Niets om leven - 43/49

  

 

Français

Het venster sluit zich voor het licht
sinds ik niet meer bij jou ben
sinds ik de echo niet meer hoor van jou stem in de mijne
sinds slaap mij niet meer overvalt in uitgespreide haren.

Ik ben van jou vertrokken
als laatste gulpje van een bron
nochtans staan op mijn lichaam nog de plekken
waar ik het jouwe minde.

Zelfs in mijn dromen kom jij niet meer voor,
je bent een schip dat aan de horizon verdween
ver achter schuim en in een open hemel.
Mijn huis is zonder jou een kamer met vier muren.

Hoe moet ik jou dan roepen:
want alles ben ik van je kwijt, ja zelfs je naam
die met mijn mond ik langs jou mond kon zeggen
als hij genoemd werd in een zoen.

  

© Lucien Becker, Rien à Vivre, 1947, Gallimard