Zomer zonder eind

Zon in de stenen - 2/12

 

Français

’In winters kan men zon zo in zijn handen nemen
als een pasgeboren vogel of ook een die op sterven ligt
en geen herinneringen blijfen over hoe in juli
’s avonds zij de hemel in de zee liet smelten.

In volle dag liet nacht hem uit de beken komen
die heel bedachtzaam vloeien naar de vlakte
zonder dat hen iets verstoren kan behalve dan
een bende vogels die als treingedender langs komt vliegen.

Op onveranderlijke plekken waar bij zonsondergang
hij aarde en de mens in zijn gedachten nam
vormt sneeuw en modder enkel een scharnier
vanwaar de laatste dag verzwindt als een vlucht mussen.

De stenen roepen om de zon met ijsgeluid
in gras dat door haar schaduw wordt belaagd.
En soms is zij te vinden tussen blaren
onderaan een boom als afgevallen kleed.

  

© Lucien Becker, L'été sans fin, Editions de Chaumeane, 1961