Wereld zonder vreugd

Zelfs liefde niet -  5/14

 

Français

Het hoofd gevat in handen staat gedachten goed
met haar bebloed bezinksel,
en herinnering roept tevergeefs de blikken op 
die hun gewicht en wimpers zijn verloren.

Het lichaam vol verlangen dolend in de stad
stoot zich aan benen die de vrouwen dragen
tot aan het punt waar vlees zich deelt in een geslacht
en grond aan alle kanten in zijn vuistje lacht.

Een vrouw die half geopend is zit schrijlings op de stad:
geen kreet ontstijgt de pannen van het dak,
geen hand slaat een alarm aan vensters,
geen muur geeft toegang tot hun dichtgeknepen mond.

Dan opent zich in ’t midden van de nacht
een grote gaping die misschien de zee is,
of die misschien een heuvel is
die hijgend zoekt naar nieuwe dag.

  

© Lucien Becker, Le Monde Sans Joie, 1945, Gallimard