Zomer zonder eind

Zon in de stenen - 4/12

 

Français

Door ruiten kijkt de mens naar sneeuw.
Hij opent het gordijn omdat er in de straat
een vrouw gaat die haar lichaam draagt
waarin zij lange tijd tesamen bleven.

De wind jaagt op de laatste dode blaren,
en vogels vliegen hoog in de vallei
omdat zij niet meer durven landen op een boom
die schrap staat als een wild dier in gevaar.

Een uur of twee heeft het voor sneeuw geduurd
om aarde om te vormen tot een ruïne
waar enkel beken weten waar te gaan
geklemd door vaste boorden.

Een plas die brak en kantelde was nodig
om sneeuw zacht onder dak te nemen
zodat de keien ogen werden van de wereld
waar bronnen mooi zijn ook al is de zon verdwenen.

  

© Lucien Becker, L'été sans fin, Editions de Chaumeane, 1961