|
ISBN 90 6440 074 1 D/1982/2868/24 Over Jozef Grauwels zie hasel.be en De Nieuwe Hasselaar 1984. Andere publicatie: Het testament van Erasme Surlet de Chokier de eerste regent van België in 1830. Wegwijzer naar de periode: 1078-1099 Technische noten bij de netpublicatie: * Iedere inwoner van de hoofdstad van Limburg, is nog geen echte Hasselaar. Dat merkt hij spoedig wanneer hij begint aan de geschiedenis van de stad. Als hij eenmaal op weg is, gaan de ogen langzaam en verwonderd open. Dan pas ziet hij Hasselt in zijn ware gedaante, Hasselt zoals het was, lang geleden. Dat verleden trekt hem aan. Hij wil weten hoe alles is geweest, hoe de Hasselaren geleefd en gewerkt hebben, gefeest en geleden hebben, hoe ze gestorven zijn en begraven. De samenstelling van dit boek ontstond uit dat verlangen. Maar wij zijn er levendig van bewust dat er tenminste nog een paar dikke delen kunnen geschreven worden; de stof van Hasselts verleden is overweldigend en wij konden slechts een keuze doen. Het boek is bestemd voor de doorsnee-Hasselaar die wel eens iets over zijn stad wil vernemen maar waarschijnlijk geen tijd heeft voor uitstekende boeken die over de geschiedenis van de stad verschenen zijn. Het is een verhaal over Hasselt van de elfde eeuw tot 1914, over ambachtslieden, vrome nonnetjes, burgers, soldaten, jeneverstokers, ver en recent verleden. Deze kroniek wil de mensen van het oude Hasselt de revue laten passeren en in kleurrijke beelden een kijkje reven op het dagelijks leven in Hasselt tijdens de vorige eeuwen. Men is thans gelukkig ver af van de oude geschiedschrijving die zich concentreerde op dynastieën en veldslagen. Het is niet moeilijk de geschiedenis te schrijven van generaals en ministers, van koningen en kunstenaars die er voor gezorgd hebben dat de sporen van hun activiteiten duidelijk merkbaar bleven. Maar waar zijn de sporen van de anonieme massa? Omdat de documenten over hen zeldzaam zijn en lastig om te ontdekken, blijft de geschiedenis van de gewone mensen, van de kleine man, meestal ongeschreven. Het is nochtans wenselijk die zwijgende meerderheid van het verleden uit de naamloosheid te halen want in de simpele geschiedenis van de kleine man vindt men het diepste van de tijd terug. Het kan begeesterend zijn te luisteren naar het leven van de mannen, de vrouwen, de kinderen en in contact te komen met de geschiedenis van goed en kwaad, van werk en ontgoocheling. Door geduldig en vlijtig zoeken kan men de naamloosheid en het vage van her verleden weer levend maken. Er is over de geschiedenis van Hasselt al een vloed van geschriften verschenen. Wij hebben getracht een weg te gaan die enigszins afwijkt van de normale historische wegen door accenten te leggen op de mens in de meest verscheidene aspecten. De documenten zelf moeten spreken in al hun verscheidenheid omdat zij de klank zijn van de tijd zelf. De lezer heeft de gelegenheid die stemmen te beluisteren en hij zal ontdekken dat hij nu eens niet over geschiedenis leest, maar geschiedenis zelf, dat de geschiedenis als het ware aan het woord is en dat hij met haar geconfronteerd wordt. De aantrekkelijkheid van concrete realia en anecdoten is onverwoestbaar omdat daarin concrete personen optreden of omdat een concreet voorval beschreven wordt, dat soms snaren doet trillen die bij abstracte beschouwingen onaangeroerd en koud blijven. Men komt alzo in contact met het leven van elke dag van de doorsnee-mens, met het kerkelijk leven, handel en industrie, het leven in zijn geheel als een rijk mozaïek. Men krijgt een beeld van het oude Hasselt met lief en leed, met feesten en oorlogsgeweld, met processies en godsdiensttroebelen,, met rijkdom en armoede, met economische welvaart en chaos, met menslievendheid en hebzucht. Het zijn even zoveel momentopnamen uit een onbekend Hasselt, die op sommige punten het beeld van het verleden kunnen retoucheren. Er is een overvloed aan gegevens en desondanks blijven er toch hiaten bestaan omdat er helemaal geen informatie is over bepaalde feiten. Een groot gevaar is de overmaat van negatieve zaken. In de geschiedenis is het precies hetzelfde als in de dagbladen. Normale dingen zijn geen nieuws en alleen de slechte kanten van het leven, kwaad, ellende, twisten blijjven voortbestaan. Het feit dat iets in de geschiedenis wordt vermeld, doet het voorkomen alsof het aanhoudend en allesoverheersend was terwijl het in feite qua tijd en plaats maar sporadisch voorkwam. Om dit euvel enigszins te neutralizeren werd gepoogd ook positieve kanten van het leven in het licht te stellen. Uit de overvloed van beschikbare positieve en negatieve gegevens, van licht- en schaduwzijden van het Hasselts verleden blijkt dat het geruststellend is te weten dat de Hasselaar erge tijden te boven gekomen is, dat hij in de golfbeweging van de geschiedenis steeds dezelfde is gebleven terwijl de geschiedenis zichzelf nooit herhaalt. Alle feiten, alle anecdoten, alle 'faits divers' van de 'petite histoire', zijn de weergave van concrete gegevens die aan authentieke bronnen en literatuur zijn ontleend. Er werd bij voorkeur geput uit archivalische bronnen — schepenregisters, ordonnanties van de Hasseltse magistraat, ambtelijke, rechterlijke en kerkelijke stukken — maar ook uit kronieken, dagboeken, kranten, brochures, pamfletten en gedichten. Voor de oudste geschiedenis van de stad zijn die bronnen schaars; bovendien vinden niet alle aspecten van het maatschappelijk en cultureel leven hun weerslag in die bronnen. Voor de nieuwste en hedendaagse geschiedenis staat men voor het omgekeerde nl. een teveel aan bronnen waaruit een keuze moet gedaan worden. De bonte mengeling van losse feiten, min of meer sensationeel van karakter, kunnen een doeltreffend middel zijn om de kennismaking met de eigenlijke geschiedschrijving te vergemakkelijken. De gegevens kunnen niet alleen tegemoet komen aan de weetgierigheid doch kunnen ook voor velen een prikkel zijn om hun kennis van de boeiende geschiedenis van Hasselt te verbreden en te verdiepen. Daarnaast werpen deze gebeurtenissen, juist omdat zij uit het leven gegrepen zijn en voor zichzelf spreken, soms een scherper licht op de mentaliteit en de situaties in vroegere eeuwen dan waartoe de professionele geschiedschrijving in staat is. 1078 De eerste geschreven vermelding van Stevoort luidt: 'Steinvert', afgeleid van het Germaanse 'Staina' (steen) en 'furdu' (doorwaadbare plaats). 1145 Runkst wordt voor het eerst vermeld als 'Rongese'. De eerste geschreven vermelding van Stokrooie luidt 'Stoccherode' afgeleid van het Germaanse 'stukka' (stok, boomstronk) en 'roda' (gerooid bos). Eerste vermelding van de naam Hasselt in een akte waarbij vernoemd wordt Walterus Guntherus, persona (pastoor) de HASLUTH. Filologisch is die naam afkomstig van het Germaanse 'haslopu', een collectief bij 'hasla', hazelaar. Graaf Geraard van Loon sticht te Herkenrode een abdij voor kloosterzusters, die in 1217 officieel opgenomen wordt in de orde der Cisterciensers. 1183, 22 juli Voor het eerst wordt er melding gemaakt van de Sint-Quintinuskerk te Hallud (Hasselt). 1203, 22 juni Lodewijk II, graaf van Loon, doet ten voordele van de prins-bisschop van Luik, afstand van zijn allodium, eigengoed, van Hasselt met zijn versterkingen en het hele grondgebied en afhankelijkheden. 1213 Graaf Lodewijk II van Loon schenkt de molen van 'Tulthe' en het bos 'Molendich' aan de abdij van Herkenrode. 1218 12 Graaf Lodewijk II van Loon wenst op kruisvaart te gaan en om de tocht te financieren ontvangt hij van de abdij van Herkenrode 400 Luikse marken. In ruil schenkt hij aan de abdij de tienden van Hasselt, Kermt, Kuringen en Stokrooi. Arnold III, graaf van Loon, schenkt aan de abdij van Herkenrode het patronaatsrecht (recht (iin de pastoor te benoemen) van Hasselt en afhankelijke kerken, alsook de visvangst te Kuringen vanaf de grote brug tot aan de molen van Tuilt. De abdij van Herkenrode koopt een groot goed te Meeuwen met het bos van Donderslo van het kapittel van Sint-Servaas te Maastricht. Arnold IV, graaf van Loon, bevestigt de stadsrechten van Hasselt. 1233, 13 april 16 Arnold IV, graaf van Loon, schenkt aan de abdij van Herkenrode de visvangst in de Demer vanaf de molen van Herkenrode tot aan de plaats waar Hendrik van Veldeke de visvangst bezit. Volgens de Hasseltse geschiedschrijver Mantelius wordt er in dit jaar voor het eerst melding gemaakt van het klooster der Augustijnen te Hasselt. 1239, oktober In het vrijheidscharter van Beringen, doet graaf Arnold IV stipuleren dat de schepenen van Beringen in moeilijke rechtsgevallen te rade moeten gaan bij de schepenbank van Hasselt. 1240, september Arnold IV, graaf van Loon, schenkt aan Kuringen het Luikse stadsrecht. 1252, 12 maart 21 Arnold IV, graaf van Loon, verkoopt het bos van Bokrijk aan de abdij van Herkenrode, die er een schuur laat bouwen als begin van een landbouwexploitatie. 1245 Voor het eerst wordt er melding gemaakt van het Begijnhof te Hasselt, gelegen buiten de stad aan de Begijnenpoel, aan het huidige College. 1261, 4 januari Er was reeds een hospitaal te Hasselt en in dit jaar wordt er een kapel en een kapelaan vermeld. De bisschop van Luik, de pastoor van Hasselt en de abdis van Herkenrode betuigen hun instemming met de oprichting van het gasthuis. 1265, mei Graaf Arnold IV van Loon verkoopt aan de abdij van Herkenrode de tienden van Stevoort voot 1.500 Luikse marken. 1286 Helwigis van Diest, priores van de abdij van Herkenrode, laat een monstrans maken, die de oudste monstrans van het land is. 1295, 1 mei De Hasseltse schepen Henricus Tant maakt zijn testament waarbij hij schenkingen doet aan de pastoor en de kapelanen van Sint-Quintinus, aan de rector van de school en aan het hospitaal. 1302, 11 juli Men vermoedt dat Hendrik Tant, schepen van Hasselt, en leenman van de graaf van Loon, deelnam aan de Guldensporenstrijd te Kortrijk. 1308 Ida, dochter van Hendrik Tant, legateert bij testament een rente aan de 'Gholda' van O.-L.-Vrouw te Hasselt. Het is mogelijk dat deze gilde de eerste vermelding is van de Broederschap van de Virga Jesse. 1312 De kanunniken van het H. Graf verplaatsen hun klooster van Wimmertingen naar Hene-gouw. 1315, 26 april Arnold IV, graaf van Loon, kent een privilege toe aan de 40 muntmeesters van Hasselt. 1316 De kanunniken van het H. Graf bouwen een kerk op Henegouw. 1317, 25 juli De kapelaan van Viversel vindt een bebloede H. Hostie en brengt het 'Heilig Sacrament van Mirakel' naar de abdij van Herkenrode. 1330, 23 augustus Graaf Lodewijk IV van Loon schenkt aan Hasselt een stuk heide, gelegen tussen Hasselt en Zonhoven. Om het bezit van die heide zal eeuwenlang getwist worden. 1333, 17 juni Het oudst bewaarde stadszegel dateert van 1333 en stelt een hazelaar voor met vruchten, met daaronder vogels, een haas en een dier, dat op een hert gelijkt. Dit zegel hangt aan een oorkonde, waarbij de prins-bisschop van Luik en de graaf van Loon een verdrag sluiten van eeuwige bijstand; de steden Luik, Hoei, Dinant, Sint-Truiden, Tongeren, Borgloon, Hasselt, Montenaken, Bilzen, Maaseik en Stokkem stellen zich borg voor de naleving van het verdrag. 1334, 1 augustus Stichtingsoorkonde van de O.L.Vrouwekapel door priester Renier Bantsoyn waaraan de prins-bisschop, de graaf van Loon en de pastoor van Hasselt hun goedkeuring verlenen. 1334 Adolf van der Marck, prins-bisschop van Luik, bevestigt de oprichting van de Broederschap van O.L.Vrouw te Hasselt. 1338, 18 mei Te Hasselt wordt een vrede gesloten waardoor een einde wordt gesteld aan de eerste Loonse successieoorlog tussen de prins-bisschop van Luik en Diederik van Heinsberg, aan wie het graafschap Loon toegewezen wordt als opvolger van zijn oom Lodewijk IV. 1348, 12 juli De prins-bisschop van Luik, Englebert vander Marck, bevestigt de statuten van de Broederschap van O.L.Vrouw te Hasselt. 1350, 10 januari Diederik, hulpbisschop van Luik, wijdt de kapel van O.L. Vrouw Virgajesse met het daarbij behorend kerkhof. 1356, 16 augustus De Hasseltse schepenbank en de stadsmagistraat verlenen een attest betreffende de wonderbare genezing van Heylwigis Leux in de O.L.Vrouwekapel. 1359, 11 september Diederik van Heinsberg, graaf van Loon, bekrachtigt het privilegie van de Hasseltse muntmeesters. 1361, 17 januari Diederik van Heinsberg, graaf van Loon, overlijdt te Stokkem en wordt begraven in het klooster der Augustijnen te Hasselt. 1363, 16 april Twee aartsbisschoppen en 16 bisschoppen, zetelend aan het hof van paus Urbanus V te Avignon verlenen aan de abdij van Herkenrode een aflatenbrief, waarop een 14de eeuwse afbeelding van de abdijkerk getekend is. 1370, 9 februari Diederik van Donc en zijn vrouw Agnes van Olmen, verkopen hun leengoederen te Stokrooi aan de abdij van Herkenrode. 1371, 28 augustus De kerkmeesters van Sint-Quintinus erkennen dat de abdis van Herkenrode niet verplicht is ioi liet onderhoud van de drie kapellen die zij buiten het kerkschip heeft laten bouwen. 1375, 9 juni De officiaal van Luik maakt bekend dat er tussen Mathys Hamersins, pastoor van Hasselt, en de stadsmagistraat een akkoord is gesloten betreffende de toediening van de sacramenten die in principe kosteloos moet geschieden; in compensatie kunnen door de gelovigen caritatieve werken gedaan worden 'wy bidden hon caritaetlich dat sy den arbeidt des persoens (pastoor) neit ydel en laten mer doen yet na hon macht ende na honne goeder constitucien'. 1376, 16 juni De steden van het prinsbisdom Luik, waaronder ook Hasselt, sluiten een vredesverdrag met Wenceclas, hertog van Brabant en Limburg. 1379 Eerste vermelding van het laathof van Quaethoven, gelegen buiten de muren van Hasselt. 1380, 21 november De heerlijkheid van Kermt wordt in de leenzaal van Kuringen verheven door Johannes de Harduemont. 1380 Eerste vermelding van het laathof van Doedermeer, buiten de muren van Hasselt gelegen, dat verheven wordt door Johannes de Capelmer. 1381, 13 januari Eerste vermelding van het laathof van Calverhese te Hasselt. 1388 De Hasseltse magistraat verleent het poorterschap aan Bocholt, waardoor de stad het dorp beschermt en het dorp verplicht is militaire steun te verlenen aan de moederstad: gewapende mannen leveren, wachtdienst verrichten, graafwerken aan de grachten uitvoeren. In de volgende jaren wordt het Hasseltse poorterschap nog verleend aan Hamont in 1401, Grote-Brogel in 1402, Neeroeteren in 1402, Meeuwen in 1422, Heusden in 1423, Houthalen in 1429 en Zolder eveneens in 1429. 1392, 30 november 52 Op het zegel van de Hasseltse magistraat wordt een Luiks perron afgebeeld, zinnebeeld van de gemeentelijke vrijheden. Dit perron bestond toen uit vijf treden, een zuil met daarop een bol en waarschijnlijk een kruis. 1396 Hasseltse troepen vergezellen de Luikenaren en Tongerse troepen naar Gelderland waar zij Echt en andere steden verwoesten in de strijd tegen de graaf van Gelre. 1399 De Hasseltse lakenmakers verkrijgen een standrecht in de lakenhalle van Luik. De Hasseltse milities worden samen met de milities van andere Loonse steden opgeroepen om de heerlijkheid van Grevenbroek te gaan verwoesten daar de heer van Grevenbroek moedwillig en brutaal de grenzen met Neerpelt had geschonden. 1406, 20 juni De stadsmagistraat sluit met de abdis van Herkenrode een overeenkomst, waarbij de abdis belooft 'te gheven ter hulpen vande timmeringen ende edificien des koers van den parochie-kercken 300 gulden'; met de hulp van de abdij kon dus een nieuw koor gebouwd worden. 1406, begin november In de strijd om de bisschopszetel te Luik, belegeren de Hasseltse troepen, samen met die van Luik, Hoei en Tongeren de stad Sint-Truiden, die trouw gezworen had aan de pretendent Jan van Beieren. 1407, 24 november De Hasseltse troepen nemen deel aan de belegering van Maastricht waar Jan van Beieren, pretendent van de bisschopszetel, een toevlucht had gezocht. 1408, 4 oktober 59 De stadsmagistraat verklaart dat zij zich zal onderwerpen aan het vonnis dat de hertog van Bourgondië zal uitspreken in verband met de Hasseltse deelname aan de opstand tegen de prins-bisschop van Luik. 1419, 11 januari 60 De Prins-bisschop van Luik beëindigt een geschil tussen de Hasseltse ambachten van de smeden en van de scheerders 'om des teyckens wille vander croenen dat die lakenscheeres meynden ghelyck den smeeden op hoire capruynen te draghen". Er wordt beslist dat de lakenscheerders het recht hebben een kroon aan te brengen op hun vaandels, tenten, wagens en lederen potten, maar die kroon mag niet van zilver zijn. 1419 Prins-bisschop Jan van Heinsberg laat de oude parochiekerk van Kuringen afbreken en door een nieuwe vervangen. 1420, 17 januari De abdis van Herkenrode verpacht het schoenenhuis te Herkenrode aan de gebroeders Jan en Art Kaens; zij zal hen jaarlijks 14 huiden leveren alsook de huiden van het vee dat in Herkenrode sterft, een winterrok, de nodige schors om de vellen te looien, 40 schaapsvellen en per dag drie broden en twee kwart bier (in de vasten twee haringen) en al het gerief voor de schoenmakerij. De pachters moeten aan alle zusters en broeders van de abdij tweemaal per jaar een paar schoenen leveren, ook twee paar aan de wagenman, de visser, de knechten van het bakhuis en het paanhuis, de kuiper, de strodekker, de drie meiden in de keuken; tevens moeten zij alle karriemen en paardengetuig maken. 1423, 26 maart De schout en de schepenen van Hasselt verklaren dat volgens een oud gebruik een nieuwbenoemde schepen aan zijn collega's 'gaeff altoes sinen lieven medegesellen ene sop (bereid met honing, amandels en rozijnen) ende daernae enen maeltyt'. 1427, 27 december Peter Stessens had te Hasselt iemand gedood en hij wordt veroordeeld tot twee boetebedevaarten naar Sint-Jacob en Rocamadour. Hij moet binnen de dertien dagen 'Scerp (schelp) ende staff nemen om denen wech te doene sonder wederom te keeren en hedde denen wech volcomelyc gedaen ende goede warachtige brieven ende siegele tonen in Sint Jacops gewest te hebben'. 1429 Godefridus Hyntus krijgt van Aleidis van Rijkei, abdis van Herkenrode, opdracht voor de hoofdkerk van Hasselt de grote klok te gieten. 1430, 25 november In het klooster van Sint-Catharinadal, bewoond door de Franciscanessen-Penitenten, ook Wittenonnen genaamd, wordt voor de eerste maal de H. Mis opgedragen. 1441 De Witte-Nonnen te Hasselt krijgen toelating om een eigen kerkhof aan te leggen op voorwaarde dat zij jaarlijks 8 vat tarwe aan de pastoor zullen leveren. Bocholt dat het Hasseltse poorterschap had verworven, heeft grensbetwistingen met Kes-senich, Neeritter en Thorn en vraagt hulp aan de moederstad. Hasseltse milities richten een strafexpeditie in en plunderen de drie dorpen. 1446, 8 februari In de leenzaal van Kuringen wordt verheffing gedaan van het Tollenershof, gelegen te Rapertingen. 1448, 12 juli Prins-bisschop Engelbert van der Marck, bevestigt de statuten van de Broederschap van O.L.Vrouw te Hasselt. 1449, 14 april Te Hasselt wordt het bestuurslichaam van de Twaalf Mannen opgericht, die recht krijgen de stedelijke financies en de rekeningen van de Armenmeesters te controleren. Ieder van de twaalf ambachten stelt een lid aan. 1450, 15 juni De prins-bisschop van Luik geeft aan de Hasseltse magistraat toelating om op de hoek van de Lazarijstraat en de Kuringersteenweg 'te funderen een lasarushuys, een capelle met eenen altaer ende eenen kerckhoff, uitsluitend bestemd voor de melaatsen. Wellicht werd die kapel nooit gebouwd. 1451, 9-11 oktober De pauselijke legaat Nicolaus de Cusa verblijft drie dagen in de stad; hij wordt er plechtig door de magistraat ontvangen, woont een schuttersfeest van de Sint-Sebastiaansgilde bij en brengt tevens een bezoek aan de abdij van Herkenrode. 1451 De oudst bewaarde stadsrekeningen dateren van dit jaar; ze werden opgemaakt door twee stadsontvangers, die men bouwmeesters noemde. Er wordt melding gemaakt van twee 'oerclocken', de een op de toren van Sint-Quintinus, de andere op de toren van de laken- en vleeshal (thans huis Moray). In de oudste stadsrekening wordt melding gemaakt van een uitgave ten behoeve van Sirk vander Heyden 'gelyc syn kerff hyelt'. Hier is er sprake van een kerfstok waarop door kerfjes of insnijdingen aangenomen werd hoeveel zaken men nog te goed had als schuld of als credit. 1452 In de Sint-Quintinuskerk wordt door pastoor Dirk van Xanten een Cantorij opgericht, een klein kapittel met vier of vijf kapelanen die dagelijks de getijden moesten zingen. 1455, 19 april Godefridus Poeyerle beëindigt een Middelnederlands handschrift over het leven van Sint-Franciscus, bestemd voor het klooster der Witte-Nonnen te Hasselt, dat nu berust in het provinciaal Archief der Minderbroeders te Weert. 1455 De schutters van Hasselt nemen deel aan een schutterstornooi te Doornik. 1456 Eerste vermelding van de Minderbroeders te Hasselt, die gehuisvest waren in een huis in de Kapelstraat. 1457, 4 oktober De leenzaal van Kuringen beveelt dat een processtuk dat in het Frans was opgesteld, in het Nederlands moet vertaald worden om rechtsgeldig te zijn. 1458, 22 november Op de Hasseltse schepenbank is er een incidentvol proces en de beschuldige wordt veroordeeld tot een bedevaart naar Rocamadour. 'Peter vanden Broeck is comen ende heeft wuestelic ende onredelic sonder oorlof gesproken, grote ede gesworen ende alsullich ge-ruecht gemaict dat tgericht niet en conde setelen ende sede dat sy hem geen recht en deden." 1460-1461 Zuster Anna Swilden van het Witte-Nonnenklooster noteert het eigendomsmerk van het klooster in een Middelnederlands handschrift, bevattende het tweede deel van de Historiebijbel, dat thans berust in het British Museum te Londen. 1462 Zuster Anna Swilden van het Witte-Nonnenklooster noteert het eigendomsmerk van het klooster in een Middelnederlands handschrift De Evangelienharmonie, thans bewaard in de Universiteitsbibliotheek van Luik. 1463, 21 juni De burgemeesters verklaren dat die 'meesters van cirurgyn ende medecyn' tot het smeden-macht behoren en dit ter gelegenheid van de aanstelling van meester Thomas van Caulille tot stadsdokter. 1467, juni De gezellen van de Groene Tent, een gewapende bende die in de strijd tussen de Luikenaren en de prins-bisschop en Karel de Stoute, het platteland plunderden, worden tegengehouden door de Hasselaren, die twee van hen gevangen nemen en onthoofden. 1467, 28 oktober Karel de Stoute breekt door zijn overwinning bij Brustem, de macht van de Luikse steden. In Hasselt worden de gemeentelijke instellingen opgeheven en alle uiterlijke kentekenen van de stedelijke zelfstandigheid worden afgeschaft. 1467, 22 december Karel de Stoute trekt met zijn leger door Hasselt na de slag bij Brustem waar hij de Luikenaren een verpletterende nederlaag toebracht. 1467 In het bloeiende Hasseltse lakenmakersambacht zijn er 521 gezellen ingeschreven. 1470, 12 oktober 'Is geordonneert dat niemans voirtaen inden avont achter VII uren sal in bierhuys drincken gaen nocht sitten drencken. Die by nachte opder straeten onsedich gelaet van joetschen, kreyten oft roepen dede die sal verboeren V aldegroeten. Item datmen by daige oft by nachte op der straeten niet en sal dansen, die dat deet sal verboeren 1 1/2 aldegroeten ende der pyper oft speelman sal verboeren III aldegroet.' 1475, 6 juli Karel de Stoute trekt door Hasselt bij zijn terugkeer uit Neuss in Duitsland. 1475, 10 december Prins-bisschop Lodewijk van Bourbon geeft aan de lakenmakers van Hasselt toelating het altaar van Sint-Severus in de Sint-Quintinuskerk naast de toren aan de linkerzijde op te richten en te laten wijden. 1476, 2 april Hendrik Strauven, jongman, maakt zijn testament en sticht in de O.L.Vrouwekerk het 'Graulaken' om op zijn jaargetijde aan de armen stukken laken uit te delen. Deze stichting werd in de loop der tijden nog met talrijke schenkingen begiftigd. 1477, 19 april Na de dood van Karel de Stoute maakt de stad zich weer vrij, herneemt haar zelfstandigheid en richt verkiezingen in. 1477, 23 april In het register van het smedenambacht wordt er op gewezen dat 'gesant syn X gesellen te Hoey tegen dy utlender en waren ut 4 dage. Onse gesellen gesant twee vaet biers, 300 broets en een veerdel verkensvleesch'. 1480 Catharina van der Molen, ondermoeder van het Witte-Nonnenklooster te Hasselt, copieert een Middelnederlands handschrift over de Psalmen en Cantica, thans bewaard in de Universiteitsbiblioteek te Tubingen. Zuster Anna Swilden copieert een gebedenboek in het Middelnederlands ten behoeve van het Witte-Nonnenklooster te Hasselt, dat in de Provinciale Biblioteek te Hasselt bewaard wordt en nog een ander gebedenboek dat in de Kon. Biblioteek te Brussel berust. 1481, 9 april De Zaal van Kuringen beslist in het eerste proces tussen Hasselt en Zonhoven, dat vier edellieden en vier schepenen van het hoog gerechtshof van Vliermaal in de betwiste heide voorlopige grenspalen zullen doen plaatsen. 1482, 13 september Maximiliaan van Oostenrijk neemt Hasselt in en laat de stad door zijn soldaten plunderen. 'Ende daer geschiedde groetten jammer. Die eene sloeghen sy opde straeten doot, die anderen inde kercken doot voer den autaer, die derde meynden te ontvlugten over die vestien ende doer die gragten ende verdroncken daerin, also dat daer veele goede burger doot bleven ende alle veel gevanghen. Also dat Hasselt seer geschant ende verdorffnen waer ende die guede lieden van Hasselt yammerlijck verjaecht ende verdrieven werden.' 1482, 18 oktober De stadsmagistraat wordt er door Filips van Kleef en Jean de Chalon, Brabantse legeraanvoerders, aan herinnerd dat in 1467 besloten werd de wallen van de stad af te breken, wat evenwel niet gebeurd was; de stad krijgt thans te horen dat het bevel om de wallen te slechten absoluut moet uitgevoerd worden, zoniet zal de stad geplunderd worden... 1483, 24 juli 101 Tijdens een pestepidemie te Hasselt sluit de magistraat een overeenkomst met de Alexianen of Cellebroeders van Diest, die drie Broeders naar Hasselt zullen zenden om er de zieken te verzorgen en de doden te begraven. 1484, 30 oktober 102 De rechtbank van de 22 te Luik beslist dat Filip Vandermeulen, meier van Zonhoven, ten onrechte een Hasseltse burger in de heide tussen Hasselt en Zonhoven heeft aangehouden en dat hij de gevangene onmiddellijk in vrijheid moet stellen. 1484 103 De prins-bisschop Jan van Horne houdt zijn Blijde Inkomst te Hasselt waarbij hem als geschenk aangeboden werden: één os, zes varkens, 11 schapen, twee zilveren kannen, die men te Mechelen gekocht had en die versierd waren met het stadswapen van Hasselt, dat door Walter van Elsrack gegraveerd was. 1485, 28 juni 104 De prins-bisschop van Luik laat te Hasselt uitroepen dat 'egheen knechtkens inder stat in egheen ander schole gaen en sullen dan in die groet schole' en de ouders moeten zich op straf van boete aan dit bevel houden. 1486, februari 105 Gijs an Kanne met zijn Duitse legerbenden, maakt zich tijdens plundertochten meester van het kasteel van Kuringen dat hij afbrandt. 1487, januari 106 In Hasselt wordt er een persoon aangehouden, die verdacht was van samenzweringen en toegaf dat hij de stad wilde afbranden samen met een bende die in Lummen verbleef. 1487, 12 juni 107 De rechters van de Zaal van Kuringen spreken een vonnis uit waarbij de stad Hasselt bevestigd wordt in het bezit van de heide, die betwist wordt door de heer van Vogelsank en de inwoners van Zonhoven. 1488, 23 maart 108 Prins-bisschop Jan van Home laat aan de stad Hasselt weten dat er ongeveer 700 ontslagen soldaten uit Frankrijk van zin zijn de steden Tongeren en Hasselt in te nemen en dat hij daarom een 90tal soldaten zal sturen om de stad te beschermen. 1488, 4 mei 109 De prins-bisschop vraagt aan de stad Hasselt bijzonder op de hoede te zijn voor de Arenbergse troepen die reeds Maaseik ingenomen hebben en die door 'schoene schriftten ende woerden uch bedriegen'. 1490, februari 110 De stad Hasselt levert vier kanonnen aan prins-bisschop Jan van Horne, die daarmee slag levert tegen de Arenbergers in de heide van Zonhoven. 1490 111 Het leger van Robert vander Marck belegert Hasselt maar kan slechts na verwoede aanvallen de stad in nemen, waarbij vele belegeraars de dood vonden in de grachten. 1491, 3 februari De abdis van Herkenrode koopt te Hasselt een oud huis 'In den H. Geest' dat voorlopig als refugiehuis voor de abdij zal dienen. Het huis wordt beschreven als 'een geleighe, huys, schuere, stellinghe, mesthoeff, graeshoeff ende wermishoeff'. 1491, mei Het Hasselts stadspaanhuis (brouwerij met drankslijterij) wordt geopend en kent een grote bloei omdat de stad aan haar paanhuis het monopolie had gegeven dubbel bier te brouwen van een betere kwaliteit dan het gewone bier. Ondanks de protesten van het brouwers-ambacht bleef het paanhuis bestaan tot 1504. 1493 De prins-bisschop laat te Hasselt afkondigen dat 'men inder stadt egheen geltbrulochten (bruiloften waarop iedere genodigde zijn gelag betaalde) halden en sall noch oick nyemandt vanden burgeren buten op geltbrulochten trecken en sall'. 1494, 5 april De stad sluit een overeenkomst met de Witte-Nonnen, waarbij deze vrijstelling van gewone belastingen krijgen en daarvoor op eigen kosten een stenen toren aan de wallen zullen doen maken. 1495 De stadsmagistraat geeft een subsidie aan het gezelschap van Sint-Anna, de voorloper van de rederijkerskamer De Rode Roos, om in de processie van O.L. Vrouw te gaan en een spel op te 1497 In een register van het Hasseltse smedenambacht wordt vermeld: 'Doemen Onse Lieve Vrouwe omdroegh 4 stuivers, van de kerssen te draghen 4 stuivers; den speelman 5 st., die Goliam droegh 4 stuiver'. 1499 De smeden van Hasselt noteren als uitgaven 'van den man Goliam te draghen, aenden man ghemaect ende verdient 6 stuivers' Die uitgaven gebeuren ieder jaar tot in 1513. 1500, 17 februari Op bedevaart gaan was een gevaarlijke onderneming zodat menigeen voorzorgen nam voor de afreis en zijn testament opstelde. Joost Kannegieters uit Hasselt verklaart in de aanhef van zijn testament: 'want ick van sinne ben om te besueken die heilige plaitsen tot sinte Peeters ende sinte Pouwels tot Rome, so ben ick van sinnen te maken een testament'. In zijn testament wordt verklaard dat de Armenmeesters de oude processie op Palmenzondag motten bevorderen en daarom schenkt hij hen een legaat 'om onse Heere Godt in gelykenisse in te halden op den ezel sittende buten der Trichterporte tot aen Sinte Corneliscapelle... als de twelf apostelen oick met gingen, sal aen iedereen een brood gegeven worden'. 1500 Mantelius vermeldt in dat jaar: 'So dede bisschop Johan van Horne die nieuwe oft stenen galg maken buten Hasselt by Kuringen op de straet'. 1501, 24 juni De stadsmagistraat beslist dat de chirurgijnen 'de meesters van cirurgyn ende medecyn' voortaan in het ambacht van de smeden moeten ingeschreven worden. 1501 De stadsmagistraat beslist 310 jonge bomen op de stadswallen te doen planten. 1502, 2 mei De Hasseltse magistraat beslist een huis te Antwerpen te huren waar de Hasseltse wevers hun waren kunnen te koop stellen: 'so wanneer eneghe vanden vier ambachten vanden drapperye gereet syn sullen met honnen lakenen tantwerpen te trecken in die twee merckten hetsy Pinxtmerckt oft Baumesmerckt, dat wir alsdan op stadtcosten ende lasten een huys oft bequeme plaetse aldaer hueren sullen'. 1502, 22 juli De stadsmagistraat benoemt Katharina Kolen tot stadsvroedvrouw; het is de eerste vermelding van een vroedvrouwenbrief te Hasselt. 1502, augustus De smeden van Hasselt boeken als onkosten 'doen men Onse Lieve Vrouwe omdroech aen die kerssen te draghen, aen die toertsen te draghen, den pijper, den man te draghen'. 1504, 21 juni In de Hasseltse rekeningen wordt vermeld dat men aan de metselaars een vat bier geschonken heeft 'opdat sy te zeerder metsen solden'. 1505 Te Kuringen werd Henry Durby terechtgesteld en de beul bracht later het hoofd en een vierde deel van het lijk in een zak naar Hasselt om alles op het perron uit te stallen. De stad geeft een subsidie aan de gezellen van de Rethorikakamer om de Verrijzenis van ons Heer te spelen. 1506, 5 januari Lijse van Hilst dient bij de stadsmagistraat een klacht in tegen Li jsen van Ryckel 'dat sy haer labbecack' uitgescholden heeft. 1506, 15 juni Bij de Blijde Inkomst van prins-bisschop Erard vander Marck schenkt de stad een vergulden kelk van ca. 2 kg, werk van de edelsmid Urlich van Maastricht. 1508, 5 juni Hendrik Dries uit Zonhoven doet een schenking aan de Broederschap van O.L. Vrouw te Hasselt om soep uit te delen op de zondag na O.L.Vrouw Hemelvaart. 1509, januari Enkele soldaten van het garnizoen van Diest poogden de abdij van Herkenrode te plunderen, maar de abdis, Gertrudis de Lechy, waarschuwde de magistraat van Hasselt en toen 'syn de borghers met gewapender handt uytgetrokken en de soldaten verraschende meestendeel doodt geslaghen, dander gevanghen ingebraght, die daerna werden ter jucticie gebraght'. 1509, 18 november De stadsmagistraat laat afkondigen dat iedere inwoner van de 'vier cruysstraeten ende van tl ie straeten daer die processie plecht te gaen' de straat dagelijks moeten kuisen, het mest opruimen en dat men het hout slechts aan één zijde van de straat mag ophopen. 1510, 22 januari Te Hasselt wordt Art Blosen veroordeeld tot een bedevaart naar Rome 'metten voeten te gaen en authentieck bescheit te brengen dat hy daer geweest is' en tot een verbanning van 20 jaar uit de stad omdat hij zijn moeder had aangerand en gekwetst en haar huis had vernield. 1510 De wijbisschop van Luik wijdt de kapel van de Cellebroeders te Hasselt. 1511 Daar de stad Hasselt geen bestendige beul in dienst had moest men soms op zoek gaan naar een vreemde beul. Zo zocht Jan Appelzouwen zes dagen lang in Leuven, Mechelen en Antwerpen 'om eenen scherpenrechter die men niet gecrijgen en cost'. In Hasselt kende men een staking in de lakenindustrie omwille van een loonskwestie. 'Beyde de ambachten, lakenmekers ende vollers, hebben stille geseten ende en wolden nyet vircken'. 1512, 22 november De burgemeesters moeten een geschil oplossen tussen de smeden en de schoenmakers, omdat de smeden beweren dat een arbeider die hamen en andere werktuigen voor de paarden maakt, tot het smedenambacht en niet tot het schoenmakersambacht behoort. 1515, 29 april Voor de stadsmagistraat bekent Thonis dat hij op de markt de kraam van Tielen Philips 'met erren moede omsteit dat die scrage braeck' en hij belooft schadevergoeding te betalen. 1515, 7 juni Prins-bisschop Erard van de Marck heeft in de Sint-Quintinus te Hasselt 'zeer hoichlicken ende custelicken in synen bisschoplicken staet die hoichmisse openbaerlyck gesongen ende wel ontrent dry dusent personen gevormt'. 1515 De haakbusschutters van Hasselt richten een schuttersfeest in met drie tinnen schotels als prijs. Prins-bisschop Erard van de Marck herstelt het kasteel van Kuringen en maakt er een zomerverblijf van. 'Rontom het casteel waeren geplant schoon dreven en den hof versien van alle lieffelycke cruyden en blommen. Daer stont oock een doolhofseer plaisant, versien met fonteynen, die door loote buysen uyt den Demer daer gebracht waeren'. 1516, 22 juni De stadsmagistraat spreekt een vonnis uit in een geschil tussen het ambacht van de bakkers en dat van de kremers en geeft aan de kremers het recht peperkoek te bakken en te verkopen. 1518, 15 februari Voor de schout en de schepen van Hasselt leggen 33 personen de eed af als heidevorsters 'om die heyde wel voer die van Zonuwen te verdedigen ende dieghene die opde heide meyen ende daer gebruycken, te vangen oft te panden na allen hunnen besten vermogen'. 1518, 21 juni Quinten van Wesel wordt te Hasselt beboet met 24 stuivers omdat hij Griet Sausen uitgescholden had 'dat sy den duvel in hedde, dat sy tweer gemaict hadde ende een toeveresse were'. 1518, 3 oktober De stadsmagistraat beveelt dat alle brouwers en herbergiers en 'cabbarettiers' alleen bier zullen tappen met 'der groeter stat besiegelden biermaten'. 1518 De stad schenkt een vergoeding aan Hendrik Hoymekers voor 'kaetsbelle doen de prins-bisschop opden merct kaetsde'. 1519, juni De stadsmagistraat beslist 'in de heyde te trecken om er de stadspaelen tegen die van Zonhoven te vernieuwen'. 1519 De stad laat in de Broekstraat maken 'twee hutten voer die lude die vande pestilentien zieck waeren'. Tevens werd een kar gemaakt 'daer die cellebrueders die dode luden op vueren konnen'. 150 De Cellebroeders van Hasselt worden door de prins-bisschop naar Luik ontboden om er de pestlijders te verzorgen. De Hasselaar Mantelius merkt hierbij op: 'daer syn tegenwoordich al duytsen (Vlamingen) want de waaien en leet aen dat ambacht niet veel'. 1520, 29 maart 151 Mechtildis van Lechy, abdis van Herkenrode, sluit met Conrard van Nurenberg een overeenkomst om in Herkenrode 'een capittelhuys int vierkant te metsenen'. 1520, 4 juni 152 Tussen de stadsmagistraat en de pastoor van Hasselt wordt een overeenkomst gesloten betreffende de onkosten van huwelijken en begrafenissen; er wordt overeengekomen dat men ■1 stuivers zal betalen en dat de armen slechts de helft ervan schuldig zijn. 1520, 12 november 153 In het Cellebroedersklooster was er een pestepidemie uitgebroken en één der broeders was er .i.iii bezweken. Toch bleven de andere broeders contact nemen met de burgers. Daarom verbiedt de prins-bisschop hen streng 'dat ghy van nu voertaen ut ure cloester niet en gaet, staet noch onder tvolck koemt noch inder kereken'. 1520, 1 december 154 De stadsmagistraat ondervindt moeilijkheden met de Witte-Nonnen die weigeren hun aandeel in de oorlogsbelastingen te betalen. De burgemeesters treden kordaat op en dreigen de poort van het klooster te sluiten en in het uiterste geval het klooster af te breken. 1520 In Hasselt wordt een schutterij van haakbusschutters opgericht 'tot bewaersamheit vande stad'. Om hen te leren schieten, richt men een wedstrijd in 'van tenen schoetelen om die met schieten gewonnen te werden'. 1521, 15 mei Jan van Groesbeeck, kastelein van Kuringen, vraagt aan de burgemeesters van Hasselt hulp bij het opbouwen van het kasteel van Kuringen 'wy versuecken uch ghy ons bystant doen wilt ende senden ons te hulpen, zoe volck ende karre'. 1521, 12 juni Na de Rijksdagvergadering te Worms, trekt keizer Karel door de stad Hasselt en gaat logeren te Kuringen. 1524, 11 februari Bartolomeus Cupers uit Bolderberg heeft met peter en meter bewezen dat hij 'inden vonten bennen die stadt Hasselt kersten gedaen is, sodat hy een geboren porter is', en geen toegangsgeld voor een ambacht moet betalen. 1524, 2 september De abdis van Herkenrode bestelt bij Pauwei van Hotne, borduurwerker te Brussel, een koorkap waarop moeten geborduurd worden een Sint-Bernard met O.L. Vrouw en het wapen van de abdis. 1524 160 Een griffier van de Hasseltse magistraat schrijft in een proces-verbaal van een terechtstelling dat meester Jacob de 'hanckdieff, de beul was. Die term wordt in de tekst geschrapt en vervangen door de officiële term 'scerprichter'. 1525, 10 augustus Jan Goermans, vroeger rector van het Begijnhof buiten de muren, sticht in de Sint-Quin-tinuskerk het Wittebrood, om op iedere zondag 12 witte broeden van twee pond uit te delen 'aen aermen gebreickelijcken menschen die laem syn oft zieck te bedde liggen ende andere schaemelen huysarmen die van deuren te deuren niet en bedelen'. 1526, 1 mei De schout van Hasselt dient een aanklacht in tegen Giel in die Smisse omdat hij zijn schaap gewassen had 'in der stadt drincksel, schoon drincksel synde daermen die perde drenckt'. 1527, 24 april De prins-bisschop Erard van de Marck bevestigt de statuten van de Broederschap van O.L. Vrouw; het perkament is met sierlijke gekleurde planten en dierenmotieven versierd en boven in het midden prijkt het wapen van de prins-bisschop. 1527, 7 oktober De schout van Hasselt doet Merten Goetsbloets voor de magistraat verschijnen omdat hij zich verzet heeft tegen de stadsbedienden die het brood van de bakkers controleerden 'ende dat broet gewaicht hebben ende te cleyn vonden ende dat broet doen ewech droegen'. 1527, 28 november In een geschil tussen het 'heirtschap van Godscheide' en de ingezetenen van het dorp wordt beslist dat de 'heert' (de veehoeder) 'smorgens vroich van huse te huse versuecken sall die beesten ende die niet voer hem dryven en willen so en sal hy dair neit meer gaen voer den tyt dat zy hem selffs versuecken.. ende sal hy hon alle dagen versuecken ende die beesten halen'. 1527 I let huis De Wyser, staande op de hoek van de Kapelstraat en de Dr. Willemsstraat, wordt opgetrokken. 1528, 1 juni De abdis van Herkenrode bestelt bij Pauwei van Malsen, borduurwerker te Antwerpen, voor 170 gulden een antependium voor een altaar 'van roet fluwel carmoijsijn daerbinnen een Avenmael van fina goude'. Een antependium werd in 1911 door de kerkfabriek van Kermt aan het Museum te Brussel verkocht. 1528, 12 juni Ghijsen Schuppen verkoopt een rente van één gulden aan Tijs Speelmans en Peter Keysers 'tot orber ende behoif der capelle tot Goitscheide ende haren bouwe ende eenre messe inder weken'. 1528, 24 juni Het ambacht der Kremers beslist dat hun meesters 'sullen sculdich syn enen eerlycken capruyn te maken ende dat ambacht geeft eiken meester een silveren waghe welke sy opten capruyn draghen sullen ende die silveren wage den ambacht wederomme over te geven als hun jaere ut syn sal". 1528, 20 juli De kerkmeesters van Sint-Quintinus sluiten een overeenkomst met meester Andries Keldermans uit Mechelen om een Sacramentshuis te maken voor het koor, waar het tot in 1820 bleef staan en toen afgebroken werd om het koor te verbreden. In het contract wordt bepaald dat het zeskantig sacramentshuis gans de breedte tussen twee pilaren moet innemen met zes pilaartjes met een engel onderaan en dat er overal figuren moesten gebeeldhouwd worden volgens een tekening van Joris Kannegieters. A. Keldermans moet het Sacramentshuis te Diest of te Halen afleveren en de kerkmeesters zouden het daar komen afhalen. De prijs bedraagt 233 gulden. 1528 Hendrik Schats krijgt van de stad Hasselt een wedde om 'die rybauwen ende bedeleirs met nonnen stinckende benen uyt der kercke te halden'. Meester Jacob ontvangt van de stad zijn loon 'voer den groeten lewe boven op die gevel van den raethuys staende te snyden, van eenen hertten te snyden dat totter kaecken (schandpaal) bestemd is'. 1529, 5 juli De schout van Hasselt gelast een uitgebreid onderzoek tegen Otto Moenters die verscheidene burgers had aangesproken om bij de gemeenteverkiezingen de macht in handen te nemen. Uit het getuigenverhoor blijkt dat 'O. Moenters ende een partye gesellen die solden sich verghaderen in den Schutterhof en dan solden sy op traethuys trecken ende aldaar die cluppelen gans afhaelen en solden die procureurs doot smijten'. Hier worden bedoeld de procureurs van de geestelijke rechtbanken die zich hadden schuldig gemaakt aan allerlei afpersingen. 1529, juli 174 Mechtildis van Lechy, abdis van Herkenrode, verpacht de hoeve van Ter Poorten te Hasselt aan Quinten Vaes en zij belooft 'te sullen doen timmeren tot Boxraeck (Bokrijk) een woenhuys met synder toebehoerten omme op desen hoff ter Porten te setten'; de pachter moet dat getimmerde in Bokrijk gaan halen. 1529, 3 oktober 'Op eenen sondach quam te Curinghen een sunderlinghe siecte ende was den Engelsche sweet, waervan veel menschen storven zeer haestelyck, binnen 24 ueren waeren sy doot. De heer van Vogelsanck storf te Curinghen in een bedde vanden sweet op één ure.' 1529, 5 oktober De Cellebroeders ontvangen van de stad Hasselt een geschenk voor hun diensten 'inden tyde die Engelsche zweet hier regeerde'. 1529, 6 november Maarten Tittelmans was op 26 juni tot de schandpaal veroordeeld omdat hij een slechte herberg openhield. De stadsmagistraat besluit enkele maanden later 'om tqaet niet onge-straeft te blijven' de strafte verzwaren met een bedevaart naar O.L. Vrouw te Eynsel 'metter voeten te gaen' en een bewijs van de gedane bedevaart in te dienen. 1529 Mewis Koelen, stadshorlogiemeester, levert aan de stad de eerste 'uerslach', samengesteld uit twee klokken om het uur en het half uur te slaan. 1530, 1 december In de statuten van het smedenmacht worden de beroepen opgesomd die deel uitmaken van het ambacht: 'dye smeden sylver en gout, ijser oft stael, coper, loet, thyen, ende metaal, /.admaeckers, barbyers, potghieters, cardemakers, boegmakers, tychelbeckers, cruickbeckers, gelaesmakers, zeghers, scaelydeckers, schylders, cuypers, zeyldreyers, stoeldreyers, ketelbueters, rayemakers'. 1530, 1 december I V sradsmagistraat beslist aan de oude vrouw Cupers iedere week 4 stuivers te schenken 'van luieren trouwen dienst die sy als vroyevrouwe van auwer tyt bis noch toe bewesen heeft'. 1531, 27 maart Peter Loex wordt door de Hasseltse schepenbank veroordeeld om op Palmenzondag, op Paasdag en op Sacramentsdag in de processie te gaan, barvoets 'ende met eenre opscrift aen syn hoet met groeten letteren gescreven van de misdaet met een brandende keerse'. Daarna moet hij het H. Sacrament te Herkenrode bezoeken, en een bedevaart doen naar Meerssen en naar Brussel. 1531 Jan van Trier, klokkengieter van Aken, maakt de eerste beiaard van Hasselt, die toen de Timp-Tamp genoemd werd. 1532, 19 januari Karel V verblijft samen met de prins-bisschop van Luik op het kasteel te Kuringen. Een kroniekschrijver noteerde hierbij 'ende dye majesteyt sadt noyt wyl dat die mis duerde, maer lach op syn knyen zeer devotelyck'. 1532, 25 mei 184 Mechtildis van Lechy, abdis van Herkenrode, bestelt bij Pieter van Venedigen, burger te Antwerpen, een aantal tegels voor de vloer van de abdijkerk. 1532, 4 juli 185 In een geschil tussen het brouwersambacht en Jenneke Lantmeters, weduwe, omtrent het kopen van het ambacht, wordt gevonnist dat zij als dochter van een brouwer reeds een half ambacht bezit 'men hilt die metskens thalff ambacht' en haar dochters zullen ook het half ambacht hebben 'soe lange sy ongehuwet blyven ende gehuwen sy aen eenen onvryen man, soe sall hon ambacht halff dienen'. 1532, 20 juli 186 Abdis Mechtildis van Lechy laat de geraamten van Geraard, graaf van Loon en zijn opvolgers, die in de abdijkerk van Herkenrode begraven waren, in een enkele graftombe verzamelen. 1532, 4 augustus 187 De pastoor van Kermt gebied aan de parochianen, in opdracht van keizer Karel V 'dat men op dy noen alle dagen soude luyden allen dy clocken en dat dan eeniegelyck op syn knyen soude vallen en zoude bidden vyff paternoster ende V Ave Maria opdat dye keyser victorie mochte vercruygen tegen dy vermaledyde Turcken.' 1532 Abdis Mechtildis van Lechy laat de ingangspoort van de abdij van Herkenrode bouwen. 1533, 14 mei De prins-bisschop beveelt dat Hasselt in het vredig bezit zal blijven van de heide aan de kant van Zonhoven en dat alle overtreders zullen aangehouden worden en gevoerd naar de 'homperlepompe' d.i. de kerker, te Kuringen. 1533 De koster van Sint-Quintinus heeft een dag lang de grote klok moeten luiden 'doir die victorie soe men seyde des Keysers op den Turck'. De stadsgrachten moesten steeds onderhouden worden en daarom werden de leden van de ambachten tewerk gesteld. De leden van de linnenwevers kregen drie aam bier 'doemen tusschen Trichter en Truyerpoort inden graven gedragen hadden'. 1534, 24 januari Een gevangen Lutheraan uit Vliermaal verklaart voor de schepenen van Kuringen dat hij tijdens zijn laatste levensdagen liever een merel zou horen zingen dan een Mis te horen. Op de vraag of er volgens hem een vagevuur bestond, antwoordt hij ontkennend en voegt er aan toe: 'Alleen het hof van Luyck is het vagevuur, want daer veechde men de tessen van de luyden uyt', zodat zij nauwelijks een brood konden kopen. 1534, 19 maart Te Kuringen wordt een zekere Andries, Lutheraan uit Niel, door de beul gewurgd en daarna verbrand. Na de middag wordt een andere Lutheraan, die er van beschuldigd werd Lutherse hoeken te hebben gelezen 'een cruys doer syn wanghe gebrant'. 1534 De Cellebroeders ondervinden soms bijzondere moeilijkheden bij begrafenissen. Zo krijgen /ij van de stad een speciale vergoeding 'van een dooden man, op den kerekhoff gebracht die een wyle doet was geweest, wederom vanden kerekhoff te draegen 1535, 29 januari Na een doodslag op Dierik van Elsrack, wordt de dader Lemmen Erdens door de Hasseltse schepenbank veroordeeld om een voetval te doen voor de zoon van het slachtoffer: tevens sall hij een steynen cruys sculdich syn te stellen, eenen voet lanck buten d'erden, daer Dierick van Elsrack name op staen sall gehouwen ende sullix te setten op d'naetvelt toebehoerende Gerit Diericks broeder daer men dat wijsen sall'. Dat boetekruis staat thans op de nieuwe singel aan de Luikersteenweg. 1535, 17 februari De schout van Kuringen kan te Sint-Lambrechts-Herk enkele Lutheranen aanhouden 'daer waren er onder dy dat eerweerdich heylich gebenedyt sacrament hadden gegeten met honnen vingeren'. 1535, 28 februari Een Lutherse vrouw uit Sint-Lambrechts-Herk verklaart voor de schepenen van Kuringen 'dat dat eerwerdich heylich sacrament anders nyet en weer dan ander broet, dat men nyet vasten en moest ende de heyligen nyet moest vereren; item een leventich mensch en soude hem nyet bichten teghen den anderen'. Zij werd door de beul gewurgd. 1535, 11 april De pastoor van Kuringen maakt een bevel van de prins-bisschop bekend 'dat allen dye alde ende nieuwe testamenten hadden die gedrukt weeren int duyts, dat sy die boecken souden brenghen in des pastoers handen want sy waeren geprint op dy lutheriaensche manier, ende dye se nyet en brochten bennen drye daeghen, dye soudemen halden voer eenen luther'. 1535, 1 juni Itken Koex werd in een geschrift beschuldigd van 'heresie ende ongelove' maar haar man wilde haar onschuld bewijzen. De pastoor Art Meldaerts op wiens verzoek de aanklacht was ingediend, getuigt dat Itken sinds negen jaar niet meer bij hem was komen biechten en hem had verklaard 'zy liet haer moederkercke om spastoers wille'. 1535, 8 juli De meesters van de Colveniersschutters brengen naar het stadhuis om er te bewaren 'den cleynen schuttersvoeghel silveren met eenre cloevener inden becke'. 1535, 24 juli Goerken van Wimmertingen wordt onthoofd omdat hij Luthers was en gepredikt had dat men de heiligen niet vereren mocht, dat de biecht uit den boze was, dat men geen geloof moest hechten aan het H. Sacrament, dat de aflaten slechts bedrog waren, dat het vasten niet door Christus geboden was, dat de pausen allemaal bedriegers waren. 'Syn lichaem waert geworpen onder den galge ende syn hoofd opde galg geset'. 1535, 8 september Alle mannen van Hasselt vanaf 16 jaar worden opgeroepen 'met synen geweire ende met scuppen om in de Hasseltsche heyde die paelen van Hasselt tegen die van Zonuwen op te halden ende te vernuwen'. 1535 De stad Hasselt beslist een harington te kopen 'daermen voer die gemeynte mosselen met meten sulde'. Toen de linnenwevers door de stad werden opgeroepen om 'inder heyden die palen te graeven' ontvingen zij 300 'dobbel broots', 22 pond schapenkaas en twee vaten bier. Op de toren van de Sint-Quintinuskerk werd een 'cleppe oft hulten clocke gemaict om den goeden vrijdach te slaen'. 1536, 5 februari De prins-bisschop van Luik beveelt aan de Hasseltse magistraat, gezien de ronddolende vreemde troepen, alle verdedigingswerken te controleren, inspectie te doen van alle burgers 'omme te sien van wat staeven, geweere ende harnass sy versien syn' en aan alle kloosters en landbouwers aan te bevelen hun korenreserves naar veilige plaatsen over te brengen. 1536, 16 februari Te Hasselt wordt een Lutheraan gevangen genomen, die in Munster herdoopt was en God en alle Sacramenten had afgezworen. 1536, 28 februari In Kuringen wordt een wederdoper uit Sint-Lambrechts-Herk, Peter Keerselaers genaamd, Onthoofd. Maar hij bekeerde zich vóór de terechtstelling; 'hij stierff zeer kerstelyck, had veel zielmessen, hij had den kerckhoff omdat hy soe kerstelyck stierf; hij badt onder de galg dat eenyegelyck quaet geselscap soude schouwen'. 1536, 21 april De prins-bisschop Erard van der Marck is uitgenodigd op een feestmaal dat door Steven Geloes in het Gravenhuis wordt gegeven. 1536, 29 mei De wijbisschop van Luik dient te Hasselt in de hoofdkerk het Vormsel toe aan wel duizend personen. 1536, 22 november De schepenen van Vliermaal, het hoog gerechtshof van het graafschap Loon, houden hun zittingen te Hasselt en er wordt afgekondigd dat 'die sittinghen van daen aff steets tot Hasselt zouden gehouden werden'. 1536 De kerkmeesters van Sint-Quintinus kopen een arendlezenaar in geelkoper. 1537, 8 februari Twee broertjes kwamen van Zonhoven naar Herkenrode om er aalmoezen te krijgen aan de abdijpoort 'ende tsavonts toen sy huyswaerts gaen souden, verdoelden sy in dye heyde ende storven daer in dye heyde tsaemen'. 1537, 16 mei Te Kuringen wordt een zekere Wouter van Pelt, Lutheraan, onthoofd. Hij weigerde aanvankelijk te biechten, beschuldigde de priesters die slechter waren dan Judas, hij beweerde dat hij meer trek had in een goede soep dan in het H. Sacrament, hij weigerde een kruis te dragen en ging blootshoofds naar de plaats der terechtstelling. 1537, 11 juni 'Op eenen maendach is door Curinghen doorgegaen eene struysvogel, sy leydden hem met eenre corden.' 1538, 15 maart 'Om vyff uren naemiddach quam onse biscop van Luyck op Curinghen met hondertich peert. Ons genedighe heer had een langhen baert en allen syn volck hadden baerden. Men lyde de groete clock; in het dorp waeren VI cronen gespannen van goeden welrieckende cruyt.' 1538, 1 mei 'Smorgens reden 64 edelen uyt het casteel tot Curinghen en haelden drie schoon eyken meyers in het Herkenroyderbosch; den eenen mey werd gesat voer Herckenroy, den anderen opt casteel tot Curinghen, den derden tot Hasselt ende elck vanden edelen had eenen schonen mey in syn hant ende hadden twe trommelen.' 1538, 28 juni De stadsmagistraat beslist Steven Geloes vrij te stellen van belastingen: 'Het edel huys van Geloes is om syn groote verdiensten vry verclaert van de wacht, imposten ende andere borgherlycke lasten'. 1538 219 In de kerkrekeningen van Sint-Quintinus komt de volgende post voor: 'Van een lieve here te doen maecken den men op O.L.Herenopvaertdach inder kercken opwerts vuert'. 1539, 19 januari Blijde Inkomst van prins-bisschop Cornelis van Bergen te Hasselt; de stad schenkt hem een vergulden zilveren beker die door de Maastrichtse goudsmid Lambrecht Blijnes gemaakt was, een paar ossen die te 's Hertogenbosch gekocht waren en 12 schapen uit Bokrijk. 1539, 26 januari De prins-bisschop doet zijn blijde intrede in de abdij van Herkenrode 'De joffrouwen haelden myn heer in met processien met dry paer toertsen; item daar waert een heel calf gebraeden'. 1539, 23 september De Hasselaar Jan Lenaerts behaalt te Leuven het doctoraat in de Godgeleerdheid en de siadsmagistraat beslist hem een geschenk te sturen, bestaande uit twee amen en 30 kannen wijn, d.i. ongeveer 300 liter. 1339, mei li is te Hasselt een gemis aan een schoolmeester en de stadsmagistraat geeft bevel om in Roosendaal, Peer, Turnhout, Borgworm en Gierle op zoek te gaan naar een nieuwe schoolmeester. Blijkbaar zonder succes want geen enkele van de aangesproken personen werd in dienst genomen. 1539, 23 oktober De stad beklaagt zich bij de prins-bisschop over het slecht beheer van de prinsenmolen te Hasselt; de inwoners klagen over het lange wachten zodat zij hun kinderen of meiden vijf tot zes keren naar de molen moeten sturen vooraleer hun koren gemalen wordt, 'oick wirdt hon koeren somwylen soe groeff gemaelen als oft gecapt weer'. 1539, 15 november Jonker Steven Geloes geeft een uitvaartfeest voor zijn overleden vrouw Maria van Elderen. 'Er waeren XXVhondert bruyn micken gebacken, elck mick van 2 Vz pont ende er waeren 18 hondert arme luyden gecomen'. 1540, 21 juni In een geschil tussen de linnenwevers en Willem Honichs wordt bewezen dat in 1407 er in Hasselt 526 lakenmakersmeesters waren en dat toen de overgrootvader van Willem in het ambacht was ingeschreven zodat Willem nu tot het ambacht wordt toegelaten zonder speciale inkomstgelden te betalen. 1540, 7 december Elen Achten uit Alken wordt te Kuringen door de beul gewurgd en daarna op de brandstapel verbrand 'totten gebeynte', waarna de beul het geraamte in een kuil onder de galg begraaft. De terechtgestelde was een heks en zij had bekend 'dat sy geboeleert had by den duvel'. 1540 De stad geeft aan meester Jacob de beeldensnijder een vergoeding voor het maken 'van eenen nieuwen ezelsbilt dat men op Palmensondach bezigt met O.L.Heer daerop 'de stad Hasselt twee kwart wijn aan de meikoning. 1541, 21 december De prins-bisschop van Luik geeft aan de stadsmagistraat bevel de lepralijders of lazerssen naar het klooster van Terbank bij Leuven te zenden om hen daar te laten onderzoeken en 'dat die lazersche sullen dragen habyt metter deppen voer daerop openbaerlyck'. 1542, 14 januari 231 De abdis van Herkenrode sluit met Lauwereys Ballen een overeenkomst om te Hasselt een refugiehuis te bouwen 'met gescakiert Sichenersteen ende kareelen, up die maniere van Brabant'. 1542, 16 februari De prins-bisschop van Luik gebiedt aan de inwoners van Helchteren, Heusden, Zonhoven, Zolder, Houthalen, Meldert, Kermt, Spalbeek, Berbroek, Stevoort, Sint-Lambrechts-Herk, Alken, Ulbeek, Wellen, Kortessem, Wimmertingen, Munsterbilzen, Beverst, Diepenbeek, Tessenderlo, Kwaadmechelen, Oostham, Beverlo en Peer vervoer en graaf-diensten te verrichten voor de wallen van de stad Hasselt. 1542, 14 juni Uit vrees voor plunderende soldaten brengen Christiaan Munters, kapelaan te Kuringen, en zijn oom hun bedden in veiligheid te Hasselt en hun kannen en schotels op het kasteel te Kuringen. De abdis van Herkenrode zendt vier wagens met allerlei goederen naar Hasselt in veiligheid. 1542, 8 augustus Een dertigtal gewapende Hasselaren trekken naar Herkenrode op zoek naar vijandelijke rondzwervende troepen maar komen te laat. Hun zoektocht zaait vrees bij de inwoners van Herkenrode, Stokrooi en Kermt die menen dat er een nieuwe bende soldaten opdaagt en dan ook met hun vee de vlucht nemen naar de bossen. 1542, 11 oktober Vier inwoners van Hasselt, besmet met de lepra, verklaren dat zij als 'lazerssche personen van de stadt gecregen hebben een clep, een hoick, laken ofte rock tertyt wanneer datmen alsulcke persoenen ut de stadt sendt'. 1542, 14 november Aan het perron te Hasselt wordt afgekondigd dat iedereen verplicht is de nieuwe zilveren geldstukken van de prins-bisschop te gebruiken op een boete van 10 goudgulden. 1542, 14 december Voor de stadsmagistraat eist Lisken van Dieteren, vroedvrouw, een vergoeding voor haar werk en betoogt 'soe wanneer dat sy enich vrouwe onder handen heeft ende alsdan die vrouwe van Iceven ter doot coempt, dat haer dan toebehoirt allen des dat sy aen haer lijff om oft aen heeft ende dat sullix een alt gebruyck gheweest is'. 1543, 23 mei 238 Tegen de avond gaat de schoolmeester van Stevoort het torenuurwerk opwinden. Tijdens dit ivrik valt de grote klok naar omlaag en verplettert de schoolmeester. 1543, wintermaanden 'Inden winter was soe hardt gevroeren dat Jan van Runxt, wachter op de kerktoren, in die aerde niet comen en kon om die graeven te maken.' 1544, 9 februari 240 Jan Hauwen wordt te Hasselt beboet met drie gulden omdat hij vóór het vastgestelde uur op de markt een kar haver gekocht had, en de granen werden in beslag genomen. Tevens krijgt Thys Basse uit Zonhoven een boete van drie gulden omdat hij 'de merctluyden die terve ter marct brachten, tegengegaen is ende die terve onderwegen aeffgecocht heeft.' 1544, 6 augustus De stadsmagistraat paalt in de heide een terrein af 'soe dat der buytensman die waegen ind perd heeft sall op maendagh ellick met eenre zeysemen moegen heye meyen ind bennensman ind butensman die egheen wagen noch perde en heeft sall meyen moeghen sgoensdaghs.' 1544, 18 september Om 3 u. in de namiddag op de donderdag voor Hasseltkermis, komt de prins-bisschop Joris van Oosternijk van Stokkem naar zijn kasteel te Kuringen. Hij is geheel in het zwart gekleed en zit op een muilezel. De leden van zijn gevolg hebben 'die nieuw cleedingen aen, root met geyl geboord'. 1544, 21 september De prins-bisschop doet zijn Blijde Inkomst te Hasselt. Van de stadsmagistraat ontvangt hij twee stukken wijn die op een wagen lagen, twee ossen, zilverwerk 'en de heer bleef met allen synen volcke tHasselt slapen'. 1544, 11 december Er was een geschil tussen het ambacht der kremers en der smeden die beiden eisten dat meester Rombaut Boba die 'hanterende hem van apothekerijen, medecyn ind artseny' bij hun ambacht zou worden ingeschreven. De magistraat, lettend op het feit dat er geen klachten van de burgers waren en dat 'men in andere stede den vreemde man nieuwe neeringhe inbreng ende voordeel doet', besluit dat de vreemdeling én aan de smeden én aan de kremers een vergoeding zal betalen. 1544, 21 december De prins-bisschop stelt paal en perk aan misbruiken inzake ziekteverzekering, die gebeurden door 'onnutte menschen, sterck van lichaem wesende nochtans nyet en willen arbeyden', die zich als lepralijder laten doorgaan en tot last van de stad komen; de magistraat krijgt opdracht om 'alsulcke lazersche menschen diemen vermoet gesont te syn' te laten onderzoeken in het klooster van Terbank te Leuven. 1544 Mechtildis van Lechy, abdis van Herkenrode, laat een Antifonarium, een grote verzameling van gewijde gezangen, op perkament maken. Dit werk wordt thans bewaard in de abdij van Gethsemani, een Cistercienzerinnenabdij in Kentucky, USA. 1545, 7 januari De gemeentenaren van Sint-Lambrechts-Herk beslissen dat men iedere zaterdag aan de straten zal werken en de grachten zal uitdiepen; iedere man moet van 6 uur 's morgens en van 14 u. afzijn medewerking verlenen. 1545, 2 mei Keizer Karel V reist naar Duitsland en overnacht op het kasteel van Kuringen; 's anderendaags trekt hij door Hasselt. 1545, 5 oktober De prins-bisschop benoemt Lenaert Blomershem tot stempelsnijder van het munthuis te Hasselt. 1545, 16 november Mechtildis van Lechy, abdis van Herkenrode, koopt van Willem van Hinnesdael voor 1.600 gulden een huis te Sint-Truiden om er een refugiehuis op te richten. 1545 Anne Hillen uit Kuringen werd in haar huis gewurgd aangetroffen. De pastoor liet haar bij de galg begraven omdat hij en ook de schepenen van Kuringen vermoedden dat zij zelfmoord had gepleegd. Enkele dagen later werden er twee rovers gevangen, die bij de ondervraging bekenden dat zij de vrouw beroofd en gewurgd hadden. Toen werd Anna Hillen ontgraven en te Kuringen in de kerk ter aarde besteld. 1546, 11 februari Men had te Hasselt vastgesteld dat vreemde bakkers op de marktdagen zowel rogge — als wit brood te koop stelden, waartegen de ambachtslieden van de bakkers protest aantekenden. De vreemde bakkers beriepen zich op een oud gebruik en de magistraat 'voer oegen nemende soe die alde posséssie als den dieren tyt' beslist dat de vreemdelingen toch hun brood mogen komen verkopen maar dat zij het niet verkochte brood uit de stad moeten voeren. 1546, 12september Gedeon van de Gracht, wijbisschop van Luik, wijdt de priorij van Henegouw nl. een nieuwe kapel, drie zijaltaren en twee kerkhoven. 1546, 19 november In de Leenzaal van Kuringen, bevoegd voor gans het graafschap Loon, waren er taalmoeilijk-heden opgerezen. De 'cavaliers', de leden van de Zaal beslissen dat er geen Latijnse of Franse stukken in de processen mochten ingediend worden 'tensy dat copie in Duytschen daernae volgt'. 1546 De linnenwevers boeken een uitgave van 4 stuivers 'doent vuer inde Naustraet was, enen leren emmer al ontnayt ende op geborsten dien te doen nayen ende weder maken'. Op de Grote Markt aan het perron wordt Rombaut van Mechelen 'geëxecuteert ende onthalst'. 1547 Laurens Ballen bouwt voor de abdij van Herkenrode een nieuwe brouwerij; de werken duurden tot in 1550. 1548, 10 maart Jan Eyben, deken van het Kremersambacht te Hasselt, ontvangt prins-bisschop Joris van Oostenrijk in zijn woning op de Grote Markt en de handelaars van de stad bieden aan de vorst een kristallen schotel aan. 1548, 24 september Tijdens de Hasseltse kermis komen de leden van de Rethoricakamer van Maastricht in de stad een opvoering geven. 1548 De linnenwevers geven 8 stuivers uit 'aen een half vaet zouts om tvleesch te zauten ende noch twee busselen poëten inden hutspot'. 1549, 3 november De linnenwevers geven hun patroonfeest, waarop verbruikt wordt 227 pond vlees, vier vaten bier, 1298 broden en 26 pond schapenkaas. 1549 De stad geeft een vergoeding aan de gezellen van Sint-Truiden die op de zondag van de kermisweek 'den langen man hier droegen'. Voor de eerste maal wordt vermeld dat de studenten van de Hasseltse school tijdens de kermisdagen een toneelspel opvoerden: 'item den schoelkinderen van den speele dat sy op neuwmerct gespeelt hadden'. 1550, 5 juli Niettegenstaande het verbod van de prins-bisschop, 'syn die van Zonowen wederom inder heyden geweest, een der selver waert doen ghevangen met twee oft drie kerren'. 1550, 23 juli Een gewapende groep van 400 a 500 Hasselaren trekt naar Bokrijk om er de versterkrc aarden omwalling, aangelegd om de heide tegen de Hasselaren te verdedigen, te vernielen. Een der aanvallers, Willem Hoydonck, werd aangehouden en op 15 juli 1552 te Kuringen onthoofd. 1550, 18 augustus In Hasselt was er een kleine opstand uitgebroken tegen een vorstelijke belasting op het graan 'vele quatwillichen hebben etzliche brieven op diversche plecken gelacht, geplect ende uutgegeven' die tot verzet opriepen. Daarom zendt de prins-bisschop de drossaard van Montenaken naar Hasselt om er de onrust weg te nemen. 1550, 14 oktober Meester Hans, de beul, ontving voor een halsrechting een Hornse gulden. Hij was evenwel niet tevreden met dat loon en in een proces tegen de stadsmagistraat treden de schepenen van Vliermaal, het beroepshof, het Hasseltse standpunt bij; 'weert vercleirt dat men den scerprechter niet meer gheven en sulde dan dat men met den Hornsgulden volstande'. 1550 268 Steven Geloes bouwt het Gravenhuis in de K. Albertstraat. In de 18de eeuw prijkte het beeld van een graaf van Loon op de voorgevel. 1551, 7 januari Op de jaarlijkse bijeenkomst van de gemeentenaren van Sint-Lambrechts-Herk wordt besl ist dat geen enkele vreemdeling die niet in het dorp woont, duiven mag schieten of vangen. 1551, september De stadsmagistraat geeft een reglement aan de handboogschutters, waarvan het getal leden bepaald wordt op 60. 1551, 12 november Op verzoek van de Hasseltse armenmeesters, die er over geklaagd hadden dat de armen van Tongeren, Bilzen, Borgloon naar Hasselt kwamen om daar hulp te krijgen van de Armenta-fel, verklaart de prins-bisschop dat vreemdelingen voortaan zullen uitgesloten worden van iedere armenzorg in de stad. 1552 De linnenwevers en sttodekkers van Hasselt houden vast aan hun privilegie dat niemand buiten de ambachtslieden enig werk mag uitvoeren in de stad. 'Eenen stroyedecker van Zonuwen dy hier comen daken decken ende hem verboden was'. Na een tussenkomst van de schout wordt de Zonhovenaar vrijgesproken omdat 'onze bennenstroydeckers den tied niet en hadden ende costen nyet decken thuys dat open lach'. 1553, 14 februari Jan Heytmers getuigt voor de schepenbank van Kuringen dat Godaart Thys 'heeft gesongen een fameus liedeken op onsen heyligen vader den paus, op den geestelycken staet, op die priesters ende hon concubynen'. 1553, 25 juni De Broederschap van O.L. Vrouw Virga Jesse beslist een speciale uitgave te doen 'op onser Lieven Vrouwerdach alsmen die soppe pleich te hebben inder capelle ende opten ker-misdach'. 1554, 21 juni Het ambacht der kleermakers verbiedt dat bontwerkers, die het ambacht niet hebben gekocht, zullen mogen maken, verwerken, snijden, bereiden 'wiltsvellekens, namentlijck vossen, visschen, fluwi jnen, hasen ende conynen ende voorts alle wilde vellen soo van otters, katten etc'. 1554 Om de schuttersgilden in de gelegenheid te stellen schuttersfeesten in te richten, geeft de stad 51 pond tinnen schotels aan de Voetboogkamer om als prijzen uit te reiken. 1555 Peter Trompets van Kuringen verklaart als getuige in een proces over het optreden van de protestanten, dat hij gezien had dat Jan Mewis van Hasselt, gehuwd met de dochter van Willem Eyben, in het bezit was van een 'duytsch boexken van der nyeuwen evangelie oft geloeve dwellick verboeden is'. Jan Caussarts van Kuringen wordt beschuldigd omdat hij de spot dreef met de bedevaarten. Hij zou verklaard hebben 'als men de keersen in de kercke voer die beelden offerde, dat het beter were die somme aen de aermen te gheven', dat men geen geloof moest hechten aan de bedevaarten en dat het beter was God zelf te aanbidden, 'de luyden die het beelt van O.L. Vrowe gingen besuecken met eyeren oft ander offeranden en weeren nyet wyss, ende dat beeter waer dat ze die eyeren thys behielden ende gaven hunnen kinderen'. 1556, 21 oktober De schout van Hasselt was voornemens om Jan Meer te stellen 'ter scerper examinatien met torturen kalt ende waerm' om een bekentenis af te dwingen. De stadsmagistraat diende protest in en eist dat zij zou aanwezig zijn bij de foltering daar de beschuldigde een poorter van Hasselt is. 1556 De leden van de Hasseltse Rethoricakamer vragen aan de stadsmagistraat een subsidie voor het houden van een ommegang, nadat zij reeds tijdens de kermis hun best hebben gedaan om 'een staende speel ende een esbattement te ageeren tot verblijdinghe ende recreatie vander ghemeynte'. 1557, 18 februari Op die dag woedde er een hevig onweer boven Hasselt 'alsoo dat Sint-Quintensthoren boven den lantern ontsteecken was vanden vuere'. 1557, 4 mei Dood van de prins-bisschop Joris van Oostenrijk. 'Syn hert in een loote kas gesloten, is na Curinghen gevoert ende daer bewaert omdat hy altydt daer seer gerne geweest hadde ende hem vermaeckte'. 1557, 12 augustus De magistraat heeft geen bezwaren tegen de werken die Hendrik van Hilst uitvoert in de I )emerstraat aan de brug over de Demer om met stenen trappen naar de rivier te gaan om 'te w;issen, plassen, spuelen ind waeter te haelen'. 1557, 12 november Robert van Bergen, de latere prins-bisschop van Luik, wordt in de abdijkerk van Herken-rode tot priester gewijd en enkele dagen later tot bisschop. 1558, 5 mei De vlasspinners van Kuringen stellen een reglement op van 20 artikels waarin hun ambacht wordt omschreven en maatregelen worden voorgeschreven om de kwaliteit van het afgeleverde product te waarborgen. 1558, 8 mei Blijde Inkomst van de nieuwe prins-bisschop Robert van Bergen. 1558, 28 augustus Lijn van Ophoven wordt door de schepenen van Hasselt veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht dagen omdat hij voor het huis van een hooggeplaatste persoon niet minder dan 25 doodskoppen opgestapeld had. 1558, 11 december De stadsmagistraat verbiedt aan de herbergiers op zon- en feestdagen 'egheen drinckers te sullen setten voerdat die hoechmesse uyt sal syn'. 1558 De stad doet een uitgave van vier gulden voor 'de boem daer die voetbogenschutters honnen vogel schieten'. Voor de eerste maal wordt in de stadsrekening vermeld dat er uitgaven gedaan werden voer de jonge gesellen van dat sy hebben helpen die processie metten omganck vercieren'. De stad geeft aan de leden van de Rethoricakamer een vergoeding voor hun feest met de meigraaf en 20 gezellen te paard. 1559, 5 oktober Maria, de waardin van De Rozenkrans te Hasselt komt voor de magistraat verklaren dat een koopman uit Antwerpen 'hedde gestelt in haere handen een pack met eenen litteken van eenen halven zwertken (muntstuk), tpack nyemants te reycken noch te langhen tenzy hy dat wederpaert vanden selven litteken brecht oft thoende'. 1559 'So dy gesellen (van de linnenwevers) t jaer voerleden seer veel woerden maecten dat nu en dan veel op het ambacht verteirt wert ende seyden dat dy meesters veel beeter eenen daelder voor hun gagie hebben dan alle jaer so veel oncosten te rekenen'. Om aan die klachten tegemoet te komen, wordt beslist de onkosten op de feestdagen in te krimpen. 1560, 22 mei De inwoners van de Kapelstraat klagen er over dat hun straat dikwijls onder water staat 'benemende hon ende andere lieden die passagie, ende hoewel doer die straete een groete passagie is uyt Dutslant naer Antwerpen ende de stadt die straete behoirde te onderhalden'. Zij hebben vijf jaar geleden aan de stad 40 gulden geschonken voor het herstel van de straat en dringen nu bij de prins-bisschop aan op reparatie. 1560, 23 juni In Kuringen sterft Georges Munters uit Hasselt, die 30 jaar pastoor was te Kuringen en als een intieme vriend van de grote prins-bisschop Erard van de Marck bekend was. 1560, 25 augustus De Hasseltse magistraat beslist 'jonge leickers oft bueffkens ende metskens die neit wercken en willen, sall men gheeselen ende ut der stadt bannen'; tevens wordt verordend dat de vreemdelingen, die geen ambacht aanvaarden en niet willen werken, naar hun woonplaats zullen teruggestuurd worden ofwel zal men ze 14 dagen op water en brood zetten. 1560 Toen de stad 'lieden van wapenen' wilde aanwerven om de feesten en de kermis op te luisteren, dient Peter Horpman zijn kandidatuur in, 'een seer cloick man te perde van wapenen met soe seer frayen gestoffeerden perde ende met wapenen als Agamennoon ofte Achilles inden bevechtinge van Troyen oijt gehadt hebben'. Hij ondertekent zijn aanvraag met de leuze: 'Loon versacht arbeit'. 1561, 17 januari De lakenmakers van Hasselt eisen dat Jan Sjonckeren 'cesseren sall van weven in synre stoeven totter tyt toe hy bewysen kan dat sullix weven inder stoeven alst soe vriest in ander stede toegelaten wurdt'. 1561 De stad verzoekt de voetboogschutters en de ambachten van de stad een twintigtal leden af te vaardigen om met 'spiessen, helbaerden, slaechsweerden ende andere cruygsgetuych' in de processie te gaan 'opdat die processie te baet mocht verciert werden'. Jan Swennen uit Hasselt wordt wegens overspel veroordeeld om van 9 tot 13 u. aan de schandpaal op de Markt te staan; op zijn hoofd wordt een bericht gehangen waarin zijn misdaad vermeld staat. 1562, 11 februari Lijsken Busken moet zich voor de magistraat verantwoorden wegens verwijten aan de stadsbode Gielis Ruyter. Zij verklaart te wonen in de Aldestraat 'aldaer dye straet seer vuyl van moesen was ende sy hadde aldaer smeekolen bracht om dye straet ende dye quaede vuyl kaulen te vullen, soe waert Gielis gram ende syn huysvrouw droech dye smeekolen wederom ewech bij alsoe dat sy onder den anderen kijfachtig waeren, dat sy seede tot Gielis dat hy een dief waer'. 1562, 4 maart Tijdens een ondervraging door de inkwisiteur Cornelis van Gouda over Lutherse tendenzen te Hasselt, verklaren verscheidene getuigen dat Willem Heckelers in een besloten vergadering 'lasteringe seide van de missen ende biechten, segghende dat al insettinghe van den menschen waeren ende dat daeraff nijet en stonde geschreven in de Testamenten, dat vasten, vormen, bevaert ghain al ingesadt waren van de menschen ende dat men nyet en behoerden te doene; het waer al boevery wat die paepen den volck wijss maeckden'. 1562 De bouwmeester van de stad geeft een vergoeding aan 'de twee Rethoricacameren, die alde ende de neuwe, overmits dat sy den omghanck met personnagien ende andere factien ghestoffeert hebben'. 'So Sint Huybrechtsdach op eenen denssdach quam, so quamen die gesellen (van het linnenweversambacht) seer qualyck ten offer so dat wy meer utghaven aen dy misse te doen dan den offer beliep.' 1563, 26 april Jan Daermen uit Sint-Truiden vraagt aan de stad toelating om 'de banck oft taefel die men gewoenlick noempt den Lombart' voor een periode van 12 jaar op te richten 'tot groeten dienst ende onderstandt der burgers die dagelix ende met groten getale om leninge op hunne deyderen ende juwelen van hem te hebben, over ende weer moeten reysen oft senden naar Sint Truyen'. 46 1563, december Jan Lepeleers, schepen te Hasselt, verhuurt zijn huis De Sleutel op de Grote Markt aan Geert Vlasmeker voor een termijn van zes jaar tegen een rente van acht gulden, waarbij uitdrukkelijk gestipuleerd wordt dat 'Geert denselven Jan alle weken synen baert scheren sall met des daertoe behoirt'. 1564, 23 oktober De stadsmagistraat geeft gevolg aan een brief van de prins-bisschop die genade gevraagd had voor de Hasselaar Jan Hoymakers, veroordeeld tot een bedevaart naar Rome; 'gesien de armoede ende last van wyff ende kinderen, mitsgaders oock dat nu wegens ziecten men niet lichtelyck yemanden over tgeberchte van Italien en kan laten passeren', verandert de magistraat de straf in een bedevaart naar Vendome. 1564 De stadsmagistraat geeft aan de lakenmakers toelating om ter bevordering van hun ambacht 'een winckel tot Antwerpen (te houden) om die laekenen aldaer in kennisse te brenghen, te vercoopen oft te beteren tot groter voordeel van de stadt'. Ter gelegenheid van een feest op de Markt, wordt Jan Bullinckx gekwetst door een haakbus 'instucken berstende met eene stuck afspringende ut der locht op syn lichaem vallende'. De burgemeesters vroegen toen hulp aan Jeronimus van Sint-Truiden om als geneesheer de gewonde te verzorgen. Tiel de lakenvoller, wonend op de Broekmolen, levend in overspel met Marie Gheetse, wordt veroordeeld om de 'steene' te dragen en de vrouw krijgt als straf de 'cuype' te dragen. 1565, 20 mei Geraard van Groesbeeck, de latere prins-bisschop van Luik, wordt in de abdijkerk van Herkenrode tot bisschop gewijd. 1565, 16 juli De schout van Hasselt gebiedt een onderzoek over de gevechten die plaats hadden in de heide tussen Hasselt en Zonhoven, waarbij de gezworen heidevorsters aangevallen werden door inwoners van Zonhoven 'met stenen, katsbalgers, heyeriecken, heyezysemen, werpbylen, veltkeyen'. Tevens wil hij onderzoeken wie de paarden van Hasselaren uit de Hasseltse heide hebben gejaagd tot in Zonhoven om die dan in beslag te nemen. 1565, 6 september De prins-bisschop geeft aan de Hasseltse magistraat bevel maatregelen te nemen om de inwoners, die 'op hune zolders houden liggen goede quantiteyt van granen zonder tselve in den tegenwoirdigen tyt van behoefte te willen vercoopen' te bevelen het overtollige graan te koop aan te bieden. Er wordt nochtans aan toegevoegd dat de bakkers, die eventueel in het bezit zouden komen van dat graan, 'hetselve voirts nyet innehouden maar verwercken ende distribueren sullen'. 1565, 23 september Blijde Inkomst van de nieuwe prins-bisschop Geraard van Groesbeeck. 1565, 26 september Te Hasselt wordt een schietspel georganisseerd waaraan ook de schutterij van Tongeren deelneemt. 1565, 27 september De Rethoricakamer De Rode Roos speelt 'Bruer Willeken, een monick met eender cappen aen ende is onder syn cappe heymelyck gecleet als een sot". Dit toneelspel werd nog tijdens Hasselt kermis in 1587 en 1611 opgevoerd. 1565, september Een van de stadsuitgaven luidt als volgt: 'Voor 350 pampieren lanternen gemaeckt om een licht op den thoren te maecken'. 1565 Door de stadsmagistraat wordt Lyse vanden Bossche veroordeeld 'op een kaeke te staen op densdach, onbedects aansichts, twee uren lanck met haeren mesdaet voer thoet met grote letteren bescreven', omdat zij 'quaede herberghe' openhield. 1566, 4 januari De schout van Hasselt laat onderzoeken 'wie die schandelicke ende fameuse brieven geschreven hebben ende die achter straten hier ende daer geworpen, streckende ten groeten «ichterdeele ende schande vanden pater van de suesteren op die Wolffken, vorts op tgans cloester ende tot opruericheyt'. 1566, 8 april Een zekere Mewis Moenen werd door de schepenen van Hasselt ter dood veroordeeld; hij kon uit de gevangenis ontsnappen maar verdronk in de stadsgracht aan de Kempische Poort. Hij moest evenwel toch gehangen worden en daarom beslist de stadsraad 'tot een ewigher memorie metten scherprechter een rat in onser heyden te doen richten opten wech by Beverraeck'. En het lijk wordt daar opgehangen. De schoolkinderen worden dan uitgenodigd om onder de galg wit brood te komen eten 'tot eenre memorien wille'. De Cellebroeders krijgen een speciale vergoeding om het lijk naar de galg te brengen 'overmits dlichaem was rieckende met quaden geure'. 1566, 23 mei De magistraat belooft een premie te schenken aan alle personen die koren, erwten of gerst in de stad zullen brengen om de heersende hongersnood te lenigen. 1566, 10 juni De stadsmagistraat beslist 'in dyen die Susteren van Hasselt (Witte-Nonnen) dat privaet dwellich zy hebben doen maeken ter middelt vander Deymeren niet aff en breken ende te niet doen, dat alsdan die stadt een gaet sall doen maeken inden moure vander stadt lanxt den Demeren aen den thoren de Luys om die burgheren daerdoer altijt schoen reyne suyver waeter te moegen haelen ind cruygen onsuspect eyniger ontreyninghe sulliger privaeten'. 1566, 28 juni De magistraat van Hasselt heeft klachten ontvangen van burgers 'aengaende honne laecken, gelevert aen cleersnyders tot enich cleet daervan te maecken ende die gans missnede, mismaeckt en mishandelt te syn', voortspruitend uit het feit dat sommige kleermakers werk aanvaarden vooraleer zij als volleerd kleermaker zijn aangenomen. Daarom beslist de magistraat 'dat egheen cleermaecker sich en sal presumeren tafel oft winkel te halden hy en sal ierst voer die meesters syn snede oft proef gedaen hebben, te weten eene manstabbart, eenen mantel ende een vrouwen tabbart'. 1566, 14 juli De schout van Hasselt laat onderzoeken 'wie inder nacht wonderlicke tiere gehadt hebben, soemige beelderen op den kerkhoeff by 't krucifix aeffgeworpen hebben ende met doodshoefden achter straeten geworpen en gezolt hebben'. 1566, 7 september De schout van Hasselt gebiedt een onderzoek 'over de ghene die gehouwt synde, met hoeren omgaen ende converseren ende in overspele sitten in aeffwesen honre huysvrouwen'. 1566, 25 september In Hasselt wordt de eerste hagepreek gehouden. 'Hier op de vesten achter het susterclooster werd het eerste geussermoen gedaen'. 1566, 9 november De stadsmagistraat doet uitroepen: 'Iedereen die eynighe bilderen aen kercken oft eynighe goedshuysen breickt oft te niet doet, sal criminelyck gestreft worden'. Dit gebod wordt uitgevaardigd omdat drie dagen voorheen 's nachts het kruisbeeld bij de kerk vernietigd was geworden. 1566, 6 december De protestantse predikant Herman Strijker houdt op de Grote Markt een gloedvolle preek een trotseert het openbaar gezag. De protestanten maken zich meester van de wallen en stellen er hun eigen wachten op. De schout Steven Geloes tracht de opstand te bedwingen maar lukt er niet in. 'Wij protesteerden, doen wiert terstont een roer oft twee losch gelaeten ende gheroepen slaet doet, slaet doet, soedat wy terstont van den merckt aff hebben moeten weycken ende sommige van den dienaers gewont ende geslaeghen'. 1566, 17 december De prins-bisschop is verontwaardigd over het onthaal dat zijn afgevaardigden, de deken van Sint-Lambertus en de meier van Luik, in Hasselt gekregen hebben, waar zij de protestantse predikant Herman Strycker moesten verjagen. De Luikse afgevaardigden waren gedwongen er een hele tijd voor de gesloten poorten te blijven staan; later werden zij in hun herberg 'mits gescal ende gecreyt van allerlei zangen ende refreynen, aflaten van bussen en haecgescut' in hun rust gestoord. Bij de magistraat vonden zij geen gehoor om de oproerige predikant uit de stad te wijzen. Indien de Hasselaren hun houding niet wijzigen, zal de prins-bisschop met harde hand optreden. 1566 Een zekere Mauricius, een waalse schoolmeester, wordt door de magistraat aangenomen om een Waalse school in de stad te openen. De Italiaan Guicciardini schrijft het volgende over Kuringen: 'Niet verre van Hasselt ist aen de Demere het fraey dorp van Curingen daer het heerlyck paleys is twelck de Cardinael daer heeft doen bouwen; daer overmidts de lustighe plaetse de bisschoppen met de hovelinghen haer dickwyls gaen vermaecken'. 1567, 17 januari De Hasseltse schepenbank schorst de zittingen van de rechtbank wegens de protestantse troebelen in de stad en de zittingen worden pas op 31 april hervat. 1567, 19 januari De bevolking van Hasselt is zozeer door de protestantse predikers opgehitst dat zij de kerk wil vernietigen en plunderen. De geestelijkheid waakt en verspert de deuren van de kerken en kloosters. Tijdens de nacht breekt de beeldenstorm los. 1567, 20 januari Een getuige over de Hasseltse beeldenstorm verklaart: 'In de kercke heeft hy bevonden dat dat Sacramentshuys, het O.L. Vrouwe altaer ende het altaer van S. Servaes alomgeworpen waeren ende die hoeghen altaer oock. Hy heeft gesien dat sy die clockseelen naemen ende bonden die boven aen dat crucifix ende trocken tselven daer met aef. 1567, 21 januari Tussen 11 en 12 u. 's avonds worden in de Augustijnenkerk de beelden en alle altaren verwoest. 1567, 25 januari 's Avonds heeft er een kleine oproer plaats voor het klooster der Cellebroeders, waar vier personen 'hebben gedopt ende na die vinsteren geworpen ende wolden dat men hon t'eten geven solde ende hebben den hanttof vander deuren afgetrocken ende met eenen yser in die vinster geworpen'. 1567, 29 januari De Hasseltse stadsmagistraat wordt voor de Luikse schepenbank gedaagd 'ter causen vander predicatien ende bilderen afwerpinge ende omsmytinge der kercken ende cloesters'. 1567, 6 februari De hoge schepenbank van Luik veroordeelt de stad Hasselt voor landverraad wegens het niet-dempen van de protestantse opstand en geeft aan de prins-bisschop het recht de stad te straffen. 1567, 20 februari In het notitieboek van het smedenambacht wordt het volgende genoteerd: 'Alst dan verdraghen was eendrechtelyck ende aenmerckende den grooten perijkel dy ons aenstaende was vanden krichsknechten dy in dy stadt waren als dat sy dy ryke huyser wollen omslaen oft men solde haer geit leenen, soe es ons ambacht vergadert ende verdraeghen in Sint-Quin-tenskerk in Sinte Loycapelle dat dy meesters solden opheffen waer sy conden hondert gulden'. 1567, 21 februari De schout van Hasselt gaat over tot een onderzoek over de verwoesting van het Begijnhof buiten de stad gelegen aan de Begijnepoel. Paul Maggis getuigt dat Paulus van Heffelt, bijgenaamd Quaet Poulsken, buiten de Truiderpoort met een fakkel in de hand rondliep en aan hem gezegd heeft: 'lek heb het begynenhoeff onder den want aengesteicken'. 1567, einde februari De prins-bisschop stuurt zijn troepen naar de opstandige stad en belegert Hasselt. 1567, 13 maart Na een hevig kanonvuur op de stadswallen, geven de protestanten van Hasselt zich over aan de troepen van de prins-bisschop. Volgens de capitulatievoorwaarden moesten de vreemde predikanten de stad verlaten, en zouden de burgers genadig behandeld worden doch zij zullen de oorlogskosten moeten betalen. 1567, 5 juni In de Augustijnenkerk worden drie nieuwe altaren gewijd na de verwoesting van de kerk op 21 januari. 1567, 27 juni Geraard van Groesbeeck, prins-bisschop van Luik, schrijft in de inleiding van de door hem vergunde privilegies van de stad Hasselt 'onse stadt Hasselt van ouden tyde eene seer neerachtige stadt ende van die principaelste in onse lande en graefschappe van Loon gelegen steden, ende daervoor binnen ende buyten lants gheacht'. 1567, 25 oktober Jan Weyens is van oordeel dat hij ten onrechte door de geburen werd aangeklaagd als een protestants rebel 'hy heeft noijt raet ende daed gegeven in die niyewe predicatie noch die predicatie gevolcht te hebben op den merct oft Halle'. 1567 Na de protestantse troebelen te Hasselt, schreef een monnik van Sint-Truiden een gedicht waarin hij zijn ongenoegen uitdrukt over de onbetrouwbaarheid van de stad tegenover de prins-bisschop.
1568, 29 februari De schout van Hasselt begint een rechterlijk onderzoek 'over deghenen die gheseet hebben die capelle van Goedschey in vuer te steecken'. 1568, 24 maart Prins-bisschop Geraard van Groesbeeck geeft aan de begijnen van Hasselt toelating om hun vernietigd begijnhof buiten de stad te verlaten, het afbraakmateriaal van het hof te gebruiken om een nieuwe kerk en begijnhof te bouwen binnen de stad. 1568, 17 mei In een vonnis van de stadsmagistraat wordt het leven van een brouwer als volgt beschreven: 'helpen graeven inden stadsgraeve, die Deymer helpen veygen ind andere wereken te doen, oick etzliche bieren brouwen, die kanne openbaerlyck uuthanghen, bier verkoepen ind uuttappen'. 1568, 12 juni Na de beeldenstorm worden enkele kerkelijke ornamenten hersteld of gekocht. Wanneer een nieuw kruisbeeld, te Zoutleeuw besteld, te Hasselt aankomt lopen enkele protestanten bijeen en tekenen protest aan. Een zekere Quaet Poulsken zegt: 'Die gheysen sullen toch coemen'. Als men hem vraagt of de geuzen dan nogmaals het beeld zouden stukslaan, antwoordt hij: 'Eer drye maent solde men wael wat nieuwes hoeren'. 1568, 22 augustus De prins-bisschop geeft aan de Hasseltse magistraat toelating om de slachtoffers van de pest op een ongewijd kerkhof te begraven, daar het bestaande kerkhof te klein is geworden en er vele begrafenissen plaatshebben. 1568, 29 oktober De prins-bisschop antwoordt op een brief van de Hasseltse magistraat, waarin gemeld werd dat Willem van Oranje van de stad levensmiddelen voor zijn leger geëist had, dat de stad zich moet houden aan de richtlijnen van de Keizer en dat Jan Geloes, schout van Hasselt, bevel heeft gekregen een leger van 400 soldaten te werven om de stad te beveiligen. 1568, 21 december De schout van Hasselt opent een onderzoek 'soe hier eynige Spaengaerts inquaemen begherende herberghe te hebben ende dat hon sullix geweygert were...'. Uit het onderzoek blijkt dat Merreken, de waardin van Het Sweert 'hon niet hebben en wolde seggende, zy stecken all vol luysen, wairby dat haer herberghe daerom geschouwet werden solde'. 1568, 21 december De prins-bisschop beveelt alle vreemdelingen die te Hasselt wonen of verblijven 'zy zyn van eenige andere onse steden oft dorpen off van eenige vremden landen' binnen de drie dagen de stad te verlaten. 1568 In het register van de linnenwevers wordt het volgende genoteerd: 'Als dy kercke was ontstucken geslagen (door de beeldenstormers) so was ons ambachtsbrieff ock daer gebleven ende verloren, so hadden wy noch een alde copy ut den alden brieff, so hebben wy dy copy doen int reyn setten'. Enkele jaren later bleek dat die ambachtsbrief'seer qualyck geschreven was ende dy meesters daermet qualyck costen te wetck gaen als sys vandoen hadden', en daarom werd aan de schoolmeester gevraagd een meer leesbare copie te maken. 1569, 30 mei De schout van Hasselt beveelt een onderzoek tegen 'die ghene die duytsche psalmen gesonghen hebben op de straten contrarie de mandementen van de prins-bisschop'. 1569, 11 juni De schout van Hasselt opent een rechtsvervolging tegen Wouter Buskens omdat hij slagen had toegebracht aan Marieken Vuskens en haar toegeroepen had: 'Het syn al hoeren ende dieffinen die ter kercken gaen'. 1569, 29 december De schout van Hasselt onderzoekt 'wie op ghisteren alre kinderdach met duyvels clederen bedect van ansicht, sonder consent inder kercken ende achter straeten gegaen hebben, onheusch geweest syn ende quaden tier gemaect hebben'. Art Kennens en Hendrik Rombauts werden voor dit feit veroordeeld tot drie dagen en drie nachten gevangenis. 1569 De linnenwevers dulden geen inbreuk op hun privilegies. 'Daer was een vrou dy gharen ut der stadt droech om buyten te wercken, welcke wy haer met den gesworen bode deden verbieden'. Kanunnik Robert de Geloes schenkt ter nagedachtenis van zijn ouders een zijaltaar in de hoofdkerk te Hasselt; in het fronton wordt een wapenschild van de familie de Geloes-Van Elsrack aangebracht. 1570, 26 februari 'Te Hasselt is gebruyct een vremde manier van justicie te doen.' Een terdoodveroordeelde werd in de namiddag naar de Kempische heide gevoerd en de galg lag op een wagen. Toen men aan de grenzen van de stad was gekomen, was de kuil om de galg op te richten, nog niet klaar. 'Den armen patiënt stont met sijnen biechtvader, een pater Augustyn, in dien bitteren kau wel twee uren lanck tot de kuyle gemaect was en wort soo inden maneschijn gehangen.' De gehangene was zo arm dat men voor hem uit een lijnwaden broek een rood hemd maakte 'om eerlijck te hangen'. De terechtstelling had plaats aan Beverzak. 1570, 25 juni De magistraat bedreigt allen die burgers beledigen in 'liedekens, refereynen oft prosen', met een gevangenstraf van zes dagen. 1570, 27 juni Het ambacht van de Hasseltse bakkers neemt, op aanbeveling van de prins-bisschop, Jan van Aken, 'pasteybacker in de cuecken' van de prins-bisschop aan in het ambacht onder voorwaarde nochtans dat hij geen wit of bruin brood mag bakken en verkopen. 1570, 11 september In een geschil tussen de pater augustijn Jan Haenen en de schoenmaker Hendrik Haenen over een paar pantoffels 'dewelcke sonder flothout gemaect syn ende in plaetse van dyn met schorse', wordt door de stadsmagistraat beslist dat er een nieuw paar met flothout moet gemaakt worden. 1570 'Want Sinte Eloyschoor metten altaer inden jaere voerleden zeer geschendt ende gede-strueert is geweest, zoe hebben wy (de smeden) een schoone nieuwe taeffel opden altaer doen maecken ende voert andere dinghen aldaer gerepareert.' 1571, 24 juli Peter Anen wordt tot nachtwaker in de stad aangesteld om 'alle nachten omme te gaen in die principaele straeten ende goed toesicht hebben van het vier oft alle andere inconvenienten die in die stadt overcoemen muchten, ende salie met luyder stemmen roepen in ellicker straet dat een yeder syn vuere wel verwaert ende sal hebben voor iedere nacht twee stuvers ende noch een kerss om daermede omme te gaen'. 1572, 4 mei Bij de stadsmagistraat waren klachten ingekomen over 'veel jonge gesellen inden broet van hunnen alders, met nacht ende daech inde tavernen ende herbergen sitten drincken ende aldaer hun alders zeer lastich vallen'; daarom wordt besloten dat de herbergiers slechts krediet mogen geven tot 5 stuivers. 1572, 19 juni 'Is geordonneert van ons borgemeesters der stadt datmen dat smeedeambacht int geheel sael vercoepen om vier gulden ende dat ter causen ende orsaken wil omdat hijr in onser stadt soe vele arme voelx coemt wonen ende eyn last der armen ende der gheheelder gemeinte is.' 1572, 25 juli De prins-bisschop van Luik eist van de Hasseltse magistraat een lichting van 400 soldaten om de schout bij te staan; op dat ogenblik zijn de gemeentelijke troepen 969 manschappen sterk. 1572, 25 augustus Op straf van boete wordt door de stad verboden elkaar verwijten toe te sturen, te weten 'van eenighe geuserie oft papisterie'. 1572, 1 oktober De prins-bisschop verzoekt de Hasseltse magistraat streng te letten op het verblijf van vreemdelingen 'vuyt hun vaderlanden vertrokken oft om hen misdaden gebannen', die soms besmettelijke ziekten meebrengen en een gevaar kunnen zijn voor de bevoorrading van levensmiddelen. 1573, september De stad geeft een beloning aan de 'speellieden die op sondaghkermis met harpen ende violen voor theilich sacrament gespeeld hebben'. 1573, 18 oktober De wijbisschop van Luik wijdt de kerk van het nieuwe Begijnhof en dient het vormsel toe te Hasselt. 1574, 29 maart In Hasselt verblijven er nog steeds sympatisanten van de protestanten. En daarom stelde de schout een onderzoek in tegen Dierik en Peter Cleersnijders, die 'spraecken van den meelgod ende dat sy nemen een hantvol meels ende eenen lepel water, dair maecken sy broot af ende daer maecken sy eenen God aff. 1574, 20 mei Door de stad worden 10 personen gestraft met een bedevaart naar Aken omdat zij 'op den toren geweest syn aldaer met steenen uytgeworpen op ende tegen deghene die metter processien van Curinghen ende Kermt quaemen ende sommigen van hen geraict hebben ende gequetst'. 1574, 12 juli De schout van Hasselt opent een onderzoek over de aanranding van een Cellebroeder die 's nachts, met een doodskist geladen, in de Kapelstraat door drie straatlopers met stenen werd bekogeld. De daders worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 14 dagen en een jaar verbanning uit de stad. 1574, 22 juli Dirk Coemans en Peter Cleersnijders worden wegens 'scandelycke woorden tegen het heilich Sacrament', veroordeeld 'dat sy gaen sullen in die erste processie om de stadt in hon lynen deedt onbedect van angesicht met een wassen licht in de hand, daerby noch eenen wech totten H. Sacrament binnen Bruessel metten voeten te gaen'. 1574 De toren van de Sint-Quintinuskerk wordt met een spits verhoogd en daarrond worden vier kleine torentjes gebouwd. Dit geheel werd later door de huidige spits vervangen. 1575, 8 januari Tijdens een gerechtelijk onderzoek te Hasselt verklaart Grieten Smeekens dat zij met andere mannen en vrouwen bij een doop in de Sint-Quintinuskerk aanwezig was en 'dat met eender waterspueten water geworpen werdde op haere suster door een paere jongens'. De drie daders werden drie dagen gevangen gezet. 1575, 24 februari De schout van Hasselt beticht Nees Colmots en haar twee dochters 'van quade ende oneerbaer herberghe te halden'. Uit het getuigenverhoor blijkt dat in de herberg 'alle dag veel gerucht is van veel jonge gesellen ende manspersoenen, soe dat men gemeenlijck seit datter openbaer bordeel gehouwen wort en dat dese dochteren nyemanden en weygeren soedat daer anders geene handel en is dan in een openbaer bordeel'. 1575, 3 maart De schout van Hasselt dient een aanklacht in tegen Peter Putters 'van dat hy scapenvleisch bebloet heeft ende voor lampsvleesch vercocht'. 1575, 15 juli . De stad tekent bij de prins-bisschop protest aan tegen zijn besluit om in de stad een kamer voor handboogschutters op te richten. Men toont aan dat alle onrust en rebellie te wijten was aan de veelvuldige vergaderingen van allerlei genootschappen 'ende dattet duerende dese tyden van onrusten genoich waer om dinwoonderen in stillicheyt te halden, eene camere vande colveniers schutteren ten getaele van hondert persoenen'. De prins-bisschop verbreekt zijn vorige beslissing. 1575, 17 september Verscheidene personen werden beboet met drie gulden omdat zij 'uten pesthuys onder tvolck gegaen syn contrarie der ordinantien'. 1575, 19 september Andreas Alen, schoolmeester te Hasselt, geeft met zijn leerlingen een voorstelling van een toneelstuk op een speelwagen. 1575, 12 november De magistraat acht het nodig 'gesien seer groote impertinente ende onmanierlycke spelen en getier ende gerucht in der kercken en opden kerckhof onder de diensten' te ordonneren dat al wie in de kerk of op het kerkhof speelt en lawaai maakt, zal beboet worden. 1575 De gezellen van de Rethoricakamer vragen aan de stad een merkelijke subsidie om de Blijde Inkomst van de prins-bisschop met passende luister te kunnen vieren. Zij doen hierbij opmerken dat de Rethoricakamers van Sint-Truiden en Tongeren een grote toelage van hun stad hebben gekregen en dat het niet opgaat een toneel te maken op 'scrayen, wynvaeten oft vorcken, die manier van dorpen is en sulx ons stadsluyden in sulcken triumphe niet en behoert te doene'. 1576, 14 april De schout van Hasselt leidt een onderzoek tegen Jan Bisschoppen 'van dat in syn huys gehalden werd vergaderingen, predicatie van suspecte persoenen vander neuwer secten'. Een getuige verklaart dat hij in dat huis gehoord heeft 'een stemmen alleen spreicken soe oft men sermoen oft gebet gedaen hedde, heeft oick gesien dat een van hon een boeck groet gelyck eenen bybel, opden scoot hadde ende dat hy daer ut lass'. 1576 Op bevel van de stad plaatst een glazenmaker vensters in de Sint-Jacobskapel van de hoofdkerk 'als die schoelmeester mette jongens daer waeren om der pest wille'. 1577, 27 juni Prins-bisschop Geraard van Groesbeek schenkt aan de stad nieuwe privilegies. Deze werden in 1716 op stadskosten in druk uitgegeven. 1577, 1 juli De prins-bisschop van Luik geeft aan de inwoners van Stevoort toelating een handboog-schutterij op te richten. 1577, 8 augustus De brouwers van Hasselt kunnen van de stad bekomen dat er een ordonnantie wordt gepubliceerd, waarbij iedereen die bier tapt ertoe gehouden is 15 stuivers per jaar aan het ambacht te betalen; alleen na betaling mogen de tappers 'can, vaen oft ander brouwers teecken utsteicken'. 1577, 18 oktober Het ambacht van de bakkers voert een proces tegen het ambacht van de kremers (markt-verkopers) en voeren aan dat 'het backen van broodt, micken, koucken, peperkoecken, pastyen den beckeren toebehoort ende niet den cremeren'. De kremers daarentegen beweren dat 'in andere steden slants van Luyck als Tongeren ende Sintruyen, peperkoeken backen onder tcremerambacht behoort'. 1577, 9 december Hendrik van Leuven, minderbroeder, wonend in de Kapelstraat om tijdens bepaalde dagen en weken in Hasselt te prediken, verzoekt de stadsmagistraat geldelijke bijstand te verlenen omdat hij 'nat, vuyl incomende besonder nu inden winter op eenen kouwen heerd, niet dan een ijdel kamer ende scap vindende'. 1577 In de hoofdkerk te Hasselt wordt een stenen hoogzaal gebouwd tussen het schip en het koor. 1578, 5 mei De schout van Hasselt dient een klacht in tegen Art Saemen 'van dat hy den gesworen grafmaecker geweygert heeft Sente Corneliscapel te openen om een graff daerbinnen te maecken ende den grafmaecker belet heeft het graff te maecken'. 1578, 28 juni 396 Dominicus Lampsonius ontvangt van de kerkmeesters van Sint-Quintinus 100 gulden voor zijn schilderij, die boven het hoofdaltaar gehangen werd. 1578, 29 juli De schout van Hasselt dient een klacht in tegen Margriet Hans 'van dat sy onder den merct openbaerlyc onder tvolck gegaen heeft niet tegenstaende sy ut haren pesthuyse comen was contrarie die ordonnantien'. 1578, 30 juli In Hasselt overlijdt Andreas Alenus, afkomstig van Herk-de-Stad, die lange jaren directeur was van het stadscollege en naam maakte als dichter van Latijnse verzen. 1578, 12 augustus De schout dient een klacht in tegen Jan Heyn en zijn vrouw Marie omdat zij binnen de zes weken na een pestepidemie het besmette huis Het Sweert hebben ingericht, er meubelen uitgehaald hebben en het slot van het huis opengebroken hebben. 1578, 1 september De vrouw van Haub Lenarts van Hasselt wordt beschuldigd dat zij haar kind, besmet met de pest, heeft weggedragen buiten de stad, waar ze het in een gracht legde bij de pesthuisjes en waar het de ganse nacht 'deerlick geroepen heeft nae synen moeder'. 1579, 15 februari Jan Eijlbrechts wordt te Hasselt gestraft met acht dagen en nacht gevangenis omdat hij op wacht in de Trichterpoort, 'eener vrouwen van buyten incomende om hair in te helpen affgenomen heeft 12 stuivers'. 1579, 8 maart 402 Een man wordt door de schout beticht van een hoed gestolen te hebben van een Spaanse vrouw aan wie hij op haar protest antwoordde: 'Swijght ghy Spanesche hoer oft ick sal U door de burgeren doen doet smyten'. 1579, 15 april 403 De stadsmagistraat bericht de prins-bisschop van Luik dat 'de ruyteren in brant gestoken hebben ende affgebrant een groot deel van dorp van Steyvort, veel huysen ende winninge onder Herck, Alcken, Berbroick oick in brant gestelt, soe dat tvier is gesien werden byde lantluyde binnen Hasselt gevlucht synde, dieselve ruyteren syn van daer affgecomen lanxt Herckenroye, duer Cueringen ende soe tot Hasselt ende hebben opgenomen ende weg-gevuert alle beesten die sy vonden tot Herckenroye, Cueringen, soe perden, coye, runderen, scaepen, ende die gevluchtde lantluyden in furie gestelt synde door den brant ende beroevingen hebben die ruyteren aengevallen ende die geroefde beesten ontnomen'. 1579, 21 november In de eeuwenlange twisten tussen Hasselt en Zonhoven wordt er in de heide door de stadsmagistraat een lang stenen kruis geplaatst 'in tecken dat het selffste cruys gesatten ende gericht es op dy aerde ende jurisdictie der stadt Hasselt'. Uit het vier maanden lang belegerde Maastricht, kwam de pestepidemie in Hasselt 'ende is soo ontsteken dat men dat jaer genoemt heeft den grooten pesttijdt'. 1580, 29 januari Quayens treedt te Hasselt in het huwelijk met een weduwe Mayken van Chiney. Hij zelf schrijft hierover: 'Myn huysvrouw broeders ende susters en hebben niet willen comen, hebben hetselve met silentie gepasseert, hopende dat sie henlieden metter tyt sullen bedencken, niettemin es henlieden te vergeven. Patiencia, met dit cruydt hebbe ie al veele van myn misgunders verwonnen alsoe dat sie myn vrinden syn moeten, maer en hope niet dat hon leet wesen saai dat ie myn huysvrouw hebbe'. 1580, 15 april De stad koopt de afspanning 'De Croon' op de Havermarkt en richt er het stadhuis in. 1580, 10 mei Moen Moens van Hechtel wordt te Hasselt beboet met één gulden omdat hij buiten de Kempische Poort koopwaren verkocht had en zo een inbreuk pleegde op de stedelijke marktreglementen. 1582, 6 maart Blijde Inkomst van de nieuwe prins-bisschop Ernest van Beieren. 1582, vasten 'In den vasten is den harinck soo pestilentiael geweest datter veel menschen syn sieck afgeworden en gestorven, want daerin werden vergiftelycke wormkens gevonden. Daerom dede de magistraet verbieden dat men gheenen harinck of boxharinck meer vercoopen sou.' 1583, 9 december De abdis van Herkenrode, optredend als visitatrice van het Hasselts Begijnhof, geeft aan de begijnen toelating om hun kledij te veranderen 'hunne grauwe rocken oft habyt ende hunne witte wolle falien te veranderen in swerte wullen rocken ende falien, ende hunnen overrock inden hals met fronsen te maecken'. De stad betaalt één gulden aan drie Hasselaren omdat zij twee wolven gevangen hadden. 1584, 1 januari Hendrik van Caulille schrijft: 'Opden dach des neuwen joers heb ick duer die gracie Gods mynen vader Denys van Caulil gesant enen peperkoeck tot enen Neuwen jaer wegende X ponden voor II gulden brabants'. 1584, 21 februari De Leenzaal van Kuringen, bevoegd voor alle leenzaken in het graafschap Loon, wordt van Kuringen naar Hasselt overgebracht. 1584, 20 april 'Op Sonndach ist alsoe groten ende hoegen waeter geweest dat der stadtgraven aen de Curingerpoert ende aende Trichterpoert ut gebroken syn ende opde landen ende bemden grote schaede gedaen hebben alsoe dat die kloek ten selven daege alarm sloech ende des nachts daernae is die graeff tussen den Scoemakerstoren ende het Kattegaet ut gebroken ende is eenen groten lap vanden stadtmuer affgevallen tot den gront toe inde graeff.' 1585, mei Een troep Kavalerie soldaten in dienst van het Spaanse leger wordt op weg naar Kuringen door een menigte van Hasselaren aangevallen en geplunderd waarbij twee soldaten gedood werden. Na enkele klachtbrieven van de kapitein aan de Hasseltse magistraat worden enkele oude en waardeloze mantels en kledingstukken en enkele paarden teruggegeven maar de best uitgeruste paarden worden achtergehouden. 1585 Herman Vander Ryst sticht te Hasselt een Collegium Musicum. 'Het schoon musuyek werd hier op alle feestdagen vande Capelle ingebrocht door Herman Vander Ryst, eertijts vice-prefect van het musuyek int hoff van Beyeren; die ingeschreven synde hier in het Broederschap van O.L.Vrouwe heeft syne yver seer laeten blycken om den dienst te vermeerderen, treckende door syne soete melodyen het volck tot de Aldersoetste Moeder Gods.' 1586, 14 januari De Sint-Jacobskapel, gelegen op de hoek van de Demerstraat en de Paardsdemerstraat wordt afgebroken en door een herberg vervangen. 1586, 14 mei In Hasselt waren er beroerten ontstaan wegens de geweldige prijsstijging van de broodgra-nen. Daarom beveelt de prins-bisschop de magistraat 'goed en behorlijke visitatie te doen van allen den greynen' en daarna een redelijke prijs vast te stellen. 1586 Jan Nulis krijgt een boete van 9 gulden 'als gecoren synde tot enen borgemeester van Hasselt ende tselve niet en accepteerde'. 1595, 4 juni De prins-bisschop van Luik had vernomen dat enkele ketters die verbannen waren geworden, naar Hasselt teruggekeerd waren. Hij geeft aan de magistraat opdracht hulp te verlenen bij het opsporen en gevangennemen van die ketters en ze naar de gevangenis te Luik over te brengen. 1595, 15 juni Quinten Kesselt, pastoor te Zonhoven, was wegens de plunderende soldaten naar Hasselt gevlucht en werd daar door de magistraat verplicht de wacht op te trekken en soldaten te logeren. De pastoor bekloeg zich daarover bij de prins-bisschop en deze beveelt de magistraat de pastoor, reeds meer dan 60 jaar oud, te ontslaan van alle karweien. 1595, 5 oktober In het gehucht Wideux te Sint-Lambrechts-Herk wordt door de gemeentenaren besloten 'dat men jaerlix twee gesworenen vuijt ses mannen sal kiesen ende diegenen die sulx nijet aenverden en willen, sullen vervallen in een boete van drij goutgulden'. 1595 Om de kanselier van Luik gunstig te stemmen tegenover de stad, worden hem twee Westfaalse hespen geschonken, die 8 gulden waard waren. 1598 Tijdens de pestepidemie te Hasselt stelt broeder Jan, cellebroeder, een boekje samen met allerlei remedies tegen de pest. Jan van Manshoven, burgemeester van Hasselt in 1632 en 1642, copieerde het boekje. 1599, 24 februari De Hasseltse uurwerkmakers waren wijd en zijd bekend. Op die datum levert meester Marten Dekens uit Hasselt aan de stad Tongeren een uurwerk met twee wijzerplaten. 1599, 14 juli Jonker Filip Geloes van Hasselt sticht een brooduitdeling voor de armen om op Allerheiligen, Kerstmis, Pasen en Pinksteren telkens 80 broden uit te delen. Tijdens de keurdag waarop de nieuwe burgemeesters en de raadsleden verkozen worden, werd er een diner gegeven, waar verbruikt werden 13 hanen, 4 hennen, één haas, 18 duiven, één patrijs, een kalfstuk, een pond 'bancketsuyker', één pond amandelen, vijf hazen, oranjeappels, een half pond krenten, gember, zout, olie, boter, eieren, radijzen, salade, erwten, appelen en kersen, alles samen voor 39 gulden. 1602, 11 februari De prins-bisschop geeft aan de Hasseltse magistraat opdracht een onderzoek in te stellen over de teruggekeerde ketters. 'Wij hebben verstaen dat diversche ketters, gebannen uyt onse stadt Hasselt en sedert gewoont hebben in Holland en elders alwaer sy hebben moghen leven naer hun fantasy...' Die ketters zijn teruggekeerd en men vreest dat 'sy heymelyke ver-gaederingen halden ende alsoe verbreyden ende sayen 't quaet saet van hunne valsche leeringe'. 1602, 11 juli 'Quam grave Mauritius van Nassau met dry legers elck van twelff duysent man met schoon ruytery ende wel duysent wagenen voir onse stadt smorgens te vyff uren ende planden syn legers op onse Kempense en Trichterheyde ende deden ontspreklicken scade aen die borgers.' 1602, 28 december De schout van Hasselt neemt een verhoor af 'over deghene die onlanx metter nacht Sint Corneliskerck ingebrocken syn ende die kisten opengebroken hebben'. 1603, 26 juni In het Gasthuis wordt een inventaris van de inboedel gemaakt; in de mannenkamer zijn er zes bedden met één deken, in de vrouwenkamer staan er twee bedden en één deken, er zijn zes paar lakens, een grote ketel, een handketel, twee 'piscuypkens', een moespot, twee tinnen schotels, zes 'oercumpkens', een kist en een eetpot. 1603 De stad kocht 2400 kareelstenen om een 'secreet' te maken achter de hoofdkerk. 1604, 10 december Balthasar van Hilst uit Hasselt noteert 'een soech ter halfscheit utgesatten aen enen ghenaemt Emondt Berden woenende tot Vliermael, alsoe is conditie die bigghen te deylen als sy alt syn twee maenden ende half ende die soech te deylen tusschen Emondt ende ons'. 1606, 29 november De reguliere kanunnikessen Bonnefanten van Luik komen na de dood van de prior Jan van Mombeek, in het bezit van het goed van Henegouw dat jarenlang onbewoond was gebleven. 1606 De opstandelingen van Diest 'meynden Hasselt te verrassen ende uyt te plunderen maer de borghers op haer hoede synde ende houden goede wacht, ende sy kwamen te laet om hasenoten te plucken'. In Beverzak-Zonhoven stond er ook een galg, waarvoor in het jaar 1606 heel wat uitgaven door de stad gedaan werden. 'Betaelt een vat biere dwelck ettelycke borgers verdroncken hebben toen sy het radt metten boom aen Boverick gevuert hebben alsoock het lichaem ter aerde begraven om die daervan te schouwen'. Ook 'betaelt aen den prior vanden Augustynen dat hy den misdediger goet onderwys gegeven heeft ende met geweest es tot int Beverick'. 1607 De stad gaf 11 stuivers aen 'twee bedelaers ter oorsaecken dat sy lanxt ende binnen dye stadt nyet en gaen en souden'. 1609, 12 april Door het Twaalfjarig Bestand kwam er weer vrede in het land. Mantelius schreef hierover: 'Hasselt en voort het geheel landt begonst haeren azem te herscheppen, de coopmanschap en trafieck te floreren, soo met Hollandsche als Brabantsche steden. Toen is eerstmael onder andere vremde waren den tobac in 't landt comen, principalyck uyt Hollandt.' 1610, 16 april Voor de eerste maal wordt te Hasselt de belasting op gebranden wijn, voor zes jaar verpacht. Een bescheiden begin voor wat de belangrijkste nijverheid van Hasselt zou worden. 1610 Volgens het verlangen van de prins-bisschop openen de Augustijnen van Hasselt een college. 1611, 11 maart De secretaris van de Rode Roos begint een register en inventaris 'so van historiael spelen als van Sinnen'. 1612 De stad betaalt vijf gulden 'voer beeldekens als pater preeckheer Gasparus gecocht heeft om de kinderen int leeren vanden catechismus te gheven, 202 noch beeldekens met acht christelycke leeringen'. 1613, 18 april Te Hasselt wordt geordonneerd dat alle personen die in de heide turf gaan steken, die turfkuilen binnen de zes weken moeten opvullen. 1613, 4 oktober De aartsdiaken van Haspengouw bezoekt de kerken en kapellen van Hasselt. Daarbij wordt vastgesteld dat het kerkhof niet afgesloten is en vol met afval ligt. Johannes Hechtermans was rector van de O.L.Vrouwkapel. In de Corneliuskapel buiten de stadspoorten moest het dak van het koor en van het schip hersteld worden. De Begijnhofkerk had als patrones Maria Magdalena. 1614, 8 maart Enkele leden van de Rethoricakamer vragen aan de stad toelating om op te richten 'een vast geselschap van 27 oft 28 eerbaere gehaude mannen', te kiezen uit de bestaande kamer 'opdat die const van Rethorica te beter mochte gheuseert worden ende abondoneren alle quaede usantien te weten van quaertspel, terlingen ende andere tuyserijen'. 1614, 30 april Blijde Inkomst van prins-bisschop Ferdinand van Beieren te Hasselt: 'De twaelfmannen syn hem met die processie tegegegaen tot aan de Truyerpoorte met tabbaert aen ende een brandende toorts inde hand gaende tot in de kercke, daer hy den eedt gedaan heeft ende vande coer coemend heeft hy in de kercke dryemael geit geworpen ende op stadthuys ontvangen. Op die selve incompste was die compagnie van Rethorica, tot twintig toe sittende te peerde in haere hande een brendende flambouw ende prince Henrick Laerman hadde een haselaren tack inde hant waeraen hangende was die stadswapen; een jonghe dochter presenteerde syn hoocheyt den sleutel hangende in een wit en blau zeyen snoer... Die vier stadswycken trocken den prince tegen tot St-Lambrechts Herck met een vendel jonge gesellen; die groote camer, den voetboeghcamer met de handboegcamer reeden met die heeren van de stadt tot by Hilst, den pastoir met die sengerye en schoelclercken stonden aen die poort oft inde straet met cruycen ende vaenen; aen het stadthuys heeft syn hoocheyt die geheel borgerye doen voerby passeren. Des anderen daechs smorgens ten 4 ueren is syn hoocheyt vertrocken naer ons Lieff Vrouw ten Scherpenheuvel.' Te dier gelegenheid voerde de Rode Roos een allegorisch spel op, dat werd geschreven door de Hasselaar Melchior van Daelhem, rector van de St.- Augustijnenschool te Brussel. De prins-bisschop was aanwezig 'zyne hoocheyt liggende voor 't stadhuys op een cussen op die puie vergeselscapt van graven, ridderen, baronen ende heeren'. 1614, oktober 'In Hasselt syn gearriveert vier kerneis die geladen zyn geweest met grote costelyckheyt die syn Keyserlycke Majesteyt heeft ghesonden aen zijnen broeder Albertus van Oistenryck ende aen die hertoginne Isabella ende deur beveel van de borgemeesteren heeft het geselscap van Rethorica die selve moeten convoyeren tot Haelen.' 1615, 27 juli De beul of scherprechter Steven Bollen weigert de terdoodveroordeelde Thomas Boul te executeren omdat hij niet betaald was voor vroegere terechtstellingen 'synde geentsints tevreden met sprecken oft beloefte van loon'. De stad betaalde hem dan 56 gulden. 1615, 26 september Tijdens de nacht branden in de Demerstraat alle huizen af van aan Vogelsanckhuis tot aan de Bonnefantenkerk. 1615 Om middernacht moest een stadsdienaar de pastoor van Kuringen gaan halen om een terdoodveroordeelde de biecht te horen. De prior van de Augustijnen, die normaal voor dit werk in aanmerking kwam, had geweigerd omdat hij geen vergoedingen had ontvangen toen hij misdadigers gebiecht en hen bij de terechtstelling bijgestaan had. 1616, 6 maart De eerste Capucienenkloosterlingen komen zich in de stad vestigen en verblijven in een voorlopig klooster. 1617, mei De Rethoricakamer van Hasselt neemt deel aan een prijskamp te 's Hettogenbosch en een van de leden, Renier Coemans, behaalt er de derde prijs van uitspraak. Bij de terugkeer worden de leden van de Rode Roos door de burgemeesters en een grote groep burgers 'met trommel en vligende vendel met hun volle geweer tegen geghaen tot by Sonhoven ende Willem Toelen heeft wel een ure op die clocken gespeelt'. 1617, 12 september Aan de galg te Kuringen worden vijf misdadigers opgehangen. De stad betaalt aan Leys op die Laus één gulden en 10 stuivers omdat hij 'die misdedigers van quade arme jongen utgescudt synde, hun schamelheyt te bedecken ende hemdens toe te binden'. 1618 De stad betaalt aan Marten Muyteners één gulden 'van eenen cuyl te maecken opden kerkhoff ende alle doodsbeenderen die aen de kerck lagen, daerinne te begraeven'. 1619, 11 februari De stad betaalt één gulden 'van dat eene vrouwe opde Colvenierscamer opde coorde danste ende haer man veel consten bedreeff. 1619, 3 mei De Capucienen worden plechtig en processiegewijs naar hun eigendom in de Warmoes-straat' geleid 'tot groote voldoeninghe van 't volck, want sy quyten sich seer om de gemynte te dienen int bichthoren, preken, catechiseren en siecken besoeken. Het clooster is op hun manier gebauwt, cleyn en eng maer sy hebben een schoenen hof rot aen de vesten'. 1619, 25 december De stad Hasselt betaalt aan de stadsdienaar 25 stuivers omdat hij op Kerstnacht 'in de kercke toesicht genomen heeft om die quaede manieren van die joncheyt te beletten'. 1620, 30 april Te Hasselt wordt door de gemeentenaren op het jaargeding uitleg gegeven over het spreekwoord: 'Soe wye wilt wijen, behoert te vrijen', d.w.z. wie wil gebruik maken van een gras weide, moet die beschermen, moet die afpalen. 1620, 18 juni De prins-bisschop hecht zijn goedkeuring aan het nieuw opgericht college der Augustijnen en laat aan de stadsmagistraten weten dat hij de nieuwe onderwijsinstelling van harte aanbeveelt. 1620 Cornelis Mathijs geeft aan de stad een rekwest over waarin hij mededeelt hij hij 'in schrifte heeft gecomponeert seckere musiekstucken dienelyck tot allen die grootste feestdaegen van het gehele jaer, die hy aan de stad is dedicerende om gedruckt te worden, overmirs dit eene seldtsame ende rare saecke jae van groote consideratie is, want hier in dese stadt noyt iemant soo verre in dese conste van musieck gheexcelleerd heeft'. 1621, 17 mei De prins-bisschop vraagt uitleg over het feit dat de 'salpeteren die te Hasselt plegen gereserveert te worden tot behoeff van munitie der stadt' verkocht zijn geworden en dat men daarmee vele andere onnuttige dingen heeft gekocht. 1621, 10 augustus De schoolmeesters van Hasselt beklagen zich bij de magistraat over het optreden van de Augustijnen die alle middelen aanwenden om studenten voor hun college te ronselen. Indien de schoolmeesters het waagden wat al te streng op te treden in de klas, dan dreigden de studenten de school te verlaten en naar het Augustijnencollege te trekken. 'Slaet my de meester, zo gae ick ten Augustynen want sy tot onse huyse dickmaels geweest syn om my te hebben'. 1622 Jan Fredericx uit Lummen wordt tot pastoor te Kuringen aangesteld: hij blijft er tot 1625 en wordt dan pastoor van het Hasseltse Begijnhof, waar hij op 31 januari 1654 sterft. 1623, 26 augustus De Cellebroeder Vaes Lantmeters, door de magistraat beschuldigd omdat hij geweigerd had een kind te begraven, antwoordt: 'hy en souts nyet doen, hy en hedde eerst syn geit'. Niettegenstaande het aandringen van de burgemeesters, volhardt hij in zijn weigering en dreigt er zelfs mee het klooster te verkopen. En de stad geeft toe en keert hem zijn loon uit 'om meerder ende quade inconvenienten te scauwen, liggende hier vyff oft ses dooden te begraven'. 1623, 17 september Eerste steenlegging van de kerk der Capucienen. 1623 Het Begijnhof koopt een orgel van Anna Otten, maar er moeten nog verscheidene herstellingen aan het instrument uitgevoerd worden met het oog op de plaatsing ervan op het koor. 'Nu gemerct dat allen dese costen geschiet en gedaen waren en die orgel noch niet opgestelt, hebben wy goet gevonden die te stellen achter in ons kercke'. 1624, 22 januari Peter Verluijten, chirurgijn te Hasselt, vraagt de plaats van stadsapotheker; hij heeft zijn snel in Londen geleerd 'by eenen experten doctoor die hem dagelyx veel medicamenten dede maecken'; hij heeft steeds de voorschriften van de stadsdokter en van een professor te Leuven tijdens de ziekte van mevrouw de Geloes uitgevoerd. 1624, 3 maart De stadsmagistraat van Hasselt neemt strenge maatregelen om de pest te bestrijden. Zij beslist twee grafmakers uit Hasselt, die te Sint-Lambrechts-Herk pestslachtoffers begraven hadden en hierdoor gevaar van besmetting opliepen, voor drie maanden uit de stad te verbannen. 1624, 17 april Op het gehucht Schoonwinkel te Sint-Lambrechts-Herk wordt beslist dat iedere persoon, die 'eenige soldaeten wechvuert ende daertoe peert oft peerden geeft ende alsulck peert oft peerden achterbleven, sal die gansche gemeijnte gehouden syn die te betaelen'. 1624, mei Ferdinand van Beieren, prins-bisschop van Luik, besluit op verzoek van de Augustijnen, de stadsschool te sluiten en alle studenten in het Augustijnencollege op te nemen. Door het krachtig verzet van de Hasseltse stadsmagistraat wordt het verbod op 10 juli ingetrokken. 1624, 22 juni Maye Vatens wordt te Hasselt veroordeeld tot het dragen van de 'cuyp' (een strafwerktuig waarmee misdadige vrouwen werden beladen) rondom de stad omdat zij in de straten, 'op een yseren panne slaende leelycke scandaleuse dingen heeft geroepen'. 1624, oktober De pastoor van Sint-Lambrechts-Herk, Johannes Tossani, door het kapittel van Hoei aangesteld, was een Waal die het zeer moeilijk had Vlaamse sermoenen te houden. Zijn preken gaven aanleiding tot heel wat scherts en de aartsdiaken van Haspengouw stelt bij zijn visitatie vast dat de pastoor het voorwerp van spot was geworden in de kerk en in de herbergen, waar men zijn houterige preken imiteerde. Zelfs Hasselaren vonden er genoegen in zondags naar de preek in Sint-Lambrechts-Herk te gaan om er eens gul te kunnen lachen. De pastoor was er zich terdege van bewust dat het zo niet verder kon en vroeg dan ook zijn verplaatsing naar een Waalse parochie. Dezelfde pastoor maakt bij de aartsdiaken zijn beklag over zijn voorganger Walterus Quenen die nog altijd in de parochie verbleef en als waarzegger en kwakzalver optrad om allerlei geneesmiddelen toe te dienen aan zieke mensen en dieren. 1624 Frans Bienmonté werd door de stadsmagistraat veroordeeld tot een bedevaart naar 'Rut-semedouwe' (Rocamadour) omdat hij een medeburger had beledigd door hem uit te schelden voor 'bloetworst, bloethont, coesack, kerckendieff. De aartsdiaken van Haspengouw inspecteert de kerken en kapellen van Hasselt. In de parochie wonen er 4000 kommunikanten; een vergulden zilveren monstrans werd om veiligheidsredenen in een burgershuis bewaard terwijl een tweede van zilver in het Sacra-mentshuis opgeborgen was; de kerk en het kerkhof werd door de suffragaan-bisschop opnieuw gewijd omdat door een doodslag de gewijde plaatsen waren ontheiligd; de kinderen die zonder doopsel gestorven waren, worden bij de Alexianen begraven; op het koor zijn er verscheidene pastoors begraven en in de andere delen van de kerk hebben leken een grafkelder. Volgens de aartsdekenale visitatie van de kerk van Stevoort verwaarloosde de pastoor de zondagspreken tot groot nadeel van het geestelijk welzijn van zijn parochianen. In 1618 had hij reeds een vermaning hieromtrent gekregen, en men had hem de raad gegeven vlaamse preken te kopen om ze aan het volk voor te lezen. De koster Hendrik Pollenders wordt vervangen omdat hij geen muziek kent en de plechtige hoogmissen niet kan opluisteren met zijn gezangen. Margareta van Berghes, abdis van Herkenrode, en Jan Geloes, pastoor te Hasselt, schonken een mooi glasraam aan de Begijnhofkerk; dit glasraam bevindt zich thans in het Victoria and Albert Museum te Londen. Prins-bisschop Ferdinand van Beieren bezocht uit devotie het H. Sacrament van Mirakel te Herkenrode. De studenten van het Augustijnencollege kwamen hem begroeten en zij 'hebben een oratie en latijnse verskens opgeseijt'. 1625, 7 januari De stadsmagistraat beklaagt zich bij de militaire overheid over de straffeloosheid die sommige militairen genieten; op negen maanden tijd werden er in de stad zeven doodslagen gepleegd en de daders vroegen bij hun aanhouding een inlijving bij het spaanse leger zodat de schout niet meer kon optreden. 1625, 14 april 'Aert Eyseren tot syn brauloeff gelevert 1 vierdel ponds suycker, een loet kaneel, 1 pont rijs, 1 pont prumen, 1 teen sofferaen.' 1625 Tijdens de voorbije drie jaren werden er door de pastoor van Hasselt 433 gevallen van dodelijke pestepidemie genoteerd. 1626, 28 mei Drie Grauwzusters uit Diest waren door de Hasseltse magistraat naar Hasselt geroepen om er een gasthuis op te richten. De Zusters moeten voorlopig in een privéwoning onderdak vinden 'sonder eenig gerieff van huysraet ende soo vol gaeten in de mueren alsoe dat men gheen kerse en kost brandende houden want die wint sloeg daer bi alle kanten ut ende in. Soo hebben dese eerste drye susters seer armelyck beginnen huys te houden; veel tijts sliepen sy op het stro en laghen soo miserabel dat de beesten in de stallen ghemackelycker laghen dan deze religieusen'. 1626, 10 augustus In een overeenkomst tussen het Begijnhof en de abdis van Herkenrode wordt bepaald dat de kloosterzusters van Herkenrode ieder jaar een aantal koeken zullen ontvangen van het Begijnhof. Er wordt gespecifïeert dat 'als wy die coecken baecken, moetmen hebben onderhalven cop terwen, een croes sockerstroep, drye eyeren, onderhalf loet peper, een half loet nagelen, twee loet aenyessaet ende viff croesen melck'. 1626, 18 september De stadsmagistraat sluit een akkoord met de Grauwzusters 'die alle vrouwepersoenen buyten het gasthuys bystaen in alderley sieckten, hetsy peste, contagouse sieckte en andere niet smettelycke sieckten behalven melaetscheyt, cancker, pockactigheyt'. 1627, 25 maart De stad geeft een vergoeding aan twee dienaars 'van dat sy op Paesdach die borgers hebben in orde gehouden opdat die H. Communie met meerder stilheyt ende reverentie soude gescieden'. 1627, 3 augustus Het hoog gerechtshof van Vliermaal spreekt een vonnis uit waardoor Jan Vandermaesen, schepen van Zonhoven, veroordeeld wordt omdat hij zijn dieren in de heide van Hasselt, ter plaatse Elsrack, had laten weiden. 1627, 21 september Isabella, infante van Spanien, hier passerende om te bezichtigen die nieu vaert die de Spaenschen groeven van de Rijn tot in de Maes, logeerde opt stadthuys.' 1627 'Int beginne des jaers 1627 alsoe het gasthuys was leggende aen die Curingerporte tusschen de stadswal ende de gasthuyscapelle, is die huysinge ende gront vercocht ende het gasthuys is geleyt achter de molen naest die schuure der selver stadt.' 1628, 6 juli Te Wimmertingen wordt de eerste steen gelegd van de nieuwe kerk, die op 7 juli 1631, ingezegend werd door de Luikse wijbisschop Tilmannus de Graes. 1629, 26 september David Neven, 'practisyn' geneesheer te Hasselt krijgt van een collega uit Luik aanbevelingen voor het behandelen van buikloop: 'Het besten is also balde datmen sieck is sich doen purgeren ende nae purgatien moetmen sich doen stoppen ende eten ende drincken spijsen ende dranck dy stoppen, ende ist dat U te seer gestopt sijt, laet U clisteren omdat den natuerlicken ganck altoes mach open bliven'. 1629 Jan Liefsoens kreeg van de stad opdracht een groot brandijzer te smeden 'metter stadswapen daerin gehouwen om eenen misdaeder te brantteeckenen'. 1631, 6 juli De Hasseltse magistraat verbiedt de toegang tot de stad aan de inwoners van Kuringen, Zonhoven, Sint-Truiden en Wijer omdat er in die gemeenten een pestepidemie heerst. 1631, 25september Pastoor-deken van Hasselt, Joannes de Geloes, sterft aan de pest. 1631, oktober De stadsoverheid stuurt een bode naar Luik om 'daer te halen meester Pier Mariaen die de peste soude verdryven'. Tevens wordt er een kar kolen gekocht om 'een vuer te stoken opden merct ende die peste daermet te doen cesseren'. 1631 De Hasseltse kaarsenmaker P. Houwen leverde aan Steven Geloes 'twee wasse been ende twee wasse armkens te gaer Vz pont'. 1632, 29 april De stadsmagistraat besluit dat de bijenhouders in de heide hun korven niet te kort bij elkaar mogen plaatsen maar tenminste een kwartier gaans van elkaar. 1632, 3 september De Hasseltse magistraat verordent dat de huizen waar de pest heerst, met een strowis moeten gemerkt worden. 1633, 12 juli P. Houwen levert aan het Begijnhof'200 cleyn ende 500 grote ostien, 12 kersen, 1 kwart wyrock, 1 loet muscaten, 1 vierdel termetyn'. 1633, 29 augustus De magistraat sluit een akkoord met de Grauwzusters om vrouwelijke pestlijders in het klooster te verzorgen. 1633, 8 november Jan Mantelius, prior der Augustijnen te Hasselt en eerste geschiedschrijver van de stad, schenkt aan de burgemeesters een van zijn boeken 'ingebonden ende met gout verciert'. 1633 De paters Capucienen voerden een mysteriespel op in de hoofdkerk en ontvingen daarvoor van de stad vijf stuivers. De stad betaalde aan een mandenmaker een vergoeding voor het maken van een 'corpus van een extraordinaire statue oft figure van den groeten man dienende om den omganck te vercieren'. De Cellebroeders maakten zich zeer verdienstelijk tijdens de pestepidemie, 'sy hebben over de tachtentich borgers deser stadt geholpen ende tot gesontheyt gebracht'; zij kregen van de stad 100 gulden en een kareeloven 'om hun clooster dat ruineus is ende hun kerck te repareren ende te bouwen'. 1634, 26 april De gemeentenaren van Schoonwinkel hadden op het kerkhof enkele fruitbomen geplant en het fruit werd door de kerkmeesters voor eigen profijt verkocht. Hieromtrent kwam er een geschil daar 'die moeyten ende costen van de plantinge geschiet is by de gemeynte'. Er wordt overeengekomen dat 'die vruchten die daervan sullen coemen, halff ende halff sullen gepartageert worden'. 1634, 28 augustus De prins-bisschop van Luik geeft aan de minderbroeders toelating om te Hasselt op te richten 'een religieuse residentie om aldaer haer gasten te muegen tracteren ende oick te voldoen haer religieuse sacken'. Mantelius schrijft hierover: 'Syn de paters Minderbroeders hier comen woonen en in corten tijdt hebben een schoen kerck en clooster gebaut. Hun hof is wel den schoonsten en grootsten van de stadt maer aen den Demercant incommodeert hy veel borgers die daer hun leynwaet plachten te bleycken'. 1634, september De Hasseltse winkelier P. Houwen koopt tonnen honig van boeren uit Genk, Bolderberg en Zutendaal. 1634 Tijdens de jaren 1631-1634 had de stad te lijden onder een zware pestepidemie waarbij 419 slachtoffers vielen. 1635, 13 januari De schout van Hasselt beveelt 'een gerechtelijk onderzoek over 'een schromelycke beeste hebbende die forme van eenen grote hondt oft wolff en na te gaan 'oft men niet diversche geruchten gehoert en heeft van weerwolven die opt Calverhuys hun woening souden hebben ende oft wie int gemeyn nu naem oft faem gedragen heeft weerwolf te wesen'. 1635, september De stad betaalt één gulden aan Claes vander Leeuw omdat hij 'den groeten man inde processie op kermisdach gedragen heeft'. 1637, 9 juli De Hasseltse magistraat neemt het volgend besluit: 'Wie voortaen tot eenen andere seyt oft toeroept: Baseier, Jode van Jerusalem oft desgelyxe woorden, sal verbeuren een bedevaart naar Rocamadour oft 5 gulden'. 1637 Pastoor Jan Frederix van Hasselt schonk aan de hoofdkerk een predikstoel; zijn wapen staat gebeiteld op de bovenrand van het middenpaneel. 1638, 8 juni De religieusen van het H. Graf van Luik, Bonnefanten genaamd, komen zich te Hasselt vestigen 'om die meyskens francois te leeren en goede seden'. 1638, 12 augustus Maria de Médicis, moeder van Lodewijk XIII van Frankrijk logeert in de Scherpensteen te Hasselt en vertrekt 's anderendaags naar 's Hertogenbosch. De stad betaalde 13 gulden aan de burgemeesters en 'acht oft neghen capiteyns die hier voer die Trichterpoort die Conin-ginne enigen tyt waren wachtende en vereert werden met een bancket ende wyn'. 1638 Op de Grote Markt werd een nieuwe stenen putkuip gemaakt naast het Perron. 1639, 12 juni De stadsmagistraat verbiedt wegens brandgevaar voortaan nog pektonnen of meibomen te plaatsen voor de huizen van de nieuwe gekozen burgemeesters. 1639, 17 november Ter gelegenheid van het bezoek van de prins-bisschop te Hasselt wordt er in totaal 2818 gulden uitgegeven. Die som werd besteed aan een banket met 'reevleesch, merchpypen, patryzen, watersneppen, hazen, lysters, haenen, speenvarckens, kalkoenen, Herfschekasen, Westfaalsche hespen, marcepainen, suikergeback, confitueren, Spaanse biscuyt, Hollandse kaas, snoeken, baersen, aberdaen, stockvis, andivie, artichocken, citroenen, okkernoten, hazelnoten'. Thomas Morren kreeg 10 gulden omdat hij 'op Princencaemer gescildert heeft synder hoocheyt ende stadswaepen, oock die banderollen gesteld heeft op pasteyen ende marcepeynen'. Willem Scoepen kreeg 16 st. 'van inden groten man te gaen syn hoocheyt te gemoet'. Ook werd er betaald voor 'twee manden sagemeel om te stroyen opde trappen ende op de puie want het seer nat was'. 1645, 25 januari De burgemeesters van Hasselt 'hebben den pater provinciael der Minnebroders vereert met 12 potten wyns als hebbende den eersten steen tot hunne kercke geleet'. 1646 Tijdens de jaarlijkse processie naar Scherpenheuvel ingericht door de paters Capucienen werden te Halen twee bedevaarders in hechtenis genomen door rondtrekkende soldaten en zij kwamen maar vrij mits een losprijs van 30 pattacons. 1647 Vondel schreef een 'Zegezang ter eere van Gillis van Vinckenroy, burgemeester, twaelfman, en keizer van den edelen kruisboge'. De zegezang behelst zeven strofen waarvan de eerste luidt: 'Nu giet de molenrijcke Demer Meer waters uit syn glasen eemer, En ruischt en bruischt, gelijck de zee Door Hasselt, syn verheugde stee En langs de vruchtbare oevers neder Hij drijft en dobbert op de veder De Burgemeesterlijcke faem En Vinckenroys doorluchten naem.' Mathys van Westerhout ontving van de stad 14 gulden voor 'die vaen te schilderen voor den wachter op den toren voer die peerderuyters en 10 leere emmers (blusemmers) stadswaepen daerop te schilderen'. 1648 'Aen de borgemeesters twee Fransche croonen om te geven aen de heeren van de Secreten Raedt tot Luyck om te beletten merckt te halden tot Sonhoven.' 1649, 29 mei De prins-bisschop van Luik geeft aan de stadsmagistraat toelating om een windmolen te bouwen, daar in tijden van droogte de watermolens niet kunnen werken en de Hasselaren genoodzaakt zijn hun granen te laten malen in de omliggende dorpen. 1649, 31 oktober De zusters Bonnefanten betrekken een nieuw huis dat door pastoor Jan Fredericx voor hen gekocht werd. 1649, 9 november In het testament van Anna Glibbeecks uit Hasselt wordt o.m. gestipuleerd: 'begeert dat op haer doodtkiste een nieuw wullen lakencleet met een carmosynen blauwe cruys ende drij fraij croonen sullen gestelt worden ende ses weeken daerop te blijven... dat de gebueren voor het lui jen met bier eerlijck sullen worden gedefroijeert ende dat haer naeste vrinden op den dach van haer begraffenis een eerlijck tractement sal gegeven worden'. 1649 Voor de eerste maal werd er te Hasselt melding gemaakt van de uitvoer van Hasseltse brandewijn. 1650, 4 maart Bij de aartsdekenale visitatie zijn er 290 woningen in de wijken van Runkst, Henegouw, Calverhese, Godscheide, Wolfske, Trekschuren, Trichterheide en Kempische heide. Op verscheidene plaatsen van de hoofdkerk zijn er gebroken vensters zodat in de zijkapellen haast geen Mis kon opgedragen worden. De oude Gasthuiskapel op de Maagdendries is helemaal vervallen: meer dan de helft van het dak was ingestort, vele vensters waren gebroken, er was geen ingangspoort en men kon nauwelijks merken dat het een kapel was. In het Begijnhof zijn er 51 begijnen en hun kapel wordt alleen voor hen en hun personeel gebruikt; meestal worden de Begijnen in de kerk begraven maar er is nog een klein kerkhof buiten de kerk; de meesteres van het Begijnhof had niet te klagen over het gedrag van de juffrouwen behalve over de houding van Oda Heers en Johanna Moers, die zonder toelating het Begijnhof verlaten hadden. 1650, 6 maart Tijdens de aartsdekenale visitatie van de kerk van Stevoort beloven de gemeentenaren dat zij voor de pastoor een pastorij zullen bouwen. Acht jaar later beklaagt de pastoor zich bij de aartsdiaken omdat zijn pastorij veel te ver van de kerk gelegen is en hij op eigen kosten een klein huisje heeft moeten bouwen, dat dichter bij de kerk gelegen is. De pastorij is trouwens bouwvallig geworden. Pas in 1726 werd de pastorij hersteld. 1650 De stad gaf een vergoeding aan Jan van Lathum 'van gerepresenteert te hebben die Passie in de Sint-Quintenskerck inden vasten'. Enkele burgers van Hasselt schonken een communiebank voor de kapel van O.L. Vrouw van de Rozenkrans in de hoofdkerk. 'Is den nuntius Fabius Chisius, naderhand Alexander VII, paus, tot Hasselt in den Scher-pensteen gelogeert ende heeft in de kapelle van O.L.Vrouwe de Misse gelezen.' 1651, 2 september De Hasseltse kaarsenmaker P. Houwen verkoopt aan het Begijnhof van Bree ' 1 bruytkersse van 1 pont witte wasch en 4 halfponden kerssen wit wassche'. 1651 De stad gaf een vergoeding aan Jan Pecksters 'van dat hy die weghen heeft helpen repareren als die processie van den Minderbroeders naer den Cortenbosch ginck'. 1652, 6 november 'De pastoer van Kermt, heer Jan vander Eycken, gestorven synde, heeft de pastoer van Curingen ende enen der erfgenaemen comen halen te Hasselt een wasschen kelick, schotelen ende keerssen', voor de begrafenis. 1653 Aan het Cannartshof te Stevoort werd het centraal poortgebouw met duiventoren gebouwd. 1654, 31 januari Hulptroepen van de prins-bisschop worden in Hasselt gelogeerd om de burgers tegen ronddolende en plunderende Lorreinen te beschermen. 1654, 16 februari De stadsmagistraat en de kommandanten van de ingekwartierde hulptroepen besluiten een uittocht te wagen met wagens om onder een sterk militaire escorte alle voedergewassen en eetwaren te gaan halen in de abdij van Herkenrode 'verbiedende expresselyck van iet te breecken oft eenigh meubel des cloosters te toucheren oft wech te nemen'. 1654, 20 februari Tijdens de verdediging van de stad tegen de Lorreinen wagen een 100-tal Hasselaren een tocht naar Diepenbeek om provisie te gaan zoeken; ze worden er door vijandelijke troepen opgewacht en zij gaan zich verschuilen in het kasteel waar zij tot 22 maart verblijven. 1654, april De pastoor van de hoofdkerk te Hasselt noteert dat wegens de onveilige tijden, veroorzaakt door de Lorreinse troepen, er in de stad geen enkel huwelijk werd ingezegend van december 1653 tot april 1654. 1654, 5 juni De stadsmagistraat sluit een overeenkomst met de steenhouwer Jacques Dujardin om te maken 'twee pilaeren aen die Trichterpoort tot een optreckbrugge'. 1654, 7-8 september Tijdens een nachtelijke brand in de Raamstraat wordt drievierde van het aantal huizen in de as gelegd. 1655, 11 april De stad betaalt aan Jan Wilsens 38 gulden voor de levering van 'dry marsepynen ende dry amandeltoorten verciert met syde blommen'. 1655 De wijbisschop van Luik wijdde de nieuwe Minderbroederskerk, die onder de bescherming staat van de H. Rochus, pestheilige. 1657, 4 april De organist van Tongeren komt het orgel in de O.L.Vrouwekerk inspecteren alsook het orgel van de grote kerk. 1657, 4 juni De Hasseltse kaarsenmaker P. Houwen levert aan Dirk Beelen, burgemeester van Diepenbeek 'als die processie naer Scherpenheuvel ginck, twee witte kerssen costen tsamen twelf gulden'. 1657, 7 juni De burgemeesters van Hasselt schenken zes potten wijn aan de Capucienen 'als wanneer die processie comen was van Scherpenheuvel'. 1657 Ter gelegenheid van een verzoek van de stadsmagistraat aan de prins-bisschop om aan de Maastrichterpoort enkele werken uit te voeren, werd er door de stad een tekening van de Maastrichterpoort gemaakt met torens, versterkingen en wallen. Volgens een klokopschrift werd er dit jaar door Pieter van den Gheyn een klok gegoten voor de Sint-Corneliskapel. De stad betaalde 4 gulden aan de gezellen van de Grote Kamer 'ter hulpe van eene draeck dienende tot cieraat van die processie'. 1658, 4 oktober Bij de aartsdekenale visitatie wordt vastgesteld dat de Hospitaalkapel op de Maagdendries verkocht was voor een rente van 90 gulden per jaar ten behoeve van de armen en dat het altaar, met een inkomen van 40 vat rogge per jaar, naar de hoofdkerk was overgebracht. 1658 Katharina de Lamboy, abdis van Herkenrode, liet een nieuwe infirmerie bouwen te Her-kenrode. 1659, 17 februari De stadsmagistraat is verplicht een reglement voor het gasthuis uit te vaardigen 'overmits alle gasthuysen ingestelt syn om te logeren arme passanten en gebreckelycke menschen ende nochtans het gasthuys dagelyx meer gefrequenteert wordt door vagabonden, stereken en onbeschaemde bedelaers ende bedelerssen, professie maeckende op allen merektdaghen van deen stadt tot die andere steden te gaen bedelen'. Daarom wordt aan de gasthuismeester opdracht gegeven alleen aan pelgrims en passanten onderdak te geven, éénmaal per maand. 1659, 24 april Te Hasselt wordt verordend dat 'niemand eenige duyven en sal moghen halden tensy dat hy hebben sal onder dese jurisdictie ten minste thien bunder land'. 1659, 23 juli De Conseil Ordinaire van het prinsbisdom Luik verklaart dat Bartholomeus Vandermaesen uit Zonhoven met recht en reden door de schout van Hasselt was aangehouden omdat hij met andere Zonhovenaren op 21 juni 1658 met geweld paard en kar van de Hasselaar Tilman Rommen in de heide tussen Hasselt en Zonhoven had in beslag genomen. 1659, 12 september De stad betaalt een rekening van Balt Jaupen voor anderhalf pond buskruit 'gebruyckt tot vereringe vanden nieuwen heyligen Thomas a Villa Nova'. 1659 Hendrik van Rijkei herstelde het oud vervallen huis Het Sweert op de Grote Markt. De eerste vermelding van het Sweert dagtekent van 1426 toen het een herberg was. Van 1719 afwas het een apotheek. 1660, 25 januari Wegens klachten van de pastoor, gebiedt de Hasseltse magistraat dat de ouders er op boete toe verplicht zijn hun kinderen iedere zondag naar de catechismus te zenden. 1660, 17 augustus De stadsmagistraat beveelt alle uitgaven van het boekje Marianum Hasseletum, geschreven door de minderbroeder Hendrik Jonghen, op het stadhuis binnen te brengen en niet meer te verkopen, omdat er in vermeld wordt dat er in 1490 een gevecht plaats had tussen de troepen van de Luikse prins-bisschop en de Arenbergers in de Zonhovense heide; volgens de burgemeester had die slag niet plaats op de Zonhovense maar op de Hasseltse heide. Op 4 november bleek dat dit betwiste passage in het boek veranderd was geworden en daarom gaf de Hasseltse magistraat de verkoop van het boekje vrij. 1660, circa Niklaas Sigers van Hasselt graveerde een bedevaartvaantje voor de O.L. Vrouwekapel met aan één zijde de voorstelling van de processie en binnenzicht van de kapel en op de keerzijde het Hasselts wapenschild en een zicht op de versterkte stad, gezien vanuit het zuiden. 1661, 15 maart De stadsmagistraat beslist, op klachten van sommige inwoners die door de pastoor gedwongen waren een aantal kaarsen rond de lijkbaar bij een begrafenis te zetten, 'om verder dispensen te eviteren, dat voortaen ieder sal vrij staen aen die baere te doen setten soo veel ende soo luttel lichts als hem sal believen'. 1661, 5 september De leden van het Kremersambacht vragen aan de stad geen belasting te heffen op de handel in kousen. Zij voeren aan dat 'etslijcke jaeren geleden deur heure voorsichtigheyt alhier hebben gebragt het trafiecq van kausens hetwelck te bevoren tot Diest ende andere omliggende steden plachte te floreren, op welck trafiecq menichte van armen menschen alhier hunnen cost winnen'. Zij vrezen dat door de belasting die handel naar andere steden zal verplaatst worden waar er geen belasting wordt geheven. 1661, 12 november Een zekere Jan Pyp had zelfmoord gepleegd in zijn kelder; de Cellebroeders hadden het lichaam komen halen en begraven. De drossaard eiste evenwel de toepassing van de wet vermits zelfmoord strafbaar was. Na negen dagen gerechtelijk onderzoek, wordt het lijk van de zelfmoordenaar dan toch ontgraven, naar de galg gevoerd en opgeknoopt. 1662, 29 april De Hasseltse magistraat beslist 'aengesien die Ceciliakamer ende haer geselschap hebben gemanqueert in de hooghdaegen het alt gebruyck vande musicalen sanck in de kercke te continueren, is geordonneert die plaetse vander Ceciliacamer datelyck te sluyten en die sleutels af te gheven'. 1662, 20 juni De stad betaalt 18 gulden aan Peter Lodewijck 'van vier Lieve Vrouwebeelden te snyden om aen stadtpoorten te setten'. 1662, 4 juli De stad betaalt aan Jacop Princen 'vandat hy den vundelinck, geleyt omtrent die paters Minrebroeders, aende rechte moeder gebracht heeft'. 1662, 21 augustus Mantelius, augustijnenmonnik en geschiedschrijver van Hasselt, verklaart op verzoek van de Virga Jesse-broederschap dat het mirakuleus O.L.Vrouwebeeld tijdens de Beeldenstorm niet werd vernield en bevestigt dat het bestaande beeldje het oorspronkelijke is. 1663, 29 mei Men komt van heel ver op bedevaart naar de Virga Jesse. De stadsmagistraat schenkt 13 potten wijn 'aen de paters minrebroeders diewelcke syn gecomen met die processie van Weert alhier met eenighe vande magistraet van Weert'. 1663, 16 augustus Buyens uit Hasselt noteert: 'Is er soe groeten regen geweest dat niemant desgelycx gesien en heeft. Soe heb ick te perdt moeten naer Cortessem ryden opdat ick te voet daer niet en kost comen.' 1663, 26 september De schout van Hasselt opent een gerechtelijk onderzoek tegen drie vreemde vagabonden: een uit Vlaanderen, 14 jaar oud, wees 'gaende deurt lant om synen cost te winnen', een Gentse jongen van 13 jaar en een 17-jarige Brusselaar die et van verdacht worden 'cruycen van gold vyt de hals van de kinderen te snyden ende mantelknopen'. 1663, 29 december Een getuige op een boetstraffelijk proces verklaart 'gesien te hebben dat die sterre vanden vrijen marckt naer elff ueren is nederbracht, die vlagge opden toren ingetrokken den vrijen merckt alsoo cesserende' Dus om 11 u. werden de ster en vaandel ingetrokken en vanaf 11 u. mochten alleen de stadsburgers op de markt hun waren verkopen en de vreemdelingen moesten hun kramen afbreken. 1663, 18 oktober Eerste steenlegging van het nieuwe gasthuis der Grauwzusters te Hasselt. 1663, 23 oktober De schepenbank van Hasselt veroordeelt Hendrik Schoetmans uit Zonhoven omdat hij meer dan eens de Hasseltse heide geschonden heeft door het maaien van heidekruid om er bezems van te maken. 1663 Te Leuven bij Andreas Bouvet verscheen van Joannes Mantelius zijn 'Hasseletum sive ejusdem oppidi descriptio'. 1664, 11 juni 'Heft den blixsem int St Quintenskerke onder dye orgelen ingeslaghen ende een gat gemaeckt ende lappen van de mueren affgeslaghen ende met stanck gescheydt. Godt lof sonder brant.' 1664 In de Lombardstraat bouwde burgemeester Vossius de grote woning 'Het Claverblad'. 1665, 2 januari Tijdens een rechterlijk onderzoek voor de schepenbank van Hasselt over het feit dat Jan Hilst in de Beek gestoten werd, luidt een van de vragen aan de getuigen: 'Of Hilst niet en is geweest in perykel van in die vuylicheyt van de Beeck te versmachten, die vol modder, stront ende andere vuylicheyt als catten ende honden is'. 1665, 31januari Jan Jants tekent protest aan 'hy is seer schandaleuslyck geapprehendeert ende gestelt in het alderstrenghste gevanckenis deser stadt met het een been geboyet met eysere banden ende het ander geslagen in het stock'; hij vraagt een milder regiem in het huis van een gevangenisbewaker en de mogelijkheid een advokaat te raadplegen. 1665, 12 juli De stad betaalt aan Alard van Tilborch 'voor eene boeck waerin eenighe liedekens vant geheel jair geteekent staen om het spelrat van die horologie op de toren te stellen'. 1665, 20 oktober De stad benoemt Willem Brockmans tot stadsbeiaardier en verplicht hem de beiaard te bespelen op Nieuwjaarsdag, op Driekoningenavond, Vastenavond, Paasavond, op de pa-troondag van de kerk, op O.L.Vrouwendag, op Meiavond, op O.L.Heer Hemelvaart, met Sinksen, op Sacramentsdag, tijdens de kermisweek tot donderdag, met Allerheiligen, Kerstmis, op alle zondagen, alle donderdagen als de Sacramentsmis begint en bij de processies. 1665 De familie Dekens stichtte een huis voor oude vrouwen in de Raamstraat, waar er plaats gemaakt werd voor acht personen. In het reglement werd o.m. bepaald dat er geen jongens groot oft kleyn en mogen woonen nogh gheen conversatiens en moghen er gehauden worden'. In de tuin zullen er acht perken voor de inwonenden aangelegd worden. 1666, 28 september In de kerk van Stevoort was er een betwisting ontstaan over de zitplaatsen op het koor; vele parochianen kwamen daar de mis bijwonen tot ongenoegen van de heer van de heerlijkheid. Daarom wordt aan de pastoor bevel gegeven vanop de kansel bekend te maken dat alleen de heer en zijn dienaars op het koor mogen plaatsnemen. 1666, 18 oktober Krachtens een vonnis van de prins-bisschop in de zaak over de betwiste heide tussen Hasselt en Zonhoven, 'hebben de borgemeesters int bijwesen van de gedeputeerde van syn Hoog-heijt opt uijtterste vande palen teghenover den Beversack en elders nieu paelsteenen gestelt teghen die van Sonhoven'. 1668, 18 juli In de abdij van Herkenrode wordt een overeenkomst gesloten met de beeldhouwer Artus Quellinus jr. van Antwerpen, die voor de abdis de Lamboy een graftombe zal beeldhouwen, die zich thans in de O.L.Vrouwkerk bevindt; de prijs bedroeg 2.800 gulden. 1668, 13 augustus In de Demerstraat wordt de eerste steen gelegd van de kerk der zusters Bonnefanten. 1669, augustus De Hasseltse goudsmid Goetsbloets had aan de heer Lichy vier zoutvatjes in zilver geleverd waarop hij de wapenschilden had gegraveerd. In zijn notaboek schrijft hij daarover het volgende: 'lek hadde gegeven een brifken aen mevrauwe van ontfangen te hebben zes onces silver van mijn hant geschreven. lek hebt wederom versocht maer mevrauwe met eerlycke excusatie heeft ons beloft tselfsten te verbranden als sijt sal vinden, maer voer myn paert en sal geen briefkens meer geven als sy tot restitutie te soecken syn'. 1668, 29 december Anna Bisschopen, weduwe van Christoffel Hauwen, uit Hasselt, schrijft in het begin van haar rentenregister: 'Vreest den Heere en doet Hem eere 1669, 2 juli Wijding van de nieuwe kerk van het Hospitaal der Grauwzusters. 1669 Niklaas Sigers en Steven vander Locht, zilversmeden van Hasselt, maakten een zonnemonstrans voor de O.L. Vrouwekerk 'tot reconsiliatie van die goddelijke gramscap' nadat in het najaar 1668 de pest Hasselt en omgeving had geteisterd. 1670, 11 februari De stadsmagistraat verleent het gratis poorterschap en vrijdom van accijnzen aan Gilles Monsieur, de eerste Hasseltse stadsdrukker. 1670, 14 mei Bij het afbreken en restaureren van de Vleeshalle op de Grote Markt worden er heel wat standpunten verdedigd. Een Hasselaar beweert: 'Voer mijn part, ick raede dat men die hal afbrecket en laete sy liggen tot een kegelbaen ende een kleyn huysken om die daer te bewaeren ende daerby telloeren en hoefeysers om sondachs daer den tijt te passeren'. 1670, 28 juli Bij de wederopbouw van de Vleeshalle op de Grote Markt is er een betwisting over de soort van vensters. Oud-burgemeester Frederix vraagt op wiens bevel men er houten ramen gebouwd had in plaats van ramen uit blauwe steen, waarop men hem antwoordt 'Die moderne borgemeesters willen dat soe hebben.' 'En ick wil daer blauw steen in hebben ende ick sal die haute raemen doen vytslaen, ick wil sien wie daer tegen seggen sal'. Na het vertrek van de oud-burgemeestrer, zegt de bouwmeester 'Om synen wil en sal gedaen noch gelaeten worden want synen tyt is nu vyt cnde hy en heeft hier niet meer te commandeeren.' 1670, 24 augustus In Hasselt kent men een kleine schoolstrijd tussen de Stadsschool en het college van de Augustijnen. Wanneer de leerlingen 'door hunne meesters berispt oft bestraft worden, loopen sy van die schole tot de andere'. Daarom beslist de magistraat dat het veranderen van school in het vervolg zal verboden zijn. 1670 De kerkfabriek van Stevoort betaalt één gulden 'voor appelen, noten, koeken en wittebrood die op Palmenzondag uit de toren geworpen worden voor de kinderen'. 1671, 15 september Jan Mantelius schrijft een brief aan de Liverloz, officiaal te Luik, om hem zijn werk over de Loonse geschiedenis voor te stellen. Het werkHistoriae Lossensis libri decem werd pas in 1717 door de zorgen van advokaat Robyns te Luik uitgegeven. 1672, 4 mei W egens de i nval van Franse troepen i n het land, deelt de abdis van Herkenrode aan de zusters mee 'die begerden by hun vrinden te gaen, hetwelck sommige aengenomen hebben'. 1672, 14 mei De zusters van Herkenrode vluchten naar hun refugiehuis te Hasselt, waar zij verblijven tot 1 1 juni. 'Wij waren getracteert gelyck in ons clooster behalven dat wij genen wyn en hadden als sondachs'. 1672, 17 augustus De Hasseltse goudsmid Goetsbloets ontvangt een brief van de pastoor van O.L.Vrouw van Diest, waarin deze hem meldt dat uit de kerk een deel zilverwerk gestolen werd, waarvan hij een beschrijving geeft; aan het slot van die brief schrijft de pastoor: 'Ick bidde U wilt eens vernemen ofter iet van dit te coop quamp'. 1672, 11 oktober De stadsmagistraat beslist alle middelen te gebruiken om de stad tegen rondtrekkende legerbenden te beschermen. Men zal 200 vreemde krijgslieden 'voorsien van geweir en hiervoren nog in cruygsdienst geweest synde' aanwerven en de burgers zullen voor het logement moeten zorgen. 1672 611 Jan Renier de Geloes, die in 1665 het Waerdenhof gekocht had van Godfried van Mombeek, neemt officieel bezit van het hof, dat hij laat afbreken en door een nieuwe constructie vervangen die nu nog grotendeels bewaard is. 'Hebbe het huijs van Mombeek gekocht, te weten die edificien van leem afgebroken end selven in steen gesatten met grote costen alsoe dat men den prijs van den coep wel mach geestimert worden op 32.000 gulden.' 1673, 28 oktober Een legerbende van 300 Fransen komen naar Kuringen en trekken naar de Tuiltermolen. 'Daer was een wacht van huyslieden dewelcke op dese ruyters hebben geschoten, doen deden sy drye of vier dechargen en de huyslieden naemen daetelijck de vlucht en wy saegen uyt ons cloester (van Herkenrode) het vuur steken in onse molen, hetwelck schromelyck om sien was.' 1674, 2 april Arnold van Melbeeck, pastoor van St-Niklaas te Maastricht, geboortig van Hasselt, sticht een weeshuis in het Schuttershof voor jongens en meisjes, die kunnen opgenomen worden vanaf 6 jaar 'sulx dat sy uyt de vuylicheyt gebrocht syn' tot 14 jaar als zij 'hunnen cost weerdich syn'. De wezen zullen er onderwezen worden ook 'in het franchois indyen doenlyck' en de meisjes zullen er leren naaien, spinnen en speldewerken. De wezen zullen allen een grauw laken kleed hebben en 'om die weesen te kennen sullen sy hebben een cruysken van wit ende blauw laken op die rechter mouwe van henne kleederen tot een merek'. 1674, 4 mei Martinus Puts van Hasselt schrijft 'uyt 't vuyl stinckende gat der gevanckenisse van Breda' naar de stadsmagistraat om te vragen 'de dry ruyters van het garnisoen van Breda in de stad Hasselt gearresteert, te relaxeren ende te leveren soniet sal de capitain te Breda my schandelyck aen eene galghe doen hanghen'. 1674, 18 oktober De zusters van Herkenrode vluchten nogmaals naar hun refugie te Hasselt. 'Wij laesen onse gethyden ieder int particulier omdat soe kaut ende vochtig was in de capelle'. 1674, 8 november De abdij van Herkenrode heeft erg te lijden onder de plunderingen van de vreemde troepen. 'De ruyters eysten een kar met twee paerden om hun bagage te vervoeren; sy drygden het tloester te plunderen, sy vloeckten ende sweerden dat eenen schrick was om hooren. Daer waeren wel borgers int cloester gevlugt en niement en wilde syn peerden lenen. Men gaf dien dach soeveel aen de soldaten vleesch, broet, kaas, boter, bier, men moest noch eenige hespen medegeven sodat wy niet één pont vleesch meer hadden.' 1675, 15 oktober Graaf de Waldeck, gouverneur van Maastricht, eist van de stad inkwartiering voor een Hollands garnizoen. 1675, 25 oktober De kapel van Sint-Cornelius wordt door de Hollandse troepen vernield. De klok van 1657 werd gered en in de Halletoren gehangen; in 1692 werd de klok aan de Cellebroeders uitgeleend en later kwam ze terug op de Halletoren. 1675, 26 oktober De stad Hasselt kapituleert voor de troepen van graaf van Waldeck, veldmaarschalk van de prins van Oranje 'seggende dat in cas van refuys, men die stadt souden aentasten met alle force van wapenen ende attackeren in forme van belegh ende pillage, moordt ende brandt'. De Hollandse troepen bleven zes jaar in Hasselt. 1676, 23 februari Dood van Johannes Mantelius, augustijn, de eerste historieschrijver van Hasselt. 1676 In Hasselt waren er 607 slachtoffers van de pest te betreuren, haast 10 % van de bevolking. 1679, 12 januari De stad betaalt 4 gulden aan de Cellebroeders 'van dat sy eenen patiënt van die galghe op den merct afgesneden ende begraven hebben, cathelijck synde'. 1680, 22 juli De stadsmagistraat verbiedt aan de voetboog- en handboogschutters nog gebruik te maken van het weeshuis om daar hun bogen op te stellen; zij kunnen alleen de boomgaard als wapenplaats bezigen. Tevens verbiedt zij aan jonge studenten in het schuttershof te komen schieten 'waardoer die weeskinderen ontsticht ende groote onrust komen te lijden'. 1681, 2 april De stadsmagistraat richt een rekwest tot de prins van Oranje in verband met het optreden van het Hollandse garnizoen in de stad 'om te voorcoemen de totale mine van de stadt dat voortaen die officieren ende soldaten hen sullen moeten contenteren met selve bier van den waard temeer geen apart bier souden connen crijgen'. 1681, 30 december Na het vertrek van het Hollands bezettingsgarnizoen, wilde de prins-bisschop Duitse huurlingen in de stad laten logeren. De stadsmagistraat is verdeeld over het probleem en een volksbijeenkomst tracht de magistraat te beïnvloeden en bedreigt de leden van de magistraat 'wy moeten die groete duyvels ruineren ende plunderen die ons wederom met soldaten willen belasten'. 1681, 31 december De Jonkmans van Hasselt worden bijzonder rumoerig als er gemeld wordt dat vreemde troepen voor de poorten opdagen en zij keren zich tegen de burgemeesters: 'Wy syn libertynen, die borghemeesters en hebben ons geen wetten te stellen'. De burgemeesters antwoorden: 'Wilt ghy teghen uwen prins opstaen ende die wapens nemen, wee, wee die gene die de handt daeraen steecken'. 1681 'Hebben die Hollandse troepen Hasselt verlaten naer dat sy eerst de poorten, torens en mueren van de stad hadden in de logt doen springen.' 1682, 1 januari De onrust stijgt in de stad, waar de Jonkmans besluiten in compagnie de stad uit te trekken, de bruggen op de Demer af te werpen en de vreemde huursoldaten te lijf te gaan. 'Hel, hel, jonghens, treckt uyt, smijt die bruggen af, verjaecht die wachten, die scelmen'. 1682, 2 januari 'De Hooghduytschen quamen int lant, die van Hasselt hun weygerende in te laeten en de jonghmans alle gewapent uyt trekkende om de brugge af te breken wierden door een troup Duytschen aengerandt ende 22 der jonghmans wierden door deselve in de Planckeweide jammerlijck om hals gebracht en 14 jongmans doodelijck gequetst'. 1682, 22 juni Maximiliaan Hendrik van Beieren, prins-bisschop van Luik, kondigt een nieuwe reglement al betreffende de verkiezing van de stadsmagistraat, waardoor de macht van de ambachten afgezwakt wordt. In het eerste artikel wordt verklaard dat een nieuw reglement nodig is 'bevindende dat die slemperyen, openlycke corruptien, onnodige costen ende jaerlijksche contentien om die voicen te corrumperen om te cómen tot den staet van raetslieden ende vcrvolghens te kiesen de borgemeesters'. 1682, 16 augustus De processie van O.L.Vrouw trekt nogmaals door de stad nadat zij een korte tijd was uitgesteld wegens de aanwezigheid van Hollandse troepen. In 1689 gaat de processie nogmaals uit en zeven jaar later in 1696 wordt het beeld van de Virga Jesse nogmaals rondgedragen. En zo ontstond het gebruik om iedere zeven jaar een processie te organiseren. 1684, 20 juni De prins-bisschop voegt enkele artikels bij aan zijn vorige reglement betreffende de verkiezing van de stadsmagistraat. 1685, 27 augustus Op het Begijnhof biedt zich een zekere commissaris aan om van de begijnen een 'geestelijke taxe' van acht stuivers per mud tarwe te vragen, zoals was vastgesteld door de pauselijke nuntius. Maar die belastingontvanger vroeg 16 stuivers; de begijnen weigerden meer te geven aan die commissaris 'die groot bedroch heeft gedaen aen veele pastoors'. 1685, 3 december Op het Begijnhof wordt een maatregel genomen om het feest van Onnozele Kinderen binnen de perken te houden. 'Den maeltyt zal gemodereert worden, de meesteres sal gheven een aem goet bier ende een koecken, vier ende licht ende geen jonckmans en sullen meugen genodigt noch ontfangen worden'. 1686, 20 februari De prins-bisschop vaardigt een derde reglement uit betreffende de verkiezing van de stadsmagistraat, waarbij hij uitdrukkelijk afkondigt dat de oude manier van verkiezingen absoluut afgeschaft wordt 'als synde te seer populair, onderworpen aen corruptien'. 1688, 24 januari Bij de stad komen klachten binnen dat 'vele winckeliers clagen dat vremden hunne waeren inbrengende gaen van clooster tot clooster, van straet tot straete ende van huyse tot huyse soo binnen dese stadt als op haere buytingen dieselve vercoopende met kleyne parceelen tot groodt achterdeel der consumptie ende der winckeliers, welcke alle stadslasten ende accysen moeten betaelen'. 1688, 1 mei De winkeliers van Hasselt vragen de magistraat 'het trafieck ende negotie der borgers gaet te niet door dien de Hollandsche voerliedens ende andere vreemden alles, brandewyn, toeback ende andere waeren int gros op de omliggende dorpen leveren sonder accijnsen tot prejudicie van de borgers alhier'. Om die concurrentie tegen te gaan, vragen zij vrijstelling van accijnzen voor de groothandel in brandewijn, — meer dan 20 potten — en in tabak — meer dan vijf pond — bestemd voor de omliggende dorpen. 1688, 5 juli De stadsmagistraat verleent aan Arnold Martens vrijstelling van alle gewone belastingen omdat hij drie jaar achtereen koning was van de voetboogschutters en dus als keizer van de schutterij kan genieten van een eeuwenoud privilegie.' 1688, 18 september Erard Denis de Foullon, heer van Kermt, houdt zijn plechtige intrede in de gemeente. De schout heeft 'reys ende aerde in vollen dorp opgenomen ende tselve gegeven aen den heer in teeken van reële possessie van de heerlyckheyt'. Daarna moet de heer in de kerk de klok luiden 'in teecken van possessie'. Voor de schepenbank legt hij dan de eed af. Hij wilde van de gemeente geen geschenk aanvaarden 'considererende de armoede ende miserien die syne onderdaenen door de oorlogh hebben uytgestaen'. Na het Te Deum vergast de nieuwe heer de pastoor, de schout en de schepenen op een feestmaal en de gemeentenaren krijgen drie tonnen bier. 1688, december 'Die Francoisen hebben gehijst aen die stadt een groote somme geldt op pene van gebrant ende geplundert te worden, soodat deur die stadsheeren versocht syn te willen assisteren ende hebben wy (de begijnen) gegeven 200 gulden, die Augustijnen 100 gulden, die susteren van het H. Graf 50 gulden, die susteren van St. Catharinadal 40 gulden.' 1690, 24 mei De Hasseltse magistraat had vernomen dat vreemde officieren en soldaten de buitenwijken afliepen 'om wegh te nemen de kinderen ende knechten ende forceren tot den militairen dienst'. Daarom wordt beslist aan de kapiteins van de buitenwijken bevel te geven om met tientallen mannen wacht te houden en zo nodig geweld te gebruiken tegen de vreemde ronselaars. 1690, 8 juni Prins-bisschop Louis van Elderen geeft aan de pastoor van Hasselt toelating om de oude doopvont in zachte steen te vervangen door een nieuwe in metaal. 1690, 12 juni Nicolas de Horion, rentmeester van de prins-bisschop, sluit met Jan Carot, steenbakker van Peer, een overeenkomst om een kareeloven te plaatsen te Kuringen 'tot reparatie der ruinen van het casteel aldaer'. 1691, 4 augustus Op het land van Peter Maris te Dormaal werden er tienden schoven veranderd of 'vermangelt ende in plaets van goede scoeven slechte te syn gestelt daer nochtans alle andere waeren goet ende swaer coren'. Tevens wordt er vastgesteld dat er 'acht oft negenentwintich tindeschoven minder waeren alser hadden moeten syn'. 1692, 15 september Ernest Stravius wordt in Hasselt als stadsdrukker aangenomen. 1692, 18 september 'Naer den noenmael ontrent ten twee ueren, isser geweest een scroomelycke aertbevinghe als wanneer hier tot Hasselt differente steene schouwen syn afgevallen ende oock twee schouwen van stadthuys ende andere meerdere schaede.' 1692, 18 oktober Voor notaris Jan Sigers te Hasselt wordt de drukkerij van de eerste Hasselts stadsdrukker Gilis Monsieur verkocht. Te dier gelegenheid werd een affiche gedrukt, de eerste ooit te Hasselt verschenen, met de volgende titel: 'Proeve der druckerye van Gilis Monsieur bestaende in twee schoone druckperssen waervan de eene heeft eenen koperen deghel ende de andere is schoon en extraordinaris groot, verscheyde soorten van letteren...' Op de affiche werden proeven gedrukt van de verschillende soorten lettertypen en er wordt tevens vermeld dat er platen van hout en van koper 'vanden Helena, vande vyfthien bloetstortinge, van misboecken ende velerley soorten van den houten A B O te koop worden gesteld. 1693, 16 februari De burgemeesters van Stevoort trekken met paard en kar naar Tongeren om er de legerover-heid te overhalen de gemeente vrij te laten van plunderingen 'om aen den commandant van het leger te vereeren eenighe hespen, een hamel, kalckoenen en een ton boter'. 1693, 22 juli De burgemeesters van Stevoort zien zich verplicht de kostbaarheden van de kerk in veiligheid te brengen bij de Minderbroeders te Hasselt; één van de burgemeesters, Govaerts 'en wilde alleen niet gaen om de perykel die er was'. 1693 Hendrik Conincx, kastelein op het kasteel van Wideux te Sint-Lambrechts-Herk verklaart welke schade er aan de oogst werd aangebracht: 'Er is sulx miswas geweest in de somervruchten door den gedurigen regen dat van de 20 bunder men niet een hantvol en heeft kunnen afdoen ende dat de bemden soo verdroncken ende overvlooten syn geweest dat het nyet weerd was af te doen soodatter den volgende winter deur het bedorven hoye twee koeyen syn gestorven ende die koyebeesten seer syn bedorven soodat bij naest alle de jonge calveren storven'. Er stierven 293 personen van de pest te Hasselt. 1694, 1 juni 'In Stevoert is staen gekomen het Hollants ende geallieert leger, beginnende van Wim-mertinghen, de linie tot Herck-de-Stad, blijvende elf daghen; alles is vervoert soo van gras, claver oock hout ende die moeshoven. De huyslieden syn eenieder in syn huys gebleven verkoopende int leger tgeen hy te missen hadde oft daer profyt en was te doen.' 1694, 6 augustus 'Een manspersoen vulgo genaemt den voddencremer, woonend aen de Trichterpoort, gecleedt met een witten lijnen scorscleedt, onder den selven een witten groyen casack met swarte knokgaten, heeft gisteren weghgenomen een koybeest.' 1694, 12 oktober Jan Clunckers van Sint-Lambrechts-Herk wordt 'gelogeert met eene compagnie dragonders dewelcke uytgedorschen ende gestrueerd hebben allen syne somervruchten ende veel corens boven het verlies van hoye ende stroye soodat hij over de 300 guldens schade heeft geleden'. 1695, 17 juli In een proces voor de officiaal van Luik beschuldigt E.H. Landmeters de pastoor van Hasselt, Arnold Holsteen ervan dat de pastoor het Wijnvat te Hasselt 'herberggewijs soude frequenteren ende aldaer syn geldt in wyn verteeren oft wyn drincken'. 1697, 4 maart De stadsmagistraat vernieuwt een ordonnantie over het reinigen van de straten en beveelt dat iedereen het mest 'twelck op die straten is liggende ende groeten stanck ende infectie comt te veroirsaecken' binnen de drie dagen zal wegvoeren en dat niemand de putten en pompen mag verontreinigen en mest op het kerkhof mag brengen. 1697, 4 mei De stadsmagistraat laat Jan Putmans, torenwachter op de grote kerk aanhouden, verdacht van 10 platte ijzers op de toren te hebben gestolen 'die selve eysers gestelt geweest boven aen die cleyn clockens in die vensters dienende om die pilaeren der vensters bijeen te halden ende om op te dimmen'. Tevens wordt vastgesteld dat enkele bouten van het kruiswerk van de toren waren weggenomen 'waer deur dat den toren deur den wint mocht in perijkel syn van omveer gesmeten te worden'. 1697, 6 mei De stadsmagistraat benoemt een torenwachter die tevens grafmaker moet zijn. Uit zijn benoemingsakte blijkt dat hij heel wat werkjes te doen heeft: bij eventuele branden de alarmhoren blazen, spelende kinderen van het kerkhof wegjagen, bedelaars uit de kerk jagen, er op toezien dat de graven in de kerk tenminste binnen de zes weken na de begrafenis toegemaakt zijn. 1699, 29 mei Tijdens het onderzoek over de diefstallen in de hoofdkerk waarvan de hulpkoster Cornelis van Buylen verdacht wordt, getuigen verscheiden personen dat die hulpkoster grote sier maakte, dat hij geen gewone brandewijn lustte maar steeds franse brandewijn moest hebben, dat hij rijkgevulde tafels had met kabeljauw en verscheidene soorten vis, dat hij 'seer exorbitant ende lecker was int eeten, eetende hollandschen kees met wittebroodt boteram, seer dick boven maeten gesmeirt'. 1700, 8 februari De stadsmagistraat vraagt aan de Capucienen bij de inwoners een collecte te doen 'ten eynde om het vaendel der processie tot O.L.Vrouw van Scherpenheuvel te repareren'. 1701, 9 juni Majoor Nicolas Joannes de Libotton koopt de heerlijkheid van Stevoort met kasteel en alle toebehoorten, 76 bunders groot, voor 9-025 pattacons van baron de Groote. 1701, 6 december Het ambacht der Kremers (marktlieden) van Hasselt tekent protest aan tegen het plan van de weduwe van Ernest Stravius, stadsdrukker, om in de stad een winkel te openen van 'gedructe boecken ende uytlandsche almanakken'. 1702, 2 januari De stadsmagistraat veroordeelt Michel Engelen tot een boete van 10 goudgulden omdat hij aan soldaat Johan Mont, ingekwartierd te Hasselt, 'een rock ende camesoel geleend hadde om alsoo als een borger gecleet de poorten deser stadt te cunnen uytgaen om te Sonhoeven te gaen besoeken de dochters van den heer Cox'. 1702, 17 oktober De stadsraad beslist dat alle straten moeten gekeerd worden met het oog op de processie met het Miraculeus beeld van de Virga Jesse 'ten eynde de Almogenden te bidden om van dese tegenwoordige siecten verlost te worden'. 1702, 3 december 'Een silvere reliquiekas met de reliquie van de H. Maegt ende martelaresse Barbara is solemnelijck met processie in de O.L.V. kapelle ingehaelt, geschonken door Ferdinandus Siegers, canoninck te Gent.' 1702 De begijnen hebben een steenoven van 150.000 stenen laten bakken om een muur te maken. 'Wij hebben dien beginnen te maken in augustus en hebben met 2 tafelen gewerckt om te eerder gedaen te hebben. Int maken hebben wij goed weer gehad maer int drogen ock al regen, soodat den voorsomer den besten tijdt is. Wij hebben gegeven 35 stuiver van ider duysent steenen van formen ende voor insetten ende branden voor ieder persoon 30 st. dags, ende 4 aemen bier. Men moet hebben voor 50.000 steenen 100 vaten gruijs ende 200 mutsaet hout ende 24 wissen spaekhout.' 1703, 3 januari Anna Vaes wordt door de Hasseltse schepenbank vervolgd omdat zij beweerde van de leeftijd van 16 jaar af de kwade geesten te hebben verjaagd door het bidden van 2.000 paternosters. Zij beweert dat 'als een mensch oft beest compt te sterven aleer den geest verlost is, dat den geest alsdan op een ander slaet ende stercker forceert om geholpen te syn. Sy kent die geesten, oft mans oft vrouwpersoenen syn aen het dootskleet. Sy seet die geesten by haer gecoemen syn in eene scadue ende dat in een wit dootskleedt ende dat sy seer wonderlyck spreken oft sy in eenen put saten'. 1703, 30 april De stadsmagistraat verbiedt nog strooien daken te vernieuwen of te restaureren en gebiedt il.it de nieuwe daken moeten bestaan uit 'pannen, tichelen oft scalien'. 1703, 30 mei De stad verleent een subsidie van 15 pattacons aan de Broederschap van de H. Drievuldigheid voor 'het erigeren van een cleyne orgel op het steene oxael in de grote kerck'. 1703, 16 juli De burgemeesters van Kuringen geven een reglement uit over de functie van de koster en van de schoolmeester. 1703, 27 juli Anna Gielkens wordt voor de stadsmagistraat beschuldigd van onrust in de stad te zaaien, hooi en stro te stoken zodat er brandgevaar ontstaat. Een der getuigen verklaart dat zij 'diverse persoonen soo geestelycke als weerlycke gewoon is te injurieeren ende die nachtrust aen haer gebueren te beletten dusdaniglyck dat Anne is de gemeyne en continuele onrust deser stadt'. 1703 Op het Begijnhof werd een nieuw orgel geplaatst door Gerardus Verersse uit Gemert. 1704, 11 december In het Witte-Nonnenklooster zijn er Jansenistische strekkingen aan de dag getreden en de rector Adam Janssens wordt beschuldigd van Jansenisme en meteen afgezet. 1704 Te Tuilt-Kuringen werd een kapel van O.L.Vrouw gebouwd. 1705, 5 februari De stadsmagistraat verleent vrijstelling van grondbelasting aan de Augustijnen, die in erge moeilijkheden verkeerden wegens de wederopbouw van hun klooster na de plunderingen van 'beltstormers, ketters ende ander gespuys', die hun kerkelijke vaten, klederen en ornamenten maar ook hun archieven hebben vernietigd; bovendien werd het klooster tweemaal door pest geteisterd en bezweken alle kloosterlingen van de pest, 'soodat hun clooster alsdoen open ende desolaet liggende wederom in alles is geplundert'. 1705, 1 juni Voor de stadsmagistraat wordt een onderzoek gedaan over het optreden van Jan Landt-meters, tingieter, die aan zijn zuster vroeg 'een cleyn stukxken then van eenen telloir oft scotel hebbende een croon op, aen welck stuxken was aengegoten een cleyn ander stuxken ende versocht hetselve te willen draegen bij den vremden thengieter om van tselve tenne lepels te laeten gieten seggende het is goet then, de croone staet daerop, hij moet oock op de lepels de croone setten'. 1705, 1 september De stadsmagistraat verordent dat 'insiende de tegenwordighe gesteltenis van desen onge-lukkigen tijdt... wij verbieden dat men niet sal met eenige speelen ende andere divertissementen int openbaer vrolykheyt bedryven, in brandewynhuisen oft herbergen blijven sitten drencken achter 10 uren, niemend en sal hier vercoopen pruymen, hasenoten oft wyndruy- 1705 2 september Voor notaris Jan Lansmans maken de Confraters van de Virga Jesse broederschap een overeenkomst met de beeldhouwer Daniel van Vlierden om een nieuw altaar ter ere van het H. Kruis te beeldhouwen. 1705 'Toen kwaem den prince d'Auvergne als gouverneur met de Hollandsche troepen te Hasselt en heeft de steene mueren rontom Hasselt op verscheyde plaetsen doen afwerpen laetende de zelve maken van risch, hout en aarde.' 1706, 9 september 'De gebueren vande Hoogstrate hebben het capelleken opgebouwen ende 12 van de gebuere dogters hebben den eersten steen geleydt ende wy hebben int oud Lieve Vrouwenhuys gevonden datum van den ouden bouw 1355, gevonden int hout.' 1706, 9 oktober De Hasseltse magistraat beslist 'dat alle vreemde dienstmeysens ende vroupersonen swanger gaende van vremde persoenen, binnen 24 ueren sullen hebben sich te retireren uyt de stad'. Tevens wordt aan de burgers verboden nog vreemdelingen onderdak te geven. 1706, 13 oktober De stadsmagistraat verbiedt, wegens brandgevaar, het tabakroken in schuren, winkels of op straat. 1707, 5 augustus Voor notaris J. Lansmans wordt er tussen begijn Anna Margareta van Hilst en Andries d'Avignon een akkoord gemaakt om op het Begijnhof een huis te bouwen 'met camers, calder, solders, putt'. 1707, 16 september De stad moet 61 gulden betalen voor het onderhoud en de geseling van W illem Meyer; in dat bedrag is o.m. begrepen 17 stuivers voor tabak, 10 stuiver voor brandewijn om 'syn armen, /.wart en dick van slaghen in den aenvanck vanden gevanckenisse, te wassen alsoock onpasselyck synde te drincken'. 1707, 4 oktober De stadsmagistraat stelt een onderzoek in tegen Hendrik Speelmans, postillon in dienst van Hendrik Wagemans, postmeester te Hasselt, die er van verdacht wordt enige postpaketten en een brief met geldstukken te hebben achtergehouden die later in het bedstro werden gevonden. 1707 Begijn Anna Catharina Van Hilst laat het eerste stenen huis van het nieuw begijnhof bouwen als woning voor 12 begijnen. In 1711, 1723, 1736 en 1762 werden de andere huizen opgetrokken. 1708, 11 februari Wegens het invoeren van vreemde brandewijn werd een onderzoek ingesteld en een stoker verklaart 'den selven brandewyn in dese stadt niet te wesen gebrauwen, gevende redenen van wetenscap als dat hy wesende den autsten brandewynstoecker sulx can distingueren aen den smaeck, reuck ende coleur'. 1708, 31 augustus De stadsmagistraat hernieuwt het verbod de huizen met stro te bedekken. 'Op Drykoningenavond heeft het al regende beginnen te vriesen en is sulcken bitteren kauw ende vorst gevolgt dat die ruyters en soldaten, coemende dien tijt van het belegh van Gent, alhier passeerden met stekels aen die baerden, ruyters hun peerden aan de hand met duysende menschen en beesten, vogels van die bomen doodtgevallen en bevrosen tot groote verwondering van soe eenen ongehoerden winter en den 14 meert heeft men die vestingen deser stadt moeten onteysen.' 1709 Voor de Broederschap Virga Jesse werd een schilderij gemaakt waarop geschilderd is het miraculeus belt van O.L.V. met 12 portreyten der Broeders daeronder'. 1710, 10 februari Begijn Maria Lantmeters vermaakt een deel van haar goederen 'ter hulpe van het baüwen van eene nieuwe kereke op haer begijnhof. 1710 Te Stevoort ontving Pieter van de Laer 10 gulden van de gemeente als aalmoes 'ut reden dat hem die Brandeburgsche troepen syn kleederen hadden genomen int vertreck als sy die vrouwen hadden meegenomen'. 1711, 5 mei De Hasseltse magistraat beslist een schenking te aanvaarden 'ten eynde een separatie te maecken tusschen de knechtiens ende meyskens te saemen wonende in het weeshuys'. Het meisjesweeshuis zal ondergebracht worden in een woning van Gerard van Hilst aan de pastorij. 1711, 21 augustus Wegens de grote misbruiken 'deur het speelen op de paletten, blaesen op die hoorens, vergaederinge der gebueren in den avondt en nacht ende dat ten opzichte van huwelijcken der weduwen' worden dergelijke samenkomsten en het schieten verboden door de Hasseltse stadsmagistraat. 1711, 25 augustus De stadsmagistraat sluit een overeenkomst met Chretien Penseier voor het bouwen van een groot orgel in de hoofdkerk. 1711, 9 december Petrus van Langenacker wordt als stadsdrukker aangenomen. 1711 Paulus Guillemus Sigers wordt pastoor te Hasselt; hij stierf op 23 juni 1753. 1712, 10 mei De stadsmagistraat benoemt een vroedvrouw en onder de artikelen van het contract wordt vermeld: 'dat sy geroepen synde by eenige vrouwen niet getraudt synde, dieselve eerst sal verobligeren om onder eedt te declareren den vaeder van hun vrucht op verdoemenisse hunder sielen'. 1712, 20 juni Bij de aartsdekenale visitatie blijkt dat de daken van het koor en van de zijbeuken van de hoofdkerk dringend moesten hersteld worden; de vensters waren vernieuwd evenals de vloer en het dak van het kerkschip; in de toren hingen er drie grote en twee kleine klokken. De O.L.Vrouwekapel was bouwvallig geworden; een deel van het dak was verdwenen en de muren stonden op het invallen; de leden van de Broederschap onderzochten de mogelijkheid om de kerk grondig te restaureren. 1712, 26 juni De parochianen van Sint-Lambrechts-Herk beklagen zich bij de aartsdiaken omdat de pastoor een grote som geld ontvangen had voor de herstelling van de pastorij maar dat hij er geen gebruik van gemaakt had. Zij vreesden dat de pastorij die reeds onbewoonbaar was geworden, nog verder in verval zou geraken en dat de herstellingskosten nog hoger zouden oplopen. 1712, 27 juni Tijdens de aartsdekenale visitatie van de kerk van Stevoort wordt vastgesteld dat er geen zoldering is in de zijbeuken en in het schip van de kerk, dat gans de kerk moet gewit worden en dat de vloer van het schip vol grachten en oneffenheden, moet genivelleerd worden. 1713, 21 september De Hasseltse magistraat besluit dat 'alle personen staende met eenighe thuysspelen oft lotenberden op de Groote Merct sich moeten retireren tijdens de processie ende onder het ageren der Rethoricagesellen'. 1714, 27 februari De stadsmagistraat geeft bevel om alle 'aberdaen, harinck oft boexhaeringh' vóór de verkoop te keuren. 1714, 23 april De stad verleent een subsidie van 200 pattacons aan de Augustijnen die de eerste steen van hun nieuwe kerk gaan leggen. Prior J. Kellens bouwt een nieuwe kerk aan de Kapelstraat om de oude bouwvallige kapel te vervangen. 1714, 25 juni Enkele schepenen van het hoog gerechtshof van Vliermaal gaan in de heide een onderzoek instellen over een paalsteen in de omgeving van Beverzak, die door de Zonhovenaren vernield was geworden; tijdens hun onderzoek worden zij lastig gevallen door een vijftal gewapende inwoners van Zonhoven. 1714, 3 juli De stadsmagistraat beveelt een onderzoek over een vechtpartij in 'De Roselaer' naar aanleiding van een geschil bij een teerlingenspel en waarbij een de spelers uitriep: 'Het syn maer schelmen die het verloren geit in het spel niet en betaelen'. 1714, 19 augustus Tijdens de Zevenjaarlijkse Feesten was er in de ommegang een reus Goliath 'een levendich man wel negen oft thien voeten hoogh, gaende op houte beenen daetoe constich gemaect'. Er was tevens een Sint-Joris te paard 'den draeck tot drymael toe dapper aanrydende'. 1715, 1 april De Hasseltse stadsmagistraat benoemt een hondenslager in de grote kerk 'die sal sondaghs ende heyligdagen die honden uyt die kercke slaen ende houden'. 1715, 1 juli Na allerlei betwistingen wordt in de heide een nieuwe paalsteen geplaatst ter vervanging van de grenssteen die in juni 1714 door de Zonhovenaren was vernield. 1715, 14 juli Reglement van de Sint Sebastiaansgilde van Stevoort waarin naast de plichten van de leden ook gestipuleerd wordt dat zij zich moeten hoeden 'van eenighe oneerlijcke dingen te doen het waer door gulsigheydt of andersints, ons broeders onschamelijk te verstincken oft oock door onbehoorlijckheid der natuer twelck onbehoorlyck is te verhaelen'. 1715, 19 november De Hasseltse magistraat besluit 'dat niemandt syne secreten en sal dragen oft werpen in eenighe steghen oft plaetsen maer sal deselve doen voeren buyten dese stad of in de Demer draeghen'. 1716, 7 januari De stadsmagistraat verbiedt 'dat niemant voortaen by daeghe oft nachten op straten en sal toback roocken noch oock in stallingen oft schuren'. 1716, 9 januari In de Politieke Ordonnantien van de stad Hasselt worden o.m. straffen voorzien voor hen die op het kerkhof 'dreck ende secreten derven uytgieten'. Die personen zullen voor de eerste overtreding drie dagen aan de schandpaal gesteld worden 'om aldaer met dreck ende vuyligheyt overworpen te worden'. 1716, 20 maart De stadsmagistraat beslist het loon van de ambachtslieden vast te stellen nadat de burgers vele klachten hadden ingediend over de te hoge daglonen van de arbeiders. De meesters timmerman, schaliedekker en metselaar zullen slechts 28 stuivers of 23 stuivers en drie potten bier ontvangen, de knechten van die ambachten 26 stuivers, de steendragers 20 stuivers, de leemplakkers 20 stuivers, de zagers 25 stuivers; alle ambachtslieden zullen 12 u. per dag moeten werken. 1716, 8 augustus De Bonnefanten, zusters van het H. Graf, vragen aan de stad op te treden tegen de inwoners van de Blauwe Keizer, huis naast hun klooster gelegen, want zij worden niet alleen in 'den goddycken dinst ontrust ende verstroyt maer oock dickwils in hunnen hof bespot ende belacht door drinckers ende schreeuwers welcke in dat huys gewoont en verkeert hebben'. Zij laten hierbij gelden 'hunne grote dinsten welcke sy aen de kinders syn doende door hunne leeringhe inde fransche taele by faute van welck menighvuldige borghers souden ghenoot-saect syn hunne kinders elders ten dien eynde te seynden'. 1716, 1 december De stad sluit met Adriaan Copal een overeenkomst 'voor het backen der pannen ende piaveysteenen, soo roede als blauwe, waervan die modellen aen den acceptant syn gethoont ende met stadtszegel besegelt sijn'. 1716 In de door Petrus Van Langenacker, stadsdrukker, uitgegeven Privilegiën van de stad Hasselt wordt het volgend gedicht opgenomen: 'Geluckig Hassels volck, naer Roomsche staatsmanieren 1717, september De stad geeft een vergoeding van drie gulden voor het laten maken van een nieuw vaandel 'om aen den toren ut te steken te Hasselt kermesse welcke cost met schilderen van het cruys 1717, 14 oktober Om te beletten dat de nieuwe huizen nog met stro zouden bedekt worden, verordent de stad dat er op iedere kar 'walm' die in de stad met dat doel ingevoerd wordt, men een extra-belasting zal heffen en dat de armen, die financieel niet bij machte zijn pannen te gebruiken, van de stad een financiële tussenkomst zullen krijgen. 1718, 14 maart De noodkapel van Godscheide wordt door een onweder vernield. 1718, 27 mei De ambachten van de beenhouwers, de schoenmakers en van de volders tekenen protest aan tegen de ambachtslieden van de kremers die zonder hun resp. ambacht te kopen toch vlees, schoenen en hoeden verkopen. 1719, 31 mei Te Hasselt had de onderschout Vrerix 'sigh verstaut de drye eerste sceuten te doen op den coninxvogel der groote camer tot misachting der heeren borgemeesters'. De stadsmagistraat was van oordeel dat de onderschout een inbreuk had gepleegd op haar eeuwenoude voorrang bij de schuttersfeesten en geeft aan de schutterskamer opdracht in het vervolg streng te waken over het naleven van de oude geplogenheden. 1720 Hendrik Bietens verzoekt de magistraat op te treden tegen zijn vrouw 'die door haere vileynige tonge oorsaek is dat hy tot de debausi is geraect, sy soeckt anders niet als alles te verkoopen en te verteeren en den onnoselen man te verdrucken, jae heeft noyt met hem connen huys houden en met haeren man in vreede leven; sy verdrinckt meer als den man; sy wilt hem tot Sint-Truyden bij de Cellebroeders hebben mits conditie haer den man soude constitutie geven om alles te vercoopen; sy is daerboven door haer vileyne tonge oorsaek geweest van de doot van haer suster, dewelcke sy door haer affronten veel spijts en leet heeft gedaen nochtans de deughsaemste vrou geweest is. Daerenboven woont sy in een bran-dewynhuys op de Botermerct en haer eerste gebedt is den brandewynromer, soodat sy altijt sat en vol is, want sy van dronckenschap haer waeter in de kerk laet loopen tot schandael van alle menschen'. Adriaan Copal en Anna Catharina Lambrechts richten in een huis in de Aldestraat een kantschool in, waar er enkele tijd later 60 meisjes te werk gesteld waren. 1722, 20 juni De stadsmagistraat tekent protest aan tegen de twee priesters die gedurende twee zondagen verzuimd hebben de vroegmis in de hoofdkerk op te dragen 'waerdoor gesciet is groot scandael ende confusie, verminderinge der devotie mede groot achterdeel aen Godt, onze kercke ende aen d'armen'. 1724, 11 januari Pastoor Sigers van Hasselt kan Adriaan Copal er toe overhalen zijn kantschool om te vormen tot een stichting waarin ook de parochiegeestelijkheid vertegenwoordigd zou zijn. Het doel van de school blijft 'om die jonge meyskens altijdt int werken van canten opgeleert en in de vreese Godts tot haere saligheyt te worden opgebrocht'. 1724, 17 februari De stad betaalt aan Lambrecht Merckelbach 10 gulden 'voor 80 bouten gemaect om door de plancken te slaen in de Planckeweyde'. 1725, 13 mei De bliksem valt op de toren van de Sint-Quintinusker, de spits brandt af en vele klokken worden vernield. 1725, 8 augustus De schout van Hasselt doet een onderzoek over een kindermoord, bedreven buiten de stad door Marie in de Meldertstraat, een bedrogen meisje, die getuigt dat de huisvrouw van Jan Pandelaers, de verleider en vader van het kind, haar gezegd heeft: 'Doe vervloeckde hoer, nu sult gij het kuypken draegen (een straf voor ontuchtige vrouwen)', waarop Marie antwoordde: 'lek ben tevreden, ick hebbe d'eere van uwen man soo lange binnen gehouden maer nu ghy het uytbrengt, soo sal ick de stadt incomen ende u soo arm maecken als ick ben'. 1726, 10 januari Marie Gerits uit Vliermaal wordt veroordeeld 'van dat sy in overspel gewonnen heeft een kend' en zij wordt 'gecorrigeerd voor een cleynen tijdt gedraet te woorden in het draije-huysken'. 1726, 12 maart Tijdens het verhoor van Maria Roomers, beschuldigd van kindermoord op haar pasgeboren kind, antwoordt zij 'dat haer kint op den achtsten dagh is sieck geworden ende de borsten niet meer en heeft cunnen suygen soodat het doer een toebackspijp moest worden gelaeft'. 1726, 16 maart In een proces tussen de stadsmagistraat en de twee schutterijen van de stad in verband met enkele privilegies van de schutterijen, wordt bepaald dat de schutters steeds recht hebben op poeder en lood, door de stad te leveren, dat zij op de twee processies van de Kerkwijding en van het H. Sacrament geen schoten mogen afvuren tijdens de processie naar 'alleenlijck drie lossingen doen voor het uytgaen ende naer het incomen der processies'. 1726, 14 oktober De stadsmagistraat verleent een toelage van 100 ducatons aan de paters Capucijnen voor het vergroten van het klooster 'mits conditie in de vensters sullen moeten staen onse stadswae-penen'. 1726 I n het W itte-Nonnenklooster wordt een grafkelder aangelegd, waar 28 graven voorzien zijn. In 1840 werden verscheidene gebeenten uit die graven naar het stadskerkhof gevoerd. 1727, 22 januari 7 Nadat de oude O.L.Vrouwekerk en de toren bouwvallig waren geworden en men de toren met tien ijzeren balken had verankert 'is op den avont onder het Magnificat een groot stuck van het bovenste van de metserye van den toren afgevallen door het dack van de kerke'. 1727, 2 februari 'Naermiddagh ontrent drye ueren hebben wy het miraculeus beidt door vier priesters met processie solemnelyck met groote droefheyt overgebracht naer de kercke van de paters Augustynen.' 1727, 2 juli Eerste steenlegging van de nieuwe O.L.Vrouwekerk 'Soo mans, vrouwen als kinderen, ider die begeerde, hebben oock een steyn gelyet tot een gedachtenis van den nieuwen bouw ende sy gaven de wercklieden drinckgelt.' 1728, 31 mei De prins-bisschop vaardigt een nieuw reglement uit betreffende de verkiezing van de stadsmagistraat, waarbij de 12 ambachten als kiescolleges afgeschaft worden en vervangen door zes kamers. 1728, 29 juni Tijdens een onweder wordt de toren van de hoofdkerk zwaar beschadigd. 739 1729, 12 september De stad sluit een overeenkomst met Antoine Bernard uit Neufchateau om uit de afgekeurde klokken van de toren een beiaard te maken met 32 klokken. 1729, 13 september De stad betaalt 17 gulden voor 'drie waepens gescildert tot het spel der studenten der groote schole en voor den sonwyser voor den Scherpensteen'. 1729 In het gedrukt 'Nieuw Reglement wegens den keus der Borgemeesters, geswoorenen ende raedt der stadt Hasselt' wordt het volgend jaarschrift op de titelbladzijde aangebracht:
1730 De stad betaalde 122 gulden aan de Cellebroeders 'voor het vergulden van den haen op den parochialen toren en voor een nieuwen appel, haen als andersints op de toren'. 1731, 20 januari De zusters Bonnefanten van Luik verkopen het goed van Henegouw bestaande uit een huis, kapel, schuur, stallen, weiden, gronden bossen en vijvers aan madame Cramme de Mont-ncllier. 1728, 2 december 'Is gestorven ontrent een quartier urs voor den thien uren savonts mijnen werden ende lieven man, den eerentfesten heer Joannes de Geloes, heere tot Herten, Mombeek, Hommeien, den lesten van de familie, overvallen sijnde met een cathare dewelcke hem naer twee daghen heeft wegh genomen tot mijnder grooter droefheydt.' 1729, 27 mei De schepenen van Hasselt veroordelen Baltus Francken, moordenaar: 'men sal hem doen afkappen syne twee handen met de acxe waermede eenen der moorden begaen heeft ende daernaer levende doen radbraecken ende sonder interruptie doen onthalsen ende het doodt lichaem doen leggen op een radt ende het hoofd te stellen op een van hetselven radt ende aen tien staeck doen nagelen de twee afgekapte handen ende te doen aenhangen de acxe en het bijlken met welcke de twee moorden begaen heeft'. 1731, 3 augustus De officier van Hasselt vervolgt Renier Facis wegens overspel en op de verklaring van de betichte 'hem niet te hauden voor een getrauwde man' antwoordt de officier 'dat hy weet dat Ijrne hu ysvrouwe moet int leven syn en sonder sekerheyt van haere doodt niet en kan passeren v ooi ongetrauwt oft passeren tot eenen tweeden trauwe, weyniger gebruyeken eene andere vrouwepersoen ten waren men wilde supponeren dat den man abondonerende syn wyff oft lic-i wyff haeren man aen d'een ende d'ander georloft is elders te verkeeren, welcke by aldien gtOfloft was, vrouwe oft man ten dien eynde expresselyck verjaeght'. 1731, 8 september De nieuwe kerk van O.L. Vrouw te Hasselt wordt gewijd door de hulpbisschop van Luik; de H. Mis wordt opgeluisterd 'met vol musieck, soo violisten, pypers, houboyers ende walthorens'. Ter dier gelegenheid voeren de leden van de De Rode Roos een spel op:
1732, 22 september De Rethoricakamer De Roode Roos voert het toneelspel van Molière op 'Gedwongen hauwelijck'. Pastoor Sigers schreef bij de tekst van het stuk 'lek heb dese comedie gelesen en vinde deselve wel natuerlijck vertaelt, gelyckvormelyck aen den geest van Molière'. 1732 De Hasseltse stadsmagistraat schonk aan de Cellebroeders 40.000 kareelstenen om een muur te bouwen tussen de kloostertuin en de stadsstal, gelegen aan het stadhuis op de Haver-markt; de broeders moesten evenwel een deur in de muur maken 'langs welcke de heeren van de magistraet in tyde van noode en oorlogh hen souden kunnen retireren inder Cellebroeders doester'. 1734, 19 mei De stad sluit een overeenkomst met de abdis van Herkenrode betreffende het hergieten van de grote klok van de hoofdkerk. In het contract met de klokkegieter wordt bepaald dat men 'sal laten snijden de wapens van de abdisse op de groote van 7 oft 8 duymen met inscriptie op de kloeke te printen en het belt van O.L. Vrouwe omringt met straelen ende de sonne met de maen onder haere voeten'. 1734, 2 oktober De stadsmagistraat boekt een uitgave voor het schilderen van de vier wapens op het perron, voor het vergulden van de horens van de herten en het kruisje op het perron. 1734, 4 november Arnold Kemps klaagt er bij de schepenen over dat hij door de schout van Hasselt gevangen is 'soo miserabel sittende in een gat daer hij noch son noch maen kan schouwen met swaere ketenen aen handen en voeten ende soe mishandelt wordt om syn vrinden te brengen tot compassie en den schout syne beurse wat te vullen'. Daarop antwoordt de schout dat 'den gevangene alle morghens gedient is geweest met thé, caffé, toeback ende synen brandewyn alsoock heeft gehadt compagnie van syne vrinden en dat hy is sittende in het schoonste gevangenhuys ende het lichsten'. 1753, 3 mei De stad schenkt 30 gulden aan de pater Capucienen voor 'eene vereeringe te doen met henne hondertjarigste processie naer O.L.Vrouwe van Scherpenheuvel'. 1735, 23 mei De prins-bisschop beveelt aan de dorpen, gelegen langs de weg Tongeren-Hasselt wegenis-werken uit te voeren omdat de weg 'soodanicklyck ongebruyekelyck is door de groote ende diepe waterplassen die aldaer syn dat het onmogelyck is aen eenighe voerluyden met hunnen paarden ende vrachten sonder groot peryckel te passeren'. 1735, 2 juni De stadsmagistraat beslist de Koemarkt (de huidige Havermarkt) af te sluiten en 'te beseften met ysere gegoten pilairen in blouw oft naemsche steenen vast gemaect en met twee ysere roeden de pilasters doorgewerct', omdat de vroegere houten afsluitingen vernietigd zijn wegens het groot aantal koeien die er te koop worden gesteld. 1735, 2 juni De stadsmagistraat verbiedt het nachtelijk straatlawaai 'omdat enighe dartele joncheyt sich verstout des nachts op de straeten onbehoorlijcke en andere liedekens te singen, en te schreeuwen streckende tot scandaal ende storinghe'. 1735, 11 augustus De stadsmagistraat beveelt 'allen mest ende vuylicheyt uyt de straeten ende putten voor ende ontrent de huysen wegh te vaeren, te reynigen ende te suyveren'. 1735, 29 november De stad boekt een uitgave voor het afwerpen van een ooievaarsnest op de Halle. 1736, 30 januari De vicaris-generaal van het bisdom Luik vraagt aan de Grauwzusters van Hasselt 'a moderer l'usage du thé ou café avec défence d'en prendre sans permision de la supérieure'. 1736, 18 september De stadsmagistraat verordent 't'is voortaen verboden aan een iegelyck van pis oft strontpotten boven aen hennen huysen uyt te gieten'. 1737, 24 januari Om de prins-bisschop van Luik goedgunstig te stemmen tegenover de Hasseltse belangen, beslist de magistraat hem een geschenk van 50 hespen te geven. 1737 Anna Maria Palmarts maakt haar testament op waarin zij stipuleert dat op de dag van haar begrafenis men voor 30 gulden broden zal uitdelen aan de armen 'alsoock dat die meyssiens sullen stroyen soo ende gelyck voor die jonge dochters die gewoonte is'. 1740, 18 januari Peter Wilsens uit Peer krijgt het poorterschap van Hasselt om er als meester-pijpenbakker zijn ambacht uit te oefenen 'tot nut ende voordeel mede van de jonkheyt hun te werk stellende ende van de straet houdende'. 1740, 21 mei De gemeentenaren van Kuringen keuren een nieuw reglement voor de gemeente goed, waarin de rechten en plichten van de burgemeesters worden bepaald in 12 artikels. 1740, 13 september Richard van Intbroeck krijgt van de stad opdracht alle stadsuurwerken 'die langen tijt stil gestaen hebben oft qualyck gegaen' te herstellen. 1741, 29 mei Willem Carnotensis en Geertruid Hiesen verklaren voor notaris Vos dat zij 'ontrent negen oft thien jaeren bij malcanderen in beloften van trouwen geconverseert hebben ende alsoo in hunnen sin verandert van malcanderen te ontslaen'; het meisje zal evenwel moeten teruggeven een snuifdoos, een lederen broek en een klein 'camesoulken'. 1742, 28 mei In het klooster der Witte-Nonnen verschijnen afgevaardigden van de vicaris-generaal van Luik om in het dodenboek van het klooster, waarin ook de namen van de biechtvaders genoteerd waren, de passus betreffende Adam Janssens, verdacht van Jansenisme, uit te vagen 'verstaen hebbende dat eene van de choordamen, wenigh discreet ende wenigh wederhouden in haeren handel, met affectatie geschreven heeft de memorie van eenen priester grootelijck suspect van 't Jansenismus, ende te schrijven synen lof. De passus werd uitgekrabt 'als onteerende ende insulterende aen de authoriteyt van de bisschop'. 1742, 11 november Een Hasselts burger schrijft: 'Nog gepasseert 5 regimenten en moesten de borgers hen eten en drincken besorgen oft anders kreegen groote affronten als te weeten op de eene plaetse te bedschijten, op d'andere die laekens oft meubelen in stucken te snyden en wat nog het ergste geweest en is, waere de groote schrick uytgestaen te hebben'. 1744, 3 maart Gertrudis Bogaerts, Witte Non, sticht een jaargetijde in het klooster waarbij zij aan het klooster schenkt 'drie roemers wijn ende eenen kouck om te geven den dagh dat wy onse beloften vernuwen'. 1744, 8 april De stadsmagistraat vaardigt een verbod uit om nachtegalen te vangen. 1744, 9 september Dood van Barbara de Rivière d'Arschot, abdis van Herkenrode, wier grafmonument links in de O.L.Vrouwekerk staat. 1745, 20-30 maart De prins-bisschop van Luik verblijft te Hasselt op het nieuwe gehuurde stadhuis; de onkosten voor de stad bedragen 6.002 gulden, waaronder 786 gulden voor een Engels paard dat als geschenk aangeboden wordt. 1745, 7 september De herbergier Jan Remits getuigt voor de magistraat dat er in zijn herberg twist is geweest tussen Henrik Theunis die zei tegen Frans Hermans dat alle procureurs van Hasselt maar 'cale jonckers waren en dat alle schepenen syn oock maer apen en den schepen Vannes is den grootsten aap'. 1746, 6 februari 'Jan Gubbelmans ende Maria Slegers hebben honnen jubile gehouden onder hun familie ende gebueren synde met malcanderen vijftich jaeren getrouwt te Curingen.' 1746, 13 juni De stadsmagistraat beslist 'alsoe de vaendels van de voetboghecamer en van de studenten der groote schole door den langen tijdt versleten syn, twee nieuwe vaendels te laeten maecken alsmede twee sjerpen voor den capiteyn van rethorikacamer'. 1747, 2 februari 777 'Ontrent seven uren savonts is eene brant onsteken door de Housaren in de stallinghen van het huys Den Ancker en 5 huysen van Wauters waeromtrent waeren twee groote schuren met het mageseyn van hoey en stroot en door den grooten wint is alles afgebrant tot tegen de vesten toe. Den heere Godt wilt alle menschen van sulke voorval bewaren. lek hebbe mijn leven sulken brant niet gesien.' 1747, 9 juni De stad heeft af te rekenen met doortrekkende troepen Oostenrijkers en Fransen, die elkaar zullen ontmoeten in de slag van Lafelt op 2 juli. 1747, 3 juli Een regiment Franse infanterie, 500 man sterk, komt de stad binnen en plundert het hospitaal. 1747, 16 juli Een legertroep van 2000 manschappen van de Franse infanterie en cavalerie trekt de stad binnen. 1747, 10 augustus De stad Hasselt krijgt van het leger van Lodewijk XIV beval om binnen de drie dagen 35.000 rantsoenen te leveren aan de poorten van Tongeren nadat reeds 35.000 rantsoenen geleverd waren. Door de stad wordt druk onderhandeld om bevrijd te zijn van 'sterek onheyl, 't sy van militaire executie, plunderinge etc'. 1747, 10 september Uiteen brief van J.M. Wauters uit Hasselt blijkt dat 'ons landt is tegen woordigh instaetdat noit van menschen dusdanigh beleeft is. Daer is bijnae voor beesten oft menschen geen levensmiddelen te bekomen. De armeen blijven noch vast staan; den coninck is noch op het casteel Hamal bij Tongeren... Men kan wel oordelen wat sulcke maght van volkeren en peerden noodigh heeft. De provisien van graenen die ick ende andere borgers in huys hadden, worden ons van de solders afgehaelt selfs tot de Capucienen toe, soo dat secker is, indien wij van andere landen niet gespijst worden dat een groot gedeelte van gemeyn volck door honger sal vergaen. Daer is geen groen spier in de hoven meer te bekomen, erten en boonen op het veld gefoerageert sodat hier eenen bedroefden tijt is ende sien geen uyteomst als dat den almachtigen Godt ons wilt eenen prijs verleenen'. 1749, 22 mei De Hasseltse magistraat besluit het poorterschap te verlenen aan Francis Brandel 'geboortich van Praegh considererende syne conste van schilderen'. 1749, 12 september De stadsmagistraat verleent een toelage van 200 gulden aan het Rethorikakamer om 'te doen stellen in de Halle eenen theater om daerop te spelen op kermisse volgens gewoonte in plaetse van op den Merckt'. 1750 Het ambacht van de kleermakers tekent bij de magistraat protest aan tegen de knopen-makers, die zonder het ambacht te kopen, toch hun stiel uitoefenen tegen de privilegies dat allen die 'naelde, schere ende vingergoet gebruyeken' tot het kleermakersambacht moeten behoren. 1751, 16 mei I )e pastoor en de burgemeesters van Kermt nemen E. Fr. Wouters aan tot vroegmislezer om o|> zon- en feestdagen een mis om 6 u. op te dragen, om iedere dag school te houden van 8 tot I I en van 13 tot 16 u. behalve tijdens de vacantie die loopt van 15 juli tot einde september cm op dinsdag, donderdagnamiddag en om tweemaal per dag de horloge van de kerktoren op ie winden. 1751, 26 augustus I )c stadsmagistraat sluit een overeenkomst met de Leuvense klokkengieters Andreas en Peter van den Gheyn om een nieuwe beiaard te maken. 1752, 9 maart De stad koopt 350 koeken om te verdelen onder de jongens 'die de kloeken van den carillon uyt de stadsschuer tot aen den thoren getrocken hebben'. 1752, 11 december Een onbedkende Hasseltse volkspoeët dicht een 'Triumphdicht over den nieuwen Carlejon' in 77 coupletten, uit bewondering voor de Hasseltse beiaard. Het kleine handschrift wordt bewaard in de Stadsbiblioteek te Antwerpen. 1753 790Lambert Josephus de la Court wordt pastoor te Hasselt. 1754, 25 januari Arnold Peuskens, rector van de O.L.Vrouwekerk, sluit een overeenkomst met Jean Baptiste Picard, voor het maken van een nieuw orgel. 1754, 11 juni De aartsdiaken van Haspengouw verbiedt aan de inwoners van Stevoort, Hasselt, Sint-Lambrechts-Herk na de doop van een kind, de peter en de meter en de vrouwen uit de buurt in een herberg uit te nodigen om daar te drinken, te dansen en te feesten tot diep in de nacht. 1755, 18 augustus 793 De stadsmagistraat besluit de stadsschool te reorganiseren, waarbij twee rectoren worden aangesteld en de Augustijnen, die een college hadden, beroofd worden van een jaarlijkse toelage van 100 gulden. 1756, 18 januari 794 Bij de intrede van Maria Josepha Claessen uit Hasselt in het Sinte-Catharinadal wordt een huideadres uitgegeven. 'Vrinden laet ons vrolyck wesen En verheugen ons gemoet Nu Maria Joseph geprezen Heden haar professinge doet Dese lieve nymph verkoren Dit ryn honinck-biecken soet Heeft de werelt afgezworen En gestooten met den voet Laet ons saemen lustigh klincken Op de feest van dees tere spruyt En op de gesondheyt drincken Van ons nieuw gekroonde bruydt.' 1756, 23 november De gevangene Jan Baptist Lemaire klaagt er over dat hij 'in den grooten caude, overvallen met wonden aen syne beenen alnogh gehauden wordt in een aldermiserabelste en doncker gevangkenisse en hoe dat den chirurgijn van Hilst de cureringe synder wonden niet en kan om den grooten caude cureren doordien alle de pappen ende geneesmiddelen geen effect en konnen doen omdat sy kaut worden ende den chirurgijn oordeelt eene incisie te moeten doen welcke in de gevanckenisse niet bequaem kan geschieden om desselfs donckerte... soo dickwils hy syn beenen moet laeten verbinden hij dieselve moet stecken door het gat oft deurken waer langst hem syn eten gebrocht wordt om die plaesters daerop te leggen'. 1757, 31 maart De stadsmagistraat had op 28 november 1756 verordend dat er vreemd vlees zou mogen ingevoerd worden; na protest van de beenhouwers bij de prins-bisschop wordt door de magistraat geargumenteerd dat 'de geheele borgerije voor nu en altijd sau in den dwanck ende specie van slavernije syn van alle sorte van vleesch van de beenhouwers te moeten coopen en naer hunnen sin te betaelen en eeuwiglijk berooft syn van de liberteyt van vremt vleesch te moghen laeten incomen, liberteyt die wy sullen verliezen indien wij ons beste niet en doen om deselve met al onse crachten te mainteneren'. 1757, 11 april De meesters timmerlieden en schrijnwerkers tekenen protest aan omdat deken Delacourt uit I lasselt op zijn goed te Pietelbeek een nieuwe schuur heeft laten optrekken door vreemde limmerlieden en laten er de werken stilleggen. 1757 Op de kapel van Spalbeek werd een nieuwe toren geplaatst. 1759, 1 juli Wijding van de nieuwe kerk van het Begijnhof door Jaquet, suffragaan bisschop van Luik. 1761, 3 juni De stadsmagistraat verbiedt te spelen op het kerkhof en aan de kerk, 'steenen in de sleutelgaeten der sloten der deuren van die scholen te steken' en met stenen te werpen door de kerkvensters. 1761, 11 juni De stadsmagistraat beslist de Demerstraat te verbreden en 'te slaen eenen brugge over den Demer van aen den muur van den heer Hussen tot tegen het huys van de Bonnefanten en tot commoditeijt der geburen daerop te stellen eene pompe om het water vyt den Demer te cruygen'. 1761, 4 juli De stadsmagistraat opent een onderzoek over 'een menigte van manspersoonen des dorps Sonhoven met snaphanen, schuppen en rieken in de hand, die aen de nieuwe erven door de borgers deser stadt onlanx gecoght, besigh waeren met de grachten en bereytsels tot de agricultur gedaen, te destrueren'. Uit de getuigenissen blijkt dat de burgemeesters van Zonhoven bevel hadden gegeven om tot die actie over te gaan, dat de stormklok in Zonhoven was geluid om half zes 's morgens. 1761, 31 december De magistraat beslist de Smedentoren, gelegen op de stadswallen achter de Capucienen, 'die irreparabel is' af te breken tot drie voet hoog boven de grond. 1762, 27 februari De magistraat 'met groot misnoegen verstaande hoe dat de jonchheyt de passerende lieden over straet komt te werpen met snieuwballen, gebidt eenieder van hunne kinderen en domestiquen sulx te verbieden'. 1762, 3 maart De stadsmagistraat zendt advokaat Hansen naar het Keizerlijk hof van Wetzlar om er de zaak van Hasselt tegen Zonhoven omtrent de betwiste heide, te bepleiten. Wegens allerlei kuiperijen en pogingen tot omkoperij valt Hansen in ongenade als advokaat en wordt hij te Wetzlar op 11 augustus 1764 aangehouden, hij keert pas op 3 mei 1767 naar Hasselt terug. 1762 In haar proces met Zonhoven, laat de Hasseltse stadsmagistraat drukken Analyse ou sommaire des pieces probatoires qui font voir dans la derniere évidence que la bruyere située entre Hasselt et Sonhoven appartient notoirement a ladite ville et que les limites de cette bruyere sont pareillement de notorieté publique'. 1763, 26 januari De magistraat 'verstaende hoe dat diversche inwoonders op de wyers tegenwordigh toege-vrozen de carpers uyt het ijs cappen en de doode carpers komen te vercoopen, wat seer ongesont is deze carpers te eten', verbiedt de verkoop van bevrozen karpers. 1763, mei Een volkstelling wijst uit dat er in Hasselt 3041 inwoners zijn boven de 15 jaar; nl 1735 vrouwen en 1306 mannen; 510 inwoners wonen buiten de stadsmuren. 1763, 18 juli 'De Sonhovenaers bedryven alle hun excessen in onse heyde ten minste by nacht en 's avonts 't sy met onse heyde op hunne grense te bederven en selfs onse gebannen groesen uyt te steken en wegh te nemen; men weet tot wat excessen sy bequaem syn.' 1763, 3 augustus Bij de aartsdekenale visitatie worden er te Stevoort 100 families geteld en 400 kommuni-kanten. 1763, 22 september Tijdens de aartsdekenale visitatie wordt genoteerd dat er in Kuringen 170 families wonen, dat er 600 kommunikanten zijn en dat er drie klokken in de toren hangen. 1763, 6 oktober De magistraat laat in de Demerstraat op de Molenbrug een blauwe steenen pomp plaatsen, waarop het stadswapen aan drie kanten moet uitgekapt worden. 1763, 8 oktober In Hasselt wordt de verkiezing van graaf d'Oultremont tot prins-bisschop van Luik met vreugde ontvangen. Het stedelijk geschut wordt meermaals afgevuurd, de beiaard wordt bespeeld en de triomfklok wordt geluid. 1763 De Luikse architect B. Digneffe verbouwt en vergroot de parochiekerk van Kuringen. 1764, 28 april De stad betaalt 64 gulden aan Arnold Baerts 'voor het veerdich maecken van 500 pampiere I.internes gedient tot viering van Syne Hoogheyt ende kerssen daertoe'. 1764 GJ. Peuskens, pastoor van het Begijnhof noteert dat men alleen novicen-begijnen kan aanvaarden als hun roeping zuiver is 'te weten enckelijck om God buijten het gewoel van den werelt met mindere belemmering en suijverlijck te dienen, oft het niet voort en komt uijt tijdelijcke opsicht oft om haere ouders te believen gelijck het al dickwils gebeurt'. Tevens wordt bepaald dat er alleen begijnen in het Begijnhof mogen wonen 'behaudens volgens tegenwoordig gebruyck den vader van een begijntie in syne oude dagen en haer neefken in den eerste graed onder de thien jaeren'. 1765, 5 januari De stadssecretaris Roelants getuigt voor de stadsmagistraat dat hij zondagavond na het lof op de Kempische heide ging wandelen en daar door een groep Zonhovenaren uitgescholden werd: 'Mordieu dat is eenen Hasselaer; ich hebbe mijn mesken geslepen; ick heb hier een recht stoxken. Schelm, hondsvod. Ick sal Uw moffel noch wel uyt uw pooten nemen'. 1765, 28 maart Om de schade aan de granen en de veldvruchten te voorkomen, beslist de stadsmagistraat een prijs uit te schrijven voor hen die tegen 1 mei het grootst aantal mussen hebben binnengebracht; de eerste prijs 20 gulden groot, zal maar uitbetaald worden als er tenminste 400 mussen zijn vernietigd. Op 3 mei had de prijsuitreiking plaats en in totaal waren er 1497 mussen binnengebracht. 1765, 19 oktober De zusters van het Sint-Katarinadal te Hasselt tekenden protest aan tegen de pater gardiaan der Minderbroeders, 'uyt wat commissie hij sich aldaer tot biechtvader quam presenteren, waerop den gardiaan geantwoord dat hij eene commisie hadde van den vicaris-generael om de religieusen als extraordinarissen biechtvader te bedienen'. 1765, 9 december De meesters van de Biemans of confrerie van St. Ambrosius verklaren voor notaris L. Vos dat het een oud gebruik is de bijen 's morgens bij zonsopgang en 's avonds bij zonsondergang te voederen en 'in cas iemant op het hoogsten van den dagh oft binnen den voornoemden tijt de bien te voederen, eer schadelijck te sijn'. 1766, 8 april De magistraat verbiedt 'de oeyevaers alhier op de schouwe der stadshalle woonende neer te schieten en ontrent den merct, de halle ende Nieustraat met geene snaphanen te schieten'. 1766, 23 juni Joanna Gerardine de Liebegh, moeder-overste van de Witte-Nonnen sticht een jaargetijde en van de gestorte geldsom 'sullen de religieusen hebben eenen couck en een drupken'. 1767, 9 juli De stadsmagistraat verbiedt 'den dreck der secreten te gieten op eenige publique straeten oft hetselve te gieten en te verbergen in de mesthopen, maer hetselve te draegen in den Demer'. 1767, 23 juli De magistraat besluit de stadsschool te sluiten en de paters Augustijnen krijgen het monopolium voor het stadsonderwijs; pas in 1779 wordt die eenheidsschool opgeheven. 1768, 15 maart 'Eenen seekeren Joannes Notebooms, eenen der beste hoveniers geen woonplaetse hebbende connen vinden, is met vrauw en kinderen op de straet gestelt soo langh dat eyndelijck uyt compassie is in gelaeten en woont in het schiet huysken van de groote camer ende nu dagelijks gepraemt wordt hetselve te verlaeten omdat de confreere van de groote camer dit schiethuysken tot hun exercitie noodigh hebben.' 1768, 20 juli De stadsmagistraat laat een plechtig Te Deum zingen naar aanleiding van het vonnis van het hof van Wetzlar waarbij het Hasselts standpunt in een proces tegen Zonhoven begonnen in 1762, zegeviert. 1768, 26 juli I )e stadsmagistraat, opgeschrikt door volksrumoer ten gunste van advokaat Hansen, verordent dat iedereen zich moet onthouden van 'alle complotten, schriften en namentlijck van versen, chronijken, epigrammen, allen handel en wandel die souden connen strecken tot animositeyt der gemoederen'. 1768, 28 augustus 'Ontrent half negen uren savonts was er een tumultueus attrouppement op de Grote Marckt, wel ten getaele van vier hondert persoonen, die aengehitst synde tot revolte, seditie, tumult en straetschenderye; enkele persoonen om tot seditie aen te hisschen hebben de hoedt voer de wacht der princesoldaeten koomen drayen en geschreeuwt: Vivat Hansen. Ten selven mael werdt er geroepen: Ick sal den scholtes doodtsmijten als eenen hond." 1768, 9 oktober Hendrik van Muysen, een der leiders van de partij Hansen, wordt aangehouden wegens zijn optreden tijdens de oproerige gewelddaden van 28 augustus. 'Den jongen officier Jadin wandelende op de merct seyde: daer loopt de muys schoon in de val, ende is aenstonts tot van Muysen gegaen om hem gevangen te nemen, waarop van Muysen antworde dat hij noch geen misse gehoordt en had aengesien het sondagh was, waerop den officier hem seyde dat hij dat op sigh nam.' 1768 'Ontrent het eynde van het jaer 1768 is den klap onder het gepeupel van Hasselt geweest als dat het spoocde in de gevangenis, jae dat aldaer verscheyde reysen is gekomen eenen witten geest met eenen bot op synen rugghe ende by de schepenen heeft sich vertoont eenen swerten geest in de gedaente van een wolck, den wekken wanneer de schepenen op het stadthuys besigh waeren, de kerse uyt blies.' 1769, 7 september De stad schenkt het burgerrecht aan Francais Bellecour 'omwille van syn schrijfkonste en het leren der Fransche taele'. 1769 'In onse stadt Hasselt syn voor desen duysent huysen geweest, van welcke nu in verre naer geen twee derde deelen meer syn en de huysen soodaenigh beginnen te manckeren dat bi jnaer geheele familien genoodsaeckt syn naer buyten te trecken omdat geene woonplaetse en connen becomen. Men siet te half Meert veele menschen op straeten sitten sonder wooninge te hebben, andere genoodsaeckt in port en wachthuysen in te cruypen, jae selfs tot onder de stadtsvesten woonen in aude speloncken... Sedert eenige jaren syn verscheyde hysen afge-brandt welcke het meestendeel ruineuse en onbetimmert blijven liggen; men siet huyshaudens met overlast van kinderen seven menagiens in een huys woonen. Soo dat het een openbare waerheydt is dat in de stadt honderde huysen manckeren daer in tegendeel schueren te veel sijn die ledigh staen en niet verhuert connen worden.' '1769, 1770 ende 1771 syn droevige jaeren, groote armoede en dieren tyt ook veel besmettelijcke ziekten dat de menschen moeten broed koopen dat gemaekt is van boenen en terwe semelen.' 1770, 13 juni H. Wauters was in 1765 door de stad aangenomen om 'de stadspompen tegens het bevriesen te bevrijden en vermits den grooten nomber derselve en de kleynheyt der gagie' verzoekt hij een verhoging van zijn wedde. De stadsmagistraat geeft hem 16 gulden per jaar in plaats van H gulden. 1770, 14 november De stadsmagistraat besluit de stadsorganist E. H. Kettenis af te zetten wegens de menigvuldige klachten van de zangers van St.-Cecilia. Een van de klachten luidde: 'Het is geburt dat in stede van musiek door eenige der confreers, in 't lof den gregoriaenschen zang is gesongen geweest tot groote confusie der confreers ende choqueringe der devotie in de kerk'. 1772, 19 maart De stad geeft aan Hendrik Vissers, herbergier op de Houtmarkt, toelating om een schietspel in te richten. Art. 7 van het reglement luidt: 'Sal iederen liefhebber voor ieder roos die hij sal schieten moeten geven eenen pot bier en den geenen die de meeste roosen sal geschooten hebben, sal genieten eenen schoonen tennen waterpot'. 1773, 14 juli Daar de oude kerk van Kermt sedert enkele jaren geheel bouwvallig was, wordt er tussen de gemeente en de abdis van Herkenrode een akkoord gesloten voor de bouw van een nieuwe kerk met koor en sacristij, zonder zijbeuken. 1773, 23 oktober De magistraat besluit in de Boomkensstraat een stuk grond te kopen om er kareelstenen te doen bakken 'omdat die stenen seer duer verkoght worden soo datter wijnigh gebouwen wordt welck het embellissement deser stadt seer vermindert heeft'. Die stenen zullen aan de burgers tegen 'civielen prijs' verkocht worden. 1773, 21 november De Rode Roos voert het toneelspel 'Celion en Bellinde' op met groot succes volgens een notitie van Arnold Duys, facteur van de Rethorica:
Dit stuk werd nog op 22 en 23 november 1782 opgevoerd. 1774, 9 juni In Hasselt worden verboden 'het planten der meyen, het schieten, spannen der croonen, rrommelslaen, dansen en springen der geburen voor oft ontrent de huysen der nieuwe gecosen borgemeesters, rentmeester oft andere officien, voortkomende uyt de verquistinge van tijdt en andere schadelycke en ongeoorlofde excessen'. 1774, 25 augustus De aartsdiaken van Haspengauw stemt erin toe dat de kantschool van Hasselt, ook Marol-leschool genoemd, geïntegreerd wordt bij de Cantorij van de hoofdkerk; de school was in verval geraakt en er waren haast geen leerlingen meer. 1774, 3 december Te Hasselt worden Jan Baptist Lemaire uit Hasselt en Jan Bando uit Kermt door verhanging terechtgesteld wegens diefstallen die zij in een bende Bokkerijders in augustus 1763 te Stevoort gepleegd hadden. 1777 Bouw van een nieuwe kerk te Stevoort, waarvoor de abdis van Herkenrode 6.000 gulden betaalt. In dit jaar werd ook de classisistische kerk van Kermt gebouwd door de Luikse architect Bartolomeus Digneffe. 1778, 24 augustus Na het overlijden van zijn moeder, geeft brouwer Sallez 440 gulden uit voor de begrafeniskosten o.a. 14 gulden voor een grafplaats in de kerk, 20 gulden aan 'rouwcoiffuren', 106 gulden voor de kerkrechten en 30 kaarsen, 189 gulden voor 'het laken tot de rouwkleeren van my en Andries alsoock het zijde kleedt van ons Catrina'. 1778, 22 december De vicaris-generaal van het bisdom Luik geeft aan de Grauwzusters van Hasselt toelating 'd'enterrer les morts de leur ordre dans un cerceuil ferme comme il se pratique pour tout Ie monde'. Het was vroeger de gewoonte de afgestorven zusters in habijt op een plank zonder kist in de kerk te brengen en te begraven, maar die traditie werd door velen, ook door priesters, als weerzinwekkend beschouwd. 1778 846 Schout Jadin van Kuringen verbouwt een oude woning die thans als pastorie te Kuringen gebruikt wordt. 1779, 22 maart 847 De pastoor van Kuringen verbiedt de ouders van Stokrooi hun kinderen naar de catechismus in Bolderberg te zenden 'vermits hier in Curingen alle daeghen in onse kercke ten negen uren geschiet de Christelyke leeringe voor die van Curingen en Stockroy'. 1779, 31 maart De stad koopt op een openbare verkoop de nieuwe bouw van de familie de Heusch, die tot stadhuis wordt ingericht en thans nog altijd als stadhuis gebruikt wordt. 1779, 5 april Bij een processie werd er over de rangorde getwist tussen de pastoor van het Begijnhof en de paters Augustijnen. De pastoor beweerde dat de Augustijnen zijn plaats hadden ingenomen en schreef hierover een klachtbrief aan de prins-bisschop van Luik. Hij had aan de deken van Sint-Quintinus gevraagt 'een choorkap aen te doen om alsoe boven hun uyt te steken'. De koster van het Begijnhof kwam haast in een vechtpartij met de Augustijnen die hem dreigden 'de flambeeuw in de nek te slaen'. Het volgend jaar was er geen schandaal meer 'maer tot lof der eerweerde paters... en hebben deselve geen broeders meer tot flambeu-dragers gestelt... waerdoor de victorie aen den heer pastoor van 't begynhof sonder proces toegewesen wordt'. 1779, 30 april De stad verkoopt het oud stadhuis op de Havermarkt voor 7.000 gulden aan Jan vander Straeten. 1779, 14 oktober 'Petrus Johannes Verhaghen heeft overgelevert aent begijnhoff de schilderij, verbeeldende Christus aen tafel met de discipelen van Emmaus.' 1780, 15 februari De burgemeesters van Sint-Lambrechts-Herk verzoeken de officiaal van Luik hun pastoor Hermans af te zetten vermits 'het ongereguleert conduite van hunnen pastoor hetsy door geckigheyt oft dronckenschappen soo verre gaat als dat hij onbequaam is sonder voorder schandael syne pastorije noch voorder te bedienen'. 1780, 16 maart De schepenen van Hasselt veroordelen Godfried Berkenbosch tot een bedevaart naar Roca-madour of 25 gulden omdat hij op 24 juli in een herberg 'sonder eenighe schaemte heeft derven publicq seggen ende vytspouwen dat de Heylighe moeder Godts Maria eene hoere geweest is'. 1780, 1 april Advokaat Sallez begint een 'annotitieboeck van uytgeef aen de wercklieden tot de restoratie van ons huys Het Schip: gedaen ten versoeck van alle myne kinders'. Het betreft een huis in de Maastrichterstraat (Germinal) waarvoor in het totaal 8.491 gulden uitgegeven werden. 1780, 27 augustus De ingangspoort van het Begijnhof wordt ingehuldigd. 1780 De muur, die het Hasselts stadhuis scheidde van de Lombardstraat, werd gesloopt. 1781, 29 april De pachters van de brandewijnaccijns van Hasselt vragen aan de stadsmagistraat een korting van de pachtprijs 'daer sy een merckelijken schaede geleden hebben door dien dat den Demer in den lesten somer ontrent de derthien weken droog gelegen heeft waar door gebeurt is dat niemand hebbende connen iet oft weynigh distilleren'. 1781, 14 juni Advokaad Sallez noteert 'door metsers, opperknechten en timmerlieden verteert 7 gulden soo aen bier, broot, boter en kaas als aen pijp en tabak sulx in den Valck als den mey is worden geplant op de schauwe van onsen bauw'. 1782, 1 januari Brouwer Sallee maakt met Prudhon een akkoord om 'mijne peruken 2 mael per weeck op te setten ad 5 gulden sjaers'. 1783, 23 augustus De stadsmagistraat verbiedt aan de jongens en ambachtsknechten om op de toren van de grote kerk klokken te gaan luiden. 1783 De Hasseltse hoedenfabrikant A. Wauters noteert dat hij 2.996 hoeden geproduceerd heeft met 10 arbeiders; het jaar daarna is er een productie van 3.794 hoeden. 1784 De Hasseltse Rethorikakamer voert het toneelspel Le Cid van Corneille op. Te Stevoort wordt op het kerkhof een nieuwe school gebouwd. 1785, 12 januari Advokaat Sallez doet een uitgave van 272 gulden voor 'een tapijt voor onsen sael volgens overgegeven planck van de groote der plaets om tot Frankfurt te doen schilderen oft te maecken door den gewoonlijcken tapecier'. 1785, 13 mei 865 Wegens de grote droogte en de miswas van de veldvruchten besteden de burgemeesters van Stevoort 11 gulden voor het opdragen van vier speciale missen en een Hoogmis te Kortenbos waar de gemeente in processie naar toe trok. 1785, 2 juli 866 De officier van Hasselt stelt een onderzoek in over een 'banqueroute frauduleuse in het huys De Dry Schouderen op de Sauvelmerckt nu onlangs eenen volcomen winckel synde versien van alle soorten van neteldoecken, seyden en catoene neusdoecken, canten, linten, wolle stoffen, allerhande eetwaeren en huysmeubelen als synde alle waeren tot schaede en bedrog van een groot deel crediteuren verhandelt en des nachts getransporteert'. 1786, 19 november De stadsmagistraat besluit de oude Lakenhalle te veranderen in een vergaderlokaal voor een ontspanningsvereniging. 1787, 31 juli Graaf de Méan, wijbisschop van Luik, zegent de nieuwe kerk te Kuringen en hij 'heeft den jaerlijksche kermisse gestelt op den tweeden sondag van october oft sondaghs naer Rosen-crans'. 1787, 16 augustus 'Verleden nacht hebben quaeddoenders differente ruyten van het stadhuys in stucken geworpen en vier lindeboomkens aen het stadhuys overgebroken en hebben de deuren van de twee borgemeesters van onder tot boven met stront bestrecken.' 1787, 8 november ' I n consideratie nemende de quade gebruyeken en groote kosten' verbiedt de stadsmagistraat dat men bij de begrafenissen 'geen haute machine bestaende in vijf oft ses latten in de sterfhuysen sal brengen' en dat men voortaan bij de uitvaarten 'alleenlyck sal luyden op den dag zelve met de kleyne clock'. 1787 De Luikse architect Digneffe bouwt te Stevoort een classisistisch schip en koor van de kerk. 1788, 25 februari In de Maastrichterstraat branden er zes huizen af. 1788, 17 juni Te Luik wordt een Société opgericht, samengesteld uit 22 leden van de sociale en intellectuele elite van de stad. 1789, 22 januari De stadsmagistraat wenst alle misbruiken inzake armensteun te beteugelen. 'De kinders der armen loopen meestal langs de straten leeren niets dan ondeugt ende bedelary, men sou deze wanorde kunnen beletten met werckschoolen aen te stellen. De jonge dochters worden met de strickkous en ander sulke stielen lui, lecker, hoeveerdig, klapachtig en tot huishouwen onnut en onbequaem, men souse by de borger konnen doen dienen waarby sy veel vromer, ootmoediger en bequaem souden worden.' 1789, 18 juni Nicolas van Gulpen, 27 jaar oud, uit Maastricht wil te Hasselt een drukkerij oprichten en ontvangt het kosteloze burgerschap van de stad. 1789, 17 augustus 'Te Hasselt was den 17 augustus volvoerd die gelukkige revolutie welcke aen ons gaet wedergeven alle rechten prerogatieven die de despotisme ons hadde berooft.' 1789, 22 augustus Er wordt een nieuwe stadsmagistraat verkozen, bestaande uit de advokaten Hansen en Briers als burgemeesters, Cox de Hommeien en Stellingwerf!als co-burgemeesters, De Borman en Hamakers, Van Nes en Vos, Pluymers en Baerts, Gielkens en Pierloz, Gordens en Theunis, Cox en Jan Jacobs. Deze magistraat werd gekozen door 'het volk deser stadt door sig selven bijeen geroepen en vergaderd met vollen vrijheid der stemmen'. 'Après Ie serment solennel les deux bourguemaitres et corégents se sont rendus a l'église dans une carosse trainé par la bourgeoisie au milieu des armes et des aclamations du peuple. Jamais Te Deum n'a été et écouté avec tant d'attendrissement.' 1789, 28 oktober De revolutionnaire stadsmagistraat biedt zijn ontslag aan uit vrees voor militaire bezetting nadat het keizerlijk hof van Wetzlar het herstel van de oude magistraat geëist had. 1790, 23 juni Op verzoek van generaal Donceel, beveelt de Hasseltse magistraat alle wapens op het stadhuis in te leveren, geen dikke stokken of knuppels te dragen en 'geene oproerige propoosten te voeren oft discoursen streckende om de gemoederen te verbitteren.' 1790, 10 augustus Tijdens de Luikse Revolutie vestigt generaal Donceel zijn hoofdkwartier te Hasselt. 1790, 18 september De stadsmagistraat gebiedt, met het oog op de kermisdagen, de koemarkt te verplaatsen naar de steenweg buiten de Luikerpoort alsmede alle publieke spelen 'als bollekensberden, quakzalverye, liedekenssangers' naar de Luikerpoort te verwijzen. 1790, 30 december Na de uittocht van de Franse troepen en bij de restauratie van de prins-bisschop van Luik, beslist de Hasseltse magistraat, gezien er 's anderendaags een escadron keizerlijke troepen door de stad zal trekken 'om alle onheyl voort te comen, alle cocarden oft andere patriotieke tekens aff te doen'. 1790 De kerk van Stevoort koopt het orgel van de Minderbroeders van Hasselt, dat dateert van 1717. 1791, 13 februari Peter Bijloos, schaapsherder te Sint-Lambrechts-Herk, die reeds anderhalfjaar met Barbara Mommen 'op eene eerlijcke manier geconverseert en gevrijt hebbende' en thans door het meisje verstoten en verlaten wordt, tekent in een notariële akte protest aan en doet 'verbot aen alle eerweerde heeren en pastors van Barbara Mommen met iemant anders te trouwen als met hem'. 1791, 20 februari Nicolas Collet, aannemer van de kerk van Sint-Lambrechts-Herk, en Antoon Asnong, meester timmerman, sluiten voor een notaris een overeenkomst betreffende het timmerwerk voor de toren en kerk van Sint-Lambrechts-Herk. 1791, 28 april De kerkfabriek van Sint-Quintinus sluit met J. Binvignat en L. Hautappel, meesters-orgelmakers van Maastricht een contract voor de herstelling van het orgel van de hoofdkerk 'een seer oud stuck gemaekt van sekeren Gordon Iere oft Schotlander ontrent de jaaren 1593 en 1594'. 1791, 30 april 'Alzoo onze stadt door soo menigvuldige betalingen staande alle de troubels buyten staat geraakt is van verders geen betalingen meer te connen doen zonder particuliere imposten op te setten waer de geestelijkheyt ook zal moeten in contribueren behoudens de Capucynen en Minrebroeders' besluit de magistraat de kamers over dit probleem samen te roepen. 1791, 22 augustus De stadsmagistraat verzoekt nogmaals de geestelijkheid en de kloosters van de stad het hunne bij te dragen in de stadsbelastingen 'omdat wij ons in de droevige noodsakelijkheyd niet en vinden niet alleen van hunne exemptiens en privilegies in de weegschaele te leggen en hierdoor den peys en vrede te krenken maer oock van hun af te nemen allen hetgeene onze stad aen hun gratis en uyt pure miltheyt doende is'. 1791, 25 augustus Wegens protesten van de Augustijnen tegen een nieuwe stadsbelasting, acht de magistraat het nodig 'gesien dat die paters soo onredelyck syn dat sy de stadt weygeren by te staen ende eene algemeene minachting op zich getrocken hebben' enkele voorrechten van de Augustijnen in te trekken. Zo zal de stad geen kerkwijn meer leveren, zullen de burgemeesters en de raad geen 13 gulden meer geven voor een jaarlijks feestmaal in het Augustijnenklooster en zullen de Augustijnen geen bedeltochten meer in de stad mogen doen. 1792, 31 mei De stadsmagistraat hecht haar goedkeuring aan een verzoek van de hoedemakersgasten die met akkoord van de patroons verlangen zich te houden aan het reglement van hoedemakers van Luik en tevens een 'beurs' hebben gesticht 'om malkanderen in siektens en als sy onbequaem syn om te wercken, te helpen'. 1792, 28juni De stadsmagistraat geeft aan Jacob Joosten, horlogemaker te Maastricht, opdracht voor 460 gulden een nieuwe brandspuit te maken met één koperen ketel, twee pompen en 30 voet lederen darmen. Er wordt gestipuleerd dat 'de spuyte sal op den tijd van een half minute het water uitgespuyt syn en ontrent tachtentig voeten hoog'. 1792, 6 augustus De stadsmagistraat verbiedt nog dennebomen in particuliere bossen te gaan stelen voor de versiering der straten tijdens de zevenjaarlijkse processie. 1792, 5 september De stadsmagistraat weigert in het vervolg nog enige stadslokalen ter beschikking te stellen voor enige viering of feest 'welke altijd op 't drincken uytkomen en geduerig zeer groote moeilikheden ende ruzie ende gevecht hebben veroorsaekt'. 1792, 6 september Bij de viering van de zevenjaarlijkse processie hadden er in het kapelhuis wanordelijkheden plaats, dronkenschap en straatschenderijen; daarom verzoekt de magistraat aan de Broederschap van O.L. Vrouw het kapelhuis niet meer ter beschikking te stellen van de feestvierders. 1792, 2 november De schepenen van Hasselt dienen bij de burgemeesters klacht in omdat men hun huizen opvordert om er te doen logeren 'fransche geemigreerden die zich actuelijk binnen de stad vinden'. 1792, 26 november De Franse troepen onder de leiding van generaal J.S. Eustache veroveren de stad en de volgende dag wordt de eerste vrijheidsboom van de Franse Republiek op de Grote Markt geplant. 1792, 28 november Generaal J.S. Eustache richt de volgende boodschap tot de inwoners van Hasselt: 'De Franschen dewelke gekomen zijn in Uw land zijn Uw broeders en Uw vrienden. De wapens dewelke zij dragen zijn toegeschikt om U te verdedigen. De manhaftige en weldoende Republiek de welke ons gesonden heeft, heeft ons belast van U weder te geven Uwe vrijheyd en den vrede'. 1793, 1 januari Twee Franse legercommissarissen maken een inventaris op van de abdij van Herkenrode, waarin alle gebouwen, behalve de kerk, opgenomen en beschreven worden samen met de inboedel. 1793, 6 maart Een groep van Hasselaren verbranden de eerste vrijheidsboom op de Grote Markt bij de aftocht van de Franse troepen. 1793, 13 april De luitenant-drossaard J. H. Cox legt beslag op de goederen van apoteker Demy, horlogemaker Jos. Thonissen, wijnhandelaar, Henri Vincent Janssens en van Winand Vos, allen voortvluchtig, die een rol gespeeld hadden tijdens de Luikse revolutie in de stad. 1793, 18 juni De stad koopt buiten de Maastrichterpoort aan de stadsvesten, een stuk land om er een nieuw kerkhof aan te leggen. Men zal zich in verbinding stellen met de pastoor om de nodige geestelijke goedkeuring te krijgen en 'den ouden kerckhoff tot stadsprofyt vercoopen'. 1793, 3 oktober Een Hasseltse hoedenmaker schrijft in een brief naar Frankfurt: 'Je viens de recevoir votre lettre que j'ai bien eu de la peine de la faire lire car presque personne dans notre ville peut lire la langue allemande, c'est pour quoi je vous prie de m'écrire en francois dans la suite. 1793 Een Franse emigrant geeft een beschrijving van de abdij van Herkenrode waar de dames-mo-nialen een aangenaam leven leiden. Over een mademoiselle de la Roche schrijft hij: 'A un si bel oiseau il faillait une jolie cage; il n'était pas possible de voir une plus jolie nonne'. 1794, 12 juni De pastoor van Stevoort en de abdis van Herkenrode sluiten een overeenkomst om de oude pastorij, die 'soo verre van de kercke afgelegen is en in wintertyd het acces tot de selve impraticabel' af te breken en een nieuwe te bouwen dichter bij de kerk. 1794, 8 augustus Tweede inval van de Franse troepen in de stad. 1794, 15 augustus De Franse legercommissaris eist van de stad 40.000 vat koren, 850.000 pond hooi, 10.000 zakken haver, 1.000 vette ossen, 100 vaten brandewijn, 4.000 wollen hoeden en 2.000 lege zakken. 1794, 25 augustus De stadsmagistraat verordent dat alle assignaten van de Franse Republiek als geld moeten aanvaard worden 'en door niemand en sullen mogen gediscrediteert worden'. 1794, 6 september De stadsmagistraat wordt door de Franse bezetter aangezet te verordenen dat de 'borgers dewelke auberge houden, biertappen, brandewijn en caffe schincken en andere winkelieren van hunnen winkelen te openen en hunne waaren te verkoopen op den voet als sy gedaan hebben voor d'inkompste der Fransche, om d'executie militair te ontgaen'. 1794, 3 oktober De stadsmagistraat moet vervoerdiensten voor de Franse troepen verzekeren en beveelt iedere landbouwer met paard, kar en wagen onmiddellijk naar de Grote Markt te komen 'om van aldaer op ordre te vertrecken naer Luyck op pene van uytgehaelt te worden en getracteert als vijand van de Republiek'. 1794, 4 oktober De stadsmagistraat beveelt 'aen alle jonge dochters van soo veel plakzel te besorghen als het mogelijk is alsook te sorghen voor lijnwaet tot banden voor het hospitael tot Herckenrode'. 1794, 7 oktober Op bevel van de Franse bezetter moeten de kloosters van de stad 85 matrassen leveren op 9 oktober. 1794, 28 oktober Op bevel van de Franse krijgscommissaris wordt geordonneerd dat binnen de 24 u. op het stadhuis moeten gebracht worden 'alle effecten der abdije van Herkenrode die verborgen oft verkogt syn door de domestiquen oft andere aen diversche particulieren'. 1794, 2 november De magistraat van Hasselt 'adverteert eenieder van de Fransche tricolore cocarde te dragen en van te vieren de decadaire feestdagen en op deselve aen eene venster uyt te steken een tricolor vaentie'. 1794, 10 november Naar aanleiding van de overgave van de stad Maastricht aan de Fransen, wordt er te Hasselt een publiek bal gegeven. Door de Fransen wordt nogmaals uitgeroepen dat 'alle degene die aldaer of binnen de stad eenige wanorders souden begaen, seffens sullen gearreteert worden'. 1794, 9 december De stadsmagistraat ontvangt klachten van de plaatscommandant 'dat de herbergiers aen de militairen slechter bier vercoopen als aen de borgers'. 1794, 19 december Hasselt en omstreken worden administratief bij het arrondissement Maastricht gevoegd. De Hasseltse magistraat zendt enkele vertegenwoordigers naar Brussel om tegen die vereniging bij Maastricht protest aan te tekenen en vraagt deel te mogen uitmaken van de administratie van Luik, waar er niet zoveel belastingen moeten betaald worden. In Maastricht wordt daarop geantwoord: 'Etant conrm d'ailleurs que les Wallons n'ont jamais sympatisé avec les habitants de la partie flamande, ce ne peuvent être que des raisons d'intérêt particulier de quelques personnes, ou de cabale qui aient motivé cette étonnante réclamation'. 1794, 20 december De stadsmagistraat ontvangt klachten van de plaatscommandant 'wegens dat desen dag decadi synde, weijnig vaentjens sijn uijtgesteken geweest aan de huysen'. 1795, 5 januari De plaatscommandant van Hasselt verbiedt 'geene de minste koningsfeesten te houden soo int openbaer als int particulier ter occassie van drij koningen om reden sulkx door de Fransche republiek verboden is'. 1795, 19 januari Krachtens een besluit van de Administration Générale van Maastricht laat de stad bij 26 brandewijnstokers de 'slangen' van de ketels verzegelen. 1795, 20 januari De plaatscommandant van Hasselt beveelt dat er ter gelegenheid van de 'doot van den ketsten tyran Capet' plechtigheden zullen gevierd worden met sluiting van alle winkels en werkhuizen, met het uithangen van tricolore vaandels aan de vensters, met het luiden der klokken. 1795, 26 januari Wegens verscheidene klachten tegen de bakkers, die weigeren brood te verkopen aan de vastgestelde prijs, gebiedt de stadsmagistraat aan de bakkers de vastgestelde prijzen na te leven en geen brood te verkopen aan vreemdelingen. 1795, 27 januari De stadsmagistraat gebiedt de herbergiers aan de vreemdelingen eten en logies te verlenen zelfs als deze met assignaten betalen. 1795, 5 februari Te Hasselt wordt beraadslaagd over de verdeling van de 4 millioen livres buitengewone belasting die door de administratie van Maastricht opgelegd werd. De stad besluit 30.000 livres te betalen, de adel van het kanton wordt belast met 20.600 livres, de geestelijkheid met 390.000 livres. 1795, 17 februari De stadsmagistraat geeft aan Lochtmans, Pluymers en Boelen opdracht de voorgeschreven volkstelling te organiseren. 1795, 30 april Op de poort van de hoofdwacht te Hasselt wordt een druksel opgeplakt met de woorden: 'Addres aen de verachde borgers door de vuyle Fransche booswichten en stinckende patriotten'. 1795, 26 mei Alex Schorpion uit Hasselt, die tijdens de Luikse Revolutie in het revolutionaire leger gediend had, klaagt er over dat hij door de Fransen uitermate belast wordt en dat de stadsmagistraat daarvan de schuld draagt. 'Nu veerthien daagen twee man te hebben om te logeren en dat uyt pueren haat en nijd'. Hij beweert dat burgemeester Stellingwerff daarin de hand heeft: 'sy syn bij mij geleyd worden omdat ik luitenant onder de Luykse patriotten geweest was en daarom seyde den borgemeester Stellingwerff tot mij 'gij moetse wel houden en als gij ze geen goet eeten en drincken en geeft, dat zij dan maer met mij komen claegen, eenen Luykschen patriotten officier en souw geene twee man kunnen houden dat soude ick wel slegt vinden'. 1795, 30 mei De magistraat herhaalt haar verbod om de broodprijs te verhogen: 'de beckers wijgeren het brood aen de borgers te vercoopen op den gestelden prijs en sulx op pretext dat zij geen en hebben, terwijlen zij het brood op merckdagen vercoopen aen hoogeren prijs aen vremde voerlieden en botteressen'. 1795, 17 oktober De stad wordt door de Franse bezetters met een buitengewone belasting bezwaard nl. 7.062 livres als grondbelasting, 4.093 vaten graan, 10.600 pond vlees. 1796, 12 januari 929 Bouteville, Frans regeringscommissaris voor België, benoemt Fabry, Misotten, Villers, Baerts en Vos tot officiers municipaux te Hasselt. Te Hasselt wordt een correctionnele rechtbank opgericht bevoegd voor de kantons Hasselt, Peer, Bree, Achel, Beringen, Bilzen, Zutendaal, Herk-de-Stad en Kortessem. Als commissaris — later procureur — wordt benoemd de Maastrichtenaar J.L. Veen, onderwijzer. 1796, 14 februari In Hasselt wordt het verbod van de Franse overheid afgekondigd om voortaan nog lijken in de kerken en op de kerkhoven, gelegen binnen de stad, te begraven. 1796, 6 maart Planting van de tweede Vrijheidsboom te Hasselt. 1796, 15 maart 933 De municipaliteit van Hasselt neemt bezit van het lokaal der Société Littéraire en besluit er een 'salie de la liberté' in te richten. 1796, 24 april Uit de volkstelling te Hasselt blijkt dat er toen 237 kloosterlingen (121 zusters en 116 mannelijke regulieren) in de stad wonen. 1796, 29 mei De Hasseltse municipaliteit viert samen met het garnizoen het feest van de Overwinning. Er heeft een optocht plaats en in de 'Salie de la liberté' worden redevoeringen uitgesproken door H. Baerts, voorzitter van de municipaliteit en door kommandant Gay. 1796, 28 juli Te Hasselt wordt het feest van de Landbouw gehouden. Vele landbouwers met spaden en rieken 'ornés de feuillage et de rubans tricolores' stappen in een stoet op; op een wagen had men het beeld van de Vrijheid geplaatst. Na een tocht door de straten, trekt men naar de Schuttersberg buiten de Kempische Poort waar de voorzitter van de municipaliteit met een ploeg een voor trekt. Het feest wordt besloten met een dans rond de Vrijheidsboom op de Markt. 1796, 7 oktober De Hasseltse Municipaliteit besluit een terrein van 16 roeden, gelegen buiten de stad op de Kempische steenweg, eigendom van de Bonnefanten, aan te kopen en daar een nieuw kerkhof aan te leggen. 1796, 29 oktober In het Begijnhof overlijdt Catharina Martens; zij was de eerste begijn die niet meer op het Begijnhof maar op het nieuwe stadskerkhof buiten de stad, begraven werd. 1797, 19 februari De abdij van Herkenrode wordt als nationaal goed verkocht en einde april komt de abdij in de handen van Guillaume Claes en P. de Libotton De hoeve van de abdij van Herkenrode te Kuringen samen met 80 bunder land, 40 bunder weide, 23 bunder bos, 15 bunder vijvers en de molen van Tuilt worden als zwart goed verkocht aan Guillaume Claes en Pierre Libotton. 1797, 21 februari Bij de opheffing van de kloosters wordt door een Hasselaar genoteerd 'op die dagh zyn de Graususters uyt hun clooster gejaecht'. 1797, 22 februari Dezelfde Hasselaar noteert 'de nonnen zyn uyt het susterclooster gejaecht en ook de paters minrebroeders'. 1797, 24 februari 'Zyn de paters augustynen uyt hun clooster gejaecht.' 1797, 25 februari 'Zyn de paters Capucienen 's avonts om ses uren uyt hun clooster gejaecht. 1797, 12 maart Het Refugiehuis van Herkenrode te Hasselt wordt verkocht aan de Libotton. 1797, 21 maart Bij de gemeenteverkiezingen worden tot officiers municipaux verkozen. J. Willers, Pierre Cox, Nicolas Corthouts, Pierre Wilsens en Winand Vos. 1797, 12 april De hoeve Ter Poorten te Hasselt, eigendom van de abdij van Herkenrode, wordt als zwart goed verkocht aan Nicolas Van Marsenille, ex-capucien van Hasselt, die in conflict was gekomen met zijn kloosteroverste. 1797, april De zusters van het Sinte-Catharinadal (Witte-Nonnen) trachten met alle mogelijke middelen te ontsnappen aan de verkoop van hun klooster en de inboedel. In hun rekeningen staat vermeld 'Nog aen brieven betaelt maer alles verloren mits voor ons geen recht te bekomen 1797, 29 mei In verband met de eed, die van de priesters geëist werd om hun functie te mogen uitoefenen, schrijft een Hasselaar: 'Den jongen heer Vossius heeft synen eedt gedaen voor de Fransche wet; den selven dag heeft den ouden heer Vossius synen eedt oock gedaen, ten selven mael priester Van der Poorten, priester Corthouts'. 1797, mei De zusters van het Sinte-Catharinadal hadden uit vrees voor de Fransen vele meubels bij burgers in veiligheid gebracht. De grote stukken bleven in het klooster en die werden als zwart goed verkocht; de zusters lieten door een stroman, P. Swinnen, een aantal meubels opkopen nl. het grote altaar, het kleine altaar en de communiebank, het gestoelte van het koor, de orgelkast en de ballustrade en een preekstoel. 1979, 11 juni De hoeve de Draeck te Kermt, eigendom van de abdij van Herkenrode, wordt met 9 bunder land als zwart goed verkocht aan Bernard Peeremans, ex-karthuizer van Zelem, voor 15.000 ir. 1797, 21 juni Het klooster van de Augustijnen wordt aan Guillaume Claes verkocht. 1797, 2 juli Niettegenstaande het verbod voor de onbeëdigde priesters nog Mis te lezen, droeg de minderbroeder Jan Lutkenhausen in de kerk van de Sepulchrienen te Hasselt een H. Mis op. Hij wordt door politiecommissaris H. Fabry aangehouden en op 15 juli veroordeeld tot een boete van 500 livres en een gevangenisstraf van drie maanden. 1797, 2 augustus 'Hebben de Franschen de Minrebroedersclock en die van de Cellebroeders uyt den toren gesmeten.' 1797, 20 augustus Guillaumme Claes koopt het klooster der Minderbroeders. 1797, 22 september Te Hasselt wordt de Franse wet op de eed van haat die van de geestelijken geëist wordt, afgekondigd. Zeven geestelijken leggen in Hasselt die eed af, nl. N.G.F. Vossius, N. van Marsenille, G.H. Van der Poorten, F. Corthouts, B. Vossius, G. Wilsens en P. Tullenaers; 33 geestelijken weigerden de eed af te leggen. 1797, 29 september De municipaliteit van Hasselt geeft bevel alle uiterlijke kentekens van de eredienst weg te nemen. En een Hasselaar schreef hieromtrent: 'Is uytgetrommelt dat alle Lieve Vrouwen, beelden en cruysen moeten van de straet syn'. 1797, 22 oktober Martin Van den Broek, landbouwer uit Stevoort, wordt door de Fransen aangehouden omdat hij in een herberg anti-republikeinse liederen had gezongen. 1797, 29 oktober Een Hasselaar noteert 'heeft mijnheer Vossius possessie genomen in de groot kerck als pastoor'. 1797, 3 november 'Hebben de Franschen het cruys van de groote kerck afgedaen, het weeght 350 pond.' 1797, 10 november 'Hebben de Franschen het cruys afgedaen van Ons Lieve Vrouwekerck en van de kloosters altemael.' 1797, 11 november 'Ingevolge de fransche ordonantie en swaere bedreyginge hebben de schaliedeckers J. Matolet en H. Defrene met hunne knechten de kruyskens van kerk en thoren van ons begijnhof afgedaen.' 1797, 12 december 'Syn tot Hasselt alle geestelijcken die zig niet willen onderwerpen aen de goddeloosen eedt uyt de stad gejaegt.' 1797 'Het Wittenonnenklooster is verkogt aen N. van Russelt wie er niet veel plaisier van genoten heeft mits hij blind is geworden dat hy door zijn gesicht die schoone plaetsen niet heeft kunnen aenschouwen'. 1798, 21 januari In Hasselt wordt een vrijheidsboom geplant. 'Eenen van de geassermenteerde priesters, Vossius in syn gewaed op straet gekomen met eenen dienaer gelaeden met geweyde aerde en is gekomen tot by den kuyl alwaer hij de geweyde aerde op de wortels van dien valschen boom van vrijheijd heeft geworpen.' 1798, 30 januari De Hasseltse municipaliteit beslist het oude perron, symbool van de gemeentelijke vrijheden, weg te nemen en de pomp die erbij behoorde, af te breken. 1798, 18 februari 'Is er eenen theater gemaekt op den merct, in het midden stond Diana in eenen triomfwagen en de municipaliteyt met fonctionairen hebben de processieganck gegaen en 's avonts de luminacie over den vreden met den keyser.' 1798, 3 maart 'Hebben de municipalen verkocht twee autaeren van de Capucienen en den preekstoel van liet klooster.' 1798, 5 maart 'Hebben de municipalen vercocht kerkgewaet van de Minnebroeders, casuyvel, coerkappen, rukkelingen met schoon kanten aen, den brouketel van de Minnebroeders, alle de schilderijen van O.L.Vrouwekerk.' 1798, 8 maart 'Hebben de municipalen publieklijk verkocht dry biechtstoelen, eenen is verkocht aan Nicolas Corthouts, hy seyde dat het was voor een garderoop, den anderen is gebleven aan commissaris Payan voor een schapraey.' 1798, 22 maart Te Hasselt worden verkiezingen gehouden voor een nieuwe municipaliteit, maar in de kiesburelen wordt er druk geredetwist en zelfs gevochten tussen de partijgangers van de 'progressieven' met aan hun hoofd P.J. Willers — in de volksmond Robespierre genoemd wegens zijn hardvochtig en eigenwijs optreden — en de volgelingen van de 'conservatieven'. Een partijganger van P.J. Willers riep uit: 'Je suis pour les Wallons, mort pour les Flamands.' 1798, 12 april 'Syn de canunikessen van het H. Graf genaemt de Bonefanten uyt gejaecht 's avonts om 6 ueren'. 1798, 20 april Na incidentvolle verkiezingen wordt te Hasselt een nieuwe municipaliteit geïnstalleerd, bestaande uit Gerard Thoelen, Godfr. Huysmans, Nic. van Gulpen, P. Willems en Nic. Courthouts. 1798, 8 mei Bevelhebber Gombervaux gaat te Hasselt over tot de aanhouding van 81 pelgrims die uit Scherpenheuvel terugkeerden. De Hasseltse municipaliteit komt evenwel tussenbeide en de aangehoudenen worden in vrijheid gesteld. 1798, 1 juni Het Miraculeus beeld van de Virga Jesse wordt door enkele Hasselaren uit de O.L.Vrouwekerk weggenomen en in de plaats ervan wordt een oud Sint-Annabeeld op het altaar geplaatst. 1798, 10 juli Jan Purnal, pastoor te Stevoort, wordt als onbeëedigd priester aangehouden en door de Fransen naar het eiland Rhé gedeporterd; hij keert pas in de eerste dagen van 1800 naar Stevoort terug. Hij schreef een soort van dagboek tijdens zijn gevangenschap. 1798, 12 juli De Centrale departementale administratie van Maastricht gaat over tot de afzetting van de municipaliteit omdat deze enkele gevangenen in vrijheid had gesteld en benoemt nieuwe officiers municipaux, nl. geneesheer Rademakers, goudsmid Pierre Willems, handelaar Henri Hussen en brouwer Aragon. In het afzettingsbesluit wordt verklaard 'que ces fonctionnaires ne savent ni lire ni écrire Ie francais ou se sont montrés partisans du fanatisme et de la royauté'. 1798, 28 juli De O.L.Vrouwekerk wordt op bevel van de Fransen veranderd in de Tempel van de Rede. ' Korts daernaer wirt een posteur van witten kalk op den hoogen altaar gezet dat geerd was als Déesse de la Raison'. 1798, 20 augustus Het kasteel van Kuringen wordt als nationaal goed verkocht aan Jan Baptist Alen van Hasselt. 1798, 28 augustus 'Is de municipaliteyt met plechtigheyt gegaen nae O.L.Vrouwcapel ende deselve plaets genoemt den tempel der reden ende daer gesatten een postuur genaemt Diana.' 1798, 5 september 'Hebben de Fransche commissarissen de groote kerck gesloten ende gezegelt.' 1798, 12 september 'Op die dagh hebben de Fransche commissarissen het silverwerck van de groote kerck naer Maestricht gevaeren.' 1798, 15 oktober 'Is de groote kerck wederom open gedaen en de Fransche commissarissen die hebben de si 1 veren ende goude gallonen afgedaen en afgescheyt van de coorcappen, ornementen en casuyvels, de offerblocken opengebrocken.' 1798, 24 oktober De municipaliteit van Hasselt roept de noodtoestand uit omdat men vreest dat de Boeren-krijgers uit Herk-de-Stad naar Hasselt zouden oprukken. 1798, 25 oktober Uit vrees voor de Boerenkrijgers, die in de omgeving van Diest zijn, geeft de Hasseltse municipaliteit bevelen om de Demerdijk door te steken teneinde het waterpeil in de grachten te doen stijgen, de poorten af te grendelen en een stevige wacht op de wallen uit te zetten. 1798, oktober De huizen van het Begijnhof werden als nationaal goed verkocht. De kopers verkochten op hun beurt de woningen aan de begijnen Catharina Brouwers en de gezusters Jadin. 1798, 4 december Een groep Boerenkrijgers trekt in Sint-Lambrechts-Herk naar de woning van de belastingontvanger Jozef Flabba, ze leggen er beslag op de geldkas en voeren Flabba gevankelijk naar Hasselt. Omstreeks halfelf in de voormiddag verschijnt de voorhoede van het Boerenleger voor de wallen van de stad. Na een korte verdediging door republikeinsgezinden, waarbij slechts één slachtoffer viel, nl. de Franse rijkswachter Vannier, nemen de Boerenkrijgers de stad in. Zij worden er door de inwoners wantrouwig en koel onthaald en tijdens de jacht op kollabora-teurs en de bevrijding van opgesloten priesters en opstandelingen, ondervinden zij geen medewerking van de Hasselaren. 1798, 5 december De Franse troepen vallen de stad aan, die ingenomen was door de Boerenkrijgers, en na hardnekkige gevechten van 10 u. tot 16 u. moeten de Boeren de stad verlaten langs de Luikerpoort. In het gehucht Hilst worden de aftrekkende Brigands aangevallen door de Fransen en de officieren geven het bevel: 'Tuez, tuez ces Brigands et qu'il n'en reste un seul'. 1798, 6 december Dokter Grisar en een gewezen municipale officier van Hasselt bezoeken het slagveld van Klein-Hilst en tellen er 339 lijken van Boerenkrijgers. Jardon, generaal der Franse troepen die te Leuven als 'den satten generael' bekend stond, wordt te Hasselt geprezen als 'un bon diable'. Frans Demuyser, 59 jaar, wever uit Hasselt, wordt te Maastricht tot de deportatie veroordeeld omdat hij op 4 november in de Persoonsstraat opruiende taal had gesproken bij de afkondiging van de wet op de militaire conscriptie en toen had geroepen dat de jongens moesten optreden zoals de Brabanders tegen de Fransen. 1798, 7 december De Centrale Administratie van Maastricht besluit de rechtbank van Hasselt onder te brengen in de kerk van het Cellebroedersklooster en de gevangenis in de resterende delen van het klooster. 1798, 25 december In Hasselt wordt het besluit uitgevaardigd om iedereen te verplichten een nationale cocarde te dragen en dit op straf van drie dagen gevangenis. 'Overweegende dat niettegenstaande alle hare pogingen, bedilzieke vijanden versmaaden dit nationaal teken te dragen hetgeen ieder goed burger zig tot eene eer moet rekenen.' 1799, 19 januari Bevelhebber Deverchin kondigt te Hasselt de staat van beleg af, houdt zoektochten naar ondergedoken priesters en conscrits. Van de 71 dienstplichtigen uit Hasselt hadden er slechts zeven de oproep tot dienstneming beantwoord. 1799, 14 juli Er wordt een aanhoudingsbevel afgeleverd tegen Arnold Severins van Hasselt omdat hij in het publiek 'Leve de Keizer' had geroepen. 1799, 21 juli Kommissaris Baerts van Hasselt meldt aan het departement te Maastricht dat er een revolutionaire stemming tot uiting was gekomen en dat naamloze brieven een veertigtal ambtenaren met de galg bedreigden. 1799, 1 september In Kuringen ontstaat er een gevecht tussen een Franse legerafdeling en enkele inwoners die er niet voor terugdeinzen anti-republikeinse liederen te zingen; de militairen moeten de vlucht nemen en één van hen wordt zwaar gekwetst. De daders van de aanval werden niet gevat. 1799, 13 september De stad Hasselt wordt door de rechtbank van Maastricht veroordeeld tot de betaling van 20.000 fr als vergoeding voor de schade die de Boerenkrijgers in de stad hadden aangericht. In beroep te Luik werd de stad evenwel van die schadeloosstelling ontheven. 1800, 25 januari De Hasseltse municipaliteit beslist de O.L. Vrouwekerk niet langer te gebruiken als tempel der rede, maar een zaal van het stadhuis met dit doel in te richten. Er waren immers volgens de raadsleden talrijke misbruiken ontstaan, zoals de weigering van de kerkelijk gehuwden een burgerlijk huwelijk aan te gaan 'et cela par une repugnance invincible qu'ils manifestent de venir dans ce lieu auquel la presque généralité des habitants attachent un respect religieux plus spécial qu'a toute autre eglise'. 1800, 2 februari 'Door eenen arrêté der municipaliteyt op suppliek van Joannes Soffers, kuster der kercke, is onse kercke van O.L.Vrouw weder geopent geworden alwaer men doen drymael dags den roosencrans gebeden heeft.' 1800, 12 februari De Hasseltse municipaliteit besluit het weeshuis in het Hemelrijk terug ter beschikking te stellen van de Burgerlijke Godshuizen en de gendarmerie, die er in gevestigd was, over te plaatsen naar de Minderbroederskerk. 1800, 27 februari In Hasselt wordt bekendgemaakt dat alle akten van de openbare overheden in het Frans moeten worden opgesteld. 1800, 18 maart Gaspar Franciscus Vossius wordt tot voorzitter van de pas opgerichte Rechtbank van Eerste Aanleg te Hasselt benoemd; hij bleef in functie tot 1814. 1800, 30ei G.R.Cox wordt geinstalleerd als maire van Hasselt en blijft in functie tot 1817. 1800, 16 juni Arnoul, sousprefect van Hasselt laat een inventaris opmaken van de inboedel van de kerk van de abdij van Herkenrode. Daaruit blijkt dat er toen aanwezig waren: een orgel met vier klavieren, één biechtstoel, tien grote en tien kleine schilderijen, twee graftomben door een ijzeren hekken omringd. In het koor waren er twee biechtstoelen, 21 banken, tien schilderijen en ten slotte 'un autel en marbre noir et blanc orné de deux medaillons. Au dessus un soleil accompagné de deux anges et surmonté d'un troisième, un saint en marbre blanc sur chacun des portes qui conduit derriére 1'autel. L'extrémité de eet autel orné de quatre anges dont deux des draperies dorées et un écu dans Ie milieu'. 1801, 16 januari Jos Jacobs en A. J. Meugens, in naam van de Hasseltse jeneverstokers, richten een verzoekschrift aan de sous-prefect van Hasselt en tekenen protest aan tegen het verbod om jenever te stoken. Zij beweren dat de jenever een onvervangbaar produkt is 'dont Ie peuple ne peut se passer... et est devenu pour lui un article de premier nécessité'. 1801, 19 april Martin Morren, knecht bij de herbergier Cox te Hasselt, wordt door de Rechtbank van Maastricht veroordeeld tot 20 jaar dwangarbeid wegens moord op Jean Pierre Vandenhoudt na een herbergbezoek te Kuringen. 1802, april Cavenne, afgevaardigde van Maastricht, stelt in de abdij van Herkenrode vast dat Libotton, eigenaar van de kerk, de glasramen had doen uitbreken en vervangen door voorlopige strooien panelen. Libotton had de glasramen voor 200 livres verkocht aan sir Brooke Boothly die ze aan de kathedraal van Lichfield schonk. 1802, 4 mei Veen, griffier van de rechtbank, beklaagt zich bij de procureur over de enge lokalen van de griffie in het Cellebroedersklooster. Hij wijst er op dat het getuigenverhoor bij hem thuis moet gebeuren zodat zijn vrouw en kinderen zich in de keuken moeten terugtrekken en dat de bewijsstukken en de corpora delicti in de slaapkamer van de kinderen moeten bewaard worden. 1802, 17 mei Libotton, eigenaar van de kerk van Herkenrode, wil daar een weverij inrichten en vraagt aan de sousprefect van Hasselt de kunstvoorwerpen in de kerk te mogen verwijderen. 1803, januari 'Het heeft sterek gevrozen en sterek kout geweest, den parometer in het hooghsten, en termometrum gans leegh.' 1803, maart 'Den heer Willem Vannes heeft een wintmolen laten setten op den steenwegh naer Luyck.' 1803, 30 april De stad koopt van Payan, ontvanger der Domeinen, een deel van het Capucienenklooster voor 6.500 fr. 1803, 21 juli Het Begijnhof van Hasselt koopt in het Stift van Munsterbilzen een orgel. Het werd op 6 september 1804 verkocht aan Henricus Dejong uit Breda en de begijnen kochten op 21 juni 1806 een nieuw orgel te Luik. 1803, 9 augustus Sijn de twee mausoleeen voortkomende uyt de kerke van de gesupprimeerde abdij van Herckenrode, representeerende de eene de verrijzenis en d'andre het H. Graf in Ons Lieve Vrouwe kerk door orden van de heeren confreers geplaetst en opgezet geweest; de eerste heeft gekost 11.000 daalder, d'ander 10.000 guldens.' 1803, 20 augustus André Vander Roost, 32 jaar, veldwachter en vroeger beenhouwer te Kuringen, wordt tot de doodstraf veroordeeld wegens moord op Smeets, maire van Kuringen, gepleegd in de nacht van 13 op 14 november 1802. 1803, 4 oktober Den autaer van het miraculeus beeld in de kerk van O.L. Vrouw is afgebroeken en daernaer in de stadsschuer tot bewaernisse gestelt; hij had gestaen van in het jaer 1774 en was afgekogt van de abdij van Beaurepart tot Luyck.' 1803, 24 december 'Is het eerste lof en Kersmisdag is er de eerste misse in O.L. Vrouwekerk aengelesen te weten op eenen portatielen steen.' 1803, december 'Is den hoogen autaer van de vernietigde edele abdey van Herckenrode in O.L. Vrouwekerck geplaetst en voltrocken. Volgens traditie heeft iederen pilaer gekost duysent patacons en den heele autaer 160.000 gulden. Tot het oprigten heeft het meestendeel der confreers 100 gulden gecontribueert. In den autaer syn omtrent 50.000 kareleen met de fundamenten.' 1804, 30 juni Bij Keizerlijk Decreet wordt te Hasselt een école secondaire opgericht in het klooster der Capucienen. 1804, 10 juli In de Sint-Quintinuskerk wordt een aanvang gemaakt met het opruimen van de oude grafstenen en vloertegels teneinde de zeer ongelijke kerkvloer te effenen. 1804, 18 september Enkele van de teruggekeerde Grauwzusters verkopen de preekstoel van hun afgeschaft klooster aan 'enen heer vyt Hollant' voor 160 gulden. 1804, 22 september Een der Grauwzusters noteert in haar rekeningen: 'Hebbe ick aen den heer pastoor Hoelen gegeven ons remonstrantie om het H. Sacrament van Mirakel door den bisschop naer de groote kerk te dragen.' 1804, 24 september Het Sacrament van Mirakel wordt tijdens een grote plechtigheid naar de hoofdkerk van Hasselt overgebracht. 1804 'De vermaerde orgel van Herkenrode voltrocken op ses jaeren tijts doer den vermaerden heer Picard naemaels canoniek tot Luyck, is in 1804 verkogt aan de parochie van Sint Michiel tot Loven voor 5.000 gulden.' 1805, 30 april In de grote kerk worden de balustrade en koperen pilaren die de zijkapellen afsloten, verkocht en met de koopsom koopt de kerkfabriek een klok uit de abdij van Herkenrode. 1805, 19 mei De kerkfabriek van Sint-Quintinus koopt een klok van de landkommanderij van Al-denbiezen. 1805, 23 juni Guillaume Claes uit Hasselt wordt benoemd tot 'Commissaire impérial' bij de rechtbank te Hasselt; hij bleef er in functie tot 1820. 1805, 28 september Pierre Libotton uit Stevoort verkoopt aan de stad Hasselt het refugiehuis van Herkenrode voor 15.407 fr. 1806 De kerkfabriek van Sint-Quintinus laat 200 stoelen in de kerk plaatsen. Vroeger waren er slechts houten banken, die door de stad geleverd werden en die alleen bestemd waren voor het 'groot volk' terwijl de gewone parochianen geen zitplaats hadden. 1807, 30 april De maire van Hasselt krijgt van de overheid opdracht 'de repousser tous les individus noirs ou de couleur des deux sexes qui chercheroient a pénétrer en France'. 1807, 27 oktober Te Alken was een juffrouw Corswarem overleden en er werden doodsbrieven uitgehangen in de kerken van Hasselt, waarop vermeld stond dat de afgestorvene van edele afkomst was. Guill. Claes, procureur bij de rechtbank, geeft aan de maire van Hasselt bevel die doodsbrieven te verwijderen 'parce que cette qualification comme noble est contraventoire aux lois de L'Etat'. 1808, 12 februari 1032 Te Hasselt wordt de handboogmaatschappij Sint-Sebastiaan opnieuw opgericht met als voorzitter Vandebroeck en als meesters Pierloz en Hamakers. 1809, 28 februari I n een verslag van Arnoul, sousprefect van Hasselt aan de minister van Binnenlandse Zaken, wordt er de nadruk op gelegd dat de Hasseltse brandewijnstokerijen van essentieel belang lijn voor de landbouw en dat sinds negen jaar er 120 ha. ontgonnen en vruchtbaar gemaakt werden dank zij het stalmest van de stokerijen, die volgens hem als landbouwuitbating /ouden moeten beschouwd worden 'et non comme un moyenfiscal ou un objet de superflus'. 1809, 3 augustus Een der Witte-Nonnen samen met E.H. Jacops tracht het nog resterende zilverwerk van het klooster over de Rijn te brengen en het daar te verkopen, maar 'het niet connende overbrengen ter oorzaek van de (douane) kantoren, zoo hebben wij het verkocht aen die het meeste wilde geven.'. 1809 Op de stadsbegroting wordt een krediet van 800 fr. ingeschreven bestemd voor het inventariseren van de archiefstukken die door de Boerenkrijgers in december 1798 werden geplunderd, verbrand en in wanorde gebracht. 1810, 30 november De Hasseltse municipaliteit beslist een portret van Napoleon aan te kopen, getekend door Melchior Tieleman, leerling van schilder David, in plaats van een borstbeeld van de Keizer. 1810, 30 november De gemeenteraad van Hasselt benoemt Melchior Gommar Tieleman, leerling van de Franse schilder David, tot tekenleraar. 1810 'Voor dat jaar waren er te Hasselt geene 40 parapluies en wa'ren er de lange broeken zeer weinig gedragen. De bemiddelde personen droegen een korte zeyde broek, schoenen met goude of zilveren gespen, en zwarte zeyde kousen. De onbemiddelde hadden een wollen of lynen kasak en broek en schoenen met stale of kopere gespen. Als de oudste zoon van bemiddelde burgers zijne eerste communie deed, kreeg hij gewoonleijck zijnen kasak en zijne broek uit die waer zijnen vader getrouwd was. Er waren slechts twee Mevrouwen. Het woord Madame was alleenlyck gebruikt aengaende de vrouwen van Fransche ambtenaren. Men heette de vrouwen der bemiddelden juffrouwen, die der ambachtslieden noemde men vrouwe. De woorden Papa en Mama waren weinig in gebruik tenzy by eenige ryken. De burgers zeiden vader en moeder, de overige klas, tae en 1811, 9 maart J.H. Eyben, mairevan Wimmertingen, geeft aan de parochianen na de Hoogmis uitleg over de uitgaven die de gemeente gedaan had voor de pastoor 'om te bewijsen dat den heer Wyshoff, pastoor, sig voorleden sondag schroomelijck verdoolt hadde als hij op den preeckstoel sijde dat hij in 18 maenden niets meer getrocken hadde voor sijn bedieninge van de pastorij'. 1811, 14 maart Maire G.R. Cox van Hasselt protesteert bij de Franse minister van Financiën tegen het verbod om tabak te verbouwen en betoogt dat er te Hasselt 150 ha. bebouwd zijn en dat het verbod 400 gezinnen in ellende zou dompelen. 1812, 26 februari Jan Lambert Wagemans uit Godscheide wordt soldaat in het leger van Napoleon en hield een dagboek bij tot 5 april 1814. 1813, 31 januari De maire van Hasselt wordt er voor gewaarschuwd dat hij in geen enkele geval mag toelaten dat bedevaarten zouden georganiseerd worden 'il importe que les anciens abus des pélérina-ges superstitieux ne se renouvellent pas'. 1813, 18 oktober Ulysse Claes bezorgt een uitvoerig verslag over de werking van zijn suikerfabriek in de abdij van Herkenrode; hij kon er 10.000 kg bieten per dag verwerken maar had moeilijkheden met de toevoer van de nodige grondstoffen. De boeren weigerden hem gronden te verpachten om er bieten te planten: 'la prochaine arrivée des Cosaques étoit cause qu'on ne voulait me ceder des terres pas même a des prix exorbitants'. 1813, 27 oktober Ter gelegenheid van het 50-jarig lidmaatschap van Jan Lambert Van Hese als confreer van het Virga-Jesse Broederschap, wordt hem een feestmaal aangeboden waarop Peter Brouwers een Lofgezang voorlas bestaande uit een ernstig gedeelte en een 'klugtsang' van negen strofen waaronder de volgende:
1813 De kop van de Langeman werd hersteld en beschilderd door Tieleman. 'Alsdan is hem door den maire Cox den naem van Don Christophe gegeven geworden.' 1814, 12 april De burgemeester van Wimmertingen krijgt van de kommandant van de Zweedse troepen bevel een aantal levensmiddelen te leveren 'het rundtvleesch moet levendig sijn, het spek moet droog zijn, het bier moet gelevert worden gelijck het gevraegt is en daerboven nog wijn'. 1816 De graanprijzen kennen een merkwaardig verloop tijdens de jaren 1816-1825. Per 100 liter was de prijs van de rogge in 1816 12,88 gulden, het volgend jaar 16,48, daarna was er een daling tot 4,96 gulden in 1824. De prijs van de aardappelen, per mudde gerekend, was 2,04 gulden in 1816, 3,89 in 1817, 0,82 in 1822, 1,02 in 1823. 1814, 18 augustus Hartholomeus Nicolas Haenen van Maastricht wordt tot voorzitter van de Rechtbank te Hasselt benoemd; hij zetelde er tot in 1823. 1817, 13 februari De commissie van de Godshuizen beslist het voormalig klooster van de Grauwzusters, dat sinds 18 februari 1809 aan de Godshuizen was toegewezen, in te richten tot burgerlijk hospitaal. 1815, 10 april De bevolking van Hasselt telde 6.539 personen die in 853 huizen woonden. Er zijn 100 paarden , 12 karren, 500 stuks hoornvee, 300 schapen, 125 varkens. Men telde vier grote hoeven, 35 kleine en 206 arbeiderswoningen, 20 jeneverstokerijen, vier brouwerijen, één zoutziederij, drie leerlooierijen, drie watermolens en één windmolen. 1817 In dit jaar werden er in de stad 179 geboorten aangegeven en 208 overlijdens zodat het sterftecijfer het geboortecijfer overschrijdt. Dit was een gevolg van de mislukte graanoogsten in 1816 en 1817 en de daarmee gepaard gaande armoede en ontberingen. 1815, augustus Hen kompagnie infanterie, veteranen van de slag van Waterlo, neemt zijn intrek in het klooster van de Witte-Nonnen en verblijft er tot mei 1817. 1818, 13 januari De gemeenteraad van Hasselt hecht zijn goedkeuring aan een rekwest aan koning Willem I waarin de kanalisatie van de Demer van Hasselt tot Diest gevraagd wordt. 1815, 18 november De commandant van het Hasseltse garnizoen beklaagt zich bij de burgemeester omdat 'de manschappen niet uit de kaserne op de straat kunnen komen zonder dat zij tot over de schoenen in de slijk loopen'; hij vraagt een voetpad en de opruiming van een mesthoop voor de kazerne. 1815 Nicolas Vaesen, geboren te Hasselt in 1768, wordt benoemd tot pastoor te Hasselt, waar hij op 15 januari 1841 overleed. De stadsmagistraat verstrekt allerlei inlichtingen over de algemene toestand: in de stad waren er zes schrijnwerkers, vier hoefsmeden, twee slotenmakers, twee metselaars, acht bakkers, vier kleermakers, vier schoenmakers, drie ketellappers. Slechts één verkeersweg was gekasseid, nl. die van Luik naar 's Hertogenbosch via Hasselt; de wegen naar Sint-Truiden, Diest en Maastricht waren aardewegen. 1818 Het dagloon van een werkman, metser of timmerman te Hasselt bedroeg 0,70 gulden, waarmee één kilo kaas kon gekocht worden. Een landbouwersknecht ontving slechts 0,45 gulden waarmee hij juist vier roggebroden van één kilo kon kopen. 1819, 18 januari De Hasseltse gemeenteraad bekrachtigde een petitie van het beheer der Hospices Civiles om kloosterzusters in dienst te nemen ten behoeve van het hospitaal. 1819, 12 april Gezien het groot aantal bedelaars en de steeds groeiende werkloosheid, beslist de Hasseltse stadsoverheid 'van aen de Hasselaeren eenne blekke bedelaers medalie te geven welke zy met een lint in den hals moeten draegen'; met dat kenteken was het hun toegelaten in de stad te bedelen. 1819, 10 juli De gouverneur van Limburg geeft aan G. Cantillon, conciërge van de Hasseltse gevangenis, toelating daar een kousenweverij op te richten om aan de armen werk te verschaffen. In 1822 stelde Cantillon er 97 armen tewerk vooral in de wintermaanden. 1820, 21 januari Bij Konink. Besluit wordt een vrachtwagendienst tussen Hasselt en Diest toegekend aan G. Corthouts van Hasselt die iedere dinsdag naar Diest vertrekt. 1820, 31 januari De gemeenteraad van Hasselt hecht zijn goedkeuring aan een uitgave van 1.000 fr voor het plaatsen van 12 lantaarnpalen. Deze eerste openbare verlichting werd in 1825 met vier lantaarns uitgebreid. 1820, augustus linkele Hasseltse burgersvrouwen leggen een petitie ter ondertekening voor waarin zij protest aantekenen tegen de voorgestelde afbraak van de stadswallen: ' 1. Omdat onze wallen de schoonste van de Nederlanden zijn en dat sy het eenigste cieraet en de geheele roem van I lasselt maeken. 2. Omdat wy de wallen noodich hebben tot bevrijdinge zoo tegen mofbenden en tegen het geduerig uyt en inzwermen van nachtdieven. 3. Omdat wy op onse wallen eene schoone, zuyvere en hertverkwikkende wandeling genieten.' 1821, 29 augustus De stad Hasselt telt 6.658 inwoners, waarvan 3152 mannen en 3506 vrouwen. Er waren 2006 jongens en 2196 meisjes. In Runkst wonen er 331 personen, in Trekschuren 412, in Rapertingen 384 en in Godscheide 390. 1821, 18 november Hij Konink. Besluit wordt aan Francois de Merville uit Antwerpen de diligentieonder-neming van Luik op Hasselt verleend; die diligentie moet driemaal per week uit Luik vertrekken om 12 u. en moet tussen 18 en 19 u te Hasselt aankomen. Er waren negen zitplaatsen voorzien in de koets. IS21, 24 december Te Hasselt zijn er vier goud- en zilversmeden werkzaam, nl. S. Jans, Jacob Vinckenbosch, Ni col. Maes en Arn. Huysmans; er waren twee horlogemakers Leon. Joosten en Jos. Ceyssens. 1822, 2 januari De Corswaren uit Hasselt noteerde 'Ik besocht een tentoonstelling van vremde dieren in de gewesen kerk der Minderbroeders; er waeren verscheide soorten van apen en papegaaien; er was ook een struisvoghel uit Botangboy in Nieuw-Holland die zes voet groot was.' 1822, 20 maart Bij Kon. Besluit wordt de stad gemachtigd een deel van de wallen te verkopen, alsook de vier poorten der stad en 683 bomen van de wallen. 1822 R. Sigers de Mathys wordt benoemd tot burgemeester van Hasselt en bleef in functie tot oktober 1830. 1823, 26 januari In de zitting van de gemeenteraad te Hasselt wordt aan dokter A. Bamps en heelmeester B. Grisar een gouden medaille geschonken vanwege de koning 'ter belooning van derzelver belanglooze ijver in de bevordering der koepokinenting'. 1823, 18 april Guillaume Jos Antoine Barthels uit Bilzen wordt tot voorzitter van de Rechtbank te Hasselt benoemd en bleef er in functie tot zijn dood in 1851. 1823, 4 juni Pieter Missoten wordt door het crimineel hof van Maastricht veroordeeld tot één jaar gevangenis omdat hij op 28 januari in een herberg op de Grote Markt te Hasselt 'scheld- en lasterwoorden tegen Zijne Majesteit en de Erfprins gesproken had met hun de bijnaam van deugniet en bedelaar te geven, zeggende dat zij hun soldaten van honger lieten vergaan'. 1823, 5 oktober De stadsoverheid antwoordt aan de gouverneur op een vraag nopens het bestaan van Almanakken 'voor de geringe volkklasse' dat er te Hasselt geen almanakken gedrukt worden en dat er geen drukkerij bestaat. 1823, 13 oktober De Gedeputeerde Staten van Limburg hechten hun goedkeuring aan een Hasselts verzoek om het beheer van het hospitaal toe te vertrouwen aan de Grauwzusters, die gemachtigd worden de oude kledij van hun kloosterorde te dragen maar wier aantal voorlopig beperkt wordt tot tien zusters. 1823, 19 november In Hasselt verblijven er nog negen begijnen, waarvan de oudste 83 en de jongste 46 jaar oud is; ze waren allen 'van een zeer goed, zedig en vreedzaam gedrag'. 1823 In de stad worden er 1304 personen of 256 gezinnen, d.i. 19% gesteund van de totale bevolking door het Armenbestuur. 1824, 17 maart De Corswarem noteert in zijn dagboek: 'Des nagts verbrande het fabriek van Pieter de Ceuleneer te Herckenrode; hij herstelde hetzelve in de Tyltermolen. Dit fabriek pragtig mgerigt doer de voorigen eigenaar P. de Libotton was geassocieert dog over de waardering der schade was de Ceuleneer het niet eens. 't Is te bemerken dat den heer de Libotton aanlegger van de fabriek in faillite verviel en wierd die fabriek beneffens de andere gebouwen van Herckenrode toestaende den heer de Libotton verkogt. Paul Gelly, eenen Fransman, schuldeischer kogt het fabriek en hiel 't weinige jaren in stand. Deesen verviel ook in faillite en vertrok naar Brussel. Naer hem wierd het gekogt door P. de Ceuleneer den welken int jaer 1815 ook in faillissement viel, dog maakde een accord met zijn schuldeischers en ging met de spinnerije voort'. 1824, 24 december 'Op de markt te Hasselt werd er een levende pladijs getoond die in de Demer te Schuelen gevangen was.' 1824, 27 september Te Hasselt heeft de installatie van de Grauwzusters in het burgerlijk hospitaal plaats. Van de oude zusters nemen opnieuw dienst Rose Geerts, verblijvend te Meerhout, en Rosa en Aldegonde Putseys, ziekenverzorgsters te Munsterbilzen. 1824 'In Hasselt is het de gewoonte rouwklederen te dragen geduerende een jaar voor de echtgenoten, een half jaer voor de ouders, drie maanden voor broeders en zusters, zes weken voor ooms en tantes.' 1825 De onderwijzer van Stevoort schrijft: 'In 1825 las ik eenige werken van Pestalozzi en ik besloot terstont kot en kerker te sluiten, met plak en roede de kachel te stoken, het schandbord en de ezelsmuts af te schaffen.' Hasselt telde binnen de wallen 5.304 inwoners en 945 huizen; in Trekschuren staan er 84 huizen, in Rapertingen 68, in Runkst 75 en in Godscheide 72. 1826, 12 mei De gemeenteraad van Stevoort vaardigt een bizonder schoolreglement uit. De lessen worden gegeven van 8 tot 11 u. en van 14 tot 16 u. met een vrije donderdagnamiddag. De kinderen moeten 's zondags naar de Mis gaan. Van de schoolmeester wordt verwacht dat hij steeds tijdens de lesuren en zoveel mogelijk buiten de school de zuivere moedertaal zou gebruiken. Hij dient er op te letten dat de kinderen 'wel gewasschen, gekamd en behoorlijk gekleed zijn'. 1826, 23 mei In Hasselt wordt Guillaume Claes gevierd en te dier gelegenheid wordt hem een huldege-dicht opgedragen, waarvan de titel luidt: 'Gelukwensch aan den weledelen gestrengen en kunstminnende mijnheer Guilelmus Claes vijftig jarig jubilaris als lid van het wijt beroemt genootschap van Sinte Cecilia te Hasselt, door de rederijkers van de Koninklijke kamer De Roode Roos opgedragen.' 1826, 12 juni 'In de nagt smorgens ontstond al wederom brand in de gebouwen van Pieter de Ceuleneer te Herkenrode; de kerk en zijn wooning wierd spoedig in assche gelegd. Die branden zijn vermoedelijk aan brandstichting toe te schrijven dewijl het vier ontstond in den donkeren pand leidende van zijn huis naar de kerke alwaar niemant met vier verkeert maar liggende vol hout getast.' 1826, 23 juni In een inspectieverslag over het burgerlijk gasthuis van Hasselt wordt er op gewezen dat het aantal van tien Grauwzusters voor het onderhoud van een 30-tal zieken overdreven is, dat de inrichting te wensen overlaat, dat er in het uitgebreid gebouw slechts twee zalen gebruikt worden en dat de heelkundige operaties in het bijzijn van de anderen zieken moeten gebeuren. 1826, 6 september De stad Hasselt keurt een krediet van 170 gulden goed om tijdens de kermis van 1827 een muziekwedstrijd in te richten 'gesien den dagelijksche toenemende ijverzucht van het Philarmonike genootschap welk reeds bij het concours van muzikale harmonie te Diest op den 17 july den eersten prijs behaald heeft'. 1827, 5 februari De Hasseltse gemeenteraad keurt een rekwest aan de Koning goed om protest aan te tekenen tegen een wetsontwerp waarbij de arrondissementsrechtbank van Hasselt zou afgeschaft worden. 1827, 24 september Ter gelegenheid van de Kermis richt de stad een wedstrijd in van 'Musykale Harmonie' waarbij de eerste twee prijzen worden toegekend aan de maatschappijen van Sint-Truiden en van Diest. 1828, 26, 27 april 'In de Minderbroederskerk was te sien eenen olifantswijf oud 18 jair; hij was hoog negen voeten en waagde 8000 ponden. Dit dier was tam en dede verschei de oeffeningen bezonder met zijn snuit dewelke hem diende voor een hand. Zijn benen waren onder en boven even dik zonder knien. Hij was van Tongeren naar Hasselt gekomen op twee uuren en een half.' 1828, 9 augustus De stadsmagistraat neemt een besluit om de al te hoog oplopende kosten van het stedelijk hospitaal te drukken. Men is van oordeel dat de financiële moeilijkheden te wijten zijn aan het slecht beheer van de Grauwzusters die te talrijk zijn voor de ziekenzorg zodat sommige zusters de nodige tijd vinden om tegen betaling in de omliggende dorpen de zieken aan huis te verzorgen. 1828, 22 december De rechtbank van Eerste Aanleg te Hasselt, afgeschaft door de wet van 18 april 1828, wordt wederopgericht en krijgt als ressort de kantons Hasselt, Sint-Truiden, Beringen en Peer. 1828 In de Almanak der stad en arrondissement Hasselt verscheen een lofrede op de Brandewijn, waaruit wij de volgende verzen lichten:
1829, 27 juni Ter gelegenheid van het bezoek van koning Willem I aan de stad, wordt de stad versierd met dennebomen, werd een erekompagnie samengesteld die de koning te Wimmertingen tegemoet ging en wordt er een feestmaal aangeboden. De Langeman die deelneemt aan de plechtigheden, wordt omvergeworpen en zwaar beschadigd. 1829, 29 oktober De gemeente van Kuringen vraagt aan de provinciale overheid toelating om een klok, eigendom van de gemeente, naar Luik te vervoeren en ze daar te verkopen. 1829, 21 november In de Singelbeekstraat wordt voor de woning van Hubert Pinxten ketelmuziek gemaakt 'door klappen, paardzwepen, blaazen op koeihoorens en andere instrumenten'. 1829, 31 december In Hasselt is er één gemeentelijke school van het lager onderwijs met twee onderwijzers en 200 leerlingen; er zijn drie privéscholen met 65 jongens en 150 meisjesleerlingen. 1830, 26 september De 8ste afdeling van het Hollandse leger verlaat in volle nacht de stad Hasselt in de richting van Leuven om de aftocht te dekken van het leger dat uit Brussel vlucht. 1830, 4 oktober Frans van Rey hijst de Belgische driekleur op de toren van de hoofdkerk te Hasselt. 1830, 29 oktober Te Hasselt worden de eerste gemeenteraadsverkiezingen in het onafhankelijke België georganiseerd. De Cecil wordt tot burgemeester gekozen, Michel Bamps en Pierre Willems tot schepen. 1830 1101 'Voor dat jaar wierd er zeer weinig farobier te Hasselt ingebragt. Het bier der omliggende dorpen was ondrinckbaer zooals dat van Diepenbeek, Wimmertingen, Herck-St. -Lambert'. 1831, 7 juli Op aanvraag van kolonel Vandam wordt de kerk van de Minderbroeders door de stad verhuurd om er de paarden van een artilleriebatterij te stallen. 1831, 31 juli Bij een bezoek van koning Leopold I aan de stad, wordt uitgepakt met de Langeman die na lange jaren rust opnieuw in het openbaar verschijnt. De reus was evenwel gekwetst en werd met een verbonden oog rondgedragen. 1831, 7 augustus 'Den 7den de Hollanders te Kermt gekoomen zijnde, is er hier te Kuringen niet verre agter mijn huis (van Pollenus) omtrent vier uren een gevegt begonnen, zig uytstreckende tot agter de winning van Aldenhoven wederzijt den grooten weg maer geduerig veele Beige trouppen met kanons uyt Hasselt bijkoomende zijn de Hollandsche geduerig verwijdert in voegen dat zij savonts tot niet verre van Herck zig geretireert hebben.' 1831, 8 augustus 'Ontrent negen uren is het gevegt hernoomen en ontrent 11 uren waeren de Hollandsche troppen hier en Hasselt is ontrent middag zonder verdediging overgegaan en de prinsen van Oranje en Fredrik hebben hun hoofdkwartier hier in de pastorij genoomen.' 1831, 9 augustus 'De twee prinsen zyn van hier (Kuringen) naar Hasselt gaan hun kwartier generael neemen'. 1831, 16 augustus 'Een groot aantal van geschut en volk trok door Hasselt en den 19den zijn de laatste Hollanders van Hasselt als hier van Kuringen vertrokken.' 1831, 20 augustus Franse troepen kwamen te Hasselt aan om de terugtocht van het Hollandse leger na te gaan; zij bleven er logeren tot de 27ste augustus en werden dan door Belgische troepen vervangen. 1831, 17 november De Hasseltse gemeenteraad besliste de burgemeester samen met schepen Bamps en raadslid L. van Muysen naar het Koninklijk paleis te Brussel te zenden om er een rekwest aan te bieden 'tendant a obtenir que Ie chef lieu de la province soit établi a Hasselt'. 162 1831, 22 november De stadsoverheid richt een verzoek tot de Koning omdat de hoofdplaats van de provincie Limburg te Hasselt zou gevestigd worden en niet te Sint-Truiden of te Tongeren, twee steden die door hun ligging niet in aanmerking kunnen komen om als centrale hoofdstad te fungeren. 1832, 12 april De Hasseltse gemeenteraad richt een gezondheidscommissie op om alle nodige hygiënische maatregelen te treffen tegen de cholera; in september stierven er twee burgers van de cholera. 1832, zomer Te Hasselt wordt de eerste stoommachine in een molen op de Paardsdemerstraat geïnstalleerd door de firma P.J. Willems. 1832, 7 september De Hasseltse gemeenteraad besloot burgemeester de Cecil, schepen A. Bamps en de raadsleden O.J. Willems en L. Vandersmissen naar Brussel af te vaardigen om er op 27 september het erevaandel van 1830 in ontvangst te nemen. Dat vaandel wordt thans in het Stedelijk Museum bewaard. 1833, 8 februari De Sint-Ceciliakamer en de Harmonie Sociëteit besluiten samen te smelten in één enkele 'Société de Musique de la ville de Hasselt'. 1833, 26 februari 'Korts na middernagt ontstont er eene brand te Hasselt in het Dorp bij de weduwe Bern. Schouteten: de schuur en stalling branden af. Den zoon van den huys, Paul Schouteten, bleel in den brand. Men gelooft dat den brand is aengekomen door de onagzaamheid van gezeyden Paul die laet in den nagt zat thuys gekomen was en sliep in den peerdtsstal.' 1833, 6 juli Bij Kon. Besluit wordt beslist het refugiehuis van Herkenrode aan te kopen om er een kazerne te maken voor 800 soldaten van de infanterie. 1833, 21 september Om de verjaardag van de septemberrevolutie van 1830 te herdenken, richt de stad feestelijkheden in, die zeer bescheiden waren. De klokken worden geluid, het erevaandel wordt uitgestoken en 's namiddags is er achter het Stadshuis een spel: er wordt een boom geplant met drie prijzen voor de liefhebbers die de boom willen beklimmen; de prijzen waren een zilveren zakuurwerk, een koperen koffiepot en een tinnen kan. 1833, 12 oktober Te Hasselt verschijnt het eerste nummer van het dagblad Nouvelliste du Limbourg, uitgegeven door P.F. Milis uit de Demerstraat. Het was een plaatselijk nieuwsblad zonder artikels over politieke problemen. Het laatste nummer verscheen op 15 mei 1836. 1833, 13 oktober De Société Royale de Rhétorique organiseerde een bal ter gelegenheid van de aankomst in de stad van het erevaandel 1830, dat door de Staat aan de stad geschonken was. 1833, 6 november Baron de Cecil neemt ontslag als burgemeester van Hasselt en wordt vervangen door M. Bamps. 1833, 19 december Michel Bamps werd benoemd tot burgemeester van Hasselt; op 28 december 1842 werd hij voor de tweede maal burgemeester en hij bleef die functie behouden tot mei 1865. 1834, 11 januari Philippe Alberty, herbergier te Hasselt, meende dat hij recht had op het ereteken van de Croix de Fer omdat hij tijdens de septemberdagen van 1830 beledigd was geworden door de Hollanders en hij als 'bon patriote a empeché les gens du peuple de se porter a des voies de fait sur des Orangistes'. De provinciegouverneur gaf evenwel een ongunstig advies op zijn aanvraag 'parce que cette demande constate simplement les sentiments belges du pétitionnaire' 1834, 18 januari Volgens een telling zijn er in Hasselt 321 paarden, 480 ossen, 1030 koeien, 530 schapen; er zijn 24 stokerijen met 168 arbeiders, drie brouwerijen met 20 werknemers, 15 leerlooierijen met 30 arbeiders, één wolspinnerij met 70 arbeiders, drie drukkerijen met zeven werknemers. 1834, 27 juni Koning Leopold I komt als bevelhebber van het leger naar Hasselt waar hij het garnizoen en de verdedigingswerken inspecteert. 1834, 9 juli Drukker-uitgever P.F.Milis uit de Demerstraat organiseert als antiquair een verkoop van boeken uit de biblioteken van E.H.Landtmeters, kapelaan te Hasselt en van De La Court, onderzoeksrechter te Hasselt. De cataloog vermeldt 90 boeken in folio, 91 in 4° en 409 in 8°. 1834, zomer De Corswarem schrijft het volgende over de droge zomer: ''t Is wel den droogsten zomer die men met menschen gedagten beleeft heeft. Van tijd tot tijd heeft men hier en daer wel wat regen gehad bij voorbeeld te Hasselt heeft den 10 october geregent maer was door de groote droogde van den grond seffens verdwenen. De moeshoven en bempden zagen er deerlijk uyt. Deze warme en droogen zomer is thans zeer voordeelig voor de wyngaerden, de druiven waeren talrijk en goed rijp. Den 15 october veranderde het weder en men kreeg regen. Wanneer men in mijnen hof groef was den regen nog maer eenen voet diep ingeregent en diper was den grond als droog asschen.' 1834, 29 juli Bormans, directeur van het college te Sint-Truiden, wordt benoemd tot directeur van het gereorganiseerd stadscollege. 1834, 16 oktober Op het terrein van de vroegere Sint-Ceciliakamer wordt door de stad de Vleeshal gebouwd naar een ontwerp van architect Jaminé. Sampermans, aannemer uit Tongeren, wordt door de stad belast met de uitvoering der werken. 1835, 21 april De werken van de steenweg Halen-Hasselt, 2de sectie, worden aanbesteed. 1835, 22 april Volgens een krantenbericht wordt de mooie Augustijnenkerk te koop gesteld samen met lui mobilair, bestaande uit drie altaren met schilderijnen, vijf biechtstoelen, een preekstoel, ecu oksaal met orgel en een communiebank. 1835, 19 juni Ulysse Claes, burgemeester te Kuringen, had de eremedaille van de Croix de Fer aangevraagd voor zijn uitzonderlijke verdiensten tijdens de Belgische Revolutie. De provinciegouverneur geeft evenwel een ongunstig advies omdat de kandidaat ten onrechte beweerde dat hij 85 fr voor de gewonden van Brussel had gestort en de nationale vlag op de toren te Kuringen had gehesen. De gouverneur geeft eveneens een negatief advies op de aanvragen van Pierre Jean en Pierre Lambert Ory uit Hasselt die zes verklaringen tot staving van hun aanvraag hadden ingediend waaruit moest blijken dat beide gevaarlijke opdrachten hadden uitgevoerd door regerings-depeches per paard van Hasselt naar Maaseik te brengen. Die vervoerdiensten werden in feite uitgevoerd in dienst van hun vader 'maïtre de postes aux chevaux, dont ils ont été bien payé'. 1835, 13 augustus De gemeenteraad van Hasselt beslist voetpaden aan te leggen in de Nieuwstraat (K. Albertstraat). 1835, 10 november Het huis van Hubert Smets op de heide van Kiewit brandt af. De man en de vrouw waren naar de markt te Hasselt en hadden de kinderen bij buren geplaatst. De buren konden de deuren inbeuken en de dieren uit de brand halen. De Corswarem noteert bij deze gebeurtenis: 'II est a remarquer que c'est un usage assez constant a la campagne que les épous sortent ensemble soit pour aller a l'église, au marché ou ailleurs et laisant ainsi leur demeure a l'abandon ou a la garde des petis enfants inclins toujours a se rapprocher trop pres du feu'. 1836, 25 februari Aanbesteding van de steenweg Hasselt-Sint-Truiden. 1836, maart Voor het eerst wordt er melding gemaakt van een Société des distillateurs de Hasselt, die naast de verdediging van hun industriële belangen, ook ter gelegenheid van de kermis, een jaarlijkse wedstrijd voor rundvee inricht. 1836, 7 mei De Hasseltse gemeenteraad keurt een reglement in 19 art. goed betreffende de Vleeshal, gelegen op het oud-kerkhof, waarbij bepaald wordt dat al het vlees alleen in die hal mocht verkocht worden en dat leuren met vlees verboden was. 1836, 19 augustus P.J. Willems wordt tot burgemeester van Hasselt benoemd en wordt zes jaar later door Michel Bamps vervangen. 1836, 29 september Gemeenteverkiezingen met een liberale zege 'Honneur aux électeurs liberaux. Ils ont voté a l'unanimité pour les partisans de MM. Bamps en de Corswarem'. 1836, 18 november De Stad werd bij Koninkl. Besluit gemachtigd een 'promenade publique' aan te leggen van de stad uit naar Kuringen. 1836, 29 november Tijdens een geweldig orkaan worden vele huizen beschadigd. Het torenkruis van Kuringen wordt omvergewaaid 'ainsi qu'un ornament en guise d'étoile que monsieur G. Claes avoit mis sur la tour de l'église des Augustins en remplacement de la croix; cette étoile n'y avoit été mise que Fété dernier'. 1836 De grafsteen van de H. Trudo, stichter van de abdij van Sint-Truiden, die na de verwoesting van de abdij door de Franse bezetters bewaard was in de woning van Steynen te Sint-Truiden, wordt door de zorgen van pastoor Waltrain naar de kerk van Kermt overgebracht en buiten de kerk geplaatst. 1837, 15 maart De gemeenteraad van Hasselt beslist de wedde van de burgemeester vast te stellen op 500 fr. en die van de schepenen op 250 fr. 1837, 3 mei Beslissing van de Hasseltse gemeenteraad om voor een derde tussen te komen in de aankoop in <lc aanpassing van het Wittenonnenklooster ten einde er een militair hospitaal in te richten. 1837, augustus 'Is op dit begijnhof achter den hoogen autaer op het out kerkhof opgerecht eenen berg van Calvarien. Dese berg en beelden zijn gewijd door M. Brouwers, rector van het Begijnhof.' 1837, 1 november Jacob Willem Jeanjette, pastoor te Stevoort, predikt in de parochiekerk over de dood van de rechtvaardigen en valt gedurende zijn sermoen op de preekstoel dood. 1837, 11 december In het Begijnhof wordt Maria Elisabeth Thenis uit Hasselt als begijn aangenomen; zij was de laatst geprofeste begijn. 1839, 1 februari Dood van P.M. Brouwers, laatste pastoor van het Begijnhof. 1839, 14 mei De Hasseltse gemeenteraad laat bij stadsdrukker J. Billen een brochure drukken waarin op heftige wijze protest wordt aangetekend tegen de Bestendige Deputatie, die voor de rechterlijke indeling van de provincie, aan Tongeren de eerste plaats wil geven en het kanton Borgloon bij Tongeren wil voegen dit in tegenstelling met de administratieve indeling waarvoor zij Borgloon bij Hasselt wil inlijven. 1839, 23 december Een hevige ontploffing teistert de woning van Godfr. Heeren, ketelslager en verkoper van buskruit, gelegen in de kleine straat van de Schorsmarkt naar de kerk. Ongeveer 50 pond buskruit ontplofte waardoor het dak weggeslingerd werd en ook naburige huizen beschadigd werden. Jan, de zoon van Heeren, die reeds enkele tijd tekens van zinsverbijstering had vertoond, werd op straat geslingerd en overleed. Waarschijnlijk pleegde hij zelfmoord. 1839, december 'In de maend december heeft men den steenweg van Hasselt tot Kuringen met jonge linden en wilde kastanieboomen beplant.' In het Burgerlijk Hospitaal werden in het afgelopen jaar 145 zieken behandeld. Het bejaardenhuis telde 13 mannen en 10 vrouwen; in het weeshuis waren 13 jongens en 10 meisjes opgenomen. De stadsdiensten maken plannen om de vuilnis van de privaten van het militair hospitaal die in de Demer gestort wordt, af te voeren naar daartoe te bouwen riolen. 1840, 5 februari C.A. Brouwers, door opeenvolgende aankopen eigenares van het Begijnhof geworden, schenkt alle huizen en de kerk aan de bisschop van Luik, die bij Kon. Besluit gemachtigd wordt de schenking te aanvaarden. 1840, 28 februari De gemeenteraad van Hasselt keurt een politiereglement goed, waarbij o.m. bepaald wordt dat het verboden is op de straten —schietgeweren af te schieten, te kolven, met boogen te schieten, met slingers te werpen, kaetsballen, sneeuwballen te werpen'; de honden aan kruiwagens moeten altijd gemuilband zijn; 'de ruiming der gemakken zal slechts bij nacht kunnen plaets hebben'; 'de vreemde musikanten, orgelspelers, marionettenspelers, koordendansers, kunstemakers' moeten een bijzondere toelating hebben van de politiecommissaris; de bakkers moeten buiten de winkel een zwart bord ophangen met de broodprijzen en de broden moeten met het kenteken van de bakker gemerkt zijn. 1840, zomer 'In den Zoomer zijn de twee schoone bruggen genaampt de Hoogbruggen, op den Hol-landschen steenweg van Hasselt naer den Bos gebouwt geworden.' 1840, 27 juli De gemeenteraad van Kuringen 'weigert de vereeniging van het gehucht Stokrooi hetgeen niet dan tot een eewig verderf dezer gemeente zouden strekken'. 1840, 19 augustus licrste nummer van de 'Journal du Limbourg' met als redacteurs J. Thonissen en L. Bellefroid. Het was een katholiek informatieblad, anti-liberaal, opgericht door P.G. Milis; het laatste nummer verscheen op 30 juni 1848. 1840, 10 september ). Thiers, likeurstoker, verongelukt in zijn stokerij waar hij in een reservoir met kokend water viel en op 12 september overlijdt hij. 1840, 27 september De eerste sectie van de nieuwe steenweg Hasselt-Maaseik wordt aanbesteed. L840, 1 oktober I V Zusters van de Kindsheid-Jesus openen in de Boomgaardstraat — thans Hemelrijk — cru lagere school voor weesmeisjes. 1840, oktober De Dames van l'Instruction Chrétienne openen te Hasselt in de Nieuwstraat (Gravenhuis) een pensionaat en een school; later verhuizen ze naar de Havermarkt. Zij bleven in Hasselt tot 1867 en werden toen vervangen door de Zusters Ursulinen. 1840, 28 november Mevr. De Winter meldt in de kranten dat zij op de Hal zal openen 'een werkhuis voor het maken van kanten voor de meisjes van zes tot 12 jaren'. 1840, 14 december De stad betuigt zijn dank aan Guillaume Claes voor de schenking van een portret van Mantelius, de eerste Hasseltse geschiedschrijver. 1841, 8 april Kunstschilder G. Guffens betuigt zijn erkentelijkheid aan de stad voor de financiële steun die hij tijdens zijn opleiding te Antwerpen mocht ontvangen en schenkt een schilderij getiteld 'Galilei in de gevangenis'. 1841, 7 mei In Hasselt zijn er verschillende klachten tegen de vroege avondsluiting van de stadspoorten en over het inkomgeld dat door de stadsportiers gevraagd wordt na het sluitingsuur. 1841, 15 augustus Te Hasselt vergaderen de Napoleonisten in hun 'Sociëteit der wapenbroeders van het keizerrijk onder Napoleon', die opgericht werd om 'het aendenken van hunnen victorien tot het eynde hunner daegen in het herte te bewaeren'. 1841, 30 augustus Adjunctpolitiecommissaris Th. Lambrechts maakt een proces-verbaal op tegen Jan Nijs, die hem verwijten toestuurde: '... waarop hij mij voor antwoord gaf als dat hij mij bescheet als dat ik maer eenen bedelaer was, dat men mij uit Maestricht had gebragt als schelm, dat men mij hier ook moest wegjaegen, voor een druppel doet gij eenen valschen eed en strijkende met zijne voeten over den grond zeggende zie daer kommissaris van mijne kl... daer hangt 170 1841, 31 december In Hasselt telt men één lagere gemeenteschool met twee onderwijzers en 180 jongens en 57 meisjes-leerlingen; er waren zes particuliere scholen met 296 jongens en 140 meisjes leerlingen. 1842, 22 januari Na heel wat onderhandelingen met het ministerie van Justitie en met de provinciale overheid geeft de stad aan architect Jaminé opdracht een lastencohier op te maken voor een nieuw gerechtshof op de Havermarkt. De werken werden toegewezen aan aannemer J.A. Huysmans uit Hasselt. 1842, 9 mei Op de Havermarkt wordt de eerste steen gelegd van het nieuw gebouw voor de Rechtbank. 1842, 17 augustus In de jeneverstokerij van G. Vinckenbosch had een ontploffing plaats waarbij de eigenaar levensgevaarlijk verbrand wordt, hij overleed op 19 augustus. 1842, 1 oktober Oprichting van de Kon. Maatschappij Sint-Cecilia, die na 1918 verdween en vervangen werd door de kunstkring Alexis Pierloz. 1842 I )i- polirie van Hasselt maakte tijdens dit jaar 50 processen-verbaal op nl. 13 wegens diefstal tn 37 wegens overtreding van het politiereglement. 1843, 5 juli De stadsoverheid deelt aan het bureel der statistieken mee dat er in Godscheide een landhuis was van Emm. Robinet, agent van de Bank te Hasselt, te Rapertingen een landhuis van Ant. Sigers, een windmolen van de familie Wagemans, de Scherpesteenwinning van Fr. Teuwens, de hoeve Ter Poorten van Jan van Vinckenroye, de Mombeekwinning van de erfgenamen van Jan Vannes, de Mombekermolen van de familie Vlecken van Maaseik, de Klein-Mombeekhoeve van Guill. de Corswarem, te Runkst een landhuis van de weduwe-Nicol. Cox, Klein-Hilst van Jan Lebeau, de Augustijnenwinning van Jan André Meugens, een landhuis van Jan Fr. Jos. Vinckenbosch, Crutsen-hoeve met stokerij van mevrouw de Geloes uit Eysden, de Brouckermolen van de familie Wagemans, te Trekschuren een landhuis van Jos. de Luesemans, genaamd Holland, een landhuis met stokerij te Henegouw, van Frans Teuwens en een huis en stokerij van de kinderen Van Vinckeroye. 1843 Baron de Cecil laat te Wimmertingen een neo-classisistisch kasteel bouwen. In dit jaar waren er te Hasselt drie geneesheren, één chirurg, één vroedvrouw en twee veeartsen. 1844, 1 februari De rechtbank van Hasselt houdt haar eerste zitting in het nieuw gerechtshof. 1844, 3 juni Bij Koninklijk Besluit wordt het Hasselts stadscollege omgevormd tot een Koninklijk Atheneum. 1844, 21 september Volgens de kadastrale telling waren er in Kermt 112 woonhuizen, twee watermolens, drie brouwerijen, een likeurstokerij en een pakhuis. In Stevoort waren er 155 woonhuizen, drie watermolens, vijf brouwerijen. In Spalbeek waren er 64 woonhuizen en een brouwerij. 1844, 8 oktober Volgens de kadastrale telling waren er in Hasselt 1409 woonhuizen, drie watermolens, één stoommolen, één windmolen, vier meekrapsmolens, éénblauwververij, zes brouwerijen, 24 stokerijen, 11 leerlooierijen, één zeepziederij, één zoutziederij, één pannenbakkerij, één slachthuis, 11 pakhuizen. In Kuringen waren er 239 woonhuizen, vijf watermolens, twee brouwerijen, één stokerij. In Sint-Lambrechts-Herk waren er 225 woonhuizen, één watermolen, vier brouwerijen, één pannenbakkerij. In Wimmertingen waren er 30 woonhuizen en drie brouwerijen. 1845, 13 mei Bij Koninklijk Besluit wordt de parochie van Godscheide opgericht. 1846, 27 januari Het bestuur van de Rethorikakamer beslist voor de feesten van vastenavond de prijs van de drank als volgt te bepalen: 2 fr voor een fles Bordeaux, 3 fr voor een fles Rijnwijn, 20 centiemen voor een halve liter Faro, 12 c. voor een halve liter Diesterbier, Luikerbier, 10 c. voor een halve liter Hasselts bier en 8 cent voor een kwart liter water en suiker. 1846, 2 februari Te Hasselt wordt er een begin gemaakt met de afbraak van de stadswallen. Het werk duurde vier jaar en de nieuwe lanen werden aangelegd volgens de plannen van ingenieur Spaak uit Brussel; de Leopoldplaats werd aangelegd volgens de plannen van Hubert Creten uit Hasselt. 1846, 4 april Het eerste nummer van 'Het Belgisch Leeuwken', uitgegeven door P.F. Milis, verschijnt te Hasselt. Het was een katholiek, conservatief partijblad, Vlaamsgezind en uitgesproken anti-liberaal. Het laatste nummer verscheen 31 december 1848. 1846, 9 mei De Minderbroeders, die in 1797 uit hun klooster gejaagd waren, keren terug naar Hasselt en betrekken een huis naast de O.L.Vrouwekerk. 1846, 29 mei De eerste steen van het Casino wordt geplaatst door drukker P.F. Milis, Duys en es. 1846, 2 juli Iien redacteur van het dagblad 'Het Hasselt ontboden omdat hij rechter Schoenmakers beledigd had in een artikel over het Liberaal Congres van 20 juni. Hij had hem afgeschilderd als 'rustverstoorder, sansculotte, vrijheidsdoder, Fransquillon, Helvetische radicaal, Vlaamsen gespuis, vrijmacon'. 1846, 24 juli J.C. Vandenrijken schrijft een gedicht op het overlijden van zijn vriend Vliegen, die samen met hem onder Napoleon gediend heeft.
1846, 15 november De Société du Casino keurt een reglement goed betreffende de inwendige orde. Voor de bals wordt van de dansers geëist dat zij in habijt komen, dat zij geen sporen dragen, geen bier drinken. De genodigden mogen zelf hun wijn meebrengen maar de huisbewaarder heeft recht op 75 centiemen als stopselrecht; geen toegang krijgen de leden 'qui seraient vetus d'une blouse bleue'. 1846, 20 december Het Casino te Hasselt wordt voor het publiek geopend met een balavond. 1846 Er wordt te Spalbeek een onafhankelijke parochie opgericht afgescheiden van Kermt. 1847, 20 februari 'De Hasseltsche geneesheer Grisar heeft op de vrouw Cerdebrens de operatie der buiksnijding gedaan. Hij heeft de etherkracht gebruikt, eenen drank waerdoor de zieke in eenen gevoellozen slaep gewikkeld wordt die hem de pijnen niet laet gewaer worden.' 1847, 11 maart De gemeenteraad betuigt zijn instemming met de aanleg van een park op de Leopoldplaats. 1847, 29 april De gemeenteraad van Kuringen besluit een buitengewoon krediet van 2.000 fr goed te keuren, waarvan 600 fr voor werken aan de buurt wegen, 800 fr voor de aankoop van plantaardappelen en 600 fr voor de aankoop van broodmeel en een wekelijkse uitdeling van broden. Dit besluit wordt ingegeven door de algemene duurte en werkloosheid en door de vaststelling dat vele kleine boeren niet in staat zijn dure plantaardappelen te kopen of hun voorraad hebben moeten gebruiken tijdens de lange en strenge winter. 1847, 12 juli De Langeman neemt deel aan de inhuldiging van de spoorweglijn Sint-Truiden-Hasselt. Bij die gelegenheid schreef P.J.Thys een huldegedicht:
1847, 18 september Te Hasselt verschijnt het eerste nummer van 'Nieuwsblad der provintie Limburg'; het laatste nummer verscheen op 25 maart 1848. 1847, 8 december Er wordt vanuit Hasselt een regelmatige spoorverbinding naar Landen geopend; de treinen zullen viermaal per dag vertrekken. 1847 Aanvang van de werken aan de nieuwe dekenij op de Zuivelmarkt die duren tot 1849 en de oude pastorij met de voorgevel aan de Persoonsstraat moeten vervangen. 1199 De Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis van Maastricht worden door de Commissie van de Godshuizen belast met het beheer van het weeshuis; zij blijven in de stad tot mei 1883. 1848, 2 januari Te Hasselt had een vergadering plaats van de oud gedienden van Napoleon onder voorzitterschap van Jan Vandereycken. 1848, 2 juli Te Hasselt verschijnt het eerste nummer van 'Union Beige, journal politique', dat in de plaats komt van Journal du Limbourg Beige. Het dagblad wordt uitgegeven door P.F. Milis en het laatste nummer verscheen op 30 december 1849. 1848 Te Hasselt verschijnt de 'catalogue de la Bibliothèque de bons livres' gevestigd in het Begijnhof. Er is een volksbibliotheek die gratis boeken uitleent en een bibliotheek 'voor de betalende klas' die 4 fr per jaar moeten betalen. 1849, 24 juli 1203 I ii I lusselt stelt men de eerste gevallen van cholera vast; de ziekte bleef slachtoffers eisen tot in oktober. 150 personen werden besmet waarvan er 82 stierven. De ziekte woedde vooral in hei Hcekkwartier waar een groot aantal arme gezinnen in erbarmelijke toestanden woonden. 1849, 4 september Eerste steenlegging van de kasseiweg, die langs de stadsboulevard rond de stad loopt. 1850, 6 december De Maatschappij van Rethorika en de Maatschappij van Muziek besluiten tot een versmelting van de twee verenigingen over te gaan onder de titel Maatschappij van Rethorica en Muziek. De Rethoricakamer bestond toen nog slechts uit 14 leden en 6 ere-leden. 1850 Mevrouw Lebon-Bamps laat in een weide op Klein-Hilst een kapel bouwen, het eerste monument dat in ons land ter ere van de Boerenkrijgers werd opgericht. 1851, 16 januari Een lezer van De Onafhankelijke beklaagt zich over het gebrekkig politietoezicht op de bakkers: 'want sedert zes of zeven maenden worden de bakkers gerust gelaten en kunnen hunne brooden maken naer hun goedduncken, slecht of goed, zwaer of ligt, als 't maer verkocht wordt'. 1851, 18 februari Advokaat Hendrik Maes uit Hasselt wordt door de politierechter vrijgesproken van de betichting 'over de peloes op de Leopoldplaats te hebben gegaen'. 1851, 6 maart De stad verschaft inlichtingen over de kloosterorden waaruit blijkt dat er 5 begijnen waren, 15 Grauwzusters, 14 dames van l'Instruction Chrétienne, 13 zusters van de Kindsheid Jesus, 7 minderbroeders en 8 broeders van de Onbevlekte Ontvangenis, een onderwijsorde. 1851, 15 mei Het dagblad De Onafhankelijke stelt voor de naam Koemarkt te vervangen door straat van het Paleis van Justitie. Die naam zou beter passen en aan de rechtbank meer luister geven; trouwens de echte Koemarkt wordt achter het stadhuis gehouden. 1851 Te Hasselt wordt het stedelijk slachthuis gebouwd aan het Kattegat. 1852, 1 februari In de Onafhankelijke verschijnt het volgend bericht: 'Voor de aenstaende kiezing zal zekerlyk onzen gemeente-sekretaris rondloopende als een uitgehonderde wolf, zich ten uwent begeven om den eenen voor, den anderen na, een stembriefje af te geven tegenstrydig aen den kandidaet door het volk gekozen'. 1852, 25 april Nadat de nodige infrastructuur tussen Hasselt en Landen aangebracht was, wordt de telegraaf in gebruik genomen. 1852, 11 augustus Pierre Math. Hubert Geradts uit Roermond wordt benoemd tot voorzitter van de Hasseltse rechtbank en bleef in functie tot 1860. 1852, 31 december De kerkfabriek van Godscheide wordt bij K. Besluit gemachtigd een kerk te bouwen, die de oude kapel zal vervangen. 1853, 10 februari Te Hasselt heeft een groot hanengevecht plaats, waaraan verscheidene kringen deelnemen. De gemeente Aalst bij Sint-Truiden behaalt de eerste prijs, bestaande uit een schoon vaandel, waarop twee in het goud geborduurde hanen. De inkomkaarten van de wedstrijd werden met het stadszegel gestempeld. 1853, 26 april Te Godscheide wordt onder grote belangstelling de eerste steen van de nieuwe kerk gelegd. 1853, 19 mei De Onafhankelijke klaagt erover dat Hasselt sedert 1848 geen garnizoen meer heeft. 'Iedereen sprak over wat Hasselt was en nu is; alsdan waren huizen en kwartieren raer om te bekomen, en heden staen ze overvloedig te huur; nog eens Hasselt heeft hierdoor oneindig veel verloren'. 1853, 29 mei Tijdens de nacht brandt de Tuiltermolen te Kuringen, eigendom van U. Claes, volledig af. 1853, 9 juli Begrafenis te Hasselt van 14 soldaten van het 3de regiment jagers die bij een geforceerde marsch van Leopoldsburg naar Hasselt in de brandende zon aan de gevolgen van een zonneslag overleden. 1853, 20 november In de kranten wordt melding gemaakt van vervalste boter die met hele karren te Hasselt verkocht wordt; 'Wat meer is, men zet die schelmerije nu verder en verder voort. Met stuurt wel opgeflikte meisjes, hebbende den duivel in den nek, met schoone korven bedekt met witte fyne servietten naar den merkt en deze hangen de pachteresse goed uit en alzoo wordt menige dame in de strikken getrokken'. 1853 Te Stokrooi wordt een neo-classisistische pseudo-basiliek als parochiekerk gebouwd. 1854, 25 april Er wordt een begin gemaakt met de aanleg van een aftakkingskanaal van de Kempische Vaart naar Hasselt; de werken werden in 1858 beëindigd. 1854, 4 mei 'Door het slecht weder hebben de muziekpartyen die men jaerlyks gewoon is op mei-avond alhier te geven, geen plaets gehad. Nogtans zijn er dien nacht aen verscheidene huizen, alwaer zich jonge juffers bevonden, serenaden gegeven. Zoo als ieder jaer, waren er vele deuren ook wederom met kryt beschreven waer men hier en daer liefdespreuken aantrof, doch meestal ongerymdheden en vuile verfoeiende opschriften, dat het een schande is.' 1854, 11 juni Te Hasselt wordt met grootse feesten het halfeeuwfeest gevierd van de overbrenging van het Sacrament van Mirakel. 1854, 17 juni Eerste nummer van 'Le Constitutionnel du Limbourg Beige', een katholiek partij- en informatieblad, dat tot 1889 uitgegeven werd door H.J. Ceysens. 1854, 22 juni 'De gemeenteraad zal zich binnenkort buigen over het ontwerp der invoering van het gaz-licht in onze stad. De heer Box, engelschen kapitalist zal zich met den gemeenteraed verstaen... De heer Heynen, negociant in de Demerstraet, heeft een inschrijvingslijst daarvoor geopend voor de personen welke te hunnent van het gazlicht zouden willen genieten.' 1854, 1 oktober ' Wy moeten doen opmerken dat te Hasselt tegenwoordig magazynen en winkels bevonden worden waer men alles aentreft wat men in groote steden voorheen genootzaekt was te gaen zoeken...'. 1855, 17 maart De Hasseltse Muziekmaatschappij en Rethorika stichten een 'Société champêtre' om in de tuin van procureur Bamps-Lebon aan de Luikerpoort (goed Villers) avondfeesten te organiseren; er waren paviljoenen, serres, feestzalen, een kiosk, danszaal 'avec tous les avantages qu'on rencontre dans les Casinos des grandes villes'. 1855, 1 juli In de stad is er weer sprake van het vervangen der oude lantarens door gaslicht. De Onafhankelijke geeft de raad: plaats de gasfabriek niet te dicht bij de stad en niet kort bij een rivier uit vrees voor waterverontreiniging. 1855, 22 juli Voor het Atheneum wordt een regeling getroffen waarbij het godsdienstonderwijs zal gegeven worden door een geestelijke 'Alle vrees is nu van ons katholieken verwijderd en dus vcrlioopen wij dat de burgerij voortaen alles zal inspannen om dat gesticht te doen bloeyen'. 1855, juli De kermis van Godscheide die vroeger gevierd werd op de eerste zondag van juli, wordt met algemene instemming verplaatst naar de zondag volgend op 18 juli, octaaf van het feest van H. Odilia. 1855, 30 september P.F., Milis, uitgever van de Onafhankelijke schrijft een afscheidswoord tot de lezers nadat hij de eigendom van de krant heeft afgestaan aan Jos Ceysens. 1855, 23 december Het postbestuur plaatst de tweede brievenbus van de stad aan de ingang van het stadhuis. 1856, 16 maart ' Na verscheidene poogingen tot aenbesteding, welke zondet gevolg zyn gebleven, heeft onze ind met M. Alphonse Bodart onderhandeld voor de verlichting met den gaz, volgens het stelsel hetwelk reeds te Hoei is aengenomen.' 1856, 17 april 1236 In het lokaal van de Rethorica in de Aldestraat wordt door notaris Van der Smissen de biblioteek van Waltrain, pastoor te Kermt openbaar verkocht; de cataloog telt 601 nrs. 1856, 2 augustus Te Hasselt verschijnt het eerste nummer van Journal de Hasselt et ae la prwince, uitgegeven door J. Billen. Het was een a-politiek informatieblad dat vooral op de landbouw was gericht. Het laatste nummer verscheen op 6 september 1857. 1856, 27 augustus Officieel bezoek van Leopold I en de koninklijke familie aan de stad Hasselt, waar er een banket op het stadhuis werd gehouden, een bal in het Casino, vuurwerk aan de Luikerpoort en verlichting van het Leopoldplein. 1856, 14 september 'De opening van den yzeren weg van Hasselt op Maestricht zal den 20 dezer maend plaets hebben. Bij Hasselt werkt men dag en nacht om de werken zoo haest mogelijk te voltooijen. P.F. Milis, drukker te Hasselt begint met de uitgave van Hekel en Luim. Tijdschrift toegewijd 'aen de verdediging van de taelregten der Vlaemsche Belgen opgesteld onder de medewerking der voornaemste letterkundigen'. 1856 In Hekel en Luim, een tijdschrift, verschijnt een gedicht 'aen doctor Willems te Hasselt, uitvinder van de voorbehoedende inenting der besmettelijke longziekte'. Wij lichten daaruit de volgende verzen:
In het tijdschrift Hekel en Luim verschijnt in verzen 'Over den smodderwinkel te Hasselt opgerigt in 1816 met de hulp van twee oude meiden, door madame P.. die vroeger veel geld verkwist hadt met Fransche mannen baerd te smeeren'. 1243 In Hekel en Luim verschijnt in versvorm een 'Kort verhalen der avonturen vanden zoo-genaemden Lange Man der Rethoricakamer te Hasselt dewelke hem sedert den tyd van twintig jaren, bij tijdsveranderingen, wedervaren zijn onder het Republiek, Consulaet en Keizerryk tot 1815.' 1857, 11 januari Een lezer schrijft een brief over het Hasseltse bier dat terug de bovenhand haalt op de vreemde bieren: 'Van reeds overlang ben ik overtuigd dat het Hasseltsch bier geen meerder nadeel aan de gezondheid dan alle andere vreemde bieren kan bijbrengen; ter contrarie: Luiker, Diester, Gencker, Wimmertinger, Diepenbeker, Lanaeker, Maastrichter en zelfs de Faro houden alle meerder plaester te binnen dan het Hasseltsch bier.' 1857, 27 maart Baron de Cecil en J. de Luesemans verkopen op Schoonwinckelhoven te Sint-Lambrechts-Herk een pannenbakkerij, twee ovens, twee droogplaatsen, een werkhuis en gronden. 1857, 12 april 'Wij hebben verscheidene klachten gedaan over den toestand der statie en de zoo genaamde halte te Hasselt alsmede over de onregelmatigheid in de vertrekuren welke zeer dikwijls de reiziger genoodzaakte te Hasselt of te Landen eenige uren te moeten blijven of te vernachten.' 1857, 14 oktober De voorzitter van de 'Société des frères d'armes de l'Empire sous Napoléon' stelt een lijst op van de oudsoldaten die te Hasselt gevestigd zijn en die recht hebben op de medaille van Sint-Helena. 1857, 7 november Te Hasselt wordt in het sterfhuis van advokaat Adolf Claes in de Paardsdemerstraat verkocht 'musiekinstrumenten, waaronder een Stradivarius, een Cremona, een Villaume de Paris'. 1857, 15 november '()nse stad en de bijzonderste herbergen en sociëteiten zijn sedert eenige dagen door de gaz verlicht.' 1857, 19 november Volgens een statistische opgave betreffende de kloosters te Hasselt, waren er toen in de stad de Zusters van de Kindsheid Jesus, de Grauwzusters, de Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis, waarvan het moederhuis te Maastricht gevestigd was, de Dames de l'Instruc-tion Chrétienne en de Minderbroeders. 1858, 6 februari Te Hasselt verschijnt het eerste nummer van hetNieuwsbladder provincie Limburg''; het laatste nummer verscheen einde 1860. Het was een liberale krant, die te Antwerpen gedrukt werd. 1858, 14 februari Twee inwoners van Wimmertingen, Jan Vincent America en David Wouters ontvangen de medaille van Sint-Helena als oud-gedienden van keizer Napoleon I. 1858, 9 mei ' Men komt hier op den Casino eene Brusselsche bierpompt te plaetsen; het lichaam der pomp zelve is in porselein en de buizen die het bier van de ton tot aen het buffet leiden zijn in cristal.' 1858, 27 juni Te Hasselt wordt overgegaan tot de oprichting van De Vlaemsche Broeders van Limburg, met als doel het beoefenen en het verdedigen der rechten van de moedertaal; J.T. A.Sneyers is voorzitter en D. Traets secretaris. 1858, 8 september 'De nijverheid der stokerijen wordt te Hasselt dagelijksch grooter en grooter want in het oogenblik is men bezig met er wederom drie nieuwe tot stand te brengen. In den loop van 1858 zijn in onze stad nog opgerigt eene oliemolen, een azijnfabriek en graenmolens welke allen door den dampkring worden bewogen.' 1858, 1 oktober Te Hasselt wordt de vereniging 'Les Mélophiles' opgericht die aanvankelijk alleen een koorvereniging was maar die van 1862 af ook een letterkundige afdeling kreeg. 1858, 2 oktober De gemeenteraad van Kuringen geeft aan UI. Claes toelating om een stoommachine op te richten in zijn graanmolen te Herkenrode. 1858, 10 november Tijdens de nacht wordt in het huis van Janssens, oudste lid van de Rethoricakamer in de Aldestraat, het vaandel en 13 erepenningen van de kamer gestolen door Albert Chauliagu een schildersgast. In Brugge aangehouden, pleegde hij zelfmoord. In december werden 11 erepenningen, bij verscheidene personen te Brugge aangetroffen, aan de Rethoricakamer terugbezorgd. Het vaandel was vernietigd. 1859, 2 februari Het nieuwe gebouw van de gevangenis op de Martelarenlaan wordt in gebruik genomen. Vroeger was de gevangenis gevestigd in het klooster der Cellebroeders. 1859, 18 mei 'Op het gouvernement is aengekomen een vaendel door den Koning aan de Kon. Sociëteit van Muzyk en Rethorica ten geschenke gegeven.' 1859, 9 augustus De Hasseltse gemeenteraad zendt een verzoekschrift aan het Parlement 'ten einde het ontwerp van eenen ijzeren weg van Ans op Hasselt langs Tongeren en Cortessem te doen verwezenlijken'. 1859, 12 augustus De gemeenteraad van Kuringen verbiedt het zwemmen in het kanaal en de Demer om 'dusdanighe buitensporigheden uit te roeien als streydende tegen de zeden welke iedere persoon die een goede opvoeding ontvangen heeft in het oog moet springen.' 1858, 22 augustus De Hasseltse maatschappijen St. Cecilia en Muziek en Rethorica namen deel aan een festival te Antwerpen, waar de eerste vereniging twee medailles behaalde en de tweede slechts één. Er ontstond herrie en een lezer schrijft daarover aan De Onafhankelijke: 'Voor het vertrek was hier bij ons alles in rust en vrede; de eene verhief die sociëteit, deze de andere; zelfs worden er persoonen gevonden die willen doen gelooven dat de eene sociëteit liberale en de andere clericale tonen aangeeft. Liberaal en catholiek is tegenwoordig in alles gemengd en ik voorzie dat de dames welhaest nog liberale en catholieke rokken zullen dragen.' 1859, augustus 126 Te Hasselt heerst een choleraepidemie die vooral slachtoffers maakt onder de arbeiders en de armen. 114 personen worden besmet waarvan er 52 overlijden. 1859, 11 september In het dagblad De Onafhankelijke wordt de gezondheidstoestand van de stad op de korrel genomen en men is verontwaardigd over het feit dat de Heibeek in de armenwi jk van de Beek nog niet overwelfd is. 'Onse stad van gezond is zeer ongezond geworden... Hasselt is met schone wandelingen en boulevards begunstigd maar de grachten die ze omringen, wasemen zulken walgachtige en nadeelige geuren uit dat men nauwelijks in die streeken durft wandelen... De Beek is een anderen open stinkpoel'. In Hasselt duikt een plaag van besmettelijke ziekten op en daarom stelt Dr. Willems in de gemeenteraad voor 'de straten in eenen volmaakten staet van zuiverheid te houden, de huizen der arme huishoudens te doen witten, de vuilnis en mesthoopen van de straten te doen verdwijnen en te verbieden dat menschen en beesten in dezelve vertrekken blijven zoals het maar al te dikwijls geschiedt'. 1859, 17 september De Sociëteit van St. Cecilia huldigt door een concert de nieuwe kiosk op het Leopoldplein in. 1859 In de Aldestraat werd een grote stenen pomp vervangen door een gietijzeren pomp. 1860, 15 januari J.G. Bemelmans, herbergier en brouwer in de Kroon op de Hoogstraat, maakt bekend dat hij alle maandagen brouwt, dat er dan slijk te bekomen is, dat hij alle woensdagen aftont en dat er dan bier en nabier te koop is. 1860, januari Te Hasselt wordt de eerste steendrukdrukkerij opgericht door M. Wynants. 1860, 18 april Bij Koninkl. Besluit wordt de Handelskamer van Hasselt opgericht met als voorzitter F. Teuwens, jeneverstoker. 1860, 25 april Fr. Dams uit Beringen maakt bekend dat hij dinsdag en vrijdag een geregelde dienst inricht op het kanaal tussen Hasselt en Beringen 'met een wel ingerichte trekschuit met paard'. Vertrekuren te Beringen te 5 u en te Hasselt om 14,30 u. 1860, 23 september Een lezer schrijft naar De Onafhankelijke: 'Op kermisavond wierd over omtrent veertig jaren de Ster op de Groote Markt uitgehangen welke aantoonde dat het vrije merkt was gedurende de kermisdagen. Dit aloude gebruik is afgeschaft. Hierna betrat de eene of ander de O.L. Vrouw kerktoren, in de laatste jaren de brave Janne-Feef welke aldaer een deuntje op de klokken sloeg en dit klokkenspel noemde men hommeleeren. De kinderen zongen op alle kermisavonden op straet
1860, 16 december 'Uitgezonderd de Lombardstraat die naer het gouvernement leidt, de Kapelstraat waar de burgemeester woont en de Koeimakrt waar in 't geheel geenen handel gedreven wordt, mag men zeggen dat het overige der stad in eene smeerigheid verkeert die walgend is.' 1860 Bij de Hasseltse jeneverstokers werden in dit jaar circa 6.600 rundbeesten vetgemest. In de Hasseltse kanaalkom legden tijdens dit jaar 416 boten aan. 1861, 20 januari 'De gebroeders Nys deden aen de nijverheid der stokerijen van Hasselt eenen waeren vooruitgang ondergaen. Wij vernemen dat zij wederom bij de 20.000 liters genevers naer Livorno (Italië) verzonden hebben.' 1861, 12 juni Een lezer van De Onafhankelijke van Hasselt schrijft: 'Ik heb opmerkingen gedaen jegens onze achtbare politie-kommissaris welke zyne tijd verkwistende met het vangen van vogelen en andere beuzelaryen... Van toen af heb ik van zynertwegen niets dan scheeve gezigten, kromme muilen en verfoeiing bekomen.' 1861, 14 juli Bij de begrafenissen te Hasselt zijn de kisten 'onhebbelijck zwaer van eiken planken gemaekt' zodat het dragen ervan moeilijk wordt. Het oud gebruik was dat de geburen hielpen om de kist naar de kerk en het kerkhof te dragen. Sommigen zagen daarin een 'grooten hinder voor de gezondheyd' en stelden voor lijkwagens (corbillards) in gebruik te nemen. 1861, 24 november In het dagbladDe Onafhankelijke wordt een oproep gedaan om zeer voorzichtig te zijn met 'de fosforieke stokjes, door dewelke zoo menig ongeluk van brand gebeurd, door onvoorsig-tigheyd menige mensch om het leven gebragt wordt of met opzet gebruikt worden om den evennaesten te vergiftigen... Men herinnere zich nog dat hier ter stede eene diestmeid fosforieke stokjes in den koffy van hare meesters heeft gedaen en dat men deze meid krankzinnig geloofde'. 1861, 31 december 'Op het einde van 1861 vereenigden zich een 50tal jongelingen uit den burgerstand en namen zij den franschen naam aan van 'Société les Vrais Amis' om zich op een deftige manier te vermaken met het inrichten van alle slag van feesten.' 1862, 1 januari In De Onafhankelijke verschijnt een annonce van Alexander Stappaers, keersenmaker: 'Biedt zich aen voor het leeren der keersenmakerij in alle zijne deelen. Het maken van baerkeersen in alle soorten: keersen gegarneerd met alle soorten van wasse bloemen en vercierselen; gemaekte wasse bloemen voor vazen; flambouwen; spinlichten in alle kleuren, alle lidmaten als: hoofden, armen, beenen.' 1862, 29 januari Bij de begrafenis van de gardiaan van de Minderbroeders in de O.L. Vrouwekerk barst tijdens het klokkengelui de grote klok. "t Is te vreezen dat wij nooit zulk gelui in Hasselt meer zullen hooren want de klank dezer klok was merkwaardig.' 1862, 9 februari Op de internationale tentoonstelling te Londen zijn twee Hasseltse industriëlen aanwezig, nl. Hub. Vanstraelen met een mand brandewijn en J. Rombauts-Vreven met een staal witte was en drie kaarsen die 1 m. hoog waren. 186 1862, 16 februari 'Onze moedertael windt van dag tot dag meer veld en het is met een waer genoegen dat wy in de laetste gehoudene zitting van den gemeenteraed onzer stad het vlaemsch op het fransch hebben zien de overhand behalen.' 1862, 5 maart Door de Sociëteit der Hanenvechters wordt in de herberg Trap-Af buiten de Luikerpoort 'een groot Amerikaens hanengevecht, gevolgd van een tweegevecht met zilveren sporen op de mode van Vlaenderen' ingericht. 1862, 16 april Te Hasselt overlijdt Clossart, gekend als Christiaan, de postillon van Maasseik. Van 1821 tot het einde van 1831 deed hij dagelijks de dienst tussen Hasselt en Maaseik 'dan te paerd en dan te chees' zelfs in de gevaarlijke tijd van 1830-1831 wanneer het moeilijk was 'want hij was altoes aen den vyand blootgesteld'. 1862, 1 juli 'Met groot genoegen zien wy dat de lang verlangde opening der stadsbibliotheek op dinsdag 1 juli zal plaets hebben'. Die bibliotheek was geopend dinsdag en donderdag van 14 tot 17 u. en zondag van 10 tot 12 u. 1862, 8 augustus Jan Michel Claikens uit Gorsopleeuw wordt benoemd tot voorzitter van de Hasseltse rechtbank en bleef 14 jaar in functie. 1862, 1 oktober Opening van de Hasseltse tekenschool, gevestigd in een vleugel van het oud gevangenhuis in de Cellebroedersstraat, waar op het gelijkvloers de tekenlessen en op de verdieping de lessen van de nijverheidsschool worden gegeven voor 67 leerlingen, van 10 tot 32 jaar. 1863, 1 januari Op Nieuwjaarsdag was er druk verkeer in de stad: 'Het kaertjes draegen neemt ook ongelooflyck toe zoodanig dat het in de huizen om zoo te zeggen als kaertjes regent. De Nieuwjaersfeesten en ballen verminderen en zyn om soo te zeggen afgeschaft. Eene sociëteit de Opregte Vrienden, samengesteld uit de burger jongheid is tot stand gekomen en viert Nieuwjaeravond met de Oprechte Vriendinnen.' 1863, 8 maart 'Heden om tien uren s'morgens is in de statie van onzen yzeren weg een buitengewoon trein aengekomen met 250 landverhuizers, zo mans, vrouwen als kinderen komende van de kanten van Ruremonde, Venloo en Vaels zich begevende naer Amerika.' 1863, 3 mei Een lezer van De Onafhankelijke klaagt erover dat een derde postbus zopas aan het station werd geplaatst. Volgens hem zou die brievenbus eerder aan de Luikerpoort moeten geplaatst worden. 1863, 3 juni Het Casino wordt openbaar verkocht aan het consortium van de maatschappij St.-Cecilia. 1863, 28 juni 'Een jammerlyke voorval die men aen niets anders dan aan zinneloosheid zal kunnen toeschrijven, heeft gisteren onze stad bedroefd. Ten gevolge daervan heeft onze deken Spaes de stad verlaten zonder te kennen te geven waer hij op aen ging...' De deken overleed in 1875 in Frankrijk. 1863, 8 juli Lambertus Guillelmus Van der Ryst, geboren te Tongeren in 1814, wordt pastoor te Hasselt en overlijdt te Luik op 12 augustus 1878. 1863, 13 december In de stad wordt er overal geklaagd over het slecht en duur gaslicht. 'Het gaslicht gelykt aen geen gazlicht, onze oude smooklampen leverden ons even zoo goed indien niet beter licht op'. De cafébazen beslissen een vermindering van de prijs te vragen en zo nodig het gaslicht te vervangen door petrolle-olielicht. 1863 De Langemand is niet in staat de zevenjaarlijkse feesten bij te wonen. De Jongmanskamer bouwt dan een 'jonge Langeman' en op de wagen worden de volgende verzen geschreven:
1864, 6 maart Les Vrais Amis van Hasselt richten de eerste cavalcade van half vasten in die ooit in Hasselt bestaan heeft. 1864, 27 april 'Gisteren, maendag, is alhier de jaerlyksche processie van Maestricht gaende in bedevaert naer Scherpenheuvel, aengekomen en in lange jaeren heeft men zoo gtoote menigte niet gezien welke dezelve vergezelde.' 1864, 14 augustus 'Donderdagavond, ter gelegenheid van den zegeprael der liberale party, heeft de societyt van Muzyk en Rethorica en die der Melophielen eene serenade gegeven aen het lokael der liberale associatie wiens voorgevel verligt was. Er hebben ook weer ruststorende manifestatien plaets gehad. Men heeft de glazen ingeslagen by de Broeders van Liefde. Dat is nu eens deftig den zegeprael vieren. Maer de ordentelycke lieden spreken schande en met verachting van zulke viering.' 1864, 29 oktober Te Hasselt verschijnt het eerste nummer van het Aenkondigingsblad der provincie Limburg' uitgegeven door J. Billen uit de Demerstraat. Dit reclameblad verscheen tot 1961. 1864, november-december In gans de stad wordt er druk geredetwist over de vestiging van een nieuw station. Sommigen zijn van oordeel dat de oude statie aan de Sint-Truiderpoort moet behouden en vergroot worden. Anderen, vooral de handelaars en de jeneverstokers opteren voor een nieuwe statie aan de Begijnenpoel (College) omdat het station zo dicht mogelijk bij de stad moet liggen. De directie van de spoorwegen oordeelt dat een nieuw station buiten de Kuringerpoort moet aangelegd worden. 1864 Jeneverstoker Esters uit Hasselt vertrok naar Rusland om er een jeneverstokerij te leiden volgens de Hasseltse principes. 1865, 1 januari 'Gedurende 1863-1864 heeft men ons gedurig de ooren vol geblazen dat men bezig was de plans op te maken om de oude statie te vergrooten daer men integendeel bezig was ons te blinddoeken. Nauwelijks is het ontwerp van de Bokstatie (huidige plaats van het station) vervaerdigd of men trompet overal dat het onmogelijk is de oude statie te vergrooten... Aan de leden van de koophandelskamer bewees de hoofdingenieur Magis dat de Bokstatie meer dan 300 m van de stad digter by deze zal zijn dan de Begijnenpoelstatie, die door de handelaars van de stad gewild wordt.' 1865, 17 maart 'De jaermaerkt van paarden te Curingen is door vele vreemdelingen bezocht geworden. Te Curingen zyn omtrent rond de 1000 peerden te koop aengeboden. Den ouden schapen-maerkt te Curingen is dit jaer minder belangryk geweest.' 1865, 8 april Overlijden van P.F. Milis, geboren te Sint-Truiden in 1801, sinds 1823 te Hasselt gevestigd als drukker, waar hij in 1833 uitgaf de Nouvelliste du Limbourg. Daarna was hij uitgever van Journal du Limbourg, Union Beige, het Belgisch Leeuwke, het Nieuwsblad en De Onafhankelijke der provincie Limburg. Hij was medeoprichter van de letterkundige Kring De Vlaemsche broeders. 1865, einde mei Clement Vanderstraeten wordt burgemeester van Hasselt. 1865, 2 juli 'Morgen heeft voor de reizigers de opening plaets van den yzeren weg van Hasselt naar Antwerpen.' 1865, 20 augustus 'De verbreeding van de Demerstraet, waervan zoo lang spraek is geweest en door eenieder als hoogst noodzakelyk erkend wordt, zal dan eindelyck verwezenlykt worden.' 1865, 22 augustus 'Met genoegen maken wy bekend dat een der schoonste fabrieken van het land en zeker een der byzonderste der provincie welhaest in werking gaet gesteld worden, onder de benaming Limburgsche maetschappij voor het maken van alcoolike geesten en van meelen. De sociëteit zal de stokery en de vuermolens bezetten van den heer Farcy, gelegen op den boulevard tusschen de Curinger- en Maestrichterpoorten.' 1865 Op de gronden tussen de gesloopte wallen en het voormalige Capucijnenklooster werd het hoofdgebouw van het Kon. Atheneum gebouwd naar de plannen van J. Gérard. 1866, 18 februari De vastenavonddagen zijn in Hasselt buitengewoon levendig en woelig geweest. 'Wy moeten thans eene opmerking maken te weten dat vele ouders te toegevend zijn en hunne jonge zoontjens te laet de straten en herbergen laten rondloopen zonder er eene wakende oog op te houden.' 1866, 17 juni ' Wy vernemen dat tegen eerste july de opening zal plaets hebben van de linie van den yzeren weg van Hasselt naer Eindhoven. De gebouwen van de nieuwe statie alhier zullen insgelyks tegen dat tydstip in gereedheid gebragt zyn.' 1866, 23 juni De burgemeester van Sint-Lambrechts-Herk stelt voor 'om de misbruiken en ongelukken voor te komen welke kunnen ontstaan door het schieten in de herbergen en op de openbare wegen tijdens de bruiloftsfeesten, benoemingen en andere openbare vermaken, een algemeen reglement uit de vaardigen'. De gemeenteraadsleden volgen de burgemeester niet en zijn van oordeel dat het politietoezicht voldoende is. 1866, 19 augustus 'De publieke gebeden en kerkelyke plechtigheden duren onophoudend voort in onze kerken voor het afkeeren der besmettelyke ziekten.' 1866, 2 september Bezoek van Koning Leopold II aan de stad Hasselt. 1866, 8 september Te Wimmertingen wordt door het gemeentebestuur een grote paardenren 'carrousel' ingericht met ruiters uit de omliggende dorpen. 1866, 16 september Op het kerkhof wordt het praalgraf van de overleden burgemeester Bamps ingehuldigd. 1866, 29 oktober Te Hasselt overlijdt Jozef Ceysens, hoofdredacteur van De Onafhankelijke en medeoprichter van Le Constitutionnel du Limbourg. 1867, 6 februari In Hasselt worden er 3.405 hoornbeesten geteld, nl. 2.123 bij de stokers, 199 bij landbouwers binnen de stad en 1.083 bij landbouwers buiten de stad. 1867, 10 februari 'Daer de ziekte onder het vee de schrikkelijkste verwoestingen heeft aengerigt en thans dreigt algemeen te worden, zoo heeft de geestelijkheid goedgevonden dat het miraculeus beeld van O.L.Vrouw ter bijzondere vereering en aanroeping zal worden afgesteld van den autaer op haren Troon.' 1867, 24 februari 'De ontsmetting van de stallen loopt hier bijna ten einde. Reeds heeft men het werk in twee stokerijen hernomen. Toekomende week zullen alle de stokerijen weer hunne werking hernemen.' 1867, februari De runderpest breekt uit te Hasselt en tot 17 februari werden er 1330 ossen bij de jeneverstokers geslacht. 1867, 17 maart Op de markt te Kuringen worden er tussen de 900 en 1000 paarden te koop aangeboden. De prijs per paard bedroeg tussen de 1000 en 1100 fr. Pruisische kooplieden hebben de meeste aankopen gedaan. 1867, 15 augustus 'Twee groote weldaden door Maria onlangs aan Hasselt verleend, hebben aanleiding gegeven tot de plechtige Kroning van het Miraculeus Beeld... Verleden jaar is de cholera welke de stad en omstreken bedreigde, schielijk verdwenen... en dit jaar nam de schrikkelijke geesel der veepest schielijk een einde...'. Bij de plechtige kroning van het Virga Jessebeeld worden twee gouden kronen, vervaardigd door A. Levesque uit Parijs, geschonken; die voor O.L.Vrouw wordt geschonken door de Hasselaren uit dank voor de bevrijding van de cholera en een tweede door de Hasseltse stokers als dank voor het verdwijnen van de veepest. 1867, 1 oktober De Ursulinen openen een meisjesschool op de Havermarkt in het gebouw dat door de Dames de l'Instruction Chrétienne was verlaten. In 1892 werd de school naar de Schrijnwerkers-straat overgebracht. 1867 De Demerstraat wordt verbreed waarbij de Westkant van de straat vanaf de Lombaardstraat tot aan de Walputstraat afgebroken wordt. 1868, 1 januari In de kranten verschijnt een bericht over de militiedienst: 'Om zich door de maatschappij V. Counhaye van Brussel, tegen de gevaren der loting te verzekeren wende men zich bij den heer J. N. Coninx te Hasselt in de Kapelstraat nr. 2. Gratis kan men bij dezen bekomen de lijst der om zoo te zeggen ontelbare personen die deze Sociëteit met hun vertrouwen vereerd hebben. Tot volle waarborg der verzekerden zal hun geld op een bank te Hasselt als pand blijven tot als zij gansch van den dienst zullen vrij zijn.' 1868, 19 januari 'Wij hebben klachten ontvangen aangaande den modderdienst. In eenige straten trapt men tot over de enkels in de modder. Zouden de modderkarren de straten niet wat dikwijlder kunnen doorkruisen? Zij voeren niet veel vuilnis weg want naar wij bemerkt hebben, druipt den modder door de spieeten.' 1868, 10 februari In Brussel wordt de bibliotheek van de Hasseltse advokaat Antoon-Louis Bellefroid verkocht; de cataloog bevat 2504 titels. 1868, 16 februari In korte jaren heeft men te Hasselt prachtige werken aan den dag gelegd: wandelingen Omringen de stad, schoone gebouwen pronken van alle kanten, maar waar men niet eens aan gedacht heeft is van pisbakken aan eenige hoeken der straten te plaatsen.' 1868, 6 juni 1334 l)c bouw van het nieuw hospitaal en bejaardentehuis volgens de plannen van architect Herm. Jaminé wordt aanbesteed. 1870, 13 januari Banketbakker Jean Deplée uit Hasselt bekomt een brevet van 'un procédé de fabrication d'une espèce de pain d'amandes connu sous Ie nom de spéculation'. 1870, 16 januari 'Een gedeelte der burgerij houdt zich druk bezig met de kwestie der verlenging der statiestraat langs den Havermerkt.' 1870, 23 januari Een winkelier uit de Nieuwstraat beklaagt zich erover dat het station van de Sint-Truider-poort naar de Kuringerpoort werd verlegd en dat men thans 'duizenden franken wil uitgeven om die domheid uit te wasschen'. Men wil immers kredieten besteden aan de verlichting en onderhoud van de Statiestraat en om 'de opening op den koemerkt (Havermarkt) te volbrengen'. 1870, 24 januari De Koninkl. Sociëteit van Harmonie en Rethorika houdt grootse feesten ter gelegenheid van de 350ste verjaring van haar oprichting, en van de 50ste verjaring van haar benoeming tot koninklijke Sociëteit. 1870, 26 januari 'Onze moedertaal wint veld. Eene Maatschappij, de Minerva, uitsluitelijk samengesteld uit werklieden, is tot stand gekomen. Deze jonge lieden beoefenen zich in de toneelkunst en in den zang.' 1870, 2 februari De gemeenteraad van Hasselt besluit met zes stemmen tegen vier 'eene nieuwe straat te maken van den ouden Koemarkt (Havermarkt) naar de statiestraat'. 1870, 7 mei De gemeenteraad hecht haar goedkeuring aan de verkoop van de oude vleeshallen aan de Kerkfabriek voor 25.000 fr. 1870, 11 mei 'Men verzekert ons dat eindelijk de ijzerenweg van Hasselt naar Maesseyck zal uitgevoerd worden. Gisteren is het kontrakt tusschen de algemeene sociëteit de Baumont en de minister van openbare werken geteekend geworden.' 1870, 10 juli 'Sedert eenige dagen is men druk bezig met ijzeren buizen voor den gaz te leggen in plaats van de buizen van gebakke aarde die tot nu toe gediend hebben.' 1870, 4 september Tijdens de Frans-Duitse Oorlog was er op 3 september een grote beweging aan het Hasseltse station waar er verscheidene treinen met Franse gevangenen aankwamen op doortocht naar het kamp van Leopoldsburg. 'Alle deze ongelukkigen na den slach van 1 september onze grenzen overgeslagen zijnde, hebben zich zonder weerstand laten ontwapenen.' 1870, 18 september Niettegenstaande oorlogsomstandigheden werd er toch kermis gevierd te Hasselt. 'Op de Groote Markt hebben wij twee rijen kramen welke zich den rug draaien tot groote voldoening der marktbewooners. Buiten de Luikerpoort, op den Havermarkt, op het oud kerkhof, buiten de Maastrichterpoort zijn tenten neergeslagen... Reeds donderdag lachte de aloude Hasseltse taart, een karrad zoo groot, ons toe.' 1870, 12 oktober In de kranten verschijnt een bericht over het ontbreken van 'pisbakken' te Hasselt. Daardoor verspreidt zich een 'onverdragelijke geur op de hoek van het Zwaard en van de Drie Pistolen op de Markt welke dusdanige uitwasemingen opleveren dat de Groote Markt en schier gansch de Kapel- en Maastrichterstraat ervan vervuild zijn'. 1870, 20 november 'De kom van het kanaal te Hasselt biedt sedert eenige tijd het levendigste gezicht aan. Het meeste gedeelte van den ijzererts die men in overvloed op verscheidene plaatsen van onze provincie uitdelft, wordt van den eenen kant met schuiten, aan den anderen met karren bijgevaren op wagens van den ijzerenweg geladen en naar verschillende kanten vervoerd.' 1870 De grafmonumenten van de abdissen de Lamboy en de Rivière d'Aerschot in de O.L.Vrouwekerk te Hasselt werden gerestaureerd door beeldhouwer De Haen. De pastoor van Spalbeek ontdekt in de kapel een reeks van muurschilderingen. De 29 jeneverstokerijen van Hasselt produceerden in dit jaar 724.022 hl., waarvan er 1.123 hl. naar Frankrijk, 436 hl. naar Cuba, 508 hl. naar Nederland en 278 hl. naar Italië uitgevoerd werden. 1871, 12 februari De aanbesteding van het nieuw slachthuis, te bouwen dicht bij de kom van het kanaal, heeft verleden week plaats gehad. Vansoest van Maastricht is aannemer voor de som van 21.900 franken. 1871, 22 februari 'Het vastenavond is door een schoon weer begunstigd en toch zijn de vermomden zeer zeldzaam. In der mate dat den voortgang in onze bevolking wege maakt, ziet men minder lieden welke hun wezenstrekken onder een masker verduiken.' 1871, 24 september Ter gelegenheid van de kermis, wordt er een festival ingericht 'op welk 92 sociëteiten, harmonien, fanfaren en zanggenootschappen zich op drie kiosken en in drie zalen zullen laten horen'. 'Onlangs kondigde De Postrijder van Tongeren aan dat bij gelegenheid van de kermis te Tongeren, 7.500 vlaaien waren gebakken. Dat was veel, maar is toch niets in vergelijking met de twaalfduizend acht honderd kermisvlaaien vandaag zaterdag te Hasselt gebakken.' 1871, 13 december 'Er heeft plaats gehad de inhaling van ene allerheerlijksten standaard der werklieden sociëteit de Minerva. Dit kostbaar stuk verveerdigd door de heren Guffens en Swerts is een geschenk van M. Penxten'. 1872, 19 augustus Armand Roelants wordt benoemd tot burgemeester van Hasselt; op 2 oktober 1875 neemt hij ontslag. 1872, 18 november De gemeenteraad besluit een nieuwe school te laten bouwen op de vesten tegenover het Atheneum volgens de aanbesteding die aan Leon Aerden toegekend werd. 1873, 19 januari De Hasseltse kunstschilder G. Guffens schenkt aan de burgerlijke godshuizen twee cartons, verbeeldende Christus met zijn kruis ontmoet zijn H. Moeder, en Simon van Cyrene die Christus helpt bij het dragen van het kruis. 1873, 13 april Bij Kon. Besluit wordt een krediet van 6.000 fr aan de stad toegekend om de verbreding van de Maastrichterstraat naar de oude Schorsmarkt te financieren. 1873, 28 mei 'Heden omtrent middag is het gewicht der horlogie van de hoofdkerk losgeraakt en door de zolders dringende tot in de kerk komen neerploffen.' 1873, 4 juni De drukker M. Ceysens drukt een bedevaartvaantje van 40 op 20 cm. met de afbeelding van het H. Sacrament en de Virga Jesse, dat voor 15 cent verkocht wordt. 1873, 21 september 'De heer Lejaes die zoveel bijval genoot met zijn mekaniek toestel automaat is in onze stad. Hij heeft zijn salon op de Leopoldplein gevestigd; voor 25 cent kan men zijn toestel horen spreken, zingen enz.' 1875, 1 oktober Het pensionaat van het Kon. Atheneum wordt geopend onder de leiding van E.H. A. Pirenne, leraar aan het college te Sint-Truiden. 1873, 26 oktober Op het stadhuis wordt het borstbeeld van Thonissen, werk van de Hasseltse beeldhouwer Gourroit, ingehuldigd. 1873 I )e huizen De Eikel en De Anker op de hoek van de Schorsmarkt en de Maastrichterstraat werden afgebroken om de Maastrichterstraat te verbreden. De Speciale School voor Onderofficieren werd van de abdij van Ter Kameren naar Hasselt overgebracht, waar de 106 leerlingen een onderkomen vonden in het oud militair hospitaal van de Witte Nonnenkazerne; de school werd in de zomer 1877 ontbonden. 1871, 1 maart 1382 Grodfried Guffens schenkt aan het hospitaal een carton verbeeldende Pontius Pilatus die zijn li.iiulen wast. 1874, 5 augustus De gemeenteraad betuigt zijn instemming met het voorstel orn de Paardsdemerkapel te verplaatsen teneinde het verkeer in de buurt te vergemakkelijken. 1874, 23 augustus Op het stadhuis te Hasselt wordt een 'Union des industriels et commercants contre les abus des sociétés des chemins de fer dans Ie Limbourg' opgericht om hun belangen te verdedigen tegen de private spoorwegmaatschappij, die verantwoordelijk werd gesteld voor de talrijke ongevallen en onregelmatige spoorwegverbindingen. 1874, 14 september 138 Te Hasselt wordt de 500ste verjaardag gevierd van het bestaan van de Paardsdemerkapel. 1875, 11 januari Jan Antoon Bamps wordt benoemd tot procureur van de rechtbank te Hasselt; hij bleef er in functie tot 1889. 1875, 4 april 'Het postbestuur, om aan de brievendragers zooveel mogelijk de zondagsrust te gunnen, komt de briefuitdeelingen van 's middags en van 8 uren 's avonds in onze stad af te schaffen op zon- en feestdagen.' 1875, 13 mei Ten huize van J. Nagels wordt het Davidsfonds-afdeling Hasselt gesticht met als voorzitter Adr. de Corswarem. 1875, 5 juni Tijdens de gemeenteraadszitting te Hasselt vraagt de heer Van Rey 'zich onledig te houden met de namen van zekere deelen onzer wandelingen, die slechts onder den naam van boulevards bekend zijn. Hij vraagt hetzelfde voor sommige straten die geen naam hebben, de percéé o.a. die in de wandeling ezelsstraat genoemd wordt.' 1875, 11 juni Eerste kermis van Saint-Germain aan de Kuringerpoort. 1875, 23 december Jules Nagels wordt tot burgemeester van Hasselt benoemd. 1391 1876, 9 februari De gemeenteraad van Hasselt beslist een school voor volwassenen te Godscheide op te richten 'Deze school welke door den onderwijzer sedert Nieuwjaar reeds begonnen is, levert den besten uitslag op'. 1876, 16 februari Bij de werken aan het oud Augustijnenklooster worden in een grafkelder verscheidene geraamten gevonden. In een processie worden zij naar het kerkhof overgebracht. 1876, 12 maart Hevige storm over Hasselt. 'Overal vlogen de pannen, schalien en stroowijpen; op den boulevard zijn een vijftiental dikke olmboomen uit den grond gerukt... De grootste schade is bij M.J. Vinckenbosch wiens schouw der stokerij in opbouwing, omgeworpen is... Alle de treinen, die om 8 u des avonds moesten aankomen, zijn slechts laat in den nacht binnengekomen; de trein van Diest ter oorzake van het groot water te Schuelen, is te Diest moeten stil blijven'. 1876, 26 maart Eerste feest van het Davidsfonds te Hasselt in de oude Harmoniezaal. 1876, 29 maart 'Men vraagt maar gedurig meer en beter licht op de boulevards, aan den ijzeren weg. De stokers, de beenhouwers, de veekooplieden die hebben recht om licht te vragen, licht op de koeimerkt om niet tot over de knieën in het slijk te vallen. Ze vragen dat de merkt gekasseid wordt; de menschen hebben daar lang genoeg in de moos gelopen.' De Koemerkt is de huidige Havermarkt. 1876, 7 juni 'De wijk Runxt, Faubourg Saint Germain, bereidt zich voor om van 11 tot 19 dezer maand eens lustig kermis te vieren... Niets zal er ontbreken om deze nieuwe of heringrichte kermis zoo aantrekkelijk mogelijk te maken.' 1876, 9 juli 'Vrijdag is er in onze provincieraad een voorstel neergelegd waarin gevraagd wordt dat de ambtelijke stuks van dezen raad uitgaande, ook in 't Vlaamsch zouden gedrukt worden... Hedendaags is er waarlijk moed nodig om zulke vraag te durven doen'. 1876, 5 augustus In de Hasseltse gemeenteraad heeft er een debat plaats over de toelagen aan de St.-Ceciliatoneelgroep en aan de Ware Vrienden, die beiden tegelijkertijd een toneelwedstrijd willen inrichten. 'De politieke geest heeft zich dadelijk van het toneelkundig geschil meester gemaakt... De kring der Ware Vrienden wordt eene vooruitstrevende toneelmaatschappij genoemd in strijd met de maatschappij Sint-Cecilia welke men naar het hoofd werpt: domperskring, jezuietenboeltje, half paapsch, half franskiljonsch boeltje'. De Hasseltse gemeenteraad beslist de kapel van de Paarsdemerstraat achteruit te plaatsen om de verkeersmoeilijkheden op het kruispunt van drie wegen op te lossen. 1876, 24 september 'Wij hebben het programma der Kermisfeesten, welke in de Vlaamsche hoofdstad van een Vkamsche provincie gehouden worden, ontvangen. Het grieft ons te moeten bekennen dat dit programma uitsluitelijk in een vreemde taal is opgesteld. In Hasselt Vlaamsch. Wij /uilen dus dat programma niet plaatsen omdat wij noch tijd, noch lust hebben om deszelfs vertaling te maken.' 1877, 14 januari De Onafhankelijke schrijft een stukje over de Ware Vrienden die in de oude Augustijnen-kerk hun vergaderingen houden en beweert dat 'er een drydubbel verbond is gesloten tussen haar, de Rethorica en de Melophielen, vijandig aan de sociëteit St.-Cecilia.' 1877, 9 maart Jan Edm. Willems wordt benoemd tot voorzitter van de rechtbank; hij bleef in functie tot 1905. 1877, 10 juli 'In zitting is voor de eerste maal Vlaamsch gesproken in de Limburgsche provincieraad'. Het was het provincieraadslid Slegten uit Achel die voor het eerst in het Nederlands een tussenkomst hield tijdens de debatten. 1877, 13 augustus De gemeenteraad verleent een toelage van 300 fr aan de maatschappij van Muziek en Rethorica 'op voorwaarden dat geen enkel onzedig of politiek stuk op haren prijskamp zal vertoond worden'. 1877, 20 oktober De gemeenteraad van Sint-Lambrechts-Herk beslist in de gemeenteschool een werklokaal in te richten voor het aanleren van naaldwerk aan de meisjes; tijdens die lessen zullen de jongens les krijgen over boomteelt en landbouwwerk. 1877, 4 november 'Een aanzienlijk getal winkeliers dezer stad vergadert ten einde middelen te beramen om de overgrote schade te beletten die vreemde rondleurders en kramers aan den Hasseltschen handel veroorzaken.' 1877, 2 december De gemeenteraad van Sint-Lambrechts-Herk beslist de plannen en bestek voor een nieuwe pastorij, opgemaakt door architect Stappers van Hasselt, ten bedrage van 15.435 fr over te maken aan de provinciale overheid omdat de gemeente slechts een financiële tussenkomst van 7.500 fr kan toestaan. 1877, 30 december Drukker V. Titeux heeft het eerste nummer uit van De Hasselaar, dat liberaal van oorsprong, in september 1878 een katholiek nieuwsblad werd en waarvan het laatste nummer verscheen op 17 mei 1879- 1878, 1 mei 1410 Simon Schoolmeesters, geboren te Maaseik, wordt aangesteld tot deken van Hasselt, waar hij sterft op 9 januari 1887. 1878, 7 september De uitgever W. Kloek laat het eerste nummer van De Demer verschijnen, een liberaal vrijzinnig partijblad, waarvan het laatste nummer verscheen op 6 mei 1905. 1878, 22 september 'Naar alle schijn zal de kermis dit jaar buitengewoon gevierd worden... Buiten de Luiker-poort, op den Havermarkt, op het oud Kerkhof, buiten de Maastrichterpoort, op de Groote Markt zijn tenten neergeslagen: potsenmakers, kluchtspelers, waarzeggers en wat men te Hasselt houten paardekens noemt.' 1878, 29 oktober 'De uitslag der gemeenteverkiezingen van Hasselt heeft de verwachting der catholieken te leur gesteld en de verwachting der liberalen ver overtroffen. Hoe komt het toch dat het kiezerscorps welk sedert ettelijke jaren eene overgroote meerderheid geeft aan de ca-rholieken, in de kiezingen zeven liberalen doet zegepralen?' 1878, 30 december Gaspard Bamps wordt burgemeester van Hasselt. 1879, 11 mei 'Beeldstormerij'. Onder deze titel klaagt De Onafhankelijke van Hasselt het feit aan dat in de Aldestraat een krans van een O.L.Vrouwebeeld afgerukt werd en dat in de Nieuwstraat een beeld van O.L.Vrouw stukgeslagen werd. 1879, 18 mei Oprichting van een afdeling van het Willemsfonds te Hasselt. 1879, 29 juni 'Wij vernemen dat te Hasselt een Comiteit gevormd is met het doel de noodige maatregelen te nemen, om, zoodra de nieuwe schoolwet in voege is, aan onze jeugd een katholiek onderwijs te verzekeren.' 1879, 27 augustus Tijdens de zitting van de Hasseltse gemeenteraad verdedigt de liberaal Cox de oprichting van een normaalschool voor onderwijzeressen die volgens hem een weldaad zal zijn voor de stad. 1879, 24 september Bij Kon. Besluit wordt te Hasselt een normaalschool voor onderwijzeressen opgericht, die ondergebracht wordt in de gemeentelijke jongensschool op de vesten. Tevens wordt in het Atheneum een normaalschool voor onderwijzers opgericht en het gemeentelijk pensionaat, verbonden aan het Atheneum, wordt afgeschaft. 204 1879, 27 september Het liberaal weekblad 'De Demer' valt de heer Briers, schepen van financiën aan, omdat hij afstand heeft genomen van de propaganda voor het officieel onderwijs en 'zich veroorlooft de ouders aan te sporen hunne kinderen naar private scholen te zenden'. 1879, 5 oktober 'Men meldt ons dat den 1 october de les van den gemeenteonderwijzer te Stokrooie bijgewoond werd door zijnen zoon alleen. Mevr. Cox de Hommeien bouwt een nieuwe katholieke school te Stevoort en de gemeenteschool zal veel banken zonder leerlingen hebben. Te Herck St.-Lambert werkt men ieverig aan de nieuwe katholieke school. De gemeenteschool is ledig. Zo het schijnt waren er te Kuringen op 1 october 4 leerlingen in de gemeenteschool. M. Mechior, gemeenteonderwijzer, geeft zijn ontslag en wordt katholieke onderwijzer te Hasselt. 1879, 7 oktober Het Armbestuur van Kuringen met haar voorzitter, burgemeester Télémaque Claes, besluit de behoeftige ouders, die hun kinderen uit de gemeenteschool hebben getrokken, 'alle onderstand vanwege het bureel van weldadigheid te weigeren'. 1879, oktober Tijdens de schoolstrijd hadden in de stad geruchten de ronde gedaan dat de kinderen, die de officiële scholen bezochten, zouden uitgesloten worden van het Sint-Niklaasfeest gegeven door het Sint-Vincentiusgenootschap. Daarom wordt er overgegaan tot de oprichting van de Maatschappij tot bescherming der lagere gemeentescholen. 1880, 8 februari 'Onze katholieke bevolking is bedroefd geworden door een schandaal dat tot nu tot nooit te Hasselt geschied was: eene zoogezegde burgerlijke begrafenis in de gewijde aarde.' De stoet van de overledene, een vreemdeling die op Singelbeek woonde, wordt gevolgd door H. Geraerts, bankier, G. Vinckenbosch, stoker, Em. Ory, hotelhouder, Mich. Ory, postmeester, Kloek, uitgever van De Demer. 1880, 3 april Télémaque Claes, burgemeester van Kuringen, antwoordt in De Demer op een artikel dat over hem verscheen in De Onafhankelijke. 'Gij dacht zeker dat ik onder uwe grove schimpwoorden en armzaligen zeever bezweken was?.. De tijd is uit dat iedereen voor M. Pastoor beefde...' 1880, 11 mei Te Hasselt wordt overgegaan tot de stichting van de Hasseltse Volksbank, een samenwerkende spaar- en kredietmaatschappij, gevestigd in de Meldertstraat, met als voorzitter advokaat Ant. Croonenberghs. In 1883 werd die bank veranderd in Crédit commercial et agricole de Hasselt. 1880, 22 mei Guillaume Stellingwerf? wordt burgemeester van Hasselt. 1427 1881, februari Te Kuringen overleden er van 1 januari tot 27 februari 20 personen tengevolge van de pokken. 1881, 21 juni Het bestuur van de Muziekmaatschappij en Rethorika besluit in het vervolg niet meer deel te nemen aan de processies in de stad; deken Schoolmeesters had besloten de maatschappij niet uit te nodigen voor de processie van 19 juni omdat zij had deelgenomen aan de burgerlijke begrafenis van Aug. Wilsens. 1881, 23 juni De gemeente Kuringen vraagt aan de Bestendige Deputatie toelating om een jaarlijkse veemarkt te houden op de tweede maandag van oktober. 1881, 26 juni 'Drie vereenigde duivensocieteiten de Union, de Vrede en de Jonge liefhebbers hadden een prijskamp ingericht. De duiven moesten morgen, zondag, te Orléans worden opgelaten. 1 leden zaterdag is de eerste duif reeds van de reis teruggekeerd. Door dit zonderling voorval zijn de duivenliefhebbers uit hun lood geslagen en wel niet zonder reden.' 1881, 18 juli Te Hasselt wordt de eerste steen gelegd van het Sint-Jozefscollege door de heren Briers, Roelants en L. van Vinckenroye. 1881, 20 augustus In Hasselt wordt de Société Hasseltoise de Gymnastique opgericht, die ieder jaar een zomeren winterfeest zal organiseren. 206 1881, 18-26 september Te Hasselt hebben grote feestelijkheden plaats ter gelegenheid van de vijftigjarige onafhankelijkheid van het land. 1881, 25 oktober Bij de gemeenteraadsverkiezingen behalen de liberalen de absolute meerderheid 'De klerikale partij is in onze stad begraven'. 1881, 1 december Inwijding van de katholieke school te Wimmertingen. 1882, 26 maart 'Reeds sinds vele dagen vertoont zich madame Enault, de beroemde tandentrekster, op onze markt met hare prachtige ekwipagie, hare schitterende gewaden en schetterende muziek. Zij heeft gene handen genoeg om iedereen te gerieven en te helpen.' 1882, 10 april Te Hasselt wordt een Maatschappij van Onderlinge Bijstand opgericht, de eerste instelling voor ziekteverzekering in de stad. 1882, 22 mei De gemeente Sint-Lambrechts-Herk laat aan de gouverneur weten dat er geen 300 fr aan de onderwijzer kan betaald worden voor een school van volwassenen, daar de onderwijzer reeds heel wat heeft ontvangen van de gemeente en hij daarenboven verscheidene bijverdiensten heeft als 'homme d'affaires' van barones de Cecil, als agent van een brandverzekering, als landmeter 'zoodat men waarlijk kan en mag zeggen dat den onderwijzer in het land van belofte woont en toch is den onderwijzer nooijt tevreeden'. 1882, 9 juli 'Meer dan eens riepen wij de aandacht der stedelijke overheid op het gevaar dat de menigte ongemuilbande trekhonden aanbieden welke voor kruiwagens en karretjes gespannen op de marktdagen onze straten doorkruisen.' 1882, 9 augustus 'Gisteren is het standbeeld van de H. Jozef dat boven op de voorgevel der kapel van de nieuwe katholieke school zal geplaatst worden, aangekomen. Het weegt 1500 kg is 2,20 m hoog en werd gebeeldhouwd door Vermeilen uit Leuven.' 1882, 3 september De Jongmanskamer van Hasselt viert de 200ste verjaring van het gevecht in de Planc-keweide. 'Het roemrijk vaandel der Jongsmans, gansch met kogels doorboord werd in den stoet meegedragen.' 1882, 27 september Het Sint-Jozefscollege plaatst een advertentie in de kranten om de opening van het schooljaar aan te kondigen 'dewijl de Broeders der Onbevlekte Ontvangenis met hun externaat ophouden'. 1882, 22 october De burgers van Hasselt klagen over de wijze 'waerop de Luiksche botressen het aan boord leggen om op de markten zich te bevoorraden. Zij gaan de boerinnen tegemoet verre van de winkel en klampen zich aan de boterkorven vast tot de boerinnen de koop toestaan. Ondertusschen kan de Hasselaar op zoek gaan naar boter en eieren; met moeite vindt hij zijn voorraad en moet dan nog duur betalen'. 1883, 28 maart Het Sint-Jozefscollege te Hasselt plaatst een advertentie om de opening van een internaat aan te kondigen. 'Een prachtig gebouw gansch in gothischen stijl, biedt niet alleen door zijn zuivere en wel verlichte lokalen een aangenaam verblijf aan, maar waarborgt ook door zijne buitengewoone schoone ligging de gezondheid der leerlingen. Midden in het open veld is het slechts eenige minuten van de statie gelegen'. 1883, 12 mei J. Verkoyen, onderwijzer te Godschei de, publiceert een 'gebreveteerd nieuw rekentuig voor eerstbeginnenden' bestaande uit twee plankjes met 10 reeksen van 10 gaatjes waarin de leerlingen stokjes kunnen rechtzetten. 1883, 27 juni Op het stadhuis te Hasselt begint een commissie haar werkzaamheden om de talrijke misbruiken die zouden bestaan in het beheer der Kerkfabrieken en de burelen van Weldadigheid te onderzoeken en na te gaan of er geen kredieten op onrechtmatige wijze naar de katholieke scholen werden overgeheveld. 208 1883, 15 oktober In de Commissie der Godshuizen wordt het ontslag aanvaard van de Broeders der Onbevlekte Ontvangenis, die een wezenhuis beheerden. De Commissie plaatste later de weesjongens onder de 13 jaar in het meisjesweeshuis, beheerd door de Zusters van de Kindsheid Jesu en de zes oudere jongens werden in stadsgezinnen ondergebracht. 1883, 10 november 1449 'Wij vernemen dat er sprake is het postkantoor over te brengen naar het huis van Robert Buntinx op de Aldestraat.' 1884, 17 februari 1450 'Dinsdag had de militieloting plaats en er werd gedronken, gezongen en geweend. De jongelingen, die door een goed nummer begunstigd waren, kon men onderscheiden van hen die door het noodlot waren aangewezen. Op het gelaat van menigen huisvader zagen wij een bittere traan biggelen in het vooruitzicht dat hij zijn kloeken zoon tegen wil en dank moest 1884, 28 maart Ernest Goetsbloets wordt burgemeester van Hasselt. 1884, 10 juni 'Triomf, triomf. Verplettering der geuzen... Leve de Kerk... Leve de constitutie... Leven onze priesters... Leven de katholieke onderwijzers... Het geuzenras was te vermetel, de leeuw die geeft het zulk een klop, dat het nu spartelt in den ketel, met duizend builen in zijn kop'. De liberale meerderheid in het Parlement wordt door de verkiezingen vervangen door een katholieke meerderheid. 1884, 21 juni Wij verwittigen al de ouders, die gedwongen zijn geweest hunne kinderen naar de officiële scholen te zenden, dat zij van nu af vrij zijn ze daaruit te trekken... Dat al die kleine bedienden van den ijzerenweg, brievendragers, ontvangers der belastingen enz. dus hunne vrijheid hernemen. De kiezing van 10 juni en de val van het ministerie hebben ze hun teruggeschonken.' 1884, 2 juli Eerste nummer van La Campine Limbourgeoise te Hasselt uitgegeven door W. Kloek. Die krant verscheen tot 1904 en was een liberaal partij- en informatieblad dat een trouw beeld gaf van het culturele en politieke leven van de Hasseltse liberalen. 1884, 9 augustus Ter gelegenheid van de Zevenjaarlijkse Feesten verschijnt in het liberale weekblad De Demer Mn samenspraak tussen de Langeman en Hendrik. De Langeman zegt het volgende: 'Het oude gebruik van de erwtensoep gaat allengskens om zeep... Sedert dat de paters champagne drinken en vaandels voor de kiezing uitsteken, wordt aan die oude gewoonte niet meer gedacht en ik mag stillekens op mijn zolder blijven liggen. Tot zelfs mijn vrienden van de Muziek en Rethorica zijn door de kababbelmans buiten de processie gestooten om het volk te doen gelooven dat zij niet wilden meegaan'. 1884, 30 augustus De pastoor, de onderwijzer en het Katholiek Schoolcomité van Stokrooi danken moeder Maris en haar kinderen, die gedurende vijf jaar hun woning afgestaan hebben om het katholiek onderwijs in de gemeente mogelijk te maken. 1884, 20 september Bij Kon. Besluit worden de twee rijksnormaalscholen te Hasselt afgeschaft. 1884, 24 september 'Voor het schooljaar 1884-1885 zullen er normale leergangen voor onderwijzeressen ingericht worden te Hasselt in het Gesticht der Zusters van de Kindsheid Jesu.' 1884, 7 december 'Het is heden erkend dat om aanbiedingsweerdig te zijn alles uit den vreemde moet komen... Deze aan onzen handel zoo nadeelige dwaling, neemt alle jaren meer en meer toe... Alzoo haalt men een huis aan uit eene stad van 2de rang, dat alle jaren voor de toilet der dames van Hasselt en omstreken voor aanzienlijke sommen levert; zulkdanig coiffeur uit een vreemde stad die telkenmale er kwestie is van een bal, zijn dagen in de stad doorbrengt en zich niet alleen tevreden stelt zijne kunst uit te oefenen op het hoofd onzer schoonen maar hun tevens nog haarspelden, kammen, handschoenen, waaiers meer levert. En niet enkel de dames maar ook de mannen deelen in deze dwaze grillen. In 't algemeen is het vastgesteld dat een kleedingstuk niet goed kan passen, zoo het niet uit de hoofdstad komt; nogtans wij hebben hier huizen van nieuwigheden en kleermakers welke de vreemde ons mag benijden.' 1884, 21 december 'Te rekenen van 24 december is het post- en telegraafbureel van Hasselt overgebracht op de Nieuwstraat nr 32.' 1884 In de eerste telefoongids komt geen enkele abonnee uit Hasselt of Limburg voor. In de Hasseltse stokerij Ponet waren er 47 arbeiders tewerkgesteld, waaronder 10 in de 'distillerie', vijf in de ossestallen, 5 als voerman, 16 in de 'labour' en één schrijnwerker. Te Hasselt wordt door Eug. Leen, Jos Philippen, Lod. Roelants en Leo Leynen de Vlaamsge-zinde en letterkundige vereniging De Jonge Klauwaarts opgericht. 1885, 25 februari 'Er staat in het geuzenblad van Hasselt een walgelijk artikel tegen de priesters en waarin gespot wordt met de H. Mis.' Tevens wordt meegedeeld dat de Jonge Liberale Wacht van Hasselt een gemaskerd bal inricht ten voordele van de leerlingen der officiële scholen die hun eerste Communie doen. 1885, 26 februari Tijdens de gemeenteraadszitting betoogt Dr. Willems dat het probleem van het drinkwater sinds meer dan 25 jaar bestudeerd is 'wijl het drinkwater in onze stad alles behalve overvloedig is en dat de waterafleidingen in een zeer ellendigen toestand verkeeren en dat die toestand onze stad onder de ongezondste plaatsen van België rangschikt'. 1885, 15 maart Te Hasselt gaat de Cavalcade van Half-Vasten uit met de volgende groepen: Minerva met de godin Minerva, de Kruisjassers-club met een vlaamse kermis, een wagen van de stokerij Notermans, 'Les bons vivants' met Bacchus op een ton, de sociëteit Sint-Michel met twee wagens van de kleermakers, de Jongmans met het gevecht op de Plankeweide, een wagen van Sint-Eloy, de Vrede met 'de ontvoogding van de vrouw', de Melophiles in pierrots verkleed, Sint-Cecilia met graaf Arnold van Loon, de Broedermin met een jeneverstokerij, Vrij Vooruit met een vlaamse kermis, een wagen van de Cie Singer, de Heideboeren, het huis Fredericx met een brouwerij, de Cercle Mélodique in Chinezen verkleed, de Kon. Maatschappij van Muziek en Rethorika, de Ware Vrienden. 1885, 14 juni Voor de 10de maal is er kermis in de Faubourg Saint-Germain. Er was een kegelwedstrijd, een turnfeest op de Schiervellaan, eieren-wedloop op de Kuringersteenweg, 'opstijgen van luchtballen en bengaalsche verlichting', uitdeling van taarten aan de arme kinderen, bal in het koffiehuis van Jacques Nijs aan de Kuringerpoort. 1886, 24 januari In De Demer verschijnt een artikel over de Sint-Pieterspenning met o.a. volgende passus: 'Het papenras slaat de dikke trommel om het geld uit den zak der domme ezels en kwezels te kloppen en het naar Rome te zenden.' 1886, 1 februari Te Hasselt heeft voor de eerste maal een prijskamp plaats voor rattevangershonden van alle ras bij Aug. Schepers op de Havermarkt. Tien honden waren ingeschreven en elke hond moest op de kortst mogelijke tijd vier ratten doden. 1886, 9 mei Op de eerste gouwdag van de Limburgse studentengilde spreekt M. Leen over de toestand van het Vlaams onderwijs te Hasselt waarbij hij 'hevig uitvalt tegen den bestuurder van het Sint-Jozefscollege wiens gedrag hij tegenover zekere verklaringen van Mgr. Rutten (bisschop van Luik) wil stellen'. 1886, 27 juni 'Wij vernemen dat er vlijtig gewerkt wordt om onze Hasseltsche afdeeling van het Davidsfonds opnieuw en voorgoed in te richten. Het Davidsfonds was vroeger een bloeiende instelling en de afdeling kan veel nut stichten en veel goed doen aan de Vlaamsche zaak.' 1886, 16 juli De gemeenteraad van Hasselt besluit een toelage van 100 fr per jaar toe te kennen aan de meest bekende muzikanten van de muziekkapel van het 1 lde Linieregiment, dit om te beletten dat zij een mutatie naar Antwerpen zouden aanvragen. 1886, 26 juli In de kerk van Kuringen wordt het nieuwe orgel, gebouwd door Ruef van Sint-Truiden, ingehuldigd. 1886, 31 juli Bakker Jan Daniels uit de Kapelstraat behaalt op een internationale tentoonstelling de eerste prijs voor het beste 'pain a la grecque'. In een dagblad werd daarover het volgende geschreven: 'Proficiat Mr Daniels, Maeseyck heeft zijn knapkoek, Amerika zijn spek, Duitschland heeft zijn bieren, en wij: pain a la grecque.' 1886, 8 augustus 'Zondag heeft men op de Groote Markt hartelijk gelachen. Eene juffer welke uit de half twaalf mis huiswaarts keerde, verloor hare 'tournure'. Men riep 'Juffer gij hebt iets laten vallen' doch de juffer keek niet om en liet haar achterversiersel op den grond liggen.' 1886, 14 september Het dagloon van de industriearbeiders bedraagt 13 tot 15 fr per week, dat van de stokerijarbeiders schommelt tussen 8 en 12 fr per week. 1886, 19 september 'Op het Leopoldplein worden internationale voetloopen met rywielen (velocipedes) ingericht. Het puik der Belgische liefhebbers en enige vreemde velocemen's lieten zich inschrij- 1886, 17 oktober De inwoners van Trekschuren hebben besloten aldaar een nieuwe kermis in te richten; de inwoners van Rapertingen en van Meibeek sluiten zich bij het initiatief aan. 1886, 20 december Nicolaas Rachels, geboren te Genk in 1833 wordt tot deken van Hasselt aangesteld en hij sterft te Hasselt op 3 december 1917. 1887, 6 maart Stichting van de Hasseltsche Werkmansbond. 1887, 19 juni Te Hasselt heeft de eerste algemene vergadering plaats van de Vlaamse Evangelische Protestantse gemeente waar de evangeliebedienaar G.P. Datema 16 aanwezigen toespreekt. 1887, 9 juli 'Bij gelegenheid van het concert zal voor den eersten keer het prachtige kiosque dat onze schoone wandeling opluistert, wonderbaar verlicht worden. Onze gemeenteraad heeft niets gespaard om aan de Leopoldplaats een overheerlijken en recht eigenaardigen stempel te geven.' 1887, 8 augustus Te Spalbeek wordt de eerste steen gelegd van de nieuwe parochiekerk. 1887, 16 oktober Bij de gemeenteverkiezingen te Hasselt slagen de katholieken er niet in de liberalen te verslaan. 'De Onafhankelijke' kan die nederlaag slechts moeilijk verteren en schrijft: 'Aan U Hasselaren die uwe stem aan de liberalen hebt gegeven, geluk er mee. Gij zult gegeeseld worden met de roede die gij zelf u hebt voorbereid... De geest der onderwijsgestichten zal hoe langer hoe slechter worden; uit uwe meisjes zullen mufferige modepoppen, uit uwe jongens bedorvene heerkens groeien.' 1888, 8 april In een oproep tot deelname aan een Vlaamse Gouwdag, schrijft 'De Kabouter': 'Hasselt is ook maar een Fransch nest, een stadje waar de vrouwen alles moeten doen, de mannen zijn allegaar pennelekkers op het gouvernement en waar alzoo franschsprekende geuzen op het stadhuis zitten terwijl de nijverheid van brandewijn verhuist of vergaat.' 1888, 29 april Te Hasselt wordt de eerste steen gelegd van de nieuwe schouwburg van de toneelmaatschappij De Ware Vrienden op de Grote Markt. 1888, 20 mei 'Eenige jaren geleden richtte M. D. Kramer in onze stad eene fabriek op waardoor een nieuwe nijverheid tot stand kwam en thans weelderig bloeit, namelijk de kuiperij. Nu is paal en perk gesteld aan den vreemden invoer en de vaatwerken hier vervaardigd gaan door gansch België en tevens naar het buitenland. Een der tonnen die op de Groote Tentoonstelling te Brussel dezen nijverheidstak vertegenwoordigde, heeft een inhoud van 3.000 liter.' 1888, 2 juni De gemeenteraad geeft aan M. Beerden machtiging om tegen 10 fr per jaar, tijdens de openbare concerten en feesten in de stad aan de toehoorders stoelen te verhuren tegen 10 cent per stoel. 1888, 4 juli 'De stoomboot Demer richt een aangenaam, verfrisschend en spoedig uitstapje in alle dagen om 14,30 u naar Beeringen. De reis heen en terug kost 1,25 fr. 1888, 2 augustus In de zitting van de Hasseltse gemeenteraad wijst Geraets er op dat de restauratiewerken in de hoofdkerk al te zeer op technisch en kunsthistorische basis uitgevoerd worden zonder rekening te houden met historische waarden. Hij keurt de vervanging van het hoogaltaar door een ander goed alsmede de herstelling van het groot kruis dat vroeger boven het hoogzaal schijnt te hebben gehangen, de afbraak van de marmeren afsluiting en de verdwijning van de koperen deur op het koor. Hij betreurt de eventuele vervanging van de orgelkast, werk van de Hasselaren A. Bexen A. Bertrand en van de biechtstoelen die, 50 jaar geleden op een openbare verkoop in de Augustijnenkerk gekocht werden. 1888, 19 augustus 'Aanhoudend ziet men in de straten onzer stad jonge knapen achter op de karren en rijtuigen springen en zich alsoo aan groot gevaar blootstellen.' 1888, 22 september De inhuldiging van den nieuwen schouwburg der Ware Vrienden op toekomende maandag belooft schitterend te worden. Ziedaar dus de Ware Vrienden in bezit van den eersten schouwburg die in Limburg bestaat... De gordijn geschilderd door Eduard Lemaitre van Luik is een meesterstuk... Ook de luster, geleverd door Paul Pilate uit Brussel is een echt meesterstuk met zijne 130 lichten, zijne hoogte van 4 meters en een doorsnede van 2,75 m... En gij, beste burgers, beschouwt den weg die de kleine sociëteit uit het Vosken sedert 31 december 1861 afgelegd heeft.' 1888, 15 oktober Te Hasselt hebben grote plechtigheden plaats ter gelegenheid van het parlementair jubel-feest van minister van Staat Thonissen. 1888 T. Claes uit Kuringen verkocht aan het Museum vanhet Jubelpark teBrussel, 505 tegels van de abdij van Herkenrode, die beschilderd waren met borstbeelden, dieren en planten. Jan Arnold Nilis, geboren te Hasselt op 15 juni 1810, was sinds 1834 meester van schoonschrift eerst aan het gemeentecollege, later aan het Kon. Atheneum. In 1888 werd dat leervak afgeschaft. 1889, 5 januari 'De maatschappij der aspergerieplantingen van Bockrijk heeft een onderscheiding behaald op de tentoonstelling van kookkunst te Brussel. Sedert verleden jaar bebouwt men ongeveer 100 ha. en is er ook een allerbest ingericht fabriek van opgelegde aspergies, boonen, erwten in vollen bloei.' 1889, 24 maart Een huisvader geeft in De Onafhankelijke aan de ouders der eerste kommunikanten de volgende raad: 'Kleedt uwe kinderen zoo als 't betaamt maar wacht u van u zelven belachelijk te maken groote en onnoodige kosten te doen.' 1889, 31 maart In het koor van de Sint-Quintinuskerk, dat sinds mei 1888 afgesloten was, zijn de herstellingswerken geëindigd; de afsluiting tussen koor en schip verdween en het grote kruis boven aan de ingang van het koor is hersteld. 1889, 27 april In de Hasseltse kranten De Onafhankelijke en De Demer verschijnen vlammende artikels over het incident tussen de twee toneelgroepen Minerva en De Ware Vrienden die beiden op dezelfde dag een vertoning gaven. 'De Ware Vrienden geven hunne feesten waar en wanneer zij willen. Zij hebben zich over de Minerva en haar feesten niet te bekreunen. Of beeldt men zich in dat de Ware Vrienden hunnen prachtigen schouwburg hebben gebouwd om hem laten leeg te staan telkens dat het eene andere maatschappij zal believen in de klerikalen Casino of elders een feest te geven? Dat ware aartsdom'. 1889, 14 juli Op het goed Kiewit, eigendom van Emile Vroonen uit Tongeren had de inhuldiging plaats van 'den nieuwen aangelegden monsterberg waarvan men op den top de omstreek uren ver kan zien'. 1889, 20 oktober 'Wil men weten hoeveel drankslijterijen te Hasselt bestaan? Driehonderd negentig. Wat droevige vooruitgang en dat voor eene stad die geene 14.000 inwoners telt.' 1889, 21 december 'Sedert de degelijke inrichting onzer bierbrouwerijen is het ijs van de Demer en van het Kanaal een zeer gezocht artikel geworden; onze brouwers halen er aanzienlijke hoeveelheden van weg. De gemeenteraad heeft bevolen dat er geen ijs meer zal mogen weggehaald worden zonder de toelating der politie; deze zal de plaatsen aanduiden waar zulks zal toegelaten of verboden zijn.' 1503 'De aspergeriekweekerijen van Bokrijk nemen van jaar tot jaar eene aanzienlijke ontwikkeling. Driehonderd werklieden zullen er volgend jaar werk vinden gedurende het afsnijden der aspergien en het inleggen der conserven.' 1890, 1 januari Frits Oppermann uit de Persoonsstraat maakt publiciteit voor zijn 'stoomfabriek van mostaard' en voor zijn werk als pompmaker en zinkwerker. Tevens deelt hij mee dat 'een telefoon in zijn huis is ingericht tot op een afstand van 300 meter'. 1890, 15 maart 'Sinds eenigen tijd hebben de bewoners van de Fonteinstraat verscheidene reclamaties ingediend tegen het bestaan der openbare huizen van ontucht in dit volkrijk kwartier. Het gemeentebestuur heeft besloten het eenige huis van dien aard te doen sluiten en het naar eene daartoe meer geschikte plaats te doen overbrengen.' 1890, 13 april 'Het genootschap De Jonge Klauwaarts te Hasselt, dat zoo langen tijd bekampt en bestookt werd en dank zij aan de vervolging, het getal zijner werkende leden had zien verminderen, mocht dit weer zien aangroeien en dermate zelfs dat het nooit zoo sterk is geweest.' 1890, 15 mei 'De Kabouter' dankt de Zusters van de Kindsheid Jesus te Hasselt voor de stelselmatige vervlaamsing van de meisjesnormaalschool, 'waar de leerlingen verplicht zijn de eene week zuiver Vlaamsch te spreken en de andere week de vlaamse of franse taal mogen gebruiken naar goeddunken. Bi j U, Eerwaarde Zusters, heeft de moedertaal nog intrek gevonden nadat zij in het verkankerde Hasselt uit de meeste onderwijsgestichten verbannen werd'. 1890, 18 mei In den tuin der jonge Katholieke Wacht in de Kapelstraat bevindt zich een Judasboom (arbre de Judée) welke 400 jaren oud is en op dit oogenblik in vollen bloei staat.' 1890, 2 juni De parochiekerk van O.L. Vrouw Boodschap te Spalbeek, een neoromaanse zaalkerk, wordt ingehuldigd. 1890, 21 juni De Hasseltse gemeenteraad besluit een rioleringsnet aan te leggen in de Kapelstraat, Diesterstraat, Cellebroederstraat en op de Havermarkt. 1891, 22 mei De werken van de Hasseltse waterleiding, 14.625 meter lang, worden opgeleverd. 1891, 12 juli 'De aspergeries van Bokrijk brengen de inwoners van Hasselt ter kennis dat zij zich aanbieden om de gemakken kosteloos te ruimen met twee ketels, die tweemaal per dag in de stad komen.' 1890, 7 juli In Hasselt wordt de N.V. Manufacture de Porcelaines du Limbourg gesticht, die in 1893 ontbonden werd. 1890, 8 juli Het Ministerie van Oorlog en de stad besluiten het gebouw van het oud militair hospitaal, in 1839 aangekocht, te verkopen aan een nieuwe maatschappij, die er een porseleinfabriek wil oprichten. 1890-1895 In de Bonnefantenstraat bouwt stoker Theunissen een reeks van arbeiderswoningen. 1891, 25 januari Een overvloedige sneeuwval hindert de doorgang van de straten te Hasselt. In De Onafhankelijke worden de 'stadhuisheeren' aangespoord om het 'beproefd arm werkvolk' aan het werk te zetten: 'Laat eens zien dat gij goede bestierders zijt, komt uit uwen warmen hoek en gebruikt eens een gedeelte van uwe kolossale boni's om het werkvolk iets te laten verdienen'. 1891, 15 februari In de O.L.Vrouwekapel van de hoofdkerk te Hasselt wordt een nieuw glasraam geplaatst met afbeeldingen van de 15 mysteriën van de Rozenkrans, werk van Ostenrath uit Tilf. 1891, 1 mei Ter gelegenheid van een meiavondviering ontstaat er op de Grote Markt een incident tussen de maatschappijen St.-Cecilia en de Rethorica 'toen de mannen van Rethorica afkwamen en poogden door hun akelig geschetter de uitmuntende uitvoering van het stuk van St.-Cecilia te storen...'. 1891, 31 juli In de Hasseltse gemeenteraadszitting bespreekt M. Lieben het ontwerp voor de tramlijn Hasselt-Beringen-Leopoldsburg, die van groot belang is voor de handel van de stad. Volgens hem zou een nieuw en groot gevaar de stad bedreigen. 'De Diestenaars willen eene lijn hebben tusschen Diest en Beeringen. Komt deze lijn tot stand dan verliezen wij de dorpen Pael, Beeringen ,Heusden en Zolder.' 1891, 5 augustus "t Is nu weer de mode geworden dat de dames kleeren dragen met eenen sleep. Er zijn er die het tegen hunne goesting doen maar zij doen het toch.'t Is immers de mode.' 1891, 15 augustus 'Het porseleinfabriek vervaardigt in dit oogenbliek beeldjes der Virga Jesse. Deze beeldjes zijn zeer mooi en de fabricage wordt dermate bespoedigd dat zij morgen te koop kunnen gesteld worden.' 1891, 16 augustus In het lokaal van de Ware Vrienden wordt een tentoonstelling van Kunst en Nijverheid gehouden. Daar worden tentoongesteld plannen van het park van Bokrijk en van Kiewit van dehandvanJanCreten, enkele werken van G. Guffens, vanMichelGeraerts, Djef Anten, A. Dumont, Paul Bamps, een plan van het kasteel van Bokrijk, gemaakt door Van Mansfeld. 1891, 6 september In verband met bluswerken in de Meldertstraat waar de brandspuiten in gebreke bleven, schrijft De Onafhankelijke: 'Iedereen kan bestatigen dat het stelsel van de waterleiding een echt knoeiwerk is. Iedereen weet dat het water slechts is en slecht blijft. Het kan niet als drinkbaar doorgaan. Men kan het niet gebruiken om te blusschen.' 1891, 11 oktober In De Demer verschijnt een artikel over de priesters: 'Onze pastoors hebben ons van in vroegere jaren knollen voor citroenen opgesolferd; de lessen welke zij ons hebben gegeven, de vertelsels door hen gedaan, de leef- en stelregels door hen voorgehouden en aanbevolen zijn een samenweefsel van schrikaanjaging, bedrog en opstooptrekkerij... Religie, superstitie en kwakzalverij zijn toch van eenen deeg en stellen maar uithangborden daar om menschen te misleiden.' 1892, 1 januari In De Kabouter verschijnt een scherp artikel over de verfransing in de gemeenteschool van Sint-Lambrechts-Herk. 'Zijn die nonnekens van zin een afzonderlijk ras te vormen? Op hare prijsuitdeeling doen zij fabeltjes declameeren in zuiver Fransch, van papegaaien. Doch het is die heilige zusterkens niet genoeg door alle middelen hare leerlingen wijs te maken dat het Fransch voornamer klinkt als Vlaamsch, zij willen vlaamsche meisjes in 't Fransch doen bidden; daarom deelen zij kerkboeken uit, waarom ook geen fransch wijwater? Waartoe dient fransch onderwijs in St.-Lambrechts-Herk? Tot niets, hoegenaamd tot niets. Zullen die verfranschte 'mademoiselles' beter, geleerder en deugdzamer zijn? Of is dat Fransch misschien noodzakelijk om koeien te voederen?' 1892, 20 februari Burggraaf de Buisseret huurt de oude renbaan van Tulpinck, eigendom van M. Vroonen-Aerts, vroeger van baron de Woelmont, om er zijn renpaarden te laten oefenen. 1892, 9 april 'Te Bokryck zal eerlang een gesticht van geneeskundige behandeling door 't water geopend worden dat de naam zal dragen van Thermes-Kneipp. Men zal er het stelsel van den beroemden Duitschen pastoor toepassen. Dit gesticht zal gevestigd zijn in het landhuis en de aanhoorigheden der voormalige zandgroeven.' 1892, 15 mei Op de Leopoldplaats geeft de hardloper William Stewart een voorstelling van hardlopen. 1. Een wedloop van 10.000 m. in 30 min. door Miss Lully; 2. Een wedloop van 10 km. in 25 min. doorStevart; 3. Wedloop tegen liefhebbers te paard; 4. Wedloop van 500 m. tegen velocipedisten. 1892, 29 mei Djef Anten, nieuw provinciaal raadslid, verklaart dat 'tegenstrijdig met de bevestiging van zekere nieuwsbladen, hij jegens niemand de verbintenis op zich genomen heeft van Vlaamsch te spreken in den provincialen raad'. 1892, 5 juni Te Hasselt wordt een Veloce Club Hasseltois gesticht die op 12 juli een eerste wedstrijd inricht van Hasselt naar Lanaken. 1892, 21 augustus Tijdens de kermis van Kermt werd een wielerwedstrijd ingericht. Een koers over 27 km. werd afgelegd in 59 min. De krant berichtte hierover dat één van de deelnemers met een 'holle band' reed en 'had dientengevolge 10 min. voor'. 1892, 17 september 'Gedurende de kermisdagen zal er op de Groote Markt een spreekwerktuig, nieuwe phonograaf, volgens het geperfectionneerde stelsel Edison worden tentoongesteld.' 1892, 12 oktober Eerste steenlegging van de nieuwe kerk te Sint-Lambrechts-Herk. 1533 1893, 1 januari In De Kabouter verschijnt een artikel over de taaitoestanden te Hasselt. 'In Hasselt in Sint-Jozef is het fel veranderd. De eerw. Heer bestierder is er gelukkiglijk op den weg van Damascus en 't zou nog wel een Sint-Paulus kunnen worden'. 1893, 15 april 'Door onzen stadsgenoot Joseph Swaab, is een veerkrachtige onbreekbaren band uitgevonden voor velocipedewielen waarmee men over glas, nagels en messen kan rijden.' 1893, 1 mei Te Bokrijk wordt een Kneipp-instituut geopend met uitgestrekte eigendommen, park, vijvers, kanalen 'om barrevoets in te loopen', ijskelders, wintertuin. De directie berust in handen van Joan Duhr, leerling van Kneipp, en dr. van Emelen. Hippe, 'opper-doucheur' zal met een Duitse 'doucheuse' de badinrichting besturen. Het Kneipp-gesticht trachtte de zieken te genezen door 'baden, stormbaden en begietingen'. 1893, 11 mei 'Het verval der Jonge Klauwaarts heeft aan de Vlaamsche Beweging te Hasselt eenen slag toegebracht die tot nog toe niet hersteld is. Degene, die uit eigenzinnigheid zijne macht misbruikt heeft om de Jonge Klauwaarts in den grond te boren, heeft zware rekenschap te geven. De omstandigheden zijn thans gunstig om de Klauwaarts te doen herleven. Wij weten dat in het Kon. Atheneum van Hasselt zoowel als in St. Jozefscollege talrijke jonge lieden sich bevinden die in hun hart Vlaamschgezind zijn.' 1893, mei De stadspompen in de straten, die niet meer in gebruik waren sedert de aanleg van een waterleidingsnet, worden te koop gesteld '12 schoone en groote gegotene pompen'. 1893, 20 augustus Hasselt bezit een soort van openbare badplaats, een barak opgeslagen achter de Hoogbrug langs de Demer in een weide vlak naast de steenweg. 'Het is voorwaar niet aantrekkelijk voor de zwemmers hunne naakte lichaamsgestalte te laten bewonderen... Het is evenmin behoorlijk voor de voorbijgangers van gansche troep omtrent naakste menschen te zien. Deze zeden hebben wel iets van den Congo weg'. 1893, november 1540 Verschijning van het eerste nummer van De Banier, blad van de Limburgsche afdeling van de Katholieke Vlaamsche Landsbond, dat gedrukt werd door E. Leen. Het tijdschrift bleef verschijnen tot 1906. 1893, 18 december In de Begijnhofkerk heeft een openbare verkoop plaats van een groot aantal houten beelden, zijaltaren, kommuniebanken, gebeeldhouwde eiken panelen, offerblokken, schilderijen en kandelaars uit de hoofdkerk en van een preekstoel, en een schilderij van Verhaeghen, het Laatste Avondmaal voorstellende uit de Begijnhofkerk. 1893 1542 P. Peeters uit Antwerpen levert aan de Sint-Quintinuskerk een nieuw hoofdaltaar met retabel in franse steen. 1894, 14 januari Te Hasselt wordt het Werk van de Volkssoep opgericht door het Sint-Vincentiusge-nootschap. Iedere dag wordt in het oud porseleinfabriek soep uitgedeeld aan 6 cent de liter en de armen kunnen er dank zij soepbons een liter soep bekomen. 1894, 3 maart De gemeenteraad beslist de Broekermolen te verkopen aan Hertz en Wolff voor 5.000 ft. 1894, 6 mei Op een vergadering te Hasselt wordt een besluit genomen om bij de Bestendige Deputatie aan te dringen aan de fabriek Hertz en co. de nodige machtiging te verlenen een fabriek op te richten. Er werd op gewezen dat sinds het verdwijnen van een groot aantal stokerijen, het volstrekt noodzakelijk is nieuwe nijverheden aan te trekken en dat de gezondheidsredenen tegen de vestiging niet ernstig moeten opgenomen worden. Op 25 mei verleende de Bestendige Deputatie haar toestemming om een lijm- en gelatine-fabriek op te richten. 1894, 17 mei De nieuwe parochiekerk van Sint-Lambrechts-Herk wordt door de deken van Hasselt ingewijd. 1894, 25 mei De Bestendige Deputatie verleent aan de firma Hertz en Wolff machtiging om te Hasselt een gelatinefabriek op te richten. 1894 In de Walputstraat werd tijdens het jaar een politie- en brandweerkazerne opgetrokken. 1895, 18 januari 'Met vreugde bestatigen wij dat te Hasselt is opgericht eene voetbalvereeniging en Kegel-club met als voorzitter C. de Lorm en als secretaris J. Coucke.' 1895, 12 februari 'Op de oude stadsmolen van Hasselt worden openbaar verkocht zes paar Andernachsche molensteenen, een rechtstandig stoommachine en een stoomketel met waterverwarmbuis, een ijzeren schouw van 12 m hoogte.' 1895, 24 februari 'Met genoegen kunnen wij de inwoners en meer in het bijzonder de werkende klas en den handel de aanstaande opening aankondigen eener fabriek van ceramiek, refractaire voort-brenselen en ornementen voor gevels en kamers. De nieuwe nijverheid zal in de grote werkplaatsen van de oude porceleinenfabriek ingericht worden en reeds vanaf het begin aan een honderdtal menschen werk verschaffen.' 1895, 17 juni Te Hasselt wordt de Limburgsche Wielrijdersbond gesticht door Fr. Boons, C. Hermans, E. Leen, Jul. Leen en Th. Stallenberg. 1895, 17 november Ter gelegenheid van de katholieke overwinning in de gemeenteverkiezingen, schrijft De Onafhankelijke: 'Leve Hasselt. 17 lange jaren lag de katholieke stad gebukt en als verkracht onder de liberale dominatie. 17 jaren moesten wij wachten om de volksstem, de uitdrukking der ware gevoelens onzer zoo christelijke bevolking te hooren. Eindelijk behoort Hasselt aan Hasselt en het Katholieke Hasselt aan het katholieke Limburg. 1895, 11 december Ferdinand Portmans wordt burgemeester van Hasselt. 1554 1895, 16 december In de Hasseltse gemeenteraad vraagt Vangeel dat in het vervolg in een vlaamse stad als Hasselt, de processen-verbaal der zittingen en de beraadslagingen van de Raad in het vlaams worden opgesteld. Dat voorstel wordt met algemene stemmen aangenomen. 1895, 18 december 'Verleden week heeft de advokaat Geraerts onzer stad een Vlaamsen pleidooi gedaan voor het tribunaal van eersten aanleg, zoo veel bestudeerd, zoo letterkundig schoon dat de Voorzitter hem van harte gelukwenschte en de hoop uitdrukte hem nog dikwijls te hooren pleiten in de fraaie moedertaal.' 1896, 8 maart Het bestuur der Godshuizen verkoopt voor 70.000 fr. het Begijnhof met kerk en huizen aan de Broeders van Liefde, die de kerk zullen heropenen en een weeshuis zullen oprichten. 1896, 22 maart 'De Werkmansbond, een maatschappij van Onderlinge Bijstand zal eerlang beginnen met de oprichting van werkmanswoningen.' 1896, 25 juli In de gemeenteraad vraagt Djef Anten dat het kermisprogramma zou gewijzigd worden. ''s Is altijd dezelfde koude pap met dezelfde brokken op dezelfde schotel'. Hij stelt voor dat er zou georganiseerd worden een Venetiaans feest met vuurwerk aan het kanaal, een grote carrousel ruiterwedstrijd, een wedstrijd voor etalages, volksspelen, wielrijdersfeest. 1896, 25 augustus Ter gelegenheid van grote militaire oefeningen in Leopoldsburg, worden er circa 8.400 militairen en een groot aantal paarden bij burgers van Hasselt ingekwartierd. 1896, september In Hasselt wordt een etalagewedstrijd ingericht. 'De stad was verlicht als op klaren dag, electriek vier, gaz, petrool al wat maar licht bijbrengt. Hier en daar is er een winkel bekend om gansch het jaar door met oneindig veel goesting te etaleeren doch dezen maken de kleine minderheid uit.' 1896, 9 oktober De Demergilde, een nieuwe vlaamse maatschappij te Hasselt zendt een omzendbrief aan de handelaars van de stad om hen te vragen de opschriften te vervlaamsen: 'Slaat seffens de hand aan 't werk om uw uithangbord, uwen gevel, uwe winkelkast, uwe deur te vervlaamschen. Zoodoende zal Hasselt met de feesten van het Zevende jaar waarlijk een vlaamsche stad zijn'. 1896, 10 oktober De firma Steemans uit de Demerstraat maakt publiciteit voor velocipedes, die zij reeds 8 jaar verkoopt. 'Hij heeft in Limburg den eersten luchtband bereden, den eerste bycycle multiplié, den eersten tandem tricycle met luchtband, den kleinsten tandem van den wereld en den eersten velocipede zonder keting in België.' 1896, 25 oktober Het Hasselts historisch tijdschrift l'Ancien Pays de Looz, gesticht door Dr. C. Bamps, laat het eerste nummer verschijnen; het tijdschrift bleef tot in 1914 bestaan. 1896, 31 oktober I let liberale weekblad De Demer schrijft een vlammend artikel over de gemeenteschool van (ïodscheide die omstreeks 1856 opgericht werd; tijdens de schooloorlog werd er in 1880 een vrije school geopend, de onderwijzer J. Melchior verliet de gemeenteschool, werd kan-lonnaal inspecteur van het vrij onderwijs. In 1896 op 14 februari besliste de katholieke gemeenteraad de gemeenteschool van Godscheide op te heffen. 1896, 13 november In de gemeenteraadszitting betoogt Djef Anten in verband met het verbod lotto te spelen in de herbergen, dat dit 'tergend en ongehoord is om de kleine man het onnozel lottospel te verbieden als men de rijken toestaat hun fortuin te verspelen met dobbelsteene, roulette'. 1896, 25 november 1567 Djef Anten komt in de Hasseltse gemeenteraad tussen beide in verband met de komende Boerenkrijgfeesten. 'Heeft België zijnen Boerenkrijg, Hasselt heeft zijn slag der Planc-keweide en de helden van 1798 mogen ons de helden van 1682 niet doen vergeten'. Hij stelt dan ook in naam van de Jongmanskamer voor dat men een gedenksteen zou oprichten. 1896, 18 december De bouw van een provinciale raadszaal in de Lombaardstraat wordt aanbesteed en voor 131.860 fr toegewezen aan Douchar, aannemer te Hasselt. 1896, 30 december De Broeders der Onbevlekte Ontvangenis worden vervangen door de Broeders van Liefde van Gent. Tijdens een plechtigheid worden zij gehuldigd voor hun toegewijd optreden tijdens de voorbije 50 jaar aan het onderwijs der armen, het beheer van het weeshuis en het verplegen van de choleralijders. 1897, 6 januari 'De werkzaamheden aan de velodroom tusschen Hasselt en Curingen gaan goed vooruit; daar werken ruim 60 werklieden. Men komt tot de overtuiging dat onze velodroom een der schoonste zal worden van ons land. De eerste virage zal deze week gereed zijn.' 1897, 2 maart In Hasselt gaat de Karnavalstoet uit, die vooral een publiciteitsoptocht was 'de caramellen als vlinders doorkruisten de lucht en hoopen kwajongens worstelden erom'. 1897, 20 maart 'Sedert eenige dagen is men begonnen met de afbreking van den voorgevel van de kazerne van Herkenrode; dit werk zal al de schoone bouwkundige kleinigheden van dien voorgevel ten toon spreiden en niet weinig bijbrengen aan den verfraaiing van de Maestrichterstraat'. Het refugiehuis werd in 1897 tot 1911 gerestaureerd en uitgebreid onder de leiding van M. Rypens. 1897, 26 maart De gemeenteraad keurt het eerste reglement voor de wielrijders goed, waarin o.m. bepaald wordt dat het de wielrijders verboden is rond rijtuigen, ruiters of wandelaars te draaien en 'oefeningen van welke soort ook uit te voeren' en sneller te rijden dan een paard dat op draf gaat. 1897, 16 mei 'Thans worden er vele huizen geverfd. Het ware te wenschen dat er wat meer levendige kleuren gebruikt werden... In Hasselt schijnen cimentgrijs, berenbruin en rattengrauw de voorkeur te hebben... en dan de opschriften en namen. Wat waren die schoon in vroegere eeuwen. Wat zijn die soms gek en dom zelfs den dag van heden. De eigenaars moesten aan de huurders verbieden den naam van het huis te veranderen. Het is spijtig dat de uithangborden soms zoo schoon, zoo kunstig gemaakt, allengskens verdwijnen. Men werkt om de stad toekomend jaar goed te versieren. Waarom zou men geen versierselen inbrengen die niet 14 dagen maar jaren zullen blijven duren: schoone uithangborden, kunst op straat.' 1898, 27 januari Ridder Grady de la Neuville wordt als nieuwe burgemeester te Wimmertingen ingehaald. 1898, 14 maart In Hasselt wordt overgegaan tot de oprichting van een maatschappij van werkmanswoningen onder de benaming 'Eigen Dak'. 1898, 24 mei De Minderbroeders kopen hun oud klooster in de Minderbroedersstraat. 1577 1898, 16 juli Men is druk bezig met de uitvoering van de werken voor het plaatsen van het Boeren-krijgmonument op de Leopoldplaats. Volgens De Demer was de plaats niet goed gekozen: 'Het monument zal gansch het lief en aanlokkelijk gezicht van de schoonste wandeling der stad Hasselt bederven.' 1898, 30 juli 'Wij vernemen dat bij het opverwen van het stadhuis de oude Fransche opschriften door Vlaamsche zullen vervangen worden. De nonnekens van 't Hemelrijk hebben in de Maastrichterstraat op den gevel van hun normaalschool laten verven: Ecole normale pour institutrices. En daar moeten Vlaamsche onderwijzeressen gekweekt worden.' 1899, 21 januari De liberale kranten De Demer en La Campine geven een fictieve doodsbrief uit van het katholieke blad Le Constitutionel 'overleden, beroofd van de hulpmiddelen der Bisschoppelijke geldkast'. 1899, 5 februari 'Vrijdag was het loting en 's avonds toen de koppen licht werden zijn op verschillende plaatsen der stad, de vuisten opgeheven geworden. Gelukkig dat er niets ergs voorgevallen is.' 1899, 19 maart 'De eerste wedstrijden in de velodroom te Hasselt zullen plaats hebben op 7 april. Wij zullen daar iets te zien krijgen wat voor al onze medeburgers eene zeer aantrekkelijke nieuwigheid zal zijn, namelijk een wedstrijd op 25 kilometer voor zelfbewegende rijtuigen (automobielen).' 1899, 23 april 'Men kondigt aan dat het Staatsbestuur besloten heeft het stationgebouw onzer stad te vergrooten. De thans bestaande statie zal afgebroken worden en vervangen worden door een nieuwe met eenen monumentalen voorgevel.' De publieke aanbesteding voor het bouwen van een Post-Telegraaf- en Telefoonkantoor met woningen voor Post en Telegraafontvanger heeft plaats; de firma Heen uit Eeklo had de laagste prijs, nl. 176.000 fr. 1899, 30 april In de Hasseltse velodroom hadden de eerste wedstrijden plaats. Er was een wedstrijd voor motorrijwielen: "t Was voor de eerste maal dat wij een wedstrijd zagen van zelfbewegende rijwielen. Op zondag 14 mei zullen er wedstrijden gehouden worden voor wielrijders en voor voetlopers. ' 1899, 10 juni Een lezer van De Onafhankelijke schrijft een verontwaardigde brief over het gebrek aan pisbakken in de straten van Hasselt. 'Men zou zeggen dat vele der brave inwoners de straat uitgekozen hebben om aan hunne natuurlijke noodwendigheden te voldoen... En dan worden de kleine straten gekozen en heerscht aldaar die verpestende geur'. 1899, 18 juni Op de Hasseltse velodroom hebben er wedstrijden plaats. 'Verder behelst het programma eene partij footbal, sport welke in Limburg nog weinig bekend is.' 1899, 25 juni De stadsbouwmeester Rypens maakt een plan op voor een nieuwe wijk, gelegen tussen de Kuringersteenweg en de Kanaalkom, 8 ha groot waar slechts twee huizen staan. 1899, 3 augustus 'De Eerw. Paters zullen morgen hun nieuw klooster gaan bewonen. De eerste mis in de kerk der Minderbroederstraat zal op de eerste vrijdag van augustus gelezen worden.' 1899, 1 september Opening van de buurtspoorweglijnen Hasselt-Leopoldsburg en Hasselt-Borgloon. 1899, 2 oktober Elf zusters Klarissen komen uit hun klooster te Roeselare naar Hasselt en vestigen zich tijdelijk in de 'Villa Nossent'. 1899, 14 oktober In De Demer wordt er druk propaganda gemaakt ter gelegenheid van de gemeenteverkiezingen van 15 oktober. Men neemt de katholieke propaganda op de korrel o.a. in verband met het gedenkteken ter ere van M. Thonissen. 'De klerikalen hebben over meer dan drie jaar, voor dat gedenkteken 5.000 fr gestemd en ontleend. Die 5.000 fr hebben zij verteerd in werken en feesten die niet de minste betrekking hadden met de nagedachtenis van de heer Thonissen.' Later wordt er in hetzelfde weekblad geschreven: 'De uitslag der verkiezingen heeft de verwachting onzer vrienden niet beantwoord. Hunne dappere pogingen werden verbrijzeld door den vloed van haat en blind fanatismus.' 1899, 15 oktober Gemeenteraadsverkiezing te Hasselt. De uitslag is geene gewone zegepraal der katholieke partij, 't is eene verplettering van den ganschen liberalen- en socialistenboel... Ondertusschen zullen de oprechte christenen den Heer bedanken die aan de katholieke stad Hasselt de oneer en het ongenoegen gespaard heeft door een geuzenbestuur geregeerd te worden...' 1900, 1 juli De stoomtram rijdt voor de eerste maal op de nieuwe lijn Hasselt-Herk-de-Stad. 'Dit was een groote gebeurtenis voor Stevoort. Iedereen wilde den tram zien voorbij trekken, anderen zelfs er een uitstapje mede maken, allen hem inhuldigen.' 1900, 15 juli De Koning en de Koningin bezoeken de provinciale landbouwtentoonstelling te Hasselt. 1900, september In de gemeenteschool op de Guffenslaan wordt een provinciale kunsttentoonstelling gehouden met schilderwerken van Guffens, Djef Swennen, Jul. Stappers, Rosier, Djef Anten, mej. Ang. Drumaux, Van Voren, Rombauts en Paul Bamps; ook waren er beeldhouwwerken van Cantillon. 1900, 23 september In de kerk van Wimmertingen wordt het nieuwe orgel van Jules Geurts uit Antwerpen, ingehuldigd. 1900, 3 oktober De nieuwe kerk van Sint-Lambrechts-Herk wordt ingewijd en de volgende dag die van Wimmertingen. 1900, 6 oktober 'Bravo. Prachtig, zeer prachtig de verlichting met electrisch licht van den boulevard van het Atheneum, van aan de Nieuwpoort tot aan de Wapenplaats tijdens de kermis. 1900, 14 oktober In Hasselt worden grootse feesten ingericht ter ere van Dr. Willems; men biedt aan de gevierde een portret aan van de hand van Geraerts en een borstbeeld, werk van E. Cantillon. 1900, 25 november In de zaal van het Casino wordt hulde gebracht aan Alexis Pierloz die 25 jaar directeur is van de Kon. Maatschappij St-Cecilia. In de 'Boschkar' had een feestmaal plaats met op de spijskaart: oesters, soep, schelvis, aardappelen, gebraden ruggestuk, gevogelte, hertenbil, gestoofd fruit, gevulde kalkoen, gebak en fruit. 1900, 17 december Opening van het nieuw postkantoor op de Havermarkt, gebouw opgetrokken door de Hasselaren Gody en Vander Aa. De openbare zaal met loketten was met parket belegd en 'de winketten zijn ingelijst door schoone steentjes uit onze ceramiekfabriek die eveneens een panorama van Hasselt heeft samengesteld'. 1900 In de Minderbroederskerk werd een 18de eeuws hoofdaltaar van marmer en hout geplaatst dat overgebracht was uit de Sint-Pieterskerk te Leuven. 1901, 26 januari 1604 'Sedert eenigen tijd klagen de inwoners van de Statiestraat en van de boulevards over het gerucht voortgebracht door den tram. De machinist gebruikt waar het niet nodig is, de fluit van den vapeur in plaats van zijnen hoorn te gebruiken.' 1901, 22 mei Inwijding van het nieuwe klooster der Clarissen op de huidige Guffenslaan. 1901, 5 juni Brand in de kerk van Wimmertingen, waar de ganse inboedel in as wordt gelegd. 1901, 9 juni Het nieuw postkantoor op de Havermarkt wordt officieel geopend. 1607 1901, 26 juli Gustaaf Goetsbloets en Emile de Borman, eigenaars van de sigarenfabriek Aux Armes du Limbourg te Hasselt verkopen hun zaak aan Georges Moreau van Hasselt voor 6.000 fr., waarin begrepen 473.650 sigaren van eigen firmanamen 'Kneipp', 'Le Royal', 'La Couronne Royal' en 'Thonissen, ministre d'Etat'. 1901, 10 september De Stadsoverheid opent een markt voor vette varkens, die iedere dinsdag zal gehouden worden op de Sint-Truidersteenweg aan de kant van de tuin van het Casino. 1901 Timmerman Jef De Mot bouwt te Stevoort een postgebouw en een station van de buurtspoorwegen. 1902, 1 januari Het dagblad De Onafhankelijke wijst op de twee grootste vijanden van de vooruitgang: 'het misbruik van sterke dranken en de maandagsche werkstaking'. 1902, 19 januari In de Sint-Berchmanskring te Sint-Lambrechts-Herk houdt H. Silveryser, leraar aan het College te Hasselt, een voordracht met 'zijnen tooverlantaarn'. 1902, 13 februari De Boerenbond opent een stapelhuis in de Isabellastraat. 1902, 22 februari Het liberale weekblad De Demer kant zich tegen de Boerenbond, Boerengilden en de melkerijen op de buiten die grote schade berokkenen aan de plaatselijke handel te Hasselt. 'Hasselt, eertijds gekend als bloeiend door zijn handel zal zoo laag vallen als het onnoozelste dorp van het land'. 1902, 18 mei 'Wij vernemen, niet zonder oprechte smart, dat de Veloce Club Hasseltois komt ontbonden te worden.' 1902, 25 mei Te Wimmertingen wijdt Mgr Rutten, bisschop van Luik, het nieuw hoofdaltaar in. Buiten de kerk hebben de inwoners opschriften aangebracht o.a.
1902, 26 juli 'Burgers van Hasselt, nu kunt gij 's nachts gerust slapen. Sedert verleden Maandag dragen onze politiebeambten witte, ja sneeuwwitte handschoenen'. 1902, 25 oktober 'Op 28 oktober wordt op het kasteel van Tulpin bij gerechtelijke verkoop te koop aangeboden vier engelse paarden, 1 engelse ruinveulen, 1 poney met getuig, karke op ressorts, zadels, toornen enz.' 1902, 14 december 'Wie door de straten wandelt, ziet dat onoplettende kinderen en ouderlingen gevaar loopen armen en beenen te breken op de ijsbergen overal bijna voortgebracht door de waterloopen der huizen... Meer dan ooit springt de noodzakelijkheid in het oog ieder huis te verbinden met de stadsriolen en de open waterloopen te vernietigen.' 1903, 5 maart Louis Severy en kinderen laten per opbod hun stokerij 'Vieux système' aan de Maastrich-terpoort verkopen. 1903, 18 juni Eerste nummer van De Toekomst van Limburg, te Hasselt uitgegeven door Fr. Olyff, een liberaal progressief opinie- en informatieblad dat bleef bestaan tot 27 december 1913. 1904, 23 juli 'Het dominospel heeft alhier sedert eenige jaren eene groote uitbreiding genomen. Het is vooral in de herbergen der Groote Markt en die der Demerstraat dat men dat spel ter harte 1904, 17-21 augustus In Hasselt wordt het Nederlands Congres van het H. Sacrament gehouden ter gelegenheid van de 100ste verjaardag van de overbrenging van het H. Sacrament van Mirakel naar Hasselt. 1904, 4 november De Hasseltse gemeenteraad besluit het oud militair hospitaal te verkopen aan een gasmaatschappij. 1904, 6 november Te Hasselt viert de Mijnwerkersgilde St.-Leonardus voor de eerste maal het patroonsfeest. Drukker E. Leen geeft het eerste nummer uit van de Gazet van Hasselt, een katholiek vlaamsgezind informatieblad dat bleef verschijnen tot 8 augustus 1914. 1904, 27 november Het beheer van de Spoorwegen ontwerpt een plan om de spooroverweg tussen de Bampslaan en de Runkstersteenweg door een brug voor voetgangers te vervangen. De Handels- en Nijverheidsbond van Hasselt tekent protest aan tegen de geplande afschaffing van de spoorwegovergang in de latere Passerelstraat waardoor het verkeer naar Runkst erg moeilijk zal worden. 1904, 29 november Het kasteel van Runkst met alle gronden wordt op verzoek van de erfgenamen Nijs-Ponet openbaar verkocht. 1904 Na een brand wordt de Veldekemolen te Spalbeek sterk gerestaureerd door graaf de Villegas de Clercamp en burggravin Vilain XIIII. 1905, 4 januari Onder zeer grote belangstelling wordt E.P. Pacquay, het Heilig Paterke van Hasselt, begraven. 1905, 25 januari Voor de rechtbant te Hasselt wordt een proces gevoerd tussen Dr. Sarolea, een liberale dokter die tot chirurg van het burgerlijke hospitaal werd benoemd en het dagblad Le XXme Siècle, die de benoeming had afgekeurd en de dokter verweet dat hij een hevige liberaal en een man was die aan God niet geloofde. Dr. Saroléa vroeg voor die beledigende woorden een schadevergoeding van 14.000 fr. 1905, 12 maart Een wielrijder uit Hasselt vraagt in de kranten aandacht voor de verbetering van de rijwielpaden in de stad. 'Er blijft voor de 250 Hasseltsche wielrijders geen ander middel dan zich te wenden tot de schepen van openbare werken'. 1905, 24 maart Guill. Adam Stellingwerff wordt benoemd tot voorzitter van de rechtbank; hij bleef in functie tot 1911. 1905, 29 maart 'Binnenkort worden de huiskens in de Meldertstraat afgebroken, door het ministerie van Oorlog aangekocht ter vergrooting van de kazerne.' 1905, 24 augustus Hugo Verriest komt voor de Limburgse Studentenbond in het Sint-Jozefspatronaat een voordacht geven onder de titel 'Een woord uit Vlaanderen'. 1905, 3 september Bij de 75ste verjaardag van de Belgische Onafhankelijkheid hebben er te Hasselt grootse feesten plaats, waarop de Koning aanwezig is. Op maandag 4 september had op het 'Wapenplaats' een optocht der schoolkinderen en een militair feest plaats. Het vuurwerk 'is een waere ontgoocheling geweest. Niets dat trof. Niets dat het publiek bewondering inboezemt. Het was niet waard de bekroning te wezen van zulke schitterende feesten'. 1905, 19 november Djef Swennen, kunstschilder en leraar aan de Tekenacademie te Hasselt, sterft op 34 jarige leeftijd. 1905, 7 december 'Deze week is in de stad eene motocyclette ontmoet die door het volk heen 40 a 50 km. per uur afdeed. Bestaan er dan geen reglementen? Ware het ook niet te wenschen dat zij die zich op velo of motocyclette oefenen op het Wapenplein, ten minste de wandeling tusschen de boomen vrij lieten voor wandelaars en voetgangers'. 1905 De firma Harzimont-Corsouls uit Hasselt levert een marmeren communiebank voor de O.L.Vrouwekerk te Hasselt. 1906, 8 juni De familie Goetsbloets viert de 150ste verjaardag van haar notariaat. 1906, 3 juli Negen jaar na de aanbesteding en begin der werken, wordt de provinciale raadszaal in gebruik genomen. 1906, 1 oktober 1643 De lessen van de pas opgerichte N.V. De Limburgsche Werkhuizen, later Limburgsche Ambachtsschool genoemd, ondergebracht in enkele gebouwen van de Tramstraat, namen een aanvang. 1906 De Bestendige Deputatie geeft een vergunning voor de oprichting van een fabriek van jutematten in een gebouw langs de Demer, van een jeneverstokerij in de Dorpstraat en van een toestel voor het maken van kunstijs in een brouwerij op de Houtmarkt (Dr. Willems-straat). 1907, 20 februari De Staat geeft zijn goedkeuring aan de aankoop van de ingangspoort van de abdij van Herkenrode voor 18.000 fr verkocht door Telemaque Claes. 1907, 7 juli In het Werkmanshuis te Hasselt wordt door een 50-tal arbeiders een Maatschappij van Onderlinge Bijstand opgericht onder de naam 'Vrede Sint-Quintinus'. 1907, 1 december In de kanaalkom te Kuringen lag er een motorschip uit Rotterdam met een vracht voor het margarinefabriek van A. Claes te Kermt. 'Met rede waren de inwoners verwonderd want tot op heden hadden zij er slechts trekbooten gezien. Op scheepvaartgebied is het voor onze streek eene nieuwigheid'. 1907, 7 december Te Brussel wordt tijdens drie opeenvolgende dagen de verzameling van Dr. Bamps openbaar verkocht 'Voorhistorische voorwerpen, boeken, platen, prenten, geschilderde glazen, munten, zegels, medailles, zilver-koper- en ijzerwerk, porcelein, steenen voorwerpen, meubels, curiositeiten, opgezette vogels en dieren dit alles maakt een cataloog uit van 1300 nummers'. 1908, 26 januari De hooge ijzeren brug over den spoorweg aan Dormaalpad werd voor het publiek geopend'. 1908, 1 april 'Als afdeeling van de Katholieke Wacht werd er in het lokaal Concordia een turnkring gesticht met 150 leden: Vlug en Vrij. Verleden zondag was de footballsectie van dezen nieuwe kring reeds werkzaam met 3 ploegen.' 1908, 24 mei Ter gelegenheid van de parlementsverkiezingen verschijnt in De Onafhankelijke de volgende oproep tot de kiezers: 'Kiezers, als gij in het kiesgangske staat, zijt gij niet alleen, neen, God ziet U, Hij Uw rechter zal u eens strenge rekening vragen over het gebruik van uw stem. Denk daar toch wel op'. 1908, 15 augustus 'Voor de eerste maal is er een Sint Mariakermis aan de Kempische poort, het kanaal en de Kempische steenweg.' 1908, 20 september 'Er werd een begin gemaakt met de inrichting van een stadsmuseum op het gelijkvloers van een huis op het Groenplein, waar o.m. bewaard worden stedelijke uithangborden, schilderijen van Paul Bamps, Geraerts, een schilderij van Guffens met de overhandiging van het vrijheidscharter van 1232, van Djef Anten, Swennen, portret van Mantelius, enige oude vaandels, stempels, zegels. Dat er streng gewaakt worde opdat niets daaruit verdon-kermaand worde zooals vroeger gebeurd is.' 1909, 24 januari 'Nog een hoek van Oud-Hasselt die verdwijnt; het oude gebouw der Witte Nonnen met zijn torentje is afgesmeten. De hoek tegen de Wittenonnenstraat staat nog recht, de boog over den Demer staat nog gespannen, maar voor hoelang nog? Zoo gaat het hier beneden, de tijd vreet alles op en de menschen smijten den boel 't onderste boven'. 1909, 21 februari De Onafhankelijke geeft als bijlage een plan van een voetbalterrein samen met het reglement van het voetbalspel in 16 artikels. 1909, 21 maart 165 De maatschappij St.-Cecilia neemt het initiatief om in de namiddag toneelopvoeringen te organiseren. 'Dat die Matinée's den grootsten bijval genieten, bewijst het talrijk publiek'. 1909, 2 juli In het station wordt een openbaar telefoonbureel geopend. 1657 1909, 4 oktober De school van Rapertingen wordt geopend voor meer dan 60 kinderen. Het gebouw werd opgetrokken door Juliaan Bielen. 1909, oktober De Zusters van de Kindsheid Jesus openen een nieuwe school in Runkst. 1909, 12 december 1660 'Men meldt dat het schilderij van Lampsonius, de Calvarieberg voorstellend, en dat van 1576 tot 1894 boven het hoofdaltaar in de hoofdkerk hing en naar Brussel ter restauratie was gezonden, eerlang terug in onze kerk zal prijken.' 1909 In het huis van wijlen advokaat Bellefroid op de Groenplaats wordt een stadsmuseum geopend. 1910, 17 januari Het toneelgezelschap Royaards voert te Hasselt het werk 'Adam in ballingschap' van Vondel op. 1910, 19 februari Het ontwerp van de nieuwe watertoren, opgemaakt door Peeters, directeur van de technische dienst der provincie, wordt goedgekeurd. Die watertoren op de Sint-Truidersteenweg werd in 1911 gebouwd. 1910, 26 februari ' De stad begint reeds de gevolgen te gevoelen van de ontwikkeling der grootni jverheid in het Limburgsch kolenbekken. Op 14 dagen tijd hebben 164 personen, arbeiders, een abonnement gevraagd op de spoor- en tramlijnen naar Genk, Asch, Zolder, Beeringen.' 1910, 30 april 'Deze week is in onze drukkerij (Eug. Leen) eene werkstaking uitgebroken omdat onze uitgever aan de gasten niet onmiddellijk de loonsverhooging wilde verleenen welke door zekere vakvereeniging geëischt werd.' 1910, 2 juni In de kerk der Clarissen wordt een eikenhouten retabel op het hoofdaltaar ingehuldigd, werk van de beeldhouwer Gussé, leraar aan de Hasseltse academie. 1910, 7 juli Tijdens een bezoek aan het vliegveld van Kiewit, vroeg generaal Helkbaut namens de militaire overheid aan ridder de Laminne of hij de eerste militaire piloten wilde opleiden. En zo werd de eerste militaire luchtvaartschool opgericht te Kiewit. 1910, 9 juli De stad beslist een straat te trekken om de Beekstraat en de Guffenssingel rechtstreeks te verbinden met de Luikersteenweg- de huidige Toekomststraat. 1910, 10 juli 'Sedert eenige maanden is in onze stad eene nieuwe nijverheid tot stand gekomen namelijk het diamantslijpen. Een dertigtal werklieden keren er de kunst om een ruwen steen in schitterende rozen te veranderen. Het is eene firma van Turnhout die deze nijverheid hier ingevoerd heeft.' 1910, 14 juli Om 10 u 's avonds komt in het station te Hasselt een speciale trein aan met de Tzaar van Bulgarije. 's Anderendaags vertrok de Tzaar met zijn gevolg per auto naar het vliegveld van Kiewit. 1910, 17 september In De Gazet van Hasselt verschijnt een bericht over de laatste damesmode: 'dunne, hooge hielen, een geweldig spannend keurslijf en toegestropte rokken'. 1910, 8-16 oktober Op het terrein van Kiewit wordt een vliegweek georganiseerd. Iedere dag zijn er een of meer vluchten door de vliegeniers ridder de Laminne, Beaud en Verschaeve. Er werden speciale treinen ingelegd vanuit Leuven, Maastricht en Luik om de feesten te kunnen bijwonen. 1911, 22 januari De kerkfabriek van Kermt verkoopt voor 2.500 fr aan het museum te Brussel een antepen-dium, afkomstig van de abdij van Herkenrode, met in het middenstuk een botduurwerk van 1548 dat het Laatste Avondmaal voorstelt. 1911, 28 januari 'Er wordt vernomen dat een nieuwe naamloze vennootschap 'Glacerie modèle du Limbourg' in vorming is... dit nijverheidsgesticht zal gebouwd worden te Kuringen en zal bijzonder voor doel hebben het maken van dik glas, gewapend glas'. 1911, 25 maart Men maakt plannen om de Demer te overwelven tussen de Demerstraat en de Thonissenlaan. De Hasselaar Arthur Lippens behaalt de eerste prijs in een wedstrijd voor het maken van de nodige plannen voor de nieuwe Provinciale Vroedvrouwenschool op de Guffenslaan. 1911, 6 mei 'Op 't kasteel Henegouw heeft een lid der onlangs nog veel besproken familie Naundorf zijn intrek genomen. Deze heer komt van Oosterbeek in Holland en heeft zich laten inschrijven onder de namen van de Bourbon Henri-Jean Edouard.' 1911, 13 mei De kerk van Kermt wordt vergroot; de sacristie wordt achteruit geplaatst en een deel van de zijbeuken wordt afgebroken. 1911, 30 juli De stad gaat over tot de aankoop van een stuk grond achter de nieuwe kazerne om er een nieuwe watertoren 40 m hoog, te bouwen, die de toren van de Sint-Truidersteenweg moet vervangen. 1911, 5 oktober De nieuwe jongensschool van de Broeders van Liefde aan de Boomkensstraat wordt plechtig ingehuldigd. 1912, 11 februari 'Sinds eenige tijd reeds begaan de 150 a 200 koolmijners die met de trein van Diest en omstreken naar Luik trekken, allerlei buitensporigheden in de statie van Hasselt waar zij van trein moeten veranderen.' 1912, 3 maart Naar aanleiding van een moord in een danszaal op de Kuringersteenweg schrijft een verontruste Hasselaar een brief naar de krant: 'Onze stad vergroot jaarlijks en ook komt er zeker volksken in dat volstrekt geen aanspraak kan maken op grote zedelijkheid en deftigheid; onze stad wordt bezocht door zeker werkvolk dat in de nijverheid gewoon is geworden met deftigheid en goede zeden den gek te houden.' 1912, 14 april 'Wij vernemen dat de wereldberoemde Harry Meyers, oud kampioen der piste, bij het openingsfeest van den Hasseltschen velodroom het vertrek der koersen zal komen geven. Onze Hasseltsche renners zullen opkomen: Dussart, Van Schoonbeek, Somers en de twee Hougardy's.' Deze velodroom was aan de Luikerpoort gelegen. 1912, 2 juni Ter gelegenheid van de parlementsverkiezingen voert De Onafhankelijke propaganda tegen de liberale kandidaat Peten. Aan de lezers worden o.a. de volgende directieven gegeven: 'Alle Christene menschen die Maria eeren, stemmen onder 1. Kiezers, als gij in het kiesgangske staat, zijtgij niet alleen, neen, God ziet U, Hij uw Rechter zal u eens streng rekening vragen over het gebruik uwer stem.' 1912, 9 juni 'Wij vernemen dat er twee nieuwe parochies gesticht zijn, eene te Runxt en eene te Raepertingen.' 1912, 8 december 'Eindelijk zal er in Hasselt een dispensarium van teringlijders geopend worden. Het zal onder de leiding staan van Dr. Jadoul en ingericht worden in een der huizen van het Oud Begijnhof.' 1913, 9 februari In de Lombaardstraat wordt de Royalty Muziek Cinema geopend. 1913, 22 maart Aan de Luikersteenweg had een spoorwegongeluk plaats waarbij een reizigerstrein uit Luik inreed op een goederentrein uit Herstal. Er waren geen doden maar onder de talrijke gekwetsten noteerde men vele mijnwerkers uit Diest en omstreken; er waren vijf jongens bij die geen 16 jaar oud waren en die ook als mijnwerkers ingeschreven waren. 1913, 1 mei Te Hasselt wordt de Hasseltse zwemvereniging gesticht. Vermits er geen zwembad te Hasselt bestond en het schepencollege verbod had gegeven in het kanaal te zwemmen, waren de leden verplicht te Stokrooi te gaan zwemmen. 1913, 18 mei 1690 De weg naar Zonhoven buiten de Kempische Poort wordt in macadam veranderd. Te dier gelegenheid werd de weg aan de Hoogbrug verbreed. 1913, 26 juni Kolonel Dusart wordt bevelhebber van het lle linieregiment. 1913, 20 juli Op de ringlaan wordt het nieuw gebouw van de provinciale Vroedvrouwenschool ingehuldigd; het werd gebouwd door aannemer Daniels-Vanham naar de plannen van L. Jaminé. 1913, 7 oktober In de kerk van Sint-Lambrechts-Herk wordt het nieuwe orgel, gebouwd door het huis Stevens, gewijd. 1913, 9 november Enkele dames van Hasselt sluiten aan bij de 'Bond tegen de overtollige en oneerbare mode'. In het reglement komt o.m. voor dat de leden zullen vermijden 'a) de naaktheid der armen boven den elleboog, de zedenkwetsende uitsnijdingen en doorschijnende weefsels; b) het vleeschkleurig garniersel; c) de al te juist aangeperste en prangende rokken en andere stukken'. 1913, 30 november De minister van Oorlog heeft aan de krijgsoverheid laten weten dat de vliegschool van Kiewit afgeschaft is. 1914, 15 maart 'Al meer en meer wordt bestatigd dat de onderaardsche doorgang die in onze statie gemaakt wordt, te eng zal zijn; en waarom maar eenen niet drie'. 1914, 5 april Het bestuur van de 'Hasseltsche Baden' brengt ter kennis dat de badinrichting zal geopend worden op 1 mei. 1914, 10 mei Is het niet treurig dat hier in Hasselt, hoofdstad eener provincie, wij een statiegebouw bezitten waar alle Hasselaren over beschaamd zijn, oud, smerig, versleten, onvoldoende om den dienst behoorlijk uit te oefenen.' 1914, 4 augustus De stad Hasselt laat de volgende affiche drukken: 'Geachte Medeburgers, Het volgend telegram is ons toegekomen: België is in staat van oorlog met Duitschland. Behoudt uwe kalmte. Wij verwittigen U dat het overschrijden der grenzen door Fransche of Engelsche soldaten niet moet aanzien worden als een vijandig optreden'. Woorden uit de index dienen opgezocht in langs de zoekfunctie van de browser, zodat men onmiddellijk bij de er aan verboden uittreksel komt. De getallen verwijzen naar de plaats in de numerieke volgorde van de kroniek en geven het aantal keren aan dat het betreffende woord in tekst voorkomt. Langs de zoekfunctie komt men rechtstreeks bij alle uittreksels. Ambachten, 54, 60, 89, 113, 123, 137, 138, 143, 158, 169, 179, 185, 191, 226, 244, 272, 285, 293, 296, 298, 304, 308, 323, 349, 359, 363, 391, 392,432, 630, 714, 721, 785, 796, 797. Arbeid, 126, 137, 245, 298, 323, 359, 363, 666, 764, 841, 890, 1162, 1282, 1514, 1611, 1681, 1682. Amoede, armen, 93, 161, 213, 225, 271, 305, 368, 440,832, 833, 874, 1055, 1076, 1194, 1543. Augustijnen, 17, 41, 343, 454, 473, 476, 484, 675, 704, 849, 889, 943, 952, 1130, 1140, 1393. Bedelaars, 171, 213,451, 1059 Bedevaarten, 119, 531, 545, 557, 558, 754, 1042, 1300. Begijnhof, 20, 340, 348, 373, 480, 490, 511, 539, 634, 672, 683, 686, 691, 799, 816, 851, 855, 938, 962, 986, Belastingen, 218, 266, 633, 887-889, 923, 928. Bezettingen, 624-629, 926. Bier,113, 146, 1101, 1244, 1253, 1269, 1502. Blijde inkomsten, 103, 130, 220, 221, 243, 286, 314, 409, 460, 639, 1094, 1238, 1317. Boerenkrijg, 984, 985, 987-990, 997, 1035, 1206. Bonnefanten, 431, 448, 525, 536, 596, 715, 972. Bouwwerken, 666, 716, 719, 832, 838, 858, 864. Branden, 255, 463, 528, 553, 668, 671, 682, 688, 712, 719, 777, 872, 1077, 1085, 1115, 1133, 1219. Capucienen, 465, 470, 479, 514, 558, 733, 754, 944, 947, 968, 1012, 1019. Cellebroeders, 101, 135, 149, 150, 153, 176, 194, 336, 478, 516, 622, 750, 954, 991. Cultuurverenigingen, 873, 1256, 1258, 1260, 1281, 1288, 1290, 1388, 1395, 1416, 1463, 1471, 1506. Dagbladen, 1118, 1157, 1184, 1196, 1201, 1226, 1233, 1237, 1240, 1251, 1302, 1320, 1342, 1409, 1411, 1454, 1540, 1580, 1621, 1626. Drukkers, 601, 645, 647, 662, 696, 875, 1073, 1270, 1307. Eredienst, 949, 953, 956, 957, 963, 965, 974, 976, 978, 980, 998, 999, 1481. Feesten, 63, 190, 209, 225, 261, 304, 413, 441, 493, 529, 776, 813, 815, 826, 893, 913, 914, 917, 920, 935, 936, 967, 1084, 1117, 1119, 1182, 1189, 1190, 1225, 1229, 1291, 1299, 1315, 1338, 1368, 1434, 1442, 1466, 1488, 1493, 1567, 1571, 1600, 1623, 1637. Folkore, 114, 147, 217, 229, 291, 358, 508, 521, 605, 634, 694, 763, 792, 840, 918, 1096, 1216, 1224, 1286. Gebouwen: Openbare: 142, 156, 172, 331, 401, 407, 527, 535, 602, 603, 643, 701,
704, 848, 850, 856, 867, 933, 979, 1028, 1116, 1128, 1143, 1211, 1259,
1312, 1334, 1357, 1367, 1482, 1548, 1550, 1568, 1572, 1578, 1583, 1584, 1602, 1607, 1624, 1642, 1676, 1692. Gedichten, 532,717,744,748,794,839, 1044, 1093, 1188, 1195, 1241, 1242, 1273, 1298, 1616. Geneesheren, 85, 121, 124, 244, 1070, 1176, 1192. geschenken, 222, 258, 437, 762, 773. Godscheide, 165, 168, 347, 1181, 1215, 1217, 1232, 1345, 1392, 1565. Grauwzusters, 495, 497, 512, 845, 941, 1021, 1022. Handel, 123, 146, 292, 308, 313, 321, 381, 419, 426, 452, 573, 636, 637, 796, 866, 908, 921, 927, 1066, 1207, 1228, 1271, 1407, 1457, 1561, 1563, 1609, 1614. Markten: 240, 252, 408, 534, 582, 756, 881, 1136, 1221, 1306, 1325, 1430, 1437, 1444. Heide, 242, 457. Heidetwisten, 32, 98, 102, 107, 144, 148, 189, 202, 204, 264, 265, 312, 404, 499, 509, 566, 570, 584, 594, 705, 709, 802, 806, 809, 817, 826. Hekserij, 145, 227, 667. Henegouw, 28, 30, 253, 431, 448, 746. Herbergen, 90, 113, 146, 288, 353, 380, 677, 915, 922, 1501. Herkenrode, 7, 11-14, 16,21,23,24,31,42,62, 112, 151, 184, 186, 188, 221, 246, 250, 257, 284, 311, 615, 616, 772, 898, 903, 912, 939, 940, 945, 1004, 1007, 1009, 1024, 1077, 1085, 1494, 1645, 1673. Hongersnood, 313, 321, 419, 833. Hospitaal, 22, 445, 501, 564, 583, 599, 1054, 1058, 1074, 1079, 1086, 1091, 1151. Hygiëne, 123, 180, 237, 322, 427, 429, 446, 698, 711, 713, 761, 807, 823, 1152, 1265, 1266, 1362, 1465, 1586, 1686. Industrie, 724, 861, 890, 1009, 1043, 1052, 1060, 1112, 1123, 1162, 1179, 1180, 1255, 1257, 1284, 1311, 1363, 1487, 1496, 1503, 1504, 1511, 1512, 1518, 1521, 1544, 1545, 1547, 1551, 1608, 1644, 1664, 1669, 1674. Jenever, 453, 538, 687, 857, 919, 1005, 1033, 1093, 1135, 1275, 1277, 1304, 1366, 1462, 1620. Jeugd, 296, 367, 471, 569, 757, 764, 800, 804, 860, 874, 1313, 1491. Kerkelijke diensten, 45, 140, 152, 171, 187, 205, 210, 219, 385, 456, 471, 486, 489, 498, 537, 546, 572, 593, 708, 725, 835, 844, 845, 870, 1279. Kerken en kapellen, 168, 418, 444, 479, 502, 539, 618, 674, 680,
720, 798, 799, 814, 837, 843, 871, 885, 1095, 1222, 1349, 1383, 1385, 1400, 1408,
1473, 1483, 1509, 1533, 1546, 1597, 1598, 1605, 1606, 1666, 1685. Kiewit, 1500, 1667, 1672, 1695. Kunsten: Beeldhouwkunst, 170, 172, 212, 228, 576, 595, 1379. Kuringen, 1, 12, 19,61, 105, 142, 156, 216, 282, 285, 331, 421, 612, 643, 674, 765, 814, 846, 868, 979, 996, 1095, 1140, 1180, 1194, 1306, 1325, 1428, 1430, 1473. Landbouw, 165, 447, 472, 818, 820, 1040, 1123, 1321-1324, 1496. Langeman, 118, 262, 515, 522, 529, 1045, 1094, 1103, 1195, 1243, 1298. letteren, 78, 83, 84, 96, 97. Bibliotheek, 1125, 1202, 1236, 1288, 1332. Lutheranen, 192, 193, 196-199, 201, 207, 208, 214, 273, 277, 278, 302, 326-329, 332-343, 345-347, 350, 355, 356, 365, 374, 377, 387, 422, 434, 442. Militaria: Milities, 53, 55, 57, 58, 68, 95, 309, 475. Minderbroeders, 80, 393, 518, 530, 555, 954, 955, 969, 1000, 1102, 1185, 1577, 1589, 1603. Misdrijven: Misdaden, 377, 444, 492, 581, 644, 657, 659, 729, 731, 747, 853, 1015.
Mode, 242, 411, 653, 844, 859, 1038, 1080, 1475, 1497, 1520, 1671, 1694. Muziek, 417, 474, 575, 835, 1087, 1089, 1114, 1172, 1205, 1263, 1267, 1472. Onderwijs, 104, 398, 454, 473, 476, 484, 491, 525, 604, 670, 724, 726, 793, 824, 831, 841, 847, 863, 1019, 1083, 1097, 1160, 1161, 1168, 1178, 1231, 1328, 1372, 1376, 1381, 1392, 1406, 1418, 1419, 1421, 1432, 1436, 1443, 1445, 1446, 1456, 1458, 1565, 1643, 1658, 1659, 1680. Ongelukken, 213,238,309, 1149, 1158, 1171, 1220, 1280, 1295, 1322-1324, 1375 Onze lieve vrouwekerk, 34, 38, 39, 93, 556, 571, 578, 589, 600, 665, 678, 699, 735-737, 748, 791, 961, 975, 978, 998, 999, 1014, 1016-1018, 1283, 1326, 1327, 1364, 1376, 1640. Broederschap, 27, 35, 37, 70, 131, 163, 274, 690, 1044. Openbare werken, 182, 247, 552, 559, 576, 812, 891, 1062, 1139, 1150, 1155, 1193, 1333, 1482, 1510, 1663, 1675, 1679. Wallen, 122, 191, 232, 430, 803, 1063, 1068, 1183, 1204. Gas, 1227, 1230, 1235, 1249, 1297, 1347, 1359, 1599. Water, 1268, 1465, 1517, 1523, 1538, 1663. Passanten, 73, 88, 91, 157, 183, 216, 248, 258, 500, 526, 543, 1124, 1595, 1670, 1677. Pastoor, 422, ,477, 486, 506, 540, 655, 697, 700, 786, 790, 852, 959, 1051, 1147, 1295, 1296, 1410, 1479. perron, 52, 752, 966. Politiek, 173, 630, 632, 635, 827-829, 971, 1148, 1447, 1516. Luikse Revolutie, 876-879, 882. Franse Revolutie, 895-900, 916, 925, 926, 932, 958, 970, 981, 990, 992-995, 1031. Belgische Revolutie, 1098, 1099, 1104-1110, 1113, 1122, 1131. Katholiek-liberale strijd, 1399, 1402, 1415, 1417, 1418, 1420-1425, 1429, 1447, 1453, 1455, 1456, 1464, 1468, 1499, 1519, 1524, 1565, 1614, 1632. Politiereglementen, 90, 162, 164, 269, 362, 370, 523, 565, 668, 682, 712, 821, 1154, 1505, 1573. Prijzen en lonen, 421, 714, 858, 907, 921, 927, 1053, 1057, 1182, 1476. Processies, 116-118, 125, 228, 274, 290, 299, 303, 561, 631, 660, 664, 707, 849, 892, 894, 1023. Rapertingen, 69, 1329, 1658. Rechtbanken, 211, 332,930, 991, 1002, 1008, 1027, 1047, 1071, 1088, 1092, 1169, 1170, 1177, 1214, 1289, 1386, 1403, 1634. Runkst, 4, 1397. Schoolmeesters, 223, 330, 355, 1037, 1081, 1127, 1439, 1495. Schutterijen, 79, 141, 155, 200, 270, 276, 289, 315, 382, 623, 638, 710, 722, 732, 836, 1032. Sint-lambrechts-herk, 247, 269, 436, 486, 517, 650, 700, 852, 885, 1180, 1245, 1406, 1408, 1439, 1533, 1546, 1598, 1612, 1693. Sint-Quintinuskerk, 8, 44, 56, 77, 92, 161, 170, 219, 360, 365, 394, 396, 524, 542, 556, 642, 657, 669, 695, 699, 886, 960, 981-983, 1020, 1023, 1029, 1490, 1498, 1515, 1542. Toren, 75, 205, 317, 378, 590, 728, 739, 742, 745. Klokken, 65, 751, 787-789, 1025, 1026. Sociale voorzieningen: Bejaardenhuis, 592. Spijs en drank, 63, 203, 260, 261, 392, 441, 485, 493, 496, 512, 529, 554, 659, 703, 760, 822, 1351, 1474, 1601. Sport en spel, 147, 836, 1262, 1318, 1340, 1344, 1348, 1431, 1433, 1469, 1477, 1528, 1530, 1531, 1535, 1539, 1549, 1552, 1563, 1566, 1570, 1582, 1585, 1587, 1615, 1618, 1622, 1650, 1655, 1683, 1689, 1697. Stadsbestuur, 71, 74, 389, 420, 436, 717, 929, 946, 973, 977, 1003, 1069, 1120, 1121, 1137, 1142, 1308, 1371, 1391, 1414, 1427, 1451, 1554. Stadspersoneel, 85, 124, 178, 180, 237, 366, 395, 481, 591, 658, 698, 835, 1278. Stevoort 2, 23, 390, 489, 540, 547, 593, 605, 648, 649, 661, 692, 701, 710, 810, 843, 863, 871, 883, 904, 976, 1145, 1179, 1610. Stokrooie, 5, 12, 43, 847, 1156, 1222. Straffen, 64, 82, 120, 134, 136, 160, 177, 181, 195, 251, 267, 279, 300, 307, 310, 318, 375, 450, 485, 504, 574, 589, 614, 684, 713, 730, 753, 795. Straten, 133, 294, 301, 588, 656, 664, 758, 801, 1050, 1132, 1210, 1274, 1310, 1329, 1331, 1352, 1353, 1356, 1374, 1383, 1389, 1396, 1400, 1619, 1627, 1628, 1649, 1668, 1690. Taal en Vlaamse beweging, 81, 254, 1001, 1254, 1285, 1355, 1398, 1401, 1404, 1470, 1485, 1506, 1507, 1525, 1529, 1534, 1555, 1556, 1562, 1579. Terechtstellingen, 127, 136, 256, 320, 361, 462, 464, 467, 741, 842. Toneel, 116, 128, 259, 263, 316, 384, 386, 428, 455, 459, 466, 514, 541, 743, 749, 784, 839, 862, 1336, 1337, 1399, 1405, 1492, 1499, 1656, 1662. Troepen, plunderingen, 86, 99, 100, 105, 106, 108-111, 132, 206, 233, 234, 352, 403, 416, 435, 443, 449, 483, 531, 548-551, 607, 608, 610, 612, 615-619, 624-620, 640, 641, 648, 649, 652, 654, 679, 692, 769, 778-782, 880, 905, 906, 908-911, 996, 1046, 1049, 1218, 1360, 1560, 1699. Varia, 215, 224, 236, 249, 406, 412, 424, 425, 439, 461, 469, 767, 775, 884, 1067, 1090, 1209, 1250, 1426, 1508, 1591. verkeer, 755, 1061, 1065, 1129, 1134, 1159, 1384, 1519, 1573, 1594, 1633, 1639, 1647. Kanaal, 1056, 1223, 1272, 1276, 1489. Posterijen, 1213, 1234, 1287, 1293 1346, 1387, 1449, 1460, 1461, 1584, 1602, 1607, 1657. Spoorwegen, 1197, 1239, 1246, 1261, 1303, 1305, 1309, 1314, 1353, 1358, 1384, 1583, 1590, 1594, 1627, 1628, 1696, 1698. Verkiezingen, 173, 630, 632, 635, 738, 971, 1100, 1138, 1212, 1301, 1413, 1435, 1452, 1484, 1553, 1592, 1593, 1651, 1684. Volkstelling, 808, 924, 934, 1048, 1064, 1082. Vreemdelingen, 269, 271, 296, 353, 371, 423, 432, 581, 681, 1030. Weersomstandigheden, 239, 281, 415, 580, 586, 646, 650, 689, 728, 739, 865, 1010, 1126, 1394. Wimmertingen, 3, 28, 502, 1039, 1046, 1180, 1318, 1575, 1597, 1606, 1616. Witte nonnen, 66, 67, 78, 83, 84, 96, 97, 115, 154, 319, 433, 673, 734, 768, 770, 794, 819, 822, 942, 948, 950, 964, 1034, 1049, 1143, 1654. Ziekten, 175, 176, 503, 1266, 1316, 1428, 1437.
|