom worden opgeborgen. Er werd gesproken over een restaurant, een concertzaal en een verhuis naar Zambia. Wat rest is de afbraak.

Niet iedereen spitst zich toe op geldgewin. "Ik doe er nog een miljoen bovenop!" reageert Camille Ilsbroekx uit Alken bij het in ontvangst nemen van de Speculaas van de Maand, met daarop "Merci Camille". Hij kreeg die speculaas precies omdat hij eerder al een miljoen had geschonken aan Elkon, een vereniging die mentaal gehandicapten zelfstandig laat wonen. Niet dat de 81-jarige Camille het allemaal in zijn schoot kreeg geworpen. Hij werkte zijn lange leven, eerst bij een boer, dan in de bouw en nog later in de Brouwerij van Alken. Camille behield het grote hart dat hij hier toont.

HASSELT IS TE KLEIN VOOR STEVAERT - Inhoud

Aanvaringen met de Stevaert-tanker - Inhoud

Hoewel een aantal CVP-kopstukken het bloed van Stevaert kunnen drinken, trekt toch vooral Eddy Schuermans, die zich ook Stevaerts rivaal in het Vlaams parlement voelt, de kar van de niet aflatende oppositie die liefst van elk voorstel of initiatief brandhout maakt. Ook Patrick Dewael, die op de hogere bestuursniveaus met zijn partij niet uit de oppositie geraakt, zoekt een manier om de zegetocht naar de top van de gladde SP-er in Limburg te stuiten.

CVP-raadslid Schuermans dient op de gemeenteraad van 28 mei 1996 een voorstel in om premies te geven voor het verbeteren van woningen in Hasselt. Dat behelst ook het inrichten van woningen boven winkels. Maar hiermee zegt schepen Reynders zelf al bezig te zijn. Volgens hem en burgemeester Stevaert probeert de oppositie regelmatig te scoren met voorstellen die het stadsbestuur al uitwerkt.

Ook zouden door dit voorstel de verkeerde signalen gegeven worden aan speculanten. En dat op een moment waarop de krotbelasting vruchten begint af te werpen. Met het tot 70.000 fr. oplopen van deze belasting komen inderdaad huizen op de markt. Bij Marabou ging de belasting van een half naar anderhalf miljoen en na jaren immobilisme vond het plots een koper voor zijn bedrijfsgebouw aan de Salvatorkliniek. Stevaert: "Toch eigenaardig dat Eddy Schuermans, die tegen de leegstandbelasting was, diezelfde belasting wil gebruiken voor zijn premies".

In 1996 worden zo'n 8.000 processen-verbaal opgesteld voor zware snelheidsovertredingen op de Hasseltse invalswegen. Volgens Schuermans loopt het fout met de verkeerssignalisatie en de weginrichting en hij stelt hierover vragen aan minister Baldewijns.

Op sportief vlak komen bestuur en sportclubs overeen dat een club die investeert (bijvoorbeeld de aanleg of vernieuwing van tennisvelden) de helft daarvan kan terugkrijgen uit de stadskas die het totale bedrag op 8,5 miljoen fr. plafonneert. De clubs met grasvelden krijgen ook "graschecks". Volgens de CVP-er Vanrijkel neemt het huidige bestuur de ganse reglementering "met de punten en de komma's" over van het vorige.

Zijn collega Schuermans beweert op de gemeenteraad van april 1996 dat Hasselt door de laattijdigheid van dossiers voor de riolering tientallen miljoenen aan subsidies misloopt, maar schepen Onkelinx ontkent dat. De achterstand op gebied van riolering dateert uit de periode Meyers en werd ondanks de inhaalbeweging van Roppe niet goedgemaakt. Nu zou dat weer stilgevallen zijn maar volgens Onkelinx blijft de continuïteit. Een 70 percent van de inwoners is momenteel aangesloten. In '95 werd ruim tien kilometer riolering aangelegd, vervolgens is dat iets minder. Tegen dat tempo duurt het 27 jaar vooraleer Hasselt volledig berioleerd is.

In een interview van 5 september 1997 viseert Dewael vooral Stevaert. Over de toekomstige provinciale coalitie: "Veel politici klinkt het ontzuilingsverhaal niet goed in de oren. Ze behoren bijvoorbeeld tot De Voorzorg die meer bezig is met clientèle-vorming dan met ziekteverzekering. In een rooms-rode coalitie vinden die elkaar". Dat de coming man Stevaert van de SP zich economisch progressief-libertair noemt maakt op hem geen indruk: "Stevaert is een prima gadget en het staat goed dat hij van de daken schreeuwt een blauwe te zijn. Dat wil niet zeggen dat degenen die de macht hebben in zijn partij er ook zo over denken. Stevaert zegt anderzijds ook niet akkoord te zijn met de VLD en Verhofstadt, maar de vraag is waar hij dan wel voor is".

Van de Limburgse VLD-Jongeren krijgt Stevaert in november 1997 de vergulde sleutel van de Logistieke Poort in Genk. Ze hekelen daarmee dat hij die in het kader van het Structuurplan Vlaanderen "hielp wegstemmen" en zwichtte voor de partijdiscipline. Volgens Stevaert deden enkele andere politici Limburg echter een belabberd figuur slaan in Brussel. "Wat anders is een logistiek park in Genk, waar ik honderd procent achter sta. Maar een logistieke poort staat gelijk met het vragen van een zeehaven voor Limburg. Ik sta achter Gabriels. Die uit Genk, zonder trema, niet die uit Bree mét".

Op de gemeenteraadszitting van 25 november 1997 beklaagt CVP-fractieleider Beerden zich erover de informatie over het strategisch commercieel plan, besproken op die raad en een turf van 130 pagina's, pas de avond voordien te hebben gekregen. Uit die studie komt het Hasselts winkelcentrum goed naar voor. Het huidige stadsbestuur steekt die pluim op zijn hoed, maar volgens de CVP plukt het de vruchten van het vorige bestuur.

De Partij van de Arbeid en de Rode Jeugd organiseren op 14 januari 1998 in Hasselt een scholierenbetoging om te protesteren tegen het neerschieten van een Marokkaanse jongere door twee politieagenten. De actievoerders eisen de veroordeling en afdanking van de agenten, die voor de kosten moeten opdraaien, en de zuivering van het Hasseltse korps van zijn racistische elementen. (In kringen van het stadsbestuur beweren sommigen dat de helft van de flikken Vlaams Blokkers zijn). De Marokkaanse gemeenschap steunt de actie niet.

Het CVP-oppositielid Johan Huyghen stelt de gemeenteraad van mei 1998 voor om punten, die de steun genieten van minstens 300 Hasselaren van ouder dan 16 jaar, in de toekomst op de raad te brengen. Burgemeester Stevaert zegt zelfs enthousiast te zijn over dit voorstel, maar vreest dat het in zijn huidige vorm wordt afgeschoten door de hogere overheid wegens juridische onvolkomenheden. Stevaert: "Hopelijk krijgt de Hasseltse CVP het nationale partijbestuur zover dat ze mijn voorstel in het Vlaams parlement stemt om burgers daar op een gelijkaardige manier

voorstellen te laten doen." Op de gemeenteraad, die het voorstel goedkeurt, voegt hij eraan toe: "Dit betekent geen verzwakking maar een versterking van de representatieve democratie."

Op kosten van het Limburgs Provinciebestuur en de GOM-Limburg krijgt historisch pand Huis de Corswarem aan de Maastrichterstraat de rol van ontmoetingscentrum van het Limburgs bedrijfsleven. Stevaert ziet het als "de Limburgse Warande". Het voorstel om als initieel lidgeld 60.000 fr. te vragen kan voor de CVP-er Vanmuysen niet en diens fractie onthoudt zich over het project.

De verwijdering van de Kerstmarkt van de Grote Markt is stof voor de gemeenteraad, zeker nadat voorzitter Claes van het Feestcomité verklaart: "Als het van mij afhangt keren we de Markt definitief de rug toe." Oppositielid Vandeput vraagt "respect voor traditionele activiteiten die al decennia doorgang vinden op de Grote Markt". Ook burgemeester Reynders vraagt dat na de verhitte discussies opnieuw sereniteit komt in de relaties tussen het Feestcomité en de Grote Markt.

Volgens Schuermans heeft een duizendtal gezinnen geen boodschap aan gratis busvervoer omdat de dichtbijzijnde halte niet op loopafstand ligt. Zowel bestuur als oppositie vinden dat blijvend stappen moeten ondernomen worden om het netwerk van stads- en streekbussen fijnmaziger te maken.

"Het kan futuristisch lijken maar enkel een bovengrondse metro kan beletten dat het verkeer in Hasselt in de toekomst vastloopt. Een light rail moet het stadsgewest Hasselt-Genk verbinden met gans Limburg en kan aangesloten worden op spoorwegen naar Maastricht en de Dzeren Rijn". Die hooggegrepen stelling verdedigt burgemeester Reynders op de gemeenteraad tegen het CVP-voorstel van Vanrijkel om langparkeerders rond de Kleine Ring weg te houden door er blauwe zone van te maken. Ook uitbreiding van het bewonersparkeren is volgens de burgemeester maar een lapmiddel.

Favoriet van nonnen en pastoors - Inhoud

Het staat in de sterren geschreven dat Stevaert Hasselt verlaat. De enige vraag blijft: wanneer? Dat de Hasseltse burgemeester al herhaaldelijk gevraagd is voor een ministerportefeuille bevestigt noch ontkent hij. "Ik heb beloofd tot 2000 in Hasselt te blijven en dat doe ik, ook al valt het me soms moeilijk". En over de toenmalige SP-partijvoorzitter Tobback: "Tobback senior mag nog even blijven, wat zeg ik: wordt met aandrang verzocht nog te blijven. Tot 1999, als De Batselier hem opvolgt. Dan moet hij niet op pensioen, maar mag hij Leuven verder besturen".

In afwachting blijft de verzorging van publieke en persrelaties voor het Stevaert-team een prioriteit. Dat meet het succes onder andere af aan de naambekendheid, waarvoor peilingen georganiseerd worden. Midden november 1996 ondervragen de Jong Socialisten 508 bewoners en bezoekers van

Hasselt en bijna negentig procent weet dat Stevaert de Hasseltse burgemeester is. Twee tippen op Roppe, één op Meyers, zeven op Willy Claes. Minder vleiend is dat 75 procent van de huiseigenaars zich te zwaar gepakt voelt en dat slechts 30 procent tevreden is over het aanbod fietspaden. Een meerderheid vindt Hasselt wel een schone en veilige stad, met voldoende uitgaansleven.

Maar het blijft een one-man show, want die naambekendheid straalt niet af op de SP-schepenen. Uit een enquête van Jeugdhuis Braam, dat 453 Hasselaren ondervraagt en de resultaten voorstelt op 24 november 1996, blijkt dat de bekendste Hasseltse schepenen tot de VLD behoren.

Verwonderlijk omdat die partij niet zo weegt op het Hasseltse beleid. Maar Romain Onkelinx, de koploper, is de enige schepen die ook in het vorige bestuur die functie bekleedde. Karina Quintiens charmeert als ex-Miss Personality haar publiek maar deinst er ook niet voor terug om toekomstige bouwheren telefonisch te verwittigen dat ze een bouwvergunning in de bus zullen krijgen. Carlo Gysens richt zijn inspanningen vooral op de jeugd. Dat de SP-schepenen minder bekend zijn kan te maken hebben met de dominantie van burgemeester Stevaert en hun roots in de buitengemeenten.

Om Stevaerts populariteit verder op te vijzelen kan zelfs een vedette uit een VLD-nest als Axelle Red van dienst zijn, zoals haar ontvangst op het stadhuis midden april 1998 aantoont. Zijn compliment luidt: "Ik heb u nog in mijn café gekend als een jong meisje dat wereldster wilde worden. Voor u was die wereld toen België, maar nu is het echt de wereld geworden." De dochter van ereschepen Demal krijgt niet alleen de Speculaas van de Maand, maar ook een check van 50.000 fr. om als Unicef-ambassadrice te spenderen aan haar onderwijsproject.

Mede- en tegenstander worden bijgehaald en met een one-liner gelijmd. Met als partner de Bond Beter Leefmilieu ondertekent burgemeester Stevaert voor Hasselt een appèl voor biologische landbouw. Stevaert: "De coalitie in Hasselt is paars, maar de koeien mogen dat niet worden".

Het toppunt is voor de G/P dat niet alleen nonnen en pastoors het erg op Stevaert begrepen hebben, maar zelfs bisschop Schruers. "Zo 'ne goeie mens", zucht de Limburgse bisschop. Het verhaal doet de ronde dat Steve als kersvers burgemeester maar tevens vrijzinnige een die-hard houding aanneemt door bij een begrafenis de kerk niet binnen te gaan. Een woedeuitbarsting van de dan nog machtige Willy Claes zou hem tot andere gedachten gebracht hebben. Reactie van Steve: "Ik vind het zelfs goed dat de mensen 's zondags naar de kerk gaan, in de hoop dat ze daarna het Volkstehuis eens binnenlopen. Als ze me citeren wordt dat tweede deel meestal weggelaten. Ik moet ook toegeven bij een begrafenis na het Ten Offer meestal buiten te gaan.".

Zijn kennis van de kerkelijke materie wil ook wel eens ondermaats uitvallen. Eind mei 1998 krijgt de Onze-Lieve-Vrouwekerk de status van basiliek (Basilica Minor), maar Stevaert meent eerst dat die status toegevoegd werd aan die van de kathedraal. Zodra hij de ware toedracht snapt, herpakt hij zich in zijn bekende stijl: "Naast het levende monument van verdraagzaamheid dat de Virga

Jesse is, komt er nu ook een monument in stenen dat het sociale weefsel versterkt. Nu Hasselt een basiliek heeft kunnen de bevoegde autoriteiten er toch niet buiten om het Heilig Paterke dat eigenlijk alleen zalig is, echt heilig te verklaren". Toch schuilt hier een tweede misvatting want op het moment van die uitspraak is het Hasselts Paterke - nochtans zijn naaste buur - zelfs nog niet zalig verklaard.

Bij de opening van het Vrijzinnig Ontmoetingscentrum eind juni 1998 herinnert Stevaert aan zijn eerste ontmoeting met de christelijke gemeenschap in Hasselt. Die kwam haar bezorgdheid uitspreken over "de eerste ongelovige Hasseltse burgemeester sinds mensenheugenis". Stevaert: "Ik heb hen gezegd dat ik heel sterk geloof, namelijk in de maakbaarheid van de samenleving". En ze kregen er nog een verzekering bovenop. "Dat ik hen nooit zou behandelen zoals gelovigen de vrijzinnigen in het verleden behandeld hebben."

Als gedreven fietser had hij in zijn eigen partij decennia eerder een voorganger in de persoon van Karel Froidmont en ook Roppe pakte er al mee uit, maar Stevaert weet het perfect in zijn imago in te bouwen. Hij zegt in juni 1998 hierover: "We moeten vooral naar een echte fietscultuur. Als mijn vrouw rondrijdt met een fiets met daarachter een karretje kijken heel wat mensen vreemd op. Toen ik met de fiets ging werken op de provincie (noot: als gedeputeerde) werd me dat door de gestelde lichamen in en buiten mijn partij afgeraden. Nu is dat een handelsmerk geworden. Hetzelfde met de fietsvergoeding die werd weggelachen, maar nu ingeburgerd is".

Hoe moeilijk het is om de primeur te hebben blijkt uit de voornaamwijziging van Stevaert, van Robert naar Steve. Decennia eerder liet Cornelius Augustinus Joanna Storms, die zich vanaf 1959 tot een bijzonder machtig schepen ontpopte, zich al Staf noemen. Staf Storms, meteen een stafrijm of alliteratie, net als Steve Stevaert. Apotheker Charles Froidmont is voor iedereen Carl of Karel, Willy Van Lishout Wim. Recenter kiest Agalev-er Tony Hermans voor het sympathieker Toon Hermans.

Nooit te overtuigen van het fenomeen Stevaert is ereburgemeester Meyers. Als Beerden lang voor het succesverhaal van Steve aan Meyers voorstelt hem te polsen voor een plaats op de CVP-lijst, wijst de toenmalige burgemeester dat af. "Het is een cafébaas." In januari 2000 velt hij als oordeel over Stevaert: "Niet langer universiteitsprofessoren worden minister, maar specialisten die de feeling hebben om de mensen te verkopen wat ze willen. Maar door te praten met mensen krijg ik de indruk dat de ommekeer daar is". Wishful thinking, zo zal blijken.

Het vertrek - Inhoud

Deze rijzende komeet aan het SP-firmament krijgt in augustus 1997 de vraag om de partijvernieuwing aan te pakken. In mei 1998 moet die operatie afgerond zijn. Zijn stunt van gratis bussen maakt van hem nog geen collectivist, want de gewezen cafébaas pleit op economisch vlak voor een links-libertaire koers. Hij schuwt het zelfs niet uit te pakken met supply-side economist en Reagan-inspirator Laffer (Laffer door hem op zijn Limburgs uitgesproken), die pleit voor drastische belastingverminderingen. Anderzijds onderschrijft Stevaert zeker niet het Friedman-adagium: "There is no such thing as a free lunch". In zijn partij staat hij lang bekend als groene extremist, intussen aanvaarden ze hem als ecologisch bewuste.

Tijdens het weekeinde van 26-27 september 1998 is het zover: Stevaert wordt minister. Dat houdt meteen in dat hij enkel titelvoerend Hasselts burgemeester blijft en voor de dagelijkse gang van zaken de plaats ruimt voor waarnemend burgemeester Herman Reynders. Het discours luidt voortaan: ik word naar Brussel geroepen maar keer zo snel mogelijk terug naar Hasselt. Over de exacte datum van die terugkeer blijft steeds een waas van geheimzinnigheid hangen. Voor een periode van negen maanden, die de Vlaamse regering nog te gaan heeft, zouden dit wel erg drastische ingrepen zijn. Wel geeft Stevaert het bestuur in Hasselt direct de verzekering "niet betuttelend te willen optreden". Maar zijn kabinet blijft in Hasselt "om de continuïteit van het beleid te verzekeren". Ook de figuur van zijn opvolger Reynders staat daar borg voor.

HET POST-STEVAERT TIJDPERK - Inhoud

Alomtegenwoordig - Inhoud

Enkele weken later bezoekt een glorieuze minister Stevaert in Hasselt het Huis van de Ondernemer, hij opent de Eco-beurs in de Grenslandhallen en geeft de start voor de werken in de stationsbuurt.

Op 2 oktober 1998 gaan de vernieuwde Demerstraat en Hoogstraat open met een feestelijk programma. "Dat de aannemer er op zestig werkdagen in slaagde deze werken te realiseren is een ongelooflijke stunt", meent voorzitter Ady Franssen van het Feestcomité Demerstraat.

Er komen twee water- en twee windmolens bij. De goegemeente gaat er vanuit dat dit dankzij Stevaert is, maar schepen Hermans laat geen gelegenheid onbenut om die pluimen voor zijn groene hoed te claimen. En Steve ontkent dat niet.

Maar ook de kritiek blijft. Nog in oktober verdwijnt minder triomfantelijk de Majestic op de Grote Markt. In zijn plaats komt de Spaanse keten Massimo Dutti, een dochter van Zara. De initiatieven die het bestuur neemt om te beletten dat zoiets zich in de toekomst herhaalt dienen als vijgeblad om de naakte machteloosheid te bedekken. De gemeentelijke autonomie kent grenzen.

"Het foutparkeren in de Hasseltse binnenstad loopt de spuigaten uit", vinden de CVP-gemeenteraadsleden Schuermans en Vanrijkel. Op vrijdag- en zaterdagavond tellen ze op een half uur 574 overtredingen. De politiecommissaris werd buitenspel gezet en de politie mag volgens hen niet verbaliseren. Hilarisch is dat tijdens de gemeenteraad waarop ze dit aanklagen hun eigen auto's fout geparkeerd staan, wat niet aan de aandacht van SP-fractieleider Ivo Konings ontsnapt was.

Met een tiental tussenkomsten op de gemeenteraad van eind november 1998 verhoogt de CVP de druk op de ketel. De CVP-ers Beerden en Schuermans hekelen ook het grondbeleid. "Van de stad Hasselt kunnen bouwlustige particulieren of kmo's geen gronden meer kopen. Door het gevoerde beleid werd de bouwgrond enorm duur." De inbreidingen die de Heilig Hart-wijk volstouwen gaan nochtans volop door en de verkaveling van een terrein voor 120 woongelegenheden maakt in 1999 het aanbod van nieuwe kavels mogelijk.

Ingenieur Gijs Moors van Bruggen en Wegen maakt begin december 1998 een einde aan de beloftes rond de grote ring, "een draaischijf voor heel Limburg". "Verkeer aan 90 km per uur moet daar gewaarborgd blijven, maar een groene golf is ondoenbaar omdat de verkeerslichten afhangen van de verkeersdrukte." Dat het aantal kruispunten zou verminderen noemt hij "op zijn minst voorbarig".

Eind 1998 raakt de veroordeling van Willy Claes bekend. SP Hasselt is in al zijn geledingen zwaar aangeslagen.

Als het van de Verenigde Handelaars Hasselt afhangt is de (gratis) Centrumpendel, die het centrum met het station verbindt, na 1998 geen lang leven meer beschoren. Het stadsbestuur wil wachten tot de Groene Boulevard af is. Burgemeester Reynders wijst erop dat duizenden die Centrumpendel nemen en dat De Lijn beslist. Reynders: "Laat ons in elk geval wachten tot de bushaltes klaar zijn". Vanuit meer en betere stopplaatsen kan de busganger dan comfortabel het centrum in.

Ook de klachten over de werken aan de Groene Boulevard steken eind 1998 de kop op. Sommige middenstanders zoals Tapijten Quintens en Royal Nord zeggen het ganse jaareinde geen klant te hebben gezien.

Wankelende pijlers houden stand - Inhoud

Eerder in gang gezette projecten werpen in 1999 hun vruchten af. Zo is er in februari de opening van het nieuwe wijkinfocentrum De Kemp, dat kadert in het project "Kempische poort in beweging". In maart ontvangt sociaal restaurant 't Klavertje Vier in de Fonteinstraat zijn eerste klanten en kan de buurt van de Bampslaan de herinrichting vieren. Enkele maanden later gaat het gedeelte van de Witte Nonnenstraat naast de Provinciale Bibliotheek, sinds 1976 afgesloten, weer open. Er zijn in totaal voor 670 miljoen fr. werken in uitvoering en enkele van de resultaten zijn het begrazings- en waterzuiveringsproject in Kiewit en de verhuis van het Huis van het Kind naar De Pasteye. Bij "Hasselt proper, ik doe mee" steken 800 kinderen de handen uit de mouwen.

Vlot meegenomen in die opgaande lijn zijn het bezoek dat de koning en de koningin op 17 maart aan Hasselt brengen. Stevaert bevestigt zijn groeiende populariteit bij de verkiezingen op 13 juni 1999 voor het Europees en het Vlaams parlement, de Kamer en de Senaat.

Van een voor Hasselt onbekende allure is de op verschillende locaties gesitueerde tentoonstelling In de ban van de ring, die van 19 juni tot 12 september loopt. Ze stoelt op de samenwerking Stad Hasselt-Provincie Limburg, niet zo evident zal blijken. De Stad zorgt voor de logistiek, de Provincie voor financiële steun.

Ter ondersteuning van de stedelijke tewerkstelling komt er een speciaal plan, met daarin vervat de gezamenlijke strategie van de Vlaamse regering, de VDAB, het PWA, het OCMW en het stadsbestuur. De gemeenteraad keurt ook het stedelijk minderhedenbeleidsplan goed met aandacht voor de allochtonen (2.493), de asielzoekers (237) en de woonwagenbewoners (45).

Eindelijk is de "verzelfstandiging" van het Virga Jesse Ziekenhuis een feit. Het wordt geen privé-instelling, maar een openbare, bestuurd door OCMW-raadsleden en een beheerscomité en met een eigen rechtspersoon. Een Vlaams decreet van rond de jaarwisseling voorziet in die mogelijkheid tot grotere autonomie binnen het OCMW. Meteen verdwijnt het laatste OCMW-ziekenhuis in de provincie. De andere ziekenhuizen verzelfstandigden zich reeds door een fusie. Als voorbeelden van beheer verwijst het stadsbestuur naar Interelectra en het CCH.

Dat Stevaert een pragmatische groene is, met in zijn zog Agalev-schepen Hermans, blijkt uit de steun van het stadsbestuur voor de ondergrondse Dusart-parkeergarage met plaats voor 800 auto's. Nooit ging in Hasselt zoveel beton in de grond. Op 4 september komt ze in gebruik en de NV Dusartparking doet het beheer. Stevaert lanceert de naam "regenboogparking" wegens het aangewende kleurenpalet, maar die naam raakt in de vergetelheid. Midden september kan de markt doorgaan op het daarvoor ingerichte gedeelte van het Dusartplein. Op 18 september krijgt het evenementenplein zijn kermisdoop. De werken aan de Boudewijnlaan met het vernieuwde busstation worden opgeschort tot na de kermis.

Sluitstuk van de Groene Boulevard is de afwerking in oktober van de Boudewijnlaan.

Enkele pijlers in de propaganda die dit stadsbestuur (zoals elk ander) voor zichzelf maakt gaan behoorlijk aan het wankelen. Zo was het een idee van Steve Stevaert om de niet als zo honkvast ingeschatte Philips-vestiging steviger in Hasselt te verankeren en ruimte te creëren voor zijn spin-offs door in de directe omgeving van het bedrijf het eigentijdse gebouw van de Research Campus neer te poten. De bouw en het beheer gebeuren door het Autonoom Gemeentebedrijf met als voorzitter Jean Vandeputte. Het eerste deel van dat verhaal ging jammerlijk de mist in door het vertrek van Philips, dat nochtans midden februari 1998 nog aankondigde in België 180 ingenieurs een job aan te bieden, waarvan honderd in Hasselt. Bij die gelegenheid gaat personeelsdirecteur Troonen er prat op dat de multinational "komend jaar een halve eeuw in Hasselt gevestigd is en er plannen zijn om de infrastructuur aan te passen", waaraan hij toevoegt: "Het moet duidelijk worden dat dit een hi-tech omgeving is". Het vervolg is bekend.

Toch geraakt het gebouw van 15.062 m2 wel volzet door zowat 900 werknemers van bedrijven als Jabil, Kluwer Software, Luminus, IP Global Networks, het Federaal Voedselagentschap, Arcadis Gedas, Sinfilo en Inc GEO. Met steun van de Vlaamse regering koopt de NV Research Campus later de vrijliggende gronden van deze site aan van Philips en CWA. Op de 16 ha industriegrond komt een tweede gebouw van 6.600 m2.

Ook weinig reden tot juichen bij Keramo Hasselt dat het familiebedrijf Kumpen al in 1990 verkocht aan Wienerberger en waarvan het Duitse moederbedrijf Steinzeug tien jaar later meedeelt dat door de bikkelharde concurrentie 90 arbeiders en negen bedienden moeten afvloeien.

De indrukwekkende cijfers waarmee het stadsbestuur aantoont dat Hasselt bij uitstek een scholieren- en studentenstad is hebben hun schaduwzijde. In totaal lopen er 37.500 studenten en leerlingen school, luidt het zegebulletin. VU-schepen van onderwijs Yperman laat echter kritischer geluiden horen. "Andere Limburgse gemeenten versassen hun probleemscholieren naar Hasselt", verklaart hij op de Hasseltse gemeenteraad. Drievierde van de problemen komt van leerlingen, die niet uit Hasselt afkomstig zijn. Van de 10.720 leerlingen in het secundair zijn er dat 4.226; van de 37.500 in totaal slechts 14.500. Genk, Heusden-Zolder, Houthalen-Helchteren en Beringen sturen hun probleemscholieren naar de Limburgse hoofdplaats.

De schepen beklaagt zich over het sterk zakkende onderwijsniveau en de leerlingenachterstand die tot 40 procent kan oplopen. Maar er is ook een schrikwekkende toename van agressie, afpersing en bedreigingen. Het aantal probleemstudenten stijgt voortdurend. "Dat kan de stad niet blijven dragen en betalen", luidt zijn klacht, die al leidde tot brieven aan onderwijsminister Vanderpoorten en minister van welzijn Anciaux. "Wij klopten bij het provinciebestuur aan, maar noch de dienst onderwijs noch de dienst welzijn wil helpen. Tussen de eigen stedelijke diensten is de samenwerking al moeilijk, tussen die van gemeenten gaat dat helemaal niet", ondervindt hij.

De CVP-er Mare Vandeput schrikt zich een hoedje en zegt uit de onderwijssector al negatieve reacties te hebben gekregen op eerdere uitlatingen van Yperman. "Het gaat om marginale problemen, maar zoals het hier voorgesteld wordt, waan ik me eerder in Chicago dan in Hasselt", reageert hij.

Een lichtere tegenslag is dat de publieke opkomst voor de musea in 1999 flink terugloopt. Het Modemuseum en het Stadsmuseum Stellingwerff gaan meer dan tien procent achteruit, het Beiaardmuseum zelfs met 23 procent. "Te wijten aan het mooie weer", meent diensthoofd Swerts. Maar Hasselt telt, wat vreemd, ook de Japanse tuin bij zijn musea en dat bezoekersaantal klom met 12.000 tot 60.000. Door die er met arithmétique Hasseltoise bij te rekenen klimt het globale aantal.

De Hasseltse musea krijgen geen landelijke erkenning. Dat beslist de administratie Beeldende Kunst en Musea van de Vlaamse Gemeenschap. Zo lopen ze een jaarlijkse subsidie van zo'n vijf miljoen fr. mis.

Dat de stedelijke commissie Beeldende Kunsten de grootst mogelijke problemen heeft met de installatie van het beeldentrio "De Scholier" aan Hassotel op de Groene Boulevard kadert niet in het voorgaande, maar het kunstwerk van William Goole getuigt volgens die Commissie van slechte smaak. Ondanks haar voorkeur voor een beeld van Paul Gees is de teerling geworpen. Hoewel de

finale beslissing uiteraard bij het stadsbestuur berust, zwicht dat voor de voorkeur van de Hassotel-eigenaar.

Even lijkt het erop dat Man en Hond van José Vermeersch, waar de Commissie wel achter staat, van de Thonissenlaan zal verdwijnen. Cultuurschepen Gysens schrikt van de woedende reacties van Jan met de Pet. Gelukkig koelt dit met het nodige blaaswerk, zonder roemloos toe te geven.

De vzw's Het Lach (Limburgs Actiecentrum Homofilie) en De Madam (vrouwen- en lesbo-centrum) gaan samen onder de koepel Het Nieuwe Huis, met een gemeenschappelijk pand op Kuringersteenweg 179. De Stad Hasselt komt tussen in de huur, de Provincie Limburg geeft éénmalig een premie van 200.000 fr. voor de huur.

Comfortabel tussen twee stoelen - Inhoud

1. SP.a-kartel in, Karina out - Inhoud

In 2000, een jaar met gemeente- en provincieraadsverkiezingen, bereikt de personencultus rond Stevaert ongekende hoogten. Ondanks zijn positie tussen twee stoelen (of zetels) - die van burgemeester en die van minister - voelt hij zich erg comfortabel.

Half januari neemt Karina Quintiens ontslag als schepen voor de VLD. "Ik zou trouwen of zwanger zijn. Niets van beide is waar, maar er wordt wel geroddeld". Volgens haarzelf is de reden haar relatie met Ghislain Lenaerts, die met zijn groep GL de Twee Torenwijk aan het opkopen is om ze te renoveren. GL overkoepelt een aantal NV's, die o.a. Aldi's en 35 Budget-slagerijen bouwde. "Met die toekomstige projecten is mijn functie van schepen en wat je daarmee te weten komt niet verenigbaar", beseft Quintiens. "Er zouden voortdurend verdachtmakingen zijn". Eerder was er al heisa omdat ze een hostessenzaak leidde en haar auto op vernederende wijze volledig werd leeggehaald en doorzocht door de Hasseltse politie.

Een tweede reden die ze voor haar ontslag aanhaalt is het voortdurende verblijf met haar partner in het buitenland, vooral in Moldavië waarvan die ere-consul is. "Het was moeilijk te combineren en als ik me voor iets niet honderd procent kan inzetten stop ik ermee. Sommige politici zeggen me: wij hebben toch ook een andere job, maar ik kan dat niet. En het zakenleven vond ik altijd al fijn."

Dat haar ontslag in de VLD hard aankomt, heeft vooral te maken met haar persoonlijke score bij de laatste verkiezingen. Het scheelde nauwelijks dertig stemmen of de gewezen Miss Personality was lid van het Vlaams parlement. Niet te verwonderen dat Dewael en Gabriëls bij het vernemen van het nieuws eenstemmig uitroepen: "Dat kunt ge ons niet aandoen". Lokaal luidt de reactie: "Karina heeft een eigen kiespubliek en als ze in Hasselt niet opkomt, kost ons dat een zetel".

In een lente-interview van maart 2000 noemt Agalev-voorman Hermans de kans op een gemeenschappelijke lijst van zijn partij en de SP klein. De CVP-er Vandeput, die ten stelligste gelooft in dit "hardnekkige gerucht", blijkt beter geïnformeerd. Stevaert houdt zich hierover op de vlakte maar zijn SP heeft wel 130 kandidaten voor de 39 plaatsen op de lijst. En toch zullen de meeste verkozenen uit dit kruim op zes jaar raadszittingen hun mond niet of nauwelijks opendoen, tenzij om met de buren te praten.

Begin april krijgt het voorstel voor een Hasselts kartel van Agalev met de SP op een bijeenkomst van Agalev Limburg een overweldigende meerderheid.

2. De climax - Inhoud

De schermutselingen rond de Groene Boulevard houden aan. De vijf leilinden die aan het Van Veldekeplein in Hasselt gepland waren komen er niet. Het schepencollege herzag zijn eerder "onherroepelijk" genoemde beslissing na fel protest van de buurtbewoners, die er een bedreiging van de gewenste "openheid" in zagen.

Half mei wordt het beeld van dokter Louis Willems, de Hasseltse Pasteur, op de Groene Boulevard, ter hoogte van de Provinciale Bibliotheek, ingehuldigd. Luc Steegen vereeuwigde hem. Dokter Willems slaagde er een eeuw na zijn dood nog in de gemoederen in hevige beroering te brengen.

Als zoon van een burgemeester en jeneverproducent zag hij hoe in de stallen van zijn vader de ossen crepeerden aan longveepest en hij ontwikkelde er een vaccin tegen. Maar in dezelfde periode ging er een Virga Jesse processie uit en tot op vandaag menen sommigen in Hasselt dat de uiteindelijke verlossing van de kwaal hieraan te danken was. Als rabiate katholiek had de dokter er wellicht weinig moeite mee.

Later moest deze uitgebeelde ode aan dokter Willems plaats maken voor een door de Provincie betaald kunstwerk Zien, Zen, Zijn van de Truierse kunstenares Liliane Vertessen, waarvoor de Truierse gedeputeerde Lavigne opteert. Dat gebeurt "om de monumentaliteit van de Groene Boulevard te verhogen". Elk biblid krijgt het boek De Japanse tuin van Pieter Aspe.

Dan volgt de climax. Op 21 en 22 mei komen twee prinsen opdagen voor de inhuldiging van de Groene Boulevard, Laurent en zijn collega van rederijkerskamer de Roode Roos. Na drie jaar werken resulteert de boulevard-manie - met zelfs een boulevard-borrel en een dito koekje fkiekske") met stadsplan - in een gans weekeinde feesten dat zelfs de kille regen op zondag niet stuk krijgt. De Roode Roos kan voor het 500-jarig bestaan zijn eigen beeld, met veel symboliek gekonterfeit door Gerard Moonen, inhuldigen in aanwezigheid van haar mascotte De Langeman. Die komt zelfs niet buiten voor de intrede van prins Philippe en Mathilde, maar voor Laurent maakt

hij wel een uitzondering op het principe dat hij enkel verschijnt bij koninklijke bezoeken en de Zevenjaarlijkse Feesten.

Als leden van de rederijkerskamer dagen zelfs de dan veelbesproken Hasseltse figuren Willy Claes en plastisch chirurg Vandeput op.

De eigenlijke opening gaat op de Groene Boulevard ter hoogte van de Guido Gezellestraat door, met speeches door het stadsbestuur en met de nodige drank. In die straat staat ook een expo met de oudere en nieuwste bustypes van De Lijn. Limburg krijgt 53 van de nieuwste exemplaren. Terwijl prins Laurent de eerste dag zijn zonnebril opzet, trekken de door Don Christoph uitgenodigde reuzen 's anderendaags hun paraplu open. Sluitstuk vormt een gigantisch vuurwerk. De CVP-oppositie vindt dat "weinig gepast" wegens de ramp in Enschede en wil dat afgelast zien, zo schrijft ze in een brief aan het schepencollege. Maar daar peinst het triomferende stadsbestuur niet over. "Uit respect voor de slachtoffers van Enschede zeg ik liever niet wat ik over dit optreden van de CVP denk", aldus burgemeester Reynders. En knallen deed het!

"Geen grote projecten meer in Hasselt", had aantredend burgemeester Stevaert vijfenhalf jaar eerder met klem gesteld na een blik in de "lege stadskas". Niet zozeer de ironie van het lot maar vooral overstromingen in de wijk Runkst door de volledige veroudering van de riolering van de kleine ring beslisten er anders over. Stevaert kon zich zo meteen profileren met een project dat ruime aandacht geeft aan het openbaar vervoer.

Eind mei blussen een 50-tal brandweerlui, tot in de armen van hijskranen balancerend, de "virtuele" brand van de pas geschilderde kathedraal. Ondanks de verzekering dat het dak waterdicht is staat het water in de grote kerk kniehoog. Deken Lambert Van Herck kan in het vervolg de naam van brandweercommandant Louis Van Rompaey niet meer uitspreken zonder het beeld op te roepen van iemand met de vreselijkste tandpijnen.

Bij de komst van Bert Anciaux naar het Hasseltse stadhuis hangt de leeuwenvlag halfstok omdat hij de musea een landelijke erkenning weigert. Het ingediende dossier beantwoordt op een 20-tal punten niet aan het decreet en er is te weinig werkelijke samenwerking. "Niet alleen administratief maar ook één visie en één persoon mankeert aan het hoofd", aldus Anciaux. Vol lof is de minister over de Muziek-O-Droom, zoals er volgens hem in elke provincie één zou moeten zijn.

De Hasselaren worden begin juni vriendelijk verzocht het niet meer te hebben over "het Cultureel" als ze hun Cultureel Centrum bedoelen. Communicatiedeskundige Noël Slangen bedenkt de namen "de doos" voor het ernstige deel en "de Cirk" voor het grappiger, lossere werk.

Meer dan duizend doeken met kindertekeningen, geëxposeerd op het gazon van de doos-de Cirk, vormen de eerste bipool-expo. Een kleurrijk, multicultureel kunstwerk staat voortaan in probleemwijk Ter Hilst wat schepen Hermans "een symbool voor verdraagzaamheid" noemt.

Natuurschoon Tommelen opent eind juni als stadsnatuurpark, wat de kroon betekent op de redding van dat waardevolle natuurgebied in Runkst. Vroeger werd het afgedaan als "enkele kikkerpoelen met een paar salamanders erin". Mede door het speciaal ervoor opgerichte SOS Runkst kan milieuschepen Froidmont nu spreken van "een diamant in een emmer teer".

"Goed tot heel goed", noemt burgemeester Reynders de rekening van 1999. De ontvangsten overtreffen voor het eerst drie miljard fr. De CVP-er Schuermans ziet integendeel de stadsschuld stijgen en noemt de bewering dat de hogere overheden de investeringen betalen "een fabeltje". "Die legden maar 113 miljoen fr. bij op een investeringspakket van 974 miljoen".

Hasselt vergrijst en ontgroent (minder jongeren) sneller dan de rest van Limburg. Zo blijkt uit onderzoek van de CVP-fractie in de OCMW-raad. Volgens die fractie speelt de OCMW-top daar te aarzelend op in. Het Huis van de Senior ligt buiten het centrum, een specialisatie- en expertisecentrum Dementie komt er in Limburg niet. Voorlopig althans.

De Stad Hasselt verkoopt een perceel grond op het Ilgat aan 900 frank per vierkante meter aan de NV Mac Warco die het verkavelt voor woningbouw. "Na de verkoop van de gronden van Ekkelgarden gaat het hier weer om een cadeau", meent de CVP-er Vandeput.

Na de Majestic en Foto Bartok verdwijnt in juli 2000 het volgend Hasselts monument: de 140 jaar oude knoopkeswinkel Pietche-Patche aan de Botermarkt (nummer 4), op het uithangbord foutief Pitje-Patje geheten. Na het Hasseltse schepencollege weigert ook Stedenbouw aan McDonald's een vergunning voor een vestiging op de Grote Markt.

"Heb je'm al gezien, de Lamine, met zijn vliegmachien", zongen ze destijds in Hasselt. Ridder de Lamine was één van de pioniers die vanaf 1910 voor het succes zorgden van Kiewit als eerste vliegveld van België. Die negentig jaar wordt in augustus gevierd. Radio 2-journaliste Karen Degreeve schrijft er een pittig werk over.

Op 15 augustus wordt het succesvolle Theater op de Markt afgesloten. De organisatoren zien 70.000 belangstellenden opdagen.

3. De ring van Stevaert - Inhoud

Dé gebeurtenis van oktober 2000 is uiteraard de klinkende overwinning die de Hasseltse SP.a - het kartel van de SP en de Groenen - in de gemeenteraadsverkiezingen van zondag de achtste haalt.

Tegenover de verdubbeling van het Vlaams Blok tot twee zetels staat de intrede van Aygül Gel (1492 stemmen) als eerste migrante in de gemeenteraad. De Turkse gemeenschap viert dat uitgebreid.

Aan de CVP maakt Stevaert duidelijk welke van hun mensen hij ziet passen in het nieuwe schepencollege. Onder het motto "Geen nieuwe wijn in oude zakken" ziet hij hun oud-schepenen en -burgemeester (ook kandidaat), op Valere Jooken na, liever niet komen. OCMW-raadslid Lieve Pollet kan wel, ondanks een vroegere aanvaring met Stevaert. Nog ten tijde van het CVP-bestuur belde Stevaert haar als belangrijkste OCMW-afgevaardigde van de CVP op om te eisen dat het systematische ziekenbezoek in het Virga Jesse Ziekenhuis door parochiale vrijwilligers zou stoppen, anders kon haar partij een latere samenwerking met de SP wel vergeten. Pollet legt verbolgen de hoorn neer, maar later krijgt Stevaert langs een andere weg toch zijn zin. De andere CVP-schepen is Johan Vanmuysen. "Maar na drie jaar wordt dat opnieuw bekeken in functie van de verjonging", licht CVP-voorman Vandeput toe. Het zal blijven zoals het was.

Naast plaatsvervangend burgemeester Reynders staan verder als schepenen Carlo Gysens (VLD), Toon Hermans (Agalev), Brigitte Smets, Michel Froidmont, Ivo Konings en Dirk Stockmans (allen SP).

De bouw van het Vlaams Huis neemt op de voorziene 20 november een valse start door een verdwaalde bom uit de vorige oorlog. Pas eind van het jaar kunnen het Hasselts architectenbureau A2O, in het spoor van Vlaams bouwmeester bOb Van Reeth, en de aannemers aan de slag om binnen twee jaar - voorzien is april 2002 - hun project te realiseren.

Met een aantal festiviteiten wil het in Hasselt moeilijk lukken. Zo het halfvasten-gebeuren dat na de zondagse stoet uitsterft. Met een aantal tenten op verschillende lokaties komt de stemming er meer in.

Ook met de kerstmarkt loopt het mis. In 1999 was er een absoluut dieptepunt, met eerst de opbouw en afbraak op de onwillige Grote Markt en daarna het ijlings uitwijken naar en weer opbouwen op het Molenpoortplein. Een "tochtgat" met erg weinig horeca, klagen standhouders en bezoekers. Vanaf dit jaar zal het anders worden met een speciaal door architect Yves Nulens ontworpen en gebouwd kerstdorp, dat een prominente plaats krijgt op het Leopoldplein waar het met open armen ontvangen wordt. Het gaat om twintig huisjes met een (min of meer gecamoufleerde) opening aan de voor- en achterkant. "Dit wordt een levend dorp", belooft voorzitter Jos Claes van het Feestcomité, doelend op de optredens van koren, ijssculpteurs en vuurspuwers.

Maar al gauw blijkt het kerstdorp lek als een mandje. "Het regent hier binnen", klaagt standhouder Inge Dewil. Sommige standhouders plaatsen potjes om het water op te vangen binnen dit "boerengedoe", zoals bezoekster Danielle De Doelder het noemt. Later zal de gevierde ontwerperuitvoerder zelfs met het gerecht moeten dreigen vooraleer het tot een financiële schikking komt, waardoor het bestuur van het meerjarencontract voor het kerstdorp verlost geraakt.

AFSPIEGELINGSCOLLEGE EN OPEN DEBAT-CULTUUR - Inhoud

Vanaf 1 januari 2001 (met de officiële installatie iets later) treden de vernieuwde gemeenteraad en het dito schepencollege aan. Stevaert en zijn gevolg (dat zich heus niet alleen in zijn eigen partij situeert) verklaren zich gewonnen voor een afspiegelingscollege. Later verdedigt Stevaert deze formule met het argument dat ze past bij het burgemeestertype dat hij vertegenwoordigt. Bij een ander type van burgemeester zou dat niet evident zijn en hij trekt dus geen wissel op de toekomst.

"Ik wilde de CVP in 1994 al twee schepenen geven", verklaart hij verrassend. Zijn voorkeur kan ook te maken hebben met de politieke bloedarmoede waardoor elke partij, ook die van hemzelf, slechts enkele gemeenteraadsleden telt, die capabel zijn om het schepenambt met verve uit te oefenen.

Al eerder rees kritiek op het dubbelzinnige van de open debat-cultuur: zij die willen spreken maar moeten zwijgen blijven uit de media. Iemand als Schuermans die jaren oppositie voerde, kan moeilijk overnight het geweer van schouder veranderen en het duurt even voor hij een zeer wankel evenwicht vindt in die houding van profilering zonder destructief te worden. Temeer omdat de eigen schepenen het moeilijk hebben om hun collega's na zo'n dissidente causerie van de partijgenoten onder ogen te komen. Ondanks dat de CVP "steeds loyaal bleef in zijn stemgedrag", dixit Schuermans.

Degenen die het beleid van de vorige meerderheid voortzetten, zoals waarnemend burgemeester Reynders en de meeste schepenen, hebben het er bijzonder moeilijk mee als een heilig huisje als de Groene Boulevard publiekelijk het verwijt krijgt gevaarlijk te zijn voor fietsers, zoals de CVP-er Vanrijkel aanklaagt.

Zelfs als "de muren van de Sporting Hasselt-infrastructuur letterlijk invielen" wordt niet verwacht dat Schuermans hiermee het nieuws van TV-Limburg haalt. Als de VLD al kritiek heeft dan slikt ze die vakkundig in of keert ze zich tegen de mondigere CVP-ers.

Wie al vóór het aantreden van de nieuwe ploeg de volle lading krijgt, is dokter-specialist Hubert Lenssen (CVP). Hij krijgt van Stevaert te horen dat sommige van zijn uitlatingen niet kunnen voor een partij die deelneemt aan het beleid. Pas een week voor de installatie van de nieuwe Hasseltse gemeenteraad is duidelijk dat de verkozen CVP-er Lenssen daar een zitje in zal hebben. Eerst was medegedeeld dat Louis Roppe de honneurs zou waarnemen omdat Lenssen's functie als arts bij het Virga Jesse Ziekenhuis dat niet toeliet. Als raadslid zou hij controleur zijn van dit OCMW-ziekenhuis,

als VJZ-werknemer gecontroleerde. Ter elfder ure ontvangt de dokter het bericht dat informatie uit het Vlaams parlement uitwijst dat het kan.

Een probleem voor Louis Roppe, die niet verkozen raakte, maar hoopte op de plaats van Lenssen. Temeer omdat hij anders geen voorzitter kan blijven van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten, waaraan nog andere zaken gekoppeld zijn. Maar Lenssen zegt in de eerste plaats te denken aan zijn 1.365 kiezers. (Louis Roppe kan pas eind 2001 weer in de gemeenteraad komen als CD&V-raadslid Eva Venneman op wereldreis trekt).

Lenssen neemt geen blad voor de mond over de dossiers die hem na aan het hart liggen. Zo ziet hij het VJZ samengaan met het andere Hasseltse ziekenhuis om geen medische apparatuur naar Oost-Limburg of Leuven te zien gaan. Van het verder gratis blijven van de Hasseltse bussen is hij niet zo zeker. "Een thesis van een LUC-student wijst uit dat die zo'n 120 miljoen fr. per jaar kosten", verklaart hij. "Het gaat ook om een proefproject dat binnenkort afloopt". In zijn directe buurt is er het Lunapark van het Nippon Center, dat overlast veroorzaakt. "Maar wie voor zijn eigen deur in- of uitlaadt krijgt direct een proces, zodat bewonersparkeren zich opdringt".

Het zal de laatste keer zijn dat dokter Lenssen zich nog zo ongedwongen uit. In enkele zinnen wijst Steve Stevaert hem erop dat hij met zijn partij "ofwel tot de meerderheid behoort ofwel eruit stapt". En in dat laatste heeft die partij geen zin.

TEGENWIND BLIJFT STRAK - Inhoud

Ook Schuermans blijft kritiek hebben op de Groene Boulevard, tot wanhoop van waarnemend burgemeester Reynders die dat onterecht vindt. Om te ondervinden wie gelijk heeft, stelt het raadslid op de raad van mei 2001 voor om samen met zijn collega's zelf de fiets op te gaan.

Het vorige stadsbestuur was apetrots op deze realisatie en nu komt Schuermans boudweg beweren dat fietsers zich beklagen over de putten en kasseien op hun boulevardrit. Daar stelt de burgemeester felicitaties van de nationale Fietsersbond, zelfs internationale erkenning en een CNN-reportage tegenover. Hij ontkent dat er meer sluikverkeer in de wijken zou zijn, want de automobilisten gebruiken de grote ring. Dat kan tot problemen voor de doorstroming en geluidsoverlast zorgen, ook al omdat het te verwerken verkeer jaarlijks met tien procent groeit. Maar daar wordt met onder andere fluisterasfalt aan gewerkt. "De mensen moeten alleen wat geduld hebben", vindt Reynders.

Wat hem en zijn medestanders wellicht het meest bijblijft, is dat de CVP, intussen toegetreden tot de meerderheid, dezelfde oppositietaai blijft spreken als tevoren, tot ongenoegen van zijn twee

eigen schepenen. Vandaar de achterdochtige vraag van Reynders aan Schuermans: "Wat is eigenlijk de bedoeling van deze kritiek?"

De CVP-er Schuermans blijft de paranoia aanwakkeren door in de raad ook te blijven doorhameren op de nagel van het openbaar vervoer. "Als bestuur kan je je niet permitteren om tijdens de vrije tijd van de mensen geen openbaar vervoer in te richten. Dat is maatschappelijk een verkeerde optie". Zo formuleert het raadslid, tevens Vlaams parlementair, zijn kritiek in de gemeenteraad op het ontbreken van weekend-bussen in Hasselt.

Het spookbeeld van de lege kas duikt weer op. De rekening 2000 vertoont nochtans een positief algemeen resultaat van 497 miljoen, maar dat is te wijten aan éénmalige inkomsten en voor 2001 verwacht Schuermans een tekort van 257 miljoen. De CVP-fractie wil dan ook een besnoeiing in de uitgaven, geen belastingverhoging. Burgemeester Reynders waarschuwde eerder al dat de financiële toestand verslechtert, vooral door de toenemende kosten voor de politiediensten. Tegen het opmaken van de begroting 2002 moeten voor hem de stedelijke diensten doorgelicht zijn. Van een afschaffing van de gratis bussen of een belastingverhoging is voorlopig geen sprake.

In de gemeenteraad van november 2001 dringt de CD&V-fractie aan op "een menselijke oplossing" voor de eigenaars van zonevreemde gebouwen op Hasselts grondgebied. Fractieleider Schuermans vraagt een stand van zaken en wil de opmaak van een volledige inventaris. Het bestuur moet elk geval apart bekijken en zo mogelijk rekening houden met de ruimtelijke draagkracht.

Wat Schuermans er in mei 2002 van bakt, kan voor zijn coalitiegenoten totaal niet meer. Onder het cameraoog van TV Limburg en in aanwezigheid van de belangrijkste andere media hekelt hij het Hasseltse sportbeleid vooraleer dat in de gemeenteraad nog eens over te doen. Dat dit gebeurt vanuit het Sportingstadion waarvan hij de ruïneuze toestand aanklaagt, zet nog extra kwaad bloed bij het stadsbestuur. "Het is hallucinant hoe ze deze infrastructuur laten verkommeren, terwijl het stadsbestuur beloofde om de nieuwe fusieploeg slechts één jaar in Kermt te laten spelen", merkt hij op. "Intussen zou men ervoor zorgen dat het complex aan de Oude Kuringerbaan op het niveau van tweede klasse kwam en er daar kon gespeeld worden".

De Hasseltse sportinfrastructuur, met 12 sporthallen en een honderdtal sportvelden, noemt Schuermans "enig in ons land". Volleybal Genk wilde zelfs naar Hasselt komen. De 424 Hasseltse sportclubs met 26.000 leden - ook van buiten Hasselt - moeten dan ook alle kansen krijgen. Hij vraagt een aanpassing van de stedelijke sportraad zodat de clubleiders meer inspraak hebben. De contacten tussen de hoogst gerangschikte en de lagere clubs kunnen veel beter. Er moet ook wat gebeuren aan de zware facturen voor het gebruik van de sporthallen, die onder andere handbaldub Initia toegestuurd krijgt voor de intense training van zijn jeugd.

Topsport is belangrijk vanwege zijn aanzuigeffect op jonge sporters. Schuermans: "Dat men in Genk verdraagzaam samenleeft, heeft onder andere met de topsport te maken. Want die verbetert

het sociale weefsel waar Stevaert zo dikwijls naar verwijst." Maar de Stichting Topsport, door het bestuur opgericht om Hasseltse zelfstandige ondernemingen ("die we meer hebben dan Genk") ertoe te brengen de eigen sportclubs meer te sponsoren, haalt volgens Schuermans een schamel resultaat. En hij betwijfelt of dat in de toekomst verbetert. In elk geval is een uitbreiding van sporthal Alverberg nodig.

De reacties blijven niet uit, zoals op een VLD-congres over veiligheid, in aanwezigheid van de SP.A-ers Herman Reynders en Hilde Claes. "Als de CD&V dat nog één keer lapt, stappen we uit het schepencollege", laat Paul de Bellefroid, VLD-fractieleider in de gemeenteraad, weten. Voorzitter Bekkers van VLD-Hasselt zegt dat zijn partij zich loyaal aan het aangegane engagement houdt. "Het afspiegelingscollege is een experiment, maar de manier waarop de CD&V het invult, delen we niet. Het moet gedaan zijn met het schepencollege af te schieten, anders stappen we eruit".

In het Vlaams parlement in Brussel roept Stevaert woedend Jean Vrijsen bij zich. "Ik wil Schuermans niet meer zien, hier niet en in Hasselt niet", luidt het. Het probleem lost zich gedeeltelijk op. In 2004 verdwijnt Schuermans uit het Vlaams parlement omdat hij bij de verkiezingen niet meer op een strijdplaats wil staan. Na 25 jaar professioneel aan politiek te hebben gedaan, vindt deze licentiaat poltieke en sociale wetenschappen (of zijn partij?) dat het welletjes is geweest. Hij stapt over naar het dienstenbedrijf PKF waarvoor hij de contacten met de openbare besturen verzorgt. Schuermans blijft wel CD&V-fractieleider in de gemeenteraad.

Een mooie illustratie van de open-debat-cultuur vormt de uitbreiding van het OCMW-gebouw aan de Rodenbachstraat. Die kost meer dan het dubbele van de aanvankelijk begrote 69 miljoen fr., als de aankleding nog bezig is. Telkens krijgt de gemeenteraad het dringende verzoek van de schepenen voor meer geld voorgelegd en zonder één vraag keurt de raad dat telkens unaniem goed. De plannen om het er tegenover gelegen Radio 2-gebouw voor ruim 70 miljoen fr. aan te kopen worden uitgesteld, maar dat betekent geen afstel.

Monique Tilkin neemt tegen haar zin afscheid van de OCMW-raad, maar Agalev vindt het niet opportuun haar mandaat voor zes jaar te verlengen. Voortaan is er bij de dertien raadsleden nog één vrouw. Tilkin had zich vastgebeten in het dossier van Juniperus, een gebouw aan de Witte Nonnenstraat met 39 chique service-flats. "Zelfs vanwege gefortuneerde Antwerpenaars was er interesse", weet Tilkin. "Dat terwijl Hasselt asielzoekers in de Seefhoek heeft zitten. Doordat Juniperus het OCMW jaarlijks 15 miljoen kost, kan het gebouw van Radio 2 niet gekocht worden".

Vlaams Blokker Moulckers vraagt op de gemeenteraad een toilet voor de vissers aan het Kanaal. Als het niet anders kan mag dat een hondentoilet zijn.

Een voorbeeld van open debat-cultuur zoals de coalitiepartners het zich dromen geeft CD&V-er Georges Beerden. Een voorzet voor zijn eigen doel, de anderen moeten het enkel afmaken. Zelfs met de voorlopige vaststelling van een BPA voor het Herkenrodebos heeft hij moeite. Schepen Froidmont spreekt van één van de grootste open ruimte-BPA's van Vlaanderen. In het gebied tussen Kermt en Kiewit (850 ha met het Scholteshof middenin) moet het landschap bewaard blijven en open voor fietsers en wandelaars. Beerden voelt nattigheid voor zijn landbouwers maar laat zich voorlopig paaien.

KRITIEK VAN OUTSIDERS - Inhoud

Als gastspreker op het congres van VLD-Hasselt blijkt de Vlaamse minister-president Patrick Dewael helemaal niet gewonnen te zijn voor een afspiegelingscollege op zijn Stevaerts. Dit soort concensusdemocratie, waarvan zijn vice-minister-president in de Vlaamse regering de architect is, doet volgens Dewael de politiek vergrijzen en zet de deur open voor het Vlaams Blok. Als gewezen burgemeester van Tongeren ondervond Dewael het kruidige van de gemeentepolitiek. Dewael: "In het parlement gaan hevige debatten door. Maar ik moet toegeven dat ik zenuwachtiger was als ik naar de gemeenteraad in Tongeren ging. Want je wist nooit wat te gebeuren stond. Daarvoor moet je wel het spanningsveld tussen meerderheid en oppositie hebben". Ook het destijds proportioneel samenstellen van de Vlaamse regering, waarvan Dewael nog deel uitmaakte, noemde hij "een nefaste formule". Het VLD-kopstuk riep zijn Hasseltse partijgenoten op zich te profileren, want omdat de Fransen het verschil niet meer zagen tussen links en rechts verloren ze hun interesse in de politiek.

De nieuwe voorzitter van de VLD, Frank Bekkers, was bij zijn verkiezing in mei 2001 veel voorzichtiger: "Het ganse bestuur, op twee na, stond na een open debat achter verdere deelname. Als Steve de bedoeling heeft om een knuffel-dictatuur te vestigen dan is het aan het bestuur om uit die wurggreep te geraken".

Over de afkalving van het aantal VLD-schepenen: "Twee dingen zaten tegen. Het weggaan van Karina Quintiens kostte ons een zetel in de gemeenteraad. En tegen Stevaert die zich nationaal aan het profileren was konden we moeilijk op".

TWEEDE ADEM? - Inhoud

Breder dan de open debatcultuur interpreteert het stadsbestuur de opslag voor de gekozenen want daarvoor neemt het steeds het wettelijk toegestane maximum. De zitpenning van de Hasseltse gemeenteraadsleden verdubbelt van 3000 tot 6000 fr. per commissievergadering en hetzelfde per gemeenteraad, die dezelfde materie dunnetjes en in versneld tempo overdoet. Burgemeester en schepenen rijven een veel ruimere opslag binnen. Enkel voor de raadsleden komt dat jaarlijks neer op een stedelijke meeruitgave van zo'n 2,5 miljoen fr. Met daar bovenop de kosten van de politiehervorming en de slinkende inkomsten door de liberalisering van de energiemarkt kan de burgemeester enkel beloven dat dit jaar de belastingen niet verhogen. Einde van het jaar bekijken hij en zijn schepenen de zaak opnieuw.

De krachtlijnen voor de volgende zes jaar worden uiteengezet in een vervolg op de bijbel "Hasselt aan de mensen". "Elke Hasselaar fier op zijn stad", heet dit "nieuwe testament" dat het burgemeestersduo Stevaert-Reynders voorstelt als leidraad voor het beleid tot 2006. Enkele items: 9000 mogelijke nieuwe woongelegenheden (maar het zou niet goed zijn die alle te bouwen), 70.000 inwoners en Hasselt universiteitsstad (zodat het wonen boven winkels weer kansen krijgt).

De bevolking krijgt verantwoordelijkheid voor speelpleintjes, de inrichting van hun straat en buurtbarbecues. Voor de TT-wijk, de Kanaalkom en de stationsbuurt komt telkens een masterplan. Verder zijn er het riolerings-, stoepen-, bomen- en bankenplan. Voor de verkeersveiligheid dienen 600 knelpunten te verdwijnen.

"Zelfs voor een gezin met een gemiddeld inkomen is bouwen in Hasselt bijna onmogelijk geworden", geeft schepen van grondbeleid Vanmuysen toe. Hij richt een Hasselts Grondfonds op om de komende jaren 1500 woongelegenheden te creëren.

In dezelfde lijn als de leidtekst ligt een door Noël Slangen voor zijn geboortestad ontworpen nieuw logo, een verbinding van innovatie (waarvoor een warme rode kleur) met klassiek (het oude wapenschild). Daarmee hangt de vaste slogan Hasselt, Hoofdstad van de Smaak samen. Onder Smaak vallen: de jenever, de speculaas, de restaurants en musea. Vier smaakzones beconcureren elkaar: het zoete van de winkels en terrassen, het zoute van stoeten en straatanimatie, het bittersterke van cultuur, congressen en onderwijs, het pikante van pukkelpop, rimpelrock en nachtleven.

Aan de lezer om hetzelfde concept eens toe te passen op bijvoorbeeld Leuven of Brugge. Het gebeurde intussen al voor de Provincie Limburg. Eén en ander zal terug te vinden zijn op de 25.000 vlaggen waarmee Stevaert zijn volk wil leren zwaaien in Hasselt, "een stad met visie, een referentie- en modelstad".

Een vroeger idee van Noël Slangen - de opsplitsing van het CCH in de Cirk en de doos -interesseert 70 procent van de toeschouwers niet, zo blijkt uit een enquête bij 500 van hen. Tien procent vindt het zelfs een slecht idee, twintig procent een goed. Het zit Slangen lokaal niet mee want Armand Schreurs schiet ook met scherp op diens imagocampagne Hasselt, Hoofdstad van de Smaak. Omdat Armand als outsider in de Hasseltse gemeenteraad het woord niet mag nemen wil hij daarvoor SP.a-raadslid Phil Put inschakelen. De voormalige alombekende ijsverkoper in de Maastrichterstraat zou een protestekst van Schreurs voorlezen. Maar zover reikt de tolerantie van de open-debat cultuur niet en de brave, wat naïeve Phil -een mensch van goede wil- wordt door de eigen partijtop op cassante wijze teruggefloten.

Armand komt beter weg met de Speculaas van de Maand, want dankzij hem komt er nationale mediabelangstelling voor de campagne. De poppenspeler krijgt twee vlaggen met "Ik steek mijn dikke nek uit voor Hasselt" en mag voortaan ook adviezen geven. Gratis, terwijl Slangen voor zijn campagne 2.116.000 fr. incasseerde.

Reactie van minister-president Dewael: "Zoals er in Amerika inpak-kunstenaars zijn, heeft het Hasseltse stadsbestuur Armand Schreurs ingepakt met twee vlaggen en een titel als adviseur". Dewael, die even tevoren het afspiegelingscollege in Hasselt afkraakte, verwijst naar de recente ervaringen van politiek Nederland en Pim Fortuyn. "Is die imagocampagne protserig en getuigt ze van een dikke nek? Daarover spreek ik me niet uit. Maar het is niet toevallig dat een extern de vonk bracht in dit maatschappelijke debat".

Door een hernieuwde overeenkomst met De Lijn in november 2001 kunnen Hasselaren tot 2006 gratis de stads- en streekbussen blijven nemen. Dat kost de stadskas jaarlijks 41 miljoen fr. Bij het begin van het experiment met de gratis bussen in september 1996 ging het om 28.553 ritten, wat vijf jaar later aangroeide tot 349.225. Maar omdat de uitbouw van het stadsnet het gebruik van het streeknet deed afnemen is de (forse) toename toch beperkt tot factor 6,05. De Lijn rekent de gestegen exploitatiekosten door, uitgaande van het Vlaams gemiddelde. Terwijl Hasselt dit jaar zo'n 21 miljoen fr. betaalt loopt dat vanaf 2002 op tot zo'n 41 miljoen: 34 miljoen voor het stadsnet en 17 miljoen voor het streeknet. Maar omdat de 65-plussers overal gratis rijden gaat er weer tien miljoen af. Blijft 41 miljoen fr.

De ministers Daems en Verwiighen komen de start van de werken voor de nieuwe gevangenis aan de Herkenrodesingel op 22 november officialiseren. Omdat een flink deel al recht staat, vijzen ze symbolisch de eerste tralies vast. Later komen hier 450 gevangenen achter twee kilometer draadafspanning zitten. In de buurt zullen zich ook de civiele bescherming, de brandweer en de politie vestigen. Intussen is er het plan om de politie in dat geval in de huidige brandweerkazerne onder te brengen.

Met de CVP-er Johan Vanmuysen krijgt het schepencollege er een harde werker bij. Deze Kermtse advocaat vormt ook een tegengewicht voor de burgemeester en de schepenen die, met het verdwijnen van Ivo Konings als Stevaert partijvoorzitter wordt, allen uit De Voorzorg komen. Zowel de tarieven van foorkramers als die van de taxichauffeurs pakt Vanmuysen aan, niet altijd probleemloos. Zo bezweert hij de onwillige foorkramers in september 2001: "We zijn met u tot een akkoord gekomen over tickets van honderd frank voor grote, van vijftig frank voor kleine attracties". Zo tracht hij hen weer in het gareel te krijgen bij de voorstelling van de Hasseltse septemberfoor. Enkele van hun afgevaardigden zien dat duidelijk anders.

Hij kan ook niet akkoord gaan met een studie van de Maastrichtse prof Maks, die Aken, Maastricht, Luik en Hasselt vergelijkt. "Ik betreur de onjuiste conclusie dat Hasselt de duurste winkelstad in de Euregio zou zijn", reageert Vanmuysen.

Met de taxichauffeurs komt hij maximum tarieven overeen. Binnen de grote ring is dat vijf euro, 's nachts zes; binnen Groot Hasselt voor jongeren onder de 25 jaar tien euro.

Als schepen van middenstand is Vanmuysen ook voorzitter van de Grenslandhallen. Bij zijn aantreden laat Stevaert hem al weten "die boïte van het NCMV beu te zijn" en maant hem aan: "Die moet ge verkopen", wellicht in figuurlijke zin bedoeld. Eerder gingen binnen SP-Hasselt stemmen op om het complex effectief te verkopen aan privé-investeerders. Een maand later volgt een opgelaten proefballon voor een derde hal van honderd miljoen maar de stad is niet bereid die te betalen.

Vanmuysen bouwt intussen volop contacten uit met Studio 100 en OctogonCis die er via investeringen een vaste stek krijgen. Een samenwerkingsverband voorziet in het multifunctioneel uitbouwen van hal 4 met een toneeltoren, kleedkamers en podia, waarvoor werken doorgaan tussen 1 mei en 30 september 2002. Dat alles terwijl de GLH met de woorden van een CD&V-kopstuk vooral op beheerraadniveau nog steeds "de organisatie van een parochiezaal" heeft. De infrastructurele expansie gaat wel gepaard met een flinke uitbouw van de groep medewerkers. In februari 2002 luidt het: de door Stevaert als proefballon opgelaten mega-discotheek aan de GLH is dood, leve hal 6. Die is groter dan de bestaande hallen 4 en 5 en kost 8,5 miljoen euro. Daar bovenop voegt de bijbouw aan hal 4 met een theatertoren van 21 meter hoog een Congrestheater voor 1500 personen toe. Dat Congrestheater gaat al in september van start met een musical van de privé-partner van het eerste uur, Studio 100. In januari 2003 ruilt Hasselt Proms, een organisatie van het Feestcomité, het cultureel centrum voor de nagelnieuwe infrastructuur van de GLH in. Het publiek voor één avond kan zo verdubbelen.

Vanaf de Paasvakantie 2005 is Plopsaland permanent aanwezig. De vzw Grenslandhallen en de NV Plopsaland tekenen een intentieverklaring en plannen een investering van 10 miljoen euro. Er zouden 35 nieuwe jobs mee gepaard gaan. Elke dag treedt één van de vedettes op: Samson & Gert, Kabouter Plop, Whizzy & Whoppy, Piet Piraat, de afwisseling is gegarandeerd. Het themapark telt tienduizend vierkante meter en er wordt jaarlijks gerekend op 225.000 bezoekers.

Het grote geld komt van Ethias en de Limburgse Strategische Ontwikkelingsmaatschappij (Lisom). Vooraleer Stevaert voorzitter wordt, maar wel dankzij de voet die hij er al in huis heeft, geeft Ethias gespreid in de tijd tien miljoen euro voor de arena die zijn naam zal dragen. Lisom, de LRM-dochter die met Limburgs reconversiegeld in niet-rendementsgebonden projecten investeert, brengt 3,48 miljoen euro in. Terwijl vroeger moord en brand werd geschreeuwd als het oorspronkelijke concept van de Grenslandhallen in gevaar dreigde te komen, zijn nu geen proteststemmen te horen bij de ongebreidelde uitbreiding met de Ethias-arena en de Plopsaland-hal die bij een Hasseltse toegangspoort een architecturale drommedaris vormen. Tientallen miljoenen euro's worden gevonden, maar de Groenen krijgen te horen dat de door hen gevraagde zonnepanelen en andere ecologische nieuwigheden niet kunnen wegens te duur. Bouwvergunningen en BPA-wijzigingen betekenen doorgaans een lijdensweg, ook voor de overheden zelf, maar hier gebeurt alles in een ijltempo. Zodanig dat pas naderhand opvalt dat Plopsaland gebouwd werd op het tracé waar de al zo lang aangekondigde lightrail zou komen.

Wie het complex leidt is niet zo duidelijk. We mochten het meemaken dat aan de ziedende Guido Quintens als ondervoorzitter van de GLH-beheerraad de toegang tot het gebouw geweigerd werd omdat hij niet het vereiste document bij de hand had en niemand hem kende.

Ook andere schepenen doen zich met wisselend resultaat opmerken. Een mini-schoolrel komt er als schepen van onderwijs Gysens zich moeit met een folder voor gelijke behandeling van het katholiek onderwijs, die de directeur van de vrije basisschool Kiewit meegeeft aan 300 leerlingen. De CD&V-er Schuermans vindt dat "ontoelaatbare kritiek".

Dezelfde schepen pleit voor een bindend referendum voor jongeren vanaf 14 jaar. Een palio met elkaar bekampende wijken zoals in Siena - maar dan op de fiets in plaats van te paard - gaat voor het eerst door op vrijdag 11 oktober 2002.

Schepen Konings vraagt het stadspersoneel op vrijwillige basis een charter tegen pesten te ondertekenen. "We zijn er al een jaar mee bezig", reageert hij op de insinuatie van opportunistisch inspelen op de actualiteit. Zijn afgeslankte Oktober Uitgelezen zorgt nog steeds voor mooie happenings zoals de vijftig poëzieliefhebbers achter acteur Bert André die op het Oude Kerkhof aan de Kempische Steenweg gedichten voorleest. Nog poëzie valt vanaf december 2002 te lezen op grote blauwe stenen van de Groene Boulevard en op de straten, om te beginnen van Hendrik Van Veldeke, Paul Van Ostayen en Alice Nahon.

2003 is weer een Zevenste Jaar met Virga Jesse Feesten. In totaal zo'n miljoen bezoekers nemen in augustus deel aan de activiteiten in het zomerse Hasselt en 800.000 mensen komen er shoppen. Op drie dagen telt Pukkelpop 120.000 enthousiastelingen. Voor de absolute topdag zorgt op hetzelfde festivalterrein enkele dagen eerder Rimpelrock: 50.000 senioren met nog eens zoveel, flanerend in de binnenstad. De vette subsidie voor deze "culturele manifestatie" - want in die categorie brengt een speciale jury die tweeënhalf miljoen euro in Limburg moet verdelen ze onder -wordt met plezier binnengehaald. Het is één van de laatste dossiers die de uittredende Vlaamse regering erdoor sluist. De organisatie ontvangt 300.000 euro, ondanks het negatief advies van de Inspectie van Financiën die een link vermoedt met Pukkelpop. De adviescommissie stelt een beperking tot 100.000 euro voor. Organisator Chokri en burgemeester Reynders vinden de subsidie te gering zodat de wat oudere, meestal bemiddelde bezoekers vijf euro moeten betalen. Een schijntje tegenover wat de toegang tot de Pukkelpop-weide aan jongeren kost.

In november 2003 een déja entendu: Een ondergrondse parking met ruimte voor achthonderd wagens bij het station, een overbrugging naar Runkst en 1500 m2 die vrijkomt voor kantoren. Het werd al vaak in het vooruitzicht gesteld, maar nu zou daar met als gangmaker de NV Stationsbuurt -met een participatie voor de helft van de stad, voor de andere helft van de NMBS en De Lijn- echt werk van gemaakt worden. Het eigenlijke beleid zal onder gedelegeerd bestuurder Jean Vandeputte gevoerd worden door het Autonoom Gemeentebedrijf, dat nu al het researchpark aan Philips onder zijn vleugels heeft, en Euro Immo Star, de immobiliënmaatschappij van de NMBS. Zij brengen onroerend goed in en trachten privé-investeerders aan te trekken. Langs de spoorlijn verrijzen kantoren, een boulevard en een hellend park. De Lijn belooft een nieuwe aparte busbaan die de grote en kleine ring verbindt, zonder zoals nu door een woonwijk te moeten rijden. De parking in Runkst verandert in nog maar eens een nieuwe woonwijk met groen.

In mei 2001 lanceerde Stevaert reeds zijn idee van een Blauwe Boulevard voor het stadsdeel waar eens het vermaledijde Trema gepland was. "Die Blauwe Boulevard blijft voorlopig een droom", reageert zijn waarnemende collega Reynders. "Eer die gerealiseerd is kunnen we al gepensioneerd zijn. Misschien vond Steve de term uit terwijl hij aan het speechen was. Er is nog geen masterplan voor". De uitvoering -volgens CD&V-ers in het bestuur „Trema onder een andere naam"- is intussen in volle gang.

In december 2003 komt de voorstelling en bespreking ervan door de gemeenteraad. In een notedop bestaat het plan uit de creatie van vier nieuwe wijken (intussen drie). Het aantal bouwpromotoren dat er zijn ei kwijt wil is niet meer te tellen. Voor het wonen is er opvallend veel belangstelling van Duitsers en Deutsche Bank heeft ter plaatse al een kantoor.

Vanaf de Groene Boulevard komt er een promenade langs de Blauwe Boulevard. De zijarm van het Albertkanaal tot de Grote Ring krijgt een brug bij, gepaard aan de verplaatsing van de bestaande. Mét de groene oevers van de Demer, herschapen tot een park, gaat het om een oppervlakte van een half miljoen m2, onderverdeeld in zones en met 1200 woongelegenheden extra. De Limburgia-parking, die eigendom van de stad is, wordt vervangen door een ondergrondse, deels te betalen, deels gratis. Voor Versuz, Aveve, Covee en Athos is het kiezen tussen meestappen of onteigening. Alleen het Volkstehuis blijft overeind. Het ganse complex is voor het autoverkeer afgesloten van de Heilig-Hartwijk.

In september 2003 verandert het LUC niet enkel zijn naam in Universiteit Hasselt. Rector Martens verdedigt ook de twee-campussen-idee, met een ruimtelijke verbinding van Diepenbeek en Hasselt. Door de tUL (transnationale Universiteit Limburg) is ook Maastricht betrokken partij en dat klinkt pan-Limburgs.

Ondernemershuis de Corswarem krijgt het niet alleen druk met de 181 aangesloten leden. Er komt ook een bureau voor rector Martens, managing directer Bruninx van de Flanders Multimedia Valley - beide met vestiging in Diepenbeek - en Willy Claes als voorzitter van de Associatie Universiteit-Hogescholen Limburg.

Op zondag 9 november 2003 wordt Pater Valentinus Pacquay - het Heilig Paterke - zalig verklaard in de Sint-Pietersbasiliek van Rome. Bisschop Paul Schruers is zielsgelukkig. "Hier loopt het volk voor op de paus", reageert hij. "Het Heilig Paterke is geplebisciteerd door de Limburgers om zalig verklaard te worden. Dat elke dag 300 tot 400 mensen zijn grafkelder bezoeken is uniek. Alleen in Brazilië heb ik iets gelijkaardigs meegemaakt". Bij de Paters Minderbroeders en in de Virga Jesse Basiliek gaan vieringen door. Pater Hermans krijgt voor de kerk van de Minderbroeders een bank voor zijn volgehouden inspanningen om het Paterke zalig te laten verklaren. Stevaert, een buur van de paters maar niet aanwezig in Rome, staat erop de bank persoonlijk te komen inzitten. Bij de eerste bankzitters is ook ex-directeur van het Genkse Lyceum Hugo Van Heeswijk, mede-auteur van het boek Anders Geloven dat Stevaert lanceert.

De stad Hasselt verkoopt 64 kavels in de Heilig Hartwijk (buurt Haardbemdenstraat) die meteen een park krijgt. Het zijn de laatste onbebouwde gronden in dat gebied. Het plan voorziet in villa's, gewone huizen en appartementen. Eerder was er al buurtprotest tegen het volledig dichtbouwen van de wijk.

Daar tegenover staat de belofte van Reynders in oktober 2004 dat elke Hasseltse wijk en deelgemeente binnen de tien jaar een park of open ruimte krijgt. "Want de promotoren zouden zelfs op het Sint-Hubertus- en Vrijwilligersplein appartementsblokken bouwen", zegt hij. "De druk op de woningmarkt en vooral de bouwgronden is in Hasselt bijzonder groot". Als de promotoren volharden volgt voor het stadsbestuur vaak een lijdensweg. De minister vindt hun plannen mooi ogen en Structuurplan Vlaanderen voorziet in 8.500 nieuwe wooneenheden. "We hebben in Hasselt gelukkig het Kapermolen- en het Stadspark. Maar mensen moeten nog dichterbij over een open plek kunnen beschikken om te keuvelen en hun kinderen te laten spelen".

BARST IN DE COALITIE - Inhoud

Dat Hasselt zijn riolering wil verkopen aan een Amerikaans bedrijf roept bij meerderheidspartij Agalev vragen op en dat komt tot uiting op de gemeenteraad van juli 2002. Burgemeester Reynders verwacht 150 tot 200 miljoen frank inkomsten.

Op de gemeenteraad van dinsdag 16 september 2002 is er voor het eerst in drie jaar dissidentie. Vijf leden van de meerderheid onthouden zich over de Cross Border Lease. Hasselt probeert samen met 39 andere Limburgse gemeenten zijn riolering aan de Amerikanen te slijten om ze vervolgens terug te huren.

"Ik heb persoonlijk morele problemen", verwoordt de jonge dynamische Agalev-fractieleidster Sandra Bamps haar gewetensnood. Ze wijst op de gebruikte fiscale spitstechnologie. Haar partijgenote Lieve Gelders maar ook Mia Marchal (SP.A) en Annemie Vangronsveld (CD&V) opperen gelijkaardige bezwaren. Ivo Konings (SP.A) is de enige man in dit gezelschap van onthoudingen, alhoewel ook Roland Demal (VLD) te kennen geeft weinig geloof te hechten aan dit verhaal. Het klinkt inderdaad als een Limburg-mop dat de ganse provincie ruim anderhalf miljard euro zou opstrijken voor deze onbruikbare activa, waarvan 4,5 miljoen euro voor Hasselt.

De begroting voor 2003 stelt het zonder nieuwe belastingen, maar er komen ook niet teveel investeringen op voor. De kosten van de politiehervorming lijken mee te vallen, met "slechts" een meerkost van 400.000 euro die moet ingeschreven worden. De twee Vlaams Blokkers in de gemeenteraad stemmen verdeeld, één voor, één tegen. De tegenstemmer doet dat met de dood in het hart "want ik weet dat het bestuur zijn best doet". Hij geeft later een uitvoerige uiteenzetting over wat een asielzoeker ontvangt... in Scherpenheuvel.

In januari 2003 krijgen een aantal kritische vragen op de gemeenteraad geen of een ontwijkend antwoord. Agalev-fractieieidster Sandra Bamps heeft bedenkingen bij de aankoop van wagens op benzine en diesel terwijl LPG milieuvriendelijker, goedkoper en veiliger is. Schepen Stockmans kondigt een vergelijkende studie aan. Nooit nog wat van gehoord.

Idem dito voor de Cross Border Lease. Vragen daarover doet de burgemeester af met te verwijzen naar een studieronde. Men informeert zich. Zo ook voor de vraag van Bamps of hiermee nog een gescheiden riolering-stelsel mogelijk is.

De stadstelevisie, verzorgd door TV Limburg, kost 178.000 euro. "Hoe zit het met de kijkcijfers?" vraagt VLD-fractieleider Paul de Bellefroid. "Ik kan ze zo niet noemen, maar ze liggen hoog", luidt het weinig houvast biedende antwoord van burgemeester Reynders. CD&V-er Roppe vraagt om een evaluatie van het fenomeen. "Dat bespreken we later in de commissie", krijgt hij als doekje voor het bloeden.

Op de eerste gemeenteraadszitting sinds hij, aangesteld tot SP.A-partijvoorzitter, zijn ambt als Hasselts burgemeester weer "effectief" opneemt, die van maart 2003, is Steve Stevaert niet alleen geen voorzitter van de raad, hij komt zelfs niet opdagen. Ivo Konings, schepen af, neemt zijn plaats tussen de andere raadsleden weer in. Deze boezemvriend van Stevaert verliest door diens "terugkomst" niet alleen zijn schepenambt maar ook zijn gehandicaptenuitkering voor 2003. De herverkaveling van zijn bevoegdheden gebeurt met twee laconieke telefoontjes: "Brigitte Smets, gij doet er voortaan bibliotheken en informatica bij. Dirk Stockmans, gij neemt personeelszaken". Herman Reynders blijft de schepencolleges en de gemeenteraden leiden.

Bij de federale verkiezingen van 18 mei 2003 behaalt Stevaert in Limburg 130.339 voorkeurstemmen, gevolgd door Dewael met 58.164. Zijn aanhang ziet in Steve al de volgende federale premier en Eric Nassen, een romanist die lesgeeft in het Hasselts college, stelt via de media zelfs voor hem gratis lessen Frans te geven. Drie dagen na de verkiezingen beginnen de lichten van de Diesterstraat-Koningin Astridlaan te functioneren, met de voorspelde chaos tot gevolg. De handelaars uit de buurt reageren boos, omdat de voertuigen die uit de Diesterstraat komen niet de kleine ring op mogen draaien.

Door zijn drukke bezigheden als partijvoorzitter beperkt de rol van Stevaert zich voortaan nog meer tot delegeren. Op zaterdagvoormiddag neemt hij de Hasseltse dossiers door.

Wie had dat nu gedacht? - Inhoud

De officiële rol die Steve Stevaert in Hasselt speelt eindigt met zijn aantreden als Limburgs gouverneur op 1 juni 2005. Omdat dit als een fin-de-carrière job buiten het eigenlijke politieke bedrijf geldt, hadden weinigen verwacht dat hij er zich toe geroepen zou voelen. Als minister bedankte Theo Kelchtermans destijds voor de eer en in de plaats van de kleurloze boekhouder Harrie Vandermeulen kwam als een deus-ex-machina Hilde Houben-Bertrand die op de Limburgse CVP-ladder niet bepaald op de hoogste sporten stond.

Zelfs Stevaert's copain van het eerste uur, Ernest Bujok, geeft wrevelig toe als directeur van TV-Limburg niet op de hoogte te zijn geweest van die nieuwe stap. Leo Delcroix was dat wel, maar die beschikte over de bijkomende informatie dat de nieuwe functie zou gekoppeld worden aan het prestigieuze voorzitterschap van Ethias, de tweede verzekeringsmaatschappij van België, en dat scheelt zich qua macht en invloed een slok op de borrel. Méér dan een jaar voor deze coup de théatre verklaart één van Stevaert's naaste medewerkers "dat het er nu op aankomt ervoor te zorgen dat Steve een zachte landing kan maken, zonder te crashen". Door de herziening van de Provinciewet zodat een gouverneur op 65 in plaats van 67 met pensioen moet, kan de zetelende gouverneur (voor)tijdig afgevoerd worden.

Dat de vrees om politiek uitgeteld te geraken Stevaert tot een politieke come-back zou aanzetten, zoals Bujok niet uitsluit, lijkt weinig waarschijnlijk. Insiders menen dat zijn optreden als bepalende figuur achter de Hasseltse en Limburgse schermen, zonder hierop te kunnen aangesproken worden, Stevaert het best ligt. Zoals Bujok het formuleert: "Nu kan hij echt burgemeester van Hasselt zijn".

De moraal van dit verhaal - Inhoud

Zoals de keuze tussen Jezus en Barabas voor de joden geen probleem was, zo vormt - zonder de parallel verder te willen trekken - die tussen Roppe en Stevaert er geen voor de Hasselaren. Roppe en zijn ploeg van schepenen, die vaak eerder mini-burgemeesters leken, konden in hun ogen weinig goed doen, Stevaert geen kwaad. Toch gebiedt het materiaal dat voorligt te stellen dat onder Louis Roppe in Hasselt een resem initiatieven op sporen wordt gezet. Misschien teveel. Een gedeelte van die activiteiten valt terug te brengen tot wat onder zijn voorganger Meyers aangevat werd. Daartoe behoorde de "Japan-optie" met de Golf, de Japanse tuin en het Flanders Nippon Centerr, die indertijd geen van alle door de bevolking gesmaakt werden. De Grenslandhallen bleven embryonaal met hun twee hallen, het "Cultureel" en het OCMW met zijn ziekenhuis bleken almaar kostelijker huizen. Toch wilde Roppe met riolering tot in de deelgemeenten en werken in de stad (desnoods zonder subsidies) de broodnodige inhaalbeweging maken. Dat stelde de financiële draagkracht van Hasselt op de proef. Voeg daarbij het experimenteren met het autoverkeer en het parkeren in de binnenstad, met als apotheose het Trema-project, en alle ingrediënten zijn aanwezig voor de kroniek van een aangekondigde mislukking.

Temeer omdat de SP-oppositie (of Ernest Bujok met zijn Wesp) al deze valse snaren bijzonder vaardig wist te betokkelen. De dissonanten werden vertaald in oerduidelijke slogantaai: de lege kas, de elitaire Golf, de peperdure Japanse tuin, de hatelijke TT-torens, de baronnieën in de musea, elk ervan het product van dit „bestuur van fuifnummers" zoals de SP het voorstelde. Na de putsch die Stevaert aan het beleid bracht luidde het: Hasselt aan de mensen, gedaan met de grote projecten. Het toch al te snelle investeringstempo werd teruggeschroefd en de financiële toestand rechtgetrokken met een belasting, die Roppe en passant nog in de schoenen geschoven kreeg. De medewerkers in de administratie bleven van hoog tot laag op post en konden hun ding verder doen, hetgeen voor grote continuïteit zorgde. Tegelijk spreidde het nieuwe bestuur (of beter het kabinet-Stevaert) een waaier van kleinere initiatieven uit, waarin de Hasselaren zich herkenden, ook al omdat de handig bespeelde media er uitvoerig en positief over berichtten, De gezonde financiën kregen een speciaal cachet door het vervolgens afbouwen van de "grondbelasting" tot een lager peil dan voorheen. De stimulans voor het openbaar vervoer, met als kers bovenop de crème frafche van de taart het gratis busvervoer, kaderden mooi in het project van de Groene Boulevard, dat zich sowieso opdrong, maar een prachtig ogende verpakking meekreeg. En wat een timing!

Het leverde de SPa, een kartel met de intussen binnengehaalde Groenen, een ruime meerderheid op bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2000. Maar gaf de Hasseltse kiezer de zelfzekere Steve ook een mandaat om de nog feller dan vorige keer afgestrafte CVP, intussen CD&V, weer aan boord te heisen of speelden "hogere partijbelangen"? De door Stevaert naarstig gepredikte en bejubelde open-debat cultuur werkte precies hém op de zenuwen als er te ver buiten de orthodoxie getreden werd. Ook voor de gekozenen van zijn eigen partij betekende het dat ze maar liever zwegen. De oude socialistische militanten -numeriek en qua invloed niet te onderschatten- ageren nog steeds tegen Stevaert's idee dat ze deel uitmaken van de beweging, die ze vreesden als Ersatz voor de gestructureerde partij met haar duidelijk beleidsprogramma. Krijgen ze met het zich buitenspel zetten van Stevaert weer meer ruimte? Zijn de ecologisten rond Toon Hermans, die zich afscheidden van Groen!, en de progressieven van Spirit bij hen nog welkom?

De antwoorden op deze vragen bepalen mede de toekomst van Hasselt na het vertrek van zijn Grote Roerganger. Zijn opvolgers hebben gezien hoe doodsimpel hetgeen Stevaert deed was en met welk schijnbaar gemak hij het voor elkaar bracht. Maar net dat schijnbare is bedrieglijk en kan zijn opvolgers overmoedig maken. Was en is bij hen voldoende talent aanwezig? Het gratis-verhaal kan met onbetaalbare rekeningen een venijnige staart krijgen. Als dat blijft, waar haal je dan de centen voor bijvoorbeeld een luxueus, nieuw overdekt zwembad? Hoe kunnen de versnipperde diensten en instellingen tot een logischer samenwerking gebracht worden? Met de Groenen, die zich al opsplitsten tussen voor- en tegenstanders van het kartel met de SP.A, ligt een heruitgave van dit afspiegelingscollege niet voor de hand. Het valt te bezien of en hoe snel Groen!, de compromisloze kern rond Sandra Bamps, kan uitgroeien tot een politieke factor van belang. Even onzeker zijn de doorbraak van de NVA en het Vlaams Blok. Wellicht vormen de lucratieve schepenposten voor de kopstukken van de andere partijen, die deelnamen aan dit bestuur, een onweerstaanbare magneet en zijn alweer voor de kiezer verborgen gehouden voorakkoorden getekend.

Dat terwijl Hasselt wacht op een nieuwe generatie beleidsmensen met frisse ideeën.


Cover: Francis Vannerum - Inhoud - Boven