Cultregisseur Jan Bucquoy duikt op in ‘Don’t Worry Be Happy’: “Ik beleef mijn verrijzenis”

Naar Jan Bucquoy

Overgenomen van: HBVL - 27/01/2022


Cultregisseur Jan Bucquoy.  ©  Ivan Put

Ja, Louis en Hubert zijn weer van de partij. Net als de Davidsons en de excentrieke kunstenaar Floris. Maar in het derde seizoen van het succesvolle ‘Don’t Worry Be Happy’ voert Peter Boeckx ook enkele nieuwe gezichten op. Zo maakt de cultregisseur Jan Bucquoy (76), even bekend om zijn mislukte pogingen tot staatsgreep als om zijn films, zijn opwachting. Samen met zijn zoontje woont hij in een klein appartement, maar hij zou het niet anders willen. “Dat is de prijs van de vrijheid.”

Hij had geld, vroeger. Toen hij faam verwierf met absurde films als La Vie Sexuelle des Belges en Camping Cosmos. Toen hij al even absurde portretten schilderde van bekende gezichten met een onderbroek op hun hoofd. Maar ‘geld oppotten’, dat was niets voor hem. “Dat maakt je saai. Het moet plezant blijven, ik wil zotte dingen kunnen doen. Zolang je kan overleven, heb je genoeg.”
Het hoeft dus niet te verbazen dat regisseur en zelfbenoemd anarchist Jan Bucquoy over enkele weken te zien is in Don’t Worry Be Happy, het programma waarin Peter Boeckx aanklopt bij mensen die misschien niet veel hebben, maar wel gelukkig zijn. “Ik leerde Peter kennen in de jaren 90, toen hij reportages draaide voor het RTBF-magazine Striptease. Hij maakt populaire televisie, maar hij heeft ook een rebels kantje. Dat trekt me wel aan.”

Bucquoy woont tegenwoordig in een huurappartement in Brussel, samen met zijn tienerzoon Arthur. Bezittingen, die heeft hij niet. De films waar hij eens zijn kasten mee vulde, heeft hij aan het Belgisch filmarchief geschonken. “Want alles wat jij bezit, bezit jou ook. Leven doe ik van het geld dat binnenkomt via tentoonstellingen of een schilderijtje dat ik zo nu en dan kan verkopen. Bijster veel is dat niet, maar je zal me er niet over horen klagen. Dat is de prijs van de vrijheid.”

Wallonië onafhankelijk

Al dwingt hij zichzelf om erover te waken dat zijn zoon krijgt wat hij nodig heeft. “Zijn moeder, mijn vriendin Agathe, stierf enkele jaren geleden aan pancreaskanker. Dat was zwaar. Ik ben verantwoordelijk voor die jongen en het laatste wat ik zou willen, is dat hij niet genoeg eten krijgt of niet naar school kan gaan. Het geld dat ik verdien, gaat bijna volledig naar hem.”

“Maar ik denk wel dat het goed met hem komt. Hij heeft al een fijn gevoel voor humor. Als hij naar mijn werken kijkt of hoort welke actie ik nu weer voorbereid, rolt hij met zijn ogen. Ik word zeker geen kunstenaar, zegt hij dan.” (giert)
Want Jan Bucquoy is ook de man die jaarlijks het koninklijk paleis probeerde te bestormen. Die ervoor pleitte om erfenissen via loterij te verdelen. “Ik heb lang geprobeerd om Vlaanderen warm te maken voor het marxisme. Nu is mijn nieuwe missie Wallonië ombouwen tot een onafhankelijke staat. Opnieuw een garantie tot mislukken. Maar ik kan het niet helpen, dat tegendraadse zit gewoon in mij.”

Verdriet om dochter

Nu Bucquoy terug op televisie te zien is, heeft hij het laconiek over ‘zijn verrijzenis’. Binnenkort komt hij immers met een nieuwe film op de proppen. Humor zal in zijn La Derničre Tentation des Belges niet afwezig zijn, maar het wordt ook een persoonlijk relaas over zijn dochter Marie. Zij stapte in 2008 uit het leven.

“Een deel van mij is toen samen met haar gestorven. Als je zo’n film maakt, beleef je dat natuurlijk allemaal opnieuw. Het is voor mij nog steeds erg moeilijk om naar het eindresultaat te kijken. In de film vertel ik het verhaal van een vader die zijn dochter wil doen inzien dat het leven de moeite waard is. Dat er ook veel lol te beleven valt. En daar blijf ik, ondanks alles, ook rotsvast in geloven.”