|
Nog een of twee
insecten zijn er om de bron te wekken
die nog slaapt, een weinig stof omheen haar randen
en wanneer het venster opengaat komt in de kamer
dampend groen uit gans de wereld langs.
De zomer stopt waar afstanden verdwijnen
en lucht en aarde elkaar weer gaan raken
met tussen hen misschien een helder beekje
dat sinds eeuwen voor de voeten vloeit van mensen.
De herfst probeert vergeefs wat vruchten te behouden
waar ondergaande zon al tastend zoekt
om hen het laatste licht te schenken
zodat daglicht nog wat op de zolders broedt.
Ook stoppelvelden hebben niets meer te verwachten
dan nieuwe granen dat op oude resten teren
en het platteland is vlug een doodse buurt
met alsmaar verder af de hemel om een boom.
|